Platte tekst van het verslag
Openbaar faillissementsverslag
rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)
Naam onderneming
Gegevens onderneming
Activiteiten onderneming
Financiële gegevens
Toelichting financiële gegevens
Betreft
Algemene gegevens
VT Verkerk Transport & Logistics B.V. 02-05-2018
8
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid VT Verkerk
Transport & Logistics B.V., statutair gevestigd te Alphen aan den Rijn en aldaar
kantoorhoudende aan de Eikenlaan 32-34.
02-05-2018
8
allround logistieke dienstverlening; goederenvervoer/transport over de weg
(nationaal en internationaal), distributie en warehousing.
02-05-2018
8
mr A.W. van Meegdenburg
Toelichting financiële gegevens
Gemiddeld aantal personeelsleden
Boedelsaldo
Het balanstotaal bedroeg volgens de jaarstukken per:
positief;
positief;
positief;
en volgens de uit de administratie verkregen conceptstukken per:
positief;
30 juni 2013 : € 5.350.294,--; eigen vermogen: € 1.124.532,-- positief.
02-05-2018
8
137
02-05-2018
8
€ 1.189.855,97
02-05-2018
8
€ 1.189.885,31
24-07-2018
9
€ 90.905,95
25-10-2018
10
€ 90.442,05
23-05-2019
11
€ 90.342,05
28-11-2019
12
€ 90.342,05
28-05-2020
13
€ 66.714,08
22-07-2021
14
€ 66.689,14
23-12-2021
15
€ 61.790,34
Toelichting
Deze verslagperiode is het actief verminderd door opname van tussentijds
vastgesteld salaris en verschotten van de curator.
23-06-2022
16
€ 67.125,34
Toelichting
Deze verslagperiode is het actief vermeerderd met een teruggave van de
Belastingdienst naar aanleiding van een tussentijdse aangifte boedel-BTW.
22-12-2022
17
€ 67.078,89
Toelichting
Deze verslagperiode is het actief vermeerderd met ontvangen bankrente en
verminderd met bankkosten ter zake het aanhouden van de boedelrekening.
22-06-2023
18
€ 67.078,89
Toelichting
Het actief is deze verslagperiode ongewijzigd.
21-12-2023
19
€ 62.037,12
Toelichting
Het actief is deze verslagperiode verminderd met opgenomen voorschot salaris
en verschotten curator, alsmede met bankkosten ter zake de boedelrekening.
Het actief is vermeerderd met ontvangen rente op de boedelrekening.
21-06-2024
20
€ 62.037,12
Toelichting
Het actief is deze verslagperiode niet gewijzigd.
23-12-2024
21
€ 62.973,10
Toelichting
Het actief is deze verslagperiode verminderd met bankkosten ter zake de
boedelrekening.
Het actief is vermeerderd met ontvangen rente op de boedel(spaar)rekening.
23-06-2025
22
€ 62.973,10
Toelichting
Het actief in deze verslagperiode is niet gewijzigd.
22-12-2025
23
€ 63.779,83
Toelichting
Het actief is deze verslagperiode verminderd met bankkosten ter zake de
boedelrekening.
Het actief is vermeerderd met ontvangen rente op de boedel(spaar)rekening.
22-06-2026
24
Verslagperiode
van
7-2-2018
t/m
1-5-2018
02-05-2018
8
van
2-5-2018
t/m
20-7-2018
24-07-2018
9
van
21-7-2018
t/m
24-10-2018
25-10-2018
10
van
25-10-2018
t/m
22-5-2019
23-05-2019
11
van
23-5-2019
t/m
27-11-2019
28-11-2019
12
van
28-11-2019
t/m
28-5-2020
28-05-2020
13
van
29-5-2020
t/m
22-7-2021
22-07-2021
14
van
23-7-2021
t/m
23-12-2021
23-12-2021
15
van
24-12-2021
t/m
22-6-2022
23-06-2022
16
van
23-6-2022
t/m
21-12-2022
22-12-2022
17
van
22-12-2022
t/m
21-6-2023
22-06-2023
18
van
22-6-2023
t/m
20-12-2023
21-12-2023
19
van
21-12-2023
t/m
20-6-2024
21-06-2024
20
van
21-6-2024
t/m
22-12-2024
23-12-2024
21
van
23-12-2024
t/m
22-6-2025
23-06-2025
22
van
23-6-2025
t/m
21-12-2025
22-12-2025
23
van 22-06-2026
Bestede uren
Toelichting bestede uren
22-12-2025
t/m
21-6-2026
24
VerslagperiodeBestede uren
Bestede uren verslagperiode 13:
F.J.H. Somers: 8,50 uur
M.P. van Eeden-van Harskamp: 0,50 uur
S. Barnhoorn: 0,17 uur
A. de Groot-Slagter: 14,33 uur
Bestede uren faillissementsperiode totaal:
mr. F.J.H. Somers: 398,55 uur;
mr. M.P. van Eeden-van Harskamp: 106,57 uur
mr. N.C. van Eck: 5,67 uur
mr. G.T. van der Meiden: 150,43 uur
mr. J.H.M. Spanjaard: 0,50 uur
mr. B. Niemeijer: 0,33 uur
mr. D.S. Volleberg: 57,42 uur
mr. P.B.J. van den Oord: 0,83 uur
Insolventieafdeling: 306,55 uur
02-05-2018
8
Toelichting
Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is
samengesteld, staan curatoren niet in voor de volledigheid en juistheid
daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet
beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of
achteraf - bijgesteld dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen
hebben voor de in dit verslag geschetste perspectieven voor de
crediteuren, zodat aan dit verslag geen rechten kunnen worden
ontleend.
Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het dertiende openbaar
verslag.
De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.
Bestede uren verslagperiode 14:
F.J.H. Somers: 5,25 uur
A. de Groot-Slagter: 2,78 uur
Bestede uren faillissementsperiode totaal:
mr. F.J.H. Somers: 404,35 uur
mr. M.P. van Eeden-van Harskamp: 106,57 uur
mr. N.C. van Eck: 5,67 uur
mr. G.T. van der Meiden: 150,43 uur
mr. J.H.M. Spanjaard: 0,50 uur
mr. B. Niemeijer: 0,33 uur
mr. D.S. Volleberg: 57,42 uur
mr. P.B.J. van den Oord: 0,83 uur
Insolventieafdeling: 309,83 uur
Toelichting
Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is
samengesteld, staan curatoren niet in voor de volledigheid en juistheid
daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet
beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of
achteraf - bijgesteld dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen
hebben voor de in dit verslag geschetste perspectieven voor de
crediteuren, zodat aan dit verslag geen rechten kunnen worden
ontleend.
Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het veertiende openbaar
verslag.
De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.
24-07-2018
9
Bestede uren verslagperiode 15:
F.J.H. Somers: 0,92 uur
A. de Groot-Slagter: 4,68 uur
Bestede uren faillissementsperiode totaal:
mr. F.J.H. Somers: 406,10uur
mr. M.P. van Eeden-van Harskamp: 106,57 uur
mr. N.C. van Eck: 5,67 uur
mr. G.T. van der Meiden: 150,43 uur
mr. J.H.M. Spanjaard: 0,50 uur
mr. B. Niemeijer: 0,33 uur
25-10-2018
10
mr. D.S. Volleberg: 57,42 uur
mr. P.B.J. van den Oord: 0,83 uur
Insolventieafdeling: 315,52 uur
Toelichting
Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is
samengesteld, staan curatoren niet in voor de volledigheid en juistheid
daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet
beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of
achteraf - bijgesteld dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen
hebben voor de in dit verslag geschetste perspectieven voor de
crediteuren, zodat aan dit verslag geen rechten kunnen worden
ontleend.
Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het vijftiende openbaar
verslag.
De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.
Bestede uren verslagperiode 16:
F.J.H. Somers: 4,75 uur
A. de Groot-Slagter: 1,83 uur
Bestede uren faillissementsperiode totaal:
mr. F.J.H. Somers: 412,60 uur
mr. M.P. van Eeden-van Harskamp: 106,57 uur
mr. N.C. van Eck: 5,67 uur
mr. G.T. van der Meiden: 150,43 uur
mr. J.H.M. Spanjaard: 0,50 uur
mr. B. Niemeijer: 0,33 uur
mr. D.S. Volleberg: 57,42 uur
mr. P.B.J. van den Oord: 0,83 uur
Insolventieafdeling: 318,35 uur
Toelichting
Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is
samengesteld, staan curatoren niet in voor de volledigheid en juistheid
daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet
beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of
achteraf - bijgesteld dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen
hebben voor de in dit verslag geschetste perspectieven voor de
crediteuren, zodat aan dit verslag geen rechten kunnen worden
ontleend.
Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het zestiende openbaar
verslag.
De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.
23-05-2019
11
Bestede uren verslagperiode 17:
F.J.H. Somers: 8,33 uur
A. de Groot-Slagter: 0,93 uur
Bestede uren faillissementsperiode totaal:
mr. F.J.H. Somers: 422,18 uur
mr. M.P. van Eeden-van Harskamp: 106,57 uur
mr. N.C. van Eck: 5,67 uur
mr. G.T. van der Meiden: 150,43 uur
28-11-2019
12
mr. J.H.M. Spanjaard: 0,50 uur
mr. B. Niemeijer: 0,33 uur
mr. D.S. Volleberg: 57,42 uur
mr. P.B.J. van den Oord: 0,83 uur
Insolventieafdeling: 319,28 uur
Toelichting
Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is
samengesteld, staan curatoren niet in voor de volledigheid en juistheid
daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet
beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of
achteraf - bijgesteld dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen
hebben voor de in dit verslag geschetste perspectieven voor de
crediteuren, zodat aan dit verslag geen rechten kunnen worden
ontleend.
Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het zeventiende openbaar
verslag.
De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.
Bestede uren verslagperiode 18:
mr. F.J.H. Somers: 3:11 uur
A. de Groot-Slagter: 2:16 uur
Bestede uren totaal
mr. F.J.H. Somers: 425,36 uur
mr. M.P. van Eeden-van Harskamp: 106,57 uur
mr. N.C. van Eck: 5,67 uur
mr. G.T. van der Meiden: 150,43 uur
mr. J.H.M. Spanjaard: 0,50 uur
mr. B. Niemeijer: 0,33 uur
mr. D.S. Volleberg: 57,42 uur
mr. P.B.J. van den Oord: 0,83 uur
Insolventieafdeling: 322,05 uur
Toelichting
Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is
samengesteld, staan curatoren niet in voor de volledigheid en juistheid
daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet
beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of
achteraf - bijgesteld dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen
hebben voor de in dit verslag geschetste perspectieven voor de
crediteuren, zodat aan dit verslag geen rechten kunnen worden
ontleend.
Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het achttiende openbaar
verslag.
De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.
28-05-2020
13
Bestede uren verslagperiode 19:
mr. F.J.H. Somers: 9:21 uur;
A. de Groot-Slagter: 2:10 uur;
Bestede uren totaal
mr. F.J.H. Somers: 434,71 uur
mr. M.P. van Eeden-van Harskamp: 106,57 uur
mr. N.C. van Eck: 5,67 uur
mr. G.T. van der Meiden: 150,43 uur
22-07-2021
14
mr. J.H.M. Spanjaard: 0,50 uur
mr. B. Niemeijer: 0,33 uur
mr. D.S. Volleberg: 57,42 uur
mr. P.B.J. van den Oord: 0,83 uur
Insolventieafdeling: 324,22 uur
Toelichting
Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is
samengesteld, staan curatoren niet in voor de volledigheid en juistheid
daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet
beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of
achteraf - bijgesteld dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen
hebben voor de in dit verslag geschetste perspectieven voor de
crediteuren, zodat aan dit verslag geen rechten kunnen worden
ontleend.
Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het negentiende openbaar
verslag.
De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.
Bestede uren verslagperiode 20:
mr. F.J.H. Somers: 0,50 uur;
A. de Groot-Slagtre: 0,50 uur.
Bestede uren totaal
mr. F.J.H. Somers: 435,21 uur
mr. M.P. van Eeden-van Harskamp: 106,57 uur
mr. N.C. van Eck: 5,67 uur
mr. G.T. van der Meiden: 150,43 uur
mr. J.H.M. Spanjaard: 0,50 uur
mr. B. Niemeijer: 0,33 uur
mr. D.S. Volleberg: 57,42 uur
mr. P.B.J. van den Oord: 0,83 uur
Insolventieafdeling: 324,72 uur
Toelichting
Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is
samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid
daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet
beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of
achteraf - bijgesteld dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen
hebben voor de in dit verslag geschetste perspectieven voor de
crediteuren, zodat aan dit verslag geen rechten kunnen worden
ontleend.
Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het twintigste openbaar
verslag.
De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.
23-12-2021
15
Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het eenentwintigste openbaar
verslag.
De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.
Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is
samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid
daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet
beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld dient
23-06-2022
16
te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag
geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen
rechten kunnen worden ontleend.
Totaal bestede uren tot en met 22 juni 2022/verslagperiode 21: 1088:40 uur
Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het tweeëntwintigste
openbaar verslag.
