Overzicht met bedrijven in Nederland
Terug naar faillissement

Verslag: 26-01-2026

Stichting Care 2 Get There · KVK 62095730 ·F.10/21/69
Verslagdatum
26-01-2026
Procedure
Faillissement
Status
Actief
Rechtbank
Rechtbank Rotterdam

Platte tekst van het verslag

Documentkenmerk: 10_rot_21_69_F_V_37 ·Tekst verwerkt op 26-09-2026 03:35

Openbaar faillissementsverslag

rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)

Naam onderneming

Gegevens onderneming

Activiteiten onderneming

Financiële gegevens

Betreft

Algemene gegevens

Stichting Care 2 Get There ( hierna aan te duiden als: de ‘Stichting’) 04-05-2021

1

De Stichting is gevestigd te Rotterdam en houdt kantoor aan de Strevelsweg

690 te (3083 AR) Rotterdam. De Stichting is ingeschreven in het

handelsregister van de kamer van koophandel onder nummer 62095730.

04-05-2021

1

Uit de inschrijving in het handelsregister volgt dat de Stichting als inschrijving

heeft doen noteren: overig maatschappelijk advies, gemeenschapshuizen en

samenwerkingsorganen op het gebied van welzijn.

Feitelijk werden zorgactiviteiten verricht op de gebieden Forensische Zorg (op

basis van een overeenkomst met Dienst Justitiële Inrichtingen, DJI), WLZ

activiteiten (voorheen op basis van een contract met het Zilveren Kruis

Zorgkantoor N.V. (het ‘Zorgkantoor) en WMO ( op basis van individuele

overeenkomsten met cliënten).

04-05-2021

1

Jaar Omzet Winst / verlies Balanstotaal
2018 € 1.828.069,00 € 50.019,00 € 618.399,00
2019 € 3.758.534,00 € 237.867,00 € 808.635,00

Verslagnummer 19

Datum verslag 26-01-2026

Insolventienummer F.10/21/69

Toezichtzaaknummer NL:TZ:0000185906:F001

Datum uitspraak 08-04-2021

R-C mr. C.G.E. Prenger

Curator mr R. Slotboom

Toelichting financiële gegevens

Gemiddeld aantal personeelsleden

Boedelsaldo

De informatie is afkomstig uit de jaarverslagen zoals deze in de interne

administratie van de Stichting beschikbaar waren.

04-05-2021

1

38

04-05-2021

1

€ 225.083,03

04-05-2021

1

€ 285.112,88

22-07-2021

2

€ 147.609,68

19-10-2021

3

€ 147.281,83

19-01-2022

4

€ 175.400,44

26-04-2022

5

€ 102.396,06

21-07-2022

6

€ 104.465,48

27-10-2022

7

€ 101.598,44

25-01-2023

8

€ 60.942,12

25-04-2023

9

€ 60.721,55

25-07-2023

10

€ 60.751,96

25-10-2023

11

€ 59.586,10

25-01-2024

12

€ 30.432,64

25-04-2024

13

Verslagperiode

€ 28.810,58 25-07-2024

14

€ 29.694,50

24-10-2024

15

€ 44.220,39

26-01-2025

16

€ 44.201,52

12-05-2025

17

€ 42.874,99

28-10-2025

18

€ 167.842,54

Toelichting

Naast betaling van bankkosten (€ 12,00) zijn kosten aan de kamer van

koophandel voldaan (€ 20,45) en is een bedrag in het kader van een

schikking ontvangen (€ 125.000).

26-01-2026

19

van

8-4-2021

t/m

23-4-2021

04-05-2021

1

van

24-4-2021

t/m

30-6-2021

22-07-2021

2

van

1-7-2021

t/m

30-9-2021

19-10-2021

3

van

1-10-2021

t/m

31-12-2021

19-01-2022

4

van 26-04-2022

5

1-1-2022

t/m

31-3-2022

van

1-4-2022

t/m

30-6-2022

21-07-2022

6

van

1-7-2022

t/m

30-9-2022

27-10-2022

7

van

1-10-2022

t/m

31-12-2022

25-01-2023

8

van

1-1-2023

t/m

31-3-2023

25-04-2023

9

van

1-4-2023

t/m

30-6-2023

25-07-2023

10

van

1-7-2023

t/m

30-9-2023

25-10-2023

11

van

1-10-2023

t/m

31-12-2023

25-01-2024

12

van

1-1-2024

25-04-2024

13

Bestede uren

t/m

31-3-2024

van

1-4-2024

t/m

30-6-2024

25-07-2024

14

van

1-7-2024

t/m

30-9-2024

24-10-2024

15

van

1-10-2024

t/m

31-12-2024

26-01-2025

16

van

1-1-2025

t/m

31-3-2025

12-05-2025

17

van

1-4-2025

t/m

30-9-2025

28-10-2025

18

van

1-10-2025

t/m

31-12-2025

26-01-2026

19

Bestede uren

Toelichting bestede uren

VerslagperiodeBestede uren

1 261 uur 42 min
2 441 uur 42 min
3 169 uur 48 min
4 127 uur 30 min
5 91 uur 42 min
6 49 uur 6 min
7 98 uur 48 min
8 39 uur 36 min
9 95 uur 6 min
10 27 uur 42 min
11 25 uur 6 min
12 20 uur 30 min
13 3 uur 18 min
14 19 uur 42 min
15 54 uur 0 min
16 17 uur 54 min
17 17 uur 12 min
18 20 uur 30 min
19 6 uur 30 min

totaal 1.587 uur 24 min

Mede als gevolg van het feit dat enkele medewerkers die belast waren met

coördinatie van de zorgverlenging (en dus de zorgverleners direct

aanstuurden) hetzij afwezig waren in verband met ziekte, hetzij hun

arbeidsovereenkomst al hadden opgezegd, is behoorlijk wat tijd gaan zitten in

het overleg met de zorgmedewerkers om te bewerkstelligen dat de activiteiten

voortgezet konden worden.

04-05-2021

1

De bedrijfsactiviteiten zijn uiteindelijk vrij lang gecontinueerd. Dit is een gevolg

geweest van het feit dat het niet mogelijk is gebleken de activiteiten aan één

partij over te doen en het vervolgens de nodige tijd heeft gekost om tot een

gecontroleerde afbouw van de activiteiten te komen. Gedurende die periode is

veel overleg gevoerd met de medewerkers van de Stichting om de

dienstverlening zo goed mogelijk te kunnen blijven continueren. Mede door de

afwezigheid van het kader (door ziekte of anderszins) heeft de aansturing en

planning de nodige tijd genomen.

22-07-2021

2

De bedrijfsactiviteiten zijn in de verslagperiode geheel gestaakt. Vervolgens

zijn afrondende werkzaamheden verricht zoals het leegruimen en opleveren

van woningen en kantoorpanden. In de verslagperiode is ook begonnen met

het onderzoek van de administratie.

19-10-2021

3

Een deel van de bestede tijd ziet op werkzaamheden van juridisch

medewerkers (ruim veertig uur). Deze tijd zal te zijner tijd niet voor vergoeding

worden voorgedragen.

Veel tijd is in de verslagperiode besteed aan het onderzoek van de

administratie, meer in het bijzonder de bank- en creditcardmutaties en het

oorzakenonderzoek. De door juridisch medewerkers aan de afwikkeling

bestede tijd (ruim 16 uur) zal te zijner tijd niet voor vergoeding worden

voorgedragen.

19-01-2022

4

In de verslagperiode is de tijd voornamelijk besteed aan verder onderzoek van

de administratie, overleg met enkele partijen (zoals UWV) en correspondentie

met enkele betrokken partijen, zoals (de advocaat van) het bestuur en enkele

schuldeisers.

26-04-2022

5

In de verslagperiode is tijd met name besteed aan overleg en correspondentie

met voormalig medewerkers, met de advocaat van het bestuur en aan het

opstellen van processtukken en het bijwonen van een gesprek op de

rechtbank.

21-07-2022

6

De tijdsbesteding in de verslagperiode ziet met name op overleg met

belastingdienst en UWV alsmede werkzaamheden in het kader van de civiele

procedure die jegens het bestuur is gestart. Een groot deel van die bestede

tijd (69 uur) is tijd die door een faillissementsmedewerker is besteed aan

verder onderzoek van financiële administratie. Die tijd zal niet bij de boedel in

rekening worden gebracht.

27-10-2022

7

In de verslagperiode is de aandacht met name gericht geweest op de

aanhangige bestuurdersaansprakelijkheidsprocedure en een discussie met

een bemiddelaar ten aanzien van – in de optiek van de curator – ten onrechte

verrekening van openstaande premies met een aan de Stichting toekomende

uitkering.

25-01-2023

8

In de verslagperiode is de aandacht met name gericht geweest op de

aanhangige bestuurdersaansprakelijkheidsprocedure en een discussie met

een bemiddelaar ten aanzien van – in de optiek van de curator – ten onrechte

verrekening van openstaande premies met een aan de Stichting toekomende

uitkering.

De afgelopen periode heeft wat betreft de afwikkeling van het faillissement

met name in het teken gestaan van de aanhangige procedure tegen het

bestuur alsmede een discussie met een assurantietussenpersoon ter zake van

uitgevoerde verrekening van openstaande premies met een betaling uit

hoofde van een schade-uitkering. Voorts heeft periodiek overleg

plaatsgevonden met medewerkers van de belastingdienst en het UWV.

25-04-2023

9

In de afgelopen periode is met name aandacht besteed aan de aanhangige

procedure tegen het bestuur en onderzoek naar de mogelijkheden tot het

treffen van een schikking. Daarnaast is correspondentie gevoerd met de

Nederlandse Zorgautoriteit over de nacalculatie betreffende de periode vóór

het faillissement.

25-07-2023

10

In de procedure tegen het bestuur is op 6 september 2023 vonnis gewezen.

Het bestuur kan zich niet met het vonnis verenigen en heeft aangekondigd

hoger beroep in te zullen stellen. De afgelopen periode is met name tijd

25-10-2023

11

besteed aan de bestudering en executie van het vonnis. De bestuurders zijn

hoofdelijk veroordeeld tot betaling van een bedrag van circa EUR 550.000,

exclusief wettelijke rente.

In de afgelopen periode heeft daarnaast beperkt overleg plaatsgevonden met

NZA.

In de afgelopen periode is aandacht besteed aan de executie van het vonnis

van 6 september 2023, waarin de bestuurders hoofdelijk zijn veroordeeld tot

betaling van een bedrag van circa EUR 550.000 exclusief wettelijke rente. Het

bestuur heeft inmiddels een appeldagvaarding uitgebracht.

In de afgelopen periode is verder aandacht besteed aan een discussie met

een aan het bestuur gelieerde partij, Precaution Security B.V. In het kader van

deze discussie is Precaution Security B.V. bij verstekvonnis van 20 december

2023 veroordeeld tot betaling van een bedrag in hoofdsom van EUR 41.050,00

aan de Stichting, exclusief rente en kosten.

25-01-2024

12

In de verslagperiode zijn de werkzaamheden beperkt gebleven tot acties die

zien op de aanhangige (appèl-)procedure tegen het bestuur.

25-04-2024

13

In de verslagperiode is met name tijd besteed aan werkzaamheden die zien op

aanhangige (appèl-)procedure tegen het bestuur én werkzaamheden die zien

op het treffen van een regeling met een debiteur van de Stichting via de

Kredietbank Limburg.

25-07-2024

14

In de procedure in hoger beroep is een memorie van antwoord ingediend. De

in de verslagperiode aan de afwikkeling bestede tijd heeft met name hierop

betrekking gehad.

24-10-2024

15

De in de verslagperiode bestede tijd heeft onder meer betrekking gehad op

incasso van een vordering op een voormalig contractspartij van de Stichting.

Omdat betaling – na betekening van het toewijzend vonnis – uitbleef, is het

faillissement van de betrokken partij aangevraagd. Dit heeft uiteindelijk

geresulteerd in een – na verkregen machtiging – schikking. Het

schikkingsbedrag is recentelijk op de boedelrekening bijgeschreven. Hoewel

aldus niet het volledig toegewezen bedrag is ontvangen, is de regeling in de

optiek van de curator in het belang van de schuldeisers nu verhaal bij de

betrokken partij lastig bleek.

26-01-2025

16

In de verslagperiode is gesproken over de mogelijkheid om alsnog een

regeling met het bestuur te treffen ter zake van de vorderingen van de boedel.

Dit proces is nog gaande.

12-05-2025

17

Er is uiteindelijk een schikking getroffen waarvan de voorwaarden zijn

neergelegd in een vaststellingsovereenkomst. Het bestuur is de verplichtingen

uit hoofde van deze vaststellingsovereenkomst nog niet nagekomen. De

curator zal overleg voeren met de rechter-commissaris over de nieuwe situatie

en de hieraan te verbinden gevolgen.

28-10-2025

18

In de verslagperiode heeft de tijdsbesteding vooral gezien op de afwikkeling

van de vaststellingsovereenkomst. Uiteindelijk is het bestuur de

verplichtingen uit hoofde van de vaststellingsovereenkomst nagekomen. Een

deel van de tijd ziet op werkzaamheden van een faillissementsmedewerker.

Deze werkzaamheden zullen te zijner tijd niet voor vergoeding worden

voorgedragen.

26-01-2026

19

1.1 Directie en organisatie

1. Inventarisatie

Het bestuur is in handen van mevrouw S.M. Raafenberg-Khoeblal en de heer

P.F.M. Raafenberg. De bestuursleden zijn op basis van een

arbeidsovereenkomst (voor 36 uur per week) werkzaam. De

arbeidsovereenkomsten zijn opgezegd. Het bestuur heeft zich bij de vervulling

van de haar opgedragen taak laten ondersteunen door een

directiesecretaresse, twee medewerkers personeelszaken en een ZZP’er die

op individuele basis ondersteuning heeft geboden aan één van de

bestuurders.

