Overzicht met bedrijven in Nederland
Terug naar faillissement

Verslag: 01-09-2026

Phitaal B.V. · KVK 51294591 ·F.03/26/67
Verslagdatum
01-09-2026
Procedure
Faillissement
Status
Beëindigd
Rechtbank
Rechtbank Limburg

Platte tekst van het verslag

Documentkenmerk: 03_lim_26_67_F_V_04 ·Tekst verwerkt op 24-09-2026 21:20

Openbaar faillissementsverslag

rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)

Naam onderneming

Gegevens onderneming

Betreft

Algemene gegevens

1. Phitaal B.V. te (6135KW) Sittard, aan Mercator 1, ingeschreven bij de

Kamer van Koophandel onder nummer 5129459;

2. Phitaal Holding B.V. te (6135KW) Sittard, aan Mercator 1, ingeschreven

bij de Kamer van Koophandel onder nummer 97332216;

3. Phitaal Business B.V. te (6135KW) Sittard, aan Mercator 1, ingeschreven

bij de Kamer van Koophandel onder nummer 68385064;

4. Integrative Interventions Group B.V. te (6135KW) Sittard, aan Mercator

1, ingeschreven bij de Kamer van Koophandel onder nummer 67175473;

5. Het Rughuis Amsterdam B.V. te (6135KW) Sittard, aan Mercator 1,

ingeschreven bij de Kamer van Koophandel onder nummer 81618344;

6. Premium Healthcare Interventions (PHI) Amsterdam B.V. te (6135KW)

Sittard, aan Mercator 1, ingeschreven bij de Kamer van Koophandel

onder nummer 89690028;

7. Premium Healthcare Interventions (PHI) Utrecht B.V. te (6135KW)

Sittard, aan Mercator 1, ingeschreven bij de Kamer van Koophandel

onder nummer 84538678.

22-04-2026

1

Verslagnummer 2

Datum verslag 01-09-2026

Insolventienummer F.03/26/67

Toezichtzaaknummer NL:TZ:0000513770:F001

Datum uitspraak 09-03-2026

R-C mr. G.M. Drenth

Curator mr R.J.M.C. Rosbeek

Gegevens onderneming

Activiteiten onderneming

De sub 1 t/m 7 genoemde vennootschappen zullen hierna gezamenlijk worden

aangeduid als de "Vennootschappen" dan wel de "Phitaal Groep". De huidige

groepsstructuur is het resultaat van een reeks herstructureringen. Phitaal B.V.

(sub 1) is op 17 november 2010 opgericht onder de naam Premium Healthcare

Interventions B.V. Bij akte van 5 februari 2025 zijn twaalf werkmaatschappijen

– zes PHI-vennootschappen en zes Het Rughuis-vennootschappen – als

verdwijnende vennootschappen met Phitaal B.V. als (uiteindelijk) verkrijgende

vennootschap gefuseerd. Phitaal Holding B.V. (sub 2) is op 14 mei 2025

opgericht bij akte van afsplitsing, waarbij Integrative Interventions Group B.V.

(sub 4) een gedeelte van haar vermogen – waaronder de aandelen in Phitaal

B.V. en Phitaal Business B.V. – heeft afgesplitst naar Phitaal Holding B.V. als

verkrijgende vennootschap. Op 15 mei 2025 zijn RH License B.V. en PHI

License B.V. als verdwijnende vennootschappen met Phitaal Holding B.V.

gefuseerd. Phitaal Business B.V. (sub 3) is op 23 maart 2017 opgericht onder

de naam Integrative Interventions License B.V. Integrative Interventions Group

B.V. (sub 4) is op 31 oktober 2016 opgericht en fungeert als topholding van de

Phitaal Groep. Het Rughuis Amsterdam B.V. (sub 5), Premium Healthcare

Interventions (PHI) Amsterdam B.V. (sub 6) en Premium Healthcare

Interventions (PHI) Utrecht B.V. (sub 7) zijn respectievelijk op 18 januari 2021,

27 maart 2023 en 18 november 2021 opgericht als dochtervennootschappen

van Phitaal B.V.

Hoewel de Phitaal Groep bestaat uit afzonderlijke vennootschappen, is dat een

niet bij de organisatorische en economische realiteit aansluitend relict uit naar

de curator begreep, het verleden. De Vennootschappen en hun activiteiten zijn

zodanig verweven dat de facto van één (gezamenlijke) onderneming moet

worden gesproken. Zo is er geen reële scheiding van activiteiten van de

verschillende Vennootschappen en vindt facturatie van zorgverlening en de

betaling daarvan door de zorgverzekeraars plaats vanuit respectievelijk op de

bankrekening(en) van één vennootschap, te weten Phitaal BV. Ook de

zorgverzekeraars zien en behandelen (de activiteiten van) de

Vennootschappen als één en merken Phitaal Groep aan als één en dezelfde

onderneming. Dat geldt ook voor de leveranciers/crediteuren en het personeel,

alsmede de zzp'ers. Het is daarom niet mogelijk (gebleken) een functionele en

vermogensrechtelijke scheiding tussen de Vennootschappen te maken. Reden

waarom de curator ervoor heeft gekozen één faillissementsverslag op te

maken dat in alle faillissementen wordt gepubliceerd. Daar waar dat aan de

orde is, worden aangelegenheden die enkel of specifiek betrekking hebben op

één van de afzonderlijke vennootschappen, specifiek benoemd in het

betreffende faillissementsverslag. Dat zijn er weinig.

22-04-2026

1

De curator onderzoekt of het wel mogelijk is om een scheiding aan te

brengen in de vermogens van de 7 bovengenoemde gefailleerde

vennootschappen. Dat lijkt nog geen sinecure en een nader, specifiek met

deze vraag in het achterhoofd, uit te voeren onderzoek naar de gevoerde

administratie(s) en eventuele daarvan deel uitmakende rekeningen-

courantverhoudingen tussen bedoelde vennootschappen zal een antwoord

op die vraag moeten geven. Het bestaan van voor de verschillende

vennootschappen afzonderlijke (vennootschappelijke) jaarrekeningen,

impliceert dat de vermogens scheidbaar zouden kunnen zijn (geweest). Naar

verwachting zal in de volgende verslagperiode meer bekend zijn.

01-09-2026

2

Activiteiten onderneming

Financiële gegevens

De Phitaal Groep biedt specialistische ambulante geestelijke gezondheidszorg

aan, met een focus op psychosomatische problematiek. De Phitaal Groep biedt

behandelingen aan volwassenen met complexe klachten waarbij psychische en

lichamelijke symptomen elkaar wederzijds beïnvloeden en het dagelijks

functioneren beperken.

De zorg wordt geleverd door multidisciplinaire teams, bestaande uit onder

meer (GZ-)psychologen, fysiotherapeuten, psychotherapeuten, psychiaters en

andere gespecialiseerde behandelaren. Binnen deze teams wordt

interdisciplinair samengewerkt, zodat psychologische en lichamelijke

interventies elkaar versterken.

De Phitaal Groep hecht groot belang aan actieve participatie en eigen regie

van de cliënt. De behandeling is gericht op het vergroten van inzicht, het

versterken van copingvaardigheden en het herstellen van balans, met als doel

dat cliënten weer zelfstandig en duurzaam kunnen functioneren in hun

persoonlijke, sociale en maatschappelijke context.

Begin maart 2026 had de Phitaal Groep volgens haar administratie circa 3.500

cliënten in behandeling. In geheel 2025 heeft de Phitaal Groep in totaal 7.500

cliënten behandeld.

De Phitaal Groep ondersteunt volwassenen met een combinatie van mentale

en lichamelijke (pijn)klachten bij hun herstel, gezondheid en eigen regie. Het

betreft volwassenen met langdurige of terugkerende psychosomatische

klachten.

De Phitaal Groep richt zich op de behandeling van de volgende

hoofddiagnoses:

angststoornis (gecombineerd met lichamelijke spanningsklachten of

hyperventilatie);

depressieve stemmingsstoornissen (gecombineerd met fysieke

componenten zoals vermoeidheid);

(lichte) middelgerelateerde en verslavingsstoornissen;

obsessieve-compulsieve en verwante stoornissen;

somatisch-symptoomstoornis en verwante stoornissen;

lichte tot milde persoonlijkheidsproblematiek; en

trauma- en stressgerelateerde stoornissen.

Ten tijde van het verlenen van de voorlopige surseance van betaling was de

Phitaal Groep een lopende onderneming, waarin voornoemde (zorg)activiteiten

onverminderd werden uitgevoerd. De zorgactiviteiten zijn gedurende de

surseance van betaling en het daaropvolgende faillissement tot aan de

doorstart door Mentaal Beter ononderbroken voortgezet. Dat was van eminent

belang voor de continuïteit van de zorgverlening aan 3.500 cliënten, waarvan

een deel suïcidaal is, en dat was noodzakelijk om desintegratie van de door

Phitaal Groep gedreven onderneming te voorkomen, teneinde de waarde van

die onderneming ten behoeve van de gezamenlijke crediteuren te behouden.

De curator heeft deze activiteiten, met toestemming van de rechter-

commissaris, gecontinueerd tot 15 april 2026, de datum waarop de doorstart

door Mentaal Beter is gerealiseerd en de zorgactiviteiten door Mentaal Beter

voor eigen rekening zijn overgenomen. Een en ander zoals hierna nader

uitgewerkt.

22-04-2026

1

Financiële gegevens

Toelichting financiële gegevens

Gemiddeld aantal personeelsleden

Boedelsaldo

Jaar Omzet Winst / verlies Balanstotaal
2025 € 24.686.976,00 € -7.482.690,00 € 59.614.414,00

De hierboven opgenomen financiële gegevens zijn gebaseerd op de vanuit de

administratie aangeleverde stukken, waaronder jaarrekeningen en

boekhoudkundige overzichten (proef- en saldibalansen), alsmede op in het

handelsregister gedeponeerde jaarrekeningen. Over de juistheid en

volledigheid van deze cijfers moet nog een nader beeld worden gevormd. Voor

het jaar 2025 betreft het in alle gevallen conceptcijfers, nu de boekjaren 2025

nog niet zijn afgesloten.

Voor de vennootschappen waarvoor in bepaalde jaren geen cijfers zijn

opgenomen, geldt dat zij in die jaren nog niet bestonden dan wel – zoals in

het geval van PHI Utrecht BV in 2021 – kort voor het jaareinde zijn opgericht.

Phitaal BV

Voor de jaren 2021 tot en met 2024 zijn geen gegevens in het overzicht

opgenomen. Phitaal BV bestaat in haar huidige vorm – na de fusies van 5

februari 2025 – eerst vanaf dat moment, zodat de cijfers over eerdere jaren

niet op vergelijkbare wijze kunnen worden gepresenteerd. De cijfers over 2025

zijn gebaseerd op de enkelvoudige administratie van Phitaal BV en betreffen

conceptcijfers.

22-04-2026

1

137

Toelichting

Aantallen volgens KvK

1. Phitaal B.V.: 137

2. Phitaal Holding B.V.: 0

3. Phitaal Business B.V.: 1

4. Integrative Interventions Group B.V.: 65

5. Het Rughuis Amsterdam B.V.: 4

6. Premium Healthcare Interventions (PHI) Amsterdam B.V.: 0

7. Premium Healthcare Interventions (PHI) Utrecht B.V.: 0

22-04-2026

1

€ 1.602.154,24

Toelichting

Het boedelsaldo wordt gevormd door (i) het totaal van de saldi op de

bankrekeningen van Phitaal Groep per datum waarop de voorlopige

surseances van betaling werden verleend, (ii) de crediteringen daarop vanaf

die datum minus de kosten van voortzetting van de onderneming, alsmede (iii)

het aangekweekte saldo op de voor Phitaal Groep geopende

faillissementsrekening.

22-04-2026

1

De Phitaal Groep beschikte bij surseanceverlening over meerdere

bankrekeningen bij Rabobank. Het totale creditsaldo bedroeg op dat moment

(23 februari 2026)EUR 2.533.551,03. Dat saldo was echter ten belope van (in

ieder geval) een bedrag van EUR 2.383.987,56 openbaar verpand aan de

financier van Phitaal Groep, Kartesia. Het behoorde niet tot het vrije

boedelactief van Phitaal Groep en bij gevolg kon de bewindvoerder (en

vervolgens curator) niet vrijelijk over het creditsaldo beschikken. Dat kon hij

niet voor de kosten van de voortzetting van de onderneming gebruiken.

De zorgverzekeraars hadden een zelfstandig belang bij de continuïteit van de

zorgverlening door Phitaal Groep. Bij gebreke van vrij boedelactief om de

bedrijfsactiviteiten van en dus de zorgverlening door Phitaal Groep te kunnen

bekostigen, moest in alternatieve bekostiging worden voorzien. Teneinde de

zorgverlening te kunnen continueren zijn met de zorgverzekeraars afspraken

gemaakt over – kort gezegd – de dekking van de kosten voor de voortzetting

en dus de continuïteit van de zorgverlening. Aanvankelijk voor de eerste vier

weken te rekenen vanaf de datum voorlopige surseanceverlening en na

ommekomst daarvan, tot aan de datum beoogde overdracht van de activiteiten

van Phitaal Groep aan een koper (waarover hierna meer).

Teneinde in de noodzakelijke financiële middelen te voorzien is enerzijds

bevoorschotting (Bevoorschotting) door de zorgverzekeraars van de

geprognotiseerde omzet voor de eerste 4 weken overeen gekomen en na

ommekomst daarvan, van de geprognotiseerde omzet tot 15 april 2026 – de

dag waarop de door Phitaal Groep gedreven onderneming werd overgenomen.

Dat zou voor de eerste 4 weken evenwel niet voldoende zijn geweest om alle

kosten opkomend of verband houdend met de voortzetting van de

onderneming, uit te kunnen voldoen. De voorlopige surseances werden op 23

februari 2026 verleend, de loonbetalingen waren geagendeerd voor 25

februari 2026, terwijl loonkosten kwalificeren als preferente schulden

waartegen het moratorium van de surseance niet werkt. Bovendien moet in de

surseance opkomende kosten in beginsel worden voldaan. Het gevolg van een

en ander was dat voor de volle maand februari 2026 het loon moest worden

betaald, terwijl er te rekenen vanaf de dag der surseanceverlening nog maar 5

dagen van de maand februari 2026 resteerden waarin de loonkosten voor die

kalendermaand goedgemaakt konden worden. Dat was niet mogelijk, reden

waarom de zorgverzekeraars ook hebben voorzien in de financiering van die

kosten middels een zogenaamde boedelfaciliteit (Boedelfaciliteit). Die

Boedelfaciliteit voorzag ook in de noodzakelijke middelen om (andere)

dwangcrediteuren wiens vorderingen deels dateerden van vóór de surseance

maar die wel in de positie waren betaling van hun gehele openstaande

vordering te verlangen ongeacht het moment van ontstaan daarvan, alsmede

de kosten opkomend door en in de surseance en (de eerste paar weken van)

het daarop volgende faillissement, af te dekken. Dat alles teneinde de

continuïteit van de zorgverlening te bevorderen, hetgeen is gelukt. De

Bevoorschotting en de Boedelfaciliteit zijn voldaan op de door Phitaal Groep

aangehouden bankrekeningen.

Zoals hierna nader zal worden uitgewerkt zijn de door Phitaal Groep gedreven

onderneming en de daarmee verband houdende activa verkocht aan Mentaal

Beter voor een koopsom van EUR 955.000. Daarnaast heeft Mentaal Beter de

boedel een vergoeding EUR 200.000 betaald om in aanloop naar de overdracht

op 15 april 2026, de onderneming nog 2 weken voort te zetten.

Tenslotte zijn de ondernemingsactiviteiten zoals gezegd, vanaf 23 februari

2026 tot en met 14 april 2026 voor rekening van de boedel van Phitaal Groep

voortgezet. Die voortzetting is bekostigd uit de begrote omzetten over die

periodes waarop de Bevoorschotting is gebaseerd. De begroting is gemaakt

aan de hand van daadwerkelijk ingeplande behandelafspraken van cliënten.

De gerealiseerde omzet wordt vanzelfsprekend verrekend met de

Bevoorschotting. De gerealiseerde omzet overstijgt de Bevoorschotting echter

met naar verwachting circa EUR 242.460. Dat verschil komt aan de boedel toe.

Daarnaast resulteert de voortzetting in de periode die gelegen is na

ommekomst van de eerste 4 weken tot en met 14 april 2026 in een positieve

kasstroom doordat die periode (grotendeels) samenviel met de opzegtermijn

van de arbeidsovereenkomsten ingevolge de door het UWV strikt gehanteerde

fictieve beëindigingsdatum van 7 dagen te rekenen vanaf de faillietverklaring

van Phitaal Groep en de daaruit voortvloeiende overname

loonbetalingsverplichting op grond van de Werkloosheidswet. Die overname

loonbetalingsverplichting vertaalt zich echter in een (preferente) boedelschuld

aan het UWV, zodat de positieve kasstroom niet gelijk is aan een netto positief

boedelresultaat. Het boedelresultaat zal bij gevolg mede afhangen van de

door het UWV nog te becijferen omvang van die (preferente) boedelschuld.

Afhankelijk van het moment waarop het UWV die boedelvordering indient, zal

in de volgende verslagperiode inzicht in het netto gerealiseerde

boedelresultaat kunnen worden geboden. De exploitatie gedurende deze

periode zal volgens de begrotingen van de curator, niet tot een negatief

boedelresultaat leiden.