De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.
Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is
samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid
daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet
beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld dient
te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag
geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen
rechten kunnen worden ontleend.
Totaal bestede uren tot en met 21 december 2022/verslagperiode 22: 1092:16
uur
22-12-2022
17
Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het drieëntwintigste openbaar
verslag.
De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.
Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is
samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid
daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet
beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld dient
te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag
geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen
rechten kunnen worden ontleend.
Totaal bestede uren tot en met 21 juni 2023/verslagperiode 23: 1099:46 uur
22-06-2023
18
Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het vierentwintigste openbaar
verslag.
De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.
Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is
samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid
daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet
beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld dient
te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag
geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen
rechten kunnen worden ontleend.
Totaal bestede uren tot en met 20 december 2023/verslagperiode 24: 1102:28
uur
21-12-2023
19
Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het vijfentwintigste openbaar
verslag.
De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.
Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is
samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid
daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet
beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld dient
21-06-2024
20
te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag
geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen
rechten kunnen worden ontleend.
Totaal bestede uren tot en met 20 juni 2024/verslagperiode 25: 1106:16 uur.
Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het zesentwintigste openbaar
verslag.
De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.
Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is
samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid
daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet
beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld dient
te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag
geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen
rechten kunnen worden ontleend.
Totaal bestede uren tot en met 22 december 2024/verslagperiode 26: 1114:46
uur.
23-12-2024
21
Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het zevenentwintigste
openbaar verslag.
De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.
Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is
samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid
daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet
beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld dient
te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag
geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen
rechten kunnen worden ontleend.
Totaal bestede uren tot en met 22 juni 2025/verslagperiode 27: 1117:28 uur
23-06-2025
22
Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het achtentwintigste
openbaar verslag.
De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.
Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is
samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid
daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet
beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld dient
te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag
geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen
rechten kunnen worden ontleend.
Totaal bestede uren tot en met 21 december 2025/verslagperiode 28: 1121:10
uur
22-12-2025
23
Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het negenentwintigste
openbaar verslag.
De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.
Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is
samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid
daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet
beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld
22-06-2026
24
dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag
geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen
rechten kunnen worden ontleend.
Totaal bestede uren tot en met 21 juni 2026/verslagperiode 29: 1131:34 uur.
1.1 Directie en organisatie
1.2 Lopende procedures
1.3 Verzekeringen
1.4 Huur
1.5 Oorzaak faillissement
1. Inventarisatie
De onderneming van VT Verkerk Transport & Logistics B.V. (hierna: - Verkerk -
is blijkens de gegevens uit het Handelsregister van de Kamer van Koophandel
gestart in 1936. De activiteiten richten zich op logistieke dienstverlening,
bestaande uit wegtransport (nationaal en internationaal), distributie en
warehousing. De gefailleerde vennootschap is opgericht op 29 mei 1987.
Statutair bestuurder van Verkerk is de heer C. van Iperen (algemeen
directeur); de heer L. de Haan (administrateur) staat als gevolmachtigde
ingeschreven in het Handelsregister.
Het maatschappelijk kapitaal bedraagt € 226.890,00; het geplaatst en gestort
kapitaal beloopt € 45.378,00.
De aandelen van Verkerk worden gehouden door de besloten vennootschap
met beperkte aansprakelijkheid VDI Holding B.V., gevestigd te Alphen aan den
Rijn en aldaar kantoorhoudend aan de Einsteinweg 9-11. De besloten
vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Transver B.V., gevestigd te
Amsterdam, is statutair bestuurder van VDI Holding B.V.. De aandelen in VDI
Holding B.V. worden gehouden door Transver B.V. en C. van Iperen. Van
Transver B.V. is de heer R.J.M. Verdonkschot enig statutair bestuur en
aandeelhouder.
02-05-2018
8
Volgens de directie is daarvan geen sprake. Daarvan is de curator ook niet
gebleken.
Verwezen wordt naar het vermelde onder 9
02-05-2018
8
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018
8
Dit onderdeel is afgewikkeld. De curator verwijst naar het zesde verslag. 02-05-2018
8
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018
8
2.1 Aantal ten tijde van faillissement
2.2 Aantal in jaar voor faillissement
2.3 Ontslagaanzegging
2.4 Werkzaamheden personeel
3.1 Onroerende zaken
Toelichting onroerende zaken
3.2 Werkzaamheden onroerende zaken
3.3 Bedrijfsmiddelen
Toelichting bedrijfsmiddelen
3.4 Bodemvoorrecht fiscus
2. Personeel
Personeelsleden
137
Toelichting
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag.
02-05-2018
8
Toelichting
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag.
02-05-2018
8
Afgewikkeld. 02-05-2018
8
3. Activa
Daarvan is geen sprake. 02-05-2018
8
Niet van toepassing. 02-05-2018
8
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018
8
3.4 Bodemvoorrecht fiscus
3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen
3.6 Voorraden / onderhanden werk
Toelichting voorraden / onderhanden werk
3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk
3.8 Andere activa
Toelichting andere activa
3.9 Werkzaamheden andere activa
De Belastingdienst is bevoorrecht op de opbrengst van de bodemzaken
(inventaris) ex art. 21 Inv.wet 1990. De curator zal de opbrengst daarvan ex
art. 57 lid 3 Fw opeisen. De verkoop van de bodemzaken moet nog
plaatsvinden. Aangezien de vordering van de pandhoudster is voldaan (zie
hierna onder 5), is art. 57 lid 3 Fw niet meer aan de orde.
02-05-2018
8
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018
8
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018
8
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018
8
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het zesde verslag. 02-05-2018
8
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het zesde verslag. 02-05-2018
8
4.1 Debiteuren
Toelichting debiteuren
4.2 Werkzaamheden debiteuren
5.1 Vordering van bank(en)
4. Debiteuren
BeschrijvingOmvangOpbrengst Boedelbijdr.
€ 1.512.857,49
De debiteurenincasso is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde
verslag.
02-05-2018
8
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018
8
5. Bank / Zekerheden
€ 1.598.808,61
Toelichting vordering van bank(en)
De vordering van de financier van Verkerk, F. van Lanschot Bankiers N.V.,
beliep per datum surseanceaanvraag € 1.598.808,61. Het betreft een
gezamenlijke kredietfaciliteit (met hoofdelijke aansprakelijkheid) ten name van
Verkerk en haar aandeelhoudster VDI Holding B.V.
De bank heeft bij brief van 21 oktober 2013 het krediet aan deze
vennootschappen opgezegd, zulks naar aanleiding van de mededeling van de
bestuurder van Verkerk dat het faillissement van Verkerk was aangevraagd.