Daarnaast is er sprake van een raad van toezicht waar één persoon, mevrouw

P.M. Mendeszoon, deel van heeft uitgemaakt. Met mevrouw Mendeszoon heeft

nog geen contact plaatsgehad.

04-05-2021

1

In de verslagperiode is gesproken met mevrouw Mendeszoon. De invulling van

haar toezichthoudende taak is hierbij onderwerp van gesprek geweest. Met

andere (voormalig) leden van de raad van toezicht is nog niet gesproken. De

betrokkenheid van die personen is beduidend minder geweest nu zij hetzij al

geruime tijd geen deel meer uitmaakten van de raad van toezicht, hetzij

langere tijd niet beschikbaar (ziekte) zijn geweest om hun toezichthoudende

taak te vervullen.

22-07-2021

2

In de afgelopen periode zijn afspraken met verschillende oud-medewerkers en

andere partijen gemaakt om een beter beeld te krijgen bij de bedrijfsvoering.

Die gesprekken zijn vrijwel afgerond. Met het bestuur zal nog een bespreking

worden gepland.

19-10-2021

3

Het bestuur is schriftelijk geïnformeerd omtrent de voorlopige bevindingen en

om een toelichting verzocht. De advocaat die namens het bestuur optreedt

heeft op enkele punten al een reactie verstrekt.

19-01-2022

4

Recentelijk heeft een bespreking plaatsgevonden met het bestuur en de door

de bestuursleden ingeschakelde advocaat. Het bestuur betwist het overgrote

deel van de voorlopige bevindingen van de curator. Niettemin wordt

onderzocht of partijen elkaar op enkele deelonderwerpen zouden kunnen

vinden.

26-04-2022

5

De bespreking met het bestuur heeft een vervolg gehad op de rechtbank. Dit

gesprek heeft geleid tot het maken van enkele werkafspraken waaraan nog

uitvoering dient te worden gegeven. Het bestuur blijft bij het standpunt dat de

voorlopige bevindingen van de curator onjuist en onvolledig zijn en heeft

aangegeven aan de hand van nog te verstrekken informatie deze voorlopige

conclusies te betwisten.

21-07-2022

6

Nu met het bestuur een schikking niet mogelijk is gebleken, heeft de curator

besloten om – na verkregen machtiging van de rechter-commissaris – een

dagvaarding uit te laten brengen.

27-10-2022

7

Geen opmerkingen. 25-01-2023

8

1.2 Lopende procedures

Er is een procedure aanhangig tegen het Zorgkantoor.

Daarnaast is de Stichting betrokken (geweest) bij enkele arbeidsrechtelijke

geschillen. Voor zover de curator bekend is met deze procedures wordt hier

onder randnummer 9 nadere informatie over gegeven.

04-05-2021

1

De procedure tegen het Zorgkantoor die ten overstaan van het gerechtshof ’s-

Gravenhage wordt gevoerd, is geschorst. In de procedure staat de vraag

centraal of het Zorgkantoor terecht verlangt dat zij een uitgebreidere controle

kan uitvoeren naar de administratie van de Stichting. Het Zorgkantoor heeft in

het verleden een aantal dossiers onderzocht. Dit onderzoek was – in de

beleving van het Zorgkantoor – ten tijde van het faillissement niet afgerond,

nu het Zorgkantoor van mening was dat onvoldoende medewerking door de

Stichting aan het onderzoek werd verleend. Na het faillissement is overleg

gevoerd. Dit overleg heeft ertoe geleid dat het gestaakte onderzoek (op het

kantoor van de curator) is hervat.

Naast de hiervoor vermelde dossiers zou het Zorgkantoor ook onderzoek

willen doen naar andere dossiers. De vraag of dit verzoek moet worden

gehonoreerd, staat centraal in de aanhangige procedure.

Inmiddels is de curator opgeroepen tot overneming van het geding. In de

afgelopen periode is meerdere malen overleg gevoerd met het Zorgkantoor en

haar advocaten. Alvorens een beslissing te nemen tot al dan niet overneming

van het geding wenst de curator een beter beeld bij de kwestie te verkrijgen.

De curator stelt zich vooralsnog op het standpunt dat het Zorgkantoor thans

over alle informatie beschikt teneinde de in het verleden bij haar gedane

fraudemelding op haar gegrondheid te kunnen beoordelen.

22-07-2021

2

De procedure is geschorst. In de verslagperiode is gecommuniceerd over de

vraag of het Zorgkantoor nu over voldoende stukken zou beschikken om haar

onderzoek naar mogelijke onregelmatigheden af te ronden dan wel nog

nadere informatie moet worden aangeleverd. Voorafgaande aan het

faillissement was reeds namens de Stichting toegezegd dat het Zorgkantoor in

de gelegenheid zou worden gesteld om een groter aantal cliëntendossiers in

te zien dan oorspronkelijk door de voorzieningenrechter was bepaald. De

curator zal met het Zorgkantoor werkafspraken maken om vervolgens tot

afronding van het rechtmatigheidsonderzoek te kunnen komen.

19-10-2021

3

Het overleg met (de advocaten van) het Zorgkantoor loopt enigszins stroef. Er

is discussie ontstaan over de vraag naar de omvang van de door de curator ter

beschikking te stellen informatie, mede in het licht van een eerdere uitspraak

van de rechtbank.

19-01-2022

4

In de verslagperiode is helaas geen vooruitgang geboekt in het overleg met

het Zorgkantoor.

26-04-2022

5

Geen opmerkingen. 21-07-2022

6

Er is een dagvaarding uitgebracht waarbij de rechtbank wordt verzocht het

bestuur te veroordelen tot betaling van een bedrag aan de boedel. Het

bestuur heeft de gelegenheid om op 30 november 2022 een schriftelijke

reactie in te dienen.

27-10-2022

7

Namens het bestuur is een lijvige conclusie ingediend. Het bestuur

onderschrijft geen van de stellingen van de curator. Er is inmiddels een datum

voor een comparitiezitting bepaald.

25-01-2023

8

Inmiddels heeft de comparitie van partijen plaatsgevonden. Mede na een

suggestie van de comparitierechter zijn partijen in overleg getreden over een

regeling in der minne. In het kader van een mogelijke regeling is het bestuur

verzocht informatie te geven. Die informatie is in delen ontvangen en wordt

beoordeeld. In afwachting van een mogelijke schikking is richting rechtbank

aangegeven dat nadere instructies (vonnis dan wel doorhaling) nog zullen

volgen.

25-04-2023

9

Partijen hebben geen overeenstemming bereikt over een schikking. De

rechtbank is verzocht vonnis te wijzen.

25-07-2023

10

De rechtbank heeft op 6 september 2023 vonnis gewezen. De bestuurders zijn

hoofdelijk veroordeeld tot betaling van een bedrag aan de boedel. Het vonnis

is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

De curator voert thans overleg met het bestuur om de executie van het vonnis

te voorkomen. Het bestuur heeft aangegeven zich te beraden over een

concreet voorstel.

25-10-2023

11

Het overleg tussen de curator en het bestuur heeft niet geleid tot

overeenstemming. Het bestuur heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis

van 6 september 2023.

Daarnaast heeft discussie plaatsgevonden tussen de curator en een aan het

bestuur van de Stichting gelieerde partij, Precaution Security B.V. Hangende de

faillissementsaanvraag van de Stichting zijn diverse betalingen verricht aan

Precaution Security B.V. met een totaal beloop van circa EUR 41.050,00. De

betalingen zijn door de curator vernietigd met een beroep op artikel 47 Fw e.v.

Precaution Security B.V. heeft de aanspraken van de curator betwist en heeft

zich niet bereid verklaard het door haar ontvangen bedrag terug te betalen

aan de Stichting. De curator heeft in dit verband – na machtiging van de

rechter-commissaris – een dagvaarding uit laten brengen, waarin primair

(terug)betaling werd gevorderd van het door Precaution Security B.V.

ontvangen bedrag. Bij (verstek)vonnis van 20 december 2023 is Precaution

Security B.V. veroordeeld tot betaling van een bedrag in hoofdsom van EUR

41.050,00 aan de Stichting, exclusief rente en kosten. De curator neemt thans

de executie van het vonnis ter hand. Precaution Security B.V. lijkt echter geen

verhaal te bieden.

25-01-2024

12

Incasso van de vordering op Precaution Security B.V. heeft geen resultaat

opgeleverd. De curator onderzoekt of andere stappen gezet dienen te worden.

25-04-2024

13

In de aanhangige (appèl-)procedure tegen het bestuur is namens het bestuur

een memorie van grieven genomen. De procedure staat thans voor memorie

van antwoord. De curator heeft overleg met het bestuur gevoerd om te bezien

of in dit stadium van de procedure alsnog een regeling zou kunnen worden

getroffen. Dit overleg heeft niet in een regeling geresulteerd.

25-07-2024

14

Er is een memorie van antwoord ingediend. Namens het bestuur is om een

mondelinge behandeling verzocht. Gegeven de verschillende verhinderingen

alsmede de agenda van het gerechtshof is deze zitting eerst op 19 september

2025.

24-10-2024

15

1.3 Verzekeringen

Er heeft enig overleg plaatsgevonden met de advocaat van het bestuur. Dit

heeft niet tot een concreet resultaat geleid. De curator heeft aangegeven de

executie van het vonnis in gang te willen zetten. Hierop heeft de rechter-

commissaris te kennen gegeven de betrokken partijen eerst te willen spreken.

Dit gesprek zal binnen afzienbare tijd plaatsvinden. Voor wat betreft de

vordering op Precaution Security B.V. geldt dat een schikking is getroffen.

26-01-2025

16

Er heeft een bespreking plaatsgevonden op de rechtbank. Het bestuur heeft

nogmaals duidelijk gemaakt het niet eens te zijn met het vonnis (waartegen

men beroep heeft aangetekend) en meent dat de curator onvoldoende oor

heeft (gehad) voor de standpunten van het bestuur. Er is ook gesproken over

mogelijkheid een schikking te treffen.

12-05-2025

17

Er is een schikking getroffen doch het bestuur is in gebreke met het

nakomingen van de verplichtingen hieruit.

28-10-2025

18

De schikking is afgewikkeld. 26-01-2026

19

De Stichting is partij bij de gebruikelijke verzekeringen. Daar waar de

verzekeringen nodig zijn voor de voortzetting van de bedrijfsactiviteiten is voor

continuering gekozen. De verschuldigde premies zijn voldaan. Er is voorts

sprake van een BCA polis. Het bestuur is in overweging gegeven het

zogenaamde uitlooprisico te verzekeren. Hiertoe zou het bestuur inmiddels zijn

overgegaan.

Met (de tussenpersoon van) de verzekeraar vindt nog wel discussie plaats

over de ziekteverzuimpolis. Uit hoofde van die verzekering zijn in het verleden

vrij grote bedragen aan de Stichting uitgekeerd, nu er sprake is (was) van een

behoorlijk hoog ziekteverzuim. Thans stelt de verzekeraar zich op het

standpunt dat er geen dekking meer is onder de polis, nu aan de

loonbetalingsverplichting van de Stichting een einde zou zijn gekomen door het

faillissement. Daarnaast wordt gesteld dat bij de Stichting sprake was van

situationele arbeidsongeschiktheid. Vergoeding van het salaris zou dan niet

aan de orde zijn nu dit op grond van de polisvoorwaarden zou zijn uitgesloten.

Een en ander wordt nog onderzocht.

04-05-2021

1

De lopende verzekeringen zijn inmiddels beëindigd, met uitzondering van de

verzekering voor inventaris en vervoermiddelen (nu deze zaken nog niet in alle

gevallen zijn geleverd aan de kopers).

De discussie met de verzekeraar ter zake van de ziekteverzuimpolis sleept zich

voor. Er zijn achtereenvolgens verschillende argumenten aangedragen

waarom niet wordt uitgekeerd. Zeer recent is aangegeven dat de boedel

bepaalde informatie moet aandragen. Als die informatie naar tevredenheid van

de verzekeraar zou zijn, zou men alsnog gaan uitkeren. Onderzocht wordt of

dit nieuwe verzoek van de verzekeraar gebaseerd is op de

verzekeringsovereenkomst dan wel anderszins terecht wordt aangevoerd.

22-07-2021

2

De ingeleverde informatie heeft tot nieuwe vragen van de verzekeraar geleid.

De vragen zien met name op de achtergrond bij het relatief hoge

ziekteverzuim. Nadere informatie is enige tijd geleden aangeleverd. De

verzekeraar dient haar reactie nog te geven.

19-10-2021

3

1.4 Huur

De verzekeraar is alsnog tot gedeeltelijke uitkering uit hoofde van de

ziekteverzuimpolis overgegaan. Een deel van de verzekeringspenningen heeft

de verzekeraar echter verrekend. Onderzocht wordt of zij hiertoe gerechtigd

was. Uit hoofde van de ziekteverzuimverzekering is een uitkering van €

25.446,63 ontvangen.

26-04-2022

5

Er heeft verrekening plaatsgevonden met een verzamelnota. Nog in onderzoek

is of alle op die verzamelnota vermelde posten wel voor verrekening in

aanmerking komen. Ten aanzien van een deel lijkt dit in ieder geval mogelijk.

21-07-2022

6

Met de verzekeringstussenpersoon wordt gecorrespondeerd. De curator meent

dat een deel van de posten die zien op terugbetaling van verzekeringspremies

zich niet voor verrekening lenen. De tussenpersoon meent dat verrekening wel

mogelijk is op basis van een aan de betrokken partij (door de

verzekeringsmaatschappijen) verleende volmacht. De curator verwacht dat ten

tijde van het volgend verslag de standpunten over en weer wel

uitgekristalliseerd zullen zijn.

