Platte tekst van het verslag
Openbaar faillissementsverslag
rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)
Naam onderneming
Gegevens onderneming
Activiteiten onderneming
Financiële gegevens
Toelichting financiële gegevens
Gemiddeld aantal personeelsleden
Betreft
Algemene gegevens
Helioform Quality Shoes B.V. 18-06-2019
5
statutair gevestigd te Drunen
kantoorhoudende te Drunen aan de Grotestraat 250 en tevens
kantoorhoudende te Nieuwkuijk aan de Venbroekstraat 7
18-06-2019
5
groothandel in schoenen en aanverwante artikelen 18-06-2019
5
mr O.B.J. Poorthuis
mr K.T.W.H. van den Dungen
Gemiddeld aantal personeelsleden
Boedelsaldo
9
18-06-2019
5
Toelichting
Dit is het 10e verslag.
19-02-2021
8
€ 88.437,30
18-06-2019
5
€ 78.820,24
02-01-2020
6
€ 79.074,82
19-02-2021
8
€ 67.320,94
17-09-2021
9
€ 67.385,44
03-04-2022
10
€ 81.614,27
30-09-2022
11
€ 81.651,33
21-12-2022
12
€ 81.653,91
16-03-2023
13
€ 81.638,01
08-06-2023
14
€ 81.622,11
07-09-2023
15
€ 81.606,21
06-12-2023
16
€ 81.590,31
06-03-2024
17
€ 81.574,41
05-06-2024
18
€ 82.558,51
02-09-2024
Verslagperiode
19
€ 81.542,61
28-11-2024
20
€ 68.659,05
24-02-2025
21
€ 68.643,15
26-05-2025
22
€ 68.627,25
22-08-2025
23
van
24-3-2018
t/m
31-3-2019
18-06-2019
5
van
1-4-2019
t/m
30-11-2019
02-01-2020
6
van
1-12-2019
t/m
30-6-2020
27-07-2020
7
van
1-7-2020
t/m
31-1-2021
19-02-2021
8
van
1-2-2021
t/m
31-8-2021
17-09-2021
9
van
1-9-2021
t/m
03-04-2022
10
22-3-2022
van
22-3-2022
t/m
27-9-2022
30-09-2022
11
van
28-9-2022
t/m
21-12-2022
21-12-2022
12
van
22-12-2022
t/m
15-3-2023
16-03-2023
13
van
16-3-2023
t/m
7-6-2023
08-06-2023
14
van
8-6-2023
t/m
6-9-2023
07-09-2023
15
van
7-12-2023
t/m
2-3-2024
06-03-2024
17
van
3-3-2024
t/m
30-5-2024
05-06-2024
18
van
30-5-2024
t/m
02-09-2024
19
Bestede uren
28-8-2024
van
28-8-2024
t/m
22-11-2024
28-11-2024
20
van
23-11-2024
t/m
20-2-2025
24-02-2025
21
van
21-2-2025
t/m
22-5-2025
26-05-2025
22
van
23-5-2025
t/m
20-8-2025
22-08-2025
23
Bestede uren
Toelichting bestede uren
VerslagperiodeBestede uren
Toelichting bestede uren
Omdat er al 2 verslagen zijn uitgebracht voordat de telling van de verslagen in
het KEI-portaal begon, is dit feitelijk het 7e verslag.
In totaal zijn (inclusief voornoemde 24,13 uren in de verslagperiode) 320,25
uren besteed.
18-06-2019
5
Omdat er al 2 verslagen zijn uitgebracht voordat de telling van de verslagen in
het KEI-portaal begon, is dit feitelijk het 8e verslag.
In totaal zijn (inclusief voornoemde 8 uren en 15 minuten in de betreffende
verslagperiode) 328,51 uren besteed; zijnde 328 uren en 31 minuten.
02-01-2020
6
Omdat er al 2 verslagen zijn uitgebracht voordat de telling van de verslagen in
het KEI-portaal begon, is dit feitelijk het 9e verslag.
In totaal zijn tot dusver (inclusief voornoemde 13 uren en 35 minuten in de
betreffende verslagperiode) 342 uren en 5 minuten aan de afwikkeling van dit
dossier besteed.
27-07-2020
7
Omdat er al 2 verslagen zijn uitgebracht voordat de telling van de verslagen in
het KEI-portaal begon, is dit feitelijk het 10e verslag.
In totaal zijn tot dusver (inclusief voornoemde 4 uren en 59 minuten in de
betreffende verslagperiode) 347 uren en 4 minuten aan de afwikkeling van dit
dossier besteed.
19-02-2021
8
Omdat er al 2 verslagen zijn uitgebracht voordat de telling van de verslagen in
het KEI-portaal begon, is dit feitelijk het 11e verslag.
In totaal zijn tot dusver (inclusief voornoemde 10 uren en 25 minuten in de
betreffende verslagperiode) 357 uren en 29 minuten aan de afwikkeling van dit
dossier besteed.
17-09-2021
9
Er zijn al enkele verslagen gepubliceerd voordat dit faillissement in KEI is
geplaatst. Die eerste verslagen meegeteld, is dit het 12e faillissementsverslag.
In totaal zijn tot dusver 360 uren en 54 minuten aan de afwikkeling van dit
faillissement besteed.
De verder te verrichten uren zullen worden gedeclareerd door opvolgend
curator (met ingang van 29 maart 2022) mr. O.B.J. Poorthuis
03-04-2022
10
Door de voormalig curator zijn 360 uur en 54 minuten aan dit faillissement
besteed.
Door de opvolgend curator tot dusver 9 uur en 18 minuten.
30-09-2022
11
Door de voormalig curator zijn 360 uur en 54 minuten aan dit faillissement
besteed.
Door de opvolgend curator tot dusver 10 uren.
21-12-2022
12
Door de opvolgend curator tot dusver 11.2 uren. 16-03-2023
13
Huidige periode start op 29-05, de vorige eindigde op 28-05. 02-09-2024
19
1.1 Directie en organisatie
1.2 Lopende procedures
1. Inventarisatie
Het bestuur over Helioform wordt gevoerd door de heren J. Harder, W. Harder
en A. Harder.
De aandelen worden gehouden door Schoenfabriek Beclere B.V.
De vennootschap maakt deel uit van een groep vennootschappen waarvan de
verschillende
onderdelen zich in hoofdzaak met de volgende activiteiten bezighouden:
1. het beheer van vastgoed (Vagomij Langstraat B.V. cs.)
2. in- en verkoop van schoenen (Helioform cs)
3. verlichting voor de detailhandel (Ormalight B.V. cs.)
Aan het hoofd van de groep staan de heer J. Harder en diens zoon de heer W.
Harder. De
groep vennootschappen wordt hierna ook aangeduid met "de Harder groep"
De dochtervennootschappen Van Baarle-Newbolt Holding B.V. en Mattil
Vertriebs GmbH verkeren niet in staat van faillissement. Ten aanzien van deze
beide vennootschappen vindt nader onderzoek plaats.
Van Baarle-Newbolt Holding B.V. is op 29 juni 2015 in staat van faillissement
verklaard.
Daarbij is mr. E. van der Kolk aangesteld tot curator. Rechter-commissaris is mr.
I.C. Prengerde Kwant, verbonden aan de rechtbank Zeeland-West-Brabant.
Het door de rechtbank aan dat faillissement toegekende kenmerk is
F.02/15/341.
Met betrekking tot Mattil Vertriebs GmbH heeft het bestuur verklaard dat de
vennootschap
geen activiteiten ontplooid en dat geen sprake is van enige activa of passiva.
Met de heer
Harder is afgesproken dat hij zal streven naar ontbinding van deze
vennootschap. Hierop
wordt toegezien.
De heer Harder heeft eerder verklaard te streven naar de ontbinding van deze
vennootschap.
De heer Harder is gevraagd om alsnog informatie over de voortgang van de
ontbinding te verstrekken. Deze informatie is aanvankelijk niet verstrekt.
Ook andere vragen, die betrekking hebben op onder meer de gevoerde
administratie en vorderingen op gelieerde vennootschappen, zijn aanvankelijk
niet - en uiteindelijk slechts gedeeltelijk - beantwoord. Bovendien is al op basis
van de wel beschikbare informatie vastgesteld dat sprake is van
onregelmatigheden.
In dit verband wordt verwezen naar de in onderdeel 7.1 en 7.5 weergegeven
conclusies.
18-06-2019
5
Gebleken is van lopende procedures die door met name verhuurders van
winkelruimten zijn
gestart. In geen van die gevallen bestond aanleiding om het geding over te
nemen.
18-06-2019
5
1.3 Verzekeringen
1.4 Huur
Er was slechts sprake van de gebruikelijke (risico)verzekeringen. 18-06-2019
5
1.4 Huur
De vennootschap is formeel gevestigd aan de Venbroekstraat 7 te Nieuwkuijk.
Het betreft een bedrijfspand waar meerdere tot de Harder groep behorende
vennootschappen formeel dan wel feitelijk zijn gevestigd. De bestuurder heeft
verklaard dat Helioform ook feitelijk op voornoemd adres is gevestigd en dat
enkel de administratie van gefailleerde zich in een ander bedrijfspand zou
bevinden. De huur voor dat andere bedrijfspand was enkele maanden eerder
opgezegd en beëindigd.
Dat andere bedrijfspand, gelegen aan de Grotestraat 250 te Drunen, is door
ondergetekende bezocht. Daarbij is geconstateerd dat de bedrijfsactiviteiten
van Helioform in feite vanaf die bedrijfslocatie zijn gevoerd, dat de daar
aanwezige inventaris eigendom is van Helioform en dat tot kort na de
faillietverklaring medewerkers van Helioform vanuit die locatie werkzaamheden
verrichten.