Naast de Bevoorschotting die is gedekt door de begrote omzet en wordt

verrekend met de realisatie en dus uitgestuurde zorgdeclaraties, hebben de

zorgverzekeraars voor de eerste vier weken van de voortzetting, viermaal een

Boedelfaciliteit van EUR 220.000 en derhalve in totaal EUR 880.000 ter

beschikking gesteld. Die Boedelfaciliteit was noodzakelijk omdat in de eerste 4

weken de Bevoorschotting ontoereikend zou zijn om alle opkomende kosten in

en van de surseance (gevolgd door de begin periode van het faillissement) en

de dwangcrediteuren te voldoen. Over die Boedelfaciliteit is met de

zorgverzekeraars de afspraak gemaakt dat het daarvan niet-verbruikte deel

zonder de afwikkeling van het faillissement af te wachten, zal worden

terugbetaald. Het verbruikte deel kwalificeert als algemene concurrente

boedelschuld en zal in de afwikkeling van het faillissement worden betrokken.

De Bevoorschotting of een restant daarvan resulteert bij gevolg niet in netto

boedelactief dat strekt tot verhaal van de faillissementscrediteuren.

Tenslotte zijn er met Kartesia afspraken gemaakt over een boedelbijdrage van

20% over door de boedel daadwerkelijk geïnde betalingen van individuele

cliënten van Phitaal die ingevolge een zogenaamde restitutie polis zelf voor de

betaling aan Phitaal moeten instaan. Deze vorderingen zijn grotendeels op

grond van afgegeven incassomachtigingen, geïnd. De toepasselijke

incassomachtigingen voorzien echter in een storneringsbevoegdheid zonder

opgaaf van redenen, binnen 8 kalenderweken te rekenen vanaf de

incassodatum. De storneringsperioden zijn nog niet verstreken, zodat er nog

geen zicht is op de daadwerkelijk gerealiseerde inningen en bij gevolg op de

gerealiseerde boedelbijdragen. Van de storneringsmogelijkheid wordt gebruik

gemaakt.

Bij het opmaken van dit openingsverslag bedraagt het op de boedelrekening

aangehouden saldo EUR 1.602.154,24. Dat saldo zal naar verwachting nog

toenemen door de exploitatieresultaten van de voortzetting.

€ 2.912.402,59

Toelichting

In deze verslagperiode van tussen 22-04-2026 t/m 31-08-2026 heeft

nagenoeg volledige afrekening van de Bevoorschotting door de

zorgverzekeraars aan de boedel plaats gevonden. Over het niet-verbruikte

deel van de Boedelfaciliteit is de afspraak gemaakt dat terugbetaling door de

01-09-2026

2

Verslagperiode

Bestede uren

Toelichting bestede uren

boedel plaats zal vinden, zonder de afwikkeling van de boedel af te wachten.

De boedel heeft in dat licht uitgaande van de inschatting van daarop nog in

mindering komende uitgaven en met gebruikmaking van een kleine marge,

een voorschot op de terugbetaling verricht. De curator heeft aan CZ een

voorstel gedaan voor de afwikkeling van het restant van het niet verbruikte

deel van de boedelbijdrage en wacht de keuze van CZ af. De aan Kartesia

verpande banksaldi zijn met instemming van de curator, door Rabobank

alwaar de bewuste bankrekeningen werden aangehouden afgedragen. Het

actuele saldo op de boedelrekening bedraagt bij benadering EUR 2.9 mio.

van

9-3-2026

t/m

21-4-2026

22-04-2026

1

van

22-4-2026

t/m

31-8-2026

01-09-2026

2

VerslagperiodeBestede uren

1 1.353 uur 18 min

2 969 uur 42 min

totaal 2.323 uur 0 min

De werkzaamheden zijn in de eerste verslagperiode intensief gebleken. Dat

houdt in grote mate verband met de aard van de onderneming. Om de

noodzakelijke continuïteit van zorg te waarborgen en daarnaast de kansen op

een doorstart te vergroten, is de bedrijfsvoering uiteindelijk tot en met 14 april

2026 voortgezet, waardoor de curator vrijwel dagelijks betrokken was bij de

operationele activiteiten van de onderneming. Om de voortzetting in goede

banen te leiden, is intensief en frequent overleg gevoerd met diverse

stakeholders (zorgverzekeraars, bestuurder en personeel). Zowel in het kader

van het voortzetten van de zorgactiviteiten als met het oog op de doorstart

heeft de curator proactief gecommuniceerd met de OR en de medewerkers. In

dat verband zijn berichten aan het personeel uitgestuurd en hebben

personeelsbijeenkomsten (mede met het UWV) plaatsgevonden. Daarnaast

heeft overleg met de RvC en de cliëntenraad plaatsgevonden en is

communicatie aan cliënten verzonden over de continuïteit van het zorgproces

en de gevolgen van de doorstart, waaronder de overdracht van

cliëntendossiers. Verder heeft afstemming plaatsgevonden over het

declaratieproces met diverse stakeholders, waaronder Medicore, Vecozo,

zorgverzekeraars en financier en pandhouder Kartesia.

Parallel aan het voortzetten van de activiteiten is een biedingsprocedure

22-04-2026

1

opgestart met als doel een doorstart. Daar wordt verderop in dit verslag nader

op ingegaag. Mentaal Beter Cure BV (Mentaal Beter) is als meest geschikte

overnamekandidaat naar voren gekomen. De daaropvolgende

onderhandelingen met Mentaal Beter hebben geleid tot overeenstemming over

een doorstart. In het kader van de doorstart is intensief onderhandeld over de

voorwaarden waaronder de doorstart kon plaatsvinden, is een

activaovereenkomst opgesteld en zijn aanvullende overeenkomsten opgesteld

en beoordeeld die de overdracht van cliëntendossiers via Medicore mogelijk

moesten maken, alsmede een verwerkersovereenkomst. Voorts heeft samen

met Medicore, de leverancier van het elektronisch patiëntendossier (EPD),

overleg over het beheer van cliëntendossiers met het oog op de privacy- en

zorgwetgeving plaatsgevonden. Daarnaast is in overleg met Limits Consulting

de volledige digitale administratie van de Phitaal Groep veiliggesteld. Voor een

nadere toelichting van de werkzaamheden wordt verwezen naar de

verschillende hoofdstukken die onderdeel uitmaken van dit

faillissementsverslag.

Disclaimer:

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers dat o.a. bepaalde informatie nog niet beschikbaar

is, nog niet geopenbaard kan worden, of achteraf- bijgesteld dient te worden.

Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag geschetste

perspectieven voor crediteuren. Aan dit verslag kunnen derhalve geen rechten

worden ontleend.

Ook in de achterliggende verslagperiode zijn de werkzaamheden omvangrijk

en intensief geweest. Er is uitvoering gegeven aan de

vervolgwerkzaamheden verband houdende en voortvloeiend uit de afspraken

met Mentaal Beter over de door haar verworven activa en de door haar

gerealiseerde doorstart van de ondernemingsactiviteiten van Phitaal c.s.

Voorts is er gebleken van een datalek dat de curator noopte een melding te

doen bij de Autoriteit Persoonsgegevens, passende maatregelen ter

beëindiging te treffen en de betrokken personen in te lichten over de aard en

omvang van het datalek en de getroffen maatregelen. De personen in

kwestie betroffen uitsluitend (voormalig) werknemers van Phitaal c.s. Ook is

een aanvang gemaakt met een onderzoek naar de bedrijfs​ administraties

van Phitaal c.s. teneinde de daaruit voortvloeiende rechten- en verplichtingen

in kaart te brengen, te beoordelen of die daarvan een compleet beeld geven

en te beoordelen of van elk van de Phitaal-vennootschappen de

vermogenspositie in kaart kan worden gebracht en dus of en in welke mate

sprake is van te onderscheiden ondernemingen en ondernemingsvermogens.

Tenslotte schrijft de faillissementswet voor dat de curator de oorzaken van

het faillissement en (die van) de omvang van het tekort daarin, onderzoekt.

Daarmee is een aanvang gemaakt.

Disclaimer:

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers dat o.a. bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden, of achteraf- bijgesteld

dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag

geschetste perspectieven voor crediteuren. Aan dit verslag kunnen derhalve

geen rechten worden ontleend.

01-09-2026

2

1.1 Directie en organisatie

1.2 Lopende procedures

1. Inventarisatie

Integrative Interventions Group BV (IIG) is de topholding van de Phitaal Groep.

IIG houdt 100% van de aandelen in Phitaal Holding BV (Holding) en is tevens

enig bestuurder van Holding. Holding houdt op haar beurt 100% van de

aandelen in Phitaal Business BV (Business) en Phitaal BV (Phitaal). IIG is enig

bestuurder van zowel Business als Phitaal. Phitaal houdt alle aandelen in Het

Rughuis Amsterdam BV (Het Rughuis), Premium Healthcare Interventions (PHI)

Amsterdam BV (PHI Amsterdam) en Premium Healthcare Interventions (PHI)

Utrecht BV (PHI Utrecht). Phitaal is enig bestuurder van elk van deze drie

vennootschappen. Van de aandelen in IIG wordt 99,99813% gehouden door

KSO I Topco SARL, waarvan alle aandelen op haar beurt worden gehouden

door Kartesia Management SARL. De overige 0,00187% van de aandelen in IIG

wordt gehouden door Investors In Care Group BV. De aandelen in Investors In

Care Group BV worden in gelijke delen gehouden door Mast BV en Maar!

Holding BV. Zoals hierboven al werd aangegeven is het ogenschijnlijke

onderscheid tussen de Vennootschappen niet functioneel en stemt dat niet

overeen met de economische realiteit en activiteiten.

Mevrouw Arina Kruithof is na het vertrek van de vorige bestuurder, aangesteld

als bestuurder ad interim per 1 oktober 2025. Zij is alleen/zelfstandig bevoegd

bestuurder van IIG en daarmee (in)direct bestuurder van alle

Vennootschappen binnen de Phitaal Groep. Bij IIG is een raad van

commissarissen ingesteld, bestaande uit drie leden. Naar mevrouw Kruithof

stelde en de RvC bevestigde is mevrouw Kruithof welhaast terstond na haar

aantreden geconfronteerd met een onderneming die niet levensvatbaar

(b)leek. Ze heeft haar inspanningen ab initio moeten richten op de

overlevingsstrijd van Phitaal Groep. Dat was haar voor haar aantreden zo niet

in het vooruitzicht gesteld, heeft de curator begrepen. Op 21 december 2025

gaf de grootaandeelhouder Kartesia het voornemen te kennen, de financiering

te beëindigen. Dat zou betekenen dat vlak voor de kerst o.a. de salarissen niet

meer zouden kunnen worden betaald. Mevrouw Kruithof heeft daarover

overleg met Kartesia gevoerd dat toen op haar voornemen terug is gekomen.

In januari 2026 berichtte Kartesia de financiering op te eisen, hetgeen de

aanleiding vormde voor de Phitaal Groep om een WHOA-procedure op te

starten. Dat heeft veel aandacht van het bestuur gevergd. Omdat de WHOA-

procedure niet succesvol is gebleken, was Phitaal Groep uiteindelijk

genoodzaakt om een verzoek tot de verlening van surseance te doen.

22-04-2026

1

De eerste resultaten verband houdend met het door de curator ingestelde

onderzoek naar de oorzaken van het faillissement en (die van) de omvang

van het tekort daarin, wijzen in de richting van de juistheid van de in

voorgaande alinea weergegeven lezing zijdens mevrouw Kruithof en de RvC.

01-09-2026

2

Voorafgaand aan het faillissement waren de navolgende drie procedures

aanhangig.

Verzetprocedure griffierechten WHOA

Op 16 januari 2026 is namens de Vennootschappen een verzoekschrift

ingediend strekkende tot het gelasten van een afkoelingsperiode in het kader

van een WHOA-traject. De griffier heeft voor elk van de zeven

Vennootschappen afzonderlijk griffierecht ad EUR 735,- geheven, resulterend

in een totaalbedrag van EUR 5.145,-. De Vennootschappen hebben op 17

22-04-2026

1

februari 2026 verzet ingesteld tegen deze heffing op grond van artikel 29 lid 1

Wgbz, stellende dat op grond van artikel 15 Wgbz slechts eenmaal griffierecht

verschuldigd is. De griffier heeft verweer gevoerd. De rechtbank heeft partijen

verzocht verhinderdata op te geven voor een mondelinge behandeling. Het

financiële belang van deze procedure bedraagt EUR 4.410,-. De curator heeft

de argumenten van de griffier beoordeeld en heeft als gevolg hiervan – en

mede gezien het beperkte financiële belang – besloten om de procedure niet

over te nemen.

Incassoprocedure (voormalig) cliënt (kantonrechter)

Voorafgaand aan het faillissement is door Phitaal BV een incassoprocedure

gestart tegen een voormalig cliënt ter zake van onbetaalde facturen voor

verleende zorg. Het geldelijk belang bedraagt EUR 18.178,14 (exclusief

kosten). De procedure is uitbesteed aan een externe incassopartij. De

mondelinge behandeling was reeds vóór datum faillissement gepland en heeft

op 17 maart 2026 doorgang gevonden. De wederpartij is ter zitting niet

verschenen. De curator heeft, na daartoe machtiging te hebben verkregen van

de rechter-commissaris, de procedure voortgezet en een procesvolmacht

verstrekt aan de gemachtigde. De kantonrechter heeft de vordering van

Phitaal Groep inmiddels toegewezen.

Aansprakelijkheidsprocedure tegen voormalig bestuurders en

grootaandeelhouders

Voorafgaand aan het faillissement heeft Integrative Interventions Group BV

(IIG) een bodemprocedure aanhangig gemaakt tegen Investors in Care (I.I.C.)

Group BV, Maar! Holding BV, Mast BV, en hun bestuurders (gezamenlijk: IIC

c.s.) op grond van, onder meer, bestuurdersaansprakelijkheid en

onrechtmatige daad. In reconventie heeft IIC c.s. diverse vorderingen

ingesteld, waaronder vorderingen tot betaling van huurpenningen en

opzegtermijnen, vernietiging van een aandeelhoudersbesluit en opheffing van

conservatoire beslagen. Bij tussenvonnis van 28 januari 2026 heeft de

rechtbank zich over diverse geschilpunten uitgelaten. Nadien heeft Apex

Financial Services Spain S.L.U. (Apex), als zekerhedenagent en pandhouder, de

schorsing van de procedure ingeroepen teneinde de conventionele

geldvorderingen als inningsbevoegde pandhouder over te nemen. Bij

rolbeslissing van 8 april 2026 heeft de rechtbank vastgesteld dat het geding in

conventie ten aanzien van de geldvorderingen is geschorst op grond van

artikel 225 lid 1, aanhef en onder c, Rv. Ten aanzien van de vordering tot

vernietiging van het aandeelhoudersbesluit is het geding niet geschorst en

blijft IIG procespartij, oordeelde de rechtbank; de curator kan dit geding

overnemen. In reconventie is het geding ten aanzien van de geldvorderingen

van rechtswege geschorst als gevolg van het faillissement van IIG (artikelen

26 en 29 Fw). IIC c.s. heeft voorts een incidentele vordering tot opheffing van

de conservatoire beslagen ingesteld. De rechtbank heeft IIG in de gelegenheid

gesteld hierop uiterlijk 13 mei 2026 te reageren. De curator beraadt.

Kort geding Hezelaer Energy

Daarnaast is gedurende de surseance van betaling de navolgende procedure

gestart.

Gedurende de surseance van betaling dreigde Hezelaer Energy Grootzakelijk

BV respectievelijk Hezelaer Energy Consumenten & Kleinzakelijk BV de

energielevering aan de Phitaal Groep stop te zetten wegens een

betalingsachterstand daterend van vóór de datum van surseance. De betaling

van leveringen vanaf de datum van surseanceverlening waren door de

bewindvoerder gegarandeerd. De bewindvoerder (thans curator) heeft

Hezelaer Energy gesommeerd de leveringsverplichtingen na te komen op

grond van artikel 237b Fw en daarbij herhaald de opkomende verbruikskosten

te zullen vergoeden. Nadat Hezelaer Energy weigerde de continuïteit van de

energielevering te bevestigen, is op 6 maart 2026 op verkorte termijn een kort

1.3 Verzekeringen

1.4 Huur

geding aanhangig gemaakt. Bij wijze van voorlopige voorziening van zaterdag

(!) 7 maart 2026 heeft de voorzieningenrechter Hezelaer Energy verboden de

energielevering stop te zetten, op straffe van een dwangsom van EUR

120.000,- per dagdeel. De mondelinge behandeling is aangehouden tot 19

maart 2026. De procedure is nadien niet voortgezet, aangezien Hezelaer

Energy inmiddels toezegde de energielevering te zullen continueren.

Aansprakelijkheidsprocedure tegen voormalig bestuurders en

grootaandeelhouders

De curator heeft de zaak bestudeerd en vastgesteld dat de boedel bij de

voortzetting van de procedure geen belang heeft. De door IIG ingestelde

vorderingen culmineren immers in geldvorderingen die aan Apex verpand zijn

en waarop Apex zich als pandhouder zal verhalen, vide reeds diens

gebruikmaking van artikel 225 lid 1, aanhef en onder c Rv. De vordering tot

vernietiging van het aandeelhoudersbesluit houdende de aan het bestuur

verleende décharge strekt er immers ook slechts toe deze blokkade voor de

toewijzing van de aan Apex verpande vorderingen weg te nemen. De boedel

en haar gezamenlijke crediteuren hebben er onvoldoende belang bij dat

deze procedure ten faveure van pandhouder Apex op hun kosten door de

curator wordt voortgezet. Na overleg met de rechter-commissaris heeft de

curator dan ook besloten om dat niet te doen en heeft zij Apex en de overige

procespartijen daarover ingelicht. De ten laste van laatstgenoemden gelegde

conservatoire beslagen ter zake de verzekering van het verhaal van de aan

Apex verpande vorderingen, heeft de curator opgeheven.

