Platte tekst van het verslag
Openbaar faillissementsverslag
rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)
Naam onderneming
Gegevens onderneming
Activiteiten onderneming
Financiële gegevens
Betreft
Algemene gegevens
Stichting Care 2 Get There ( hierna aan te duiden als: de ‘Stichting’) 04-05-2021
1
De Stichting is gevestigd te Rotterdam en houdt kantoor aan de Strevelsweg
690 te (3083 AR) Rotterdam. De Stichting is ingeschreven in het
handelsregister van de kamer van koophandel onder nummer 62095730.
04-05-2021
1
Uit de inschrijving in het handelsregister volgt dat de Stichting als inschrijving
heeft doen noteren: overig maatschappelijk advies, gemeenschapshuizen en
samenwerkingsorganen op het gebied van welzijn.
Feitelijk werden zorgactiviteiten verricht op de gebieden Forensische Zorg (op
basis van een overeenkomst met Dienst Justitiële Inrichtingen, DJI), WLZ
activiteiten (voorheen op basis van een contract met het Zilveren Kruis
Zorgkantoor N.V. (het ‘Zorgkantoor) en WMO ( op basis van individuele
overeenkomsten met cliënten).
04-05-2021
1
Toelichting financiële gegevens
Gemiddeld aantal personeelsleden
Boedelsaldo
De informatie is afkomstig uit de jaarverslagen zoals deze in de interne
administratie van de Stichting beschikbaar waren.
04-05-2021
1
38
04-05-2021
1
€ 225.083,03
04-05-2021
1
€ 285.112,88
22-07-2021
2
€ 147.609,68
19-10-2021
3
€ 147.281,83
19-01-2022
4
€ 175.400,44
26-04-2022
5
€ 102.396,06
21-07-2022
6
€ 104.465,48
27-10-2022
7
€ 101.598,44
25-01-2023
8
€ 60.942,12
25-04-2023
9
€ 60.721,55
25-07-2023
10
€ 60.751,96
25-10-2023
11
€ 59.586,10
25-01-2024
12
€ 30.432,64
25-04-2024
13
Verslagperiode
€ 28.810,58 25-07-2024
14
€ 29.694,50
24-10-2024
15
€ 44.220,39
26-01-2025
16
€ 44.201,52
12-05-2025
17
€ 42.874,99
28-10-2025
18
€ 167.842,54
Toelichting
Naast betaling van bankkosten (€ 12,00) zijn kosten aan de kamer van
koophandel voldaan (€ 20,45) en is een bedrag in het kader van een
schikking ontvangen (€ 125.000).
26-01-2026
19
van
8-4-2021
t/m
23-4-2021
04-05-2021
1
van
24-4-2021
t/m
30-6-2021
22-07-2021
2
van
1-7-2021
t/m
30-9-2021
19-10-2021
3
van
1-10-2021
t/m
31-12-2021
19-01-2022
4
van 26-04-2022
5
1-1-2022
t/m
31-3-2022
van
1-4-2022
t/m
30-6-2022
21-07-2022
6
van
1-7-2022
t/m
30-9-2022
27-10-2022
7
van
1-10-2022
t/m
31-12-2022
25-01-2023
8
van
1-1-2023
t/m
31-3-2023
25-04-2023
9
van
1-4-2023
t/m
30-6-2023
25-07-2023
10
van
1-7-2023
t/m
30-9-2023
25-10-2023
11
van
1-10-2023
t/m
31-12-2023
25-01-2024
12
van
1-1-2024
25-04-2024
13
Bestede uren
t/m
31-3-2024
van
1-4-2024
t/m
30-6-2024
25-07-2024
14
van
1-7-2024
t/m
30-9-2024
24-10-2024
15
van
1-10-2024
t/m
31-12-2024
26-01-2025
16
van
1-1-2025
t/m
31-3-2025
12-05-2025
17
van
1-4-2025
t/m
30-9-2025
28-10-2025
18
van
1-10-2025
t/m
31-12-2025
26-01-2026
19
Bestede uren
Toelichting bestede uren
VerslagperiodeBestede uren
totaal 1.587 uur 24 min
Mede als gevolg van het feit dat enkele medewerkers die belast waren met
coördinatie van de zorgverlenging (en dus de zorgverleners direct
aanstuurden) hetzij afwezig waren in verband met ziekte, hetzij hun
arbeidsovereenkomst al hadden opgezegd, is behoorlijk wat tijd gaan zitten in
het overleg met de zorgmedewerkers om te bewerkstelligen dat de activiteiten
voortgezet konden worden.
04-05-2021
1
De bedrijfsactiviteiten zijn uiteindelijk vrij lang gecontinueerd. Dit is een gevolg
geweest van het feit dat het niet mogelijk is gebleken de activiteiten aan één
partij over te doen en het vervolgens de nodige tijd heeft gekost om tot een
gecontroleerde afbouw van de activiteiten te komen. Gedurende die periode is
veel overleg gevoerd met de medewerkers van de Stichting om de
dienstverlening zo goed mogelijk te kunnen blijven continueren. Mede door de
afwezigheid van het kader (door ziekte of anderszins) heeft de aansturing en
planning de nodige tijd genomen.
22-07-2021
2
De bedrijfsactiviteiten zijn in de verslagperiode geheel gestaakt. Vervolgens
zijn afrondende werkzaamheden verricht zoals het leegruimen en opleveren
van woningen en kantoorpanden. In de verslagperiode is ook begonnen met
het onderzoek van de administratie.
19-10-2021
3
Een deel van de bestede tijd ziet op werkzaamheden van juridisch
medewerkers (ruim veertig uur). Deze tijd zal te zijner tijd niet voor vergoeding
worden voorgedragen.
Veel tijd is in de verslagperiode besteed aan het onderzoek van de
administratie, meer in het bijzonder de bank- en creditcardmutaties en het
oorzakenonderzoek. De door juridisch medewerkers aan de afwikkeling
bestede tijd (ruim 16 uur) zal te zijner tijd niet voor vergoeding worden
voorgedragen.
19-01-2022
4
In de verslagperiode is de tijd voornamelijk besteed aan verder onderzoek van
de administratie, overleg met enkele partijen (zoals UWV) en correspondentie
met enkele betrokken partijen, zoals (de advocaat van) het bestuur en enkele
schuldeisers.
26-04-2022
5
In de verslagperiode is tijd met name besteed aan overleg en correspondentie
met voormalig medewerkers, met de advocaat van het bestuur en aan het
opstellen van processtukken en het bijwonen van een gesprek op de
rechtbank.
21-07-2022
6
De tijdsbesteding in de verslagperiode ziet met name op overleg met
belastingdienst en UWV alsmede werkzaamheden in het kader van de civiele
procedure die jegens het bestuur is gestart. Een groot deel van die bestede
tijd (69 uur) is tijd die door een faillissementsmedewerker is besteed aan
verder onderzoek van financiële administratie. Die tijd zal niet bij de boedel in
rekening worden gebracht.
27-10-2022
7
In de verslagperiode is de aandacht met name gericht geweest op de
aanhangige bestuurdersaansprakelijkheidsprocedure en een discussie met
een bemiddelaar ten aanzien van – in de optiek van de curator – ten onrechte
verrekening van openstaande premies met een aan de Stichting toekomende
uitkering.
25-01-2023
8
In de verslagperiode is de aandacht met name gericht geweest op de
aanhangige bestuurdersaansprakelijkheidsprocedure en een discussie met
een bemiddelaar ten aanzien van – in de optiek van de curator – ten onrechte
verrekening van openstaande premies met een aan de Stichting toekomende
uitkering.
De afgelopen periode heeft wat betreft de afwikkeling van het faillissement
met name in het teken gestaan van de aanhangige procedure tegen het
bestuur alsmede een discussie met een assurantietussenpersoon ter zake van
uitgevoerde verrekening van openstaande premies met een betaling uit
hoofde van een schade-uitkering. Voorts heeft periodiek overleg
plaatsgevonden met medewerkers van de belastingdienst en het UWV.
25-04-2023
9
In de afgelopen periode is met name aandacht besteed aan de aanhangige
procedure tegen het bestuur en onderzoek naar de mogelijkheden tot het
treffen van een schikking. Daarnaast is correspondentie gevoerd met de
Nederlandse Zorgautoriteit over de nacalculatie betreffende de periode vóór
het faillissement.
25-07-2023
10
In de procedure tegen het bestuur is op 6 september 2023 vonnis gewezen.
Het bestuur kan zich niet met het vonnis verenigen en heeft aangekondigd
hoger beroep in te zullen stellen. De afgelopen periode is met name tijd
25-10-2023
11
besteed aan de bestudering en executie van het vonnis. De bestuurders zijn
hoofdelijk veroordeeld tot betaling van een bedrag van circa EUR 550.000,
exclusief wettelijke rente.
In de afgelopen periode heeft daarnaast beperkt overleg plaatsgevonden met
NZA.
In de afgelopen periode is aandacht besteed aan de executie van het vonnis
van 6 september 2023, waarin de bestuurders hoofdelijk zijn veroordeeld tot
betaling van een bedrag van circa EUR 550.000 exclusief wettelijke rente. Het
bestuur heeft inmiddels een appeldagvaarding uitgebracht.
In de afgelopen periode is verder aandacht besteed aan een discussie met
een aan het bestuur gelieerde partij, Precaution Security B.V. In het kader van
deze discussie is Precaution Security B.V. bij verstekvonnis van 20 december
2023 veroordeeld tot betaling van een bedrag in hoofdsom van EUR 41.050,00
aan de Stichting, exclusief rente en kosten.
25-01-2024
12
In de verslagperiode zijn de werkzaamheden beperkt gebleven tot acties die
zien op de aanhangige (appèl-)procedure tegen het bestuur.
25-04-2024
13
In de verslagperiode is met name tijd besteed aan werkzaamheden die zien op
aanhangige (appèl-)procedure tegen het bestuur én werkzaamheden die zien
op het treffen van een regeling met een debiteur van de Stichting via de
Kredietbank Limburg.
25-07-2024
14
In de procedure in hoger beroep is een memorie van antwoord ingediend. De
in de verslagperiode aan de afwikkeling bestede tijd heeft met name hierop
betrekking gehad.
24-10-2024
15
De in de verslagperiode bestede tijd heeft onder meer betrekking gehad op
incasso van een vordering op een voormalig contractspartij van de Stichting.
Omdat betaling – na betekening van het toewijzend vonnis – uitbleef, is het
faillissement van de betrokken partij aangevraagd. Dit heeft uiteindelijk
geresulteerd in een – na verkregen machtiging – schikking. Het
schikkingsbedrag is recentelijk op de boedelrekening bijgeschreven. Hoewel
aldus niet het volledig toegewezen bedrag is ontvangen, is de regeling in de
optiek van de curator in het belang van de schuldeisers nu verhaal bij de
betrokken partij lastig bleek.
26-01-2025
16
In de verslagperiode is gesproken over de mogelijkheid om alsnog een
regeling met het bestuur te treffen ter zake van de vorderingen van de boedel.
Dit proces is nog gaande.
12-05-2025
17
Er is uiteindelijk een schikking getroffen waarvan de voorwaarden zijn
neergelegd in een vaststellingsovereenkomst. Het bestuur is de verplichtingen
uit hoofde van deze vaststellingsovereenkomst nog niet nagekomen. De
curator zal overleg voeren met de rechter-commissaris over de nieuwe situatie
en de hieraan te verbinden gevolgen.
28-10-2025
18
In de verslagperiode heeft de tijdsbesteding vooral gezien op de afwikkeling
van de vaststellingsovereenkomst. Uiteindelijk is het bestuur de
verplichtingen uit hoofde van de vaststellingsovereenkomst nagekomen. Een
deel van de tijd ziet op werkzaamheden van een faillissementsmedewerker.
Deze werkzaamheden zullen te zijner tijd niet voor vergoeding worden
voorgedragen.
26-01-2026
19
1.1 Directie en organisatie
1. Inventarisatie
Het bestuur is in handen van mevrouw S.M. Raafenberg-Khoeblal en de heer
P.F.M. Raafenberg. De bestuursleden zijn op basis van een
arbeidsovereenkomst (voor 36 uur per week) werkzaam. De
arbeidsovereenkomsten zijn opgezegd. Het bestuur heeft zich bij de vervulling
van de haar opgedragen taak laten ondersteunen door een
directiesecretaresse, twee medewerkers personeelszaken en een ZZP’er die
op individuele basis ondersteuning heeft geboden aan één van de
bestuurders.
Daarnaast is er sprake van een raad van toezicht waar één persoon, mevrouw
P.M. Mendeszoon, deel van heeft uitgemaakt. Met mevrouw Mendeszoon heeft
nog geen contact plaatsgehad.
04-05-2021
1
In de verslagperiode is gesproken met mevrouw Mendeszoon. De invulling van
haar toezichthoudende taak is hierbij onderwerp van gesprek geweest. Met
andere (voormalig) leden van de raad van toezicht is nog niet gesproken. De
betrokkenheid van die personen is beduidend minder geweest nu zij hetzij al
geruime tijd geen deel meer uitmaakten van de raad van toezicht, hetzij
langere tijd niet beschikbaar (ziekte) zijn geweest om hun toezichthoudende
taak te vervullen.
22-07-2021
2
In de afgelopen periode zijn afspraken met verschillende oud-medewerkers en
andere partijen gemaakt om een beter beeld te krijgen bij de bedrijfsvoering.