Geconcludeerd is dat het bedrijfspand onverminderd in gebruik was door
Helioform. De
opzegging van de huurovereenkomst is met een beroep op
faillissementspauliana vernietigd.
Het bedrijfspand is vervolgens door ondergetekende afgesloten voor gebruik
door derden
waaronder delen van de Harder groep. Met de vernietiging van de
huurovereenkomst wordt de huurovereenkomst geacht te hebben
voortbestaan. Na de vernietiging is de huurovereenkomst namens verhuurder
Vagomij Langstraat B.V. opgezegd. De huurovereenkomst is vervolgens op 17
juni 2015 geëindigd
Ten tijde van het faillissement was Helioform hoofdhuurder van 21
winkelruimten verspreid
over het land. Al die winkelruimten werden onderverhuurd aan House of Shoes
Nederland B.V. (HoSN) en House of Shoes Retail B.V. (HoSR). HoSR exploiteerde
vanuit die winkelruimten schoenenwinkels. HoSR en HoSN zijn in financiële
problemen geraakt waardoor achterstanden in de betaling van huur
ontstonden. Na het faillissement van die beide vennootschappen zijn de
winkels gesloten en heeft de curator van House of Shoes de
onderhuurovereenkomsten opgezegd. Er is geen uitzicht op enige betaling van
huurpenningen door de onderhuurder.
De huurovereenkomsten voor de winkelruimten zijn opgezegd. Ook de
hoofdhuurovereenkomsten zijn inmiddels geëindigd.
De hoofdhuurders hebben een boedelvordering op Helioform in verband met
de huurpenningen vanaf de faillissementsdatum.
Helioform heeft op haar beurt een boedelvordering in het faillissement van
HoSR en HoSN in verband met de verschuldigde onderhuurpenningen vanaf de
dag van faillietverklaring van HoSR en HoSN tot aan het moment van
beëindiging daarvan.
In een aantal gevallen is bij beëindiging van de huurovereenkomst het pand
niet ontruimd. Dit betekent dat een aantal verhuurders een boedelvordering
heeft op Helioform in verband met die ontruiming. Nu HoSR en HoSN als
onderhuurder ten opzichte van Helioform waren
gehouden tot ontruiming van het gehuurde heeft Helioform op haar beurt
boedelvorderingen op HoSR en HoSN.
In hoeverre de genoemde boedelvorderingen geheel of gedeeltelijk door HoSR
en HoSN
kunnen worden voldaan is onzeker.
De boedelvorderingen, van tot dusver in totaal € 279.239,18 , zijn ingediend
bij de curator van HoSR en HoSN.
18-06-2019
5
1.5 Oorzaak faillissement
Het bestuur wijst de volgende omstandigheden aan als oorzaak van het
faillissement:
Gefailleerde richtte zich op de in- en verkoop van schoenen en aanverwante
artikelen. Tot
enkele jaren geleden werden schoenen geproduceerd in eigen
productiefaciliteiten te Polen.
Nadien zijn schoenen ingekocht uit met name India.
Een groot deel van de ingekochte producten werd verkocht aan de gelieerde
vennootschappen die zorg droegen voor de exploitatie van de winkelketens
House of Shoes, Van der Pluijm Modeschoenen en Verkuilen Schoenen. De
betreffende gelieerde vennootschappen kampten met toenemende verliezen,
die door het bestuur hoofdzakelijk worden geweten aan de gevolgen van de
economische crisis voor de detailhandel in schoenen, terwijl de vorderingen
van Helioform op die vennootschappen uit hoofde van ondermeer leveranties
steeds verder opliepen.
Medio september 2014 heeft huisbankier ABN AMRO Bank aan ondermeer
Helioform en
genoemde gelieerde vennootschappen het krediet opgezegd en stelde geen
nieuwe leningen
meer beschikbaar. Inspanningen om een financiering te betrekken van andere
partijen hebben vervolgens niet tot resultaat geleid.
Met de toenemende betalingsproblemen bij House of Shoes, en uiteindelijk
haar faillissement, werd Helioform geconfronteerd met een groot aantal
doorlopende huurverplichtingen zonder dat nog onderhuurpenningen werden
ontvangen.
Helioform leverde daarnaast aan inkoopcombinaties en zelfstandige
schoenenwinkels. De
slechte economische omstandigheden in de detailhandel hebben er toe geleid
dat minder
schoenen aan deze partijen konden worden geleverd.
De vennootschappen die de winkelketens House of Shoes, Verkuilen Schoenen
en Van der
Pluijm Modeschoenen exploiteerden zijn eind januari 2015 in staat van
faillissement verklaard.
Daarmee is enerzijds een substantieel deel van de omzet van Helioform
weggevallen en zijn
anderzijds de vorderingen op die dochtervennootschappen -inmiddels
opgelopen tot meer dan 4 miljoen euro- oninbaar geworden. Het bestuur
verklaart voorts dat het faillissement van de betreffende vennootschappen
voor ABN AMRO Bank aanleiding was de bankrekeningen van Helioform te
blokkeren voor afschrijvingen en om de daarop ontvangen bedragen af te
boeken van haar vordering op de groep vennootschappen.
Het voorgaande heeft het bestuur uiteindelijk doen besluiten om het
faillissement van
Helioform Quality Shoes B.V. aan te vragen.
Er zijn aanwijzingen dat (ook) andere feiten en omstandigheden hebben geleid
tot -althans
hebben bijgedragen aan - het faillissement van Helioform. Eén van die
omstandigheden is het verstrekken van gelden aan gelieerde
vennootschappen en het langdurig laten oplopen van betalingsachterstanden
door dochtervennootschappen terwijl geen reëel uitzicht bestond op een
situatie waarin die dochtervennootschappen de vorderingen zouden kunnen
terugbetalen.
Er vindt nader onderzoek plaats naar de oorzaken van het faillissement.
Mede in verband met het voorgaande is in opdracht van ondergetekende een
verkennend
18-06-2019
5
2.1 Aantal ten tijde van faillissement
2.2 Aantal in jaar voor faillissement
2.3 Ontslagaanzegging
2.4 Werkzaamheden personeel
3.1 Onroerende zaken
Toelichting onroerende zaken
3.2 Werkzaamheden onroerende zaken
3.3 Bedrijfsmiddelen
Toelichting bedrijfsmiddelen
3.4 Bodemvoorrecht fiscus
forensisch onderzoek naar de administratie uitgevoerd. Zie verder onderdeel
7.1.
De hieruit voortkomende vragen zijn voorgelegd aan de bestuurder. In
onderdeel 7 van dit
verslag wordt hier meer over vermeld.
2. Personeel
Personeelsleden
9
18-06-2019
5
Personeelsleden
9
18-06-2019
5
Datum AantalToelichting
16-3-20159
totaal 9
3. Activa
3.4 Bodemvoorrecht fiscus
3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen
3.6 Voorraden / onderhanden werk
Toelichting voorraden / onderhanden werk
3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk
3.8 Andere activa
Toelichting andere activa
ja 18-06-2019
5
BeschrijvingVerkoopopbrengstBoedelbijdrage
n.v.t.
Helioform heeft zich in september 2014 hoofdelijk verbonden jegens ABN AMRO
Bank tot
voldoening van de schulden van J. Harder Holding B.V. aan de bank. In verband
hiermee heeft Helioform haar activa verpand aan de bank.
Ter uitoefening van het pandrecht van de bank is medio februari 2015 een
overeenkomst
gesloten tussen ABN AMRO Bank, gefailleerde en de gelieerde
vennootschappen J. Harder
Holding B.V. en Satronics B.V. In die overeenkomst is bepaald dat de verpande
voorraad van Helioform door Satronics B.V. zou worden verkocht en dat de
opbrengst van die voorraad in mindering strekt op de vordering van de bank
op J. Harder Holding B.V. Aan de overeenkomst is ook uitvoering gegeven.
Alle hiervoor genoemde rechtshandelingen zijn door ondergetekende
vernietigd op grond van art. 42 Fw. De bank heeft in die vernietiging berust.
Jegens de bank is aanspraak gemaakt op afgifte van de door haar ontvangen
en nog te ontvangen opbrengsten van de voorraad.
Tot dusver is in dit verband door de bank € 45.205,79 naar de boedelrekening
overgemaakt.
18-06-2019
5
De hiervoor bij onderdeel 3.9 beschreven vernietiging van rechtshandelingen
treft ook de
verrekening door ABN AMRO Bank van op de bankrekening(en) van Helioform
ontvangen
bedragen met haar vordering op J. Harder Holding B.V. Ten gevolge van de
ongedaanmaking van die verrekeningen is een creditsaldo ontstaan op de
bankrekening van Helioform.
De bank heeft dit creditsaldo van € 41.054,13 overgemaakt naar de
faillissementsrekening.
Gefailleerde is rekeninghouder bij DZB bank.
In verband met batige saldi op de daar gehouden bankrekeningen is tot
dusver een bedrag
van € 128.674,08 op de faillissementsrekening ontvangen. De aan gefailleerde
gelieerde
18-06-2019
5
vennootschap Colly International B.V. heeft kenbaar gemaakt dat dit bedrag
aan haar zou
toekomen, maar zij heeft het bestaan van die vordering vooralsnog niet
aangetoond.
In dit verband is inmiddels sprake van een geschil tussen Colly International en
DZB bank. Het betreft een gerechtelijke procedure bij Landgericht Darmstadt.