Uit het meest recente bankafschrift (stand per 21 november 2013) blijken de
volgende bankstanden:
VDI Holding B.V.: -€ 926.722,07
Verkerk: € 808.695,82,
op basis waarvan de vordering uit hoofde van verleend krediet thans nog
per saldo € 118.026,25 beloopt. De curator zal nog nader onderzoek
verrichten naar de totstandkoming van het krediet en de mogelijke
regresvordering in dat kader van Verkerk op VDI Holding B.V.
Dit onderzoek loopt nog. De curator streeft ernaar het onderzoek in de
komende verslagperiode af te ronden.
De curator heeft geconstateerd dat de gefailleerde vennootschap inmiddels
een (regres) vordering heeft gekregen op haar aandeelhoudster VDI Holding
B.V. van € 744.020,00, doordat Van Lanschot het positieve saldo van de
bankrekening van Verkerk (dat met name het gevolg was van de
02-05-2018
8
debiteurenincasso na faillietverklaring) heeft verrekend met het negatieve
saldo van de bankrekening van VDI Holding.
De curator voert overleg met VDI Holding B.V. over een mogelijke regeling.
VDI Holding B.V. heeft - via haar accountant - aanvankelijk erkend dat de
boedel van Verkerk een vordering ad ca € 744.000,-- heeft op VDI Holding B.V.
Later is VDI Holding B.V. op die erkenning teruggekomen en heeft zij de stelling
ingenomen dat er tegenvorderingen zouden zijn. Rechtsmaatregelen tegen
VDI Holding B.V. worden overwogen.
Met machtiging van de rechter-commissaris heeft de curator de Rechtbank Den
Haag verzocht VDI Holding B.V. in staat van faillissement te verklaren. Bij
vonnis van 8 maart 2016 heeft de Rechtbank VDI Holding B.V. in staat van
faillissement verklaard, met benoeming van mr. J.C. Dorrepaal tot curator. De
curator heeft overleg gehad met mr. Dorrepaal en wacht diens berichten over
de toestand van de boedel van VDI Holding B.V
Daarnaast is volgens de administratie van Verkerk sprake van een door F. van
Lanschot Bankiers N.V. aan de verhuurder van de bedrijfsruimte aan de
Eikenlaan te Alphen aan den Rijn verstrekte bankgarantie ten belope van €
185.930,50. De curator zal dit ook nog nader onderzoeken.
De verhuurder heeft inmiddels een gedeelte van deze bankgarantie
ingeroepen voor haar concurrente vordering ter zake achterstallige
huurpenningen over de periode 1 tot en met 22 oktober 2013 ad € 47.964,48.
De verhuurder heeft inmiddels de volledige bankgarantieingeroepen voor haar
vordering; thans heeft de verhuurder nog een restantvordering (deels
boedelvordering, deels concurrente vordering).
Ten slotte wordt nog opgemerkt dat indien de beoogde deal inzake de
aankoop van 19 bakwagens met de doorstarter in verband met de overname
van het dedicated transport vaneen grote klant van Verkerk, zoals verwacht,
door gaat (zie hiervoor onder 3), de schuld met € 354.350,00 zal afnemen en
de bank dan, naar verwachting, volledig voldaan zal zijn, indien de
uitgewonnen zekerheden rechtsgeldig zijn gevestigd, en de (meer)opbrengst
van de daarna uitgewonnen zekerheden (waaronder de debiteuren) aan de
boedel toekomt.
De bank heeft inmiddels aan de curator bevestigd dat haar vordering is
voldaan.
De curator is nog in afwachting van de eindafrekening onder meer terzake
rente en kosten. De curator heeft deze inmiddels ontvangen.
De curator van VDI Holding onderzoekt (in overleg met de curator van Verkerk)
of Transver Holding B.V. op basis van de door haar met VDI Holding gesloten
managemenovereenkomst in de periode die eind 2013 eindigt, een
onevenredig hoge management-fee heeft ontvangen.
Tevens onderzoekt de curator of er voor VDI Holding gronden voor
bestuurdersaansprakelijkheid bestaan. Met machtiging van de rechter-
commissaris is door de boedel van Verkerk B.V. een lening verstrekt aan de
boedel van VDI Holding ter bestrijding van de kosten van even bedoeld
onderzoek.
Het onderzoek dat de curator van VDI Holding heeft ingesteld, is recent
afgerond. De curator van VDI Holding zal Transver B.V. en haar bestuurder
Verdonkschot aanspreken en zo nodig dagvaarden tot terugbetaling van de
managementfee over het derde kwartaal 2013 ad € 20.183,48 (excl. BTW en
rente en kosten).
De curator van VDI Holding heeft - met machtiging van de rechter-commissaris -
een vaststellingsovereenkomst gesloten met Transver B.V. en haar bestuurder
5.2 Leasecontracten
5.3 Beschrijving zekerheden
5.4 Separatistenpositie
5.5 Eigendomsvoorbehoud
5.6 Retentierechten
5.7 Reclamerechten
5.8 Boedelbijdragen
5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden
dient te voldoen aan de curator van VDI Holding. De financiële afwikkeling
wordt in de loop van de komende verslagperiode verwacht.
De curator van VDI Holding heeft het faillissement voorgedragen voor opheffing
bij gebrek aan baten (art. 16 Fw.). Verwacht wordt dat in de komende
verslagperiode een gedeelte van de door de boedel van Verkerk B.V.
verstrekte lening zal worden terugbetaald.
In de afgelopen verslagperiode heeft de curator van VDI Holding een bedrag
ad € 17.437,35 terugbetaald aan de boedel van Verkerk (in mindering op de
door de boedel van Verkerk verstrekte geldlening). Daarmee is dit item
afgewikkeld.
Toelichting vordering van bank(en)
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het 14e verslag.
25-10-2018
10
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018
8
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018
8
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018
8
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018
8
Daarvan is geen sprake. 02-05-2018
8
Daarvan is niet gebleken. 02-05-2018
8
5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden
6.1 Exploitatie / zekerheden
6.2 Financiële verslaglegging
6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming
6.4 Beschrijving
6.5 Verantwoording
6.6 Opbrengst
6.7 Boedelbijdrage
Niet meer van toepassing. 02-05-2018
8
6. Voortzetten / doorstart onderneming
Voortzetten onderneming
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018
8
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het zevende verslag. 02-05-2018
8
Niet meer van toepassing. 02-05-2018
8
Doorstarten onderneming
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018
8
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018
8
Toelichting
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het zesde verslag.