01-09-2026

2

In het kader van de voortzetting van de activiteiten heeft de curator de

verzekeringen van de Phitaal Groep in stand gehouden. Nu de voortzetting per

15 april 2026 is geëindigd, onderzoekt de curator welke verzekeringen ook

kunnen worden beëindigd. Enkel die verzekeringen die verband houden met

nog door de boedel gehouden actief zullen worden aangehouden.

De Phitaal Groep had ook een verzuimverzekering. Ten aanzien van deze

verzekering liep een discussie met de verzekeraar over het al dan niet

verschuldigd zijn van de premie en de hoogte daarvan. Hangende deze

discussie zijn er geen premies meer betaald door de Phitaal Groep, waardoor

normaliter de dekking zou komen te vervallen. Gezien de discussie heeft de

verzekeraar de dekking echter in stand gehouden. Gedurende het faillissement

kwam de verzekeraar tot de conclusie dat de volledige premie alsnog

verschuldigd was en dat de dekking per 1 januari 2026 kwam te vervallen. Nu

deze verzekering niet noodzakelijk was voor de voortzetting heeft de curator

heeft de curator afgezien van betaling, waardoor de dekking dus definitief is

komen te vervallen.

22-04-2026

1

Inmiddels zijn alle lopende verzekeringen beëindigd. 01-09-2026

2

1.4 Huur

1.5 Oorzaak faillissement

De Phitaal Groep huurt bedrijfsruimten op de navolgende locaties:

1. Maastricht – Stadionplein 53;

2. Heerlen – Groene Boord 21A+B;

3. Sittard – Valkstraat 12;

4. Roermond – Westhoven 5;

5. Nijmegen – Kerkenbos 1008;

6. Eindhoven – Larixplein 6;

7. Breda (Oosterhout) – De Waard 9;

8. Eindhoven – Steenoven 2a;

9. Eindhoven – Steenoven 4B;

10. Eindhoven – Steenoven 6A;

11. Eindhoven – Boschdijk 24;

12. Utrecht – Burgemeester Verderlaan 11;

13. Rijnmond (Capelle aan den IJssel) – Cypresbaan 29;

14. Roermond – Westhoven 14;

15. Sittard (hoofdkantoor) – Mercator 1;

16. Geleen (garagebox) – Ringovenstraat 20G85.

Alle huurovereenkomsten zijn op 17 maart 2026, met machtiging van de

rechter-commissaris, opgezegd conform artikel 39 Fw. Ten aanzien van de

vestigingen te Maastricht, Heerlen, Sittard (Valkstraat 12), Roermond

(Westhoven 5), Nijmegen, Eindhoven (Larixplein 6) en Breda (De Waard 9)

heeft Mentaal Beter per 15 april 2026 nieuwe huurovereenkomsten met de

betreffende verhuurders gesloten. De huurtermijn voor rekening van de boedel

is ten aanzien van deze locaties daardoor verkort. De huurovereenkomsten

met betrekking tot de overige locaties lopen in beginsel door tot het einde van

de wettelijke opzegtermijn van maximaal drie maanden. Met alle verhuurders

zijn of worden op korte termijn afspraken gemaakt over de oplevering van de

gehuurde bedrijfsruimten. De huur van de garagebox te Geleen is op 21 april

2026 jl. opgezegd en verhuurder heeft reeds bevestigd dat de huurperiode per

direct is geëindigd.

22-04-2026

1

Inmiddels zijn alle huurovereenkomsten geëindigd en zijn de betreffende

panden opgeleverd aan de verhuurders. De verhuurders hebben waar

mogelijk gebruik gemaakt van de afgegeven bankgaranties door daaronder

te "trekken". Diverse verhuurders hebben (mede in dat licht) zich op het

standpunt gesteld dat er sprake is van opleverschade en dat deze schade

kwalificeert als een boedelvordering. De curator heeft om onderbouwing

gevraagd maar die blijft uit. Op een later tijdstip zal de curator onderzoeken

of en in welke mate verhaal onder de bankgaranties rechtens is.

01-09-2026

2

Naar de oorzaak van het faillissement zal de curator overeenkomstig het

bepaalde in artikel 68 FW nog een zelfstandig onderzoek instellen. Uitgaande

van de toelichting in de surseanceverzoeken en de toelichting van diverse

betrokkenen ontstaat daarover in dit stadium het volgende beeld.

De Phitaal Groep kampte reeds geruime tijd met financiële problemen als

gevolg van substantiële (belasting)schulden ten belope van ca. EUR 5.2 mio en

financieringsschuld aan Kartesia ten belope van ca EUR 68.2 mio, alsmede

hoge structurele kosten. De druk op de liquiditeit die gepaard ging met het

inlopen van de ontstane schuldenlast paste niet bij de verdiencapaciteit van de

onderneming. Die was bovendien beperkt doordat Phitaal Groep geen

gecontracteerde zorg aanbood. Ze kon daardoor niet op 85% maar slechts op

65% van het NZa-tarief aanspraak maken. De totale schuldenlast is daarmee

22-04-2026

1

onhoudbaar geworden. Begin 2026 is onder begeleiding van externe adviseurs

een WHOA-traject gestart. Gebleken is dat het niet mogelijk was de daarvoor

vereiste financiering bijeen te brengen. Daarnaast heeft financier Kartesia

Management SARL (via Apex als zekerhedenagent) de aan de Phitaal Groep

verstrekte financiering van circa EUR 69 miljoen bij acceleration notice van 16

december 2025 opgezegd en opgeëist. Na tweemaal uitstel van de opeising –

eerst tot 21 januari 2026 en vervolgens tot en met 19 februari 2026 –

resteerde geen bereidheid tot verder uitstel. Alle Vennootschappen zijn voor

deze vordering hoofdelijk verbonden. Op 20 februari 2026 is namens alle

Vennootschappen surseance van betaling aangevraagd bij de Rechtbank

Limburg.

De bewindvoerder heeft na zijn aanstelling moeten constateren dat er geen

reëel vooruitzicht bestond dat de Phitaal Groep na verloop van tijd haar

schuldeisers zou kunnen bevredigen. De dragende omstandigheden voor deze

constatering laten zich als volgt samenvatten. De exploitatie van de

onderneming was structureel verlieslatend; een moratorium bood daarvoor

geen soelaas. Alleen al de vordering van Kartesia, waarvoor alle

Vennootschappen hoofdelijk zijn verbonden, legde een zodanig beslag op het

vermogen dat een akkoord met de gezamenlijke schuldeisers, laat staan

volledige bevrediging daarvan, niet realistisch was. Er was geen zicht op een

externe partij die bereid was een door de Phitaal Groep aan te bieden akkoord

te financieren. De voorlopig verleende surseance had naar het oordeel van de

curator (destijds bewindvoerder) nimmer in een definitieve surseance kunnen

worden omgezet. De surseance is achteraf bezien de facto als voorportaal van

het faillissement aangewend, nu op voorhand moet hebben vastgestaan dat

een faillissement onvermijdelijk was. De salarissen van het personeel zijn

gedurende de surseance voldaan dankzij de Bevoorschotting. De

Bevoorschotting was voor de eerste vier weken van voortzetting ontoereikend

en is aangevuld met de Boedelfaciliteit om de continuïteit van de zorg niet in

gevaar te brengen. Van zelfstandige continuïteit van de Vennootschappen

vanuit surseance was geen sprake.

Op 5 maart 2026 heeft de bewindvoerder (thans curator) op grond van artikel

242 lid 1, aanhef en onder 5, jo. lid 4 Fw de rechtbank verzocht de voorlopig

verleende surseances in te trekken onder gelijktijdige faillietverklaring van alle

Vennootschappen. Het bestuur van de Vennootschappen heeft met dit verzoek

ingestemd. Bij vonnis van 9 maart 2026 heeft de Rechtbank Limburg de

surseances ingetrokken en alle Vennootschappen in staat van faillissement

verklaard.

In de achterliggende verslagperiode heeft de curator een aanvang gemaakt

met het onderzoek naar de oorzaak van het faillissement en het tekort

daarin. Het onderzoek heeft nog niet tot concrete inzichten laat staan

conclusies geleid. Over het onderzoek staat de curator een nauw contact met

de rechter-commissaris met wie hij een plan van aanpak afstemde, waarin

voorlopig 3 aandachtspunten zijn geformuleerd. Het plan van aanpak de drie

aandachtspunten daarin en de afstemming met de rechter-commissaris zijn

vertrouwelijk van aard, Daarover kan in deze fase van het onderzoek en de

werkzaamheden van de curator nog niets met de faillissementscrediteuren

en de buitenwereld worden gedeeld. Wanneer dat verandert, zal de curator

dat in de faillissementsverslaglegging vermelden.

01-09-2026

2

2.1 Aantal ten tijde van faillissement

2.2 Aantal in jaar voor faillissement

2.3 Ontslagaanzegging

2.4 Werkzaamheden personeel

2. Personeel

Personeelsleden

265

Toelichting

Ten tijde van het faillissement waren bij de Phitaal Groep in totaal 306

werknemers krachtens arbeidsovereenkomst in dienst, alsmede zes stagiaires.

Daarnaast werden circa twintig zzp'ers ingehuurd op basis van

overeenkomsten van opdracht.

De uitsplitsing van het aantal personeelsleden per vennootschap is als volgt:

1. Phitaal B.V.: 260 medewerkers en 5 stagiaires

2. Phitaal Holding B.V.: 36

3. Phitaal Business B.V.: 0

4. Integrative Interventions Group B.V.: 0

5. Het Rughuis Amsterdam B.V.: 0

6. Premium Healthcare Interventions (PHI) Amsterdam B.V.: 0

7. Premium Healthcare Interventions (PHI) Utrecht B.V.: 10 werknemers en 1

stagiaire

22-04-2026

1

Personeelsleden

137

Toelichting

Aantallen volgens KvK:

1. Phitaal B.V.: 137

2. Phitaal Holding B.V.: 0

3. Phitaal Business B.V.: 1

4. Integrative Interventions Group B.V.: 65

5. Het Rughuis Amsterdam B.V.: 4

6. Premium Healthcare Interventions (PHI) Amsterdam B.V.: 0

7. Premium Healthcare Interventions (PHI) Utrecht B.V.: 0

22-04-2026

1

Datum AantalToelichting

17-3-2026265 Het personeel is, na daartoe op 12 maart 2026 machtiging te

hebben verkregen van de rechter-commissaris, door de curator

ontslag aangezegd conform artikel 40 Fw.

totaal 265

De curator heeft, na daartoe machtiging te hebben verkregen van de rechter-

commissaris en na raadpleging van de OR en de bevoegde vakbonden

22-04-2026

overeenkomstig de Wet Melding Collectief Ontslag (WMCO), de

arbeidsovereenkomsten met alle werknemers van de Phitaal Groep opgezegd

op de voet van artikel 40 Fw. In het kader van de opzegging heeft de curator

intensief overleg gevoerd met het UWV over de mogelijkheden tot maatwerk

ten aanzien van het ontslagmoment en het moment waarop de

loongarantieregeling in werking zou treden, teneinde de opzegging te kunnen

afstemmen op de lopende doorstartonderhandelingen en de continuïteit van

de zorgverlening. Het UWV heeft evenwel onverkort vastgehouden aan een

fictieve opzegdatum van zeven dagen na de datum van faillietverklaring,

waardoor de curator genoodzaakt was de arbeidsovereenkomsten met het

voltallige personeel uiterlijk binnen die termijn op te zeggen.

De zorgactiviteiten zijn gedurende de surseance van betaling en het

faillissement ononderbroken voortgezet tot 15 april 2026, de datum waarop de

zorgactiviteiten zijn overgedragen aan doorstarter Mentaal Beter. Op deze

wijze is de continuïteit van zorg en een zo soepel mogelijke overgang naar

Mentaal Beter gewaarborgd. Gedurende de voortzettingsperiode heeft

coördinerend overleg met werknemers plaatsgevonden teneinde de cruciale

bedrijfsprocessen draaiende te houden. De werknemers zijn in afstemming met

de curator door de bestuurder, HR-medewerkers en het UWV via

personeelsbijeenkomsten geïnformeerd over de gevolgen van de surseance

van betaling en het faillissement, de loongarantieregeling en de verwachtingen

in het kader van een doorstart.

Mentaal Beter heeft geïnventariseerd aan welke werknemers van de Phitaal

Groep zij een nieuwe arbeidsovereenkomst wenste aan te bieden en heeft

aan een groot deel van het personeel een aanbod gedaan. Een substantieel

deel van de betreffende werknemers – meer dan 200 – is per 15 april 2026 bij

Mentaal Beter in dienst getreden.

De personeelsdossiers van de werknemers die de overstap naar Mentaal Beter

hebben gemaakt, zijn overgedragen voor zover de betreffende werknemers

daarvoor voorafgaand schriftelijke toestemming hebben verleend. De

personeelsdossiers van werknemers die niet bij Mentaal Beter in dienst zijn

getreden, dan wel bezwaar hebben gemaakt tegen de overdracht, zijn niet

overgedragen. De personeelsdossiers zijn opgeslagen in de digitale

administratie van de Phitaal Groep en zijn door een daartoe ingeschakelde

externe partij, Limits Consulting, veiliggesteld en overgedragen aan de curator.

Na de overdracht van de zorgactiviteiten aan Mentaal Beter blijft één

medewerker op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd in

dienst van de boedel, teneinde de declaratie- en incassowerkzaamheden met

betrekking tot de periode tot en met 14 april 2026 af te ronden. De rechter-

commissaris heeft daartoe machtiging verleend. Mevrouw Kruithof, bestuurder

van de Vennootschappen, blijft tot eind april 2026 op zelfstandige basis

beschikbaar voor de afwikkeling van de boedel.

In het kader van de personele afwikkeling heeft de curator voorts de volgende

werkzaamheden verricht. Er heeft intensief overleg plaatsgevonden over de

inzet van personeel na het realiseren van de doorstart. Daarnaast zijn velerlei

praktische aangelegenheden opgepakt, waaronder de afhandeling van

verlofaanvragen, de ondersteuning bij het indienen van loonvorderingen, de

coördinatie van het inleveren van bedrijfseigendommen en de afhandeling van

de voortijdige beëindiging van arbeidsovereenkomsten en overige kwesties

waaronder vakantieaanspraken. Met betrekking tot de loongarantieregeling

zijn afspraken gemaakt over de betaling van het gedeelte van het loon dat het

maximale dagloon overschrijdt en heeft overleg plaatsgevonden over de

afdracht van loonheffing.

1

3.1 Onroerende zaken

Toelichting onroerende zaken

3.2 Werkzaamheden onroerende zaken

3.3 Bedrijfsmiddelen

Toelichting bedrijfsmiddelen

In de afgelopen verslagperiode is een aanzienlijke hoeveelheid veelal

praktische aangelegenheden verder opgevolgd en inmiddels afgewikkeld. Dit

omvatte onder meer de berekening van de bedragen boven dagloon,

communicatie daarover met de betrokken (HR)-medewerker(s) en uitbetaling

daarvan. Hieronder was tevens begrepen het uiteindelijk verzorgen van de

aangifte loonheffing en afdracht daarvan. Tevens is de arbeidsovereenkomst

met één van de medewerkers beëindigd en heeft de financiële afwikkeling

van dit dienstverband ook plaatsgevonden. Ook is contact geweest met het

pensioenfonds over het splitsen van de verschuldigde premies in de periode

voor en na datum surséance/faillissement. Tot slot hebben de medewerkers

inmiddels de eindafrekening ontvangen van het UWV onder de

loongarantieregeling. Er zijn naar aanleiding daarvan diverse vorderingen bij

de curator ingediend. Deze vorderingen hebben betrekking op overschrijding

van maximale uitkering (vakantie)aanspraken. Deze vorderingen zijn

beoordeeld en geregistreerd.

Voorts is er gebleken van een datalek. Een persoon werkzaam bij Phitaal c.s.

bleek in weerwil van de instructies en buiten de curator om,

persoonsgegevens van medewerkers aan Mentaal Beter te hebben verstrekt.

Toen de curator daarvan gebleken is, heeft die (i) daarvan onmiddellijk

melding aan de Autoriteit Persoonsgegevens gedaan (ii) het ertoe geleid dat

het datalek werd beëindigd en beëindigd blijft en (iii) de betrokken

medewerkers ieder afzonderlijk schriftelijk ingelicht over het datalek, opgave

gedaan van de van hen gedeelde persoonsgegevens en hun vragen

beantwoord. In dat verband zijn veelal meerdere berichten over en weer

gewisseld. Deze werkzaamheden zijn zeer omvangrijk en intensief gebleken.

Vanzelfsprekend is de rechter-commissaris steeds van een en ander op de

hoogte gehouden.

01-09-2026

2

3. Activa

Phitaal Groep heeft geen onroerende zaken in eigendom. Alle door Phitaal

Groep gebruikte bedrijfspanden werden gehuurd.

22-04-2026

1

Onderzoek in administratie en Kadaster en overleg met bestuurder. 22-04-2026

1

Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage

Bedrijfsinventaris € 280.000,00
totaal € 280.000,00 € 0,00

Toelichting bedrijfsmiddelen

De Phitaal Groep beschikte over bedrijfsinventaris en ICT-apparatuur verspreid

over haar vestigingen. De bedrijfsinventaris bestond voornamelijk uit

kantoorinrichting (waaronder bureaus, bureaustoelen, kasten, vergadertafels

en scheidingswanden), inventaris ten behoeve van oefenzalen en

behandelruimten (waaronder fitnessapparatuur, behandeltafels, hometrainers

en overig trainingsmateriaal), alsmede overige inventaris (waaronder warme

drankenautomaten, waterdispensers en keukenapparatuur). De ICT-

apparatuur bestond uit een groot aantal laptops, beeldschermen, printers,

desktopcomputers, smartphones, servers en overige randapparatuur.