In dat geding is namens Colly een zogenaamde 'Streitverkündung' aan de
curator van Helioform (dus aan ondergetekende) gericht. Die verklaring strekt
er toe dat de curator van Helioform de mogelijkheid heeft om zich in de
gerechtelijke procedure tussen Colly International en DZB te mengen. Bij
gebreke van die inmenging zal de Duitse rechter de einduitspraak (als die in
kracht van gewijsde gegaan is) bepalend achten voor de rechtspositie tussen
DZB en Colly International.
Die einduitspraak zal geen rechtstreeks effect hebben op gefailleerde. Wel
wordt er rekening mee gehouden dat, indien in voornoemde procedure wordt
vastgesteld dat DZB het bedrag niet aan de boedel had mogen afdragen, DZB
vervolgens een boedelvordering op grond van onverschuldigde betaling zal
instellen. Als die vordering gerechtvaardigd zou zijn, zou dit een concurrente
boedelschuld opleveren. Omdat echter gefailleerde de houder is van de
bankrekening waarvan het saldo aan gefailleerde is afgedragen, en het
bedrag in kwestie geacht moet worden al deel uit gemaakt te hebben van het
creditsaldo op het moment dat het faillissement van Helioform werd
uitgesproken, zullen die eventuele aanspraken jegens de boedel waarschijnlijk
niet als zodanig erkend worden.
Onder voornoemde omstandigheden wordt het niet in het belang van de
boedel geacht om
gevolg te geven aan voornoemde oproep (Streitverkündung)
Ook tussen Colly International en RSB bank is recentelijk een soortgelijke
gerechtelijke
procedure aangevangen bij Landgericht Stuttgart. Het daarin betrokken belang
bedraagt
€ 34.226,37. Het door RSB aan de boedel gerapporteerde en afgedragen
creditsaldo bedraagt echter slechts € 632,98. Mogelijk is het verschil of
een deel daarvan al eerder (maar na de faillissementsuitspraak) op de
ABN AMRO bankrekening van gefailleerde ontvangen. Zodra dit duidelijk is zal
bezien worden of de boedel nog aanspraken jegens RSB of ABN AMRO heeft.
Ook hier is het gevolg geven aan de oproep vooralsnog niet aan de orde.
RSB heeft het bedrag na de faillissementsdatum overgemaakt naar de
bankrekening van
gefailleerde bij ABN AMRO Bank NV. Het creditsaldo op die bankrekening is
vervolgens
overgemaakt naar de faillissementsrekening.
In het geschil tussen Colly International en DZB bank is laatstgenoemde in
eerste
aanleg veroordeeld tot betaling aan Colly International B.V. DZB heeft gemeld
dat zij in
hoger beroep is gegaan tegen die beslissing van Landgericht Darmstadt.
DZB heeft in verband met voornoemd vonnis in eerste aanleg jegens
ondergetekende
het standpunt ingenomen dat zij een boedelvordering heeft wegens
onverschuldigde
betaling. Die onverschuldigde betaling zou het gevolg zijn van een
onmiskenbare
vergissing zodat de boedel zou zijn gehouden tot onmiddellijke terugbetaling
van
hetgeen door DZB is betaald. De feiten in dit dossier geven echter geen
aanleiding om
de aanspraken van DZB te erkennen. De door DZB in de procedure tegen Colly
International ingenomen standpunten sluiten aan bij het standpunt van de
curator dat
van de vermeende onverschuldigdheid van de door DZB aan de boedel
verrichte
betaling niet is gebleken. Die door DZB zelf ingenomen stellingen tonen
bovendien aan
dat haar betaling aan de boedel niet voortkomt uit een onmiskenbare
vergissing en
haar dus ook geen (hoog)preferente aanspraak jegens de boedel oplevert.
Voor zover
op enig moment uit een in kracht van gewijsde zijnde gerechtelijke uitspraak
zou blijken
dat door Colly International B.V. terecht jegens DZB aanspraak is gemaakt op
betaling
van (een bedrag gelijk aan) het door DZB bedrag aan de boedel afgedragen
saldo, welk
saldo op naam van Helioform was geregistreerd, kan dat dus hooguit een
concurrente
aanspraak jegens de boedel tot gevolg hebben.
Van belang is verder dat voornoemde vordering van Colly International B.V. op
DZB
Bank door Colly International B.V. verkregen zou zijn middels een overdracht
d.d. 12
december 2014, die aldus kort voorafgaande aan het faillissement van
Helioform heeft
plaatsgevonden en waarover het bestuur de curator niet had geïnformeerd.
Over die
rechtshandeling wordt in onderdeel 7.6 (paulianeus handelen) meer vermeld.
De betreffende overdracht is inmiddels buitengerechtelijk vernietigd.
Inmiddels is in voornoemde gerechtelijke hoger beroepsprocedure in Duitsland
tussen DZB-Bank en Colly International uitspraak gedaan. Die uitspraak is
inmiddels ook in kracht van gewijsde gegaan. DZB Bank is in het ongelijk
gesteld. Het Landgericht Darmstadt heeft blijkbaar geoordeeld dat het geld dat
op zich op de account van Helioform onder DZB-bank bevond en dat in 2015
door DZB-bank in deelbetalingen (€4.196,31 en €78.107,00 en € 46.370,77)
naar de faillissementsrekening is overgemaakt, niet op die account van
Helioform had mogen staan althans niet door DZB-Bank als eigendom van
Helioform had mogen worden aangemerkt en kennelijk heeft het Landgericht
verder geoordeeld dat DZB-bank in dit verband zodanig verwijtbaar heeft
gehandeld of nalatig is geweest dat DZB-Bank gehouden is om het betreffende
bedrag alsnog (ook) aan Colly International te betalen.
DZB-bank heeft zich in de verslagperiode ten opzichte van de boedel en de
curator van Helioform op het standpunt gesteld dat in 2015 niet gevraagd had
mogen worden om overboeking van het op de account van Helioform onder
DZB-Bank aanwezige saldo naar de faillissementsrekening. DZB-Bank stelt dat
de boedel en/of de curator onrechtmatig gehandeld zou hebben maar heeft
dat ondanks herhaald verzoek van de curator niet onderbouwd. Van het
bestaan van de door DZB-Bank gesuggereerde super-preferente
boedelvordering van DZB-Bank is niet gebleken.
Hoewel niet kan worden uitgesloten dat DZB-Bank een concurrente
boedelvordering heeft op grond van onverschuldigde betaling, zoals ook
hierboven al was aangegeven, is van het bestaan daarvan tot dusver evenmin
gebleken.
27-07-2020
7
3.9 Werkzaamheden andere activa
4.1 Debiteuren
Toelichting debiteuren
4.2 Werkzaamheden debiteuren
DZB-Bank heeft het standpunt dat zij een hoog-preferente boedelvordering
zou hebben, alsnog verlaten.
Er dient echter nog wel rekening te worden gehouden met de mogelijkheid dat
DZB-Bank een concurrente boedelvordering heeft. In dat verband zal DZB-Bank
dan nog aanvullende gegevens, die het bestaan van die vordering eventueel
onderbouwen, behoren aan te leveren.
17-09-2021
9
Er zijn door DZB-Bank tot op heden geen aanvullende gegevens aangeleverd.30-09-2022
11
4. Debiteuren
De vorderingen op gelieerde vennootschappen bedragen:
House of Shoes Retail B.V. € 2.236.000,22 (openstaande facturen)
Helioform Int. Spolka Z.O.O. € 2.095.457,00 (rekening-courant)
Van Baarle-Newbolt Holding B.V. € 2.000.000,- (lening)
House of Shoes Nederland B.V. €1.590.064,21 (openstaande facturen)
Mattil Vertrieb GmbH € 981.345,98 (rekening-courant)
Verkuilen Schoenen Groothandel € 536.949,09 (openstaande facturen)
De resterende handelsvorderingen vertegenwoordigen afzonderlijk slechts een
kleine waarde
en de kosten van de maatregelen die nodig blijken te zijn om tot eventueel
inning te komen
wegen niet op tot de maximaal haalbare opbrengst van die eventuele
maatregelen.
House of Shoes Retail B.V., House of Shoes Nederland B.V., Van Baarle-
Newbolt
Holding B.V. en Verkuilen Schoenen Groothandel B.V. zijn failliet verklaard. Er is
geen
uitzicht op inning van de betreffende vorderingen.
Ten aanzien van de vennootschappen Helioform Int. Spolka Z.O.O. en Mattil
Vertrieb
GmbH zijn geen verhaalsmogelijkheden bekend. Bovendien moet op basis van
de
toelichting van het bestuur worden geconcludeerd dat beide vennootschappen
ook
geen activiteiten meer ontplooien en niet over financiële middelen beschikken.
18-06-2019
5
4.2 Werkzaamheden debiteuren
n.v.t. 18-06-2019
5
De vorderingen op House of Shoes Nederland BV en House of Shoes Retail BV
zijn mogelijk gedeeltelijk inbaar. Die vorderingen zijn door de curator van
laatstgenoemde twee faillissementen voorlopig erkend. Er bestaat inmiddels
enig uitzicht op uitdeling aan crediteuren in die twee faillissementen, dus er
bestaat een reële kans dat bovengenoemde vorderingen van Helioform Quality
Shoes op de betreffende twee gelieerde vennootschappen in bepaalde mate
geïnd zullen kunnen worden. Zie ook onderdeel 7.7 van dit verslag in dit
verband.