02-05-2018
8
6.7 Boedelbijdrage
6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming
7.1 Boekhoudplicht
7.2 Depot jaarrekeningen
7.3 Goedkeuringsverklaring accountant
7.4 Stortingsverplichting aandelen
7.5 Onbehoorlijk bestuur
7.6 Paulianeus handelen
Toelichting
De pandhoudsters hebben aan de curator boedelbijdragen voldaan ter zake
de verkoop van de activa. Verwezen wordt naar het vermelde onder 3.
02-05-2018
8
Niet meer van toepassing. 02-05-2018
8
7. Rechtmatigheid
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018
8
boekjaar 2011: gedeponeerd op 8 januari 2013, mitsdien tijdig;
boekjaar 2010: gedeponeerd op 3 juni 2011, mitsdien tijdig;
boekjaar 2009: gedeponeerd op 30 augustus 2010, mitsdien tijdig
02-05-2018
8
Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018
8
Aangezien gefailleerde is opgericht op 29 mei 1987, is een eventuele vordering
uit hoofde van volstortingsverplichting aandelen (art. 2:193 BW) verjaard op
grond van het arrest van de Hoge Raad d.d. 17 oktober 2003 (art. 3:307 lid 1
BW).
02-05-2018
8
Nee
Toelichting
Dit onderzoek is afgerond. Van onbehoorlijk bestuur is niet gebleken.
02-05-2018
8
7.6 Paulianeus handelen
7.7 Toelichting rechtmatigheid
7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid
8.1 Boedelvorderingen
Nee
Toelichting
Dit onderzoek is afgerond. Van paulianeus handelen is niet gebleken.
02-05-2018
8
Niet meer van toepassing. 02-05-2018
8
8. Crediteuren
Toelichting
Verslagen 1 t/m 12
salaris en kosten bewindvoerder en curator tot en met 15 november 2017:
€ 289.301,16 (voldaan);
taxatiekosten: € 4.537,50 (voldaan);
kosten onderzoek: € 14.121,77 (voldaan);
huur vanaf datum surseance: € 223.905,55 is ingediend door de verhuurder
van de bedrijfsruimte aan de Einsteinweg in Alphen aan den Rijn die ook
nog
vergoeding van enige schade vordert die ontstaan is bij gelegenheid van de
ontruiming van het gehuurde (voldaan);
restant vordering inzake huur Eikenlaan: € 101.000,00 (voldaan);
UWV inzake opzegtermijn: € 649.523,11 (voldaan);
kosten van verbruikte zaken en gebruikte faciliteiten in verband met of door
de bewindvoerder, later curator aan derden verstrekte opdrachten vanaf
(voldaan);
(voldaan);
lease vanaf datum surseance: € 837,00 (voldaan);
Voor het overige wordt verwezen naar het financieel verslag bij openbaar
verslag 13.
02-05-2018
8
Toelichting
Verwezen wordt naar het financieel verslag bij openbaar verslag 16.
23-05-2019
11
Toelichting
Verwezen wordt naar het financieel verslag bij openbaar verslag 18.
28-05-2020
13
8.2 Pref. vord. van de fiscus
8.3 Pref. vord. UWV
Toelichting
Verwezen wordt naar het financieel verslag bij openbaar verslag 20.
23-12-2021
15
Toelichting
Verwezen wordt naar het financieel verslag bij openbaar verslag 21.
23-06-2022
16
€ 870.109,00
Toelichting
ingediend,
gespecificeerd als volgt:
€ 471.310,00 omzetbelasting (na honorering bezwaar tegen ambtshalve
aanslag OB 4e kwartaal 2013);
€ 308.410,00 loonbelasting;
€ 11.541,00 motorrijtuigenbelasting;
belasting eurovignet: € 4.261,00;
omzetbelasting ex art. 29, lid 2 Wet OB ad € 74.587,00.
02-05-2018
8
€ 0,00
Toelichting
De totale vordering van de fiscus is op basis van de eerste goedgekeurde
uitdelingslijst volledig voldaan. Voorts heeft afdracht van de boedel-BTW over
de periode 31 oktober 2013 tot en met 15 oktober 2018 plaatsgevonden.
25-10-2018
10
€ 0,00
Toelichting
De totale vordering van de fiscus is op basis van de eerste goedgekeurde
uitdelingslijst volledig voldaan. Voorts heeft afdracht van de boedel-BTW over
de periode 31 oktober 2013 tot en met 30 april 2022 plaatsgevonden.
22-12-2022
17
8.3 Pref. vord. UWV
8.4 Andere pref. crediteuren
8.5 Aantal concurrente crediteuren
8.6 Bedrag concurrente crediteuren
8.7 Verwachte wijze van afwikkeling
€ 322.548,49
Toelichting
UWV heeft bij brief van 28 mei 2014 de navolgende preferente vorderingen
ingediend:
loonvordering ex art. 3:288 sub e BW: € 277.723,04;
premievordering ex art. 66 lid 3 WW: € 44.825,45.
02-05-2018
8
€ 227.723,04
Toelichting
De premievordering van UWV ad € 44.825,45 is op basis van de eerste
goedgekeurde uitdelingslijst volledig voldaan. Terzake van de loonvordering is
aan UWV op basis van de eerste goedgekeurde uitdelingslijst een bedrag ad €
50.000,00 voldaan.
25-10-2018
10
€ 1.391,44
Toelichting
BP heeft een preferente vordering ad € 1.391,44 ingediend ter zake accijns.
02-05-2018
8
€ 0,00
Toelichting
De vordering van BP is op basis van de eerste goedgekeurde uitdelingslijst
volledig voldaan.
25-10-2018
10
113
02-05-2018
8
€ 971.935,92
02-05-2018
8
De curator onderzoekt of het in het belang van de boedel is deel te nemen aan
gezamenlijke actie tegen Europese truckfabrikanten, aan welke in de zomer
van 2016 een boete van circa € 2,9 miljard is opgelegd door de Europese
Commissie in verband met verboden prijsafspraken en andere verboden
gedragingen in de periode van 1997 tot 2011. Vaststaat dat Verkerk in de
betreffende periode trucks van de betreffende merken heeft afgenomen.
De curator heeft nadere informatie van een advocatenkantoor dat een
02-05-2018
8
gezamenlijke actie van de partijen die schade hebben geleden, voorbereidt,
ontvangen over de route die gevolgd zal moeten worden om daadwerkelijke
vergoeding van de betreffende truckfabrikanten te verkrijgen, alsmede over de
te verwachten hoogte van de schadevergoeding en de duur van een te voeren
procedure. Verwacht wordt dat in de komende verslagperiode in overleg met
de rechter-commissaris kan worden beslist of de boedel van Verkerk B.V.
deelneemt aan de gezamenlijke actie van de gedupeerde
transportondernemers.