27-10-2022

7

Nadat er enige vertraging is opgetreden in de verdere discussie met de

verzekeraar als gevolg van het feit dat de behandelaar van dit dossier bij de

verzekeraar diende te worden vervangen, zijn verder (deels nieuwe)

argumenten uitgewisseld. Tot overeenstemming is het niet gekomen. De

curator overweegt verdere stappen te nemen en zal hierover overleg voeren

met de rechter-commissaris.

25-01-2023

8

Afronding van de beoordeling van de juridische positie van de boedel versus

de verzekeraar, althans de tussenpersoon is in zicht.

25-04-2023

9

De beoordeling van de juridische positie van de boedel jegens de verzekeraar

is nagenoeg afgerond.

25-07-2023

10

In de verslagperiode is de kwestie van de (betwiste) vordering van de boedel

op de tussenpersoon niet opgevolgd. De curator verwacht dat dit in de

komende periode wél een vervolg zal krijgen.

25-10-2023

11

Er hebben zich geen relevante ontwikkelingen voorgedaan ten aanzien van dit

onderdeel.

25-01-2024

12

Door de Stichting wordt een 24-tal objecten gehuurd. Naast een drietal

kantoorpanden zien de overige huurovereenkomsten op woonruimte. Er is in

verschillende gevallen sprake van een huurachterstand van enkele

huurperioden (maanden). Enkele van de woningen waren ten tijde van het

vonnis van faillietverklaring al niet langer in gebruik. Deze woningen zijn, dan

wel worden, opgeleverd aan de eigenaren.

Oplevering van de woningen die inmiddels leeg zijn kost in een aantal gevallen

wat meer tijd, nu de woningen niet (volledig) zijn ontdaan van inventaris en

overige zaken. Dit is thans ter hand genomen. Enigszins complicerende factor

is dat de facilitair medewerker van de Stichting die deze werkzaamheden op

zich zou moeten nemen, positief getest is op corona. Bezien moet worden of

deze werkzaamheden uiteindelijk deels aan derden uitbesteed moeten

worden.

Na verkregen machtiging zijn de huurovereenkomsten die zien op de

kantoorpanden opgezegd. Eén van de kantoorpanden zou nooit in gebruik zijn

04-05-2021

1

genomen door de Stichting doch aan een andere entiteit (gelieerd aan het

bestuur) in gebruik gegeven. Die partij zou niet of nauwelijks gebruik hebben

gemaakt van het pand. Het pand is nu onderverhuurd (althans in gebruik

gegeven) aan een derde. Met deze partij (een onderneming van een voormalig

medewerkster van de Stichting) alsmede met de verhuurder heeft overleg

plaatsgevonden om te bezien of overname van de huurovereenkomst door de

onderhuurder / gebruiker mogelijk is. De gebruiker van het pand stelt dat er

(mondeling) een resultaatsafhankelijke huurprijs zou zijn overeengekomen.

Omdat er nog nauwelijks resultaat zou zijn bereikt, zou de huurprijs (ook) zeer

gering, althans beduidend lager zijn dan de prijs die de Stichting in rekening

gebracht krijgt. In de administratie van de Stichting is daarentegen wél een

vordering op de gebruiker van het pand opgenomen. Nader onderzoek moet

plaatsvinden. De curator streeft er naar spoedig tot beëindiging van de

huurrelatie met betrekking tot dit pand over te gaan, nu de Stichting er geen

gebruik van maakt (anders dan voor de opslag van een beperkte hoeveelheid

inventaris).

De huurovereenkomsten met betrekking tot de woningen zijn nog niet

opgezegd door de curator. De reden is gelegen in het feit dat een aanzienlijk

deel van de woningen wordt bewoond door cliënten van de Stichting, met wie

in de meeste gevallen ook een huurovereenkomst is gesloten. Wel is een

tweetal verhuurders zelf tot opzegging overgegaan. Ervan uitgaande dat snel

helder wordt welk delen van de zorgactiviteiten voortgezet kunnen worden,

kan tot beëindiging van de huurovereenkomsten worden overgegaan.

Tot slot wordt opslagruimte gehuurd bij Shurgard. Er heeft een opname

plaatsgevonden van de aldaar opgeslagen zaken.

Veel tijd is gaan zitten in overleg met verhuurders en de oplevering van de

diverse panden. Inmiddels zijn alle panden weer aan de verhuurders

opgeleverd. In enkele gevallen is tussen de verhuurder en de bewoner dan

wel de opvolgend zorgverlener een nieuwe huurovereenkomst gesloten. In de

meeste gevallen dienden echter de woningen leeg te worden opgeleverd.

Eén van de gehuurde panden werd in het verleden (deels) gebruikt door een

derde. Met die partij is gecorrespondeerd omtrent betaling van de

(achterstallige) vergoeding. De gebruiker stelt zich op het standpunt dat zij

niet, althans een aanmerkelijk geringer, bedrag zou dienen te voldoen nu zij

een resultaatsafhankelijke (onder-)huurprijs zou zijn overeengekomen. Die

lezing wordt betwist door het bestuur van de Stichting. Nadat een concept

dagvaarding is opgesteld en naar de derde is toegezonden, heeft deze een

advocaat geraadpleegd. Deze heeft aangegeven met circa twee weken met

een inhoudelijke reactie te komen.

22-07-2021

2

Ondanks enkele toezeggingen is een inhoudelijke reactie die ziet op de

vordering uit hoofde van onderhuur uitgebleven.

19-10-2021

3

Er is uiteindelijk door de onderhuurder gesteld dat pas in een laat stadium

gebruik is gemaakt van de ruimte en dat bovendien (mondelinge) afspraken

waren gemaakt uit hoofde waarvan een lagere huurprijs zou dienen te worden

voldaan. Er zijn pogingen gedaan om een regeling te treffen, doch zonder

resultaat.

19-01-2022

4

Nu geen regeling met de onderhuurder mogelijk bleek is een procedure

aanhangig gemaakt. De vorderingen van de boedel (na eisvermindering) zijn

volledig toegewezen. Er is een betalingsregeling met de onderhuurder

overeengekomen. De eerste termijnbetaling is inmiddels ontvangen.

26-04-2022

5

1.5 Oorzaak faillissement

De betalingsregeling wordt correct nagekomen. 21-07-2022

6

De onderhuurder heeft volledig aan het vonnis voldaan. 27-10-2022

7

Geen opmerkingen. 25-01-2023

8

Uit gesprekken met het bestuur en uit gesprekken met derden alsmede

overige informatie volgt het navolgende.

De Stichting verkeert al geruime tijd in ernstige financiële moeilijkheden. Die

moeilijkheden zouden hun oorsprong vinden – aldus het bestuur – een conflict

met een verhuurder van bedrijfsruimte te Rijsoord (Ridderkerk). De

bedrijfsruimte (een boerderij) zou zijn gehuurd door de Stichting met het doel

hier cliënten die door DJI werden verwezen in te gaan huisvesten. Op advies

van de verhuurder zou de Stichting haar activiteiten zijn begonnen zonder dat

is onderzocht of dit op basis van het vigerende bestemmingsplan mogelijk was.

Voorts is besloten de cliënten onder te brengen zonder vooroverleg met

buurtbewoners en gemeente. De gemeente zou vervolgens actie hebben

ondernomen om aan het gebruik in strijd met het bestemmingsplan een einde

te maken. De Stichting heeft het pand verlaten en is in een discussie met de

verhuurder geraakt. Die discussie is uitgemond in een conservatoir beslag

onder DJI en – als gevolg hiervan – een cliëntenstop door DJI.

Hoewel het conflict met de verhuurder is geschikt (de Stichting heeft een

bedrag betaald) en het beslag is opgeheven, is de cliëntenstop door DJI niet

geëindigd. Nadat het geschil met de voormalig verhuurder was afgehandeld, is

DJI namelijk op de hoogte gesteld van een nieuwe discussie, nu met het

Zorgkantoor. DJI zou hierop besloten hebben de patiëntenstop te handhaven.

Dit is ook nu nog de situatie. Wel heeft DJI tot voor kort de betalingen verricht

ten behoeve van de cliënten die bij de Stichting in behandeling zijn. Omdat er

geen nieuwe cliënten zijn aangemeld en bestaande cliënten zijn uitgestroomd,

is die inkomstenstroom gaandeweg minder geworden.

Naast problemen met DJI is de Stichting geconfronteerd met een discussie met

het Zorgkantoor. Deze partij heeft tot 2020 een overeenkomst met de

Stichting afgesloten uit hoofde waarvan zorg krachtens de WLZ werd verleend.

In een op 17 oktober 2019 gevoerd gesprek heeft het Zorgkantoor

aangegeven over 2020 geen contract aan te bieden omdat er zorg bestond

over de financiële situatie van de Stichting. Die zorg was ingegeven door het

gebrek aan inzage in de financiële administratie. Het Zorgkantoor heeft eind

2019 aangegeven over te willen gaan naar een afbouw van de relatie, tenzij

de Stichting alsnog voldoende informatie ter beschikking zou stellen én uit die

informatie naar voren zou komen dat de financiële situatie naar behoren was.

Die informatie zou – aldus het Zorgkantoor - niet zijn aangeleverd.

Voorts zou het Zorgkantoor inmiddels besloten hebben een fraudeonderzoek

te beginnen als gevolg van enkele (oudere) fraudemeldingen. Die

fraudemeldingen zouden betrekking hebben op het declareren van niet

verleende zorg en het opmaken van valse verklaringen (uit naam van onder

meer cliënten). De Stichting heeft zich op het standpunt gesteld niet verplicht

te zijn mee te werken aan dit onderzoek, althans niet in de door het

Zorgkantoor gewenste opzet waarbij alle dossiers op detailniveau zouden

worden onderzocht. In een procedure is door de rechtbank ’s-Gravenhage

04-05-2021

1

overwogen dat het Zorgkantoor wel het detailonderzoek kon verlangen, doch

dat dit zich zou dienen uit te strekken over een beperkt aantal dossiers. Tegen

het vonnis is overigens door het Zorgkantoor beroep ingesteld.

Met het fraudeonderzoek is het Zorgkantoor begonnen doch dit onderzoek is

(nog) niet afgerond. Een achttal dossiers is op detailniveau onderzocht. De

Stichting zou zich op het standpunt hebben gesteld dat het onderzoek van dit

achttal dossiers is afgerond. Het Zorgkantoor stelt echter dat hiervan geen

sprake is en dat zij niet in de gelegenheid is gesteld om dit achttal dossiers

goed te onderzoeken. Buiten kijf staat dat een zevental dossiers nog

onderzocht moet worden. Het Zorgkantoor en de Stichting twisten over de

vraag wie de oorzaak is van het gegeven dat het onderzoek thans stil is

komen te liggen. Het Zorgkantoor heeft zich op het standpunt gesteld dat zij

niet tot uitbetaling van vergoedingen overgaat zolang het fraudeonderzoek

nog niet is afgesloten én uit dit onderzoek zou volgen dat van fraude geen

sprake is geweest. Het Zorgkantoor heeft cliënten geattendeerd op andere

zorgaanbieders. Een deel van de cliënten van de Stichting heeft hierop

besloten elders zorg af te gaan nemen.

Ook het aantal WLZ cliënten is aldus in de fase voor het faillissement

afgenomen.

De cliëntenstop door het DJI als de discussie met het Zorgkantoor het heeft tot

gevolg gehad dat er sprake van structurele onderbezetting. De lopende kosten

kunnen al geruime tijd niet worden voldaan uit de verkregen inkomsten. Een

en ander heeft geleid tot betalingsachterstanden bij onder meer verhuurders.

Voorts is al geruime tijd sprake van het niet (volledig) betalen van belastingen

en het niet (volledig) betalen van personeel. Het bestuur van de Stichting heeft

aangegeven dat betalingen alsnog zouden kunnen plaatsvinden, mits de

opschorting door DJI en het Zorgkantoor ongedaan zou worden gemaakt en

mits DJI de aangevraagde ‘coronavergoeding’ van circa € 700.000 zou

uitbetalen. DJI heeft partijen (waaronder de Stichting) aangegeven dat zij

kosten zouden kunnen declareren die partijen als gevolg van de pandemie

extra zouden hebben moeten maken (bijvoorbeeld in verband met gekochte

mondkapjes en gels alsmede coronatesten). Navraag bij DJI heeft opgeleverd

dat deze vergoeding (nog) niet zou zijn goedgekeurd en dat dit ook niet zal

geschieden, mede vanwege de aanzienlijke hoogte ervan. Klaarblijkelijk zou de

Stichting vergoeding hebben gevraagd voor een bedrag dat aanzienlijk hoger

ligt dan – bijvoorbeeld – de grootste TBS kliniek heeft opgevoerd. Gegeven de

problematiek met DJI en het Zorgkantoor zou het onwaarschijnlijk zijn geweest

dat de Stichting tijdig over voldoende fondsen zou komen te beschikken om

haar schuldeisers te kunnen voldoen.