17-09-2021
9
Er bestaat onverminderd uitzicht op een gedeeltelijke inning van voornoemde
vorderingen op House of Shoes Nederland BV en House of Shoes Retail BV. Het
zal waarschijnlijk nog geruime tijd duren voordat in de faillissementen van
laatstgenoemde twee vennootschappen tot de verwachte uitdeling kan
worden overgegaan. Om die reden duurt ook het faillissement van Helioform
Quality Shoes voorlopig voort.
03-04-2022
10
De curator heeft op basis van het Paperlinx arrest een berekening gemaakt
van de vordering van Helioform in hoedanigheid van verhuurder van HOS NL
resp. HOS R. Ten gevolge van dit arrest en de duur van het onderhavige
faillissement -een rechtstreeks gevolg van de
bestuurdersaansprakelijkheidsprocedure- is er sprake van een aanzienlijke
stijging van de vordering vanuit Helioform op HOS NL en HOS R. Die vordering
is ingediend in beide faillissementen.
Vanuit Helioform bezien zal er ook sprake zijn van een verhoging van de
vordering van diens verhuurders over de betreffende boedelperiode, na de
opzegging van de huurovereenkomsten door de curator kort nadat het
faillissement van Helioform is uitgesproken.
06-12-2023
16
Inzake HOS NL resp. HOS R heeft de curator verzocht om een
verificatievergadering te plannen.
06-03-2024
17
De verificatievergadering in HOS NL en HOS R van 22 januari 2025 heeft niet
plaatsgevonden. De verificatievergadering is wederom aangehouden. De
rechter-commissaris heeft in HOS NL en HOS R bepaald:
dat de schuldvorderingen bij de curator kunnen worden ingediend tot uiterlijk
d.d. 13 mei 2025; en
dat een verificatievergadering zal worden gehouden op 27 mei 2025 om 14:00
bij de rechtbank Oost-Brabant in het Paleis van Justitie aan de Leeghwaterlaan
8 te 's-Hertogenbosch.
De curator heeft in HOS NL en HOS R op 20 januari 2025 alle bekende
crediteuren nogmaals uitgenodigd om hun vordering(en) ter verificatie in te
dienen voor zover zij dat nog niet hebben gedaan.
24-02-2025
21
5. Bank / Zekerheden
5.1 Vordering van bank(en)
5.2 Leasecontracten
5.3 Beschrijving zekerheden
5.4 Separatistenpositie
5.5 Eigendomsvoorbehoud
5.6 Retentierechten
5.7 Reclamerechten
5.8 Boedelbijdragen
5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden
Toelichting vordering van bank(en)
Zie onderdeel Activa: Vooraden / Onderhanden werk.
18-06-2019
5
Er was sprake van lease van enkele kantoormachines. De leasemaatschappij
heeft de
kantoormachines inmiddels onder zich genomen.
18-06-2019
5
zie onderdeel Activa; Voorraden / onderhanden werk 18-06-2019
5
n.v.t. 18-06-2019
5
n.v.t. 18-06-2019
5
n.v.t. 18-06-2019
5
n.v.t. 18-06-2019
5
Toelichting
n.v.t.
18-06-2019
5
n.v.t. 18-06-2019
5
6.1 Exploitatie / zekerheden
6.2 Financiële verslaglegging
6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming
6.4 Beschrijving
6.5 Verantwoording
6.6 Opbrengst
6.7 Boedelbijdrage
6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming
7.1 Boekhoudplicht
6. Voortzetten / doorstart onderneming
Voortzetten onderneming
n.v.t. 18-06-2019
5
Doorstarten onderneming
7. Rechtmatigheid
Een accountantskantoor heeft in opdracht van ondergetekende een
verkennend onderzoek
naar de administratie van de vennootschap verricht. Mede naar aanleiding van
het door dit
accountantskantoor uitgebrachte verslag wordt bezien of, en zo ja in welk
opzicht en in welke mate, nader onderzoek is vereist.
De resultaten van het verkennend onderzoek hebben geleid tot vragen aan
het bestuur die
voornamelijk betrekking hebben op transacties met gelieerde
vennootschappen. Na
beantwoording van die vragen zal een oordeel worden gegeven over de
naleving van de
boekhoudplicht en het handelen van het bestuur.
Mede naar aanleiding van de naar aanleiding van dat onderzoek opgemerkte
bijzonderheden zijn bepaalde delen van de boekhouding nader bezien.
Vervolgens zijn vragen schriftelijk aan de bestuurder voorgelegd. De door de
bestuurder te verstrekken nadere gegevens worden afgewacht alvorens wordt
vastgesteld of aan de boekhoudplicht is voldaan.
18-06-2019
5
Door de bestuurder is niet tijdig inhoudelijk gereageerd. Vervolgens heeft zich
een advocaat
namens de bestuurder gemeld en een inhoudelijke reactie in het vooruitzicht
gesteld, waarna een laatste termijn voor beantwoording van de vragen is
gegeven. Ook die laatste termijn is onbenut verstreken zodat nu op basis van
de thans bekende feiten wordt geoordeeld over de boekhoudplicht en over het
gevoerde beleid.
Vastgesteld wordt onder meer dat:
1. aanzienlijke exploitatiekosten van gelieerde vennootschappen feitelijk
door Helioform
werden gedragen waarbij de systematiek van verrekening en
doorbelasting van die kosten
onduidelijk is;
2. gefailleerde een aantal zeer omvangrijke vorderingen (zie onderdeel 4.1
van dit verslag)
heeft laten ontstaan op gelieerde vennootschappen;
3. er niet of nauwelijks maatregelen lijken te zijn getroffen om verhaal van
die omvangrijke
vorderingen in ten minste enige mate veilig te stellen;
4. er voorzieningen zijn getroffen wegens oninbaarheid ten bedrage van
meer dan €
5.000.000,-;
5. dat ook na het treffen van die voorzieningen nog betalingen zijn verricht
aan dan wel ten
gunste van de betreffende gelieerde vennootschappen;
6. dat ten laste van (de crediteuren van) gefailleerde dus aan gelieerde
vennootschappen
feitelijk een omvangrijke financiering is verstrekt zonder dat reëel uitzicht
op terugbetaling
bestond en zonder dat er enige dekking ten behoeve van (de crediteuren
van) gefailleerde aan die financiering is gekoppeld.
Geconcludeerd wordt tevens dat, mede gezien de omvang van de administratie
in relatie tot de bedrijfsactiviteiten en de financiële verhoudingen ten opzichte
van gelieerde vennootschappen, de administratie niet zodanig is gevoerd dat
het bestuur daaruit steeds afdoende inzicht had in de rechten en
verplichtingen van de vennootschap.
Zoals weergegeven bij onderdeel 1.1 van dit verslag heeft de inhoudelijke
reactie van het
bestuur ten aanzien van een aantal onregelmatigheden geen aanleiding
gegeven tot andere
conclusies. Het bestuur wordt daarom door ondergetekende aansprakelijk
gesteld wegens
onbehoorlijk bestuur.
In de voorbije verslagperiode heeft naar aanleiding daarvan ook overleg
plaatsgevonden met de Belastingdienst en de curator van HoSR en HoSN. Ter
beperking van nodeloze of vruchteloze kosten worden de jegens de
bestuurder te ondernemen nadere stappen in zekere mate met één of meer
van die partijen afgestemd.
Aan het bestuur zijn mijn definitieve conclusies kenbaar gemaakt en is
aanspraak
gemaakt op betaling van de vordering voortkomend uit het onbehoorlijk
bestuur. Er
wordt nog kort een eventuele nadere reactie van het bestuur afgewacht.
Vervolgens zal
tot incasso van de vordering worden overgegaan.
De Belastingdienst en enkele curatoren van andere aan de bestuurder
7.2 Depot jaarrekeningen
7.3 Goedkeuringsverklaring accountant
7.4 Stortingsverplichting aandelen
7.5 Onbehoorlijk bestuur
gelieerde
vennootschappen, die allen mogelijk eveneens vorderingen op de bestuurder
en/of op
gelieerde vennootschappen hebben, zijn geïnformeerd over het bestaan van
voornoemde aanspraken van de boedel.
Omdat een gerechtelijke procedure van de curator van HoSR en HoSN tegen de
bestuurders, strekkende tot inning van vorderingen die vergelijkbaar zijn met
de vorderingen van ondergetekende op diezelfde personen die tevens
bestuurder van Helioform zijn, in vergevorderd stadium is en onduidelijk is of er
voldoende verhaalsmogelijkheden zijn, zijn de werkzaamheden strekkende tot
voorbereiding van de eventuele gerechtelijke invordering van de aanspraken
van ondergetekende op die bestuurders voorlopig opgeschort.
De laatst gedeponeerde jaarrekening heeft betrekking op het boekjaar 2013.
Er is voldaan aan
de publicatieplicht.
De jaarrekening 2013 is, blijkens de dagstempel op de publicatiestukken, op
28 januari 2015
vastgesteld en aansluitend gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel.
Op basis daarvan wordt aangenomen dat de deponering (ten aanzien van
2013) tijdig heeft
plaatsgevonden. Ten aanzien van voorgaande boekjaren is evenmin gebleken
van schending
van de publicatieplicht.
18-06-2019
5
n.v.t. (vrijstelling krachtens art. 2:396 BW) 18-06-2019
5
De vennootschap is opgericht bij akte d.d. 29 augustus 1994. Beschikt wordt
over de akte van
statutenwijziging d.d. 31 december 2012 waaruit niet kan worden opgemaakt
of is voldaan
aan de volstortingsverplichting. Dit aspect zal vooralsnog niet nader worden
onderzocht nu
een eventuele vordering tot volstorting is verjaard.