Die gesprekken zijn vrijwel afgerond. Met het bestuur zal nog een bespreking
worden gepland.
19-10-2021
3
Het bestuur is schriftelijk geïnformeerd omtrent de voorlopige bevindingen en
om een toelichting verzocht. De advocaat die namens het bestuur optreedt
heeft op enkele punten al een reactie verstrekt.
19-01-2022
4
Recentelijk heeft een bespreking plaatsgevonden met het bestuur en de door
de bestuursleden ingeschakelde advocaat. Het bestuur betwist het overgrote
deel van de voorlopige bevindingen van de curator. Niettemin wordt
onderzocht of partijen elkaar op enkele deelonderwerpen zouden kunnen
vinden.
26-04-2022
5
De bespreking met het bestuur heeft een vervolg gehad op de rechtbank. Dit
gesprek heeft geleid tot het maken van enkele werkafspraken waaraan nog
uitvoering dient te worden gegeven. Het bestuur blijft bij het standpunt dat de
voorlopige bevindingen van de curator onjuist en onvolledig zijn en heeft
aangegeven aan de hand van nog te verstrekken informatie deze voorlopige
conclusies te betwisten.
21-07-2022
6
Nu met het bestuur een schikking niet mogelijk is gebleken, heeft de curator
besloten om – na verkregen machtiging van de rechter-commissaris – een
dagvaarding uit te laten brengen.
27-10-2022
7
Geen opmerkingen. 25-01-2023
8
1.2 Lopende procedures
Er is een procedure aanhangig tegen het Zorgkantoor.
Daarnaast is de Stichting betrokken (geweest) bij enkele arbeidsrechtelijke
geschillen. Voor zover de curator bekend is met deze procedures wordt hier
onder randnummer 9 nadere informatie over gegeven.
04-05-2021
1
De procedure tegen het Zorgkantoor die ten overstaan van het gerechtshof ’s-
Gravenhage wordt gevoerd, is geschorst. In de procedure staat de vraag
centraal of het Zorgkantoor terecht verlangt dat zij een uitgebreidere controle
kan uitvoeren naar de administratie van de Stichting. Het Zorgkantoor heeft in
het verleden een aantal dossiers onderzocht. Dit onderzoek was – in de
beleving van het Zorgkantoor – ten tijde van het faillissement niet afgerond,
nu het Zorgkantoor van mening was dat onvoldoende medewerking door de
Stichting aan het onderzoek werd verleend. Na het faillissement is overleg
gevoerd. Dit overleg heeft ertoe geleid dat het gestaakte onderzoek (op het
kantoor van de curator) is hervat.
Naast de hiervoor vermelde dossiers zou het Zorgkantoor ook onderzoek
willen doen naar andere dossiers. De vraag of dit verzoek moet worden
gehonoreerd, staat centraal in de aanhangige procedure.
Inmiddels is de curator opgeroepen tot overneming van het geding. In de
afgelopen periode is meerdere malen overleg gevoerd met het Zorgkantoor en
haar advocaten. Alvorens een beslissing te nemen tot al dan niet overneming
van het geding wenst de curator een beter beeld bij de kwestie te verkrijgen.
De curator stelt zich vooralsnog op het standpunt dat het Zorgkantoor thans
over alle informatie beschikt teneinde de in het verleden bij haar gedane
fraudemelding op haar gegrondheid te kunnen beoordelen.
22-07-2021
2
De procedure is geschorst. In de verslagperiode is gecommuniceerd over de
vraag of het Zorgkantoor nu over voldoende stukken zou beschikken om haar
onderzoek naar mogelijke onregelmatigheden af te ronden dan wel nog
nadere informatie moet worden aangeleverd. Voorafgaande aan het
faillissement was reeds namens de Stichting toegezegd dat het Zorgkantoor in
de gelegenheid zou worden gesteld om een groter aantal cliëntendossiers in
te zien dan oorspronkelijk door de voorzieningenrechter was bepaald. De
curator zal met het Zorgkantoor werkafspraken maken om vervolgens tot
afronding van het rechtmatigheidsonderzoek te kunnen komen.
19-10-2021
3
Het overleg met (de advocaten van) het Zorgkantoor loopt enigszins stroef. Er
is discussie ontstaan over de vraag naar de omvang van de door de curator ter
beschikking te stellen informatie, mede in het licht van een eerdere uitspraak
van de rechtbank.
19-01-2022
4
In de verslagperiode is helaas geen vooruitgang geboekt in het overleg met
het Zorgkantoor.
26-04-2022
5
Geen opmerkingen. 21-07-2022
6
Er is een dagvaarding uitgebracht waarbij de rechtbank wordt verzocht het
bestuur te veroordelen tot betaling van een bedrag aan de boedel. Het
bestuur heeft de gelegenheid om op 30 november 2022 een schriftelijke
reactie in te dienen.
27-10-2022
7
Namens het bestuur is een lijvige conclusie ingediend. Het bestuur
onderschrijft geen van de stellingen van de curator. Er is inmiddels een datum
voor een comparitiezitting bepaald.
25-01-2023
8
Inmiddels heeft de comparitie van partijen plaatsgevonden. Mede na een
suggestie van de comparitierechter zijn partijen in overleg getreden over een
regeling in der minne. In het kader van een mogelijke regeling is het bestuur
verzocht informatie te geven. Die informatie is in delen ontvangen en wordt
beoordeeld. In afwachting van een mogelijke schikking is richting rechtbank
aangegeven dat nadere instructies (vonnis dan wel doorhaling) nog zullen
volgen.
25-04-2023
9
Partijen hebben geen overeenstemming bereikt over een schikking. De
rechtbank is verzocht vonnis te wijzen.
25-07-2023
10
De rechtbank heeft op 6 september 2023 vonnis gewezen. De bestuurders zijn
hoofdelijk veroordeeld tot betaling van een bedrag aan de boedel. Het vonnis
is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
De curator voert thans overleg met het bestuur om de executie van het vonnis
te voorkomen. Het bestuur heeft aangegeven zich te beraden over een
concreet voorstel.
25-10-2023
11
Het overleg tussen de curator en het bestuur heeft niet geleid tot
overeenstemming. Het bestuur heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis
van 6 september 2023.
Daarnaast heeft discussie plaatsgevonden tussen de curator en een aan het
bestuur van de Stichting gelieerde partij, Precaution Security B.V. Hangende de
faillissementsaanvraag van de Stichting zijn diverse betalingen verricht aan
Precaution Security B.V. met een totaal beloop van circa EUR 41.050,00. De
betalingen zijn door de curator vernietigd met een beroep op artikel 47 Fw e.v.
Precaution Security B.V. heeft de aanspraken van de curator betwist en heeft
zich niet bereid verklaard het door haar ontvangen bedrag terug te betalen
aan de Stichting. De curator heeft in dit verband – na machtiging van de
rechter-commissaris – een dagvaarding uit laten brengen, waarin primair
(terug)betaling werd gevorderd van het door Precaution Security B.V.
ontvangen bedrag. Bij (verstek)vonnis van 20 december 2023 is Precaution
Security B.V. veroordeeld tot betaling van een bedrag in hoofdsom van EUR
41.050,00 aan de Stichting, exclusief rente en kosten. De curator neemt thans
de executie van het vonnis ter hand. Precaution Security B.V. lijkt echter geen
verhaal te bieden.
25-01-2024
12
Incasso van de vordering op Precaution Security B.V. heeft geen resultaat
opgeleverd. De curator onderzoekt of andere stappen gezet dienen te worden.
25-04-2024
13
In de aanhangige (appèl-)procedure tegen het bestuur is namens het bestuur
een memorie van grieven genomen. De procedure staat thans voor memorie
van antwoord. De curator heeft overleg met het bestuur gevoerd om te bezien
of in dit stadium van de procedure alsnog een regeling zou kunnen worden
getroffen. Dit overleg heeft niet in een regeling geresulteerd.
25-07-2024
14
Er is een memorie van antwoord ingediend. Namens het bestuur is om een
mondelinge behandeling verzocht. Gegeven de verschillende verhinderingen
alsmede de agenda van het gerechtshof is deze zitting eerst op 19 september
2025.
24-10-2024
15
1.3 Verzekeringen
Er heeft enig overleg plaatsgevonden met de advocaat van het bestuur. Dit
heeft niet tot een concreet resultaat geleid. De curator heeft aangegeven de
executie van het vonnis in gang te willen zetten. Hierop heeft de rechter-
commissaris te kennen gegeven de betrokken partijen eerst te willen spreken.
Dit gesprek zal binnen afzienbare tijd plaatsvinden. Voor wat betreft de
vordering op Precaution Security B.V. geldt dat een schikking is getroffen.
26-01-2025
16
Er heeft een bespreking plaatsgevonden op de rechtbank. Het bestuur heeft
nogmaals duidelijk gemaakt het niet eens te zijn met het vonnis (waartegen
men beroep heeft aangetekend) en meent dat de curator onvoldoende oor
heeft (gehad) voor de standpunten van het bestuur. Er is ook gesproken over
mogelijkheid een schikking te treffen.
12-05-2025
17
Er is een schikking getroffen doch het bestuur is in gebreke met het
nakomingen van de verplichtingen hieruit.
28-10-2025
18
De schikking is afgewikkeld. 26-01-2026
19
De Stichting is partij bij de gebruikelijke verzekeringen. Daar waar de
verzekeringen nodig zijn voor de voortzetting van de bedrijfsactiviteiten is voor
continuering gekozen. De verschuldigde premies zijn voldaan. Er is voorts
sprake van een BCA polis. Het bestuur is in overweging gegeven het
zogenaamde uitlooprisico te verzekeren. Hiertoe zou het bestuur inmiddels zijn
overgegaan.
Met (de tussenpersoon van) de verzekeraar vindt nog wel discussie plaats
over de ziekteverzuimpolis. Uit hoofde van die verzekering zijn in het verleden
vrij grote bedragen aan de Stichting uitgekeerd, nu er sprake is (was) van een
behoorlijk hoog ziekteverzuim. Thans stelt de verzekeraar zich op het
standpunt dat er geen dekking meer is onder de polis, nu aan de
loonbetalingsverplichting van de Stichting een einde zou zijn gekomen door het
faillissement. Daarnaast wordt gesteld dat bij de Stichting sprake was van
situationele arbeidsongeschiktheid. Vergoeding van het salaris zou dan niet
aan de orde zijn nu dit op grond van de polisvoorwaarden zou zijn uitgesloten.
Een en ander wordt nog onderzocht.
04-05-2021
1
De lopende verzekeringen zijn inmiddels beëindigd, met uitzondering van de
verzekering voor inventaris en vervoermiddelen (nu deze zaken nog niet in alle
gevallen zijn geleverd aan de kopers).
De discussie met de verzekeraar ter zake van de ziekteverzuimpolis sleept zich
voor. Er zijn achtereenvolgens verschillende argumenten aangedragen
waarom niet wordt uitgekeerd. Zeer recent is aangegeven dat de boedel
bepaalde informatie moet aandragen. Als die informatie naar tevredenheid van
de verzekeraar zou zijn, zou men alsnog gaan uitkeren. Onderzocht wordt of
dit nieuwe verzoek van de verzekeraar gebaseerd is op de
verzekeringsovereenkomst dan wel anderszins terecht wordt aangevoerd.
22-07-2021
2
De ingeleverde informatie heeft tot nieuwe vragen van de verzekeraar geleid.
De vragen zien met name op de achtergrond bij het relatief hoge
ziekteverzuim. Nadere informatie is enige tijd geleden aangeleverd. De
verzekeraar dient haar reactie nog te geven.
19-10-2021
3
1.4 Huur
De verzekeraar is alsnog tot gedeeltelijke uitkering uit hoofde van de
ziekteverzuimpolis overgegaan. Een deel van de verzekeringspenningen heeft
de verzekeraar echter verrekend. Onderzocht wordt of zij hiertoe gerechtigd
was. Uit hoofde van de ziekteverzuimverzekering is een uitkering van €
25.446,63 ontvangen.
26-04-2022
5
Er heeft verrekening plaatsgevonden met een verzamelnota. Nog in onderzoek
is of alle op die verzamelnota vermelde posten wel voor verrekening in
aanmerking komen. Ten aanzien van een deel lijkt dit in ieder geval mogelijk.
21-07-2022
6
Met de verzekeringstussenpersoon wordt gecorrespondeerd. De curator meent
dat een deel van de posten die zien op terugbetaling van verzekeringspremies
zich niet voor verrekening lenen. De tussenpersoon meent dat verrekening wel
mogelijk is op basis van een aan de betrokken partij (door de
verzekeringsmaatschappijen) verleende volmacht. De curator verwacht dat ten
tijde van het volgend verslag de standpunten over en weer wel
uitgekristalliseerd zullen zijn.
27-10-2022
7
Nadat er enige vertraging is opgetreden in de verdere discussie met de
verzekeraar als gevolg van het feit dat de behandelaar van dit dossier bij de
verzekeraar diende te worden vervangen, zijn verder (deels nieuwe)
argumenten uitgewisseld. Tot overeenstemming is het niet gekomen. De
curator overweegt verdere stappen te nemen en zal hierover overleg voeren
met de rechter-commissaris.
25-01-2023
8
Afronding van de beoordeling van de juridische positie van de boedel versus
de verzekeraar, althans de tussenpersoon is in zicht.
25-04-2023
9
De beoordeling van de juridische positie van de boedel jegens de verzekeraar
is nagenoeg afgerond.