Reeds voorafgaand aan het faillissement heeft TWA Taxaties en Advies BV

(TWA) op 8 december 2025 in opdracht van de Phitaal Groep een

inventarisatierapport en een taxatierapport opgesteld, houdende een

opsomming en waardering van alle bij de Phitaal Groep aangetroffen activa. De

aanwezigheid en visuele toestand van de bedrijfsmiddelen is voorts in

opdracht van de curator door medewerkers van de Phitaal Groep

geïnventariseerd.

In het kader van de doorstart zijn de bedrijfsmiddelen als volgt afgewikkeld.

De bedrijfsinventaris die aanwezig was op de zeven door Mentaal Beter

overgenomen vestigingen – te weten Eindhoven (Larixplein 6), Nijmegen

(Kerkenbos 1008), Breda (Oosterhout) (De Waard 9), Roermond (Westhoven

5), Maastricht (Stadionplein 31), Sittard-Geleen (Valkstraat 12) en Heerlen

(Groene Boord 21A) – is verkocht aan en overgedragen aan doorstarter

Mentaal Beter. Daarnaast is in beginsel alle ICT-apparatuur van de Phitaal

Groep, met inbegrip van de ICT-apparatuur op de overige locaties, aan Mentaal

Beter verkocht en overgedragen. Kartesia heeft erkend dat de bewuste zaken

als bodemzaken kwalificeren en in haar hoedanigheid van pandhouder

ingestemd met de verkoop en levering van deze roerende zaken voor een

koopsom van EUR 280.000,- (exclusief btw). Levering heeft op 15 april 2026

plaatsgevonden.

De resterende bedrijfsinventaris op de zogenoemde sluitingslocaties die ook

als bodemzaak kwalificeert – te weten de locaties te Eindhoven (Boschdijk 24,

Steenoven 2A, Steenoven 4B en Steenoven 6A) en Roermond (Westhoven 14)

– die niet door Mentaal Beter is overgenomen, wordt in opdracht van de

curator door Troostwijk geveild.

De gegevensdragers die onderdeel uitmaken van de aan Mentaal Beter

overgedragen bedrijfsmiddelen en die werden gebruikt door (voormalig)

werknemers van de Phitaal Groep die niet bij Mentaal Beter in dienst zijn

getreden, worden op last van de curator, in opdracht van Mentaal Beter door

een gecertificeerd bedrijf gewist overeenkomstig de toepasselijke

professionele standaarden voor digitale verwijdering, teneinde te waarborgen

dat alle vertrouwelijke gegevens zorgvuldig en definitief worden verwijderd.

22-04-2026

1

De gegevensdragers die onderdeel uitmaken van de aan Mentaal Beter

overgedragen bedrijfsmiddelen en die werden gebruikt door (voormalig)

werknemers van de Phitaal Groep die niet bij Mentaal Beter in dienst zijn

getreden, worden op last van de curator, in opdracht van Mentaal Beter door

een gecertificeerd bedrijf gewist overeenkomstig de toepasselijke

professionele standaarden voor digitale verwijdering, teneinde te

waarborgen dat alle vertrouwelijke gegevens zorgvuldig en definitief worden

verwijderd. Een groot deel van die gegevensdragers is inmiddels

dienovereenkomstig gewist. De curator ziet erop toe dat ook de rest

dienovereenkomstig en met voortvarendheid wordt gewist.

01-09-2026

2

3.4 Bodemvoorrecht fiscus

3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen

3.6 Voorraden / onderhanden werk

Toelichting voorraden / onderhanden werk

De precieze omvang van de vordering van de Belastingdienst op Phitaal Groep

is thans nog onbekend maar bedraagt naar verwachting meer dan EUR 5 mio.

Deze fiscale vorderingen betreffen vorderingen waarvoor de Belastingdienst

het zogenaamde bodemvoorrecht geniet zoals bedoeld in artikel 22

Invorderingswet 1990. Voor deze fiscale vorderingen geldt ex artikel 21

Invorderingswet 1990 een voorrecht ten aanzien van bodemzaken. Dit

voorrecht gaat voor op bezitloos pandrecht.

De curator dient ex artikel 57 lid 3 Fw mede de belangen van de bevoorrechte

schuldeisers te behartigen die in rang boven de bezitloos pandhouder gaan.

Dit dat hij ten behoeve van de faillissementsboedel de opbrengst van de

vuistloos verpande bodemzaken moet opeisen, voor zover de opbrengst van

het vrije boedelactief onvoldoende is om de Belastingdienst te voldoen.

Daarvan is vrijwel zeker sprake. De wijze waarop de koopsom voor de

roerende zaken wordt afgewikkeld is op voorhand met Kartesia afgestemd en

door haar goedbevonden.

22-04-2026

1

Uitgaande van het actuele vrije boedelactief waarop de overname

loonbetalingsverplichting over de ingevolge artikel 40 Fw geldende

opzegtermijn, door het UWV op de voet van artikel 66 WW e.v. nog in

mindering moet worden gebracht en afgezet tegen de hoogte van opbrengst

van de bodemzaken, moet het ervoor worden gehouden dat de curator de

integrale opbrengst van de bodemzaken in de boedel zal moeten houden om,

overeenkomstig het bepaalde in artikel 57 lid 3 Fw, zodat daarop te zijner tijd

het fiscaal bodemvoorrecht dat de Belastingdienst ter zake geniet, geldend

gemaakt kan worden.

01-09-2026

2

Met betrekking tot de bedrijfsmiddelen heeft de curator onderzoek verricht in

de administratie en overleg en correspondentie gevoerd met financier en

pandhouder Kartesia, de Belastingdienst, geïnteresseerde partijen,

medewerkers van de Phitaal Groep en de rechter-commissaris. Ten behoeve

van het biedingsproces is een dataroom ingericht en toegankelijk gemaakt

voor geïnteresseerde partijen. Nadat gebleken was dat de bieding van

Mentaal Beter als beste uit de bus kwam en de daarop volgende

onderhandelingen met haar waren gevoerd, heeft de curator een

koopovereenkomst opgesteld en heeft afstemming met Mentaal Beter

plaatsgevonden over de voorwaarden van de overdracht en de uitvoering

daarvan. Het verloop van het biedings- en verkoopproces wordt hierna nader

toegelicht onder 6.

22-04-2026

1

Als gevolg van de doorstart heeft Mentaal Beter enkel van de vestigingen die

zij heeft overgenomen de roerende zaken overgenomen (deze opbrengst is

verantwoord onder 6.6). Op de vestigingen die geen onderdeel waren van de

doorstart stond ook nog de nodige kantoorinventaris. De curator heeft deze

inventaris openbaar verkocht via Troostwijk. De netto-opbrengst bedraagt

EUR 45.002,81. Deze opbrengst ziet volledig op de verkoop van bodemzaken,

waardoor de curator de opbrengst ingevolge artikel 57 lid 3 Fw heeft

opgeëist en ingevolge hetgeen in de vorige paragraaf uiteen werd gezet,

onder zich moet houden.

01-09-2026

2

Toelichting voorraden / onderhanden werk

3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk

3.8 Andere activa

Toelichting andere activa

3.9 Werkzaamheden andere activa

Gelet op de aard van de bedrijfsactiviteiten en de wijze van declaratie is er

geen sprake van voorraad of onderhanden werk. Zie hierover verder de

toelichting onder 4 (debiteuren).

22-04-2026

1

Onderzoek in administratie en overleg met bestuurder. 22-04-2026

1

Werkzaamheden in het kader van veiling roerende zaken 01-09-2026

2

BeschrijvingVerkoopopbrengstBoedelbijdrage

Goodwill € 650.000,00
IE-rechten € 25.000,00
totaal € 675.000,00 € 0,00

De Phitaal Groep is rechthebbende ten aanzien van goodwill, bestaande uit de

feitelijke toegang tot de via de vestigingen gedreven onderneming, het

cliëntenbestand, knowhow en rapportages inzake bedrijfsvoering.

De goodwill is, voor zover eigendom van de Phitaal Groep en voor zover

vatbaar voor overdracht, als onderdeel van de activatransactie tezamen met

de andere activa als "algeheelheid van goederen" voor een koopsom van EUR

650.000,- (exclusief btw) verkocht aan Mentaal Beter. Levering van de goodwill

heeft op 15 april 2026 plaatsgevonden doordat de curator Mentaal Beter

feitelijk toegang heeft verschaft tot de onderneming zoals gedreven via de

door Mentaal Beter overgenomen vestigingen, waaronder de ICT-systemen

van de Phitaal Groep. Ten aanzien van de cliëntendossiers geldt dat

overdracht, voor zover de cliënten daarmee in hebben gestemd, heeft

plaatsgevonden met inachtneming van de onder 6.5 beschreven werkwijze.

De Phitaal Groep beschikte daarnaast over intellectuele eigendomsrechten (IE-

rechten), bestaande uit (a) de handelsnamen van de Phitaal Groep, (b) de

domeinnamen van de Phitaal Groep, (c) het Benelux-merkrecht op het merk

"Intergrin", (d) rapportages inzake bedrijfsvoering, back-ups van de server(s)

en alle overige data in eigendom van de Phitaal Groep, en (e) de overige

bedrijfsadministratie van de Phitaal Groep. De IE-rechten zijn als onderdeel

van de activatransactie voor een koopsom van EUR 25.000,- (exclusief btw)

verkocht aan Mentaal Beter. Kartesia heeft op 15 maart 2026 als pandhouder

ingestemd met de verkoop en levering van de aan haar verpande IE-rechten.

Levering van de goodwill en IE-rechten heeft op 15 april 2026 plaatsgevonden.

22-04-2026

1

3.9 Werkzaamheden andere activa

4.1 Debiteuren

Toelichting debiteuren

Met betrekking tot de goodwill en IE-rechten heeft de curator onderzoek

verricht in de administratie, daarvoor bestemde (openbare) registers en

overleg en correspondentie gevoerd met financier en pandhouder Kartesia,

geïnteresseerde partijen, medewerkers van de Phitaal Groep en de rechter-

commissaris. Ten behoeve van het biedingsproces is een dataroom ingericht en

toegankelijk gemaakt voor geïnteresseerde partijen. Na selectie van Mentaal

Beter als doorstarter is een koopovereenkomst opgesteld en heeft afstemming

met Mentaal Beter plaatsgevonden over de voorwaarden van de overdracht.

Het verloop van het biedings- en verkoopproces wordt hierna nader toegelicht

onder 6.

De curator merkt hier alvast op dat in het kader van het verkoopproces, meer

specifiek de overdracht van de cliëntendossiers, intensief overleg heeft

plaatsgevonden met Mentaal Beter en Medicore BV (Medicore), de aanbieder

van het elektronisch patiëntendossier (EPD). Dat overleg betrof de omzetting

van de bestaande Medicore-omgeving van de Phitaal Groep naar een

omgeving op naam van Mentaal Beter. In dat kader is een transitieplan

opgesteld en is een transitieovereenkomst met Medicore tot stand gekomen,

waarin de technische en operationele stappen voor de migratie van het EPD-

systeem, de inrichting van de scheiding tussen wel en niet voor overdracht in

aanmerking komende gegevens, alsmede de daarmee gemoeide kosten en

verantwoordelijkheden zijn vastgelegd. De afstemming met Medicore en

Mentaal Beter was een complexe en arbeidsintensieve exercitie en is mede

bepalend geweest voor de wijze waarop de overdracht van de

cliëntendossiers is vormgegeven.

22-04-2026

1

De werkzaamheden betreffende het EPD-systeem en Medicore zijn ook in de

achterliggende periode nog doorgelopen. Het bleek onverminderd intensief

en inmiddels is ook de financiële afwikkeling van een en ander achter de rug.

01-09-2026

2

4. Debiteuren

De debiteurenportefeuille van de Phitaal Groep valt uiteen in twee

(hoofd)categorieën: (i) vorderingen die zijn ontstaan uit zorgverrichtingen tot

en met 22 februari 2026 (Surseancevorderingen) en (ii) vorderingen die zijn

ontstaan uit zorgverrichtingen met ingang van 23 februari 2026 tot en met 14

april 2026 (Boedelvorderingen). Dit onderscheid is van belang omdat Kartesia

ten aanzien van de Surseancevorderingen een openbaar pandrecht stelt te

genieten, zodat die in voorkomend geval niet tot het vrije boedelactief behoren

en bij gevolg niet tot verhaal van de gezamenlijke crediteuren strekken.. De

Boedelvorderingen zijn het resultaat van na de datum van surseance verrichte

behandelingen. Omdat de rechtsverhouding tussen Phitaal Groep en haar

cliënten kwalificeert als een medische behandelingsovereenkomst die

kwalificeert als een overeenkomst van opdracht en de Hoge Raad in onder

andere het arrest Famed/mr. Kreikamp q.q. heeft herhaald dat voor het ont- en

bestaan van vorderingsrechten uit een overeenkomst van opdracht, niet die

overeenkomst als zodanig maar de daadwerkelijke uitvoering van de opdracht,

een (constitutief) vereiste is, vloeiende vorderingsrechten ter zake de vanaf

22-04-2026

1

surseanceverlening verrichte behandelingen niet voort uit een reeds

bestaande rechtsverhouding maar zijn die eerst ontstaan door de (uitvoering)

van die behandelingen zelf. Ingevolge de werking van artikel 228 FW (en door

faillietverklaring 35 FW) kunnen deze Boedelvorderingen evenmin om die reden

bestreken worden door het pandrecht van Kartesia. De boedelvorderingen

komen derhalve integraal aan de boedel en daarmee de gezamenlijke

crediteuren toe.

De Phitaal Groep had ten tijde van de surseance van betaling (vrijwel) geen

zorgverleningsovereenkomsten met zorgverzekeraars gesloten. Dit heeft tot

gevolg dat er tussen haar en de zorgverzekeraars geen rechtsverhoudingen

hebben bestaan uit hoofde waarvan zij vorderingen op de zorgverzekeraars

had of heeft gehad. Gebleken is dat de door de Phitaal Groep geleverde zorg

in overwegende mate wordt vergoed op basis van restitutie: de verzekerde

dient de declaratie van de zorgaanbieder zelf te voldoen en kan vervolgens

(een deel van) de kosten bij zijn zorgverzekeraar declareren. Slechts een

beperkt deel van de zorgverrichtingen wordt op basis van naturapolissen

rechtstreeks door zorgverzekeraars aan de Phitaal Groep vergoed. Het

voorgaande brengt mee dat het overgrote deel van de debiteurenvorderingen

van de Phitaal Groep bestaat uit vorderingen op particulieren (cliënten) en dat

slechts een gering deel rechtstreeks bij zorgverzekeraars kan worden

geïncasseerd. Voor zover het inzicht van de curator thans reikt, lijkt het er op

dat evenmin in geval van een naturapolis sprake is van een rechtsverhouding

tussen Phitaal Groep en de zorgverzekeraar waaruit voor eerstgenoemde een

vorderingsrecht op laatstgenoemde voortvloeit. Er lijkt sprake van een situatie

dat er tussen Phitaal Groep en de cliënt c.q. verzekerde een medische

behandelingsovereenkomst en dus overeenkomst van opdracht bestaat, uit

hoofde waarvan Phitaal Groep een vordering tot betaling van het consult op de

verzekerde krijgt. Op grond van de daarvan te onderscheiden

rechtsverhouding die wordt gevormd door de zorgverzekeringsovereenkomst

tussen de verzekerde en de zorgverzekeraar, heeft eerstgenoemde een

vordering tot vergoeding van de zorgkosten op de zorgverzekeraar, waarbij

laatstgenoemde die vordering bevrijdend betaalt door vergoeding namens de

verzekerde quasi quo aan Phitaal Groep (een betaling aan een derde als

bedoeld in artikel 6:32 BW). Tegen de achtergrond van het voorgaande zal het

door Kartesia gepretendeerde pandrecht ten aanzien van de

zorgverzekeraars, onderwerp van nader onderzoek moeten wezen. CZ heeft

zich inmiddels jegens de curator op het standpunt gesteld, dat zij van mening

is dat ondanks de openbaarmaking van het door Kartesia gepretendeerde

pandrecht, er bij gebreke van een verpande vordering op CZ, er op haar geen

verplichting rust om enige uitkering aan Kartesia te doen.

Surseancevorderingen

De Surseancevorderingen betreffen vorderingen uit hoofde van

zorgverrichtingen die tot en met 22 februari 2026 zijn verricht. Volgens de

administratie bedraagt de totale omvang van de Surseancevorderingen EUR

2.798.311,56, waarvan EUR 1.160.799,03 (vide het voorgaande) hoe dan ook

betrekking heeft op vorderingen op individuele cliënten (met restitutiepolissen)

en EUR 1.813.716,88 op vorderingen die rechtstreeks door zorgverzekeraars

worden voldaan (natura). De Surseancevorderingen komen (in ieder geval voor

zover die aanspraak geven op individuele cliënten) in beginsel toe aan

pandhouder Kartesia. Met Kartesia zijn afspraken gemaakt over de verdeling

van de opbrengst uit hoofde van de thans bekende Surseancevorderingen op

individuele cliënten: 80% van de gerealiseerde opbrengst wordt aan Kartesia

afgedragen en 20% komt als boedelbijdrage aan de boedel toe. De exacte

omvang en samenstelling van de pré-surseancevorderingen worden nog nader

geverifieerd aan de hand van de financiële administratie van Phitaal Groep en

de bevindingen/beoordeling door de zorgverzekeraars.

