Overzicht met bedrijven in Nederland
Terug naar faillissement

Verslag: 22-08-2025

Onbekend bedrijf · KVK 18132214 ·F.01/15/202
Verslagdatum
22-08-2025
Procedure
Faillissement
Status
Actief
Rechtbank
Rechtbank Oost-Brabant

Platte tekst van het verslag

Documentkenmerk: 01_obr_15_202_F_V_42 ·Tekst verwerkt op 26-09-2026 23:06

Openbaar faillissementsverslag

rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)

Naam onderneming

Gegevens onderneming

Activiteiten onderneming

Financiële gegevens

Toelichting financiële gegevens

Gemiddeld aantal personeelsleden

Betreft

Algemene gegevens

Helioform Quality Shoes B.V. 18-06-2019

5

statutair gevestigd te Drunen

kantoorhoudende te Drunen aan de Grotestraat 250 en tevens

kantoorhoudende te Nieuwkuijk aan de Venbroekstraat 7

18-06-2019

5

groothandel in schoenen en aanverwante artikelen 18-06-2019

5

Jaar Omzet Winst / verlies Balanstotaal
2012 € 3.508.740,00 € -3.516.448,00 € 1.467.802,00
2013 € 5.954.961,00 € 57.489,00 -

Verslagnummer 23

Datum verslag 22-08-2025

Insolventienummer F.01/15/202

Toezichtzaaknummer NL:TZ:0000001576:F001

Datum uitspraak 10-03-2015

R-C mr. S.J.O. de Vries

Curator mr O.B.J. Poorthuis

mr O.B.J. Poorthuis

mr K.T.W.H. van den Dungen

Gemiddeld aantal personeelsleden

Boedelsaldo

9

18-06-2019

5

Toelichting

Dit is het 10e verslag.

19-02-2021

8

€ 88.437,30

18-06-2019

5

€ 78.820,24

02-01-2020

6

€ 79.074,82

19-02-2021

8

€ 67.320,94

17-09-2021

9

€ 67.385,44

03-04-2022

10

€ 81.614,27

30-09-2022

11

€ 81.651,33

21-12-2022

12

€ 81.653,91

16-03-2023

13

€ 81.638,01

08-06-2023

14

€ 81.622,11

07-09-2023

15

€ 81.606,21

06-12-2023

16

€ 81.590,31

06-03-2024

17

€ 81.574,41

05-06-2024

18

€ 82.558,51

02-09-2024

Verslagperiode

19

€ 81.542,61

28-11-2024

20

€ 68.659,05

24-02-2025

21

€ 68.643,15

26-05-2025

22

€ 68.627,25

22-08-2025

23

van

24-3-2018

t/m

31-3-2019

18-06-2019

5

van

1-4-2019

t/m

30-11-2019

02-01-2020

6

van

1-12-2019

t/m

30-6-2020

27-07-2020

7

van

1-7-2020

t/m

31-1-2021

19-02-2021

8

van

1-2-2021

t/m

31-8-2021

17-09-2021

9

van

1-9-2021

t/m

03-04-2022

10

22-3-2022

van

22-3-2022

t/m

27-9-2022

30-09-2022

11

van

28-9-2022

t/m

21-12-2022

21-12-2022

12

van

22-12-2022

t/m

15-3-2023

16-03-2023

13

van

16-3-2023

t/m

7-6-2023

08-06-2023

14

van

8-6-2023

t/m

6-9-2023

07-09-2023

15

van

7-12-2023

t/m

2-3-2024

06-03-2024

17

van

3-3-2024

t/m

30-5-2024

05-06-2024

18

van

30-5-2024

t/m

02-09-2024

19

Bestede uren

28-8-2024

van

28-8-2024

t/m

22-11-2024

28-11-2024

20

van

23-11-2024

t/m

20-2-2025

24-02-2025

21

van

21-2-2025

t/m

22-5-2025

26-05-2025

22

van

23-5-2025

t/m

20-8-2025

22-08-2025

23

Bestede uren

Toelichting bestede uren

VerslagperiodeBestede uren

5 0 uur 0 min
6 8 uur 15 min
7 13 uur 35 min
8 4 uur 59 min
9 10 uur 25 min
10 3 uur 25 min
11 9 uur 18 min
12 0 uur 42 min
13 1 uur 12 min
14 5 uur 30 min
15 1 uur 0 min
16 1 uur 30 min
17 2 uur 36 min
18 5 uur 30 min
19 2 uur 6 min
20 1 uur 24 min
21 1 uur 36 min
22 2 uur 18 min
23 0 uur 54 min
Totaal 76 uur 15 min

Toelichting bestede uren

Omdat er al 2 verslagen zijn uitgebracht voordat de telling van de verslagen in

het KEI-portaal begon, is dit feitelijk het 7e verslag.

In totaal zijn (inclusief voornoemde 24,13 uren in de verslagperiode) 320,25

uren besteed.

18-06-2019

5

Omdat er al 2 verslagen zijn uitgebracht voordat de telling van de verslagen in

het KEI-portaal begon, is dit feitelijk het 8e verslag.

In totaal zijn (inclusief voornoemde 8 uren en 15 minuten in de betreffende

verslagperiode) 328,51 uren besteed; zijnde 328 uren en 31 minuten.

02-01-2020

6

Omdat er al 2 verslagen zijn uitgebracht voordat de telling van de verslagen in

het KEI-portaal begon, is dit feitelijk het 9e verslag.

In totaal zijn tot dusver (inclusief voornoemde 13 uren en 35 minuten in de

betreffende verslagperiode) 342 uren en 5 minuten aan de afwikkeling van dit

dossier besteed.

27-07-2020

7

Omdat er al 2 verslagen zijn uitgebracht voordat de telling van de verslagen in

het KEI-portaal begon, is dit feitelijk het 10e verslag.

In totaal zijn tot dusver (inclusief voornoemde 4 uren en 59 minuten in de

betreffende verslagperiode) 347 uren en 4 minuten aan de afwikkeling van dit

dossier besteed.

19-02-2021

8

Omdat er al 2 verslagen zijn uitgebracht voordat de telling van de verslagen in

het KEI-portaal begon, is dit feitelijk het 11e verslag.

In totaal zijn tot dusver (inclusief voornoemde 10 uren en 25 minuten in de

betreffende verslagperiode) 357 uren en 29 minuten aan de afwikkeling van dit

dossier besteed.

17-09-2021

9

Er zijn al enkele verslagen gepubliceerd voordat dit faillissement in KEI is

geplaatst. Die eerste verslagen meegeteld, is dit het 12e faillissementsverslag.

In totaal zijn tot dusver 360 uren en 54 minuten aan de afwikkeling van dit

faillissement besteed.

De verder te verrichten uren zullen worden gedeclareerd door opvolgend

curator (met ingang van 29 maart 2022) mr. O.B.J. Poorthuis

03-04-2022

10

Door de voormalig curator zijn 360 uur en 54 minuten aan dit faillissement

besteed.

Door de opvolgend curator tot dusver 9 uur en 18 minuten.

30-09-2022

11

Door de voormalig curator zijn 360 uur en 54 minuten aan dit faillissement

besteed.

Door de opvolgend curator tot dusver 10 uren.

21-12-2022

12

Door de opvolgend curator tot dusver 11.2 uren. 16-03-2023

13

Huidige periode start op 29-05, de vorige eindigde op 28-05. 02-09-2024

19

1.1 Directie en organisatie

1.2 Lopende procedures

1. Inventarisatie

Het bestuur over Helioform wordt gevoerd door de heren J. Harder, W. Harder

en A. Harder.

De aandelen worden gehouden door Schoenfabriek Beclere B.V.

De vennootschap maakt deel uit van een groep vennootschappen waarvan de

verschillende

onderdelen zich in hoofdzaak met de volgende activiteiten bezighouden:

1. het beheer van vastgoed (Vagomij Langstraat B.V. cs.)

2. in- en verkoop van schoenen (Helioform cs)

3. verlichting voor de detailhandel (Ormalight B.V. cs.)

Aan het hoofd van de groep staan de heer J. Harder en diens zoon de heer W.

Harder. De

groep vennootschappen wordt hierna ook aangeduid met "de Harder groep"

De dochtervennootschappen Van Baarle-Newbolt Holding B.V. en Mattil

Vertriebs GmbH verkeren niet in staat van faillissement. Ten aanzien van deze

beide vennootschappen vindt nader onderzoek plaats.

Van Baarle-Newbolt Holding B.V. is op 29 juni 2015 in staat van faillissement

verklaard.

Daarbij is mr. E. van der Kolk aangesteld tot curator. Rechter-commissaris is mr.

I.C. Prengerde Kwant, verbonden aan de rechtbank Zeeland-West-Brabant.

Het door de rechtbank aan dat faillissement toegekende kenmerk is

F.02/15/341.

Met betrekking tot Mattil Vertriebs GmbH heeft het bestuur verklaard dat de

vennootschap

geen activiteiten ontplooid en dat geen sprake is van enige activa of passiva.

Met de heer

Harder is afgesproken dat hij zal streven naar ontbinding van deze

vennootschap. Hierop

wordt toegezien.

De heer Harder heeft eerder verklaard te streven naar de ontbinding van deze

vennootschap.

De heer Harder is gevraagd om alsnog informatie over de voortgang van de

ontbinding te verstrekken. Deze informatie is aanvankelijk niet verstrekt.

Ook andere vragen, die betrekking hebben op onder meer de gevoerde

administratie en vorderingen op gelieerde vennootschappen, zijn aanvankelijk

niet - en uiteindelijk slechts gedeeltelijk - beantwoord. Bovendien is al op basis

van de wel beschikbare informatie vastgesteld dat sprake is van

onregelmatigheden.