Er is begonnen met onderzoek naar de administratie. Voorts zijn gesprekken

gevoerd met diverse betrokkenen. Er zullen nog meerdere gesprekken worden

gevoerd. Een aantal factoren lijkt een belangrijke rol te hebben gespeeld bij de

ondergang van de Stichting. Het bestuur en het lid van de raad van toezicht

wijst met name op de discussie die is ontstaan met de verhuurder van een

zorgboerderij in Rijsoord. De Stichting beoogde met de huur van dit pand een

behoorlijke groei te kunnen bewerkstelligen op het gebied van de Forensische

Zorg. Aan een juiste voorbereiding lijkt het echter te hebben ontbroken. Zowel

de gemeente als DJI stellen dat zij niet tevoren op de hoogte waren gesteld

van de huisvestiging van FoZo cliënten in de bewuste ruimte. De zorgboerderij

zou voorts niet hebben voldaan aan de geldende regels op – onder meer –

gebied van brandveiligheid en zou ook overigens achterstallig onderhoud

kennen. Al vrij snel nadat cliënten waren gehuisvest dienden deze al weer

elders te worden ondergebracht. Omdat er al wel was geïnvesteerd (in onder

meer medewerkers) in de beoogde groei én omdat er inmiddels een conflict

was ontstaan met de verhuurder, werd de Stichting met aanzienlijke kosten

22-07-2021

2

geconfronteerd waar tegenover geen opbrengsten stonden. Het conflict met

de verhuurder leidde ook tot beslagen onder DJI hetgeen tot

liquiditeitsproblemen met zich meebracht.

Naast de problemen rond de activiteiten in Rijsoord, heeft ook het aanzienlijke

ziekteverzuim en de onrust onder de medewerkers een rol gespeeld. Veel van

de medewerkers hebben de werkomgeving binnen de Stichting als onveilig

ervaren. De onrust heeft een groot verloop onder de medewerkers tot gevolg

gehad. Omdat lang niet altijd voldoende medewerkers beschikbaar waren om

de dienstverlening te kunnen verrichten moesten externen worden ingehuurd.

Voorts heeft de Stichting te maken gekregen met controles door het

Zorgkantoor en – later – DJI. Beide partijen hebben twijfels bij de juistheid van

de ingediende declaraties. Volgens medewerkers van het Zorgkantoor en DJI

zouden activiteiten zijn gedeclareerd die niet zijn uitgevoerd en zijn niet

hiertoe gekwalificeerde medewerkers ingezet om zorgtaken te verrichten. Ook

de gemeente Rotterdam (WMO) zou het standpunt hebben ingenomen dat de

gecontracteerde dienstverlening niet (volledig) werd verleend.

Er is ook een onderzoek gestart door de dienst DJI naar de (omvang van de)

verleende zorg. Bij deze opdrachtgever bestaat het vermoeden dat de aan de

cliënten verleende zorg niet in alle gevallen is overeengekomen met de

zorgindicatie die aan de cliënten was verstrekt. Aldus zou een te hoge

vergoeding in rekening zijn gebracht (en aan de Stichting zijn betaald). Uit

onderzoek van de administratie en de gesprekken met diverse bij de Stichting

betrokkenen heeft de curator wel een voorlopig oordeel over de factoren die

tot het faillissement hebben geleid. Dat voorlopig oordeel wordt binnenkort

met het bestuur besproken met het doel ook van die zijde een toelichting te

krijgen.

19-10-2021

3

De curator heeft het merendeel van zijn bevindingen en voorlopige conclusies

met het bestuur gedeeld. Die deelt de voorlopige conclusies niet en heeft op

enkele (wat meer ondergeschikte) punten al een reactie gegeven.

19-01-2022

4

Er vindt overleg plaats om te bezien of op bepaalde punten een regeling kan

worden getroffen. Verwacht wordt dat tegen de tijd dat het volgend verslag

wordt gedeponeerd bekend is of een regeling op deelonderwerpen mogelijk is.

26-04-2022

5

Een regeling op deelonderwerpen lijkt niet mogelijk te zijn, nu het bestuur alle

voorlopige conclusies lijkt te betwisten, althans geen voorstel heeft gedaan

ten aanzien van punten waarvan men in eerste instantie van mening leek het

voorlopige standpunt van de curator te volgen.

21-07-2022

6

Ten aanzien van diverse onttrekkingen, althans opnames, waarvan de curator

meent dat hier geen zakelijke grondslag voor te vinden is, is een procedure

aanhangig gemaakt. Het standpunt van de curator wordt betwist door het

bestuur. Het bestuur heeft bij enkele van de stellingen van de curator een

inhoudelijke betwisting gegeven. Ten aanzien van de overige stellingen is het

bij een generieke betwisting van de juistheid van het standpunt van de curator

gebleven.

27-10-2022

7

Voor wat betreft de discussie met het bestuur wordt verwezen naar het

onderdeel procedures in dit verslag.

25-01-2023

8

Geen opmerkingen. 25-04-2023

9

2.1 Aantal ten tijde van faillissement

2.2 Aantal in jaar voor faillissement

Naast de kwestie van de onttrekkingen, althans niet goed te verantwoorden

opnamen, geldt ook nog dat de boedel andere vorderingen heeft

(bestuurdersaansprakelijkheid). Tot dusverre is dit thema niet verder

opgevolgd, anders dan dat de constateringen van de curator door het bestuur

worden betwist. Bezien wordt of dit onderwerp ook onderwerp van gesprek

kan zijn in het ten overstaan van de rechter-commissaris geplande gesprek.

26-01-2025

16

In het gesprek is ook kort stilgestaan bij de mogelijke overige vorderingen

(bestuurdersaansprakelijkheid).

12-05-2025

17

2. Personeel

Personeelsleden

33

04-05-2021

1

Personeelsleden

55

Toelichting

In de maanden voorafgaande aan het faillissement heeft de Stichting een

behoorlijke onrust onder de medewerkers gekend. Er is sprake van enkele

arbeidsgeschillen die hebben uitgemond in procedures. Daarnaast is er een

behoorlijk hoog ziekteverzuim.

De curator heeft de arbeidsovereenkomsten waarvan niet zeker was of deze

rechtsgeldig waren beëindigd alsnog opgezegd. Voorts is een 23 tal voormalig

medewerkers aangeschreven die nog een vordering op de Stichting hebben

met het verzoek van die vordering opgave te doen bij het UWV. De vordering

ziet in de meeste gevallen op een niet uitgekeerde zorgbonus en in sommige

gevallen op een vordering uit hoofde van de afrekening over niet opgenomen

vakantiedagen en overige vergoedingen.

04-05-2021

1

Toelichting

Met het UWV is overleg gevoerd. Uiteindelijk heeft UWV aangegeven dat de

zorgbonus wordt uitgekeerd.

22-07-2021

2

Toelichting

De kwestie met betrekking tot de zorgbonus 2020 is afgehandeld.

19-10-2021

3

Toelichting

De curator heeft met een beroep op de hardheidsclausule verzocht of de

zorgbonus over 2021 nog zou kunnen worden uitgekeerd. Op dit verzoek is

19-01-2022

4

nog geen beslissing gekomen.

Toelichting

Helaas heeft het ministerie nog immer geen beslissing genomen ter zake van

de zorgbonus 2021.

26-04-2022

5

Toelichting

Namens het ministerie is wederom te kennen gegeven dat er nog geen besluit

is voor wat betreft de zorgbonus.

21-07-2022

6

Toelichting

Het ministerie heeft ook in de verslagperiode nog geen beslissing kunnen

nemen.

27-10-2022

7

Toelichting

Ondanks - inmiddels zeer veel – pogingen om een standpunt te krijgen, wordt

namens het ministerie alleen gereageerd met een algemene mededeling dat

de kwestie aandacht heeft.

25-01-2023

8

Toelichting

In de status van de vraag of wel of geen zorgbonus wordt verstrekt is helaas

nog steeds geen wijziging opgetreden. Namens het ministerie wordt gesteld

dat de vraag aandacht heeft en spoedig een inhoudelijke reactie zal volgen.

25-04-2023

9

Toelichting

In de verslagperiode hebben geen ontwikkelingen plaatsgevonden voor wat

betreft de beslissing van het ministerie.

25-07-2023

10

Toelichting

Vanuit het ministerie is nog steeds geen ‘witte rook’ te ontwaren. De kwestie

blijft aandacht houden doch besluitvorming behoeft klaarblijkelijk een erg

langdurig traject.

25-10-2023

11

Toelichting

Periodiek wordt gebeld met medewerkers van het ministerie maar een

beslissing is nog steeds uitgebleven.

25-01-2024

12

Toelichting

In de verslagperiode is niet vernomen van het ministerie.

25-04-2024

13

Toelichting

Er is geen verdere actie op dit punt genomen.

25-07-2024

14

2.3 Ontslagaanzegging

2.4 Werkzaamheden personeel

3.1 Onroerende zaken

Toelichting onroerende zaken

3.2 Werkzaamheden onroerende zaken

3.3 Bedrijfsmiddelen

Datum AantalToelichting

14-4-202133 Personeel in dienst ten tijde van het vonnis van faillietverklaring

totaal 33

Gedurende de opzegtermijn zijn de werkzaamheden door de medewerkers

grotendeels voortgezet. Met name voor de medewerkers die zich bezighouden

met de zorgverlening is de onverminderde inzet noodzakelijk. Enkele

medewerkers die met ziekteverlof thuis zaten, zijn inmiddels hersteld en weer

ingezet. In een enkel geval wordt gebruik gemaakt van externe medewerkers

(ZZP’ers).

04-05-2021

1

Een groot deel van de medewerkers heeft gedurende de opzegtermijn de

werkzaamheden gecontinueerd. Er is gebruik gemaakt van de inzet van een

ZZP’er. Deze inzet is uiteindelijk wat beperkter nodig gebleken dan begroot.

Verreweg het grootste deel van de kosten van externe dienstverleners heeft

betrekking gehad op de kosten van de beveiliging (ruim € 45.000).

22-07-2021

2

3. Activa

BeschrijvingVerkoopopbr.HypotheekBoedelbijdr.

n.v.t.

totaal € 0,00 € 0,00

Geen onroerende zaken aangetroffen. 04-05-2021

1

Niet van toepassing. 04-05-2021

1

3.3 Bedrijfsmiddelen

Toelichting bedrijfsmiddelen

3.4 Bodemvoorrecht fiscus

3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen

Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage

Kantoorinventaris € 16.001,00
Inventaris units € 7.246,60
Voertuig € 4.200,00
totaal € 27.447,60 € 0,00

De Stichting is eigenaresse van de in de kantoorpanden aanwezige

kantoorinventaris. Deze inventaris is inmiddels getaxeerd. Voorts heeft de

Stichting woninginventaris in eigendom. Het betreft hier de inventaris die is

gebruikt om de diverse woning (units) van een basisuitrusting te voorzien. Ook

die inventaris is getaxeerd (aan de hand van foto’s van de meubelstukken die

in iedere unit voorhanden zijn). Tot slot is de Stichting eigenaar van een bus

die wordt gebruikt voor het vervoeren van cliënten. De bus is nog niet

getaxeerd. Dit zal op korte termijn geschieden.

04-05-2021

1

De kantoorinventaris en het voertuig zijn geveild. Op de opbrengst dienen nog

de kosten voor de organisator van de veiling (15 procent) in mindering te

worden gebracht. De opbrengst is nog niet ontvangen omdat afrekening nog

niet heeft plaatsgevonden.

22-07-2021

2

De opbrengst van de veiling is bijgeschreven op de boedelrekening. De

opbrengst is wat hoger dan oorspronkelijk geraamd. Delen van de inventaris

waarover de Stichting voorafgaande aan het faillissement de beschikking had,

zijn niet aangetroffen. Hier wordt nader onderzoek naar gedaan.

19-10-2021

3

Het bestuur is om informatie verzocht met betrekking tot mogelijke

ontvreemding van inventaris kort voor het faillissement.

19-01-2022

4

Dit onderwerp maakt uit van het overleg met (de advocaat van) het bestuur. 26-04-2022

5

Het bestuur stelt dat de mogelijke ontvreemding van inventaris wellicht heeft

plaatsgevonden door oud-medewerkers en betwist zelf elke betrokkenheid.

21-07-2022

6

Geen opmerkingen. 27-10-2022

7

Niet aan de orde; de bedrijfsmiddelen zijn niet verpand. 04-05-2021

1

3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen

3.6 Voorraden / onderhanden werk

Toelichting voorraden / onderhanden werk

Momenteel worden de bedrijfsmiddelen nog ingezet voor de activiteiten van de

Stichting. Waarschijnlijk zal een deel van de inventaris (met name de

kantoorinventaris) te zijner tijd geveild gaan worden.

04-05-2021

1

Nadat de administratieve afwikkeling van de veiling is afgerond, is geen

verdere actie nodig.

22-07-2021

2

Er wordt onderzoek gedaan naar de reden dat een deel van de inventaris

voorafgaande aan het faillissement lijkt te zijn weggehaald.

19-10-2021

3

Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage

Beperkte kantoorbenodigdheden

Vorderingen uit hoofde van verrichte zorg € 7.000,00
Vorderingen uit hoofde van verrichte zorg € 225.282,69
totaal € 232.282,69 € 0,00

Er is sprake van enige kantoorbenodigdheden. Die worden in de boedelperiode

deels verbruikt en zullen voor het overige geen opbrengst te zien gaan geven.

Vanaf het vonnis van faillietverklaring zijn vorderingen ontstaan uit hoofde van

de zorgverlening die is gecontinueerd. Op basis van de administratie van de

Stichting zal een bedrag van circa € 63.000 uit hoofde van Forensische Zorg

gedeclareerd kunnen worden alsmede een bedrag van circa € 9.000 uit hoofde

van WLZ zorg. Zowel de DJI als het Zorgkantoor hebben toegezegd dat de

dienstverlening over de periode na het faillissement wordt voldaan. De nota

aan DJI wordt op korte termijn verzonden. Voor wat betreft de WLZ zorg zal in

overleg met het Zorgkantoor nog een praktische oplossing voor het declareren

moeten worden gevonden. Omdat de Stichting niet langer gecontracteerde

zorg leverde (de Stichting had geen contract meer met het zorgkantoor) is in

beginsel direct declareren bij het zorgkantoor niet mogelijk. Het Zorgkantoor

lijkt open te staan om over dit punt mee te denken opdat voorkomen wordt

dat afrekening via het PGB budget van de cliënten moet geschieden.