25-07-2023
10
In de verslagperiode is de kwestie van de (betwiste) vordering van de boedel
op de tussenpersoon niet opgevolgd. De curator verwacht dat dit in de
komende periode wél een vervolg zal krijgen.
25-10-2023
11
Er hebben zich geen relevante ontwikkelingen voorgedaan ten aanzien van dit
onderdeel.
25-01-2024
12
Door de Stichting wordt een 24-tal objecten gehuurd. Naast een drietal
kantoorpanden zien de overige huurovereenkomsten op woonruimte. Er is in
verschillende gevallen sprake van een huurachterstand van enkele
huurperioden (maanden). Enkele van de woningen waren ten tijde van het
vonnis van faillietverklaring al niet langer in gebruik. Deze woningen zijn, dan
wel worden, opgeleverd aan de eigenaren.
Oplevering van de woningen die inmiddels leeg zijn kost in een aantal gevallen
wat meer tijd, nu de woningen niet (volledig) zijn ontdaan van inventaris en
overige zaken. Dit is thans ter hand genomen. Enigszins complicerende factor
is dat de facilitair medewerker van de Stichting die deze werkzaamheden op
zich zou moeten nemen, positief getest is op corona. Bezien moet worden of
deze werkzaamheden uiteindelijk deels aan derden uitbesteed moeten
worden.
Na verkregen machtiging zijn de huurovereenkomsten die zien op de
kantoorpanden opgezegd. Eén van de kantoorpanden zou nooit in gebruik zijn
04-05-2021
1
genomen door de Stichting doch aan een andere entiteit (gelieerd aan het
bestuur) in gebruik gegeven. Die partij zou niet of nauwelijks gebruik hebben
gemaakt van het pand. Het pand is nu onderverhuurd (althans in gebruik
gegeven) aan een derde. Met deze partij (een onderneming van een voormalig
medewerkster van de Stichting) alsmede met de verhuurder heeft overleg
plaatsgevonden om te bezien of overname van de huurovereenkomst door de
onderhuurder / gebruiker mogelijk is. De gebruiker van het pand stelt dat er
(mondeling) een resultaatsafhankelijke huurprijs zou zijn overeengekomen.
Omdat er nog nauwelijks resultaat zou zijn bereikt, zou de huurprijs (ook) zeer
gering, althans beduidend lager zijn dan de prijs die de Stichting in rekening
gebracht krijgt. In de administratie van de Stichting is daarentegen wél een
vordering op de gebruiker van het pand opgenomen. Nader onderzoek moet
plaatsvinden. De curator streeft er naar spoedig tot beëindiging van de
huurrelatie met betrekking tot dit pand over te gaan, nu de Stichting er geen
gebruik van maakt (anders dan voor de opslag van een beperkte hoeveelheid
inventaris).
De huurovereenkomsten met betrekking tot de woningen zijn nog niet
opgezegd door de curator. De reden is gelegen in het feit dat een aanzienlijk
deel van de woningen wordt bewoond door cliënten van de Stichting, met wie
in de meeste gevallen ook een huurovereenkomst is gesloten. Wel is een
tweetal verhuurders zelf tot opzegging overgegaan. Ervan uitgaande dat snel
helder wordt welk delen van de zorgactiviteiten voortgezet kunnen worden,
kan tot beëindiging van de huurovereenkomsten worden overgegaan.
Tot slot wordt opslagruimte gehuurd bij Shurgard. Er heeft een opname
plaatsgevonden van de aldaar opgeslagen zaken.
Veel tijd is gaan zitten in overleg met verhuurders en de oplevering van de
diverse panden. Inmiddels zijn alle panden weer aan de verhuurders
opgeleverd. In enkele gevallen is tussen de verhuurder en de bewoner dan
wel de opvolgend zorgverlener een nieuwe huurovereenkomst gesloten. In de
meeste gevallen dienden echter de woningen leeg te worden opgeleverd.
Eén van de gehuurde panden werd in het verleden (deels) gebruikt door een
derde. Met die partij is gecorrespondeerd omtrent betaling van de
(achterstallige) vergoeding. De gebruiker stelt zich op het standpunt dat zij
niet, althans een aanmerkelijk geringer, bedrag zou dienen te voldoen nu zij
een resultaatsafhankelijke (onder-)huurprijs zou zijn overeengekomen. Die
lezing wordt betwist door het bestuur van de Stichting. Nadat een concept
dagvaarding is opgesteld en naar de derde is toegezonden, heeft deze een
advocaat geraadpleegd. Deze heeft aangegeven met circa twee weken met
een inhoudelijke reactie te komen.
22-07-2021
2
Ondanks enkele toezeggingen is een inhoudelijke reactie die ziet op de
vordering uit hoofde van onderhuur uitgebleven.
19-10-2021
3
Er is uiteindelijk door de onderhuurder gesteld dat pas in een laat stadium
gebruik is gemaakt van de ruimte en dat bovendien (mondelinge) afspraken
waren gemaakt uit hoofde waarvan een lagere huurprijs zou dienen te worden
voldaan. Er zijn pogingen gedaan om een regeling te treffen, doch zonder
resultaat.
19-01-2022
4
Nu geen regeling met de onderhuurder mogelijk bleek is een procedure
aanhangig gemaakt. De vorderingen van de boedel (na eisvermindering) zijn
volledig toegewezen. Er is een betalingsregeling met de onderhuurder
overeengekomen. De eerste termijnbetaling is inmiddels ontvangen.
26-04-2022
5
1.5 Oorzaak faillissement
De betalingsregeling wordt correct nagekomen. 21-07-2022
6
De onderhuurder heeft volledig aan het vonnis voldaan. 27-10-2022
7
Geen opmerkingen. 25-01-2023
8
Uit gesprekken met het bestuur en uit gesprekken met derden alsmede
overige informatie volgt het navolgende.
De Stichting verkeert al geruime tijd in ernstige financiële moeilijkheden. Die
moeilijkheden zouden hun oorsprong vinden – aldus het bestuur – een conflict
met een verhuurder van bedrijfsruimte te Rijsoord (Ridderkerk). De
bedrijfsruimte (een boerderij) zou zijn gehuurd door de Stichting met het doel
hier cliënten die door DJI werden verwezen in te gaan huisvesten. Op advies
van de verhuurder zou de Stichting haar activiteiten zijn begonnen zonder dat
is onderzocht of dit op basis van het vigerende bestemmingsplan mogelijk was.
Voorts is besloten de cliënten onder te brengen zonder vooroverleg met
buurtbewoners en gemeente. De gemeente zou vervolgens actie hebben
ondernomen om aan het gebruik in strijd met het bestemmingsplan een einde
te maken. De Stichting heeft het pand verlaten en is in een discussie met de
verhuurder geraakt. Die discussie is uitgemond in een conservatoir beslag
onder DJI en – als gevolg hiervan – een cliëntenstop door DJI.
Hoewel het conflict met de verhuurder is geschikt (de Stichting heeft een
bedrag betaald) en het beslag is opgeheven, is de cliëntenstop door DJI niet
geëindigd. Nadat het geschil met de voormalig verhuurder was afgehandeld, is
DJI namelijk op de hoogte gesteld van een nieuwe discussie, nu met het
Zorgkantoor. DJI zou hierop besloten hebben de patiëntenstop te handhaven.
Dit is ook nu nog de situatie. Wel heeft DJI tot voor kort de betalingen verricht
ten behoeve van de cliënten die bij de Stichting in behandeling zijn. Omdat er
geen nieuwe cliënten zijn aangemeld en bestaande cliënten zijn uitgestroomd,
is die inkomstenstroom gaandeweg minder geworden.
Naast problemen met DJI is de Stichting geconfronteerd met een discussie met
het Zorgkantoor. Deze partij heeft tot 2020 een overeenkomst met de
Stichting afgesloten uit hoofde waarvan zorg krachtens de WLZ werd verleend.
In een op 17 oktober 2019 gevoerd gesprek heeft het Zorgkantoor
aangegeven over 2020 geen contract aan te bieden omdat er zorg bestond
over de financiële situatie van de Stichting. Die zorg was ingegeven door het
gebrek aan inzage in de financiële administratie. Het Zorgkantoor heeft eind
2019 aangegeven over te willen gaan naar een afbouw van de relatie, tenzij
de Stichting alsnog voldoende informatie ter beschikking zou stellen én uit die
informatie naar voren zou komen dat de financiële situatie naar behoren was.
Die informatie zou – aldus het Zorgkantoor - niet zijn aangeleverd.
Voorts zou het Zorgkantoor inmiddels besloten hebben een fraudeonderzoek
te beginnen als gevolg van enkele (oudere) fraudemeldingen. Die
fraudemeldingen zouden betrekking hebben op het declareren van niet
verleende zorg en het opmaken van valse verklaringen (uit naam van onder
meer cliënten). De Stichting heeft zich op het standpunt gesteld niet verplicht
te zijn mee te werken aan dit onderzoek, althans niet in de door het
Zorgkantoor gewenste opzet waarbij alle dossiers op detailniveau zouden
worden onderzocht. In een procedure is door de rechtbank ’s-Gravenhage
04-05-2021
1
overwogen dat het Zorgkantoor wel het detailonderzoek kon verlangen, doch
dat dit zich zou dienen uit te strekken over een beperkt aantal dossiers. Tegen
het vonnis is overigens door het Zorgkantoor beroep ingesteld.
Met het fraudeonderzoek is het Zorgkantoor begonnen doch dit onderzoek is
(nog) niet afgerond. Een achttal dossiers is op detailniveau onderzocht. De
Stichting zou zich op het standpunt hebben gesteld dat het onderzoek van dit
achttal dossiers is afgerond. Het Zorgkantoor stelt echter dat hiervan geen
sprake is en dat zij niet in de gelegenheid is gesteld om dit achttal dossiers
goed te onderzoeken. Buiten kijf staat dat een zevental dossiers nog
onderzocht moet worden. Het Zorgkantoor en de Stichting twisten over de
vraag wie de oorzaak is van het gegeven dat het onderzoek thans stil is
komen te liggen. Het Zorgkantoor heeft zich op het standpunt gesteld dat zij
niet tot uitbetaling van vergoedingen overgaat zolang het fraudeonderzoek
nog niet is afgesloten én uit dit onderzoek zou volgen dat van fraude geen
sprake is geweest. Het Zorgkantoor heeft cliënten geattendeerd op andere
zorgaanbieders. Een deel van de cliënten van de Stichting heeft hierop
besloten elders zorg af te gaan nemen.
Ook het aantal WLZ cliënten is aldus in de fase voor het faillissement
afgenomen.
De cliëntenstop door het DJI als de discussie met het Zorgkantoor het heeft tot
gevolg gehad dat er sprake van structurele onderbezetting. De lopende kosten
kunnen al geruime tijd niet worden voldaan uit de verkregen inkomsten. Een
en ander heeft geleid tot betalingsachterstanden bij onder meer verhuurders.
Voorts is al geruime tijd sprake van het niet (volledig) betalen van belastingen
en het niet (volledig) betalen van personeel. Het bestuur van de Stichting heeft
aangegeven dat betalingen alsnog zouden kunnen plaatsvinden, mits de
opschorting door DJI en het Zorgkantoor ongedaan zou worden gemaakt en
mits DJI de aangevraagde ‘coronavergoeding’ van circa € 700.000 zou
uitbetalen. DJI heeft partijen (waaronder de Stichting) aangegeven dat zij
kosten zouden kunnen declareren die partijen als gevolg van de pandemie
extra zouden hebben moeten maken (bijvoorbeeld in verband met gekochte
mondkapjes en gels alsmede coronatesten). Navraag bij DJI heeft opgeleverd
dat deze vergoeding (nog) niet zou zijn goedgekeurd en dat dit ook niet zal
geschieden, mede vanwege de aanzienlijke hoogte ervan. Klaarblijkelijk zou de
Stichting vergoeding hebben gevraagd voor een bedrag dat aanzienlijk hoger
ligt dan – bijvoorbeeld – de grootste TBS kliniek heeft opgevoerd. Gegeven de
problematiek met DJI en het Zorgkantoor zou het onwaarschijnlijk zijn geweest
dat de Stichting tijdig over voldoende fondsen zou komen te beschikken om
haar schuldeisers te kunnen voldoen.
Er is begonnen met onderzoek naar de administratie. Voorts zijn gesprekken
gevoerd met diverse betrokkenen. Er zullen nog meerdere gesprekken worden
gevoerd. Een aantal factoren lijkt een belangrijke rol te hebben gespeeld bij de
ondergang van de Stichting. Het bestuur en het lid van de raad van toezicht
wijst met name op de discussie die is ontstaan met de verhuurder van een
zorgboerderij in Rijsoord. De Stichting beoogde met de huur van dit pand een
behoorlijke groei te kunnen bewerkstelligen op het gebied van de Forensische
Zorg. Aan een juiste voorbereiding lijkt het echter te hebben ontbroken. Zowel
de gemeente als DJI stellen dat zij niet tevoren op de hoogte waren gesteld
van de huisvestiging van FoZo cliënten in de bewuste ruimte. De zorgboerderij
zou voorts niet hebben voldaan aan de geldende regels op – onder meer –
gebied van brandveiligheid en zou ook overigens achterstallig onderhoud
kennen. Al vrij snel nadat cliënten waren gehuisvest dienden deze al weer
elders te worden ondergebracht. Omdat er al wel was geïnvesteerd (in onder
meer medewerkers) in de beoogde groei én omdat er inmiddels een conflict
was ontstaan met de verhuurder, werd de Stichting met aanzienlijke kosten
22-07-2021
2
geconfronteerd waar tegenover geen opbrengsten stonden. Het conflict met
de verhuurder leidde ook tot beslagen onder DJI hetgeen tot
liquiditeitsproblemen met zich meebracht.