In dit verband wordt verwezen naar de in onderdeel 7.1 en 7.5 weergegeven

conclusies.

18-06-2019

5

Gebleken is van lopende procedures die door met name verhuurders van

winkelruimten zijn

gestart. In geen van die gevallen bestond aanleiding om het geding over te

nemen.

18-06-2019

5

1.3 Verzekeringen

1.4 Huur

Er was slechts sprake van de gebruikelijke (risico)verzekeringen. 18-06-2019

5

1.4 Huur

De vennootschap is formeel gevestigd aan de Venbroekstraat 7 te Nieuwkuijk.

Het betreft een bedrijfspand waar meerdere tot de Harder groep behorende

vennootschappen formeel dan wel feitelijk zijn gevestigd. De bestuurder heeft

verklaard dat Helioform ook feitelijk op voornoemd adres is gevestigd en dat

enkel de administratie van gefailleerde zich in een ander bedrijfspand zou

bevinden. De huur voor dat andere bedrijfspand was enkele maanden eerder

opgezegd en beëindigd.

Dat andere bedrijfspand, gelegen aan de Grotestraat 250 te Drunen, is door

ondergetekende bezocht. Daarbij is geconstateerd dat de bedrijfsactiviteiten

van Helioform in feite vanaf die bedrijfslocatie zijn gevoerd, dat de daar

aanwezige inventaris eigendom is van Helioform en dat tot kort na de

faillietverklaring medewerkers van Helioform vanuit die locatie werkzaamheden

verrichten.

Geconcludeerd is dat het bedrijfspand onverminderd in gebruik was door

Helioform. De

opzegging van de huurovereenkomst is met een beroep op

faillissementspauliana vernietigd.

Het bedrijfspand is vervolgens door ondergetekende afgesloten voor gebruik

door derden

waaronder delen van de Harder groep. Met de vernietiging van de

huurovereenkomst wordt de huurovereenkomst geacht te hebben

voortbestaan. Na de vernietiging is de huurovereenkomst namens verhuurder

Vagomij Langstraat B.V. opgezegd. De huurovereenkomst is vervolgens op 17

juni 2015 geëindigd

Ten tijde van het faillissement was Helioform hoofdhuurder van 21

winkelruimten verspreid

over het land. Al die winkelruimten werden onderverhuurd aan House of Shoes

Nederland B.V. (HoSN) en House of Shoes Retail B.V. (HoSR). HoSR exploiteerde

vanuit die winkelruimten schoenenwinkels. HoSR en HoSN zijn in financiële

problemen geraakt waardoor achterstanden in de betaling van huur

ontstonden. Na het faillissement van die beide vennootschappen zijn de

winkels gesloten en heeft de curator van House of Shoes de

onderhuurovereenkomsten opgezegd. Er is geen uitzicht op enige betaling van

huurpenningen door de onderhuurder.

De huurovereenkomsten voor de winkelruimten zijn opgezegd. Ook de

hoofdhuurovereenkomsten zijn inmiddels geëindigd.

De hoofdhuurders hebben een boedelvordering op Helioform in verband met

de huurpenningen vanaf de faillissementsdatum.

Helioform heeft op haar beurt een boedelvordering in het faillissement van

HoSR en HoSN in verband met de verschuldigde onderhuurpenningen vanaf de

dag van faillietverklaring van HoSR en HoSN tot aan het moment van

beëindiging daarvan.

In een aantal gevallen is bij beëindiging van de huurovereenkomst het pand

niet ontruimd. Dit betekent dat een aantal verhuurders een boedelvordering

heeft op Helioform in verband met die ontruiming. Nu HoSR en HoSN als

onderhuurder ten opzichte van Helioform waren

gehouden tot ontruiming van het gehuurde heeft Helioform op haar beurt

boedelvorderingen op HoSR en HoSN.

In hoeverre de genoemde boedelvorderingen geheel of gedeeltelijk door HoSR

en HoSN

kunnen worden voldaan is onzeker.

De boedelvorderingen, van tot dusver in totaal € 279.239,18 , zijn ingediend

bij de curator van HoSR en HoSN.

18-06-2019

5

1.5 Oorzaak faillissement

Het bestuur wijst de volgende omstandigheden aan als oorzaak van het

faillissement:

Gefailleerde richtte zich op de in- en verkoop van schoenen en aanverwante

artikelen. Tot

enkele jaren geleden werden schoenen geproduceerd in eigen

productiefaciliteiten te Polen.

Nadien zijn schoenen ingekocht uit met name India.

Een groot deel van de ingekochte producten werd verkocht aan de gelieerde

vennootschappen die zorg droegen voor de exploitatie van de winkelketens

House of Shoes, Van der Pluijm Modeschoenen en Verkuilen Schoenen. De

betreffende gelieerde vennootschappen kampten met toenemende verliezen,

die door het bestuur hoofdzakelijk worden geweten aan de gevolgen van de

economische crisis voor de detailhandel in schoenen, terwijl de vorderingen

van Helioform op die vennootschappen uit hoofde van ondermeer leveranties

steeds verder opliepen.

Medio september 2014 heeft huisbankier ABN AMRO Bank aan ondermeer

Helioform en

genoemde gelieerde vennootschappen het krediet opgezegd en stelde geen

nieuwe leningen

meer beschikbaar. Inspanningen om een financiering te betrekken van andere

partijen hebben vervolgens niet tot resultaat geleid.

Met de toenemende betalingsproblemen bij House of Shoes, en uiteindelijk

haar faillissement, werd Helioform geconfronteerd met een groot aantal

doorlopende huurverplichtingen zonder dat nog onderhuurpenningen werden

ontvangen.

Helioform leverde daarnaast aan inkoopcombinaties en zelfstandige

schoenenwinkels. De

slechte economische omstandigheden in de detailhandel hebben er toe geleid

dat minder

schoenen aan deze partijen konden worden geleverd.

De vennootschappen die de winkelketens House of Shoes, Verkuilen Schoenen

en Van der

Pluijm Modeschoenen exploiteerden zijn eind januari 2015 in staat van

faillissement verklaard.

Daarmee is enerzijds een substantieel deel van de omzet van Helioform

weggevallen en zijn

anderzijds de vorderingen op die dochtervennootschappen -inmiddels

opgelopen tot meer dan 4 miljoen euro- oninbaar geworden. Het bestuur

verklaart voorts dat het faillissement van de betreffende vennootschappen

voor ABN AMRO Bank aanleiding was de bankrekeningen van Helioform te

blokkeren voor afschrijvingen en om de daarop ontvangen bedragen af te

boeken van haar vordering op de groep vennootschappen.

Het voorgaande heeft het bestuur uiteindelijk doen besluiten om het

faillissement van

Helioform Quality Shoes B.V. aan te vragen.

Er zijn aanwijzingen dat (ook) andere feiten en omstandigheden hebben geleid

tot -althans

hebben bijgedragen aan - het faillissement van Helioform. Eén van die

omstandigheden is het verstrekken van gelden aan gelieerde

vennootschappen en het langdurig laten oplopen van betalingsachterstanden

door dochtervennootschappen terwijl geen reëel uitzicht bestond op een

situatie waarin die dochtervennootschappen de vorderingen zouden kunnen

terugbetalen.

Er vindt nader onderzoek plaats naar de oorzaken van het faillissement.

Mede in verband met het voorgaande is in opdracht van ondergetekende een

verkennend

18-06-2019

5

2.1 Aantal ten tijde van faillissement

2.2 Aantal in jaar voor faillissement

2.3 Ontslagaanzegging

2.4 Werkzaamheden personeel

3.1 Onroerende zaken

Toelichting onroerende zaken

3.2 Werkzaamheden onroerende zaken

3.3 Bedrijfsmiddelen

Toelichting bedrijfsmiddelen

3.4 Bodemvoorrecht fiscus

forensisch onderzoek naar de administratie uitgevoerd. Zie verder onderdeel

7.1.

De hieruit voortkomende vragen zijn voorgelegd aan de bestuurder. In

onderdeel 7 van dit

verslag wordt hier meer over vermeld.

2. Personeel

Personeelsleden

9

18-06-2019

5

Personeelsleden

9

18-06-2019

5

Datum AantalToelichting

16-3-20159

totaal 9

3. Activa

3.4 Bodemvoorrecht fiscus

3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen

3.6 Voorraden / onderhanden werk

Toelichting voorraden / onderhanden werk

3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk

3.8 Andere activa

Toelichting andere activa

ja 18-06-2019

5

BeschrijvingVerkoopopbrengstBoedelbijdrage

n.v.t.

totaal € 0,00 € 0,00

Helioform heeft zich in september 2014 hoofdelijk verbonden jegens ABN AMRO

Bank tot

voldoening van de schulden van J. Harder Holding B.V. aan de bank. In verband

hiermee heeft Helioform haar activa verpand aan de bank.

Ter uitoefening van het pandrecht van de bank is medio februari 2015 een

overeenkomst

gesloten tussen ABN AMRO Bank, gefailleerde en de gelieerde

vennootschappen J. Harder

Holding B.V. en Satronics B.V. In die overeenkomst is bepaald dat de verpande

voorraad van Helioform door Satronics B.V. zou worden verkocht en dat de

opbrengst van die voorraad in mindering strekt op de vordering van de bank

op J. Harder Holding B.V. Aan de overeenkomst is ook uitvoering gegeven.

Alle hiervoor genoemde rechtshandelingen zijn door ondergetekende

vernietigd op grond van art. 42 Fw. De bank heeft in die vernietiging berust.

Jegens de bank is aanspraak gemaakt op afgifte van de door haar ontvangen

en nog te ontvangen opbrengsten van de voorraad.

Tot dusver is in dit verband door de bank € 45.205,79 naar de boedelrekening

overgemaakt.