Tot slot geldt dat er nog een vordering is uit hoofde van geleverde WMO zorg.

De omvang hiervan over de periode 8 tot en met 31 april 2021 is nog niet

berekend. Incasso zal mogelijk minder eenvoudig zijn nu afrekening met de

cliënten (dan wel hun bewindvoerders) zal dienen te geschieden.

04-05-2021

1

DJI is na het faillissement overgegaan tot betaling van vóór het faillissement

verleende zorg. Aldus is een bedrag van € 225.282,69 ontvangen.

Aan opbrengsten uit hoofde van de voortgezette dienstverlening na het

faillissement is een bedrag van € 134.313,24 gerealiseerd. Uit de administratie

volgt voorts van een aanzienlijke vordering op onder meer Zorgkantoor, DJI en

overige partijen. Een eerste inventarisatie van de debiteurenadministratie

heeft uitgewezen dat er vrij veel (veelal kleinere) vorderingen op (voormalig)

cliënten staan genoteerd. Uit een toelichting van de voormalig administrateur

volgt dat de kans dat die vorderingen nog voldaan worden als nihil moet

worden ingeschat. De bewuste vorderingen hadden in een eerder stadium

22-07-2021

2

3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk

afgeboekt moeten worden. Waar de vorderingen op de voormalig cliënten uit

bestaan is nog niet in alle gevallen helder. Een deel van de vorderingen heeft

betrekking op niet aan de Stichting betaalde huur.

De vorderingen op het Zorgkantoor worden door deze partij betwist. Het

overgrote deel van die vorderingen ziet op de verleende zorg in de periode

gelegen tussen 1 januari en de datum van het faillissement ( 8 april 2021). Het

Zorgkantoor stelt dat er in die periode geen sprake was van een contract met

de Stichting. Er is voorts nog sprake van een vordering op DJI uit hoofde van

een zgn. coronavergoeding (tegemoetkoming in verband met extra kosten als

gevolg van het COVID 19 virus). Die vordering lijkt op het eerste gezicht niet te

incasseren nu een deugdelijke onderbouwing van de gevraagde bedragen

ontbreekt. Hier wordt echter nog verder onderzoek naar gedaan.

Na het faillissement zijn met Zorgkantoor, DJI en gemeente Rotterdam

afspraken gemaakt over de vergoeding van de verdere dienstverlening.

Vervolgens is met DJI toch discussie ontstaan. Inmiddels stelde DJI meer

inzicht te hebben gehad in het onderzoek naar de werkzaamheden voor het

faillissement en meende DJI dat er in het verleden ten onrechte was betaald.

Na overleg met DJI is dit standpunt weer door haar verlaten en is men tot

betaling overgegaan.

Uit hoofde van de voortzetting van de bedrijfsactiviteiten resteert nog een

vordering op de gemeente Rotterdam. De vordering op de gemeente

Rotterdam is relatief gering van omvang (€ 1.900). De gemeente wil

vooralsnog niet tot betaling overgaan, omdat zij het thans aangeleverde

overzicht van de geleverde zorg te beperkt acht om tot betaling over te gaan.

Omdat de administratie van de Stichting op het punt van de onderbouwing van

de verleende zorg (voor en na het faillissement) niet optimaal is nu niet altijd

consequent is bijgehouden welke zorgactiviteiten zijn verricht, is aanvulling

van het overzicht nog niet mogelijk gebleken.

19-10-2021

3

Een kosten / baten analyse maakt dat de curator geen verdere actie zal

nemen wat betreft het incasso van de vordering op de gemeente Rotterdam.

Het bewijs dat de gefactureerde dienstverlening ook daadwerkelijk in alle

gevallen is verricht, is niet aan te leveren anders dan het horen van de

betrokken zorgmedewerkers. Mede gegeven de lange periode die is

verstreken en het gegeven dat in de bewuste periode van veel ziekteverzuim

sprake was, is het bijzonder lastig om vast te stellen welke medewerker ten

behoeve van een bepaalde cliënt diensten heeft verricht.

19-01-2022

4

Geen opmerkingen. 26-04-2022

5

3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk

3.8 Andere activa

Toelichting andere activa

3.9 Werkzaamheden andere activa

Het onderhanden werk wordt gefactureerd. Over de periode mei 2021 zullen

ook nog vorderingen uit hoofde van verrichte werkzaamheden ontstaan.

04-05-2021

1

Er is een opbrengt van € 134.313,24 gerealiseerd. De werkzaamheden uit

hoofde van de WMO zorg moeten nog worden afgerekend. Het gaat hierbij om

een relatief klein bedrag (€ 1.900).

22-07-2021

2

De gemeente heeft aangegeven slechts tot betaling van de WMO zorg over te

gaan, indien de curator een uitgebreider overzicht verschaft van de geleverde

zorg. Voor zover mogelijk, zal de curator in de komende periode trachten een

dergelijk overzicht te verschaffen aan de gemeente.

19-10-2021

3

Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage

niet aangetroffen

Boedelvergoedingen contractsovername € 2.178,00
Domeinnaam € 60,50
totaal € 2.238,50 € 0,00

Van andere activa is nog niet gebleken. 04-05-2021

1

Er is medewerking gegeven aan contractsovername met betrekking tot een

tweetal leasevoertuigen. Hier is een vergoeding voor bedongen en ontvangen.

Daarnaast is een – meer symbolische – vergoeding verkregen voor overdracht

van een niet door de Stichting gebruikte domeinnaam.

22-07-2021

2

Geen opmerkingen. 19-10-2021

3

Er is een schikking getroffen met een voormalig dienstverlener van de Stichting

op wie een vordering bestond. Het schikkingsbedrag van € 15.000 is

recentelijk ontvangen.

26-01-2025

16

Geen opmerkingen. 12-05-2025

17

Vooralsnog geen. 04-05-2021

1

Er worden ten aanzien van dit onderwerp geen verdere werkzaamheden

verwacht.

22-07-2021

2

4.1 Debiteuren

Toelichting debiteuren

4. Debiteuren

Beschrijving Omvang Opbrengst Boedelbijdr.

Vorderingen op zorgkantoor, DJI en

derden (waaronder cliënten)

Vorderingen DJI € 225.282,69 € 225.282,69
totaal € 225.282,69 € 225.282,69 € 0,00

Toelichting debiteuren

4.2 Werkzaamheden debiteuren

De Stichting heeft zich jegens DJI en Zorgkantoor op het standpunt gesteld dat

er nog een aanzienlijke vordering op deze organisaties bestaat. Wat betreft

het DJI ziet de vordering onder meer op betaling van geleverde zorg alsmede

een vordering uit hoofde van een (zeer aanzienlijke) ‘coronavergoeding’. Die

laatste vordering zal zeker niet volledig worden voldaan. Voor wat betreft het

Zorgkantoor gaat het in ieder geval om zorgverlening over 2021 (tot aan de

datum van het faillissement). Daarnaast volgt uit de administratie ook nog van

vorderingen op derden. De vorderingen op derden zien onder meer op

vorderingen op cliënten uit hoofde van verschuldigde huurpenningen.

Klaarblijkelijk is in diverse gevallen sprake van een aanzienlijke

betalingsachterstand van cliënten ter zake van de huur.

Uit contacten met DJI en het Zorgkantoor volgt dat in ieder geval deze partijen

zich op het standpunt stellen dat de vorderingen worden betwist. Zowel DJI

als het Zorgkantoor hebben een beroep op opschorting van hun vermeende

betalingsverplichtingen gedaan. Gegeven de relatieve complexheid van de

geschillen is met betrokkenen afgesproken dat eerst nader informatie wordt

uitgewisseld. DJI heeft toegezegd een rapport beschikbaar te stellen waaruit

de bevindingen zouden volgen ter zake van de dienstverlening door de

Stichting (en welke conclusies DJI tot betwisting van de facturen / opschorting

van uitbetaling van de ‘coronasubsidie’ zouden nopen). Met het Zorgkantoor is

overeengekomen dat zij het al eerder ingang gezette onderzoek zullen

afronden. Eerst als die informatie bekend is, wordt verder overleg gevoerd.

04-05-2021

1

De vordering uit hoofde van de ‘corona-vergoeding’ wordt verder onderzocht,

maar lijkt niet zeer kansrijk. DJI heeft inmiddels een concept rapport ter

beschikking gesteld waaruit haar voorlopige bevindingen volgen. Die

rapportage is doorgeleid naar het bestuur in het kader van hoor en

wederhoor.

22-07-2021

2

De curator heeft besloten geen actie te nemen ten aanzien van de namens de

Stichting ingediende ‘corona-vergoeding’. Zorgaanbieders hebben een verzoek

kunnen indienen tot het vergoeden van extra kosten die het gevolg waren van

de pandemie (denk aan vergoeding voor extra desinfectiemiddelen). De

Stichting heeft om toekenning van een bijzonder hoog bedrag verzocht (circa €

700.000,-). De (gebrekkige) onderbouwing én de omvang maakte dat het

verzoek is afgewezen. De curator meent dat de extra kosten waar vergoeding

van kan worden verzocht zeer aanzienlijk lager zijn dan het oorspronkelijke

verzoek. Omdat DJI zich inmiddels voorts op het standpunt heeft gesteld een

aanzienlijke vordering te hebben op de Stichting uit hoofde van betaalde doch

ogenschijnlijk niet geleende zorg, is het niet zinvol te trachten alsnog een deel

van de vergoeding uitbetaald te krijgen.

19-10-2021

3

Geen opmerkingen. 19-01-2022

4

Facturatie en incasso van de vorderingen die voortvloeien uit de

zorgactiviteiten na het vonnis van faillietverklaring. Voorts moet onderzoek

gedaan worden naar de debiteurenadministratie en moet worden bezien of de

standpunten van DJI en Zorgkantoor terecht zijn.

04-05-2021

1

Onderzoek naar de gegrondheid van de corona-vergoeding en de vorderingen

op het Zorgkantoor. Daarnaast wordt onderzocht in hoeverre nog actie moet

worden genomen ten aanzien van vorderingen op derden (met name

22-07-2021

2

voormalig cliënten). Ten aanzien van de vordering op een voormalig

onderhuurder is reeds een concept dagvaarding opgesteld.

Uit de debiteurenadministratie is gevolgd dat er sprake is van enkele zeer

oude vorderingen op voormalig cliënten, die tevens van een behoorlijke

omvang waren. Uit de administratie volgt een totale debiteurenstand van €

490.325,51. Al voor het faillissement lijkt duidelijk te zijn geweest dat die

vorderingen veelal oninbaar waren. Voorts lijken veel vorderingen voor een te

hoog bedrag op de debiteurenlijst te zijn opgenomen. Gelet op de

kwetsbaarheid van de voormalig cliënten, is de curator vooralsnog

terughoudend met het aanschrijven van deze cliënten.

De curator heeft het bestuur om een toelichting gevraagd op het overzicht van

vorderingen op derden. Het bestuur heeft aangegeven dat men over de

juistheid van de debiteurenoverzichten geen uitspraken kan doen. In dit kader

is opgemerkt dat de verantwoordelijkheid voor de debiteurenadministratie bij

de afdeling debiteuren lag binnen de Stichting.

Indien noch uit een toelichting van het bestuur, noch uit de brondocumenten

(administratie) volgt dat de informatie in het debiteurenoverzicht wel degelijk

juist is, zal de curator ten aanzien van de desbetreffende vordering geen actie

nemen en deze als oninbaar / ten onrechte opgenomen aanmerken.

19-10-2021

3

Geen opmerkingen, anders dan dat de curator het bestuur opnieuw om een

toelichting heeft verzocht op de informatie zoals die uit de

debiteurenadministratie is gebleken.

19-01-2022

4

Met betrekking tot enkele debiteuren heeft de curator bericht ontvangen van

budgethulpverleners / gemeentelijke kredietbanken. Ten aanzien van één

debiteur is ingestemd met het betalingsvoorstel tegen finale kwijting. Voorts

blijkt één voormalig cliënt na het faillissement uit hoofde van een in het

verleden verstrekte periodieke overschrijving nog betalingen te hebben

verricht ten behoeve van (niet meer afgenomen) diensten. Deze na het

faillissement ontvangen bedragen zijn onverschuldigd overgemaakt en

inmiddels geretourneerd. Hiermee is een bedrag van € 600 gemoeid.

In de komende periode worden nog enkele beperkte incassowerkzaamheden

voorzien.

26-04-2022

5

Met enkele kleinere schuldenaren is een betalingsregeling getroffen. Het betrof

hier particulieren die een relatief klein bedrag verschuldigd waren en ten

behoeve van wie een schuldhulpverlener een voorstel heeft gedaan (al dan

niet in het kader van een minnelijke regeling die door de betrokken particulier

aan al haar schuldeisers is aangeboden).

21-07-2022

6

Er is een bedrag van € 1.280,72 ontvangen van de Gemeentelijke Kredietbank

in het kader van de sanering van een schuld van een debiteur.

27-10-2022

7

In het kader van een buitengerechtelijke sanering van de schulden van een

debiteur, is een voorstel gedaan om een bedrag van € 51,09 te voldoen tegen

finale kwijting. Dit voorstel is aanvaard. Uiteindelijk is in termijnen een bedrag

van € 47,28 ontvangen. Gegeven het geringe verschil (€ 3,81) is besloten geen

verdere actie te nemen.

25-01-2023

8

Van een laatste schuldenaar wordt periodiek nog een betaling in het kader van

een regeling ontvangen. Aldus is in de verslagperiode € 450 bijgeschreven op

de boedelrekening.