Naast de problemen rond de activiteiten in Rijsoord, heeft ook het aanzienlijke
ziekteverzuim en de onrust onder de medewerkers een rol gespeeld. Veel van
de medewerkers hebben de werkomgeving binnen de Stichting als onveilig
ervaren. De onrust heeft een groot verloop onder de medewerkers tot gevolg
gehad. Omdat lang niet altijd voldoende medewerkers beschikbaar waren om
de dienstverlening te kunnen verrichten moesten externen worden ingehuurd.
Voorts heeft de Stichting te maken gekregen met controles door het
Zorgkantoor en – later – DJI. Beide partijen hebben twijfels bij de juistheid van
de ingediende declaraties. Volgens medewerkers van het Zorgkantoor en DJI
zouden activiteiten zijn gedeclareerd die niet zijn uitgevoerd en zijn niet
hiertoe gekwalificeerde medewerkers ingezet om zorgtaken te verrichten. Ook
de gemeente Rotterdam (WMO) zou het standpunt hebben ingenomen dat de
gecontracteerde dienstverlening niet (volledig) werd verleend.
Er is ook een onderzoek gestart door de dienst DJI naar de (omvang van de)
verleende zorg. Bij deze opdrachtgever bestaat het vermoeden dat de aan de
cliënten verleende zorg niet in alle gevallen is overeengekomen met de
zorgindicatie die aan de cliënten was verstrekt. Aldus zou een te hoge
vergoeding in rekening zijn gebracht (en aan de Stichting zijn betaald). Uit
onderzoek van de administratie en de gesprekken met diverse bij de Stichting
betrokkenen heeft de curator wel een voorlopig oordeel over de factoren die
tot het faillissement hebben geleid. Dat voorlopig oordeel wordt binnenkort
met het bestuur besproken met het doel ook van die zijde een toelichting te
krijgen.
19-10-2021
3
De curator heeft het merendeel van zijn bevindingen en voorlopige conclusies
met het bestuur gedeeld. Die deelt de voorlopige conclusies niet en heeft op
enkele (wat meer ondergeschikte) punten al een reactie gegeven.
19-01-2022
4
Er vindt overleg plaats om te bezien of op bepaalde punten een regeling kan
worden getroffen. Verwacht wordt dat tegen de tijd dat het volgend verslag
wordt gedeponeerd bekend is of een regeling op deelonderwerpen mogelijk is.
26-04-2022
5
Een regeling op deelonderwerpen lijkt niet mogelijk te zijn, nu het bestuur alle
voorlopige conclusies lijkt te betwisten, althans geen voorstel heeft gedaan
ten aanzien van punten waarvan men in eerste instantie van mening leek het
voorlopige standpunt van de curator te volgen.
21-07-2022
6
Ten aanzien van diverse onttrekkingen, althans opnames, waarvan de curator
meent dat hier geen zakelijke grondslag voor te vinden is, is een procedure
aanhangig gemaakt. Het standpunt van de curator wordt betwist door het
bestuur. Het bestuur heeft bij enkele van de stellingen van de curator een
inhoudelijke betwisting gegeven. Ten aanzien van de overige stellingen is het
bij een generieke betwisting van de juistheid van het standpunt van de curator
gebleven.
27-10-2022
7
Voor wat betreft de discussie met het bestuur wordt verwezen naar het
onderdeel procedures in dit verslag.
25-01-2023
8
Geen opmerkingen. 25-04-2023
9
2.1 Aantal ten tijde van faillissement
2.2 Aantal in jaar voor faillissement
Naast de kwestie van de onttrekkingen, althans niet goed te verantwoorden
opnamen, geldt ook nog dat de boedel andere vorderingen heeft
(bestuurdersaansprakelijkheid). Tot dusverre is dit thema niet verder
opgevolgd, anders dan dat de constateringen van de curator door het bestuur
worden betwist. Bezien wordt of dit onderwerp ook onderwerp van gesprek
kan zijn in het ten overstaan van de rechter-commissaris geplande gesprek.
26-01-2025
16
In het gesprek is ook kort stilgestaan bij de mogelijke overige vorderingen
(bestuurdersaansprakelijkheid).
12-05-2025
17
2. Personeel
Personeelsleden
33
04-05-2021
1
Personeelsleden
55
Toelichting
In de maanden voorafgaande aan het faillissement heeft de Stichting een
behoorlijke onrust onder de medewerkers gekend. Er is sprake van enkele
arbeidsgeschillen die hebben uitgemond in procedures. Daarnaast is er een
behoorlijk hoog ziekteverzuim.
De curator heeft de arbeidsovereenkomsten waarvan niet zeker was of deze
rechtsgeldig waren beëindigd alsnog opgezegd. Voorts is een 23 tal voormalig
medewerkers aangeschreven die nog een vordering op de Stichting hebben
met het verzoek van die vordering opgave te doen bij het UWV. De vordering
ziet in de meeste gevallen op een niet uitgekeerde zorgbonus en in sommige
gevallen op een vordering uit hoofde van de afrekening over niet opgenomen
vakantiedagen en overige vergoedingen.
04-05-2021
1
Toelichting
Met het UWV is overleg gevoerd. Uiteindelijk heeft UWV aangegeven dat de
zorgbonus wordt uitgekeerd.
22-07-2021
2
Toelichting
De kwestie met betrekking tot de zorgbonus 2020 is afgehandeld.
19-10-2021
3
Toelichting
De curator heeft met een beroep op de hardheidsclausule verzocht of de
zorgbonus over 2021 nog zou kunnen worden uitgekeerd. Op dit verzoek is
19-01-2022
4
nog geen beslissing gekomen.
Toelichting
Helaas heeft het ministerie nog immer geen beslissing genomen ter zake van
de zorgbonus 2021.
26-04-2022
5
Toelichting
Namens het ministerie is wederom te kennen gegeven dat er nog geen besluit
is voor wat betreft de zorgbonus.
21-07-2022
6
Toelichting
Het ministerie heeft ook in de verslagperiode nog geen beslissing kunnen
nemen.
27-10-2022
7
Toelichting
Ondanks - inmiddels zeer veel – pogingen om een standpunt te krijgen, wordt
namens het ministerie alleen gereageerd met een algemene mededeling dat
de kwestie aandacht heeft.
25-01-2023
8
Toelichting
In de status van de vraag of wel of geen zorgbonus wordt verstrekt is helaas
nog steeds geen wijziging opgetreden. Namens het ministerie wordt gesteld
dat de vraag aandacht heeft en spoedig een inhoudelijke reactie zal volgen.
25-04-2023
9
Toelichting
In de verslagperiode hebben geen ontwikkelingen plaatsgevonden voor wat
betreft de beslissing van het ministerie.
25-07-2023
10
Toelichting
Vanuit het ministerie is nog steeds geen ‘witte rook’ te ontwaren. De kwestie
blijft aandacht houden doch besluitvorming behoeft klaarblijkelijk een erg
langdurig traject.
25-10-2023
11
Toelichting
Periodiek wordt gebeld met medewerkers van het ministerie maar een
beslissing is nog steeds uitgebleven.
25-01-2024
12
Toelichting
In de verslagperiode is niet vernomen van het ministerie.
25-04-2024
13
Toelichting
Er is geen verdere actie op dit punt genomen.
25-07-2024
14
2.3 Ontslagaanzegging
2.4 Werkzaamheden personeel
3.1 Onroerende zaken
Toelichting onroerende zaken
3.2 Werkzaamheden onroerende zaken
3.3 Bedrijfsmiddelen
Datum AantalToelichting
14-4-202133 Personeel in dienst ten tijde van het vonnis van faillietverklaring
totaal 33
Gedurende de opzegtermijn zijn de werkzaamheden door de medewerkers
grotendeels voortgezet. Met name voor de medewerkers die zich bezighouden
met de zorgverlening is de onverminderde inzet noodzakelijk. Enkele
medewerkers die met ziekteverlof thuis zaten, zijn inmiddels hersteld en weer
ingezet. In een enkel geval wordt gebruik gemaakt van externe medewerkers
(ZZP’ers).
04-05-2021
1
Een groot deel van de medewerkers heeft gedurende de opzegtermijn de
werkzaamheden gecontinueerd. Er is gebruik gemaakt van de inzet van een
ZZP’er. Deze inzet is uiteindelijk wat beperkter nodig gebleken dan begroot.
Verreweg het grootste deel van de kosten van externe dienstverleners heeft
betrekking gehad op de kosten van de beveiliging (ruim € 45.000).
22-07-2021
2
3. Activa
BeschrijvingVerkoopopbr.HypotheekBoedelbijdr.
n.v.t.
Geen onroerende zaken aangetroffen. 04-05-2021
1
Niet van toepassing. 04-05-2021
1
3.3 Bedrijfsmiddelen
Toelichting bedrijfsmiddelen
3.4 Bodemvoorrecht fiscus
3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen
Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage
De Stichting is eigenaresse van de in de kantoorpanden aanwezige
kantoorinventaris. Deze inventaris is inmiddels getaxeerd. Voorts heeft de
Stichting woninginventaris in eigendom. Het betreft hier de inventaris die is
gebruikt om de diverse woning (units) van een basisuitrusting te voorzien. Ook
die inventaris is getaxeerd (aan de hand van foto’s van de meubelstukken die
in iedere unit voorhanden zijn). Tot slot is de Stichting eigenaar van een bus
die wordt gebruikt voor het vervoeren van cliënten. De bus is nog niet
getaxeerd. Dit zal op korte termijn geschieden.
04-05-2021
1
De kantoorinventaris en het voertuig zijn geveild. Op de opbrengst dienen nog
de kosten voor de organisator van de veiling (15 procent) in mindering te
worden gebracht. De opbrengst is nog niet ontvangen omdat afrekening nog
niet heeft plaatsgevonden.
22-07-2021
2
De opbrengst van de veiling is bijgeschreven op de boedelrekening. De
opbrengst is wat hoger dan oorspronkelijk geraamd. Delen van de inventaris
waarover de Stichting voorafgaande aan het faillissement de beschikking had,
zijn niet aangetroffen. Hier wordt nader onderzoek naar gedaan.
19-10-2021
3
Het bestuur is om informatie verzocht met betrekking tot mogelijke
ontvreemding van inventaris kort voor het faillissement.
19-01-2022
4
Dit onderwerp maakt uit van het overleg met (de advocaat van) het bestuur. 26-04-2022
5
Het bestuur stelt dat de mogelijke ontvreemding van inventaris wellicht heeft
plaatsgevonden door oud-medewerkers en betwist zelf elke betrokkenheid.
21-07-2022
6
Geen opmerkingen. 27-10-2022
7
Niet aan de orde; de bedrijfsmiddelen zijn niet verpand. 04-05-2021
1
3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen
3.6 Voorraden / onderhanden werk
Toelichting voorraden / onderhanden werk
Momenteel worden de bedrijfsmiddelen nog ingezet voor de activiteiten van de
Stichting. Waarschijnlijk zal een deel van de inventaris (met name de
kantoorinventaris) te zijner tijd geveild gaan worden.
04-05-2021
1
Nadat de administratieve afwikkeling van de veiling is afgerond, is geen
verdere actie nodig.
22-07-2021
2
Er wordt onderzoek gedaan naar de reden dat een deel van de inventaris
voorafgaande aan het faillissement lijkt te zijn weggehaald.
19-10-2021
3
Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage
Beperkte kantoorbenodigdheden
Er is sprake van enige kantoorbenodigdheden. Die worden in de boedelperiode
deels verbruikt en zullen voor het overige geen opbrengst te zien gaan geven.
Vanaf het vonnis van faillietverklaring zijn vorderingen ontstaan uit hoofde van
de zorgverlening die is gecontinueerd. Op basis van de administratie van de
Stichting zal een bedrag van circa € 63.000 uit hoofde van Forensische Zorg
gedeclareerd kunnen worden alsmede een bedrag van circa € 9.000 uit hoofde
van WLZ zorg. Zowel de DJI als het Zorgkantoor hebben toegezegd dat de
dienstverlening over de periode na het faillissement wordt voldaan. De nota
aan DJI wordt op korte termijn verzonden. Voor wat betreft de WLZ zorg zal in
overleg met het Zorgkantoor nog een praktische oplossing voor het declareren
moeten worden gevonden. Omdat de Stichting niet langer gecontracteerde
zorg leverde (de Stichting had geen contract meer met het zorgkantoor) is in
beginsel direct declareren bij het zorgkantoor niet mogelijk. Het Zorgkantoor
lijkt open te staan om over dit punt mee te denken opdat voorkomen wordt
dat afrekening via het PGB budget van de cliënten moet geschieden.
Tot slot geldt dat er nog een vordering is uit hoofde van geleverde WMO zorg.
De omvang hiervan over de periode 8 tot en met 31 april 2021 is nog niet
berekend. Incasso zal mogelijk minder eenvoudig zijn nu afrekening met de
cliënten (dan wel hun bewindvoerders) zal dienen te geschieden.
04-05-2021
1
DJI is na het faillissement overgegaan tot betaling van vóór het faillissement
verleende zorg. Aldus is een bedrag van € 225.282,69 ontvangen.