18-06-2019
5
7.5 Onbehoorlijk bestuur
7.6 Paulianeus handelen
Toelichting
Mede gelet op de hiervoor bij onderdeel 7.1 en hierna bij onderdeel 7.6
beschreven aspecten
wordt geconcludeerd dat het bestuur haar taak onbehoorlijk heeft vervuld. Het
bestuur wordt
aansprakelijk gesteld voor het gehele boedeltekort. De heer Harder is
aansprakelijk gesteld krachtens art. 2:248 BW. De door hem verschuldigde
betaling van het volledige boedeltekort bedraagt ten minste € 2.150.000,-.
18-06-2019
5
Toelichting
Omdat de omvang van de preferente vorderingen van de Belastingdienst op
Helioform inmiddels wezenlijk hoger is gebleken, is ook de omvang van het
boedeltekort inmiddels groter: Dat boedeltekort bedraagt ten minste €
2.900.000,-.
19-02-2021
8
Toelichting
Zie 7.7.
28-11-2024
20
Toelichting
De verificatievergadering in HOS NL en HOS R van 22 januari 2025 heeft niet
plaatsgevonden. De verificatievergadering is wederom aangehouden. De
rechter-commissaris heeft in HOS NL en HOS R bepaald:
dat de schuldvorderingen bij de curator kunnen worden ingediend tot uiterlijk
d.d. 13 mei 2025; en
dat een verificatievergadering zal worden gehouden op 27 mei 2025 om 14:00
bij de rechtbank Oost-Brabant in het Paleis van Justitie aan de Leeghwaterlaan
8 te 's-Hertogenbosch.
De curator heeft op 20 januari 2025 alle bekende crediteuren nogmaals
uitgenodigd om hun vordering(en) ter verificatie in te dienen voor zover zij dat
nog niet hebben gedaan.
24-02-2025
21
Toelichting
Mede aan de hand van het bij onderdeel 'Rechtmatigheid; Boekhoudplicht'
beschreven
verkennend onderzoek wordt dit aspect nader bezien. Zie verder de onderdeel
'Inventarisatie; Huur en onderdeel 'Activa; Voorraden/onderhanden werk'
(verpanding).
Afgezien van de paulianeuze handelingen die beschreven zijn in de onderdelen
1.6 (huur) en 3.9 (verpanding) moet mogelijk een op 3 oktober 2014 tussen
gefailleerde, Colly International B.V. en House of Shoes Nederland B.V.
gesloten overeenkomst krachtens art. 42 (en 43) Faillissementswet worden
vernietigd. Die overeenkomst gaf Colly International feitelijk de mogelijkheid
om een vordering op House of Shoes Nederland te verrekenen met een schuld
aan Helioform. In dat verband is de bestuurder van Helioform en van Colly
18-06-2019
5
7.7 Toelichting rechtmatigheid
International in de gelegenheid gesteld om commentaar te geven op de
voorlopige conclusie van ondergetekende. Vervolgens is ook de curator van
House of Shoes Nederland B.V. hierin gekend.
De bestuurder heeft aanvankelijk niet gereageerd op mijn voorlopige
conclusies. Er wordt overgegaan tot vernietiging van de beschreven
rechtshandelingen waarna ten opzichte van Colly International B.V. aanspraak
wordt gemaakt op betaling van de schuld aan Helioform.
Die schuld bedraagt € 508.508,42.
De bestuurder heeft later alsnog gereageerd op de voorlopige conclusies ten
aanzien van de hier beschreven rechtshandeling. Zij stelt ondermeer dat Colly
International destijds zelf geen producten kon inkopen zodat Helioform de
producten voor Colly heeft besteld. Colly heeft die producten vervolgens
doorverkocht aan House of Shoes Nederland. Aansluitend zou zijn verkozen
om de rechtsverhouding te simplificeren door de vordering van Helioform
op Colly International over te dragen aan House of Shoes Nederland. Het
bestuur stelt voorts dat ten tijde van deze transactie de kans groter was dat
House of Shoes Nederland de vordering zou kunnen voldoen dan Colly
International, hetgeen overigens niet is onderbouwd.
De toelichting van het bestuur doet concluderen dat partijen (feitelijk het
bestuur) in het zicht van het faillissement van House of Shoes Nederland
hebben bewerkstelligd dat Colly haar vordering op House of Shoes Nederland,
in verband met de doorlevering van schoenen van Helioform, feitelijk kon
verrekenen met diezelfde vordering nadat die is overgedragen door Helioform.
Gefailleerde bleef achter met een onverhaalbare vordering op House of Shoes
Nederland.
Er is daarom vervolgens tot vernietiging van de rechtshandeling overgegaan.
Gestreefd wordt naar incasso van de vordering op Colly International.
Jegens Colly International en jegens de curator van House of Shoes Nederland
B.V. is
de vernietiging ingeroepen. Het gevolg van die vernietiging is dat de vordering
op Colly
International B.V. terugkeert in het vermogen van Helioform. Jegens Colly
International
wordt overgegaan tot inning.
Uit van een derde ontvangen informatie blijkt dat er op 12 december 2014 een
overeenkomst is gesloten tussen Helioform en Colly International strekkende
tot
overname van een orderportefeuille van Helioform "tegen vergoeding van de
gemaakte
kosten". Kort daarvoor zou Helioform haar licentierechten op het merk
'HELIOFORM'
hebben "teruggegeven" aan de licentiegever.
Er is vastgesteld dat ook ten aanzien van deze overeenkomst mogelijk sprake
is van paulianeus handelen. Met die overeenkomst is bewerkstelligd dat kort
voorafgaande aan het faillissement van Helioform, activiteiten en klanten van
Helioform effectief door Colly International zijn overgenomen zonder dat
daarvoor een koopsom is voldaan.
Het bestuur van Helioform is verzocht om een toelichting te verstrekken op het
voorgaande en om bepaalde- met die overeenkomst samenhangende stukken
te
overleggen. Daaraan is geen gevolg gegeven.
Van inning van de in onderdeel 7.5 van dit verslag genoemde vordering is 02-01-2020
momenteel geen sprake. Van het bestaan van verhaalsmogelijkheden ten
aanzien van de formele bestuurder en de feitelijke bestuurders is niet
gebleken. Door de curator van de aan gefailleerde gelieerde vennootschappen
House of Shoes Retail B.V. en House of Shoes Nederland B.V., welke twee
vennootschappen op 27 januari 2015 failliet verklaard zijn, is geruime tijd
geleden een vordering tegen feitelijke bestuurders ingesteld. Het betreft de
twee personen die als feitelijke bestuurder van ook Helioform aangemerkt
worden. De betreffende gerechtelijke procedure is nog gaande. Ook de door
die andere curator ingestelde vordering tegen de bestuurders lijkt gegrond.
Het nemen van rechtsmaatregelen ter inning van de in onderdeel 7.5 van dit
verslag genoemde vordering is vooralsnog niet in het belang van de boedel.
Indien de vordering van de curator van House of Shoes zou worden
afgewezen of als die vordering op enig moment toch inbaar zou blijken, kan
het in het belang van de crediteuren van Helioform zijn dat alsnog
rechtsmaatregelen tegen de bestuurders worden genomen. Door de curator
van House of Shoes wordt regelmatig informatie over de voortgang van de
lopende procedure verstrekt en op basis daarvan wordt steeds bezien of - en
zo ja wanneer - er eventueel alsnog belang ontstaat om een gerechtelijke
procedure tegen de feitelijke bestuurders van Helioform B.V. te voeren.
6
In de gerechtelijke procedure tussen de curator van House of Shoes en de
feitelijke bestuurders wordt momenteel door partijen het vonnis afgewacht. De
inhoud van die uitspraak zal waarschijnlijk bepalend zijn voor de verdere
aanpak ten aanzien van voornoemde onregelmatigheden.
27-07-2020
7
Mede gezien hetgeen in de onderdelen 7.1 en 7.5 van het verslag vermeld is,
is de uitkomst van de procedure tussen de curator van House of Shoes Retail
B.V. en van House of Shoes Nederland B.V. (hierna samen "HOS" genoemd)
van belang voor de crediteuren in het faillissement van Helioform B.V. De in
onderdeel 7.5 vermelde vordering is ingediend bij de curator van HOS en is
door hem geplaatst op de lijst van voorlopig erkende concurrente crediteuren
van HOS. Er bestaat enig uitzicht op een uitkering uit die faillissementen van
HOS omdat ook in die faillissementen sprake is van kennelijk onbehoorlijk
bestuur, zo heeft de rechtbank bevestigd in een vonnis tussen de curator van
HOS enerzijds en de heren J. Harder en W. Harder anderzijds.
Laatstgenoemde personen zijn bestuurders van zowel HOS als van Helioform.
Er rust een conservatoir beslag van de curator van HOS op activa van de
bestuurders.
Van belang is verder dat de omvang van het boedeltekort in de faillissementen
van HOS, aldus zijnde de omvang van het door voornoemde bestuurders aan
de curator van HOS te betalen bedrag (er van uitgaande dat de uitspraak van
de rechtbank in een eventueel hoger beroep in stand blijft), nog niet vaststaat
maar t.z.t. nog in rechte zal moeten worden vastgesteld.
Het zal nog geruime tijd duren voordat duidelijk is of - en zo in welke mate -
het tot een uitdeling uit de faillissementsboedel van HOS aan de
faillissementsboedel van Helioform zal kunnen komen. Tot die tijd blijft ook
onduidelijk of de concurrente crediteuren van Helioform enige uitkering
tegemoet kunnen zien. Gezien de actuele omvang van de preferente
crediteuren van Helioform is de kans klein dat die concurrente crediteuren
alsnog in enige mate zullen kunnen worden betaald.