25-04-2023

9

5.1 Vordering van bank(en)

5.2 Leasecontracten

Van een laatste schuldenaar wordt periodiek een betaling ontvangen in het

kader van een regeling. In de verslagperiode is een bedrag van € 450

ontvangen uit hoofde van de regeling.

25-07-2023

10

In de afgelopen verslagperiode is wederom een bedrag van € 450 ontvangen

uit hoofde van voornoemde regeling.

25-10-2023

11

In de afgelopen verslagperiode is wederom een bedrag van € 450 ontvangen

uit hoofde van voornoemde regeling.

25-01-2024

12

Ook in de afgelopen periode is een bedrag van € 450 ontvangen uit hoofde

van de hiervoor omschreven regeling. Daarnaast geldt dat een andere

debiteur een minnelijk traject is gestart. De curator heeft bij de

schuldhulpverlener opgave gedaan van de vordering op betrokkene.

25-04-2024

13

In de afgelopen verslagperiode is wederom een bedrag van € 450 ontvangen

uit hoofde van voornoemde regeling. Bovendien is een regeling getroffen in het

kader van een saneringsvoorstel dat is gedaan door de Kredietbank Limburg

met betrekking tot de vordering op een voormalig cliënt.

25-07-2024

14

Er zijn betalingen ontvangen uit hoofde van regelingen met debiteuren. Eén

betaling ziet op een eenmalige afkoopsom in het kader van een

buitengerechtelijke sanering van de crediteurenpositie van een voormalig

patiënt. Hiermee is een bedrag van € 621,19 gemoeid. Daarnaast is uit hoofde

van een al eerder overeengekomen betalingsregeling een bedrag van € 300

ontvangen.

24-10-2024

15

Er zijn betalingen ontvangen uit hoofde van een betalingsregeling (€ 321,06).26-01-2025

16

5. Bank / Zekerheden

€ 2.720,00

Toelichting vordering van bank(en)

ING Bank N.V. heeft uit hoofde van een door haar uitgegeven creditkaart een

vordering. De Stichting heeft een drietal betaalrekeningen en een tweetal

spaarrekeningen aangehouden. Er is geen kredietfaciliteit overeengekomen.

Aan de bank zijn geen zekerheden verstrekt .

04-05-2021

1

5.2 Leasecontracten

5.3 Beschrijving zekerheden

5.4 Separatistenpositie

5.5 Eigendomsvoorbehoud

5.6 Retentierechten

Er is sprake van een twaalftal leaseovereenkomsten. De overeenkomsten

hebben betrekking op elf personenauto’s alsmede één bus. Voor zover de

voertuigen niet meer nodig waren in het kader van de voortzetting van de

activiteiten zijn afspraken gemaakt om tot inlevering van de voertuigen over te

gaan. Een deel van de voertuigen is al ingeleverd. Voor een ander deel is een

afspraak tot inname gemaakt. Twee van de leaseovereenkomsten zijn

zogenaamde financial leaseovereenkomsten. Bezien wordt of er uit hoofde van

die contracten mogelijk sprake is van een positieve opbrengst indien tot

afkoop wordt overgegaan. Gegeven het feit dat één van deze financial

leaseovereenkomsten relatief kort geleden is afgesloten, is de kans dat deze

overeenkomst nog een opbrengst te zien zal geven

04-05-2021

1

De leaseovereenkomsten zijn beëindigd. In een beperkt aantal gevallen is nog

enige tijd gebruikt gemaakt van de leasevoertuigen. Ondanks meerdere

verzoeken is nog geen factuur van de leasemaatschappijen ter zake van dit

gebruik ontvangen. Inmiddels zijn alle auto’s ingeleverd.

22-07-2021

2

Geen opmerkingen. 19-10-2021

3

Niet van toepassing. 04-05-2021

1

Niet van toepassing. 04-05-2021

1

Door een zeer beperkt aantal leveranciers is een beroep gedaan op een

eigendomsvoorbehoud. Er wordt onderzocht of dit beroep terecht is gedaan.

Voorts wordt onderzocht of de zaken waar het om zou gaan, nog aanwezig

zijn.

04-05-2021

1

Louter ten aanzien van geleverde blusapparatuur lijkt sprake te zijn van een

geldig overeengekomen eigendomsvoorbehoud. Met de leverancier heeft

overleg plaatsgevonden. Gegeven het feit dat de apparatuur geen zeer grote

waarde vertegenwoordigt en opgehaald moet worden, lijkt de leverancier te

willen bezien of overeenstemming kan worden gekregen met de eigenaar van

het pand waarin de apparatuur zich bevindt.

22-07-2021

2

Van de leverancier van de blusapparatuur is verder niet meer vernomen zodat

de curator aanneemt dat deze met de verhuurder tot overeenstemming is

gekomen.

19-01-2022

4

Geen opmerkingen. 26-04-2022

5

5.6 Retentierechten

5.7 Reclamerechten

5.8 Boedelbijdragen

5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden

6.1 Exploitatie / zekerheden

6.2 Financiële verslaglegging

Niet van toepassing. 04-05-2021

1

Niet van toepassing. 04-05-2021

1

€ 0,00

Toelichting

niet aan de orde.

04-05-2021

1

Geen. 04-05-2021

1

6. Voortzetten / doorstart onderneming

Voortzetten onderneming

Besloten is de activiteiten van de Stichting enige tijd voort te zetten. Er is om

machtiging van de rechters-commissarissen verzocht om hiertoe over te mogen

gaan. Die machtiging is verstrekt.

04-05-2021

1

De bedrijfsactiviteiten zijn eind mei 2021 gestaakt. 22-07-2021

2

6.2 Financiële verslaglegging

6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming

6.4 Beschrijving

6.5 Verantwoording

Uit het bijgesloten financieel overzicht volgt dat in de eerste weken na het

faillissement voor een bedrag van bijna € 30.000 aan bedrijfskosten zijn

voldaan. Die kosten zijn grotendeels conform de opgestelde

liquiditeitsprognose en bestaan voor een groot deel uit beveiligingskosten.

Voorts zijn uitgaven gedaan ter zake van verzekeringspenningen en ICT

kosten.

Er zijn nog geen opbrengsten gerealiseerd. Wél is er sprake van onderhanden

werk dat gefactureerd wordt. In de periode 8 tot en met 31 april 2021 is een

omzet gerealiseerd van circa € 72.000.

04-05-2021

1

Er is een bedrag van € 134.313,24 aan omzet gerealiseerd. Hiertegenover

staat een bedrag van € 63.346,32 aan betaalde kosten. Dit bedrag is het

saldo van € 5.006,08 (ICT kosten), € 45.296,93 (beveiliging), € 5.840 (leefgeld

en kosten boodschappen), € 675,04 (verzekering) en € 6.528,27 (overig,

waaronder energie, telecommunicatie en inzet ZZP’er). Het saldo zal nog wat

toenemen nu nog niet van alle kosten een opgave is ontvangen (lease).

Gegeven het feit dat personeelskosten en huur niet zijn inbegrepen in het

saldo kosten zijn de activiteiten verlieslatend gebleken. Continuering was

echter noodzakelijk teneinde een ordelijke overdracht te bewerkstelligen.

22-07-2021

2

Met enkele kritische leveranciers zijn afspraken gemaakt. Er is voorts een

afkoelingsperiode afgekondigd opdat gelegenheid bestaat om tot een

deugdelijke inventarisatie van rechten van derden te komen. Met de

medewerkers (met name zij die direct bij de zorgactiviteiten betrokken zijn)

vindt veelvuldig overleg plaats.

04-05-2021

1

Er heeft zeer intensief overleg plaatsgevonden met medewerkers van zowel

de Stichting als DJI, Zorgkantoor en (in veel mindere mate) de Gemeente

Rotterdam. Voorts zijn verhuurders zo goed als mogelijk op de hoogte

gehouden (en hebben deze ook zelf veelvuldig contact gezocht teneinde

geïnformeerd te worden).

22-07-2021

2

Doorstarten onderneming

Getracht wordt delen van de zorgactiviteiten van de Stichting door derden

voort te laten zetten. Gesprekken hierover zijn in een (zeer) ver gevorderd

stadium. Thans is al wel duidelijk dat het niet mogelijk zal zijn om tot een

integrale overname / voortzetting van de zorgactiviteiten te komen.

04-05-2021

1

Uiteindelijk is met twee partijen overeenstemming bereikt om een deel van de

activiteiten over te nemen. Een en ander heeft de nodige voeten in de aarde

gehad omdat – begrijpelijkerwijze – ook de cliënten zich moesten kunnen

vinden in de beoogd opvolgend zorgverlener.

22-07-2021

2

6.5 Verantwoording

6.6 Opbrengst

6.7 Boedelbijdrage

6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming

7.1 Boekhoudplicht

De verantwoording zal geschieden in de vorm van het financieel verslag en

rapportage aan de rechters-commissaris.

04-05-2021

1

Uit het bijgesloten financieel verslag volgt hetgeen is ontvangen en de

betalingen die zijn verricht.

22-07-2021

2

Toelichting

Nog niet bekend.

04-05-2021

1

€ 32.759,90

Toelichting

(goodwill)

22-07-2021

2

Toelichting

Niet van toepassing.

04-05-2021

1

Kort na het faillissement is informatie verzameld omtrent de bedrijfsvoering van

de Stichting. Die informatie is ontdaan van persoonsgegevens en beschikbaar

gemaakt voor partijen die interesse hebben getoond in een mogelijke

overname. De betrokken partijen hebben die inzage gekregen na het

ondertekenen van een geheimhoudingsverklaring.

Met de meest gerede partijen zijn de gesprekken voortgezet. De verwachting

is dat binnen afzienbare termijn duidelijk zal zijn welk deel van de

zorgactiviteiten kan worden voortgezet door derden en wat de gevolgen

hiervan zijn voor boedel en medewerkers

04-05-2021

1

De gesprekken zijn afgerond. 22-07-2021

2

Geen opmerkingen. 19-01-2022

4

7. Rechtmatigheid

Hier wordt nog onderzoek naar gedaan. 04-05-2021

7.2 Depot jaarrekeningen

1

Het onderzoek is gestart. De voorlopige bevindingen zullen binnenkort met het

bestuur worden gedeeld.

22-07-2021

2

Op korte termijn zal een gesprek worden gepland. 19-10-2021

3

In plaats van een gesprek is er voor gekozen de voorlopige bevindingen

schriftelijk te delen en om een toelichting te verzoeken.

19-01-2022

4

Recentelijk heeft een bespreking plaatsgevonden waarin de voorlopige

bevindingen aan de orde zijn gekomen.

26-04-2022

5

Er zijn conservatoire beslagmaatregelen genomen en bezien wordt of alsnog

een oplossing in der minne kan worden bereikt.

21-07-2022

6

Een oplossing is niet bereikt zodat thans de rechtbank de knoop dient door te

hakken.

27-10-2022

7

Geen opmerkingen. 25-01-2023

8

In de aanhangige procedure staat voor vonnis dan wel doorhaling in verband

met bereikte schikking.

25-04-2023

9

Partijen hebben geen overeenstemming bereikt over een schikking. De

aanhangige procedure staat voor vonnis (na aanhouding door de rechtbank).

25-07-2023

10

De rechtbank heeft op 6 september 2023 vonnis gewezen. 25-10-2023

11

Het bestuur heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van 6 september

2023.

25-01-2024

12

De zaak stond op de rolzitting van 9 april 2024. Er is op die rolzitting om een

uitstel van vier weken gevraagd, welk uitstel ook is verleend.

25-04-2024

13

Namens het bestuur is een memorie van grieven genomen. De procedure staat

thans voor memorie van antwoord op de rol van 13 augustus 2024.

25-07-2024

14

Er is om een mondelinge behandeling verzocht. Deze zitting is geagendeerd op

19 september 2025.

24-10-2024

15

Geen opmerkingen. 26-01-2025

16

7.2 Depot jaarrekeningen

7.3 Goedkeuringsverklaring accountant

7.4 Stortingsverplichting aandelen

7.5 Onbehoorlijk bestuur

Er is één jaarrekening gedeponeerd, namelijk die van het boekjaar 2016.

Onderzocht wordt nog of de stichting verplicht was tot deponering over te

gaan. Op basis van de omzet is dat niet het geval, op basis van de activiteiten

mogelijk wel. Er zijn voorts jaarrekeningen over 2018 en 2019 opgesteld, doch

die zijn niet openbaar gemaakt.

04-05-2021

1

Er is in het kader van de Wet Normering Topinkomens 2018 een

controleverklaring door de accountant afgelegd.

04-05-2021

1

Met de accountant is een afspraak gemaakt ten behoeve van een bespreking.19-10-2021

3

Er heeft een bespreking met de accountant plaatsgevonden. Er wordt thans

overleg gevoerd over de vraag in hoeverre er een verplichting bestaat voor de

accountant om bepaalde gegevens ter beschikking te stellen. Dit overleg is nog

niet afgerond.

19-01-2022

4

De accountant heeft nadere stukken toegezonden. Deze zijn grotendeels

doorgenomen maar bieden weinig tot geen nieuwe inzichten.

26-04-2022

5

Geen opmerkingen. 21-07-2022

6

Niet van toepassing. 04-05-2021

1

7.5 Onbehoorlijk bestuur

7.6 Paulianeus handelen

Toelichting

Is nog niet onderzocht. Zoals bij elk faillissement zal de curator onderzoek

doen naar de oorzaken van het faillissement en de rol van het bestuur.

04-05-2021

1

Toelichting

Dit wordt onderzocht doch het is thans nog niet opportuun hier verdere

mededelingen over te doen.

22-07-2021

2

Toelichting

Het bestuur is in kennis gesteld van de voorlopige bevindingen van de curator.

19-01-2022

4

Toelichting

Er vindt overleg plaats.