Aan opbrengsten uit hoofde van de voortgezette dienstverlening na het
faillissement is een bedrag van € 134.313,24 gerealiseerd. Uit de administratie
volgt voorts van een aanzienlijke vordering op onder meer Zorgkantoor, DJI en
overige partijen. Een eerste inventarisatie van de debiteurenadministratie
heeft uitgewezen dat er vrij veel (veelal kleinere) vorderingen op (voormalig)
cliënten staan genoteerd. Uit een toelichting van de voormalig administrateur
volgt dat de kans dat die vorderingen nog voldaan worden als nihil moet
worden ingeschat. De bewuste vorderingen hadden in een eerder stadium
22-07-2021
2
3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk
afgeboekt moeten worden. Waar de vorderingen op de voormalig cliënten uit
bestaan is nog niet in alle gevallen helder. Een deel van de vorderingen heeft
betrekking op niet aan de Stichting betaalde huur.
De vorderingen op het Zorgkantoor worden door deze partij betwist. Het
overgrote deel van die vorderingen ziet op de verleende zorg in de periode
gelegen tussen 1 januari en de datum van het faillissement ( 8 april 2021). Het
Zorgkantoor stelt dat er in die periode geen sprake was van een contract met
de Stichting. Er is voorts nog sprake van een vordering op DJI uit hoofde van
een zgn. coronavergoeding (tegemoetkoming in verband met extra kosten als
gevolg van het COVID 19 virus). Die vordering lijkt op het eerste gezicht niet te
incasseren nu een deugdelijke onderbouwing van de gevraagde bedragen
ontbreekt. Hier wordt echter nog verder onderzoek naar gedaan.
Na het faillissement zijn met Zorgkantoor, DJI en gemeente Rotterdam
afspraken gemaakt over de vergoeding van de verdere dienstverlening.
Vervolgens is met DJI toch discussie ontstaan. Inmiddels stelde DJI meer
inzicht te hebben gehad in het onderzoek naar de werkzaamheden voor het
faillissement en meende DJI dat er in het verleden ten onrechte was betaald.
Na overleg met DJI is dit standpunt weer door haar verlaten en is men tot
betaling overgegaan.
Uit hoofde van de voortzetting van de bedrijfsactiviteiten resteert nog een
vordering op de gemeente Rotterdam. De vordering op de gemeente
Rotterdam is relatief gering van omvang (€ 1.900). De gemeente wil
vooralsnog niet tot betaling overgaan, omdat zij het thans aangeleverde
overzicht van de geleverde zorg te beperkt acht om tot betaling over te gaan.
Omdat de administratie van de Stichting op het punt van de onderbouwing van
de verleende zorg (voor en na het faillissement) niet optimaal is nu niet altijd
consequent is bijgehouden welke zorgactiviteiten zijn verricht, is aanvulling
van het overzicht nog niet mogelijk gebleken.
19-10-2021
3
Een kosten / baten analyse maakt dat de curator geen verdere actie zal
nemen wat betreft het incasso van de vordering op de gemeente Rotterdam.
Het bewijs dat de gefactureerde dienstverlening ook daadwerkelijk in alle
gevallen is verricht, is niet aan te leveren anders dan het horen van de
betrokken zorgmedewerkers. Mede gegeven de lange periode die is
verstreken en het gegeven dat in de bewuste periode van veel ziekteverzuim
sprake was, is het bijzonder lastig om vast te stellen welke medewerker ten
behoeve van een bepaalde cliënt diensten heeft verricht.
19-01-2022
4
Geen opmerkingen. 26-04-2022
5
3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk
3.8 Andere activa
Toelichting andere activa
3.9 Werkzaamheden andere activa
Het onderhanden werk wordt gefactureerd. Over de periode mei 2021 zullen
ook nog vorderingen uit hoofde van verrichte werkzaamheden ontstaan.
04-05-2021
1
Er is een opbrengt van € 134.313,24 gerealiseerd. De werkzaamheden uit
hoofde van de WMO zorg moeten nog worden afgerekend. Het gaat hierbij om
een relatief klein bedrag (€ 1.900).
22-07-2021
2
De gemeente heeft aangegeven slechts tot betaling van de WMO zorg over te
gaan, indien de curator een uitgebreider overzicht verschaft van de geleverde
zorg. Voor zover mogelijk, zal de curator in de komende periode trachten een
dergelijk overzicht te verschaffen aan de gemeente.
19-10-2021
3
Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage
niet aangetroffen
Van andere activa is nog niet gebleken. 04-05-2021
1
Er is medewerking gegeven aan contractsovername met betrekking tot een
tweetal leasevoertuigen. Hier is een vergoeding voor bedongen en ontvangen.
Daarnaast is een – meer symbolische – vergoeding verkregen voor overdracht
van een niet door de Stichting gebruikte domeinnaam.
22-07-2021
2
Geen opmerkingen. 19-10-2021
3
Er is een schikking getroffen met een voormalig dienstverlener van de Stichting
op wie een vordering bestond. Het schikkingsbedrag van € 15.000 is
recentelijk ontvangen.
26-01-2025
16
Geen opmerkingen. 12-05-2025
17
Vooralsnog geen. 04-05-2021
1
Er worden ten aanzien van dit onderwerp geen verdere werkzaamheden
verwacht.
22-07-2021
2
4.1 Debiteuren
Toelichting debiteuren
4. Debiteuren
Beschrijving Omvang Opbrengst Boedelbijdr.
Vorderingen op zorgkantoor, DJI en
derden (waaronder cliënten)
Toelichting debiteuren
4.2 Werkzaamheden debiteuren
De Stichting heeft zich jegens DJI en Zorgkantoor op het standpunt gesteld dat
er nog een aanzienlijke vordering op deze organisaties bestaat. Wat betreft
het DJI ziet de vordering onder meer op betaling van geleverde zorg alsmede
een vordering uit hoofde van een (zeer aanzienlijke) ‘coronavergoeding’. Die
laatste vordering zal zeker niet volledig worden voldaan. Voor wat betreft het
Zorgkantoor gaat het in ieder geval om zorgverlening over 2021 (tot aan de
datum van het faillissement). Daarnaast volgt uit de administratie ook nog van
vorderingen op derden. De vorderingen op derden zien onder meer op
vorderingen op cliënten uit hoofde van verschuldigde huurpenningen.
Klaarblijkelijk is in diverse gevallen sprake van een aanzienlijke
betalingsachterstand van cliënten ter zake van de huur.
Uit contacten met DJI en het Zorgkantoor volgt dat in ieder geval deze partijen
zich op het standpunt stellen dat de vorderingen worden betwist. Zowel DJI
als het Zorgkantoor hebben een beroep op opschorting van hun vermeende
betalingsverplichtingen gedaan. Gegeven de relatieve complexheid van de
geschillen is met betrokkenen afgesproken dat eerst nader informatie wordt
uitgewisseld. DJI heeft toegezegd een rapport beschikbaar te stellen waaruit
de bevindingen zouden volgen ter zake van de dienstverlening door de
Stichting (en welke conclusies DJI tot betwisting van de facturen / opschorting
van uitbetaling van de ‘coronasubsidie’ zouden nopen). Met het Zorgkantoor is
overeengekomen dat zij het al eerder ingang gezette onderzoek zullen
afronden. Eerst als die informatie bekend is, wordt verder overleg gevoerd.
04-05-2021
1
De vordering uit hoofde van de ‘corona-vergoeding’ wordt verder onderzocht,
maar lijkt niet zeer kansrijk. DJI heeft inmiddels een concept rapport ter
beschikking gesteld waaruit haar voorlopige bevindingen volgen. Die
rapportage is doorgeleid naar het bestuur in het kader van hoor en
wederhoor.
22-07-2021
2
De curator heeft besloten geen actie te nemen ten aanzien van de namens de
Stichting ingediende ‘corona-vergoeding’. Zorgaanbieders hebben een verzoek
kunnen indienen tot het vergoeden van extra kosten die het gevolg waren van
de pandemie (denk aan vergoeding voor extra desinfectiemiddelen). De
Stichting heeft om toekenning van een bijzonder hoog bedrag verzocht (circa €
700.000,-). De (gebrekkige) onderbouwing én de omvang maakte dat het
verzoek is afgewezen. De curator meent dat de extra kosten waar vergoeding
van kan worden verzocht zeer aanzienlijk lager zijn dan het oorspronkelijke
verzoek. Omdat DJI zich inmiddels voorts op het standpunt heeft gesteld een
aanzienlijke vordering te hebben op de Stichting uit hoofde van betaalde doch
ogenschijnlijk niet geleende zorg, is het niet zinvol te trachten alsnog een deel
van de vergoeding uitbetaald te krijgen.
19-10-2021
3
Geen opmerkingen. 19-01-2022
4
Facturatie en incasso van de vorderingen die voortvloeien uit de
zorgactiviteiten na het vonnis van faillietverklaring. Voorts moet onderzoek
gedaan worden naar de debiteurenadministratie en moet worden bezien of de
standpunten van DJI en Zorgkantoor terecht zijn.
04-05-2021
1
Onderzoek naar de gegrondheid van de corona-vergoeding en de vorderingen
op het Zorgkantoor. Daarnaast wordt onderzocht in hoeverre nog actie moet
worden genomen ten aanzien van vorderingen op derden (met name
22-07-2021
2
voormalig cliënten). Ten aanzien van de vordering op een voormalig
onderhuurder is reeds een concept dagvaarding opgesteld.
Uit de debiteurenadministratie is gevolgd dat er sprake is van enkele zeer
oude vorderingen op voormalig cliënten, die tevens van een behoorlijke
omvang waren. Uit de administratie volgt een totale debiteurenstand van €
490.325,51. Al voor het faillissement lijkt duidelijk te zijn geweest dat die
vorderingen veelal oninbaar waren. Voorts lijken veel vorderingen voor een te
hoog bedrag op de debiteurenlijst te zijn opgenomen. Gelet op de
kwetsbaarheid van de voormalig cliënten, is de curator vooralsnog
terughoudend met het aanschrijven van deze cliënten.
De curator heeft het bestuur om een toelichting gevraagd op het overzicht van
vorderingen op derden. Het bestuur heeft aangegeven dat men over de
juistheid van de debiteurenoverzichten geen uitspraken kan doen. In dit kader
is opgemerkt dat de verantwoordelijkheid voor de debiteurenadministratie bij
de afdeling debiteuren lag binnen de Stichting.
Indien noch uit een toelichting van het bestuur, noch uit de brondocumenten
(administratie) volgt dat de informatie in het debiteurenoverzicht wel degelijk
juist is, zal de curator ten aanzien van de desbetreffende vordering geen actie
nemen en deze als oninbaar / ten onrechte opgenomen aanmerken.
19-10-2021
3
Geen opmerkingen, anders dan dat de curator het bestuur opnieuw om een
toelichting heeft verzocht op de informatie zoals die uit de
debiteurenadministratie is gebleken.
19-01-2022
4
Met betrekking tot enkele debiteuren heeft de curator bericht ontvangen van
budgethulpverleners / gemeentelijke kredietbanken. Ten aanzien van één
debiteur is ingestemd met het betalingsvoorstel tegen finale kwijting. Voorts
blijkt één voormalig cliënt na het faillissement uit hoofde van een in het
verleden verstrekte periodieke overschrijving nog betalingen te hebben
verricht ten behoeve van (niet meer afgenomen) diensten. Deze na het
faillissement ontvangen bedragen zijn onverschuldigd overgemaakt en
inmiddels geretourneerd. Hiermee is een bedrag van € 600 gemoeid.
In de komende periode worden nog enkele beperkte incassowerkzaamheden
voorzien.
26-04-2022
5
Met enkele kleinere schuldenaren is een betalingsregeling getroffen. Het betrof
hier particulieren die een relatief klein bedrag verschuldigd waren en ten
behoeve van wie een schuldhulpverlener een voorstel heeft gedaan (al dan
niet in het kader van een minnelijke regeling die door de betrokken particulier
aan al haar schuldeisers is aangeboden).
21-07-2022
6
Er is een bedrag van € 1.280,72 ontvangen van de Gemeentelijke Kredietbank
in het kader van de sanering van een schuld van een debiteur.
27-10-2022
7
In het kader van een buitengerechtelijke sanering van de schulden van een
debiteur, is een voorstel gedaan om een bedrag van € 51,09 te voldoen tegen
finale kwijting. Dit voorstel is aanvaard. Uiteindelijk is in termijnen een bedrag
van € 47,28 ontvangen. Gegeven het geringe verschil (€ 3,81) is besloten geen
verdere actie te nemen.
25-01-2023
8
Van een laatste schuldenaar wordt periodiek nog een betaling in het kader van
een regeling ontvangen. Aldus is in de verslagperiode € 450 bijgeschreven op
de boedelrekening.
25-04-2023
9
5.1 Vordering van bank(en)
5.2 Leasecontracten
Van een laatste schuldenaar wordt periodiek een betaling ontvangen in het
kader van een regeling. In de verslagperiode is een bedrag van € 450
ontvangen uit hoofde van de regeling.
25-07-2023
10
In de afgelopen verslagperiode is wederom een bedrag van € 450 ontvangen
uit hoofde van voornoemde regeling.
25-10-2023
11
In de afgelopen verslagperiode is wederom een bedrag van € 450 ontvangen
uit hoofde van voornoemde regeling.
25-01-2024
12
Ook in de afgelopen periode is een bedrag van € 450 ontvangen uit hoofde
van de hiervoor omschreven regeling. Daarnaast geldt dat een andere
debiteur een minnelijk traject is gestart. De curator heeft bij de
schuldhulpverlener opgave gedaan van de vordering op betrokkene.