In overleg met en met goedvinden van de rechter-commissaris is besloten dat
de boedel van Verkerk zal deelnemen aan de gezamenlijke actie tegen de
betreffende Europese truckfabrikanten.
In dat kader zal de boedel van Verkerk haar vordering ter zake cederen aan
een derde partij (SPV) die daarna de procedure tegen de Europese
truckfabrikanten zal starten.
Uit de jaarrekening van gefailleerde blijkt dat het gaat om tenminste ca 100
trucks die door gefailleerde zijn aangekocht in de referentieperiode. Verwacht
wordt dat de procedure tegen de truckfabrikanten in de eerste helft van 2018
zal worden gestart en naar verwachting enkele jaren kan duren, tenzij eerder
een regeling in der minne wordt getroffen. Indien de zaak winnend wordt
afgesloten, zal een percentage van de opbrengst als succes-fee aan de boedel
van Verkerk in rekening worden gebracht. Ingeval van afwijzing van de
schadeclaim zullen geen kosten aan de boedel van Verkerk in rekening worden
gebracht.
Indien deze actie een substantieel positief resultaat oplevert, kan ook aan
concurrente crediteuren een uitkering worden gedaan. Omdat mogelijk een
uitkering aan concurrente crediteuren kan plaatsvinden, is in overleg met de
rechter-commissaris besloten een verificatievergadering te houden, zodat de
hoogte van schuldvorderingen van alle faillissementscrediteuren kan worden
vastgesteld en te zijner tijd geenverificatie meer nodig is, indien tot een
uitkering aan concurrente crediteuren kan worden gekomen. Indien deze
schadeclaim per saldo niets voor de boedel oplevert, zullen concurrente
crediteuren geen uitkering uit de boedel van Verkerk ontvangen.
Deze verificatievergadering heeft plaatsgevonden op 27 maart 2018.
In de afgelopen verslagperiode heeft cessie van de vordering aan de derde
partij (NL Truckkartel B.V.) plaatsgevonden. De advocaten van NL Truckkartel
B.V. verwachten dat de procedure tegen de betreffende truckfabrikanten
binnen enkele maanden gestart zal worden.
De curator is doende zoveel mogelijk gegevens die relevant zijn voor de
schadeclaim van gefailleerde, met hulp van de voormalig administrateur van
gefailleerde, te achterhalen.
Uitkering aan de geverifieerde preferente crediteuren zal na goedkeuring van
de recent gedeponeerde uitdelingslijst zoveel mogelijk plaatsvinden. De
vorderingen van de Belastingdienst en BP Nederland B.V. zullen dan geheel
worden voldaan; de premievordering van UWV wordt eveneens geheel
voldaan, terwijl UWV terzake van haar loonvordering een eerste uitkering van
18% ontvangt.
24-07-2018
9
Tijdens de verslagperiode heeft uitbetaling conform de goedgekeurde
uitdelingslijst plaatsgevonden.
De vordering van de Belastingdienst is geheel voldaan. Tevens heeft afdracht
plaatsgevonden van de boedel-BTW over de periode tot oktober 2018.
De premievordering van het UWV is geheel voldaan. Ter zake van haar
loonvordering is een eerste uitkering van € 50.000,00 aan UWV gedaan.
25-10-2018
10
De preferente vordering van BP is eveneens volledig betaald.
Concurrente crediteuren hebben op basis van de eerste uitdeling geen
uitkering ontvangen.
In het kader van de truckkartelclaim wordt het onderzoek in de boekhouding
van gefailleerde voortgezet. Gepoogd wordt zoveel mogelijk financiële
gegevens met betrekking tot het "relevante" wagenpark van gefailleerde te
verzamelen over de referentieperiode (1997 tot 2011). Daartoe wordt de
thans nog voorhanden administratie van gefailleerde
met hulp van de voormalig administrateur van gefailleerde - verder
onderzocht. Verwacht wordt dat de dagvaarding van de betrokken
fabrikanten na het gereedkomen van het schaderapport van de door de
advocaten van de transportondernemingen ingeschakelde economische
experts nog dit jaar zal worden uitgebracht.
Bij de Rechtbank Amsterdam is momenteel een procedure aanhangig tussen
NLtruckkartel B.V. en 21 andere eisende partijen enerzijds en 15 gedaagde
truckfabrikanten anderzijds. Het onderwerp van deze procedure is – in dit
stadium van het geding – beperkt tot de vraag welke feiten de eisende
partijen – met name de zgn. "claim vehicles" waaronder NLtruckkartel waaraan
de schadeclaims zijn overgedragen – moeten stellen (en bewijzen) om de
Rechtbank ertoe te brengen bij vonnis vast te stellen dat de truckfabrikanten
aansprakelijk zijn in verband met de overtreding van het Unierechtelijke
kartelverbod en de zaak daarna te verwijzen naar een zgn.
schadestaatprocedure, waarin de toe te wijzen schadevergoeding wordt
vastgesteld.
In haar tussenvonnis van 15 mei 2019 heeft de Rechtbank Amsterdam
geoordeeld dat de grondslag van de aansprakelijkheid van de truckfabrikanten
in de zgn. hoofdprocedure aan de orde moet komen en daarin moet worden
vastgesteld. Voor verwijzing naar de schadestaatprocedure zullen de
claimanten, onder wie NLtruckkartel, gespecificeerd en concreet moeten
aangeven welke vrachtauto’s gekocht, gehuurd of geleased zijn. De Rechtbank
heeft daarbij opgemerkt dat zij in dit stadium van het geding niet zal aangeven
hoe, en onderbouwd met welke documenten, de schadeclaims ingediend
moeten worden. Daarbij heeft de Rechtbank overwogen dat zij zich kan
voorstellen dat niet van alle vrachtwagens die in de kartelperiode of de zgn.
na-ijlperiode zijn gekocht, gehuurd, geleased of anderszins gebruikt, nog alle
informatie en documentatie voorhanden is. De Rechtbank heeft de zaak
verwezen naar de rol van 18 september 2019 om de eisende partijen in de
gelegenheid te stellen conform het bepaalde in het vonnis stukken ter
onderbouwing van hun vordering in het geding te brengen.
Een separate dagvaarding van NLtruckkartel waarbij de betreffende
truckfabrikanten gedagvaard worden en waarbij schadevergoeding, op te
maken bij staat, wordt gevorderd, is in voorbereiding.
23-05-2019
11
In de week van 15 juli 2019 is op verzoek van NLtruckkartel de dagvaarding
betekend aan de gedaagde truckfabrikanten.