19-02-2021
8
De bestuurders van HOS zijn in hoger beroep gegaan tegen het vonnis in
eerste aanleg. Op dinsdag 27 september 2022 heeft de mondelinge
behandeling plaatsgevonden in het door de bestuurders ingestelde hoger
beroep. De zaak staat voor arrest op 7 december 2022.
30-09-2022
11
Op 6 december 2022 is er arrest gewezen. Het hof heeft het eindvonnis in
eerste aanleg vernietigd voor zover daarin is geoordeeld dat Harder c.s.
aansprakelijk zijn voor het volledige boedeltekort in de faillissementen van
HOS c.s. en, opnieuw rechtdoende,
voor recht verklaart dat Harder c.s. op grond van artikel 2:248 BW lid 1 BW
hoofdelijk aansprakelijk zijn voor 25% van het boedeltekort in de
faillissementen van HOS Retail en HOS NL.
De hoogte van het boedeltekort in de genoemde faillissementen staat nog niet
vast. Daarmee staat ook nog niet vast of Helioform op basis van het arrest een
uitkering tegemoet kan zien.
Daarbij kunnen partijen nog in cassatie. Of partijen daartoe zullen overgaan is
nog niet bekend.
21-12-2022
12
Het arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch is in het openbaar
uitgesproken en gepubliceerd via:
https://uitspraken.rechtspraak.nl/#!/details?id=ECLI:NL:GHSHE:2022:4179
De curator wacht de ontwikkelingen in de faillissementen van de House of
Shoes vennootschappen af.
16-03-2023
13
De curator in House of Shoes Retail B.V. en House of Shoes Nederland B.V.
(hierna: HOS R en HOS NL) heeft op basis van het ingewonnen cassatieadvies
besloten om geen cassatie in te stellen, zo volgt uit diens verslag. De
bestuurders hebben ook geen cassatie ingesteld.
De curator van HOS R en HOS NL heeft het voorlopige boedeltekort berekend.
Ten gevolge van het Paperlinx arrest zijn de boedel-huurschulden aanzienlijk
opgelopen en deze lopen iedere dag nog verder op. Het boedeltekort in HOS
Retail is daardoor opgelopen tot circa EUR 9,5 miljoen + PM en inzake HOS
Nederland tot circa EUR 7,9 miljoen. In totaal bedraagt het boedeltekort in de
faillissementen samen derhalve circa EUR 17,4 miljoen + PM. De bestuurders
zijn veroordeeld tot vergoeding van 25% van dit tekort. Dat komt derhalve
neer op circa EUR 4,35 miljoen + PM, waarvoor de bestuurders hoofdelijk
aansprakelijk zijn.
De curator van HOS R en HOS NL heeft de bestuurders in de gelegenheid
gesteld om een voorstel te doen om aan het arrest te voldoen. Daarop hebben
de bestuurders in eerste instantie nog de hoogte van het tekort betwist en de
integrale schuldenlast ter discussie willen stellen. Om te beginnen stelden zij
ter discussie de hoogte van de boedel-huurschulden en de preferente
vordering van de Belastingdienst. De boedel-huurvordering is echter bij
aanvang van de onderhavige faillissementen door c.q. namens de bestuurders
zelf - vanuit zustervennootschap Helioform - ingediend. Bovendien zijn de
preferente vorderingen van de Belastingdienst gebaseerd op aanslagen die
zijn opgelegd op basis van de door c.q. namens de bestuurders destijds
gedane aangiftes.
De bestuurders weigerden in eerste instantie ook nog om het depot van circa
EUR 327.000,-- vrij te geven, dat op basis van het vonnis in eerste aanleg door
hen was gestort. Nu het tekort waartoe zij veroordeeld zijn in alle gevallen
substantieel hoger is dan het depotbedrag viel niet in te zien op basis van
welk argument men vrijgave van het depot weigerde. De curator van HOS R en
HOS NL heeft de bestuurders kenbaar gemaakt vrijgave van het depot
alsmede een voorschot op het boedeltekort in kortgeding te zullen gaan
vorderen en daartoe een concept dagvaarding opgesteld.
08-06-2023
14
Het is nog niet nodig gebleken om de kortgeding dagvaarding uit te brengen.
Er is een overleg op gang gekomen. Inmiddels is het depotbedrag vrijgegeven
en op de boedelrekening van HOS Retail bijgeschreven.
De curator van HOS R en HOS NL is nog in overleg met de bestuurders ter zake
de betaling van hetgeen waartoe zij veroordeeld zijn. Indien dit niet tot een
oplossing leidt zal de curator van HOS R en HOS NL alsnog een procedure
starten en een voorschot vorderen.
Het voorafgaande leidt tot de conclusie dat de boedel van Helioform een
aanzienlijke uitkering uit de faillissementen van HOS R en HOS NL tegemoet
kan zien. Een termijn waarbinnen die uitkering te verwachten valt is, gezien de
stand van zaken van de executie van het arrest van het Hof, nog niet te
geven.
Het is de curator van HOS NL en HOS R niet gelukt om met de bestuurders een
minnelijke regeling te bereiken. De bestuurders waren niet bereid om een
voorschot te betalen dat in een redelijke verhouding staat tot de uiteindelijke
veroordeling. De curator heeft daarom medio juli 2023 een kort geding jegens
de bestuurders aangespannen en een voorschot gevorderd op de veroordeling
tot betaling van 25% van het boedeltekort. De behandeling van het kort
geding heeft op 31 augustus 2023 plaatsgevonden. De voorzieningenrechter
van de rechtbank Oost-Brabant zal op 14 september 2023 een vonnis wijzen.
Afhankelijk van de uitkomst van het vonnis zal de curator de benodigde
(rechts)maatregelen treffen.
07-09-2023
15
De bestuurders zijn in de faillissementen van HOS Retail en HOS NL in
kortgeding veroordeeld om een (aanvullend) voorschot te betalen van EUR
500.000,--. Uiteindelijk is dit bedrag door de bestuurders op de boedelrekening
van HOS NL voldaan, nadat de curator noodzakelijkerwijs de eerste
executiemaatregelen had getroffen. De curator heeft hoger beroep ingesteld
tegen het kortgeding vonnis met als doel in hoger beroep een hoger
voorschotbedrag toegewezen te krijgen. Daarnaast zal de curator de
rechtbank verzoeken een verificatievergadering te houden.
06-12-2023
16
Het hoger beroep tegen het kortgeding vonnis inzake HOS NL en HOS R staat
op de rol van 12 maart a.s. De curator gaat er vanuit dat zich dan een
advocaat namens de bestuurders zal stellen.
De curator van HOS NL en HOS R heeft de rechtbank verzocht om een datum
voor de verificatievergadering te bepalen.
06-03-2024
17
Op 29 mei 2024 heeft bij het Gerechtshof 's-Hertogenbosch een comparitie na
aanbrengen plaatsgevonden. Partijen zijn opnieuw in overleg getreden over
een mogelijke regeling. Indien een regeling kan worden getroffen zou daarmee
worden voorkomen dat er nog jaren moet worden doorgeprocedeerd. Al die
tijd kunnen de faillissementen niet worden afgewikkeld. Met het oog op het
overleg is de behandeling van het hoger beroep tegen het kortgeding vonnis
twee weken aangehouden. Afhankelijk van de uitkomt van het overleg zal er al
dan niet worden doorgeprocedeerd.
05-06-2024
18
Toelichting
Op 29 mei 2024 heeft in het hoger beroep tegen het kortgedingvonnis bij het
Gerechtshof 's-Hertogenbosch een comparitie na aanbrengen plaatsgevonden.
Partijen zijn opnieuw in overleg getreden over een mogelijke regeling. Indien
een regeling kan worden getroffen zou daarmee worden voorkomen dat er
nog jaren moet worden doorgeprocedeerd. Al die tijd kunnen de
faillissementen niet worden afgewikkeld. Met het oog op het overleg is de
02-09-2024
19
behandeling van het hoger beroep tegen het kortgeding vonnis twee weken
aangehouden. Afhankelijk van de uitkomt van het overleg zou er al dan niet
worden doorgeprocedeerd.
Het is niet mogelijk gebleken met de bestuurders tot een regeling te komen.
De bestuurders betwisten nagenoeg alle schulden om op die manier het tekort
te beperken waarvan zij op basis van de veroordeling 25% dienen te betalen.
Zij betwisten tegen beter weten in. Zo betwisten zij bijvoorbeeld de preferente
vordering van de Belastingdienst in HOS NL en HOS R (circa EUR 2,5 miljoen),
terwijl de Belastingdienst bevestigd heeft dat de betreffende aanslagen zijn
opgelegd op grond van aangiftes die door de bestuurders zelf zijn gedaan.
Ook betwisten de bestuurders de boedelvordering (EUR 429.843,87) en
concurrente vordering vanuit zustervennootschap Helioform B.V. (circa EUR 1,7
miljoen) terwijl ook die vorderingen destijds -vóór het faillissement van
Helioform B.V.- door de bestuurders, die ook bestuurders van Helioform B.V.
zijn, zelf werden ingediend bij HOS NL en HOS R en gedetailleerd werden
onderbouwd met overzichten en onderliggende facturen voor leveranties en
huurtermijnen. De huurtermijnen werden daarbij ook uitgesplitst in een
concurrente schuld over de periode voor het faillissement van HOS NL en HOS
R en -in verband met de huuropzegging door de curator ex 39 Fw- een
boedelschuld over de drie maanden vanaf het faillissement van HOS NL en HOS
R.