25-04-2024
13
In de afgelopen verslagperiode is wederom een bedrag van € 450 ontvangen
uit hoofde van voornoemde regeling. Bovendien is een regeling getroffen in het
kader van een saneringsvoorstel dat is gedaan door de Kredietbank Limburg
met betrekking tot de vordering op een voormalig cliënt.
25-07-2024
14
Er zijn betalingen ontvangen uit hoofde van regelingen met debiteuren. Eén
betaling ziet op een eenmalige afkoopsom in het kader van een
buitengerechtelijke sanering van de crediteurenpositie van een voormalig
patiënt. Hiermee is een bedrag van € 621,19 gemoeid. Daarnaast is uit hoofde
van een al eerder overeengekomen betalingsregeling een bedrag van € 300
ontvangen.
24-10-2024
15
Er zijn betalingen ontvangen uit hoofde van een betalingsregeling (€ 321,06).26-01-2025
16
5. Bank / Zekerheden
€ 2.720,00
Toelichting vordering van bank(en)
ING Bank N.V. heeft uit hoofde van een door haar uitgegeven creditkaart een
vordering. De Stichting heeft een drietal betaalrekeningen en een tweetal
spaarrekeningen aangehouden. Er is geen kredietfaciliteit overeengekomen.
Aan de bank zijn geen zekerheden verstrekt .
04-05-2021
1
5.2 Leasecontracten
5.3 Beschrijving zekerheden
5.4 Separatistenpositie
5.5 Eigendomsvoorbehoud
5.6 Retentierechten
Er is sprake van een twaalftal leaseovereenkomsten. De overeenkomsten
hebben betrekking op elf personenauto’s alsmede één bus. Voor zover de
voertuigen niet meer nodig waren in het kader van de voortzetting van de
activiteiten zijn afspraken gemaakt om tot inlevering van de voertuigen over te
gaan. Een deel van de voertuigen is al ingeleverd. Voor een ander deel is een
afspraak tot inname gemaakt. Twee van de leaseovereenkomsten zijn
zogenaamde financial leaseovereenkomsten. Bezien wordt of er uit hoofde van
die contracten mogelijk sprake is van een positieve opbrengst indien tot
afkoop wordt overgegaan. Gegeven het feit dat één van deze financial
leaseovereenkomsten relatief kort geleden is afgesloten, is de kans dat deze
overeenkomst nog een opbrengst te zien zal geven
04-05-2021
1
De leaseovereenkomsten zijn beëindigd. In een beperkt aantal gevallen is nog
enige tijd gebruikt gemaakt van de leasevoertuigen. Ondanks meerdere
verzoeken is nog geen factuur van de leasemaatschappijen ter zake van dit
gebruik ontvangen. Inmiddels zijn alle auto’s ingeleverd.
22-07-2021
2
Geen opmerkingen. 19-10-2021
3
Niet van toepassing. 04-05-2021
1
Niet van toepassing. 04-05-2021
1
Door een zeer beperkt aantal leveranciers is een beroep gedaan op een
eigendomsvoorbehoud. Er wordt onderzocht of dit beroep terecht is gedaan.
Voorts wordt onderzocht of de zaken waar het om zou gaan, nog aanwezig
zijn.
04-05-2021
1
Louter ten aanzien van geleverde blusapparatuur lijkt sprake te zijn van een
geldig overeengekomen eigendomsvoorbehoud. Met de leverancier heeft
overleg plaatsgevonden. Gegeven het feit dat de apparatuur geen zeer grote
waarde vertegenwoordigt en opgehaald moet worden, lijkt de leverancier te
willen bezien of overeenstemming kan worden gekregen met de eigenaar van
het pand waarin de apparatuur zich bevindt.
22-07-2021
2
Van de leverancier van de blusapparatuur is verder niet meer vernomen zodat
de curator aanneemt dat deze met de verhuurder tot overeenstemming is
gekomen.
19-01-2022
4
Geen opmerkingen. 26-04-2022
5
5.6 Retentierechten
5.7 Reclamerechten
5.8 Boedelbijdragen
5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden
6.1 Exploitatie / zekerheden
6.2 Financiële verslaglegging
Niet van toepassing. 04-05-2021
1
Niet van toepassing. 04-05-2021
1
€ 0,00
Toelichting
niet aan de orde.
04-05-2021
1
Geen. 04-05-2021
1
6. Voortzetten / doorstart onderneming
Voortzetten onderneming
Besloten is de activiteiten van de Stichting enige tijd voort te zetten. Er is om
machtiging van de rechters-commissarissen verzocht om hiertoe over te mogen
gaan. Die machtiging is verstrekt.
04-05-2021
1
De bedrijfsactiviteiten zijn eind mei 2021 gestaakt. 22-07-2021
2
6.2 Financiële verslaglegging
6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming
6.4 Beschrijving
6.5 Verantwoording
Uit het bijgesloten financieel overzicht volgt dat in de eerste weken na het
faillissement voor een bedrag van bijna € 30.000 aan bedrijfskosten zijn
voldaan. Die kosten zijn grotendeels conform de opgestelde
liquiditeitsprognose en bestaan voor een groot deel uit beveiligingskosten.
Voorts zijn uitgaven gedaan ter zake van verzekeringspenningen en ICT
kosten.
Er zijn nog geen opbrengsten gerealiseerd. Wél is er sprake van onderhanden
werk dat gefactureerd wordt. In de periode 8 tot en met 31 april 2021 is een
omzet gerealiseerd van circa € 72.000.
04-05-2021
1
Er is een bedrag van € 134.313,24 aan omzet gerealiseerd. Hiertegenover
staat een bedrag van € 63.346,32 aan betaalde kosten. Dit bedrag is het
saldo van € 5.006,08 (ICT kosten), € 45.296,93 (beveiliging), € 5.840 (leefgeld
en kosten boodschappen), € 675,04 (verzekering) en € 6.528,27 (overig,
waaronder energie, telecommunicatie en inzet ZZP’er). Het saldo zal nog wat
toenemen nu nog niet van alle kosten een opgave is ontvangen (lease).
Gegeven het feit dat personeelskosten en huur niet zijn inbegrepen in het
saldo kosten zijn de activiteiten verlieslatend gebleken. Continuering was
echter noodzakelijk teneinde een ordelijke overdracht te bewerkstelligen.
22-07-2021
2
Met enkele kritische leveranciers zijn afspraken gemaakt. Er is voorts een
afkoelingsperiode afgekondigd opdat gelegenheid bestaat om tot een
deugdelijke inventarisatie van rechten van derden te komen. Met de
medewerkers (met name zij die direct bij de zorgactiviteiten betrokken zijn)
vindt veelvuldig overleg plaats.
04-05-2021
1
Er heeft zeer intensief overleg plaatsgevonden met medewerkers van zowel
de Stichting als DJI, Zorgkantoor en (in veel mindere mate) de Gemeente
Rotterdam. Voorts zijn verhuurders zo goed als mogelijk op de hoogte
gehouden (en hebben deze ook zelf veelvuldig contact gezocht teneinde
geïnformeerd te worden).
22-07-2021
2
Doorstarten onderneming
Getracht wordt delen van de zorgactiviteiten van de Stichting door derden
voort te laten zetten. Gesprekken hierover zijn in een (zeer) ver gevorderd
stadium. Thans is al wel duidelijk dat het niet mogelijk zal zijn om tot een
integrale overname / voortzetting van de zorgactiviteiten te komen.
04-05-2021
1
Uiteindelijk is met twee partijen overeenstemming bereikt om een deel van de
activiteiten over te nemen. Een en ander heeft de nodige voeten in de aarde
gehad omdat – begrijpelijkerwijze – ook de cliënten zich moesten kunnen
vinden in de beoogd opvolgend zorgverlener.
22-07-2021
2
6.5 Verantwoording
6.6 Opbrengst
6.7 Boedelbijdrage
6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming
7.1 Boekhoudplicht
De verantwoording zal geschieden in de vorm van het financieel verslag en
rapportage aan de rechters-commissaris.
04-05-2021
1
Uit het bijgesloten financieel verslag volgt hetgeen is ontvangen en de
betalingen die zijn verricht.
22-07-2021
2
Toelichting
Nog niet bekend.
04-05-2021
1
€ 32.759,90
Toelichting
(goodwill)
22-07-2021
2
Toelichting
Niet van toepassing.
04-05-2021
1
Kort na het faillissement is informatie verzameld omtrent de bedrijfsvoering van
de Stichting. Die informatie is ontdaan van persoonsgegevens en beschikbaar
gemaakt voor partijen die interesse hebben getoond in een mogelijke
overname. De betrokken partijen hebben die inzage gekregen na het
ondertekenen van een geheimhoudingsverklaring.
Met de meest gerede partijen zijn de gesprekken voortgezet. De verwachting
is dat binnen afzienbare termijn duidelijk zal zijn welk deel van de
zorgactiviteiten kan worden voortgezet door derden en wat de gevolgen
hiervan zijn voor boedel en medewerkers
04-05-2021
1
De gesprekken zijn afgerond. 22-07-2021
2
Geen opmerkingen. 19-01-2022
4
7. Rechtmatigheid
Hier wordt nog onderzoek naar gedaan. 04-05-2021
7.2 Depot jaarrekeningen
1
Het onderzoek is gestart. De voorlopige bevindingen zullen binnenkort met het
bestuur worden gedeeld.
22-07-2021
2
Op korte termijn zal een gesprek worden gepland. 19-10-2021
3
In plaats van een gesprek is er voor gekozen de voorlopige bevindingen
schriftelijk te delen en om een toelichting te verzoeken.
19-01-2022
4
Recentelijk heeft een bespreking plaatsgevonden waarin de voorlopige
bevindingen aan de orde zijn gekomen.
26-04-2022
5
Er zijn conservatoire beslagmaatregelen genomen en bezien wordt of alsnog
een oplossing in der minne kan worden bereikt.
21-07-2022
6
Een oplossing is niet bereikt zodat thans de rechtbank de knoop dient door te
hakken.
27-10-2022
7
Geen opmerkingen. 25-01-2023
8
In de aanhangige procedure staat voor vonnis dan wel doorhaling in verband
met bereikte schikking.
25-04-2023
9
Partijen hebben geen overeenstemming bereikt over een schikking. De
aanhangige procedure staat voor vonnis (na aanhouding door de rechtbank).
25-07-2023
10
De rechtbank heeft op 6 september 2023 vonnis gewezen. 25-10-2023
11
Het bestuur heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van 6 september
2023.
25-01-2024
12
De zaak stond op de rolzitting van 9 april 2024. Er is op die rolzitting om een
uitstel van vier weken gevraagd, welk uitstel ook is verleend.
25-04-2024
13
Namens het bestuur is een memorie van grieven genomen. De procedure staat
thans voor memorie van antwoord op de rol van 13 augustus 2024.
25-07-2024
14
Er is om een mondelinge behandeling verzocht. Deze zitting is geagendeerd op
19 september 2025.
24-10-2024
15
Geen opmerkingen. 26-01-2025
16
7.2 Depot jaarrekeningen
7.3 Goedkeuringsverklaring accountant
7.4 Stortingsverplichting aandelen
7.5 Onbehoorlijk bestuur
Er is één jaarrekening gedeponeerd, namelijk die van het boekjaar 2016.
Onderzocht wordt nog of de stichting verplicht was tot deponering over te
gaan. Op basis van de omzet is dat niet het geval, op basis van de activiteiten
mogelijk wel. Er zijn voorts jaarrekeningen over 2018 en 2019 opgesteld, doch
die zijn niet openbaar gemaakt.
04-05-2021
1
Er is in het kader van de Wet Normering Topinkomens 2018 een
controleverklaring door de accountant afgelegd.
04-05-2021
1
Met de accountant is een afspraak gemaakt ten behoeve van een bespreking.19-10-2021
3
Er heeft een bespreking met de accountant plaatsgevonden. Er wordt thans
overleg gevoerd over de vraag in hoeverre er een verplichting bestaat voor de
accountant om bepaalde gegevens ter beschikking te stellen. Dit overleg is nog
niet afgerond.
19-01-2022
4
De accountant heeft nadere stukken toegezonden. Deze zijn grotendeels
doorgenomen maar bieden weinig tot geen nieuwe inzichten.
26-04-2022
5
Geen opmerkingen. 21-07-2022
6
Niet van toepassing. 04-05-2021
1
7.5 Onbehoorlijk bestuur
7.6 Paulianeus handelen
Toelichting
Is nog niet onderzocht. Zoals bij elk faillissement zal de curator onderzoek
doen naar de oorzaken van het faillissement en de rol van het bestuur.
04-05-2021
1
Toelichting
Dit wordt onderzocht doch het is thans nog niet opportuun hier verdere
mededelingen over te doen.
22-07-2021
2
Toelichting
Het bestuur is in kennis gesteld van de voorlopige bevindingen van de curator.
19-01-2022
4
Toelichting
Er vindt overleg plaats.
26-04-2022
5
Toelichting
Er heeft een bespreking plaatsgevonden op de rechtbank in verband met een
door de curator aan de rechter-commissaris verzochte procesmachtiging. Het
bestuur heeft haar standpunt bij die bespreking kenbaar gemaakt.
21-07-2022
6
Toelichting
De rechter-commissaris heeft de procesmachtiging verleend. Nu geen regeling
tot stand is gekomen is de procedure aanhangig gemaakt.