18-06-2019

5

De hiervoor bij onderdeel 3.9 beschreven vernietiging van rechtshandelingen

treft ook de

verrekening door ABN AMRO Bank van op de bankrekening(en) van Helioform

ontvangen

bedragen met haar vordering op J. Harder Holding B.V. Ten gevolge van de

ongedaanmaking van die verrekeningen is een creditsaldo ontstaan op de

bankrekening van Helioform.

De bank heeft dit creditsaldo van € 41.054,13 overgemaakt naar de

faillissementsrekening.

Gefailleerde is rekeninghouder bij DZB bank.

In verband met batige saldi op de daar gehouden bankrekeningen is tot

dusver een bedrag

van € 128.674,08 op de faillissementsrekening ontvangen. De aan gefailleerde

gelieerde

18-06-2019

5

vennootschap Colly International B.V. heeft kenbaar gemaakt dat dit bedrag

aan haar zou

toekomen, maar zij heeft het bestaan van die vordering vooralsnog niet

aangetoond.

In dit verband is inmiddels sprake van een geschil tussen Colly International en

DZB bank. Het betreft een gerechtelijke procedure bij Landgericht Darmstadt.

In dat geding is namens Colly een zogenaamde 'Streitverkündung' aan de

curator van Helioform (dus aan ondergetekende) gericht. Die verklaring strekt

er toe dat de curator van Helioform de mogelijkheid heeft om zich in de

gerechtelijke procedure tussen Colly International en DZB te mengen. Bij

gebreke van die inmenging zal de Duitse rechter de einduitspraak (als die in

kracht van gewijsde gegaan is) bepalend achten voor de rechtspositie tussen

DZB en Colly International.

Die einduitspraak zal geen rechtstreeks effect hebben op gefailleerde. Wel

wordt er rekening mee gehouden dat, indien in voornoemde procedure wordt

vastgesteld dat DZB het bedrag niet aan de boedel had mogen afdragen, DZB

vervolgens een boedelvordering op grond van onverschuldigde betaling zal

instellen. Als die vordering gerechtvaardigd zou zijn, zou dit een concurrente

boedelschuld opleveren. Omdat echter gefailleerde de houder is van de

bankrekening waarvan het saldo aan gefailleerde is afgedragen, en het

bedrag in kwestie geacht moet worden al deel uit gemaakt te hebben van het

creditsaldo op het moment dat het faillissement van Helioform werd

uitgesproken, zullen die eventuele aanspraken jegens de boedel waarschijnlijk

niet als zodanig erkend worden.

Onder voornoemde omstandigheden wordt het niet in het belang van de

boedel geacht om

gevolg te geven aan voornoemde oproep (Streitverkündung)

Ook tussen Colly International en RSB bank is recentelijk een soortgelijke

gerechtelijke

procedure aangevangen bij Landgericht Stuttgart. Het daarin betrokken belang

bedraagt

€ 34.226,37. Het door RSB aan de boedel gerapporteerde en afgedragen

creditsaldo bedraagt echter slechts € 632,98. Mogelijk is het verschil of

een deel daarvan al eerder (maar na de faillissementsuitspraak) op de

ABN AMRO bankrekening van gefailleerde ontvangen. Zodra dit duidelijk is zal

bezien worden of de boedel nog aanspraken jegens RSB of ABN AMRO heeft.

Ook hier is het gevolg geven aan de oproep vooralsnog niet aan de orde.

RSB heeft het bedrag na de faillissementsdatum overgemaakt naar de

bankrekening van

gefailleerde bij ABN AMRO Bank NV. Het creditsaldo op die bankrekening is

vervolgens

overgemaakt naar de faillissementsrekening.

In het geschil tussen Colly International en DZB bank is laatstgenoemde in

eerste

aanleg veroordeeld tot betaling aan Colly International B.V. DZB heeft gemeld

dat zij in

hoger beroep is gegaan tegen die beslissing van Landgericht Darmstadt.

DZB heeft in verband met voornoemd vonnis in eerste aanleg jegens

ondergetekende

het standpunt ingenomen dat zij een boedelvordering heeft wegens

onverschuldigde

betaling. Die onverschuldigde betaling zou het gevolg zijn van een

onmiskenbare

vergissing zodat de boedel zou zijn gehouden tot onmiddellijke terugbetaling

van

hetgeen door DZB is betaald. De feiten in dit dossier geven echter geen

aanleiding om

de aanspraken van DZB te erkennen. De door DZB in de procedure tegen Colly

International ingenomen standpunten sluiten aan bij het standpunt van de

curator dat

van de vermeende onverschuldigdheid van de door DZB aan de boedel

verrichte

betaling niet is gebleken. Die door DZB zelf ingenomen stellingen tonen

bovendien aan

dat haar betaling aan de boedel niet voortkomt uit een onmiskenbare

vergissingen

haar dus ook geen (hoog)preferente aanspraak jegens de boedel oplevert.

Voor zover

op enig moment uit een in kracht van gewijsde zijnde gerechtelijke uitspraak

zou blijken

dat door Colly International B.V. terecht jegens DZB aanspraak is gemaakt op

betaling

van (een bedrag gelijk aan) het door DZB bedrag aan de boedel afgedragen

saldo, welk

saldo op naam van Helioform was geregistreerd, kan dat dus hooguit een

concurrente

aanspraak jegens de boedel tot gevolg hebben.

Van belang is verder dat voornoemde vordering van Colly International B.V. op

DZB

Bank door Colly International B.V. verkregen zou zijn middels een overdracht

d.d. 12

december 2014, die aldus kort voorafgaande aan het faillissement van

Helioform heeft

plaatsgevonden en waarover het bestuur de curator niet had geïnformeerd.

Over die

rechtshandeling wordt in onderdeel 7.6 (paulianeus handelen) meer vermeld.

De betreffende overdracht is inmiddels buitengerechtelijk vernietigd.

Inmiddels is in voornoemde gerechtelijke hoger beroepsprocedure in Duitsland

tussen DZB-Bank en Colly International uitspraak gedaan. Die uitspraak is

inmiddels ook in kracht van gewijsde gegaan. DZB Bank is in het ongelijk

gesteld. Het Landgericht Darmstadt heeft blijkbaar geoordeeld dat het geld dat

op zich op de account van Helioform onder DZB-bank bevond en dat in 2015

door DZB-bank in deelbetalingen (€4.196,31 en €78.107,00 en € 46.370,77)

naar de faillissementsrekening is overgemaakt, niet op die account van

Helioform had mogen staan althans niet door DZB-Bank als eigendom van

Helioform had mogen worden aangemerkt en kennelijk heeft het Landgericht

verder geoordeeld dat DZB-bank in dit verband zodanig verwijtbaar heeft

gehandeld of nalatig is geweest dat DZB-Bank gehouden is om het betreffende

bedrag alsnog (ook) aan Colly International te betalen.

DZB-bank heeft zich in de verslagperiode ten opzichte van de boedel en de

curator van Helioform op het standpunt gesteld dat in 2015 niet gevraagd had

mogen worden om overboeking van het op de account van Helioform onder

DZB-Bank aanwezige saldo naar de faillissementsrekening. DZB-Bank stelt dat

de boedel en/of de curator onrechtmatig gehandeld zou hebben maar heeft

dat ondanks herhaald verzoek van de curator niet onderbouwd. Van het

bestaan van de door DZB-Bank gesuggereerde super-preferente

boedelvordering van DZB-Bank is niet gebleken.

Hoewel niet kan worden uitgesloten dat DZB-Bank een concurrente

boedelvordering heeft op grond van onverschuldigde betaling, zoals ook

hierboven al was aangegeven, is van het bestaan daarvan tot dusver evenmin

gebleken.

27-07-2020

7

3.9 Werkzaamheden andere activa

4.1 Debiteuren

Toelichting debiteuren

4.2 Werkzaamheden debiteuren

DZB-Bank heeft het standpunt dat zij een hoog-preferente boedelvordering

zou hebben, alsnog verlaten.

Er dient echter nog wel rekening te worden gehouden met de mogelijkheid dat

DZB-Bank een concurrente boedelvordering heeft. In dat verband zal DZB-Bank

dan nog aanvullende gegevens, die het bestaan van die vordering eventueel

onderbouwen, behoren aan te leveren.

17-09-2021

9

Er zijn door DZB-Bank tot op heden geen aanvullende gegevens aangeleverd.30-09-2022

11

4. Debiteuren

De vorderingen op gelieerde vennootschappen bedragen:

House of Shoes Retail B.V. € 2.236.000,22 (openstaande facturen)

Helioform Int. Spolka Z.O.O. € 2.095.457,00 (rekening-courant)

Van Baarle-Newbolt Holding B.V. € 2.000.000,- (lening)

House of Shoes Nederland B.V. €1.590.064,21 (openstaande facturen)

Mattil Vertrieb GmbH € 981.345,98 (rekening-courant)

Verkuilen Schoenen Groothandel € 536.949,09 (openstaande facturen)

De resterende handelsvorderingen vertegenwoordigen afzonderlijk slechts een

kleine waarde

en de kosten van de maatregelen die nodig blijken te zijn om tot eventueel

inning te komen

wegen niet op tot de maximaal haalbare opbrengst van die eventuele

maatregelen.

House of Shoes Retail B.V., House of Shoes Nederland B.V., Van Baarle-

Newbolt

Holding B.V. en Verkuilen Schoenen Groothandel B.V. zijn failliet verklaard. Er is

geen

uitzicht op inning van de betreffende vorderingen.

Ten aanzien van de vennootschappen Helioform Int. Spolka Z.O.O. en Mattil

Vertrieb

GmbH zijn geen verhaalsmogelijkheden bekend. Bovendien moet op basis van

de

toelichting van het bestuur worden geconcludeerd dat beide vennootschappen

ook

geen activiteiten meer ontplooien en niet over financiële middelen beschikken.