26-04-2022

5

Toelichting

Er heeft een bespreking plaatsgevonden op de rechtbank in verband met een

door de curator aan de rechter-commissaris verzochte procesmachtiging. Het

bestuur heeft haar standpunt bij die bespreking kenbaar gemaakt.

21-07-2022

6

Toelichting

De rechter-commissaris heeft de procesmachtiging verleend. Nu geen regeling

tot stand is gekomen is de procedure aanhangig gemaakt.

27-10-2022

7

Toelichting

Er is een eindvonnis gewezen. De bestuurders hebben beroep ingesteld.

25-01-2024

12

Toelichting

Het wachten is op de memorie van grieven.

25-04-2024

13

Toelichting

Namens het bestuur is een memorie van grieven genomen. De procedure staat

thans voor memorie van antwoord.

25-07-2024

14

Toelichting

Nog niet onderzocht. Ook het onderzoek naar mogelijk paulianeus handelen

zal nog moeten worden uitgevoerd.

04-05-2021

1

Toelichting

22-07-2021

2

Wordt onderzocht.

Toelichting

Er is sprake van diverse betalingen aan gelieerde partijen in de periode kort

voor het faillissement. Eén van deze partijen is inmiddels aangeschreven.

19-10-2021

3

Toelichting

Het onderzoek heeft tot vragen geleid die aan het bestuur zijn voorgelegd.

19-01-2022

4

Toelichting

Met de partij aan wie kort voor het faillissement betalingen zijn verricht heeft

overleg plaatsgevonden in de vorm van een bijeenkomst ten overstaan van de

rechter-commissaris. Enige tijd nadien is er door de betrokken partij een

schikkingsvoorstel gedaan. Dit voorstel is verworpen en namens de curator is

een tegenvoorstel gedaan. Of uiteindelijk overeenstemming kan worden

bereikt is thans nog niet duidelijk nu de voorstellen van partijen behoorlijk ver

uit elkaar liggen.

26-04-2022

5

Toelichting

Het oorspronkelijk gedane voorstel is niet geaccepteerd. De in de vorige alinea

bedoelde partij heeft aangegeven een nieuw voorstel te zullen doen. Dat blijft

uit.

21-07-2022

6

Toelichting

Geen opmerkingen.

27-10-2022

7

Toelichting

De discussie met de genoemde partij, Precaution Security B.V., is uitgemond tot

een toewijzend vonnis waarin Precaution Secyurity B.V. is veroordeeld tot

betaling van een bedrag in hoofdsom van EUR 41.050,00.

25-01-2024

12

Toelichting

Nu verhaal niet mogelijk lijkt te zijn, wordt onderzocht of en zo ja welke actie

verder nog ondernomen moet worden.

25-04-2024

13

Toelichting

Onderzocht wordt of het faillissement moet worden aangevraagd van de

betrokken schuldenaar.

25-07-2024

14

Toelichting

Het verzoek tot faillietverklaring wordt ingediend.

24-10-2024

15

Toelichting

26-01-2025

16

7.7 Toelichting rechtmatigheid

7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid

8.1 Boedelvorderingen

Nadat het verzoek was ingediend, is overleg gevoerd over een schikking.

Partijen hebben uiteindelijk overeenstemming bereikt.

Toelichting

Dit punt is afgehandeld.

12-05-2025

17

Nog niets over te melden. 04-05-2021

1

Het onderzoek moet nog plaatsvinden. In dit verband is mede (digitale)

administratie veilig gesteld.

04-05-2021

1

Dit onderwerp wordt mede besproken in overleg met DJI (en – in mindere mate

- ) het Zorgkantoor.

22-07-2021

2

Met onder meer het DJI wordt periodiek overleg gevoerd. Deze partij is (ook)

een onderzoek gestart onder meer naar de vraag of de in rekening gebrachte

zorg ook daadwerkelijk is verleend. DJI is recentelijk verzocht aan te geven

wat de status van dit onderzoek is.

19-01-2022

4

DJI lijkt het onderzoek voorlopig stil te hebben gelegd, mede gegeven het

faillissement van de Stichting.

26-04-2022

5

8. Crediteuren

€ 13.060,30

Toelichting

Het betreft hier vorderingen van verhuurders ter zake van huurpenningen die

zien op de periode na het vonnis van faillietverklaring. Het geheel aan

boedelvorderingen zal in de komende periode aanzienlijk toenemen. Niet

alleen verhuurders zullen hiervan opgave doen, doch ook het UWV zal een

aanzienlijke boedelvordering hebben.

04-05-2021

1

€ 47.733,04

Toelichting

Het betreft vorderingen van verhuurders. De boedelvordering van UWV is nog

niet ontvangen.

22-07-2021

2

8.2 Pref. vord. van de fiscus

€ 46.859,05 19-10-2021

3

€ 355.718,74

19-01-2022

4

€ 355.727,74

Toelichting

Er heeft een kleine correctie (€ 9,0) op een vordering van een

boedelschuldeiser plaatsgevonden.

26-04-2022

5

€ 406.025,10

25-04-2023

9

€ 431.968,78

Toelichting

Het UWV heeft een aanvullende boedelvordering ingediend van € 25.943,68.

De totale boedelvordering van het UWV bedraagt € 378.933,38.

25-10-2023

11

€ 833.133,28

Toelichting

De vordering ziet met name op niet betaalde loonbelasting (uit zowel 2018,

2019, 2020 en de eerste maanden 2021). Daarnaast zou er sprake zijn van

vorderingen uit hoofde van vennootschapsbelasting.

Namens de belastingdienst is verzocht op korte termijn een bespreking te

plannen teneinde over het dossier van gedachten te kunnen wisselen. Er is

voorts aangegeven dat de uiteindelijke vordering waarschijnlijk hoger is dan

waarvan thans opgave is gedaan.

04-05-2021

1

€ 866.502,28

Toelichting

Ondanks meerdere verzoeken is nog geen contact opgenomen met de curator

voor het maken van een afspraak ten behoeve van een bespreking.

22-07-2021

2

€ 968.123,28

Toelichting

Geen opmerkingen.

19-10-2021

3

€ 1.021.151,28

Toelichting

19-01-2022

4

8.3 Pref. vord. UWV

Namens de belastingdienst is aangegeven dat de lange periode van stilte het

gevolg is geweest van de Covid-19 maatregelen doch dat thans op korte

termijn een (fysieke?) bespreking wordt gepland.

€ 994.693,28

Toelichting

Er heeft uiteindelijk (telefonisch) overleg met de belastingdienst

plaatsgevonden en er zijn enige gegevens uitgewisseld. De vordering van de

fiscus is enigszins in neerwaartse zin bijgesteld.

26-04-2022

5

€ 966.533,28

Toelichting

De aanslag Vpb over 2021 is verlaagd tot € 2.924.

25-01-2023

8

€ 966.533,28

25-04-2023

9

€ 966.348,28

Toelichting

Er heeft een heel kleine neerwaartse aanpassing plaatsgevonden.

24-10-2024

15

Toelichting

Geen opmerkingen.

12-05-2025

17

8.3 Pref. vord. UWV

8.4 Andere pref. crediteuren

€ 0,00

Toelichting

De vordering van het UWV is nog niet bekend.

04-05-2021

1

€ 437.994,69

Toelichting

Met het fraudeteam van het UWV heeft overleg plaatsgevonden.

19-01-2022

4

Toelichting

In de hoogte van de vordering van het UWV heeft zich in de verslagperiode

geen wijziging voorgedaan. Er is diverse malen overleg met een medewerkster

van het fraudeteam van het UWV.

26-04-2022

5

Toelichting

Er vindt periodiek overleg met medewerkers van het UWV plaats. In de

omvang van de vordering is geen wijziging opgetreden.

25-01-2023

8

€ 487.424,20

Toelichting

In de verslagperiode is de vordering van het UWV in opwaartse zin bijgesteld.

25-04-2023

9

Toelichting

Geen wijziging in de verslagperiode.

24-10-2024

15

€ 28.948,64

Toelichting

Veel (oud-)medewerkers hebben vorderingen die niet (geheel) overgenomen

zullen worden door het UWV. De vorderingen zien met name op niet

uitbetaalde zorgbonussen. Voorlopig heeft een negental (ex-)medewerkers

een opgave gedaan. Het is goed denkbaar dat een deel van de nu ingediende

vorderingen uiteindelijk zal worden overgenomen door het UWV.

04-05-2021

1

€ 25.218,75

Toelichting

Deze post zal waarschijnlijk in neerwaartse zin moeten worden bijgesteld nu

een deel van de vorderingen betrekking heeft op de zorgbonus. Deze wordt

door het UWV voldaan (en zal uiteindelijk via de vordering van het UWV

worden geadministreerd).

22-07-2021

2

8.5 Aantal concurrente crediteuren

€ 27.461,58

Toelichting

Het UWV is verzocht aan te geven aan welke ex-medewerkers zorgbonussen

zijn uitgekeerd. Voor zover deze partijen vorderingen bij de curator hebben

ingediend, zullen zij benaderd worden met het verzoek te bevestigen dat de

vordering kan worden verwijderd.

19-10-2021

3

€ 24.261,58

19-01-2022

4

Toelichting

In de opgave van de vorderingen van de ex-medewerkers die zien op de

zorgbonus is in de afgelopen periode geen verdere wijziging opgetreden

ondanks het feit dat het UWV de zorgbonus over 2020 alsnog heeft vergoed.

26-04-2022

5

€ 22.218,75

Toelichting

In de verslagperiode is nader onderzoek gedaan naar de gegrondheid van de

ingediende vorderingen en is bij enkele van de betrokken schuldeisers om

nadere informatie verzocht. Het veelal uitblijven van een reactie heeft er toe

geleid dat een deel van de vorderingen alsnog als voorlopig betwist is

genoteerd.

Thans geldt dat aan ingediende vorderingen van voormalig medewerkers een

bedrag uit hoofde van gevorderd salaris en compensatiebonus ad € 15.723,53

is genoteerd. Voorts zijn enkele vorderingen van voormalig medewerkers uit

hoofde van een niet verkregen zorgbonus alsnog voorlopig betwist. Hiermee is

een bedrag van € 5.000,00 gemoeid. Tot slot is er sprake van een tweetal

overige preferente vorderingen (uit hoofde van 2/5 deel van de

aanvraagkosten van het faillissement) voor een bedrag van € 1.495,22. Het

overige deel (3/5 deel) van de aanvraagkosten van het faillissement is nog niet

ter verificatie ingediend. Hiermee is een bedrag van € 2.242,83 gemoeid.

27-10-2022

7

Toelichting

Geen opmerkingen.

25-01-2023

8

32

Toelichting

Aan de hand van de crediteurenadministratie van de Stichting zijn de diverse

partijen aangeschreven. Een groot deel zal nog opgave van vorderingen

moeten doen. Uit de administratie volgt dat er bijna honderd crediteuren met

een saldo aan vorderingen van ruim € 1.2 miljoen.

04-05-2021

1

54

22-07-2021

2

8.6 Bedrag concurrente crediteuren

57 19-10-2021

3

61

19-01-2022

4

Toelichting

Eerder bleek dat een groot deel van de schuldeisers nog geen opgave had

gedaan van vorderingen. Er zou sprake zijn van een 130-tal schuldeisers, daar

waar tot dusverre 61 schuldeisers opgave hebben gedaan. In de

verslagperiode is een vordering van het Zorgkantoor ingediend, doch deze is

nog niet voorlopig beoordeeld. De vordering beloopt een zeer substantieel

bedrag.

26-04-2022

5

64

27-10-2022

7

Toelichting

Het voorlopig onderzoek naar de gegrondheid van de vordering van het

zorgkantoor is nog niet afgerond.

25-01-2023

8

69

Toelichting

Het saldo aan vorderingen alsmede het aantal schuldeisers dat opgave van

een vordering heeft gedaan is wat toegenomen.

25-04-2023

9

Toelichting

Geen opmerkingen.

25-07-2023

10

70

Toelichting

In de afgelopen verslagperiode heeft het UWV een aanvullende vordering ad €

183.347,72 ingediend (pensioenpremies)

25-10-2023

11

Toelichting

Geen opmerkingen.

25-01-2024

12

Toelichting

Geen wijzigingen in de verslagperiode.

24-10-2024

15

€ 216.017,80

04-05-2021

1

Toelichting

Het bedrag aan voorlopig erkende vorderingen zal in de komende periode naar

alle waarschijnlijk fors stijgen.

€ 915.396,72

Toelichting

Inmiddels worden nauwelijks meer vorderingen ter verificatie aangemeld. De

administratie gaat echter uit van een aanzienlijk hoger bedrag aan concurrente

crediteuren (€ 1.2 miljoen).

22-07-2021

2

€ 938.083,59

Toelichting

Het aantal partijen dat een vordering ter verificatie heeft ingediend is

nauwelijks toegenomen ten opzichte van de situatie ten tijde van het vorig

verslag.

19-10-2021

3

€ 939.896,76

Toelichting

Geen opmerkingen.

19-01-2022

4

€ 1.335.005,58

Toelichting

In de afgelopen verslagperiode heeft het pensioenfonds een vordering

ingediend tot een bedrag van € 244.287,78 en heeft het RVO een vordering

van € 150.000,- ingediend uit hoofde van nog terug te betalen subsidies.

Tevens is door Leaseplan Nederland nog een vordering ingediend tot een

bedrag van € 821,04.

27-10-2022

7

Toelichting

Geen opmerkingen.

25-01-2023

8

€ 1.367.068,42

Toelichting

Het saldo aan ingediende vorderingen is wederom wat toegenomen, onder

meer door een nieuwe vordering van RVO (Rijksdienst voor Ondernemend

Nederland).

25-04-2023

9

Toelichting

Geen opmerkingen.