Boedelvorderingen

De Boedelvorderingen betreffen vorderingen uit hoofde van zorgverrichtingen

die met ingang van 23 februari 2026 zijn verricht. Volgens de administratie

bedraagt de totale omvang van de Boedelvorderingen EUR 4.114.434,76.

In het kader van de voortzetting van de zorgactiviteiten gedurende de

surseance van betaling en het faillissement zijn met de zorgverzekeraars CZ

Groep, VGZ, Zilveren Kruis, Menzis en ASR afspraken gemaakt over de

Bevoorschotting van de zorg over de voortzettingsperiode. De

voortzettingsperiode kan worden onderverdeeld in twee deelperiodes met een

te onderscheiden financieringsstructuur. Gedurende de eerste

voortzettingsperiode van 4 weken (23 februari 2026 tot en met week 12 van

2026) hebben de zorgverzekeraars de zorg Bevoorschot, waarbij vooraf

vaststond dat een negatief exploitatieresultaat zou worden behaald, waardoor

de Bevoorschotting alleen onvoldoende zou zijn. Daardoor zou de continuïteit

van de zorgverlening in gevaar komen. De oorzaak daarvan is hierboven nader

uiteengezet onder "Toelichting" betreffende het "Boedelsaldo", waarnaar

gemakshalve wordt verwezen. Om die reden hebben de zorgverzekeraars voor

de eerste 4 welken, naast de Bevoorschotting ook de Boedelfaciliteit ter

beschikking gesteld. Na ommekomst van die eerste 4 weken, werd nog enkel

de Bevoorschotting verstrekt (week 13 van 2026 tot en met 14 april 2026) De

zorgverzekeraars hebben over de gehele voortzettingsperiode in totaal EUR

3.868.149,63 aan voorschotten verstrekt. De zorgverzekeraars zijn gerechtigd

de vorderingen uit hoofde van declaraties te verrekenen met de

Bevoorschotting. Per saldo resteert na verrekening een vordering van de

boedel op de zorgverzekeraars ten belope van EUR 242.460,-. Deze vordering

strekt tot verhaal van de gezamenlijke crediteuren.

Ten aanzien van de debiteurenbetalingen van particulieren die via

automatische incasso worden geïnd, geldt dat deze betalingen tot acht weken

na het incassomoment door de debiteur kunnen worden gestorneerd. Dit

brengt mee dat gedurende de storneringstermijn slechts sprake is van

voorwaardelijke debiteurenontvangsten. Eerst na het verstrijken van de

volledige storneringstermijn kan worden vastgesteld welk deel van de

debiteurenbetalingen van particulieren definitief is geworden. De curator houdt

hiermee rekening bij de vaststelling van de definitieve debiteurenopbrengst.

Bij het incasseren van de vorderingen op particulieren vormt de op

(para)medici rustende geheimhoudingsplicht (en overige privacywetgeving)

een bijzondere uitdaging. Die geheimhoudingsplicht heeft een absoluut

karakter waardoor de curator noch pandhouder Kartesia gerechtigd is de

declaraties en de daaraan ten grondslag liggende cliëntgegevens, in te zien.

De curator en Kartesia zijn voor de inning van deze vorderingen derhalve

afhankelijk van de ondersteuning door (voormalig) medewerkers van de

Phitaal Groep die uit hoofde van hun functie die toegang wel mogen hebben.

Zoals hiervoor onder 2.4 reeds vermeld, heeft de curator hiertoe een tijdelijke

arbeidsovereenkomst gesloten met een medewerker die verantwoordelijk was

voor het declaratieproces. Daarnaast is met Mentaal Beter overeengekomen

dat de naar Mentaal Beter overstappende medewerkers die voorheen

verantwoordelijk waren voor het declaratieproces van de Phitaal Groep,

beschikbaar blijven om in de komende periode het declaratieproces van de

Phitaal Groep af te ronden.

Voorafgaand aan het faillissement had de Phitaal Groep een deel van haar

debiteurenportefeuille, na het doorlopen van het interne incassotraject, ter

incasso uitbesteed aan diverse incassogemachtigden, te weten Credifin en in

diens opdracht ook Boeder Incasso en GGN. Het betreft uitsluitend pre-

surseancevorderingen op particulieren, die derhalve in beginsel onder het

pandrecht van Kartesia vallen. De bij Credifin (en Boeder Incasso) in

behandeling zijnde portefeuille omvat in totaal 76 dossiers, verdeeld over

Phitaal BV (47 dossiers) en Het Rughuis Amsterdam BV (29 dossiers). De totale

hoofdsom ter incasso bedraagt circa EUR 240.000,-, hetgeen inclusief rente en

incassokosten resulteert in een totaal te innen vordering van circa EUR

300.000,-. Op de portefeuille is tot op heden circa EUR 60.000,- aan betalingen

door Credifin ontvangen, zodat het openstaande dossiersaldo circa EUR

240.000,- bedraagt.

Van de 76 dossiers bevinden zich twaalf dossiers in een gerechtelijke fase,

waarvan een deel reeds heeft geresulteerd in een vonnis dat ter executie is

overgedragen. In 24 dossiers is een betalingsregeling getroffen. De overige

dossiers bevinden zich in een buitengerechtelijke fase, waarvan een

aanzienlijk deel de status "sluiten of dagvaarden" heeft, hetgeen inhoudt dat

Credifin in de komende periode een beslissing van de curator verwacht over

het al dan niet voortzetten van het incassotraject door middel van een

gerechtelijke procedure. Een beperkt aantal dossiers betreft debiteuren die in

een schuldhulpverlenings- of bewindvoeringstraject zijn opgenomen.

Bij GGN zijn nog vijf dossiers in behandeling. De totaal uit handen gegeven

hoofdsom bedraagt EUR 30.106,51. Het nog te incasseren bedrag inclusief

rente en incassokosten bedraagt EUR 27.456,64. Voor alle dossiers loopt een

betalingsregeling.

Over de voortzetting en afhandeling van de lopende incassotrajecten dienen

nog nadere afspraken te worden gemaakt met pandhouder Kartesia, nu de

vorderingen in beginsel aan Kartesia zijn verpand. Ten aanzien één reeds

aanhangige incassoprocedure tegen een voormalig cliënt is met Kartesia een

kostenverdeling overeengekomen, op grond waarvan 20% van de met een

enkele, noch te verrichten proceshandeling, gemoeide kosten, met

toestemming van de rechter-commissaris, door de boedel wordt gedragen. Het

andere deel is voor rekening van Kartesia.

Daarnaast beschikt de Phitaal Groep over een beperkt aantal vorderingen op

derden uit hoofde van de uitleen van personeel. Deze vorderingen zien op

vergoedingen voor de terbeschikkingstelling van medewerkers van de Phitaal

Groep aan externe zorgaanbieders. De omvang en allocatie van deze

vorderingen worden nader onderzocht.

Een nadere specificatie van de geïnde en openstaande vorderingen,

uitgesplitst naar Surseancevorderingen en Boedelvorderingen, alsmede naar

particulieren en zorgverzekeraars, moet nog worden uitgewerkt en zal naar

het zich thans laat aanzien, in het volgende verslag aan de orde komen.

In de afgelopen periode heeft de curator de incasso van de

Surseancevorderingen op particuliere cliënten ter hand genomen. De

daarvoor lopende 3 afzonderlijke bancaire incasso batches zijn in opdracht

van de curator door een medewerker van Phitaal c.s. die (onder andere) voor

dat doel in dienst is gehouden, begeleid. Het leeuwendeel van de

corresponderende Surseancevorderingen werd niet door de

debiteuren/particuliere cliënten gestorneerd en definitief door Phitaal c.s.

geïncasseerd. De geïncasseerde bedragen zijn vervolgens door de curator

tussen de boedel en de pandhouder Karthesia verdeeld overeenkomstig de

tussen hen met machtiging van de rechter-commissaris gemaakte afspraken.

De beperkte hoeveelheid vorderingen op cliënten waarvan de bancaire

incasso werd gestorneerd werd tezamen met de Surseancevorderingen die

geen onderdeel uitmaakten van (de mogelijkheid tot) bancaire incasso

aanvankelijk ook door de bij de boedel voor bepaalde tijd in dienst gehouden

administratief medewerker, opgevolgd. De curator heeft na ommekomst van

bedoelde termijn, de daarvan resterende debiteurenvorderingen voor

01-09-2026

2

4.2 Werkzaamheden debiteuren

incasso uit handen te geven aan Hafkamp Groenewegen

Gerechtsdeurwaarders. Het betreft een aanzienlijke hoeveelheid aan

vorderingen op individuele cliënten voor relatief kleine bedragen en een grote

hoeveelheid aan lopende betalingsregelingen met cliënten. Deze wijze van

debiteurenincasso en opvolging van beheer van lopende betalingsregelingen

is efficiënter. Aan Hafkamp Groenewegen Gerechtsdeurwaarders is voor een

totaal aan EUR 359.817,91 aan openstaande vorderingen en EUR 262.892,03

aan lopende betalingsregelingen uit handen gegeven. Deze incasso is

momenteel nog in volle gang. Op een later moment zal de spreekwoordelijke

balans worden opgemaakt en verslag worden gedaan van de uiteindelijke

resultaten van deze incasso.

Verder loopt de incasso bij Credifin, Boeder Incasso en GGN ook door. Op een

later moment zal verslag worden gedaan van de uiteindelijke resultaten van

deze incasso.

Met Kartesia zijn afspraken gemaakt over deze incassowerkzaamheden. Met

haar is overeengekomen dat de boedel naar eigen inzicht kan handelen in

deze incasso's. De boedel ontvangt voor de reguliere incassovorderingen die

bij Hafkamp Groenewegen Gerechtsdeurwaarders lopen een boedelbijdrage

van 50% over de netto-opbrengst en over de opbrengst van de

betalingsregelingen een boedelbijdrage van 75% over de netto-opbrengst,

met dien verstande dat een afdracht aan de pandhouder alleen zal

plaatsvinden vanaf een minimale netto-opbrengst van EUR 35.000,-. Voor

wat betreft de vorderingen die lopen bij Credifin, Boeder Incasso en GGN

geldt dat de boedel daarover een boedelbijdrage ontvangt van 75% over de

netto-opbrengst en hier ook een drempelbedrag van EUR 35.000,- is

overeengekomen.

Gezien het feit dat de incasso momenteel nog loopt en daarover ook nog met

Kartesia moet worden afgerekend, zal na definitieve afrekening met Kartesia

verslag worden gedaan over de definitieve incassoresultaten.

4.2 Werkzaamheden debiteuren

5.1 Vordering van bank(en)

De curator heeft in de verslagperiode de navolgende werkzaamheden verricht

met betrekking tot de debiteurenportefeuille. De financiële administratie van de

Phitaal Groep is in samenspraak met Phitaal-medewerkers onderzocht

teneinde de omvang en samenstelling van de debiteurenportefeuille vast te

stellen, uitgesplitst naar Surseancevorderingen en Boedelvorderingen alsmede

naar vorderingen op particulieren (restitutie) en te verwachten betalingen van

zorgverzekeraars (natura). Met pandhouder Kartesia is overleg gevoerd over

de verdeling van de opbrengst uit hoofde van de incasso van voornoemde pre-

surseancevorderingen op particulieren (restitutie), hetgeen heeft geresulteerd

in de afspraak dat 80% van de opbrengst aan Kartesia wordt afgedragen en

20% als boedelbijdrage aan de boedel toekomt. Ten aanzien van eventuele

Surseancevorderingen op zorgverzekeraars is geen afzonderlijke

verdelingsafspraak met Kartesia gemaakt. Voorts is met Kartesia een

kostenverdeling overeengekomen ten aanzien van één reeds aanhangige

incassoprocedure, op grond waarvan 20% van de kosten door de boedel

wordt gedragen. Ten behoeve van de incasso van de vorderingen op (met

name) particulieren heeft de curator, met machtiging van de rechter-

commissaris, een tijdelijke arbeidsovereenkomst gesloten met een voormalig

medewerker van de Phitaal Groep. Daarnaast is met Mentaal Beter

overeengekomen dat de naar Mentaal Beter overstappende medewerkers die

voorheen bij het declaratieproces betrokken waren, beschikbaar blijven voor

de afronding van het declaratieproces van de Phitaal Groep. Met betrekking tot

de bij Credifin uitbestede incassodossiers is contact gelegd met Credifin en zijn

de dossieroverzichten opgevraagd en beoordeeld. Gedurende de gehele

verslagperiode heeft afstemming plaatsgevonden met de zorgverzekeraars

over de bevoorschotting, het declaratieproces en de verrekening van

voorschotten met declaraties over de voortzettingsperiode. Ten slotte is

onderzoek verricht naar de privacyrechtelijke aspecten van de incasso van

vorderingen op particulieren, nu de curator en Kartesia op grond van de

toepasselijke privacyregelgeving niet gerechtigd zijn de aan de vorderingen

ten grondslag liggende cliëntgegevens in te zien.

22-04-2026

1

Voor de debiteurenincasso zijn in de afgelopen periode de volgende

werkzaamheden verricht. De curator heeft met Kartesia afstemming gehad

over de afdracht van de opbrengst over de automatische bancaire incasso's

en afspraken gemaakt over de verdeling van de opbrengst van de incasso

die door Hafkamp Groenewegen Gerechtsdeurwaarders wordt uitgevoerd.

Verder zijn afspraken gemaakt met Hafkamp Groenewegen

Gerechtsdeurwaarders over de uit te voeren incasso, is hier praktische

afstemming noodzakelijk geweest, zijn de onderliggende stukken zoals

facturen etc. uit de administratie gehaald en is tijd besteed aan de

behandeling van de ontvangen verweren en vragen van de debiteuren.

01-09-2026

2

5. Bank / Zekerheden

€ 68.000.000,00

Toelichting vordering van bank(en)

22-04-2026

1

De Phitaal Groep bankiert bij Coöperatieve Rabobank U.A. (Rabobank).

Rabobank heeft geen financiering aan de Phitaal Groep verstrekt en heeft

geen vordering op de Phitaal Groep uit hoofde van een kredietfaciliteit. De dato

surseance vertoonde(n) de bij Rabobank aangehouden rekening(en) een

creditsaldo. Het bij aanvang van de surseance aanwezige creditsaldo is

mogelijk verpand aan Kartesia (als hierna gedefinieerd). De rechtsgeldigheid

van deze verpanding wordt door de curator onderzocht.

Op 31 maart 2026 is gebleken dat Rabobank tot uitbetaling is overgegaan

onder een door haar ten behoeve van een verhuurder afgegeven

bankgarantie. Rabobank heeft in verband daarmee het creditsaldo van Phitaal

BV voor een bedrag van EUR 15.260,52 gedebiteerd. Rabobank stelt zich op

het standpunt dat Phitaal BV voor de verplichtingen uit hoofde van de

bankgarantie een contragarantie heeft afgegeven en dat Phitaal BV ter

zekerheid van de nakoming van die contragarantie een pandrecht aan

Rabobank heeft verstrekt op een deel van haar creditsaldo bij Rabobank.

Rabobank stelt dat zij zich voor haar regresvordering uit hoofde van de

contragarantie op het creditsaldo heeft verhaald krachtens dit pandrecht. De

curator is nog niet overtuigd van het pandrecht van Rabobank omdat

laatstgenoemde ten behoeve van een eerste pandrecht van Kartesia afstand

heeft gedaan van het niet-verpandbaarheidsbeding van artikel 3:83 BW. Nu de

vordering van Kartesia circa EUR 68.000.000 bedragen en heer pandrecht op –

kort gezegd – de bij Rabobank aangehouden creditsaldi en overige

vorderingsrechten, bij lange na niet toereikend zullen zijn om Kartesia's

vordering op te verhalen, kan er van verhaal door Rabobank a prima vista

geen sprake zijn. Van een pandrecht op vanaf de surseance aangekweekt

creditsaldo kan tegen de achtergrond van artikel 228 FW (gevolgd door 35 FW)

geen sprake zijn. Bij gevolg vormt dat evenmin een rechtsgeldige grondslag

van verhaal. De curator heeft Rabobank daarom nadere vragen gesteld over

de achtergrond en rechtsgeldigheid deze debitering. Een nadere beoordeling

van de positie van Rabobank zal aan de hand daarvan plaats vinden. Hierover

zal in een volgend verslag worden gerapporteerd.

Daarnaast heeft de curator Rabobank verzocht tot stornering van een aantal

vóór en kort na de surseancedatum ten laste van de bankrekeningen van de

Vennootschappen uitgevoerde automatische incasso's. Rabobank heeft aan dit

verzoek voldaan. Voorts heeft de curator Rabobank bevraagd over diverse

debiteringen ten gunste van Rabobank ter zake van kosten van

betalingsverkeer, het aanhouden van bankrekeningen, elektronisch bankieren

en bankgarantieprovisies. Rabobank heeft haar positie uiteengezet en zich op

het standpunt gesteld dat de kosten van betalingsverkeer die zien op de

periode na de surseancedatum kwalificeren als kosten van voortzetting en

derhalve als boedelschulden verschuldigd zijn, nu de rekeningen na de

surseance en het faillissement in stand zijn gehouden en het gebruik daarvan

is voortgezet. De curator heeft dit standpunt aanvaard. Rabobank heeft voorts

bevestigd dat zij geen financiering aan de Phitaal Groep heeft verstrekt, dat de

rekeningen uitsluitend creditsaldi.