18-06-2019

5

4.2 Werkzaamheden debiteuren

n.v.t. 18-06-2019

5

De vorderingen op House of Shoes Nederland BV en House of Shoes Retail BV

zijn mogelijk gedeeltelijk inbaar. Die vorderingen zijn door de curator van

laatstgenoemde twee faillissementen voorlopig erkend. Er bestaat inmiddels

enig uitzicht op uitdeling aan crediteuren in die twee faillissementen, dus er

bestaat een reële kans dat bovengenoemde vorderingen van Helioform Quality

Shoes op de betreffende twee gelieerde vennootschappen in bepaalde mate

geïnd zullen kunnen worden. Zie ook onderdeel 7.7 van dit verslag in dit

verband.

17-09-2021

9

Er bestaat onverminderd uitzicht op een gedeeltelijke inning van voornoemde

vorderingen op House of Shoes Nederland BV en House of Shoes Retail BV. Het

zal waarschijnlijk nog geruime tijd duren voordat in de faillissementen van

laatstgenoemde twee vennootschappen tot de verwachte uitdeling kan

worden overgegaan. Om die reden duurt ook het faillissement van Helioform

Quality Shoes voorlopig voort.

03-04-2022

10

De curator heeft op basis van het Paperlinx arrest een berekening gemaakt

van de vordering van Helioform in hoedanigheid van verhuurder van HOS NL

resp. HOS R. Ten gevolge van dit arrest en de duur van het onderhavige

faillissement -een rechtstreeks gevolg van de

bestuurdersaansprakelijkheidsprocedure- is er sprake van een aanzienlijke

stijging van de vordering vanuit Helioform op HOS NL en HOS R. Die vordering

is ingediend in beide faillissementen.

Vanuit Helioform bezien zal er ook sprake zijn van een verhoging van de

vordering van diens verhuurders over de betreffende boedelperiode, na de

opzegging van de huurovereenkomsten door de curator kort nadat het

faillissement van Helioform is uitgesproken.

06-12-2023

16

Inzake HOS NL resp. HOS R heeft de curator verzocht om een

verificatievergadering te plannen.

06-03-2024

17

De verificatievergadering in HOS NL en HOS R van 22 januari 2025 heeft niet

plaatsgevonden. De verificatievergadering is wederom aangehouden. De

rechter-commissaris heeft in HOS NL en HOS R bepaald:

dat de schuldvorderingen bij de curator kunnen worden ingediend tot uiterlijk

d.d. 13 mei 2025; en

dat een verificatievergadering zal worden gehouden op 27 mei 2025 om 14:00

bij de rechtbank Oost-Brabant in het Paleis van Justitie aan de Leeghwaterlaan

8 te 's-Hertogenbosch.

De curator heeft in HOS NL en HOS R op 20 januari 2025 alle bekende

crediteuren nogmaals uitgenodigd om hun vordering(en) ter verificatie in te

dienen voor zover zij dat nog niet hebben gedaan.

24-02-2025

21

5. Bank / Zekerheden

5.1 Vordering van bank(en)

5.2 Leasecontracten

5.3 Beschrijving zekerheden

5.4 Separatistenpositie

5.5 Eigendomsvoorbehoud

5.6 Retentierechten

5.7 Reclamerechten

5.8 Boedelbijdragen

5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden

Toelichting vordering van bank(en)

Zie onderdeel Activa: Vooraden / Onderhanden werk.

18-06-2019

5

Er was sprake van lease van enkele kantoormachines. De leasemaatschappij

heeft de

kantoormachines inmiddels onder zich genomen.

18-06-2019

5

zie onderdeel Activa; Voorraden / onderhanden werk 18-06-2019

5

n.v.t. 18-06-2019

5

n.v.t. 18-06-2019

5

n.v.t. 18-06-2019

5

n.v.t. 18-06-2019

5

Toelichting

n.v.t.

18-06-2019

5

n.v.t. 18-06-2019

5

6.1 Exploitatie / zekerheden

6.2 Financiële verslaglegging

6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming

6.4 Beschrijving

6.5 Verantwoording

6.6 Opbrengst

6.7 Boedelbijdrage

6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming

7.1 Boekhoudplicht

6. Voortzetten / doorstart onderneming

Voortzetten onderneming

n.v.t. 18-06-2019

5

Doorstarten onderneming

7. Rechtmatigheid

Een accountantskantoor heeft in opdracht van ondergetekende een

verkennend onderzoek

naar de administratie van de vennootschap verricht. Mede naar aanleiding van

het door dit

accountantskantoor uitgebrachte verslag wordt bezien of, en zo ja in welk

opzicht en in welke mate, nader onderzoek is vereist.

De resultaten van het verkennend onderzoek hebben geleid tot vragen aan

het bestuur die

voornamelijk betrekking hebben op transacties met gelieerde

vennootschappen. Na

beantwoording van die vragen zal een oordeel worden gegeven over de

naleving van de

boekhoudplicht en het handelen van het bestuur.

Mede naar aanleiding van de naar aanleiding van dat onderzoek opgemerkte

bijzonderheden zijn bepaalde delen van de boekhouding nader bezien.

Vervolgens zijn vragen schriftelijk aan de bestuurder voorgelegd. De door de

bestuurder te verstrekken nadere gegevens worden afgewacht alvorens wordt

vastgesteld of aan de boekhoudplicht is voldaan.

18-06-2019

5

Door de bestuurder is niet tijdig inhoudelijk gereageerd. Vervolgens heeft zich

een advocaat

namens de bestuurder gemeld en een inhoudelijke reactie in het vooruitzicht

gesteld, waarna een laatste termijn voor beantwoording van de vragen is

gegeven. Ook die laatste termijn is onbenut verstreken zodat nu op basis van

de thans bekende feiten wordt geoordeeld over de boekhoudplicht en over het

gevoerde beleid.

Vastgesteld wordt onder meer dat:

1. aanzienlijke exploitatiekosten van gelieerde vennootschappen feitelijk

door Helioform

werden gedragen waarbij de systematiek van verrekening en

doorbelasting van die kosten

onduidelijk is;

2. gefailleerde een aantal zeer omvangrijke vorderingen (zie onderdeel 4.1

van dit verslag)

heeft laten ontstaan op gelieerde vennootschappen;

3. er niet of nauwelijks maatregelen lijken te zijn getroffen om verhaal van

die omvangrijke

vorderingen in ten minste enige mate veilig te stellen;

4. er voorzieningen zijn getroffen wegens oninbaarheid ten bedrage van

meer dan €

5.000.000,-;

5. dat ook na het treffen van die voorzieningen nog betalingen zijn verricht

aan dan wel ten

gunste van de betreffende gelieerde vennootschappen;

6. dat ten laste van (de crediteuren van) gefailleerde dus aan gelieerde

vennootschappen

feitelijk een omvangrijke financiering is verstrekt zonder dat reëel uitzicht

op terugbetaling

bestond en zonder dat er enige dekking ten behoeve van (de crediteuren

van) gefailleerde aan die financiering is gekoppeld.

Geconcludeerd wordt tevens dat, mede gezien de omvang van de administratie

in relatie tot de bedrijfsactiviteiten en de financiële verhoudingen ten opzichte

van gelieerde vennootschappen, de administratie niet zodanig is gevoerd dat

het bestuur daaruit steeds afdoende inzicht had in de rechten en

verplichtingen van de vennootschap.

Zoals weergegeven bij onderdeel 1.1 van dit verslag heeft de inhoudelijke

reactie van het

bestuur ten aanzien van een aantal onregelmatigheden geen aanleiding

gegeven tot andere

conclusies. Het bestuur wordt daarom door ondergetekende aansprakelijk

gesteld wegens

onbehoorlijk bestuur.

In de voorbije verslagperiode heeft naar aanleiding daarvan ook overleg

plaatsgevonden met de Belastingdienst en de curator van HoSR en HoSN. Ter

beperking van nodeloze of vruchteloze kosten worden de jegens de

bestuurder te ondernemen nadere stappen in zekere mate met één of meer

van die partijen afgestemd.

Aan het bestuur zijn mijn definitieve conclusies kenbaar gemaakt en is

aanspraak

gemaakt op betaling van de vordering voortkomend uit het onbehoorlijk

bestuur. Er

wordt nog kort een eventuele nadere reactie van het bestuur afgewacht.

Vervolgens zal

tot incasso van de vordering worden overgegaan.

De Belastingdienst en enkele curatoren van andere aan de bestuurder

7.2 Depot jaarrekeningen

7.3 Goedkeuringsverklaring accountant

7.4 Stortingsverplichting aandelen

7.5 Onbehoorlijk bestuur

gelieerde

vennootschappen, die allen mogelijk eveneens vorderingen op de bestuurder

en/of op

gelieerde vennootschappen hebben, zijn geïnformeerd over het bestaan van

voornoemde aanspraken van de boedel.

Omdat een gerechtelijke procedure van de curator van HoSR en HoSN tegen de

bestuurders, strekkende tot inning van vorderingen die vergelijkbaar zijn met

de vorderingen van ondergetekende op diezelfde personen die tevens

bestuurder van Helioform zijn, in vergevorderd stadium is en onduidelijk is of er

voldoende verhaalsmogelijkheden zijn, zijn de werkzaamheden strekkende tot

voorbereiding van de eventuele gerechtelijke invordering van de aanspraken

van ondergetekende op die bestuurders voorlopig opgeschort.

De laatst gedeponeerde jaarrekening heeft betrekking op het boekjaar 2013.

Er is voldaan aan

de publicatieplicht.

De jaarrekening 2013 is, blijkens de dagstempel op de publicatiestukken, op

28 januari 2015

vastgesteld en aansluitend gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel.