25-07-2023

10

€ 1.550.416,14

Toelichting

25-10-2023

11

8.7 Verwachte wijze van afwikkeling

8.8 Werkzaamheden crediteuren

9.1 Naam wederpartijen

Het saldo van de ingediende vorderingen is toegenomen door een vordering

van het UWV.

Toelichting

Geen opmerkingen.

25-01-2024

12

Toelichting

Geen wijziging in de verslagperiode.

24-10-2024

15

Hierover is nu nog weinig concreets te melden. 04-05-2021

1

Pas als het geheel aan boedelvordering bekend is, zal iets meer gezegd

kunnen worden over de wijze van afwikkeling.

22-07-2021

2

Geen opmerkingen. 25-01-2023

8

Geen wijzigingen in de verslagperiode. 24-10-2024

15

De aanspraken worden geïnventariseerd. Voor zover crediteuren een beroep

hebben gedaan op een eigendomsvoorbehoud (dat is tot dusverre in beperkte

mate het geval) worden deze aanspraken gecontroleerd en

04-05-2021

1

Met uitzondering van de nog niet afgehandelde kwestie ter zake van de

geleverde en onbetaald gebleven brandblusapparatuur is geen verdere actie

voorzien.

22-07-2021

2

De brandblusapparatuur is – voor zover de curator bekend – deels opgehaald

en deels verkocht aan een verhuurder.

19-10-2021

3

Geen verdere werkzaamheden. 19-01-2022

4

9. Procedures

Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V.

De heer M. Fatih.

De heer B.I. Besembun.

04-05-2021

1

9.2 Aard procedures

De heer en mevrouw Raafenberg 27-10-2022

7

Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V.

Tussen de Stichting en het Zorgkantoor is in mei 2020 een procedure gevoerd.

De aanleiding van het geding was de beslissing van het Zorgkantoor om de

overeenkomst die met de Stichting was gesloten te beëindigen. Bovendien

heeft het Zorgkantoor begin maart 2020 aangegeven de betalingen aan de

Stichting op te schorten. Als toelichting heeft het Zorgkantoor aangegeven dat

er zorgen bestonden omtrent de financiële situatie. Die zorg was mede het

gevolg van het feit dat de Stichting geen, althans onvoldoende, inzicht zou

hebben gegeven in financiële gegevens.

Uit de toelichting die aan de curator is gegeven volgt dat het Zorgkantoor het

vermoeden heeft gehad dat er gedeclareerde zorg niet in alle gevallen

daadwerkelijk is verstrekt. Het Zorgkantoor heeft het verzoek gedaan op

dossierniveau controles uit te kunnen voeren.

In de procedure – die is uitgemond in een beslissing van de

voorzieningenrechter van 15 mei 2020 (ECLI:NL:RBDHA:2020:4789) – heeft de

voorzieningenrechter geoordeeld dat een tweetal (oudere) fraudemeldingen

voldoende basis zijn voor een fraudeonderzoek op detailniveau. Dat

onderzoek zou dan louter betrekking kunnen hebben op de twee dossiers

waarop de fraudemelding betrekking heeft gehad. Voorts is het voorlopige

oordeel gegeven dat het Zorgkantoor niet tot ontbinding van de met de

Stichting overeenkomst had kunnen overgaan.

Na wijzen van het vonnis hebben gesprekken plaatsgevonden over de door

het Zorgkantoor gewenste controle. De Stichting en het Zorgkantoor zijn

uiteindelijk overeengekomen dat een vijftiental dossiers zou worden

gecontroleerd. Die controle is niet afgerond. De Stichting en het Zorgkantoor

hebben een verschillende visie ten aanzien van het antwoord op de vraag wie

er verantwoordelijk voor is dat dit onderzoek is gestaakt.

Namens het Zorgkantoor is hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van 15

mei 2020.

In overleg met het Zorgkantoor heeft de curator aangegeven dat het

dossieronderzoek spoedig moet worden hervat. De stukken hiertoe zijn

verzameld. Het onderzoek zal waarschijnlijk (deels) op het kantoor van de

curator plaatsvinden.

M. Fatih

Wat betreft Fatih geldt dat deze op staande voet is ontslagen. Tegen dit

ontslag is geprotesteerd. De juridisch adviseur van Fatih heeft de curator

verzocht dit ontslag in te trekken in verband met de aanspraken van Fatih

jegens het UWV. Een procedure is – zo begrijpt de curator – nog niet

begonnen. De curator heeft nog geen standpunt in kunnen nemen voor wat

betreft het ontslag op staande voet; mede nu de lezingen van Fatih en de

Stichting (vrijwel) haaks op elkaar lijken te staan. Beide partijen verwijten

elkaar onder meer valsheid in geschrifte.

B.I. Besembun

Besembun is op non-actief gesteld nu de Stichting over informatie zou

beschikken waaruit zou zijn af te leiden dat betrokkene concurrerende

04-05-2021

1

9.3 Stand procedures

werkzaamheden (gericht op het beginnen van een concurrerende

onderneming) zou zijn gaan ontplooien. Besembun is enige tijd nadien op

staande voet ontslagen. Besembun heeft onder meer vernietiging van het

ontslag op staande voet gevorderd. De Stichting heeft op haar beurt

ontbinding van de arbeidsovereenkomst gevorderd.

Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V.

Het dossieronderzoek is verder afgerond op het kantoor van de curator. De

curator dient zich uit te laten over overneming van de aanhangige procedure.

M. Fatih

De curator heeft – na onderzoek van het dossier - aangegeven dat het ontslag

op staande voet niet wordt gehandhaafd nu hiervoor onvoldoende grond is

gebleken.

B.I. Besembun

Geen opmerkingen.

22-07-2021

2

Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V.

Het overleg met het Zorgkantoor heeft niet tot een gemeenschappelijk

standpunt geleid. De advocaten van het Zorgkantoor hebben recentelijk

namens hun cliënte een grote vordering ingediend. Die vordering is nog niet op

de lijst van voorlopig erkende of betwiste crediteuren geplaatst nu de curator

eerst een reactie richting de advocaat van het Zorgkantoor wil verzenden.

19-01-2022

4

De heer en mevrouw Raafenberg

Er is een procedure aanhangig gemaakt waarin de rechtbank – zakelijk

weergegeven – wordt verzocht het bestuur van de Stichting te veroordelen tot

betaling van een bedrag van ruim € 730.000 aan de boedel. In die procedure

hebben gedaagden op 30 november 2022 de gelegenheid een schriftelijke

reactie in te dienen. Gedaagden betwisten de stellingen van de curator en

menen dat deze elke grond ontberen.

27-10-2022

7

Er is namens het bestuur een conclusie van antwoord ingediend. 25-01-2023

8

De comparitie van partijen heeft plaatsgevonden. 25-04-2023

9

Na de comparitie van partijen is onderzocht of een schikking tot de

mogelijkheden behoort. Partijen hebben uiteindelijk geen overeenstemming

bereikt over een regeling. De procedure staat voor vonnis.

25-07-2023

10

De rechtbank heeft op 6 september 2023 eindvonnis gewezen. 25-10-2023

11

9.3 Stand procedures

9.4 Werkzaamheden procedures

De procedure tegen het Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V. is geschorst. De

curator zal worden opgeroepen om het geding al dan niet over te nemen.

In de zaak Fatih moet aan de hand van de diverse stukken de positie van

partijen worden beoordeeld.

In de procedure tussen de Stichting en de heer Besembun is op 13 april 2021

een (eind-)beschikking gewezen. De kantonrechter heeft de opzegging van de

arbeidsovereenkomst vernietigd en deze vervolgens ontbonden per 1 juni

2021 onder toekenning van een transitievergoeding.

04-05-2021

1

Alleen in de procedure tegen het Zorgkantoor dient nog verdere actie

genomen te worden.

22-07-2021

2

In de procedure tegen het bestuur staat de zaak op de rolzitting van 30

november 2022.

27-10-2022

7

Inmiddels is in de procedure tegen het bestuur een comparitie van partijen

gelast.

25-01-2023

8

De procedure tegen het bestuur staat voor vonnis respectievelijk doorhaling

indien schikking zou worden bereikt.

25-04-2023

9

De procedure staat voor vonnis. 25-07-2023

10

Er is vonnis gewezen. 25-10-2023

11

In de procedure tegen het bestuur is op 6 september 2023 vonnis gewezen.

De bestuurders zijn hoofdelijk veroordeeld tot betaling van een bedrag aan de

boedel van circa EUR 550.000,-. Het bestuur heeft hoger beroep ingesteld.

In de procedure tegen Precaution Security B.V. is op 20 december 2023 een

verstekvonnis gewezen. Precaution Security B.V. is veroordeeld tot betaling

van een bedrag van circa 40.000,- aan de boedel.

25-01-2024

12

Zie de eerder in het verslag geplaatste opmerkingen. 25-04-2024

13

Wat betreft de stand van de procedures wordt verwezen naar de overige

opmerkingen in het verslag.

25-07-2024

14

9.4 Werkzaamheden procedures

10.1 Plan van aanpak

Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V.

Teneinde een standpunt in te kunnen nemen, is om toezending van het (lijvig)

procesdossier verzocht. Dit moet worden bestudeerd.

04-05-2021

1

Er heeft overleg plaatsgevonden met de (voormalig) advocaat van de Stichting.

Deze heeft een voorstel gedaan ten behoeve van voortzetting van zijn

werkzaamheden. Dit zou zinvol kunnen zijn nu dit voorkomt dat de

behandeling van het dossier geheel opnieuw moet worden opgepakt door een

kantoorgenoot van de curator. Er is nog geen beslissing genomen, nu nog niet

helder is of de procedure wordt overgenomen.

22-07-2021

2

De procedure is geschorst. 19-10-2021

3

In de procedure tegen het bestuur is het wachten op de conclusie van

antwoord.

27-10-2022

7

Zie de informatie die onder 9.3 is weergegeven. 25-01-2023

8

10. Overig

Allereerst dient duidelijk te zijn welke zorgactiviteiten door derden

overgenomen kunnen worden. Daar waar dit niet mogelijk blijkt te zijn, zal in

overleg met de betrokkenen (DJI, Zorgkantoor en gemeente Rotterdam) tot

afbouw en overdracht moeten worden gekomen. Aan de hand hiervan zal ook

bezien moeten worden welke huurovereenkomsten moeten worden beëindigd

en welke panden moeten worden opgeleverd aan de diverse verhuurders.

Voorts zullen de werkzaamheden uit de boedelperiode moeten worden

gedeclareerd. Er zal tevens bezien moeten worden of de opschorting door DJI

en het Zorgkantoor terecht is.

In een later stadium zal (verder) onderzoek naar de oorzaken van het

faillissement moeten plaatsvinden.

04-05-2021

1

Nu het grootste deel van de werkzaamheden in het kader van de afbouw en

overdracht zijn uitgevoerd, richt de aandacht zich op het oorzakenonderzoek.

Daar zal in de volgende verslagen waarschijnlijk meer op kunnen worden

ingegaan.

22-07-2021

2

In het kader van het oorzakenonderzoek hebben diverse besprekingen

plaatsgevonden en staan nog enkele besprekingen gepland (onder meer met

de accountant). Het onderzoek is nog niet afgerond.

19-10-2021

3

De voorlopige bevindingen zijn met het bestuur gedeeld. 26-04-2022

5

10.2 Termijn afwikkeling faillissement

10.3 Indiening volgend verslag

10.4 Werkzaamheden overig

Indien geen regeling met het bestuur kan worden getroffen lijkt een procedure

onvermijdelijk en zal de rechter-commissaris om een machtiging worden

verzocht om een dagvaarding uit te kunnen laten brengen.

21-07-2022

6

Geen opmerkingen. 27-10-2022

7

In dit stadium valt nog niets te zeggen over de termijn waarbinnen het

faillissement afgewikkeld zal zijn.

04-05-2021

1

Gegeven de stand van zaken (het wachten is op de verdere behandeling van

het hoger beroep) zal de rechter-commissaris om toestemming worden

verzocht het volgend verslag op een langere termijn in te mogen dienen.

24-10-2024

15

Hoewel toestemming is verkregen de verslaglegging elke zes maanden (in

plaats van drie maanden) te laten plaatsvinden, is dit verslag toch binnen de

gebruikelijke periode ingesteld nu er in de verslagperiode enige ontwikkelingen

hebben plaatsgevonden.

26-01-2025

16

Ook nu geldt dat, hoewel er in dit faillissement elke zes maanden een verslag

wordt ingediend, er voor is gekozen toch een tussentijds verslag op te stellen

nu er zich enige ontwikkelingen hebben voorgedaan (bijeenkomst rechtbank/

overleg bestuur).

12-05-2025

17

28 maart 2026 of zoveel eerder als nodig. 28-10-2025

18

Het volgende verslag wordt ingediend op 30 juni 2026, dan wel zoveel

eerder als nodig.

26-01-2026

19

30-6-2026 26-01-2026

19

10.4 Werkzaamheden overig

Bijlagen

Naast de werkzaamheden die onder 10.1 zijn genoemd zal oplevering van de

panden en verkoop van inventaris in de komende periode ter hand moeten

worden genomen.

04-05-2021

1

Geen 22-07-2021

2

Als belangrijkste resterende activiteit geldt het hoger beroep in de procedure

tegen het bestuur.

25-04-2024

13

Afronding appel procedure en mogelijk aanvraag faillissement van een

schuldenaar.

25-07-2024

14

Wachten op verdere behandeling van het hoger beroep. 24-10-2024

15

Bespreking ten overstaan van rechter-commissaris met bestuur en zijn

advocaat. Wachten op verder verloop procedure in hoger beroep.

26-01-2025

16

In bewaring laten nemen administratie. 26-01-2026

19

Bijlagen