De bestuurders stellen op basis van hun betwistingen dat de schulden in HOS
NL en HOS R dus veel lager zijn dan thans genoteerd door de curator en dat zij
dus veel minder zouden moeten betalen.
Door deze gang van zaken worden de boedels genoodzaakt om meer kosten
te maken. Die kosten verhogen het tekort. Daarvan dienen de bestuurders op
hun beurt in ieder geval 25% te betalen. Per saldo worden de boedels dan
uitgehold met 75% van deze aanvullende kosten. De vraag is rechtens
opportuun of de bestuurders van deze bijkomende incassokosten in plaats van
25% wellicht 100% dienen te betalen.
De curator heeft een memorie van grieven ingediend. De procedure staat voor
Memorie van Antwoord op 10 september 2024.
De verificatievergadering in zowel HOS NL als HOS R is bepaald op 19
september 2024 te 09:30 uur bij de rechtbank Oost-Brabant aan de
Leeghwaterlaan 8 te 's-Hertogenbosch. De schuldvorderingen op HOS NL en
HOS R kunnen bij de curator worden ingediend tot uiterlijk d.d. 5 september
2024.
De bekende crediteuren zijn op 3 juli 2024 aangeschreven. De bestuurders zijn
bij brief van 15 augustus 2024 opgeroepen de verificatievergadering bij te
wonen. De crediteurenlijsten zijn op 16 augustus 2024 door de curator aan de
rechtbank gestuurd om tijdig ter inzage te worden gelegd.
In de brief aan de bekende crediteuren is toegelicht dat zich in deze een
bijzondere situatie voordoet. Dit is het gevolg van de beslissing van het hof om
de bestuurdersaansprakelijkheid te matigen tot 25% van het tekort. Normaliter
wordt een verificatievergadering alleen gehouden wanneer er ook
daadwerkelijk een uitkering aan de concurrente crediteuren kan worden
gedaan. In dit geval is dat echter niet zo. Voorzienbaar is dat 25% van het
totale tekort onvoldoende zal zijn om de boedelcrediteuren en preferente
crediteuren te betalen. Dat houdt in dat er niet kan worden toegekomen aan
de concurrente crediteuren.
De toestand van de boedel van HOS NL en HOS R wijst er dus op dat er geen
uitkering aan de - concurrente - crediteuren kan plaatsvinden, terwijl er wel
een verificatievergadering dient plaats te vinden om het tekort te kunnen
vaststellen waarvan de bestuurders 25% aan de boedel dienen te betalen.
Naar het zich laat aanzien zal dus vanuit de boedel van HOS NL en HOS R
worden uitgekeerd op de boedelvorderingen, waaronder die van Helioform. De
boedelvordering van Helioform bedraagt in HOS NL EUR 429.843,87 en in HOS
R eveneens EUR 429.843,87. Voordat er een uitkering kan plaatsvinden zullen
in HOS NL en HOS R eerst de procedures dienen te worden afgerond en de
vordering op de bestuurders geïncasseerd.
De procedure bij het Gerechtshof 's-Hertogenbosch is voortgezet. De
bestuurders hebben een memorie van antwoord ingediend en in incidenteel
appel vernietiging van het kortgedingvonnis gevorderd. De curator zal voor de
rolzitting van 3 december 2024 een memorie van antwoord in incidenteel appel
nemen.
Op basis van veroordeling in de bestuurdersaansprakelijkheidsprocedure
dienen de bestuurders 25% van het tekort te betalen. Kort gezegd houdt dat
in 25% van iedere concurrente vordering.
Hoewel er door de hoogte van de boedelschulden en preferente schulden,
samen met de veroordeling tot betaling van 25% van het tekort, voor de
concurrente crediteuren geen vooruitzicht is op een uitkering op hun
vorderingen, zijn hun concurrente vorderingen wel relevant voor de
vaststelling van het tekort. Verificatie van vorderingen is daarom wel
opportuun.
Op 19 november 2024 heeft de verificatievergadering in HOS NL en HOS R
plaatsgevonden.
De bestuurders hebben tot op heden en ook ter vergadering in beide
faillissementen nagenoeg alle ingediende vorderingen (zowel boedel-,
preferente- als concurrente crediteuren) integraal betwist.
Zo worden bijvoorbeeld de door de Belastingdienst opgelegde aanslagen OB
van in totaal EUR 2,5 miljoen door de bestuurders betwist, terwijl die
aanslagen zijn opgelegd op basis van aangiftes die de bestuurders destijds
zelf hebben ingediend. Preferente vorderingen worden niet geverifieerd zodat
deze betwisting er in de verificatieprocedure niet toe doet.
Ook de concurrente vordering van het UWV wordt bijvoorbeeld betwist.
Alsmede de vorderingen vanuit zustervennootschap Helioform Quality Shoes
B.V. (failliet per 10-03-2015) worden door de bestuurders betwist, terwijl zij
ook daar bestuurder zijn en nota bene vanuit die positie op 3 maart 2015 zelf
de vorderingen van Helioform Quality Shoes B.V. op HOS NL en HOS R hebben
ingediend, voorzien van een uitgebreide onderbouwing en onderliggende
facturen.
Tijdens de verificatievergadering is er overleg geweest. De discussie is thans
beperkt tot de negen grootste concurrente crediteuren, waaronder Helioform
Quality Shoes B.V. Ten aanzien van de overige, lagere, vorderingen hebben de
bestuurders bevestigd deze niet langer te zullen betwisten.
De verificatievergadering is aangehouden voor de duur van 2 maanden.
28-11-2024
20
Tijdens de zitting bij het Hof in de kortgedingprocedure op 2 april 2025 is,
onder voorbehoud van goedkeuring door de rechter-commissaris, door de
curator een regeling getroffen met de bestuurders. Die regeling ziet deels ook
op Helioform. Doel van de regeling is in het bijzonder om alle faillissementen zo
spoedig mogelijk te kunnen afwikkelen. De rechter-commissaris heeft de
regeling goedgekeurd.
26-05-2025
22
7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid
8.1 Boedelvorderingen
Uit hoofde van de regeling dienen de bestuurders aan de boedel EUR
660.000,-- te betalen in drie termijnen. De eerste termijn van EUR 220.000,--
diende 1 mei 2025 te worden betaald. De bestuurders komen die
betalingsverplichting tot op heden niet na.
Uit hoofde van de regeling hebben de bestuurders inmiddels de eerste
termijn van EUR 220.000,- voldaan. Ook deze betaling heeft weer niet zonder
slag of stoot plaatsgevonden.
De curator is in afwachting van de tweede termijn, welke vóór 1 september
2025 moet zijn voldaan.
Wanneer uiterlijk 31 december 2025 ook de laatste termijn door hen is
voldaan hebben de bestuurders in het kader van de veroordeling in de
bestuurdersaansprakelijkheidsprocedure, vanuit privé, bijna EUR 1,5 miljoen
aan de boedels betaald.
22-08-2025
23
Zie onderdeel 7.7. 02-01-2020
6
Zie onderdeel 7.7. 21-12-2022
12
Zie onderdeel 7.7. De ontwikkelingen in de faillissementen van HOS R en HOS
NL worden afgewacht.
08-06-2023
14
Zie onderdeel 7.7. De ontwikkelingen in de faillissementen van HOS R en HOS
NL worden afgewacht.
26-05-2025
22
8. Crediteuren
€ 277.291,39
Toelichting
Er is sprake van een boedelvordering van het UWV in verband met de
overname van de
betalingsverplichtingen door die organisatie jegens de werknemers van
Helioform. De omvang
van die vordering bedraagt € 66.620,78.
Voorts is sprake van een aanzienlijke boedelvordering verband houdend met
huurpenningen
voor de 21 winkelruimten (zie onderdeel huur) en het bedrijfspand te Drunen.
Het actuele
totaal van de voorlopig erkende boedelvorderingen van de verhuurders
bedraagt €
210.670,61.
18-06-2019
5
8.2 Pref. vord. van de fiscus
8.3 Pref. vord. UWV
8.4 Andere pref. crediteuren
8.5 Aantal concurrente crediteuren
8.6 Bedrag concurrente crediteuren
Toelichting
Namens DZB Bank GmbH is het standpunt ingenomen dat zij een
boedelvordering zou hebben.
Dat standpunt is vooralsnog niet voldoende onderbouwd.
19-02-2021
8
€ 28.775,74
Toelichting
Er zijn in totaal 11 boedelcrediteuren
30-09-2022
11
€ 277.291,39
Toelichting
Er zijn in totaal 11 boedelcrediteuren
21-12-2022
12
€ 1.615.651,00
18-06-2019
5
€ 1.937.970,00
19-02-2021
8
€ 29.115,76
18-06-2019
5
€ 0,00
18-06-2019
5
43
18-06-2019
5
38
30-09-2022
11
€ 881.836,11
18-06-2019
5
€ 881.836,11
30-09-2022
11
8.7 Verwachte wijze van afwikkeling
8.8 Werkzaamheden crediteuren
9.1 Naam wederpartijen
9.2 Aard procedures
9.3 Stand procedures
9.4 Werkzaamheden procedures
10.1 Plan van aanpak
10.2 Termijn afwikkeling faillissement
Niet uitgesloten is dat het uiteindelijke boedelactief onvoldoende zal zijn om de
boedelschulden te dragen. In dat geval zal te zijner tijd aan de rechter-
commissaris worden
voorgesteld om de rechtbank te verzoeken het faillissement op te heffen
wegens de toestand
van de boedel.