27-10-2022
7
Toelichting
Er is een eindvonnis gewezen. De bestuurders hebben beroep ingesteld.
25-01-2024
12
Toelichting
Het wachten is op de memorie van grieven.
25-04-2024
13
Toelichting
Namens het bestuur is een memorie van grieven genomen. De procedure staat
thans voor memorie van antwoord.
25-07-2024
14
Toelichting
Nog niet onderzocht. Ook het onderzoek naar mogelijk paulianeus handelen
zal nog moeten worden uitgevoerd.
04-05-2021
1
Toelichting
22-07-2021
2
Wordt onderzocht.
Toelichting
Er is sprake van diverse betalingen aan gelieerde partijen in de periode kort
voor het faillissement. Eén van deze partijen is inmiddels aangeschreven.
19-10-2021
3
Toelichting
Het onderzoek heeft tot vragen geleid die aan het bestuur zijn voorgelegd.
19-01-2022
4
Toelichting
Met de partij aan wie kort voor het faillissement betalingen zijn verricht heeft
overleg plaatsgevonden in de vorm van een bijeenkomst ten overstaan van de
rechter-commissaris. Enige tijd nadien is er door de betrokken partij een
schikkingsvoorstel gedaan. Dit voorstel is verworpen en namens de curator is
een tegenvoorstel gedaan. Of uiteindelijk overeenstemming kan worden
bereikt is thans nog niet duidelijk nu de voorstellen van partijen behoorlijk ver
uit elkaar liggen.
26-04-2022
5
Toelichting
Het oorspronkelijk gedane voorstel is niet geaccepteerd. De in de vorige alinea
bedoelde partij heeft aangegeven een nieuw voorstel te zullen doen. Dat blijft
uit.
21-07-2022
6
Toelichting
Geen opmerkingen.
27-10-2022
7
Toelichting
De discussie met de genoemde partij, Precaution Security B.V., is uitgemond tot
een toewijzend vonnis waarin Precaution Secyurity B.V. is veroordeeld tot
betaling van een bedrag in hoofdsom van EUR 41.050,00.
25-01-2024
12
Toelichting
Nu verhaal niet mogelijk lijkt te zijn, wordt onderzocht of en zo ja welke actie
verder nog ondernomen moet worden.
25-04-2024
13
Toelichting
Onderzocht wordt of het faillissement moet worden aangevraagd van de
betrokken schuldenaar.
25-07-2024
14
Toelichting
Het verzoek tot faillietverklaring wordt ingediend.
24-10-2024
15
Toelichting
26-01-2025
16
7.7 Toelichting rechtmatigheid
7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid
8.1 Boedelvorderingen
Nadat het verzoek was ingediend, is overleg gevoerd over een schikking.
Partijen hebben uiteindelijk overeenstemming bereikt.
Toelichting
Dit punt is afgehandeld.
12-05-2025
17
Nog niets over te melden. 04-05-2021
1
Het onderzoek moet nog plaatsvinden. In dit verband is mede (digitale)
administratie veilig gesteld.
04-05-2021
1
Dit onderwerp wordt mede besproken in overleg met DJI (en – in mindere mate
- ) het Zorgkantoor.
22-07-2021
2
Met onder meer het DJI wordt periodiek overleg gevoerd. Deze partij is (ook)
een onderzoek gestart onder meer naar de vraag of de in rekening gebrachte
zorg ook daadwerkelijk is verleend. DJI is recentelijk verzocht aan te geven
wat de status van dit onderzoek is.
19-01-2022
4
DJI lijkt het onderzoek voorlopig stil te hebben gelegd, mede gegeven het
faillissement van de Stichting.
26-04-2022
5
8. Crediteuren
€ 13.060,30
Toelichting
Het betreft hier vorderingen van verhuurders ter zake van huurpenningen die
zien op de periode na het vonnis van faillietverklaring. Het geheel aan
boedelvorderingen zal in de komende periode aanzienlijk toenemen. Niet
alleen verhuurders zullen hiervan opgave doen, doch ook het UWV zal een
aanzienlijke boedelvordering hebben.
04-05-2021
1
€ 47.733,04
Toelichting
Het betreft vorderingen van verhuurders. De boedelvordering van UWV is nog
niet ontvangen.
22-07-2021
2
8.2 Pref. vord. van de fiscus
€ 46.859,05 19-10-2021
3
€ 355.718,74
19-01-2022
4
€ 355.727,74
Toelichting
Er heeft een kleine correctie (€ 9,0) op een vordering van een
boedelschuldeiser plaatsgevonden.
26-04-2022
5
€ 406.025,10
25-04-2023
9
€ 431.968,78
Toelichting
Het UWV heeft een aanvullende boedelvordering ingediend van € 25.943,68.
De totale boedelvordering van het UWV bedraagt € 378.933,38.
25-10-2023
11
€ 833.133,28
Toelichting
De vordering ziet met name op niet betaalde loonbelasting (uit zowel 2018,
2019, 2020 en de eerste maanden 2021). Daarnaast zou er sprake zijn van
vorderingen uit hoofde van vennootschapsbelasting.
Namens de belastingdienst is verzocht op korte termijn een bespreking te
plannen teneinde over het dossier van gedachten te kunnen wisselen. Er is
voorts aangegeven dat de uiteindelijke vordering waarschijnlijk hoger is dan
waarvan thans opgave is gedaan.
04-05-2021
1
€ 866.502,28
Toelichting
Ondanks meerdere verzoeken is nog geen contact opgenomen met de curator
voor het maken van een afspraak ten behoeve van een bespreking.
22-07-2021
2
€ 968.123,28
Toelichting
Geen opmerkingen.
19-10-2021
3
€ 1.021.151,28
Toelichting
19-01-2022
4
8.3 Pref. vord. UWV
Namens de belastingdienst is aangegeven dat de lange periode van stilte het
gevolg is geweest van de Covid-19 maatregelen doch dat thans op korte
termijn een (fysieke?) bespreking wordt gepland.
€ 994.693,28
Toelichting
Er heeft uiteindelijk (telefonisch) overleg met de belastingdienst
plaatsgevonden en er zijn enige gegevens uitgewisseld. De vordering van de
fiscus is enigszins in neerwaartse zin bijgesteld.
26-04-2022
5
€ 966.533,28
Toelichting
De aanslag Vpb over 2021 is verlaagd tot € 2.924.
25-01-2023
8
€ 966.533,28
25-04-2023
9
€ 966.348,28
Toelichting
Er heeft een heel kleine neerwaartse aanpassing plaatsgevonden.
24-10-2024
15
Toelichting
Geen opmerkingen.
12-05-2025
17
8.3 Pref. vord. UWV
8.4 Andere pref. crediteuren
€ 0,00
Toelichting
De vordering van het UWV is nog niet bekend.
04-05-2021
1
€ 437.994,69
Toelichting
Met het fraudeteam van het UWV heeft overleg plaatsgevonden.
19-01-2022
4
Toelichting
In de hoogte van de vordering van het UWV heeft zich in de verslagperiode
geen wijziging voorgedaan. Er is diverse malen overleg met een medewerkster
van het fraudeteam van het UWV.
26-04-2022
5
Toelichting
Er vindt periodiek overleg met medewerkers van het UWV plaats. In de
omvang van de vordering is geen wijziging opgetreden.
25-01-2023
8
€ 487.424,20
Toelichting
In de verslagperiode is de vordering van het UWV in opwaartse zin bijgesteld.
25-04-2023
9
Toelichting
Geen wijziging in de verslagperiode.
24-10-2024
15
€ 28.948,64
Toelichting
Veel (oud-)medewerkers hebben vorderingen die niet (geheel) overgenomen
zullen worden door het UWV. De vorderingen zien met name op niet
uitbetaalde zorgbonussen. Voorlopig heeft een negental (ex-)medewerkers
een opgave gedaan. Het is goed denkbaar dat een deel van de nu ingediende
vorderingen uiteindelijk zal worden overgenomen door het UWV.
04-05-2021
1
€ 25.218,75
Toelichting
Deze post zal waarschijnlijk in neerwaartse zin moeten worden bijgesteld nu
een deel van de vorderingen betrekking heeft op de zorgbonus. Deze wordt
door het UWV voldaan (en zal uiteindelijk via de vordering van het UWV
worden geadministreerd).
22-07-2021
2
8.5 Aantal concurrente crediteuren
€ 27.461,58
Toelichting
Het UWV is verzocht aan te geven aan welke ex-medewerkers zorgbonussen
zijn uitgekeerd. Voor zover deze partijen vorderingen bij de curator hebben
ingediend, zullen zij benaderd worden met het verzoek te bevestigen dat de
vordering kan worden verwijderd.
19-10-2021
3
€ 24.261,58
19-01-2022
4
Toelichting
In de opgave van de vorderingen van de ex-medewerkers die zien op de
zorgbonus is in de afgelopen periode geen verdere wijziging opgetreden
ondanks het feit dat het UWV de zorgbonus over 2020 alsnog heeft vergoed.
26-04-2022
5
€ 22.218,75
Toelichting
In de verslagperiode is nader onderzoek gedaan naar de gegrondheid van de
ingediende vorderingen en is bij enkele van de betrokken schuldeisers om
nadere informatie verzocht. Het veelal uitblijven van een reactie heeft er toe
geleid dat een deel van de vorderingen alsnog als voorlopig betwist is
genoteerd.
Thans geldt dat aan ingediende vorderingen van voormalig medewerkers een
is genoteerd. Voorts zijn enkele vorderingen van voormalig medewerkers uit
hoofde van een niet verkregen zorgbonus alsnog voorlopig betwist. Hiermee is
een bedrag van € 5.000,00 gemoeid. Tot slot is er sprake van een tweetal
overige preferente vorderingen (uit hoofde van 2/5 deel van de
aanvraagkosten van het faillissement) voor een bedrag van € 1.495,22. Het
overige deel (3/5 deel) van de aanvraagkosten van het faillissement is nog niet
ter verificatie ingediend. Hiermee is een bedrag van € 2.242,83 gemoeid.
27-10-2022
7
Toelichting
Geen opmerkingen.
25-01-2023
8
32
Toelichting
Aan de hand van de crediteurenadministratie van de Stichting zijn de diverse
partijen aangeschreven. Een groot deel zal nog opgave van vorderingen
moeten doen. Uit de administratie volgt dat er bijna honderd crediteuren met
een saldo aan vorderingen van ruim € 1.2 miljoen.
04-05-2021
1
54
22-07-2021
2
8.6 Bedrag concurrente crediteuren
57 19-10-2021
3
61
19-01-2022
4
Toelichting
Eerder bleek dat een groot deel van de schuldeisers nog geen opgave had
gedaan van vorderingen. Er zou sprake zijn van een 130-tal schuldeisers, daar
waar tot dusverre 61 schuldeisers opgave hebben gedaan. In de
verslagperiode is een vordering van het Zorgkantoor ingediend, doch deze is
nog niet voorlopig beoordeeld. De vordering beloopt een zeer substantieel
bedrag.
26-04-2022
5
64
27-10-2022
7
Toelichting
Het voorlopig onderzoek naar de gegrondheid van de vordering van het
zorgkantoor is nog niet afgerond.
25-01-2023
8
69
Toelichting
Het saldo aan vorderingen alsmede het aantal schuldeisers dat opgave van
een vordering heeft gedaan is wat toegenomen.
25-04-2023
9
Toelichting
Geen opmerkingen.
25-07-2023
10
70
Toelichting
In de afgelopen verslagperiode heeft het UWV een aanvullende vordering ad €
183.347,72 ingediend (pensioenpremies)
25-10-2023
11
Toelichting
Geen opmerkingen.
25-01-2024
12
Toelichting
Geen wijzigingen in de verslagperiode.
24-10-2024
15
€ 216.017,80
04-05-2021
1
Toelichting
Het bedrag aan voorlopig erkende vorderingen zal in de komende periode naar
alle waarschijnlijk fors stijgen.
€ 915.396,72
Toelichting
Inmiddels worden nauwelijks meer vorderingen ter verificatie aangemeld. De
administratie gaat echter uit van een aanzienlijk hoger bedrag aan concurrente
crediteuren (€ 1.2 miljoen).
22-07-2021
2
€ 938.083,59
Toelichting
Het aantal partijen dat een vordering ter verificatie heeft ingediend is
nauwelijks toegenomen ten opzichte van de situatie ten tijde van het vorig
verslag.
19-10-2021
3
€ 939.896,76
Toelichting
Geen opmerkingen.
19-01-2022
4
€ 1.335.005,58
Toelichting
In de afgelopen verslagperiode heeft het pensioenfonds een vordering
ingediend tot een bedrag van € 244.287,78 en heeft het RVO een vordering
van € 150.000,- ingediend uit hoofde van nog terug te betalen subsidies.
Tevens is door Leaseplan Nederland nog een vordering ingediend tot een
bedrag van € 821,04.
27-10-2022
7
Toelichting
Geen opmerkingen.
25-01-2023
8
€ 1.367.068,42
Toelichting
Het saldo aan ingediende vorderingen is wederom wat toegenomen, onder
meer door een nieuwe vordering van RVO (Rijksdienst voor Ondernemend
Nederland).
25-04-2023
9
Toelichting
Geen opmerkingen.
25-07-2023
10
€ 1.550.416,14
Toelichting
25-10-2023
11
8.7 Verwachte wijze van afwikkeling
8.8 Werkzaamheden crediteuren
9.1 Naam wederpartijen
Het saldo van de ingediende vorderingen is toegenomen door een vordering
van het UWV.