De Vennootschappen worden hoofdelijk gefinancierd door een syndicaat van

financiers bestaande uit de rechtspersonen naar Luxemburgs recht Kartesia

Sponsorless Holdco I S.A.R.L. en Kass Unlevered S.A.R.L., vertegenwoordigd

door hun mandated lead arranger Kartesia Management S.A.R.L., en de

rechtspersoon naar Spaans recht Sanne AgenSynd, S.L.U. als Agent en

Security Agent (ieder zowel afzonderlijk als gezamenlijk in dit

faillissementsverslag aangeduid als: Kartesia). Kartesia is tevens (getrapt)

99% aandeelhouder van Phitaal Groep. Alle Vennootschappen zijn voor de

vordering van Kartesia hoofdelijk verbonden. De vordering van Kartesia uit

5.2 Leasecontracten

5.3 Beschrijving zekerheden

hoofde van de financieringsovereenkomst bedraagt circa EUR 68.000.000,-.

Kartesia heeft de financiering bij acceleration notice van 16 december 2025

opgezegd en opgeëist.

De Phitaal Groep is partij bij diverse lease- en huurovereenkomsten ter zake

roerende zaken. Het betreft overeenkomsten ter zake voertuigen (auto's),

fitnessapparatuur, printers en koffiezetapparaten. De leaseovereenkomsten

ter zake voertuigen en koffiezetapparaten betreffen operational lease. Ten

aanzien van de leaseovereenkomsten ter zake fitnessapparatuur is sprake van

financial lease. Ten aanzien van de leaseovereenkomsten ter zake de printers

wordt nog onderzocht wat voor lease van toepassing is.

De curator dan wel de leasemaatschappij heeft de leaseovereenkomsten

opgezegd voor zover deze niet door Mentaal Beter worden overgenomen Ten

aanzien van de leaseauto's geldt dat Mentaal Beter een enkele leaseauto

heeft overgenomen. De overige leaseauto's worden aan de leasemaatschappij

geretourneerd. Ten aanzien van de fitnessapparatuur en de

koffiezetapparaten zijn de leasemaatschappijen bericht dat deze kunnen

worden opgehaald, nu Mentaal Beter deze overeenkomsten niet overneemt.

Ten aanzien van de printers wordt eerst nog gewacht op bericht van de

leasemaatschappijen. Objecten die in bruikleen zijn verstrekt, worden aan de

betreffende leveranciers geretourneerd voor zover de onderliggende

overeenkomsten niet door Mentaal Beter worden overgenomen. Voor zover

sprake is van financial lease en de beëindiging van de leaseovereenkomst leidt

tot restituties, vergoedingen of uitkeringen in verband met overwaarde of

afkoopwaarden, komen deze toe aan de faillissementsboedel.

Voorts bevinden zich op diverse locaties van de Phitaal Groep objecten die niet

in eigendom zijn van de Phitaal Groep, maar op basis van bruikleen of huur ter

beschikking zijn gesteld door leveranciers. Het betreft onder meer

frankeerapparaten, afvalcontainers en schoonmaakmaterieel. De curator zal op

korte termijn overgaan tot afwikkeling van de desbetreffende overeenkomsten

en teruggave van de apparatuur aan de betreffende partijen, voor zover deze

niet door Mentaal Beter worden overgenomen.

22-04-2026

1

De leasecontracten zijn grotendeels afgehandeld. De meeste leasezaken zijn

reeds opgehaald. Er is nog een onduidelijkheid over de leasezaken van De

Lage Landen. Niet alle zaken zijn hiervan teruggevonden op de locaties waar

deze zouden moeten staan. De vraag ligt bij De Lage Landen welke zaken zij

nog missen, waarna gekeken kan worden of deze zaken op een andere

locatie aanwezig zijn.

01-09-2026

2

5.3 Beschrijving zekerheden

5.4 Separatistenpositie

5.5 Eigendomsvoorbehoud

5.6 Retentierechten

Kartesia pretendeert pandrechten te hebben op, onder meer, de vorderingen

(o.a. debiteuren en creditsaldi), de roerende zaken (bedrijfsinventaris en ICT-

apparatuur) en de intellectuele eigendomsrechten van de Phitaal Groep. De

curator heeft inmiddels onderzocht of aan de voorwaarden voor een

rechtsgeldige vestiging van het openbare pandrecht op de bij Rabobank

aangehouden creditsaldi, evenals op de debiteurenvorderingen van Phitaal

Groep is voldaan. Dat blijkt uitgaande van de wetenschap van vandaag, het

geval te zijn. Dat laat onverlet dat vanwege de hierboven uiteengezette

problematiek rond het ontbreken van een zorgverleningsovereenkomst tussen

Phitaal Groep en (het overgrote deel van) de zorgverzekeraars, het de vraag is

of Kartesia bij gebreke van een rechtstreekse vordering van Phitaal Groep op

de zorgverzekeraars, wel een pandrecht kan hebben en betaling van hen kan

vorderen. Dat zal onderwerp van nader onderzoek vormen. Evenzeer zal nog

worden onderzocht of er redenen zijn om de pandrechten aan te tasten met

een beroep op de faillissementspauliana. Over de uitkomst van die

onderzoeken zal in latere verslaglegging worden gerapporteerd. Ten aanzien

van de roerende zaken is, zoals in 3.4 reeds opgetekend, overeengekomen,

dat afwikkeling van de koopsom via de boedel zal plaatsvinden. In afwachting

van de uitkomst van dit onderzoek zijn met Kartesia voorts werkafspraken

gemaakt over de incasso van de aan Kartesia verpande vorderingen op

particulieren, de verdeling van de opbrengst daarvan (80% Kartesia, 20%

boedelbijdrage), de instemming van Kartesia met de verkoop van de aan haar

verpande roerende zaken en IE-rechten in het kader van de doorstart,

alsmede de verdeling van de aan de IE-rechten gealloceerde

verkoopopbrengst (50% Kartesia, 50% boedel).

22-04-2026

1

De curator heeft de 80/20 verdeling van de opbrengst van de door bancaire

incasso ontvangen betalingen van Surseancevorderingen en de 50/50

verdeling van de opbrengst van de IE-rechten tussen Kartesia en de boedel,

in de achterliggende verslagperiode voltooid

01-09-2026

2

Zie onder 3. 22-04-2026

1

Uit het inventarisatierapport van TWA is gebleken dat zich op diverse locaties

van de Phitaal Groep objecten bevinden die geen eigendom zijn van de Phitaal

Groep, maar eigendom van derden dan wel in bruikleen of huur zijn verstrekt.

Het betreft onder meer fitnessapparatuur, frankeerapparaten,

koffiezetapparaten, afvalcontainers en schoonmaakmaterieel. Voor een nadere

specificatie wordt verwezen naar hetgeen hiervoor onder 5.2 is vermeld. De

eigendom van die zaken is niet aan Mentaal Beter overgedragen. Vooralsnog

zijn bij de curator geen aanspraken op grond van eigendomsvoorbehoud

ingediend.

22-04-2026

1

Dit punt is afgehandeld. Alle rechten van derden, met uitzondering van

hetgeen geschreven onder 5.2 zijn afgehandeld.

01-09-2026

2

5.6 Retentierechten

5.7 Reclamerechten

5.8 Boedelbijdragen

5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden

Tot op heden hebben geen schuldeisers een beroep gedaan op

retentierechten.

22-04-2026

1

Tot op heden hebben geen schuldeisers een beroep gedaan op

reclamerechten.

22-04-2026

1

Toelichting

Ten aanzien van de boedelbijdragen wordt verwezen naar hetgeen hiervoor

onder 5.3 is vermeld omtrent de met Kartesia gemaakte afspraken over de

verdeling van de opbrengst uit hoofde van de verpande activa en de

debiteurenincasso. Voor het overige waren geen boedelafspraken vereist.

22-04-2026

1

De curator heeft in de verslagperiode de navolgende werkzaamheden verricht

met betrekking tot de bankrekeningen en zekerheden. De bankrekeningen bij

Rabobank zijn geïnventariseerd en de saldi zijn vastgesteld. Met Kartesia en

haar advocaat is intensief overleg gevoerd en gecorrespondeerd over de

gepretendeerde pandrechten, de incasso van verpande vorderingen, de

instemming met de verkoop van verpande activa in het kader van de doorstart

en de verdeling van de opbrengsten. De rechtsgeldigheid en totstandkoming

van de door Kartesia gepretendeerde pandrechten zijn in onderzoek genomen.

Voorts is overleg gevoerd met de rechter-commissaris over de positie van

Kartesia als separatist en de te maken werkafspraken.

22-04-2026

1

De curator heeft vastgesteld dat de vestiging van de door Karthesia

gepretendeerde pandrechten aan de daarvoor geldende constitutieve

vereisten voldoet, zodat die pandrechten rechtsgeldig zijn gevestigd.

Vooralsnog is de curator niet gebleken van feiten en omstandigheden (denk

aan vernietigbarheid wegens een faillissementspauliana) die aan de

tegenwerpbaarheid van de pandrechten aan de boedel, in de weg zou staan.

De curator heeft daarom zijn medewerking verleend aan de incassering

onder het openbaar gemaakte pandrecht van Kartesia, door laatstgenoemde

van Phitaal c.s.' vorderingen op Rabobank betreffende de saldi onmiddellijk

voorafgaand aan de surséanceverlening en (een zeer beperkt aantal)

vorderingen van Phitaal c.s. op zorgverzekeraars. Die werkzaamheden zijn

niet in de laatste plaats, door veelal bijzonder lange

reactie/responstermijnen van en enkele malen, onjuiste beantwoording door

laatstgenoemden, omvangrijk geweest. Omvangrijker dan zij bij adequate

opvolging en behandeling door de betrokken zorgverzekeraars zouden zijn

geweest.

01-09-2026

2

6. Voortzetten / doorstart onderneming

6.1 Exploitatie / zekerheden

Voortzetten onderneming

De bedrijfsactiviteiten waren voorafgaand aan de surseance en het

faillissement in volle gang en zijn tot het moment van overdracht aan Mentaal

Beter op 15 april 2026 ononderbroken voortgezet. De curator heeft de

activiteiten, met machtiging van de rechter-commissaris, gecontinueerd

teneinde de continuïteit van zorg te waarborgen, desintegratie van de door

Phitaal Groep gedreven onderneming te voorkomen en de waarde daarvan

middels een doorstart ten behoeve van de gezamenlijke crediteuren te kunnen

verzilveren. De voortzetting moet zoals gezegd, worden onderverdeeld in twee

deelperiodes. Gedurende de eerste voortzettingsperiode (23 februari 2026 tot

en met week 12 van 2026) zijn de zorgactiviteiten Bevoorschot en voortgezet

voor rekening en risico van de boedel, waarbij het exploitatietekort werd

afgedekt door de Boedelfaciliteit. Gedurende de tweede voortzettingsperiode

(week 13 van 2026 tot en met 14 april 2026) zijn de bedrijfsactiviteiten

evenzeer voortgezet en Bevoorschot vanwege de continuïteit van de zorg

maar met het oog op de realisatie van een overdracht aan Mentaal Beter,

waarbij de zorgverzekeraars uitsluitend hebben Bevoorschot. Van een

Boedelfaciliteit was geen sprake..

De voortzetting van de onderneming is financieel mogelijk gemaakt door een

combinatie van Bevoorschotting en de eerste vier weken, de verstrekking van

een Boedelfaciliteit door de zorgverzekeraars. Een en ander zoals hiervoor

uiteengezet. De Bevoorschotting betreffende de gehele voortzetting bedraagt

EUR 3.560.869,39 terwijl de tot op heden gedeclareerde omzet over deze

periode EUR 4.213.033,98 bedraagt. Het na verrekening resterende verschil

komt aan de boedel toe.

Doordat het UWV vasthield aan de fictieve beëindigingsdatum van 7 dagen na

faillissement en dientengevolge het personeel meteen moest worden

ontslagen, waarna de overname loonbetaling door het UWV op grond van de

Werkloosheidswet werd geëffectueerd, heeft de boedel in die periode

aanvankelijk geen loonkosten hoeven te voldoen. Die loonkosten komen

echter alsnog in de vorm van een preferente boedelschuld voor rekening van

de boedel als gevolg van de regresvordering ter zake van het UWV.

Desalniettemin zal de exploitatie onder de streep een positieve zijn. de exacte

omvang van het exploitatie resultaat zal echter pas blijken nadat het UWV

haar regresvordering bij de curator heeft ingediend. Daarop zal in latere

verslaglegging terug worden gekomen.

Na acceptatie van de bieding van Mentaal Beter op 12 maart 2026 is een

exclusiviteitsperiode van maximaal tien werkdagen aangevangen, lopende tot

uiterlijk 26 maart 2026. Gedurende de exclusiviteitsperiode was Mentaal Beter

een niet-restitueerbare abort fee verschuldigd van EUR 100.000,- (inclusief

btw) per volledige kalenderweek, per kalenderdag berekend, welke wekelijks

vooraf aan de boedel werd voldaan. Indien de doorstart niet zou worden

gerealiseerd, zou dit bedrag aan de boedel verblijven. Na ommekomst van de

exclusiviteitsperiode en gestanddoening van de bieding door Mentaal Beter is

de Periode Voortzetting aangevangen. Gedurende de Periode Voortzetting (27

maart 2026 tot en met 14 april 2026) was Mentaal Beter een vergoeding

verschuldigd van EUR 150.000,- (inclusief btw) per volledige kalenderweek, per

kalenderdag berekend. Deze vergoeding bestond uit een component

insolventiekosten ad EUR 100.000,- (inclusief btw) per kalenderweek,

strekkende tot dekking van de faillissementskosten, en een surplus ad EUR

50.000,- (inclusief btw) per kalenderweek als extra vergoeding ten behoeve

van de gezamenlijke schuldeisers. De vergoeding werd na ommekomst van

iedere werkweek, uiterlijk op zaterdagochtend, aan de boedel voldaan. De

betaalde abort fee en het betaalde surplus mochten voor het geval de koop

22-04-2026

1

6.2 Financiële verslaglegging

door Mentaal Beter doorgang vond, in mindering gebracht op de koopsom voor

de goodwill. Dat is gebeurd. De Insolventiekosten van EUR 200.000 voor de

twee weken dat de Periode Voortzetting heeft geduurd mogen niet worden

gecompenseerd en komen integraal aan de boedel toe.

De curator heeft de activiteiten uiteindelijk voortgezet van 23 februari 2026

tot en met 22 maart 2026 (Periode 1) en van 23 maart 2026 tot en met 14

april 2026 (Periode 2). Dit onderscheid in periodes is vanwege de afspraken

met de zorgverzekeraars. Zoals in het eerste verslag al uiteengezet is enkel

voor Periode 1 een Boedelfaciliteit verstrekt door de zorgverzekeraars. Voor

Periode 2 is dat niet het geval. Voor beide periodes geldt dat de grote

zorgverzekeraars een voorschot hebben versterkt voor de te verrichten

diensten. De laatste dag van de voortzetting was dus 14 april 2026.

01-09-2026

2

De curator werkt aan een financiële rekening en verantwoording over de

voortzettingsperiode. Teneinde daartoe te komen worden op korte termijn de

laatste declaratiewerkzaamheden verricht, een en ander zoals nader

omschreven onder 4 (debiteuren), waarna het definitieve

standpunt/goedkeuring van de zorgverzekeraars moet worden afgewacht.

Daarnaast dient een afrekening plaats te vinden met de leveranciers van wie

de Phitaal Groep gedurende de voortzettingsperiode gebruik heeft gemaakt.

Ook dient de regresvordering door het UWV nog te worden ingediend. De

volledige financiële verantwoording over de voortzettingsperiode zal in een

volgend verslag worden opgenomen.

22-04-2026

1

In het kader van de voortzetting moeten twee afrekeningen plaatsvinden,

één met de individuele zorgverzekeraars voor wat betreft de bevoorschotting

afgezet tegen de daadwerkelijk verschuldigde vergoeding voor de geleverde

diensten en één met CZ als penvoerder voor de zorgverzekeraars in het

kader van de verstrekt Boedelfaciliteit.

Inmiddels is bijna volledig afgerekend met de individuele zorgverzekeraars

over de voortzettingsperiode. In totaal diende de boedel nog een bedrag van

EUR 265.171,82 aan nabetalingen te ontvangen. Dit betrof dus gevallen

waarin de verschuldigde vergoeding hoger was dan het verstrekte voorschot.

Hiervan staat nog een bedrag van EUR 23.597,50 open. Het betreft een

vordering op DSW en een vordering op Zorg en Zekerheid. Voor de vordering

op DSW geldt dat de curator heeft vastgesteld dat DSW vanaf het begin van

het faillissement heeft geweigerd om medewerking te verlenen aan

continuering van de zorgactiviteiten van Phitaal en ook heeft aangegeven

geen zorg te vergoeden die door Phitaal aan haar verzekerden wordt

geleverd, hetgeen op voorhand gedurende de voortzetting niet door de

boedel valt te monitoren. De grootte van de vordering op DSW is (zeer)

beperkt tot EUR 2.686,60. Gezien de geringe omvang van die vordering

afgezet tegen de (verwachte) kosten van het voortzetten van de discussie

daarover, eventueel in rechte, heeft de curator er – contre coeur – zuiver

omwille van doelmatigheid voor gekozen, hier geen verdere inspanningen in

te verrichten. Over de vordering op Zorg en Zekerheid is de curator nog in

overleg met zowel Zorg en Zekerheid als met CZ, de penvoerder jegens wie

Zorg en Zekerheid zich (ook) verbonden had te betalen. Verder diende de

curator een bedrag van EUR 51.733,60 terug te betalen aan

zorgverzekeraars als gevolg van een voorschot dat hoger was dan de

daadwerkelijk verschuldigde vergoeding. Dat is inmiddels gebeurd op een

bedrag van EUR 5.480,68 aan aan VGZ. De curator heeft VGZ bij herhaling

01-09-2026

2

6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming

verzocht om betalingsinstructies maar ontvangt daarop taal noch teken. Ook

hierover is de curator met CZ als penvoerder, in overleg getreden om een

snelle afwikkeling te bevorderen.