Op basis daarvan wordt aangenomen dat de deponering (ten aanzien van

2013) tijdig heeft

plaatsgevonden. Ten aanzien van voorgaande boekjaren is evenmin gebleken

van schending

van de publicatieplicht.

18-06-2019

5

n.v.t. (vrijstelling krachtens art. 2:396 BW) 18-06-2019

5

De vennootschap is opgericht bij akte d.d. 29 augustus 1994. Beschikt wordt

over de akte van

statutenwijziging d.d. 31 december 2012 waaruit niet kan worden opgemaakt

of is voldaan

aan de volstortingsverplichting. Dit aspect zal vooralsnog niet nader worden

onderzocht nu

een eventuele vordering tot volstorting is verjaard.

18-06-2019

5

7.5 Onbehoorlijk bestuur

7.6 Paulianeus handelen

Toelichting

Mede gelet op de hiervoor bij onderdeel 7.1 en hierna bij onderdeel 7.6

beschreven aspecten

wordt geconcludeerd dat het bestuur haar taak onbehoorlijk heeft vervuld. Het

bestuur wordt

aansprakelijk gesteld voor het gehele boedeltekort. De heer Harder is

aansprakelijk gesteld krachtens art. 2:248 BW. De door hem verschuldigde

betaling van het volledige boedeltekort bedraagt ten minste € 2.150.000,-.

18-06-2019

5

Toelichting

Omdat de omvang van de preferente vorderingen van de Belastingdienst op

Helioform inmiddels wezenlijk hoger is gebleken, is ook de omvang van het

boedeltekort inmiddels groter: Dat boedeltekort bedraagt ten minste €

2.900.000,-.

19-02-2021

8

Toelichting

Zie 7.7.

28-11-2024

20

Toelichting

De verificatievergadering in HOS NL en HOS R van 22 januari 2025 heeft niet

plaatsgevonden. De verificatievergadering is wederom aangehouden. De

rechter-commissaris heeft in HOS NL en HOS R bepaald:

dat de schuldvorderingen bij de curator kunnen worden ingediend tot uiterlijk

d.d. 13 mei 2025; en

dat een verificatievergadering zal worden gehouden op 27 mei 2025 om 14:00

bij de rechtbank Oost-Brabant in het Paleis van Justitie aan de Leeghwaterlaan

8 te 's-Hertogenbosch.

De curator heeft op 20 januari 2025 alle bekende crediteuren nogmaals

uitgenodigd om hun vordering(en) ter verificatie in te dienen voor zover zij dat

nog niet hebben gedaan.

24-02-2025

21

Toelichting

Mede aan de hand van het bij onderdeel 'Rechtmatigheid; Boekhoudplicht'

beschreven

verkennend onderzoek wordt dit aspect nader bezien. Zie verder de onderdeel

'Inventarisatie; Huur en onderdeel 'Activa; Voorraden/onderhanden werk'

(verpanding).

Afgezien van de paulianeuze handelingen die beschreven zijn in de onderdelen

1.6 (huur) en 3.9 (verpanding) moet mogelijk een op 3 oktober 2014 tussen

gefailleerde, Colly International B.V. en House of Shoes Nederland B.V.

gesloten overeenkomst krachtens art. 42 (en 43) Faillissementswet worden

vernietigd. Die overeenkomst gaf Colly International feitelijk de mogelijkheid

om een vordering op House of Shoes Nederland te verrekenen met een schuld

aan Helioform. In dat verband is de bestuurder van Helioform en van Colly

18-06-2019

5

7.7 Toelichting rechtmatigheid

International in de gelegenheid gesteld om commentaar te geven op de

voorlopige conclusie van ondergetekende. Vervolgens is ook de curator van

House of Shoes Nederland B.V. hierin gekend.

De bestuurder heeft aanvankelijk niet gereageerd op mijn voorlopige

conclusies. Er wordt overgegaan tot vernietiging van de beschreven

rechtshandelingen waarna ten opzichte van Colly International B.V. aanspraak

wordt gemaakt op betaling van de schuld aan Helioform.

Die schuld bedraagt € 508.508,42.

De bestuurder heeft later alsnog gereageerd op de voorlopige conclusies ten

aanzien van de hier beschreven rechtshandeling. Zij stelt ondermeer dat Colly

International destijds zelf geen producten kon inkopen zodat Helioform de

producten voor Colly heeft besteld. Colly heeft die producten vervolgens

doorverkocht aan House of Shoes Nederland. Aansluitend zou zijn verkozen

om de rechtsverhouding te simplificerendoor de vordering van Helioform

op Colly International over te dragen aan House of Shoes Nederland. Het

bestuur stelt voorts dat ten tijde van deze transactie de kans groter was dat

House of Shoes Nederland de vordering zou kunnen voldoen dan Colly

International, hetgeen overigens niet is onderbouwd.

De toelichting van het bestuur doet concluderen dat partijen (feitelijk het

bestuur) in het zicht van het faillissement van House of Shoes Nederland

hebben bewerkstelligd dat Colly haar vordering op House of Shoes Nederland,

in verband met de doorlevering van schoenen van Helioform, feitelijk kon

verrekenen met diezelfde vordering nadat die is overgedragen door Helioform.

Gefailleerde bleef achter met een onverhaalbare vordering op House of Shoes

Nederland.

Er is daarom vervolgens tot vernietiging van de rechtshandeling overgegaan.

Gestreefd wordt naar incasso van de vordering op Colly International.

Jegens Colly International en jegens de curator van House of Shoes Nederland

B.V. is

de vernietiging ingeroepen. Het gevolg van die vernietiging is dat de vordering

op Colly

International B.V. terugkeert in het vermogen van Helioform. Jegens Colly

International

wordt overgegaan tot inning.

Uit van een derde ontvangen informatie blijkt dat er op 12 december 2014 een

overeenkomst is gesloten tussen Helioform en Colly International strekkende

tot

overname van een orderportefeuille van Helioform "tegen vergoeding van de

gemaakte

kosten". Kort daarvoor zou Helioform haar licentierechten op het merk

'HELIOFORM'

hebben "teruggegeven" aan de licentiegever.

Er is vastgesteld dat ook ten aanzien van deze overeenkomst mogelijk sprake

is van paulianeus handelen. Met die overeenkomst is bewerkstelligd dat kort

voorafgaande aan het faillissement van Helioform, activiteiten en klanten van

Helioform effectief door Colly International zijn overgenomen zonder dat

daarvoor een koopsom is voldaan.

Het bestuur van Helioform is verzocht om een toelichting te verstrekken op het

voorgaande en om bepaalde- met die overeenkomst samenhangende stukken

te

overleggen. Daaraan is geen gevolg gegeven.

Van inning van de in onderdeel 7.5 van dit verslag genoemde vordering is 02-01-2020

momenteel geen sprake. Van het bestaan van verhaalsmogelijkheden ten

aanzien van de formele bestuurder en de feitelijke bestuurders is niet

gebleken. Door de curator van de aan gefailleerde gelieerde vennootschappen

House of Shoes Retail B.V. en House of Shoes Nederland B.V., welke twee

vennootschappen op 27 januari 2015 failliet verklaard zijn, is geruime tijd

geleden een vordering tegen feitelijke bestuurders ingesteld. Het betreft de

twee personen die als feitelijke bestuurder van ook Helioform aangemerkt

worden. De betreffende gerechtelijke procedure is nog gaande. Ook de door

die andere curator ingestelde vordering tegen de bestuurders lijkt gegrond.

Het nemen van rechtsmaatregelen ter inning van de in onderdeel 7.5 van dit

verslag genoemde vordering is vooralsnog niet in het belang van de boedel.

Indien de vordering van de curator van House of Shoes zou worden

afgewezen of als die vordering op enig moment toch inbaar zou blijken, kan

het in het belang van de crediteuren van Helioform zijn dat alsnog

rechtsmaatregelen tegen de bestuurders worden genomen. Door de curator

van House of Shoes wordt regelmatig informatie over de voortgang van de

lopende procedure verstrekt en op basis daarvan wordt steeds bezien of - en

zo ja wanneer - er eventueel alsnog belang ontstaat om een gerechtelijke

procedure tegen de feitelijke bestuurders van Helioform B.V. te voeren.

6

In de gerechtelijke procedure tussen de curator van House of Shoes en de

feitelijke bestuurders wordt momenteel door partijen het vonnis afgewacht. De

inhoud van die uitspraak zal waarschijnlijk bepalend zijn voor de verdere

aanpak ten aanzien van voornoemde onregelmatigheden.

27-07-2020

7

Mede gezien hetgeen in de onderdelen 7.1 en 7.5 van het verslag vermeld is,

is de uitkomst van de procedure tussen de curator van House of Shoes Retail

B.V. en van House of Shoes Nederland B.V. (hierna samen "HOS" genoemd)

van belang voor de crediteuren in het faillissement van Helioform B.V. De in

onderdeel 7.5 vermelde vordering is ingediend bij de curator van HOS en is

door hem geplaatst op de lijst van voorlopig erkende concurrente crediteuren

van HOS. Er bestaat enig uitzicht op een uitkering uit die faillissementen van

HOS omdat ook in die faillissementen sprake is van kennelijk onbehoorlijk

bestuur, zo heeft de rechtbank bevestigd in een vonnis tussen de curator van

HOS enerzijds en de heren J. Harder en W. Harder anderzijds.

Laatstgenoemde personen zijn bestuurders van zowel HOS als van Helioform.

Er rust een conservatoir beslag van de curator van HOS op activa van de

bestuurders.