Toelichting
Geen opmerkingen.
25-01-2024
12
Toelichting
Geen wijziging in de verslagperiode.
24-10-2024
15
Hierover is nu nog weinig concreets te melden. 04-05-2021
1
Pas als het geheel aan boedelvordering bekend is, zal iets meer gezegd
kunnen worden over de wijze van afwikkeling.
22-07-2021
2
Geen opmerkingen. 25-01-2023
8
Geen wijzigingen in de verslagperiode. 24-10-2024
15
De aanspraken worden geïnventariseerd. Voor zover crediteuren een beroep
hebben gedaan op een eigendomsvoorbehoud (dat is tot dusverre in beperkte
mate het geval) worden deze aanspraken gecontroleerd en
04-05-2021
1
Met uitzondering van de nog niet afgehandelde kwestie ter zake van de
geleverde en onbetaald gebleven brandblusapparatuur is geen verdere actie
voorzien.
22-07-2021
2
De brandblusapparatuur is – voor zover de curator bekend – deels opgehaald
en deels verkocht aan een verhuurder.
19-10-2021
3
Geen verdere werkzaamheden. 19-01-2022
4
9. Procedures
Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V.
De heer M. Fatih.
De heer B.I. Besembun.
04-05-2021
1
9.2 Aard procedures
De heer en mevrouw Raafenberg 27-10-2022
7
Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V.
Tussen de Stichting en het Zorgkantoor is in mei 2020 een procedure gevoerd.
De aanleiding van het geding was de beslissing van het Zorgkantoor om de
overeenkomst die met de Stichting was gesloten te beëindigen. Bovendien
heeft het Zorgkantoor begin maart 2020 aangegeven de betalingen aan de
Stichting op te schorten. Als toelichting heeft het Zorgkantoor aangegeven dat
er zorgen bestonden omtrent de financiële situatie. Die zorg was mede het
gevolg van het feit dat de Stichting geen, althans onvoldoende, inzicht zou
hebben gegeven in financiële gegevens.
Uit de toelichting die aan de curator is gegeven volgt dat het Zorgkantoor het
vermoeden heeft gehad dat er gedeclareerde zorg niet in alle gevallen
daadwerkelijk is verstrekt. Het Zorgkantoor heeft het verzoek gedaan op
dossierniveau controles uit te kunnen voeren.
In de procedure – die is uitgemond in een beslissing van de
voorzieningenrechter van 15 mei 2020 (ECLI:NL:RBDHA:2020:4789) – heeft de
voorzieningenrechter geoordeeld dat een tweetal (oudere) fraudemeldingen
voldoende basis zijn voor een fraudeonderzoek op detailniveau. Dat
onderzoek zou dan louter betrekking kunnen hebben op de twee dossiers
waarop de fraudemelding betrekking heeft gehad. Voorts is het voorlopige
oordeel gegeven dat het Zorgkantoor niet tot ontbinding van de met de
Stichting overeenkomst had kunnen overgaan.
Na wijzen van het vonnis hebben gesprekken plaatsgevonden over de door
het Zorgkantoor gewenste controle. De Stichting en het Zorgkantoor zijn
uiteindelijk overeengekomen dat een vijftiental dossiers zou worden
gecontroleerd. Die controle is niet afgerond. De Stichting en het Zorgkantoor
hebben een verschillende visie ten aanzien van het antwoord op de vraag wie
er verantwoordelijk voor is dat dit onderzoek is gestaakt.
Namens het Zorgkantoor is hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van 15
mei 2020.
In overleg met het Zorgkantoor heeft de curator aangegeven dat het
dossieronderzoek spoedig moet worden hervat. De stukken hiertoe zijn
verzameld. Het onderzoek zal waarschijnlijk (deels) op het kantoor van de
curator plaatsvinden.
M. Fatih
Wat betreft Fatih geldt dat deze op staande voet is ontslagen. Tegen dit
ontslag is geprotesteerd. De juridisch adviseur van Fatih heeft de curator
verzocht dit ontslag in te trekken in verband met de aanspraken van Fatih
jegens het UWV. Een procedure is – zo begrijpt de curator – nog niet
begonnen. De curator heeft nog geen standpunt in kunnen nemen voor wat
betreft het ontslag op staande voet; mede nu de lezingen van Fatih en de
Stichting (vrijwel) haaks op elkaar lijken te staan. Beide partijen verwijten
elkaar onder meer valsheid in geschrifte.
B.I. Besembun
Besembun is op non-actief gesteld nu de Stichting over informatie zou
beschikken waaruit zou zijn af te leiden dat betrokkene concurrerende
04-05-2021
1
9.3 Stand procedures
werkzaamheden (gericht op het beginnen van een concurrerende
onderneming) zou zijn gaan ontplooien. Besembun is enige tijd nadien op
staande voet ontslagen. Besembun heeft onder meer vernietiging van het
ontslag op staande voet gevorderd. De Stichting heeft op haar beurt
ontbinding van de arbeidsovereenkomst gevorderd.
Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V.
Het dossieronderzoek is verder afgerond op het kantoor van de curator. De
curator dient zich uit te laten over overneming van de aanhangige procedure.
M. Fatih
De curator heeft – na onderzoek van het dossier - aangegeven dat het ontslag
op staande voet niet wordt gehandhaafd nu hiervoor onvoldoende grond is
gebleken.
B.I. Besembun
Geen opmerkingen.
22-07-2021
2
Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V.
Het overleg met het Zorgkantoor heeft niet tot een gemeenschappelijk
standpunt geleid. De advocaten van het Zorgkantoor hebben recentelijk
namens hun cliënte een grote vordering ingediend. Die vordering is nog niet op
de lijst van voorlopig erkende of betwiste crediteuren geplaatst nu de curator
eerst een reactie richting de advocaat van het Zorgkantoor wil verzenden.
19-01-2022
4
De heer en mevrouw Raafenberg
Er is een procedure aanhangig gemaakt waarin de rechtbank – zakelijk
weergegeven – wordt verzocht het bestuur van de Stichting te veroordelen tot
betaling van een bedrag van ruim € 730.000 aan de boedel. In die procedure
hebben gedaagden op 30 november 2022 de gelegenheid een schriftelijke
reactie in te dienen. Gedaagden betwisten de stellingen van de curator en
menen dat deze elke grond ontberen.
27-10-2022
7
Er is namens het bestuur een conclusie van antwoord ingediend. 25-01-2023
8
De comparitie van partijen heeft plaatsgevonden. 25-04-2023
9
Na de comparitie van partijen is onderzocht of een schikking tot de
mogelijkheden behoort. Partijen hebben uiteindelijk geen overeenstemming
bereikt over een regeling. De procedure staat voor vonnis.
25-07-2023
10
De rechtbank heeft op 6 september 2023 eindvonnis gewezen. 25-10-2023
11
9.3 Stand procedures
9.4 Werkzaamheden procedures
De procedure tegen het Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V. is geschorst. De
curator zal worden opgeroepen om het geding al dan niet over te nemen.
In de zaak Fatih moet aan de hand van de diverse stukken de positie van
partijen worden beoordeeld.
In de procedure tussen de Stichting en de heer Besembun is op 13 april 2021
een (eind-)beschikking gewezen. De kantonrechter heeft de opzegging van de
arbeidsovereenkomst vernietigd en deze vervolgens ontbonden per 1 juni
2021 onder toekenning van een transitievergoeding.
04-05-2021
1
Alleen in de procedure tegen het Zorgkantoor dient nog verdere actie
genomen te worden.
22-07-2021
2
In de procedure tegen het bestuur staat de zaak op de rolzitting van 30
november 2022.
27-10-2022
7
Inmiddels is in de procedure tegen het bestuur een comparitie van partijen
gelast.
25-01-2023
8
De procedure tegen het bestuur staat voor vonnis respectievelijk doorhaling
indien schikking zou worden bereikt.
25-04-2023
9
De procedure staat voor vonnis. 25-07-2023
10
Er is vonnis gewezen. 25-10-2023
11
In de procedure tegen het bestuur is op 6 september 2023 vonnis gewezen.
De bestuurders zijn hoofdelijk veroordeeld tot betaling van een bedrag aan de
boedel van circa EUR 550.000,-. Het bestuur heeft hoger beroep ingesteld.
In de procedure tegen Precaution Security B.V. is op 20 december 2023 een
verstekvonnis gewezen. Precaution Security B.V. is veroordeeld tot betaling
van een bedrag van circa 40.000,- aan de boedel.
25-01-2024
12
Zie de eerder in het verslag geplaatste opmerkingen. 25-04-2024
13
Wat betreft de stand van de procedures wordt verwezen naar de overige
opmerkingen in het verslag.
25-07-2024
14
9.4 Werkzaamheden procedures
10.1 Plan van aanpak
Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V.
Teneinde een standpunt in te kunnen nemen, is om toezending van het (lijvig)
procesdossier verzocht. Dit moet worden bestudeerd.
04-05-2021
1
Er heeft overleg plaatsgevonden met de (voormalig) advocaat van de Stichting.
Deze heeft een voorstel gedaan ten behoeve van voortzetting van zijn
werkzaamheden. Dit zou zinvol kunnen zijn nu dit voorkomt dat de
behandeling van het dossier geheel opnieuw moet worden opgepakt door een
kantoorgenoot van de curator. Er is nog geen beslissing genomen, nu nog niet
helder is of de procedure wordt overgenomen.
22-07-2021
2
De procedure is geschorst. 19-10-2021
3
In de procedure tegen het bestuur is het wachten op de conclusie van
antwoord.
27-10-2022
7
Zie de informatie die onder 9.3 is weergegeven. 25-01-2023
8
10. Overig
Allereerst dient duidelijk te zijn welke zorgactiviteiten door derden
overgenomen kunnen worden. Daar waar dit niet mogelijk blijkt te zijn, zal in
overleg met de betrokkenen (DJI, Zorgkantoor en gemeente Rotterdam) tot
afbouw en overdracht moeten worden gekomen. Aan de hand hiervan zal ook
bezien moeten worden welke huurovereenkomsten moeten worden beëindigd
en welke panden moeten worden opgeleverd aan de diverse verhuurders.
Voorts zullen de werkzaamheden uit de boedelperiode moeten worden
gedeclareerd. Er zal tevens bezien moeten worden of de opschorting door DJI
en het Zorgkantoor terecht is.
In een later stadium zal (verder) onderzoek naar de oorzaken van het
faillissement moeten plaatsvinden.
04-05-2021
1
Nu het grootste deel van de werkzaamheden in het kader van de afbouw en
overdracht zijn uitgevoerd, richt de aandacht zich op het oorzakenonderzoek.
Daar zal in de volgende verslagen waarschijnlijk meer op kunnen worden
ingegaan.
22-07-2021
2
In het kader van het oorzakenonderzoek hebben diverse besprekingen
plaatsgevonden en staan nog enkele besprekingen gepland (onder meer met
de accountant). Het onderzoek is nog niet afgerond.
19-10-2021
3
De voorlopige bevindingen zijn met het bestuur gedeeld. 26-04-2022
5
10.2 Termijn afwikkeling faillissement
10.3 Indiening volgend verslag
10.4 Werkzaamheden overig
Indien geen regeling met het bestuur kan worden getroffen lijkt een procedure
onvermijdelijk en zal de rechter-commissaris om een machtiging worden
verzocht om een dagvaarding uit te kunnen laten brengen.
21-07-2022
6
Geen opmerkingen. 27-10-2022
7
In dit stadium valt nog niets te zeggen over de termijn waarbinnen het
faillissement afgewikkeld zal zijn.
04-05-2021
1
Gegeven de stand van zaken (het wachten is op de verdere behandeling van
het hoger beroep) zal de rechter-commissaris om toestemming worden
verzocht het volgend verslag op een langere termijn in te mogen dienen.
24-10-2024
15
Hoewel toestemming is verkregen de verslaglegging elke zes maanden (in
plaats van drie maanden) te laten plaatsvinden, is dit verslag toch binnen de
gebruikelijke periode ingesteld nu er in de verslagperiode enige ontwikkelingen
hebben plaatsgevonden.
26-01-2025
16
Ook nu geldt dat, hoewel er in dit faillissement elke zes maanden een verslag
wordt ingediend, er voor is gekozen toch een tussentijds verslag op te stellen
nu er zich enige ontwikkelingen hebben voorgedaan (bijeenkomst rechtbank/
overleg bestuur).
12-05-2025
17
28 maart 2026 of zoveel eerder als nodig. 28-10-2025
18
Het volgende verslag wordt ingediend op 30 juni 2026, dan wel zoveel
eerder als nodig.
26-01-2026
19
30-6-2026 26-01-2026
19
10.4 Werkzaamheden overig
Bijlagen
Naast de werkzaamheden die onder 10.1 zijn genoemd zal oplevering van de
panden en verkoop van inventaris in de komende periode ter hand moeten
worden genomen.
04-05-2021
1
Geen 22-07-2021
2
Als belangrijkste resterende activiteit geldt het hoger beroep in de procedure
tegen het bestuur.
25-04-2024
13
Afronding appel procedure en mogelijk aanvraag faillissement van een
schuldenaar.
25-07-2024
14
Wachten op verdere behandeling van het hoger beroep. 24-10-2024
15
Bespreking ten overstaan van rechter-commissaris met bestuur en zijn
advocaat. Wachten op verder verloop procedure in hoger beroep.
26-01-2025
16
In bewaring laten nemen administratie. 26-01-2026
19
Bijlagen