Over de Periode 1 is een omzet gerealiseerd van EUR 2.402.931,11.

Daartegenover staat EUR 2.921.690,94 aan uitgaven, waardoor een negatief

resultaat is gerealiseerd van EUR 518.759,83. Dit was een te verwachten

negatief resultaat. Dit heeft te maken gehad met de verplichting in surseance

om alle opkomende verplichtingen, waaronder het salaris van de

werknemers, te voldoen, alsook betalingen aan dwangcrediteuren. De

voortzetting was dan ook niet zozeer ingegeven vanuit het behalen van een

positief resultaat, maar vanuit de continuïteit van de zorg. Mede in het kader

van het verkoopklaar maken van de door Phitaal c.s. gedreven onderneming.

In het kader van de continuïteit van de zorg is voor Periode 1 dan ook de

afspraak met de zorgverzekeraars gemaakt onder penvoering van CZ, dat CZ

de Boedelfaciliteit van 880.000,- verstrekt om het negatieve

exploitatieresultaat te dekken. Dat is gebeurd. Het resulterende en niet

verbruikte deel daarvan, waarover de afspraak is gemaakt dat dat zal

worden terugbetaald zonder de afwikkeling van de boedel af te wachten,

bedraagt ca. EUR 361.240,17. Met CZ is de curator nog in overleg over de

afwikkeling hiervan. Hangende dit overleg is in ieder geval al EUR 300.000,-

terugbetaald aan CZ.

Over Periode 2 is een omzet gerealiseerd van EUR 1.814.054,38. De kosten

bedroegen EUR 350.845,70, waardoor een positief resultaat is gerealiseerd

van EUR 1.463.208,68. Deze voortzettingsperiode was – in tegenstelling tot

Periode 1 – volledig in faillissement. De grootste kostenpost – de salarissen

van het personeel, de verschuldigde loonheffing en premies – werd

overgenomen door het UWV. Daarvoor geniet het UWV echter weer een

regresvordering op de boedel die als preferente boedelschuld kwalificeert en

als zodanig op het gerealiseerde 'resultaat' in mindering strekt.

6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming

6.4 Beschrijving

In het kader van de voortzetting van de onderneming heeft de curator in de

onderhavige verslagperiode de navolgende werkzaamheden verricht. De

curator heeft machtiging van de rechter-commissaris verkregen voor de

voortzetting van de zorgactiviteiten en heeft ten behoeve daarvan

begrotingen opgesteld voor zowel de eerste voortzettingsperiode (tot en met

week 12 van 2026) als de tweede voortzettingsperiode (week 13 van 2026 tot

en met 14 april 2026). Met de zorgverzekeraars CZ Groep, VGZ, Zilveren Kruis,

Menzis en ASR is intensief overleg gevoerd over de Bevoorschotting van beide

voortzettingsperiodes, het declaratieproces en de verrekening van

voorschotten met declaraties. Met CZ Groep zijn daarnaast afspraken gemaakt

over de Boedelfaciliteit. Met doorstarter Mentaal Beter zijn afspraken gemaakt

over de betaling van de abort fee gedurende de exclusiviteitsperiode en de

vergoedingen gedurende de Periode Voortzetting.

Ten aanzien van het personeel heeft coördinerend overleg plaatsgevonden

teneinde de cruciale bedrijfsprocessen gedurende de voortzettingsperiode

draaiende te houden. Hetzelfde geldt voor de OR en het bestuur en de RvC

van Phitaal Groep, alsmede de NZa. Voorts is overleg gevoerd met de cliënten

raad en is communicatie aan cliënten verzonden over de continuïteit van het

zorgproces en de gevolgen van de doorstart, waaronder de overdracht van

cliëntendossiers. Daarnaast heeft overleg plaatsgevonden met leveranciers

van wie de Phitaal Groep gedurende de voortzettingsperiode gebruik heeft

gemaakt, alsmede met de bestuurder van de Vennootschappen, mevrouw

Kruithof, die gedurende de voortzettingsperiode beschikbaar is gebleven voor

de operationele aansturing.

22-04-2026

1

De werkzaamheden zijn gelijk aan die voor de eerste verslagperiode. Veel

werkzaamheden hebben gezien op coördinatie van de voortzetting. Daarbij

zijn er ook werkzaamheden noodzakelijk geweest voor de afrekening met de

zorgverzekeraars en de periodieke verantwoording aan hen.

01-09-2026

2

Doorstarten onderneming

Kort na aanvang van de voorlopige surseance van betaling op 23 februari 2026

heeft de curator (destijds bewindvoerder) zich georiënteerd op de

mogelijkheden van een doorstart van de door de Phitaal Groep gedreven

onderneming. Gelet op de aard van de onderneming – een

gezondheidszorgorganisatie met circa 3.500 cliënten in behandeling – was het

van groot belang dat een eventuele doorstart zo spoedig mogelijk zou worden

gerealiseerd, teneinde de continuïteit van de zorgverlening te waarborgen,

desintegratie van de onderneming te voorkomen en de waarde van de

onderneming te behouden.

De curator heeft een gestructureerd biedingsproces opgestart. Daartoe is een

biedingsmemorandum opgesteld, waarin geïnteresseerde partijen op

hoofdlijnen zijn geïnformeerd over de door de Phitaal Groep gedreven

onderneming, de tot de vermogens van de Phitaal Groep behorende activa en

de voorwaarden waaronder een bieding kon worden uitgebracht.

Geïnteresseerde partijen hebben na ondertekening van een

geheimhoudingsovereenkomst het biedingsmemorandum ontvangen en

toegang verkregen tot een virtuele dataroom, waarin onder meer financiële

cijfers, huurovereenkomsten, het inventarisatierapport en het taxatierapport

van TWA en een overzicht van belangrijke leveranciers waren opgenomen.

Vanzelfsprekend is geen inzicht geboden in cliëntgegevens. Geïnteresseerden

22-04-2026

1

zijn in de gelegenheid gesteld vragen te stellen via een Q&A-functionaliteit in

de dataroom. De curator heeft de vragen beantwoord. De biedingstermijn

verstreek op donderdag 12 maart 2026 om 12:00 uur.

Er zijn in totaal vier biedingen ontvangen. Mentaal Beter, onderdeel van de

Mental Care Group (MCG), een landelijk opererende aanbieder van

specialistische GGZ, heeft op 12 maart 2026 een bindende bieding onder

opschortende voorwaarden uitgebracht. De bieding van Mentaal Beter is zowel

op de afzonderlijke onderdelen als in totaal als beste uit het biedingsproces

naar voren gekomen. De curator heeft de bieding van Mentaal Beter op 12

maart 2026 geaccepteerd, onder voorbehoud van goedkeuring van de rechter-

commissaris en instemming van pandhouder Kartesia. De rechter-commissaris

heeft op 13 maart 2026 de op grond van de artikelen 101 en 176 Fw vereiste

machtiging verleend voor het aangaan en uitvoeren van de

activaovereenkomst. Kartesia heeft op 11 maart 2026 (bij voorbaat) ingestemd

met de verkoop van de aan haar verpande roerende zaken en op 15 maart

2026 met de verkoop van de aan haar verpande IE-rechten.

De bieding van Mentaal Beter zag op de doorstart van zeven behandellocaties

van de Phitaal Groep, te weten Eindhoven (Larixplein 6), Nijmegen (Kerkenbos

1008), Breda (Oosterhout, De Waard 9), Roermond (Westhoven 5), Maastricht

(Stadionplein 31), Sittard-Geleen (Valkstraat 12) en Parkstad (Heerlen, Groene

Boord 21A). De bieding omvatte de roerende zaken op deze vestigingen, alle

ICT-apparatuur, de goodwill van de onderneming en de intellectuele

eigendomsrechten van de Phitaal Groep. De Phitaal-locatie Rijnmond (Capelle

aan den IJssel) viel buiten de reikwijdte van de bieding, aangezien Mentaal

Beter geen mogelijkheid zag deze locatie succesvol door te starten wegens

het ontbreken van het noodzakelijke aantal regiebehandelaren. Mentaal Beter

heeft zich wel bereid verklaard zich in te spannen om lopende behandelingen

op de locatie Rijnmond via haar netwerk in de regio voort te zetten.

Mentaal Beter heeft aan circa 200 fte een dienstverband aangeboden, zijnde

circa 75% van het personeelsbestand ten tijde van het faillissement.

Zorgprofessionals hebben een aanbod ontvangen op basis van de CAO GGZ,

waarbij Mentaal Beter zich heeft verbonden om eventuele verschillen in

inschaling of vergoedingen ten opzichte van de bij de Phitaal Groep geldende

arbeidsvoorwaarden gedurende een periode van twee jaar na indiensttreding

te compenseren.

Na acceptatie van de bieding is op 13 maart 2026 de exclusiviteitsperiode van

maximaal tien werkdagen aangevangen, lopende tot uiterlijk 26 maart 2026.

Gedurende de exclusiviteitsperiode was Mentaal Beter exclusief gerechtigd om,

in overleg met de curator, in contact te treden met het personeel van de

Phitaal Groep teneinde nieuwe arbeidsovereenkomsten aan te bieden,

alsmede met de verhuurders van de over te nemen vestigingen en key-

leveranciers. De bieding was gedaan onder de volgende opschortende

voorwaarden: (i) goedkeuring van de rechter-commissaris, (ii) volledige

overeenstemming over en ondertekening van de activaovereenkomst, (iii)

ontvangst van positief of neutraal advies van de ondernemingsraad en de

cliëntenraad van Mentaal Beter, (iv) het sluiten van nieuwe

arbeidsovereenkomsten met ten minste twee regiebehandelaren per vestiging

en met ten minste 70 fte overig declarabel personeel, (v) het sluiten van

nieuwe huurovereenkomsten ter zake iedere over te nemen vestiging en (vi)

verlening door de NZa van een ontheffing van de concentratietoets op grond

van artikel 49d Wet marktordening gezondheidszorg. Alle opschortende

voorwaarden zijn tijdig vervuld.

Na vervulling van de opschortende voorwaarden en gestanddoening van de

bieding door Mentaal Beter is op 27 maart 2026 de activaovereenkomst door

partijen ondertekend. In de activaovereenkomst zijn de voorwaarden van de

6.5 Verantwoording

transactie nader uitgewerkt, waaronder de koopsom en de wijze van betaling,

de levering van de roerende zaken, de goodwill en de IE-rechten, de

overdracht van cliëntendossiers met inachtneming van de toepasselijke

privacy- en zorgwetgeving, de toerekening van behandelvergoedingen, de

kostenverdeling ter zake duurovereenkomsten en IT-dienstverlening, de

positie van het personeel en de vrijwaring van de curator. Met de

ondertekening van de activaovereenkomst is de Periode Voortzetting

aangevangen, gedurende welke de curator de onderneming voor rekening van

de boedel heeft voortgezet en partijen hebben toegewerkt naar de

onbezwaarde overdracht van de activa aan Mentaal Beter.

Op 15 april 2026 heeft levering plaatsgevonden. De curator heeft Mentaal

Beter op de dag van levering feitelijk toegang verschaft tot de via de

overgenomen vestigingen gedreven onderneming, waaronder de ICT-

systemen van de Phitaal Groep. De roerende zaken zijn door feitelijke

terbeschikkingstelling aan Mentaal Beter geleverd, vrij van het pandrecht van

Kartesia. De IE-rechten zijn eveneens op de dag van levering overgedragen.

Met ingang van 15 april 2026 komen de overgedragen activa en de kosten van

de bedrijfsvoering van de overgenomen zorgactiviteiten voor rekening en risico

van Mentaal Beter.

De curator heeft de ontvangen biedingen beoordeeld aan de hand van de

volgende criteria: (i) de hoogte van de netto koopprijs, (ii) het aantal

werknemers dat een dienstverband wordt aangeboden en de

arbeidsvoorwaarden, (iii) het perspectief voor de continuïteit van zorg zo veel

als mogelijk voor alle cliënten van de Phitaal Groep, (iv) de bereidheid tot

overname en bewaring van het gehele archief van cliëntendossiers met

inachtneming van de wettelijke bewaarplicht en (v) het totaalbeeld van de

bieding bezien vanuit het belang van de gezamenlijke schuldeisers, het

personeel en de cliënten. De bieding van Mentaal Beter is op elk van deze

criteria als beste beoordeeld. De netto koopprijs was in vergelijking met de

overige biedingen veruit het hoogst. Het leeuwendeel van het personeel –

circa 200 van 267 fte – is tegen marktconforme arbeidsvoorwaarden in dienst

worden genomen. De bieding bood perspectief voor de continuïteit van zorg

voor de cliënten van de Phitaal Groep, waaronder de cliënten van vestigingen

die niet als zodanig door Mentaal Beter worden overgenomen. Voorts heeft

Mentaal Beter zich bereid verklaard het gehele archief van cliëntendossiers

over te nemen en gedurende de wettelijke bewaartermijn van twintig jaar na

voltooiing van de behandeling te bewaren. De bewaarplicht die op de Phitaal

Groep en haar behandelaren rust, zou bij gebreke van een overnemende partij

tot aanzienlijke kosten voor de boedel hebben geleid die het boedelactief

zouden hebben opgesoupeerd en aan een ordentelijke afwikkeling van het

faillissement in de weg hadden kunnen staan. De bieding leverde in zijn geheel

bezien het best haalbare resultaat op voor de gezamenlijke schuldeisers, het

personeel en de cliënten van de Phitaal Groep.

Een bijzonder aspect van de doorstart betreft de overdracht van de

cliëntendossiers van de Phitaal Groep. De Phitaal Groep beschikte ten tijde van

het faillissement over een omvangrijk bestand aan cliëntendossiers, bestaande

uit zowel dossiers van cliënten met een lopende behandelingsovereenkomst

als archiefdossiers van voormalige cliënten. Op grond van artikel 7:454 BW rust

op de zorgaanbieder de verplichting om cliëntendossiers gedurende twintig

jaar na de laatste behandeling te bewaren. Daarnaast vloeien uit de Wet op

de geneeskundige behandelingsovereenkomst (WGBO) en de Algemene

verordening gegevensbescherming (AVG) verdergaande verplichtingen voort

22-04-2026

1

ten aanzien van de beschikbaarheid, inzage, overdracht en vernietiging van

gegevens. De continuïteit van deze verplichtingen diende ook na het

faillissement te worden gewaarborgd.

De boedel was niet in staat om zelfstandig in de langdurige bewaring en het

beheer van de cliëntendossiers te voorzien. De faillissementsboedel beschikt

niet over de financiële middelen om gedurende de wettelijke bewaartermijn

van twintig jaar de kosten van instandhouding van het EPD-systeem en de

daarmee samenhangende IT-infrastructuur te dragen. Daarnaast zouden op

korte termijn na het faillissement geen BIG-geregistreerde behandelaren meer

in dienst zijn bij de Phitaal Groep die op grond van de WGBO bevoegd zijn om

de cliëntendossiers te benaderen, te beheren, op verzoek van cliënten over te

dragen aan een door de cliënt aangewezen andere zorgverlener of op verzoek

van cliënten te vernietigen. Bij gebreke van een overnemende partij die bereid

en in staat was de bewaring van de cliëntendossiers op zich te nemen, zou de

boedel geconfronteerd worden met aanzienlijke en langdurige (in beginsel 20

jaar na de laatste behandeling) kosten die het actief geheel of in ieder geval

grotendeels zouden hebben opgesoupeerd en die aan een ordentelijke en

tijdige afwikkeling van het faillissement in de weg hadden kunnen staan. Het

was derhalve van groot belang dat een derde partij de curator hierin zou

ontzorgen door de bewaring en het beheer van de cliëntendossiers over te

nemen met inachtneming van alle toepasselijke wettelijke verplichtingen.

Mentaal Beter heeft zich hiertoe bereid verklaard en heeft zich in de

activaovereenkomst verbonden om de cliëntendossiers gedurende de volledige

wettelijke bewaartermijn te bewaren en te beheren.

Ten aanzien van het proces van overdracht van de cliëntendossiers is het

volgende overeengekomen en uitgevoerd. De curator heeft op 27 maart 2026

alle cliënten van de Phitaal Groep met een lopende behandelingsovereenkomst

geïnformeerd over de voorgenomen doorstart en de gevolgen daarvan voor

hun behandeling en cliëntendossier. De informatieverstrekking heeft

plaatsgevonden via het digitale cliëntencommunicatiekanaal van de Phitaal

Groep, per e-mail, door middel van een bericht op de website van de Phitaal

Groep en door middel van een flyer die in alle wachtruimtes van de over te

nemen vestigingen is neergelegd. Cliënten met een behandelafspraak in de

periode tot aan de leveringsdatum zijn daarnaast door hun behandelaar

persoonlijk geïnformeerd. Aan alle cliënten met een lopende behandeling is

een reactietermijn van veertien dagen geboden om bezwaar te maken tegen

de overdracht van hun cliëntendossier aan Mentaal Beter. Cliënten die

bezwaar maakten, werden in de gelegenheid gesteld hun dossier over te laten

dragen aan een door hen aan te wijzen andere zorgverlener. Cliënten die niet

(tijdig) bezwaar maakten, werden geacht in te stemmen met de overdracht

van hun cliëntendossier aan Mentaal Beter, waarna Mentaal Beter de

behandelingsovereenkomst met de betreffende cliënt voortzet, waar mogelijk

met dezelfde behandelaren.