In de dagvaarding wordt uitvoerig toegelicht dat en waarom de gedagvaarde
(Nederlandse en buitenlandse) partijen die een kartel hebben gevormd,
hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de kartelschade, die onder meer door Verkerk
is geleden.
In de dagvaarding wordt melding gemaakt van de betreffende besluiten van
de Europese Commissie en de consequenties daarvan voor de onderhavige
zaak. Tevens wordt gemotiveerd waarom de rechter in casu (ook) Nederlands
recht zal moeten toepassen. In dat kader wordt ook ingegaan op de artikelen
6:193k BW tot en met 6:193t BW (schending van mededingingsrecht), welke
artikelen bij wet van 25 januari 2017 ter implementatie van de betreffende
28-11-2019
12
richtlijn zijn vastgesteld.
In de dagvaarding wordt geconcludeerd dat aan alle vereisten voor
aansprakelijkheid zowel naar EU-recht, als op grond van het toepasselijk
Nederlands recht is voldaan.
Ter rolle van de rechtbank Amsterdam van 29 januari 2020 zullen namens
NLtruckkartel zoveel mogelijk bewijsstukken in het geding worden gebracht ter
onderbouwing van de schade die geclaimd wordt. De procedure wordt daarna
voortgezet.
De dagvaarding die mede namens Verkerk bij de Rechtbank Amsterdam is
aangebracht, maakt deel uit van de in totaliteit 20 dagvaardingen die de
advocaten van NLtruckkartel B.V. en Verkerk bij de Rechtbank Amsterdam
hebben aangebracht in vergelijkbare zaken. De Rechtbank Amsterdam zal deze
zaak in drie rondes behandelen.
In de eerste ronde moeten de truckfabrikanten de conclusie van antwoord eind
juni 2020 indienen en daarbij alle verweren aanvoeren. In deze zaken vindt
eind november 2020 een mondelinge behandeling plaats.
De zaak van Verkerk maakt deel uit van de tweede ronde. De truckfabrikanten
moeten voor de tweede ronde de conclusie van antwoord eind juni 2021
indienen.
28-05-2020
13
Verslag 14
De Rechtbank Amsterdam heeft op 12 mei 2021 in de rechtszaken uit de eerste
ronde een vonnis gewezen, waarbij een aantal knopen veelal in het voordeel
van de eisende partijen zijn doorgehakt. Dit vonnis is gepubliceerd onder
ECL:NL:RBAMS:2021:2391, te vinden op Rechtspraak.nl.
De belangrijkste beslissingen die de rechtbank heeft genomen, zijn de
volgende.
Uitgangspunt voor de beoordeling van de aan de rechtbank voorgelegde
vorderingen is het Boetebesluit van de Europese Commissie van 19 juli 2016.
Feiten die de truckfabrikanten in het kader van de procedure die geleid heeft
tot het Boetebesluit van de Europese Commissie van 19 juli 2016 hebben
erkend, kunnen zij nu niet meer betwisten.
De rechtbank gaat uit van de door de Europese Commissie vastgestelde
inbreuken. Deze zal de rechtbank verder inkleuren in het kader van de
geclaimde schade.
Het betoog van de vrachtwagenfabrikanten dat uitgesloten is dat de door de
Europese Commissie vastgestelde inbreuken tot enige schade hebben geleid,
wordt door de rechtbank verworpen.
Het door de eisende partijen ingebrachte rapport van Harrington & Schinkel
vindt de rechtbank concludent en overtuigend. Volgens dat rapport is sprake
van een nieuw soort kartel en is de theorie van Harrington & Schinkel dat de
lagere schakels in de distributieketen, die niets wisten van de afspraken over
bruto lijstprijzen en de informatie-uitwisseling van bruto lijstprijzen, de bruto
lijstprijzen als kostprijs hebben gezien, volgens de rechtbank overtuigend.
Iedere partij zal aannemelijk moeten maken dat zij schade heeft geleden.
De uitspraak van de rechtbank Amsterdam wordt door NL.truckkartel
gekwalificeerd als een vernietigende procedurele nederlaag voor de
vrachtwagenfabrikanten.
Zoals aangegeven, maakt de zaak van Verkerk deel uit van de tweede ronde.
Recent heeft de rechtbank aan de truckfabrikanten in de tweede ronde uitstel
verleend voor het indienen van de conclusie van antwoord tot oktober 2021 en
meegedeeld dat in deze zaak in 2021 geen zittingen zullen zijn. Volgens de
rechtbank leidt dit op zichzelf niet tot enige vertraging. De lopende procedures
zullen dus worden voortgezet.
Betrokken advocaten achten het mogelijk dat in de loop van 2022
22-07-2021
14
schikkingsonderhandelingen op gang komen, mede omdat dan in verband met
afgelopen verjaringstermijnen meer duidelijkheid bestaat over de totale
omvang van de door de eisende partijen gevorderde schade.
Verslag 15
Op 13 oktober 2021 hebben de truckfabrikanten de conclusies van antwoord
ingediend in de rechtszaken uit de tweede ronde waar gefailleerde belang bij
heeft.
De conclusies wijken volgens de advocaten van NLtruckkartel B.V. slechts in
beperkte mate af van de conclusies van antwoord die in de eerdere
procedures door de truckfabrikanten werden ingediend. Aan eisers - onder
andere NLtruckkartel - zal de gelegenheid worden geboden op deze conclusies
te reageren.
Op 15 september 2022 zal de rechtbank Amsterdam een hoorzitting houden in
de zojuist bedoelde zaken.
Op 2 februari 2022 zal het Europese Gerecht in Luxemburg beslissen of het
besluit van de Europese Commissie tegen Scania in 2017 waarbij Scania
beboet werd voor de participatie in het vrachtwagenkartel, in stand blijft.
23-12-2021
15
Verslag 21:
Op 29 maart 2022 heeft er een hoorzitting plaatsgevonden bij de Rechtbank
Amsterdam met betrekking tot de eerst golf van procedures van claimanten
voor wie de dagvaarding al in 2018 is ingediend. Hoewel deze zitting
plaatsvond in de procedure voor de "eerste golf" zaken is deze desalniettemin
van belang voor partijen in alle procedures.
De Rechtbank Amsterdam heeft aangekondigd dat het op 13 juli 2022
uitspraak zal doen in de eerste golf van procedures. De uitspraak zal naar
verwachting betrekking hebben op (i) de geldigheid van de onderliggende
cessies; (ii) de toepasselijkheid van het Nederlandse regime voor collectieve
acties op deze vorderingen; en (iii) het toepasselijk recht.