Van belang is verder dat de omvang van het boedeltekort in de faillissementen

van HOS, aldus zijnde de omvang van het door voornoemde bestuurders aan

de curator van HOS te betalen bedrag (er van uitgaande dat de uitspraak van

de rechtbank in een eventueel hoger beroep in stand blijft), nog niet vaststaat

maar t.z.t. nog in rechte zal moeten worden vastgesteld.

Het zal nog geruime tijd duren voordat duidelijk is of - en zo in welke mate -

het tot een uitdeling uit de faillissementsboedel van HOS aan de

faillissementsboedel van Helioform zal kunnen komen. Tot die tijd blijft ook

onduidelijk of de concurrente crediteuren van Helioform enige uitkering

tegemoet kunnen zien. Gezien de actuele omvang van de preferente

crediteuren van Helioform is de kans klein dat die concurrente crediteuren

alsnog in enige mate zullen kunnen worden betaald.

19-02-2021

8

De bestuurders van HOS zijn in hoger beroep gegaan tegen het vonnis in

eerste aanleg. Op dinsdag 27 september 2022 heeft de mondelinge

behandeling plaatsgevonden in het door de bestuurders ingestelde hoger

beroep. De zaak staat voor arrest op 7 december 2022.

30-09-2022

11

Op 6 december 2022 is er arrest gewezen. Het hof heeft het eindvonnis in

eerste aanleg vernietigd voor zover daarin is geoordeeld dat Harder c.s.

aansprakelijk zijn voor het volledige boedeltekort in de faillissementen van

HOS c.s. en, opnieuw rechtdoende,

voor recht verklaart dat Harder c.s. op grond van artikel 2:248 BW lid 1 BW

hoofdelijk aansprakelijk zijn voor 25% van het boedeltekort in de

faillissementen van HOS Retail en HOS NL.

De hoogte van het boedeltekort in de genoemde faillissementen staat nog niet

vast. Daarmee staat ook nog niet vast of Helioform op basis van het arrest een

uitkering tegemoet kan zien.

Daarbij kunnen partijen nog in cassatie. Of partijen daartoe zullen overgaan is

nog niet bekend.

21-12-2022

12

Het arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch is in het openbaar

uitgesproken en gepubliceerd via:

https://uitspraken.rechtspraak.nl/#!/details?id=ECLI:NL:GHSHE:2022:4179

De curator wacht de ontwikkelingen in de faillissementen van de House of

Shoes vennootschappen af.

16-03-2023

13

De curator in House of Shoes Retail B.V. en House of Shoes Nederland B.V.

(hierna: HOS R en HOS NL) heeft op basis van het ingewonnen cassatieadvies

besloten om geen cassatie in te stellen, zo volgt uit diens verslag. De

bestuurders hebben ook geen cassatie ingesteld.

De curator van HOS R en HOS NL heeft het voorlopige boedeltekort berekend.

Ten gevolge van het Paperlinx arrest zijn de boedel-huurschulden aanzienlijk

opgelopen en deze lopen iedere dag nog verder op. Het boedeltekort in HOS

Retail is daardoor opgelopen tot circa EUR 9,5 miljoen + PM en inzake HOS

Nederland tot circa EUR 7,9 miljoen. In totaal bedraagt het boedeltekort in de

faillissementen samen derhalve circa EUR 17,4 miljoen + PM. De bestuurders

zijn veroordeeld tot vergoeding van 25% van dit tekort. Dat komt derhalve

neer op circa EUR 4,35 miljoen + PM, waarvoor de bestuurders hoofdelijk

aansprakelijk zijn.

De curator van HOS R en HOS NL heeft de bestuurders in de gelegenheid

gesteld om een voorstel te doen om aan het arrest te voldoen. Daarop hebben

de bestuurders in eerste instantie nog de hoogte van het tekort betwist en de

integrale schuldenlast ter discussie willen stellen. Om te beginnen stelden zij

ter discussie de hoogte van de boedel-huurschulden en de preferente

vordering van de Belastingdienst. De boedel-huurvordering is echter bij

aanvang van de onderhavige faillissementen door c.q. namens de bestuurders

zelf - vanuit zustervennootschap Helioform - ingediend. Bovendien zijn de

preferente vorderingen van de Belastingdienst gebaseerd op aanslagen die

zijn opgelegd op basis van de door c.q. namens de bestuurders destijds

gedane aangiftes.

De bestuurders weigerden in eerste instantie ook nog om het depot van circa

EUR 327.000,-- vrij te geven, dat op basis van het vonnis in eerste aanleg door

hen was gestort. Nu het tekort waartoe zij veroordeeld zijn in alle gevallen

substantieel hoger is dan het depotbedrag viel niet in te zien op basis van

welk argument men vrijgave van het depot weigerde. De curator van HOS R en

HOS NL heeft de bestuurders kenbaar gemaakt vrijgave van het depot

alsmede een voorschot op het boedeltekort in kortgeding te zullen gaan

vorderen en daartoe een concept dagvaarding opgesteld.

08-06-2023

14

Het is nog niet nodig gebleken om de kortgeding dagvaarding uit te brengen.

Er is een overleg op gang gekomen. Inmiddels is het depotbedrag vrijgegeven

en op de boedelrekening van HOS Retail bijgeschreven.

De curator van HOS R en HOS NL is nog in overleg met de bestuurders ter zake

de betaling van hetgeen waartoe zij veroordeeld zijn. Indien dit niet tot een

oplossing leidt zal de curator van HOS R en HOS NL alsnog een procedure

starten en een voorschot vorderen.

Het voorafgaande leidt tot de conclusie dat de boedel van Helioform een

aanzienlijke uitkering uit de faillissementen van HOS R en HOS NL tegemoet

kan zien. Een termijn waarbinnen die uitkering te verwachten valt is, gezien de

stand van zaken van de executie van het arrest van het Hof, nog niet te

geven.

Het is de curator van HOS NL en HOS R niet gelukt om met de bestuurders een

minnelijke regeling te bereiken. De bestuurders waren niet bereid om een

voorschot te betalen dat in een redelijke verhouding staat tot de uiteindelijke

veroordeling. De curator heeft daarom medio juli 2023 een kort geding jegens

de bestuurders aangespannen en een voorschot gevorderd op de veroordeling

tot betaling van 25% van het boedeltekort. De behandeling van het kort

geding heeft op 31 augustus 2023 plaatsgevonden. De voorzieningenrechter

van de rechtbank Oost-Brabant zal op 14 september 2023 een vonnis wijzen.

Afhankelijk van de uitkomst van het vonnis zal de curator de benodigde

(rechts)maatregelen treffen.

07-09-2023

15

De bestuurders zijn in de faillissementen van HOS Retail en HOS NL in

kortgeding veroordeeld om een (aanvullend) voorschot te betalen van EUR

500.000,--. Uiteindelijk is dit bedrag door de bestuurders op de boedelrekening

van HOS NL voldaan, nadat de curator noodzakelijkerwijs de eerste

executiemaatregelen had getroffen. De curator heeft hoger beroep ingesteld

tegen het kortgeding vonnis met als doel in hoger beroep een hoger

voorschotbedrag toegewezen te krijgen. Daarnaast zal de curator de

rechtbank verzoeken een verificatievergadering te houden.

06-12-2023

16

Het hoger beroep tegen het kortgeding vonnis inzake HOS NL en HOS R staat

op de rol van 12 maart a.s. De curator gaat er vanuit dat zich dan een

advocaat namens de bestuurders zal stellen.

De curator van HOS NL en HOS R heeft de rechtbank verzocht om een datum

voor de verificatievergadering te bepalen.

06-03-2024

17

Op 29 mei 2024 heeft bij het Gerechtshof 's-Hertogenbosch een comparitie na

aanbrengen plaatsgevonden. Partijen zijn opnieuw in overleg getreden over

een mogelijke regeling. Indien een regeling kan worden getroffen zou daarmee

worden voorkomen dat er nog jaren moet worden doorgeprocedeerd. Al die

tijd kunnen de faillissementen niet worden afgewikkeld. Met het oog op het

overleg is de behandeling van het hoger beroep tegen het kortgeding vonnis

twee weken aangehouden. Afhankelijk van de uitkomt van het overleg zal er al

dan niet worden doorgeprocedeerd.

05-06-2024

18

Toelichting

Op 29 mei 2024 heeft in het hoger beroep tegen het kortgedingvonnis bij het

Gerechtshof 's-Hertogenbosch een comparitie na aanbrengen plaatsgevonden.

Partijen zijn opnieuw in overleg getreden over een mogelijke regeling. Indien

een regeling kan worden getroffen zou daarmee worden voorkomen dat er

nog jaren moet worden doorgeprocedeerd. Al die tijd kunnen de

faillissementen niet worden afgewikkeld. Met het oog op het overleg is de

02-09-2024

19

behandeling van het hoger beroep tegen het kortgeding vonnis twee weken

aangehouden. Afhankelijk van de uitkomt van het overleg zou er al dan niet

worden doorgeprocedeerd.

Het is niet mogelijk gebleken met de bestuurders tot een regeling te komen.

De bestuurders betwisten nagenoeg alle schulden om op die manier het tekort

te beperken waarvan zij op basis van de veroordeling 25% dienen te betalen.

Zij betwisten tegen beter weten in. Zo betwisten zij bijvoorbeeld de preferente

vordering van de Belastingdienst in HOS NL en HOS R (circa EUR 2,5 miljoen),

terwijl de Belastingdienst bevestigd heeft dat de betreffende aanslagen zijn

opgelegd op grond van aangiftes die door de bestuurders zelf zijn gedaan.