Ten aanzien van de voormalige cliënten zonder lopende

behandelingsovereenkomst – wier cliëntendossiers op grond van de wettelijke

bewaarplicht beschikbaar dienen te blijven – heeft de curator eveneens op 27

maart 2026 een informatiebericht doen uitgaan. Deze voormalige cliënten zijn

in de gelegenheid gesteld om binnen een termijn van vier weken bezwaar te

maken tegen de terbeschikkingstelling van hun cliëntendossier aan Mentaal

Beter. Zij hebben de keuze overdracht van hun dossier aan een door hen aan

te wijzen andere zorgverlener, dan wel om vernietiging van hun dossier te

verlangen, waarbij zij uitdrukkelijk zijn gewezen op de onomkeerbare gevolgen

van vernietiging voor eventuele toekomstige zorgverlening. De

cliëntendossiers van voormalige cliënten die niet (tijdig) bezwaar hebben

gemaakt, zijn na afloop van de bezwaartermijn aan Mentaal Beter ter

beschikking gesteld ten behoeve van de bewaring gedurende de wettelijke

6.6 Opbrengst

6.7 Boedelbijdrage

bewaartermijn. Mentaal Beter treedt ten aanzien van deze dossiers op als

verwerker en bewaarnemer namens de curator als

verwerkingsverantwoordelijke, zulks op grond van een tussen partijen

gesloten verwerkersovereenkomst.

De technische uitvoering van de overdracht van de cliëntendossiers is een

bijzonder complexe aangelegenheid gebleken. Zowel de Phitaal Groep als

Mentaal Beter maken gebruik van Medicore als leverancier van het elektronisch

patiëntendossier (EPD). In het kader van de doorstart is de bestaande

Medicore-omgeving van de Phitaal Groep omgezet naar een omgeving op naam

van Mentaal Beter. Daarbij diende in het EPD-systeem een strikte scheiding te

worden aangebracht tussen enerzijds de cliëntendossiers die voor overdracht

aan Mentaal Beter in aanmerking kwamen en anderzijds de cliëntendossiers

van cliënten die bezwaar hadden gemaakt tegen overdracht of hadden

verzocht om vernietiging van hun dossier. De laatstgenoemde dossiers

dienden binnen de Mentaal Beter-omgeving te worden afgeschermd, zodat

Mentaal Beter daarvan geen inzage zou verkrijgen. De inrichting van deze

scheiding, met inachtneming van alle toepasselijke privacyvereisten en de

noodzakelijke afspraken met Medicore, is een aanzienlijke technische opgave

gebleken. De curator heeft hierover intensief overleg gevoerd met Mentaal

Beter en Medicore en heeft een transitieovereenkomst met Medicore gesloten,

waarin de technische en operationele stappen voor de migratie, de inrichting

van de scheiding, de afscherming en latere ontscherming van cliëntendossiers,

alsmede de daarmee gemoeide kosten en verantwoordelijkheden zijn

vastgelegd. Daarnaast heeft de curator een kopie van de oorspronkelijke

Medicore-omgeving van de Phitaal Groep verkregen ten behoeve van de

verdere zorgadministratieve afhandeling van de boedel, waaronder de

verwerking van retourberichten en de afhandeling van declaraties over de

periode tot aan de leveringsdatum. De curator is van oordeel dat met de

hiervoor beschreven werkwijze op zorgvuldige en verantwoorde wijze met de

cliëntgegevens is omgegaan, met inachtneming van de rechten van cliënten,

de wettelijke bewaarplicht en de toepasselijke privacywetgeving.

€ 955.000,00

Toelichting

De totale koopsom voor de activa bedraagt EUR 955.000,- (exclusief btw), als

volgt uitgesplitst: EUR 280.000,- voor de roerende zaken, EUR 650.000,- voor

de goodwill en EUR 25.000,- voor de IE-rechten. De netto door Mentaal Beter

te betalen koopsom is als volgt berekend: de koopsom voor de goodwill is

verminderd met de som van de door Mentaal Beter betaalde abort fee en het

betaalde surplus, tot maximaal de hoogte van de koopsom voor de goodwill.

De koopsom is op 14 april 2026 op de faillissementsrekening bijgeschreven. De

verkoop en levering van de activa is aangemerkt als een overdracht in de zin

van artikel 37d van de Wet op de omzetbelasting 1968 en is derhalve

vrijgesteld van omzetbelasting. Daarnaast heeft Mentaal Beter een vergoeding

van 2x EUR 100.000 (inclusief BTW) betaald voor de Periode Voortzetting.

22-04-2026

1

6.7 Boedelbijdrage

6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming

7.1 Boekhoudplicht

7.2 Depot jaarrekeningen

Toelichting

Ten aanzien van de boedelbijdrage uit de doorstart geldt het volgende. De

roerende zaken en de IE-rechten zijn mogelijk verpand aan Kartesia. Kartesia

heeft ingestemd met de verkoop van de aan haar verpande activa in het kader

van de doorstart. Met Kartesia is overeengekomen dat de aan de IE-rechten

gealloceerde verkoopopbrengst ad EUR 25.000,- wordt verdeeld op basis van

50% voor Kartesia en 50% als boedelbijdrage. Ten aanzien van de opbrengst

van de roerende zaken wordt verwezen naar hetgeen hiervoor onder 5.3 en

3.4 is vermeld omtrent de met Kartesia gemaakte werkafspraken. De goodwill

is niet aan Kartesia verpand. De opbrengst daarvan komt onbezwaard aan de

boedel toe.

22-04-2026

1

In het kader van de doorstart heeft de curator in de onderhavige

verslagperiode het biedingsproces voorbereid en uitgevoerd, de biedingen

beoordeeld, de activaovereenkomst uitonderhandeld en op 27 maart 2026

ondertekend en de daartoe vereiste machtiging van de rechter-commissaris en

instemming van pandhouder Kartesia verkregen. Voorts heeft de curator de

informatieverstrekking aan (voormalige) cliënten verzorgd, de overdracht van

de cliëntendossiers gecoördineerd – waaronder het sluiten van een

transitieovereenkomst met Medicore en een verwerkersovereenkomst met

Mentaal Beter – en overleg gevoerd met verhuurders en leveranciers over de

oplevering van de bedrijfspanden en afwikkeling van de bestaande

overeenkomsten. De levering van de activa is op 15 april 2026 uitgevoerd en

de financiële afwikkeling van de doorstart is ter hand genomen. De curator

streeft ernaar alle met de doorstart samenhangende processen op zo kort

mogelijke termijn in samenspraak met Mentaal Beter af te handelen.

22-04-2026

1

7. Rechtmatigheid

Zoals gebruikelijk zal de curator nader onderzoek verrichten of Phitaal Groep

aan de boekhoudverplichting heeft voldaan en wel in die zin dat er op een

zodanige wijze administratie is gevoerd dat daaruit te allen tijde de rechten en

verplichtingen van failliet kunnen worden gekend.

22-04-2026

1

De gevoerde administratie, de kwaliteit daarvan en de vraag of die voldoet

aan de vereisten van artikel 2:10 BW vormt onderwerp van onderzoek.

01-09-2026

2

Op grond van artikel 2:394 lid 3 BW rust op de rechtspersoon de verplichting

om haar jaarrekening uiterlijk twaalf maanden na afloop van het boekjaar

openbaar te maken.

22-04-2026

1

Voorlopig moet worden geconstateerd dat niet alle jaarrekeningen van de

Vennootschappen (tijdig) zijn gedeponeerd. De curator zal op een later

moment nader onderzoeken of de Vennootschappen aan de op hen rustende

jaarrekeningverplichtingen hebben voldaan en zal daaraan de passende

conclusies en, zo nodig, vervolgstappen verbinden.

1. Phitaal B.V.:

De voorlopige jaarrekening over boekjaar 2022 is tijdig gedeponeerd op

29-12-2023.

De voorlopige jaarrekening over boekjaar 2023 is gedeponeerd op 12-

02-2026

De voorlopige jaarrekening over boekjaar 2024 is gedeponeerd op 19-

02-2026

De jaarrekening over boekjaar 2025 is niet gedeponeerd.

1. Phitaal Holding B.V.:

De jaarrekening over boekjaar 2022 is niet gedeponeerd

De jaarrekening over boekjaar 2023 is niet gedeponeerd

De jaarrekening over boekjaar 2024 is niet gedeponeerd

De jaarrekening over boekjaar 2025 is niet gedeponeerd

1. Phitaal Business B.V.:

De jaarrekening over boekjaar 2022 is gedeponeerd op 31-12-2024.

De voorlopige jaarrekening over boekjaar 2023 is gedeponeerd op 13-

02-2026

De voorlopige jaarrekening over boekjaar 2024 is gedeponeerd op 17-

02-2026

De jaarrekening over boekjaar 2025 is niet gedeponeerd

1. Integrative Interventions Group B.V.:

De jaarrekening over boekjaar 2022 is gedeponeerd op 01-02-2024

De jaarrekening over boekjaar 2023 is gedeponeerd op 12-02-2026

De voorlopige jaarrekening over boekjaar 2024 is gedeponeerd op 19-

02-2026

De jaarrekening over boekjaar 2025 is niet gedeponeerd.

1. Het Rughuis Amsterdam B.V.:

De jaarrekening over boekjaar 2022 is gedeponeerd op 03-10-2024

De voorlopige jaarrekening over boekjaar 2023 is gedeponeerd op 17-

02-2026

De jaarrekening over boekjaar 2024 is niet gedeponeerd.

De jaarrekening over boekjaar 2025 is niet gedeponeerd.

1. Premium Healthcare Interventions (PHI) Amsterdam B.V.:

De jaarrekening over boekjaar 2022 is niet gedeponeerd.

De voorlopige jaarrekening over boekjaar 2023 is gedeponeerd op 13-

02-2026.

De voorlopige jaarrekening over boekjaar 2024 is tijdig gedeponeerd op

17-02-2026.

De jaarrekening over boekjaar 2025 is niet gedeponeerd.

1. Premium Healthcare Interventions (PHI) Utrecht B.V.:

De voorlopige jaarrekening over boekjaar 2022 is tijdig gedeponeerd op

29-12-2023

De voorlopige jaarrekening over boekjaar 2023 is gedeponeerd op 12-

7.3 Goedkeuringsverklaring accountant

7.4 Stortingsverplichting aandelen

7.5 Onbehoorlijk bestuur

7.6 Paulianeus handelen

02-2026

De voorlopige jaarrekening over boekjaar 2024 is gedeponeerd op 17-

02-2026

De jaarrekening over boekjaar 2025 is niet gedeponeerd.

Aan het niet tijdig deponeren van een jaarrekening verbindt de wet de

conclusie dat kennelijk onbehoorlijk bestuur vaststaat en vermoed wordt een

belangrijke oorzaak van het faillissement te zijn. Of kennelijk onbehoorlijk

bestuur in het geval van Phitaal c.s. een belangrijke oorzaak van het

faillissement kan zijn of dat daaraan andere, niet als kennelijk onbehoorlijk

bestuur kwalificerende oorzaken ten grondslag liggen, zal de curator in het

licht van de op hem rustende verplichting tot het onderzoeken van (onder

andere) de oorzaken van het faillissement moeten onderzoeken. Wanneer

daarover conclusies te trekken vallen zal hij daarover na ruggespraak met de

rechter-commissaris, verslag doen.

01-09-2026

2

De noodzaak tot een accountantsverklaring en diens beoordeling zullen nader

worden onderzocht.

22-04-2026

1

Er (b)lijkt in het geval van Phitaal c.s. een verplichting tot beoordeling en het

vergezellen van de te deponeren jaarrekeningen door

accountantsverklaringen te bestaan. De curator is in contact getreden met de

accountant aan wie het voor de verklaring noodzakelijke onderzoek in

opdracht was gegeven. Zodra dat in uitkomsten resulteert zal de curator die

met de rechter-commissaris delen en voor zover passend, daarover verslag

doen.

01-09-2026

2

De curator zal op een later moment per Vennootschap vaststellen of de bij

oprichting dan wel nadien uitgegeven aandelen zijn volgestort overeenkomstig

de daarop toepasselijke wettelijke en statutaire vereisten, met inachtneming

van het toepasselijke regime ten tijde van de oprichting van de desbetreffende

Vennootschap. Indien uit dat onderzoek mocht blijken dat niet of niet volledig

aan de volstortingsplicht is voldaan, zal de curator beoordelen of ter zake nog

een afdwingbare vordering tot volstorting bestaat dan wel of die vordering is

verjaard en zal hij de daaruit voortvloeiende vervolgacties – waaronder zo

nodig het inroepen van de volstortingsplicht jegens de aandeelhouder(s) – in

gang zetten.

22-04-2026

1

Vormt onderwerp van onderzoek. 01-09-2026

2

Toelichting

Zoals gebruikelijk zal de curator onderzoek verrichten naar de vraag of de

bestuurder(s) van Phitaal Groep zijn/hun taak behoorlijk heeft/hebben vervuld.

22-04-2026

1

7.6 Paulianeus handelen

7.7 Toelichting rechtmatigheid

7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid

8.1 Boedelvorderingen

In onderzoek

Toelichting

Zoals gebruikelijk zal de curator in een later stadium onderzoeken of er (in het

zicht van faillissement) onverplichte rechtshandelingen zijn verricht als gevolg

waarvan schuldeisers zijn benadeeld. Daarnaast zal de curator nagaan of er,

in het zicht van faillissement, schulden door Phitaal Groep aan derden zijn

voldaan terwijl deze derden wisten dat de surseance c.q. het faillissement van

de Phitaal Groep was aangevraagd, hetzij deze betalingen het gevolg zijn

geweest van overleg tussen Phitaal Groep enerzijds en derden anderzijds,

welk overleg ten doel had om derden door die betaling boven andere

schuldeisers te begunstigen.

22-04-2026

1

De curator maakt op een later moment een aanvang met het oorzaken- en

rechtmatigheidsonderzoek.

22-04-2026

1

De curator heeft de digitale administratie van Phitaal Groep, voor zover

mogelijk, laten veiligstellen. In de onderhavige verslagperiode worden de

thans nog niet veiliggestelde gegevens alsnog veiliggesteld.

22-04-2026

1

De administratie evenals bij diverse betrokkenen opgevraagde gegevens

vormen onderwerp van een zojuist gestart oriënterend onderzoek. Wanneer

daarover conclusies te trekken vallen, zal hij daarover na ruggespraak met

de rechter-commissaris, verslag worden gedaan wanneer passend.

01-09-2026

2

8. Crediteuren

€ 113.589,39

Toelichting

Salaris curator: p.m.

Vordering huurpenningen: EUR 111.998,63

Loonvordering: EUR 1.590,76

22-04-2026

1

€ 143.218,75

Toelichting

Salaris curator: p.m.

Vordering huurpenningen: EUR 124.279,11

UWV/Personeel, loonverplichtingen vanaf datum insolventie (3:288 sub e

BW): EUR 1.590,76

01-09-2026

2

8.2 Pref. vord. van de fiscus

8.3 Pref. vord. UWV

8.4 Andere pref. crediteuren

8.5 Aantal concurrente crediteuren

8.6 Bedrag concurrente crediteuren

Personeel niet-genoten vakantiedagen (3:288 sub e BW): EUR 17.161,87

Overige laag-preferente boedelverplichtingen (UWV): EUR 187,01

€ 5.041.030,50

22-04-2026

1

€ 5.047.639,50

01-09-2026

2

Toelichting

Nog niet ingediend

22-04-2026

1

Toelichting

Nog niet ingediend

01-09-2026

2

€ 41.698,50

Toelichting

EUR 238,02 (138 Waterschapswet)

EUR 41.460,48 (Loon c.a. (288, e)

22-04-2026

1

€ 64.912,42

Toelichting

EUR 238,02 (138 Waterschapswet)

EUR 41.460,48 (Loon c.a. (288, e)

01-09-2026

2

68

22-04-2026

1

84

01-09-2026

2

8.6 Bedrag concurrente crediteuren

8.7 Verwachte wijze van afwikkeling

8.8 Werkzaamheden crediteuren

9.1 Naam wederpartijen

9.2 Aard procedures

9.3 Stand procedures

9.4 Werkzaamheden procedures

€ 773.139,31

22-04-2026

1

€ 1.678.649,74

01-09-2026

2

Nog niet bekend. 22-04-2026

1

Aanschrijven crediteuren, opstellen crediteurenlijsten, controleren, plaatsen en

bevestigen vorderingen

22-04-2026

1

Aanschrijven crediteuren, opstellen crediteurenlijsten, controleren, plaatsen

en bevestigen vorderingen

01-09-2026

2

9. Procedures

Zie 1.2 22-04-2026

1

Zie 1.2 22-04-2026

1

Zie 1.2 22-04-2026

1

Zie 1.2 22-04-2026

1

10.1 Plan van aanpak

10.2 Termijn afwikkeling faillissement

10.3 Indiening volgend verslag

10.4 Werkzaamheden overig

Bijlagen

10. Overig

In de komende verslagperiode zal de curator, onder meer, de navolgende

activiteiten ter hand nemen:

Afrekening declaraties gedurende voortzetting sedert surseance tot en

met 14 april 2026 gerealiseerde zorgprestaties met zorgverzekeraars en

verrekening Bevoorschotting;

Voortzetten debiteurenincasso;

Afwikkeling verkoop activa, duurovereenkomsten, rechten van derden en

doorlopende kosten;

Beoordelen crediteurenposities;

Aanvang feiten- en oorzakenonderzoek.

22-04-2026

1

Het is nog niet bekend op welke wijze het faillissement afgewikkeld zal gaan

worden en of er een uitkering aan crediteuren zal volgen.

22-04-2026

1

1-12-2026 01-09-2026

2

Opstellen aanvangsverslag en financieel verslag. 22-04-2026

1

Opstellen vervolgverslag en financieel verslag. 01-09-2026

2

Bijlagen