18-06-2019
5
9. Procedures
n.v.t. 18-06-2019
5
10. Overig
Zie onderdeel 7.1 en 7.5 18-06-2019
5
De vereffening is voltooid met uitzondering van de vordering op het bestuur
van de vennootschap. In dat verband wordt verwezen naar hetgeen in
onderdeel 7.7 van dit verslag is vermeld.
02-01-2020
6
Dit faillissement zal waarschijnlijk nog meer dan zes maanden voortduren. 18-06-2019
5
Gezien de in onderdeel 7.7 van dit verslag genoemde situatie, wordt verwacht
dat de verdere afronding van dit faillissement nog tenminste een jaar op zich
zal laten wachten.
19-02-2021
8
Gezien de in onderdeel 7.7 van dit verslag genoemde situatie, wordt verwacht
dat de verdere afronding van dit faillissement nog tenminste een jaar op zich
zal laten wachten.
17-09-2021
9
Er bestaat onverminderd uitzicht op een gedeeltelijke inning van de in
onderdeel 4 van dit verslag genoemde vorderingen op House of Shoes
Nederland BV en House of Shoes Retail BV. Het zal waarschijnlijk nog geruime
tijd duren voordat in de faillissementen van laatstgenoemde twee
vennootschappen tot de verwachte uitdeling kan worden overgegaan. Om die
reden duurt ook het faillissement van Helioform Quality Shoes voorlopig voort.
03-04-2022
10
Er bestaat onverminderd uitzicht op een gedeeltelijke inning van de in
onderdeel 4 van dit verslag genoemde vorderingen op House of Shoes
Nederland BV en House of Shoes Retail BV. Het zal waarschijnlijk nog geruime
tijd duren voordat in de faillissementen van laatstgenoemde twee
vennootschappen tot de verwachte uitdeling kan worden overgegaan. Om die
reden duurt ook het faillissement van Helioform Quality Shoes voorlopig voort.
Op dinsdag 27 september 2022 heeft de mondelinge behandeling
plaatsgevonden in het door de bestuurders ingestelde hoger beroep. De zaak
staat voor arrest op 7 december 2022.
30-09-2022
11
De termijn van afwikkeling in het onderhavige faillissement hangt af van de
termijn van afwikkeling van de House of Shoes vennootschappen. Het valt op
dit moment niet aan te geven hoeveel tijd de afwikkeling van die
faillissementen nog in beslag gaat nemen.
16-03-2023
13
Zie hiervoor onder 7.7. De termijn van afwikkeling in het onderhavige
faillissement hangt af van de termijn van afwikkeling van de House of Shoes
vennootschappen. Het valt op dit moment niet aan te geven hoeveel tijd de
afwikkeling van die faillissementen nog in beslag gaat nemen.
08-06-2023
14
Gezien de huidige stand van zaken in de afwikkeling van de faillissementen
van HOS NL en HOS R valt op dit moment niet aan te geven wanneer de
afwikkeling van onderhavig zal plaatsvinden.
07-09-2023
15
Gezien de huidige stand van zaken in de afwikkeling van de faillissementen
van HOS NL en HOS R valt op dit moment niet aan te geven wanneer de
afwikkeling van het onderhavige faillissement zal plaatsvinden.
06-12-2023
16
Gezien de huidige stand van zaken in de afwikkeling van de faillissementen
van HOS NL en HOS R valt op dit moment niet aan te geven wanneer de
afwikkeling van het onderhavige faillissement zal plaatsvinden.
06-03-2024
17
Gezien de huidige stand van zaken in de afwikkeling van de faillissementen
van HOS NL en HOS R valt op dit moment niet aan te geven wanneer de
afwikkeling van het onderhavige faillissement zal plaatsvinden.
Het Gerechtshof te ’s-Hertogenbosch heeft inzake het faillissement van House
of Shoes Nederland B.V. en House of Shoes Retail B.V. (HOS NL en HOS R,
samen HOS) de aansprakelijkstelling van de bestuurders toegewezen, zij het
dat die is gematigd tot 25% van het tekort in deze faillissementen. De hoogte
van het boedeltekort inzake HOS wordt mede bepaald door de
(boedel)huurvordering vanuit Helioform.
De bestuurder van HOS, tevens bestuurders van Helioform, betwisten vrijwel
alle in HOS ingediende (boedel)vorderingen integraal. Dat geldt ook voor de
boedelhuurvorderingen van Helioform op HOS welke vorderingen nota bene
05-06-2024
18
vóór het faillissement van Helioform door de bestuurders zelf bij de curator van
HOS zijn ingediend en door de voormalig curator van Helioform zijn
gehandhaafd. Helioform heeft daarbij op haar beurt ook
boedelhuurverplichtingen aan haar verhuurders. De vaststelling van de hoogte
van de boedelhuurvorderingen is voer voor discussie. Allereerst speelt de
vraag of de boedelschulden verjaren na vijf jaar. In dat kader is van belang dat
het Hoge Raad arrest van 24 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1294 (Boele II).
Vorderingen die niet verhaalbaar blijken, zouden ook niet kunnen verjaren,
omdat de verjaringstermijn eerst gaat lopen na het faillissement. Dat beginsel
strookt wat de curator betreft met het beginsel van CZ/Scholtes, waar
uitdrukkelijk de datum van de uitdelingslijst als peildatum wordt gehanteerd.
Eenvoudig gezegd kan dus betoogd worden dat de vordering niet is verjaard.
Harder c.s. stelt zich op het standpunt dat dit wel het geval is.
Door de Paperlinx uitspraak van 24 december 2021, ECLI:NL:HR:2021:1994 is
de vaststelling van de hoogte van deze boedelschulden nog lastiger. Als
verzuim bestaat ten aanzien van de voldoening van een boedelvordering, en
de schuldeiser recht heeft op schadevergoeding in de vorm van wettelijke
(handels)rente (art. 6:74 BW in verbinding met art. 6:119 e.v. BW), brengt de
aard van een boedelvordering als onmiddellijke aanspraak op de boedel mee
dat ook de met de boedelvordering verbonden verplichting tot betaling van
deze rente moet worden aangemerkt als boedelschuld. Anders gezegd is de
boedelschuld rentedragend op grond van de huurovereenkomst en de ROZ-
voorwaarden die gelden voor alle huurovereenkomsten in geding, geven dus
een ook minimum sanctie aan te late betaling. Dat betekent, simpel gezegd,
dat de onderhavige boedelschulden al zijn “ verdubbeld”. Harder c.s. betoogt
overigens dat deze boete het lot volgt van de hoofdvordering, waarmee deze
zou zijn verjaard. Waar dat standpunt op grond van 3:310 BW in zoverre
gevolgd kan worden dat boetes van meer dan 5 jaar geleden zouden zijn
verjaard, gaat het er aan voorbij dat iedere maand tot op heden nog een
boete wordt verbeurd.
Tenslotte is dan nog de vraag in hoeverre een beroep kan worden gedaan op
matiging. Immers; het effect van Paperlinx had niemand voorzien en heeft de
praktijk wat overvallen. Het voorgaande maakt duidelijk dat er nog de nodige
discussies spelen.
Dient dit te worden uitgeprocedeerd, dan kan de afwikkeling van de HOS
faillissementen en dus ook het onderhavige faillissement nog jaren op zich
laten wachten, terwijl ondertussen al de afgelopen jaren is geprocedeerd
tegen Harder c.s. Een vaststelling van de boedelschulden in onderling overleg
verdiend dan ook de voorkeur, nu dit kan leiden tot een spoedige afwikkeling
van de faillissementen. De curator heeft op 11 april 2024 alle
boedelcrediteuren van Helioform aangeschreven die een boedelhuurvordering
hebben ingediend. De curator is in afwachting van reacties van deze
crediteuren.
Er is van slechts een boedelcrediteur een reactie ontvangen. Daar waar de
curator in HOS NL en HOS R had gehoopt zodanig veel reacties te krijgen dat
er een richtsnoer zou zijn ten aanzien van de manier van afwikkeling, is dat
dus niet het geval. Dan blijft de situatie voor de curator van HOS NL en HOS R
dus zodanig dat deze belang heeft bij een zodanig hoog voorschot dat
daarmee de boedelschuldenproblematiek kan worden geadresseerd. Thans
lopen de boedelschulden in HOS NL en HOS R vanwege Paperlinx op met
ongeveer EUR 20.000,-- per maand.
02-09-2024
19
De afwikkeling van de faillissementen van HOS NL en HOS R zal moeten
worden afgewacht alvorens het onderhavige faillissement kan worden
afgewikkeld. Het is niet mogelijk om daar een termijn aan te koppelen.
24-02-2025
21
10.3 Indiening volgend verslag
10.4 Werkzaamheden overig
Bijlagen
Alvorens de curator tot afwikkeling kan overgaan, dient eerst de met hen
getroffen regeling volledig door de bestuurders te zijn nagekomen. Uiterlijk
op 31 december 2025 dienen zij de laatste betalingstermijn van EUR
220.000,- aan de boedel te hebben voldaan.
De verwachting is dat - bij tijdige nakoming van de regeling door de
bestuurders - begin 2026 tot afwikkeling van het faillissement kan worden
overgegaan.
22-08-2025
23
22-9-2025 22-08-2025
23
Er liggen momenteel geen bijzondere werkzaamheden in het vooruitzicht. 19-02-2021
8
Het volgende verslag zal worden ingediend door opvolgend curator mr. O.B.J.
Poorthuis
03-04-2022
10
Bijlagen