Ook betwisten de bestuurders de boedelvordering (EUR 429.843,87) en

concurrente vordering vanuit zustervennootschap Helioform B.V. (circa EUR 1,7

miljoen) terwijl ook die vorderingen destijds -vóór het faillissement van

Helioform B.V.- door de bestuurders, die ook bestuurders van Helioform B.V.

zijn, zelf werden ingediend bij HOS NL en HOS R en gedetailleerd werden

onderbouwd met overzichten en onderliggende facturen voor leveranties en

huurtermijnen. De huurtermijnen werden daarbij ook uitgesplitst in een

concurrente schuld over de periode voor het faillissement van HOS NL en HOS

R en -in verband met de huuropzegging door de curator ex 39 Fw- een

boedelschuld over de drie maanden vanaf het faillissement van HOS NL en HOS

R.

De bestuurders stellen op basis van hun betwistingen dat de schulden in HOS

NL en HOS R dus veel lager zijn dan thans genoteerd door de curator en dat zij

dus veel minder zouden moeten betalen.

Door deze gang van zaken worden de boedels genoodzaakt om meer kosten

te maken. Die kosten verhogen het tekort. Daarvan dienen de bestuurders op

hun beurt in ieder geval 25% te betalen. Per saldo worden de boedels dan

uitgehold met 75% van deze aanvullende kosten. De vraag is rechtens

opportuun of de bestuurders van deze bijkomende incassokosten in plaats van

25% wellicht 100% dienen te betalen.

De curator heeft een memorie van grieven ingediend. De procedure staat voor

Memorie van Antwoord op 10 september 2024.

De verificatievergadering in zowel HOS NL als HOS R is bepaald op 19

september 2024 te 09:30 uur bij de rechtbank Oost-Brabant aan de

Leeghwaterlaan 8 te 's-Hertogenbosch. De schuldvorderingen op HOS NL en

HOS R kunnen bij de curator worden ingediend tot uiterlijk d.d. 5 september

2024.

De bekende crediteuren zijn op 3 juli 2024 aangeschreven. De bestuurders zijn

bij brief van 15 augustus 2024 opgeroepen de verificatievergadering bij te

wonen. De crediteurenlijsten zijn op 16 augustus 2024 door de curator aan de

rechtbank gestuurd om tijdig ter inzage te worden gelegd.

In de brief aan de bekende crediteuren is toegelicht dat zich in deze een

bijzondere situatie voordoet. Dit is het gevolg van de beslissing van het hof om

de bestuurdersaansprakelijkheid te matigen tot 25% van het tekort. Normaliter

wordt een verificatievergadering alleen gehouden wanneer er ook

daadwerkelijk een uitkering aan de concurrente crediteuren kan worden

gedaan. In dit geval is dat echter niet zo. Voorzienbaar is dat 25% van het

totale tekort onvoldoende zal zijn om de boedelcrediteuren en preferente

crediteuren te betalen. Dat houdt in dat er niet kan worden toegekomen aan

de concurrente crediteuren.

De toestand van de boedel van HOS NL en HOS R wijst er dus op dat er geen

uitkering aan de - concurrente - crediteuren kan plaatsvinden, terwijl er wel

een verificatievergadering dient plaats te vinden om het tekort te kunnen

vaststellen waarvan de bestuurders 25% aan de boedel dienen te betalen.

Naar het zich laat aanzien zal dus vanuit de boedel van HOS NL en HOS R

worden uitgekeerd op de boedelvorderingen, waaronder die van Helioform. De

boedelvordering van Helioform bedraagt in HOS NL EUR 429.843,87 en in HOS

R eveneens EUR 429.843,87. Voordat er een uitkering kan plaatsvinden zullen

in HOS NL en HOS R eerst de procedures dienen te worden afgerond en de

vordering op de bestuurders geïncasseerd.

De procedure bij het Gerechtshof 's-Hertogenbosch is voortgezet. De

bestuurders hebben een memorie van antwoord ingediend en in incidenteel

appel vernietiging van het kortgedingvonnis gevorderd. De curator zal voor de

rolzitting van 3 december 2024 een memorie van antwoord in incidenteel appel

nemen.

Op basis van veroordeling in de bestuurdersaansprakelijkheidsprocedure

dienen de bestuurders 25% van het tekort te betalen. Kort gezegd houdt dat

in 25% van iedere concurrente vordering.

Hoewel er door de hoogte van de boedelschulden en preferente schulden,

samen met de veroordeling tot betaling van 25% van het tekort, voor de

concurrente crediteuren geen vooruitzicht is op een uitkering op hun

vorderingen, zijn hun concurrente vorderingen wel relevant voor de

vaststelling van het tekort. Verificatie van vorderingen is daarom wel

opportuun.

Op 19 november 2024 heeft de verificatievergadering in HOS NL en HOS R

plaatsgevonden.

De bestuurders hebben tot op heden en ook ter vergadering in beide

faillissementen nagenoeg alle ingediende vorderingen (zowel boedel-,

preferente- als concurrente crediteuren) integraal betwist.

Zo worden bijvoorbeeld de door de Belastingdienst opgelegde aanslagen OB

van in totaal EUR 2,5 miljoen door de bestuurders betwist, terwijl die

aanslagen zijn opgelegd op basis van aangiftes die de bestuurders destijds

zelf hebben ingediend. Preferente vorderingen worden niet geverifieerd zodat

deze betwisting er in de verificatieprocedure niet toe doet.

Ook de concurrente vordering van het UWV wordt bijvoorbeeld betwist.

Alsmede de vorderingen vanuit zustervennootschap Helioform Quality Shoes

B.V. (failliet per 10-03-2015) worden door de bestuurders betwist, terwijl zij

ook daar bestuurder zijn en nota bene vanuit die positie op 3 maart 2015 zelf

de vorderingen van Helioform Quality Shoes B.V. op HOS NL en HOS R hebben

ingediend, voorzien van een uitgebreide onderbouwing en onderliggende

facturen.

Tijdens de verificatievergadering is er overleg geweest. De discussie is thans

beperkt tot de negen grootste concurrente crediteuren, waaronder Helioform

Quality Shoes B.V. Ten aanzien van de overige, lagere, vorderingen hebben de

bestuurders bevestigd deze niet langer te zullen betwisten.

De verificatievergadering is aangehouden voor de duur van 2 maanden.

28-11-2024

20

Tijdens de zitting bij het Hof in de kortgedingprocedure op 2 april 2025 is,

onder voorbehoud van goedkeuring door de rechter-commissaris, door de

curator een regeling getroffen met de bestuurders. Die regeling ziet deels ook

op Helioform. Doel van de regeling is in het bijzonder om alle faillissementen zo

spoedig mogelijk te kunnen afwikkelen. De rechter-commissaris heeft de

regeling goedgekeurd.

26-05-2025

22

7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid

8.1 Boedelvorderingen

Uit hoofde van de regeling dienen de bestuurders aan de boedel EUR

660.000,-- te betalen in drie termijnen. De eerste termijn van EUR 220.000,--

diende 1 mei 2025 te worden betaald. De bestuurders komen die

betalingsverplichting tot op heden niet na.

Uit hoofde van de regeling hebben de bestuurders inmiddels de eerste

termijn van EUR 220.000,- voldaan. Ook deze betaling heeft weer niet zonder

slag of stoot plaatsgevonden.

De curator is in afwachting van de tweede termijn, welke vóór 1 september

2025 moet zijn voldaan.

Wanneer uiterlijk 31 december 2025 ook de laatste termijn door hen is

voldaan hebben de bestuurders in het kader van de veroordeling in de

bestuurdersaansprakelijkheidsprocedure, vanuit privé, bijna EUR 1,5 miljoen

aan de boedels betaald.

22-08-2025

23

Zie onderdeel 7.7. 02-01-2020

6

Zie onderdeel 7.7. 21-12-2022

12

Zie onderdeel 7.7. De ontwikkelingen in de faillissementen van HOS R en HOS

NL worden afgewacht.

08-06-2023

14

Zie onderdeel 7.7. De ontwikkelingen in de faillissementen van HOS R en HOS

NL worden afgewacht.

26-05-2025

22

8. Crediteuren

€ 277.291,39

Toelichting

Er is sprake van een boedelvordering van het UWV in verband met de

overname van de

betalingsverplichtingen door die organisatie jegens de werknemers van

Helioform. De omvang

van die vordering bedraagt € 66.620,78.

Voorts is sprake van een aanzienlijke boedelvordering verband houdend met

huurpenningen

voor de 21 winkelruimten (zie onderdeel huur) en het bedrijfspand te Drunen.

Het actuele

totaal van de voorlopig erkende boedelvorderingen van de verhuurders

bedraagt €

210.670,61.

18-06-2019

5

8.2 Pref. vord. van de fiscus

8.3 Pref. vord. UWV

8.4 Andere pref. crediteuren

8.5 Aantal concurrente crediteuren

8.6 Bedrag concurrente crediteuren

Toelichting

Namens DZB Bank GmbH is het standpunt ingenomen dat zij een

boedelvordering zou hebben.

Dat standpunt is vooralsnog niet voldoende onderbouwd.

19-02-2021

8

€ 28.775,74

Toelichting

Er zijn in totaal 11 boedelcrediteuren

30-09-2022

11

€ 277.291,39

Toelichting

Er zijn in totaal 11 boedelcrediteuren

21-12-2022

12

€ 1.615.651,00

18-06-2019

5

€ 1.937.970,00

19-02-2021

8

€ 29.115,76

18-06-2019

5

€ 0,00

18-06-2019

5

43

18-06-2019

5

38

30-09-2022

11

€ 881.836,11

18-06-2019

5

€ 881.836,11

30-09-2022

11

8.7 Verwachte wijze van afwikkeling

8.8 Werkzaamheden crediteuren

9.1 Naam wederpartijen

9.2 Aard procedures

9.3 Stand procedures

9.4 Werkzaamheden procedures

10.1 Plan van aanpak

10.2 Termijn afwikkeling faillissement

Niet uitgesloten is dat het uiteindelijke boedelactief onvoldoende zal zijn om de

boedelschulden te dragen. In dat geval zal te zijner tijd aan de rechter-

commissaris worden

voorgesteld om de rechtbank te verzoeken het faillissement op te heffen

wegens de toestand

van de boedel.

18-06-2019

5

9. Procedures

n.v.t. 18-06-2019

5

10. Overig

Zie onderdeel 7.1 en 7.5 18-06-2019

5

De vereffening is voltooid met uitzondering van de vordering op het bestuur

van de vennootschap. In dat verband wordt verwezen naar hetgeen in

onderdeel 7.7 van dit verslag is vermeld.

02-01-2020

6

Dit faillissement zal waarschijnlijk nog meer dan zes maanden voortduren. 18-06-2019

5

Gezien de in onderdeel 7.7 van dit verslag genoemde situatie, wordt verwacht

dat de verdere afronding van dit faillissement nog tenminste een jaar op zich

zal laten wachten.

19-02-2021

8

Gezien de in onderdeel 7.7 van dit verslag genoemde situatie, wordt verwacht

dat de verdere afronding van dit faillissement nog tenminste een jaar op zich

zal laten wachten.

17-09-2021

9

Er bestaat onverminderd uitzicht op een gedeeltelijke inning van de in

onderdeel 4 van dit verslag genoemde vorderingen op House of Shoes

Nederland BV en House of Shoes Retail BV. Het zal waarschijnlijk nog geruime

tijd duren voordat in de faillissementen van laatstgenoemde twee

vennootschappen tot de verwachte uitdeling kan worden overgegaan. Om die

reden duurt ook het faillissement van Helioform Quality Shoes voorlopig voort.

03-04-2022

10

Er bestaat onverminderd uitzicht op een gedeeltelijke inning van de in

onderdeel 4 van dit verslag genoemde vorderingen op House of Shoes

Nederland BV en House of Shoes Retail BV. Het zal waarschijnlijk nog geruime

tijd duren voordat in de faillissementen van laatstgenoemde twee

vennootschappen tot de verwachte uitdeling kan worden overgegaan. Om die

reden duurt ook het faillissement van Helioform Quality Shoes voorlopig voort.

Op dinsdag 27 september 2022 heeft de mondelinge behandeling

plaatsgevonden in het door de bestuurders ingestelde hoger beroep. De zaak

staat voor arrest op 7 december 2022.

30-09-2022

11

De termijn van afwikkeling in het onderhavige faillissement hangt af van de

termijn van afwikkeling van de House of Shoes vennootschappen. Het valt op

dit moment niet aan te geven hoeveel tijd de afwikkeling van die

faillissementen nog in beslag gaat nemen.

16-03-2023

13

Zie hiervoor onder 7.7. De termijn van afwikkeling in het onderhavige

faillissement hangt af van de termijn van afwikkeling van de House of Shoes

vennootschappen. Het valt op dit moment niet aan te geven hoeveel tijd de

afwikkeling van die faillissementen nog in beslag gaat nemen.

08-06-2023

14

Gezien de huidige stand van zaken in de afwikkeling van de faillissementen

van HOS NL en HOS R valt op dit moment niet aan te geven wanneer de

afwikkeling van onderhavig zal plaatsvinden.

07-09-2023

15

Gezien de huidige stand van zaken in de afwikkeling van de faillissementen

van HOS NL en HOS R valt op dit moment niet aan te geven wanneer de

afwikkeling van het onderhavige faillissement zal plaatsvinden.

06-12-2023

16

Gezien de huidige stand van zaken in de afwikkeling van de faillissementen

van HOS NL en HOS R valt op dit moment niet aan te geven wanneer de

afwikkeling van het onderhavige faillissement zal plaatsvinden.

06-03-2024

17

Gezien de huidige stand van zaken in de afwikkeling van de faillissementen

van HOS NL en HOS R valt op dit moment niet aan te geven wanneer de

afwikkeling van het onderhavige faillissement zal plaatsvinden.

Het Gerechtshof te ’s-Hertogenbosch heeft inzake het faillissement van House

of Shoes Nederland B.V. en House of Shoes Retail B.V. (HOS NL en HOS R,

samen HOS) de aansprakelijkstelling van de bestuurders toegewezen, zij het

dat die is gematigd tot 25% van het tekort in deze faillissementen. De hoogte

van het boedeltekort inzake HOS wordt mede bepaald door de

(boedel)huurvordering vanuit Helioform.

De bestuurder van HOS, tevens bestuurders van Helioform, betwisten vrijwel

alle in HOS ingediende (boedel)vorderingen integraal. Dat geldt ook voor de

boedelhuurvorderingen van Helioform op HOS welke vorderingen nota bene

05-06-2024

18

vóór het faillissement van Helioform door de bestuurders zelf bij de curator van

HOS zijn ingediend en door de voormalig curator van Helioform zijn

gehandhaafd. Helioform heeft daarbij op haar beurt ook

boedelhuurverplichtingen aan haar verhuurders. De vaststelling van de hoogte

van de boedelhuurvorderingen is voer voor discussie. Allereerst speelt de

vraag of de boedelschulden verjaren na vijf jaar. In dat kader is van belang dat

het Hoge Raad arrest van 24 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1294 (Boele II).

Vorderingen die niet verhaalbaar blijken, zouden ook niet kunnen verjaren,

omdat de verjaringstermijn eerst gaat lopen na het faillissement. Dat beginsel

strookt wat de curator betreft met het beginsel van CZ/Scholtes, waar

uitdrukkelijk de datum van de uitdelingslijst als peildatum wordt gehanteerd.

Eenvoudig gezegd kan dus betoogd worden dat de vordering niet is verjaard.

Harder c.s. stelt zich op het standpunt dat dit wel het geval is.

Door de Paperlinx uitspraak van 24 december 2021, ECLI:NL:HR:2021:1994 is

de vaststelling van de hoogte van deze boedelschulden nog lastiger. Als

verzuim bestaat ten aanzien van de voldoening van een boedelvordering, en

de schuldeiser recht heeft op schadevergoeding in de vorm van wettelijke

(handels)rente (art. 6:74 BW in verbinding met art. 6:119 e.v. BW), brengt de

aard van een boedelvordering als onmiddellijke aanspraak op de boedel mee

dat ook de met de boedelvordering verbonden verplichting tot betaling van

deze rente moet worden aangemerkt als boedelschuld. Anders gezegd is de

boedelschuld rentedragend op grond van de huurovereenkomst en de ROZ-

voorwaarden die gelden voor alle huurovereenkomsten in geding, geven dus

een ook minimum sanctie aan te late betaling. Dat betekent, simpel gezegd,

dat de onderhavige boedelschulden al zijn “ verdubbeld”. Harder c.s. betoogt

overigens dat deze boete het lot volgt van de hoofdvordering, waarmee deze

zou zijn verjaard. Waar dat standpunt op grond van 3:310 BW in zoverre

gevolgd kan worden dat boetes van meer dan 5 jaar geleden zouden zijn

verjaard, gaat het er aan voorbij dat iedere maand tot op heden nog een

boete wordt verbeurd.

Tenslotte is dan nog de vraag in hoeverre een beroep kan worden gedaan op

matiging. Immers; het effect van Paperlinx had niemand voorzien en heeft de

praktijk wat overvallen. Het voorgaande maakt duidelijk dat er nog de nodige

discussies spelen.

Dient dit te worden uitgeprocedeerd, dan kan de afwikkeling van de HOS

faillissementen en dus ook het onderhavige faillissement nog jaren op zich

laten wachten, terwijl ondertussen al de afgelopen jaren is geprocedeerd

tegen Harder c.s. Een vaststelling van de boedelschulden in onderling overleg

verdiend dan ook de voorkeur, nu dit kan leiden tot een spoedige afwikkeling

van de faillissementen. De curator heeft op 11 april 2024 alle

boedelcrediteuren van Helioform aangeschreven die een boedelhuurvordering

hebben ingediend. De curator is in afwachting van reacties van deze

crediteuren.

Er is van slechts een boedelcrediteur een reactie ontvangen. Daar waar de

curator in HOS NL en HOS R had gehoopt zodanig veel reacties te krijgen dat

er een richtsnoer zou zijn ten aanzien van de manier van afwikkeling, is dat

dus niet het geval. Dan blijft de situatie voor de curator van HOS NL en HOS R

dus zodanig dat deze belang heeft bij een zodanig hoog voorschot dat

daarmee de boedelschuldenproblematiek kan worden geadresseerd. Thans

lopen de boedelschulden in HOS NL en HOS R vanwege Paperlinx op met

ongeveer EUR 20.000,-- per maand.

02-09-2024

19

De afwikkeling van de faillissementen van HOS NL en HOS R zal moeten

worden afgewacht alvorens het onderhavige faillissement kan worden

afgewikkeld. Het is niet mogelijk om daar een termijn aan te koppelen.

24-02-2025

21

10.3 Indiening volgend verslag

10.4 Werkzaamheden overig

Bijlagen

Alvorens de curator tot afwikkeling kan overgaan, dient eerst de met hen

getroffen regeling volledig door de bestuurders te zijn nagekomen. Uiterlijk

op 31 december 2025 dienen zij de laatste betalingstermijn van EUR

220.000,- aan de boedel te hebben voldaan.

De verwachting is dat - bij tijdige nakoming van de regeling door de

bestuurders - begin 2026 tot afwikkeling van het faillissement kan worden

overgegaan.

22-08-2025

23

22-9-2025 22-08-2025

23

Er liggen momenteel geen bijzondere werkzaamheden in het vooruitzicht. 19-02-2021

8

Het volgende verslag zal worden ingediend door opvolgend curator mr. O.B.J.

Poorthuis

03-04-2022

10

Bijlagen