Op 2 februari 2022 verwierp het Gerecht van de EU Scania's beroep en de
boete van de Europese Commissie wordt gehandhaafd. Scania betwist dat er
pan-Europese prijsafspraken met andere vrachtwagenfabrikanten zijn
gemaakt. Scania heeft beroep tegen deze uitspraak ingesteld bij het Hof van
Justitie van de EU.
23-06-2022
16
Verslag 22:
Op 27 juli 2022 heeft de Rechtbank Amsterdam in de "eerste golf" zaken
uitspraak gedaan over de ontvankelijkheid van NLtruckkartel, de
rechtsgeldigheid van de cessie-overeenkomsten van NLtruckkartel en het
toepasselijk recht op de vorderingen. De Rechtbank Amsterdam wees daarbij
alle verweren van de truckfabrikanten af.
De zitting die voor 13 en 14 september 2022 gepland was, is geannuleerd
vanwege ziekte van de voorzitter. Omdat op korte termijn geen ruimte in de
agenda beschikbaar was om een nieuwe zitting te plannen, zijn partijen
gevraagd schriftelijk stukken in te dienen met hun standpunten over de
onderwerpen die tijdens de zitting besproken zouden worden.
De claimanten (waaronder NLtruckkartel B.V.) moeten vóór 16 november 2022
een schriftelijk stuk indienen. De vrachtwagenfabrikanten hebben tot 28
december 2022 om hun antwoord in te dienen.
Na deze ronde wil de Rechtbank in overleg met partijen bezien hoe de
procedure verder zal verlopen.
De voorlopige planning luidt dat in 2023 en 2024 zal worden geprocedeerd
voordat een eindoordeel kan worden gegeven.
22-12-2022
17
Verslag 23:
Op 19 en 20 april 2023 heeft bij de Rechtbank Amsterdam een inhoudelijke
zitting plaatsgevonden in de "eerste golf" van vorderingen tegen de
vrachtwagenfabrikanten. De verwachting is dat de Rechtbank in het najaar van
2023 een uitspraak doet naar aanleiding van deze zitting. Deze uitspraak zal
ook van belang zijn in de "tweede golf" van vorderingen, welke van toepassing
is in het onderhavige faillissement.
In deze golf stond er voor 7 juni 2023 een hoorzitting gepland. Deze
hoorzitting is gehouden na een schriftelijke ronde van partijen. De rechtbank
Amsterdam heeft deze keuze gemaakt, omdat een in september 2022
geplande zitting was geannuleerd wegens ziekte van de voorzitter. De
rechtbank heeft de zaak geagendeerd voor een vervolg 28 juni 2023, waarbij
partijen zich mogelijk moeten uitlaten over de vraag of er prejudiciële vragen
aan de Hoge Raad moeten worden gesteld over het toepasselijke recht.
Voorts is de verwachting dat in 2024 een definitieve uitspraak zal worden
gegeven over de aansprakelijkheid van de vrachtwagenfabrikanten. Als die
uitspraak is gegeven, kan mogelijk de volgende fase van de procedure ingaan,
namelijk het eventueel kwantificeren van de schade.
22-06-2023
18
Verslag 24:
Op 13 september 2023 heeft de Rechtbank Amsterdam tussenvonnis gewezen
waarin zij:
heeft bevestigd dat de procedure zal worden aangehouden totdat de
Hoge Raad heeft gereageerd op de prejudiciële vragen;
een concept van de prejudiciële vragen heeft gedeeld met partijen, die
tot 11 oktober 2023 de tijd hebben om hierop te reageren.
Op 8 november 2023 heeft de Rechtbank Amsterdam een vonnis gewezen met
betrekking tot de inhoud van de prejudiciële vragen die aan de Hoge Raad
worden gesteld. De Rechtbank heeft daarbij rekening gehouden met een
aantal belangrijke opmerkingen die de claimanten hebben geplaatst bij de
voorgenomen vragen en deze verwerkt in een definitieve versie.
De procedure bij de Hoge Raad is gestart. de prejudiciële vragen die gesteld
zijn aan de Hoge Raad zien op de uitleg van Europese wetgeving omtrent
schadeveroorzakende gebeurtenissen en de interpretatie van het
toepasselijke recht daarop. De verwachting bestaat dat de procedure bij de
Hoge Raad tot 12 maanden in beslag nemen, mits de Hoge Raad geen advies
wenst in te winnen bij het Europese Hof van Justitie.
Op 14 februari 2024 zal de Rechtbank Amsterdam een beslissing nemen over
de voortzetting van de procedure.
21-12-2023
19
Verslag 25:
Op 1 februari 2024 heeft het Europees Hof van Justitie het beroep van
truckfabrikant Scania afgewezen. De uitspraak van het Europees Hof van
Justitie is definitief en Scania's betrokkenheid bij het kartel is daarmee
bevestigd.
Op 13 maart 2024 heeft de Rechtbank Amsterdam een beslissing genomen in
de groep van truckprocedures. In haar beslissing heeft de Rechtbank
vervolgstappen kenbaar gemaakt:
Op 22 mei 2024 dienden de claimanten te reageren op het voorstel van
de Rechtbank om nu al de omvang van de schade te stellen, in plaats van
dit uit te stellen tot een aparte schadestaatprocedure.
Op 27 november 2024 zullen claimanten in de eerste wave geüpdatete
21-06-2024
20
8.8 Werkzaamheden crediteuren
data indienen bij de Rechtbank.
Op 18 december 2024 zullen claimanten in de tweede wave geüpdatete
data indienen bij de Rechtbank.
Op 15 januari 2025 zullen claimanten in de derde wave geüpdatete data
indienen bij de Rechtbank.
Daarnaast heeft op 5 april 2024 de advocaat-generaal zijn advies gegeven
over de prejudiciële vragen die aan de Hoge Raad zijn gesteld in de tweede
wave van procedures. De uitspraak van de Hoge Raad wordt normaal
gesproken binnen drie maanden na dit advies verwacht.
In juni 2024 is tussen NLtruckkartel en DAF een schikking bereikt. De financiële
consequenties van deze schikking zijn nog niet bekend. Dat zal in de komende
weken duidelijk worden. De procedure tegenover de overige claimanten zal
worden voortgezet overeenkomstig de hiervoor vermelde stappen.
Verslag 26:
Met betrekking tot de tussen NLtruckkartel en Daf bereikte schikking zijn
(middels een portaal) stappen gezet om tot uitkering aan claimanten over te
kunnen gaan. De curator is in afwachting van verdere stappen.
De andere procedure zal verder worden gemonitord.
23-12-2024
21
Verslag 27:
De curator is nog in afwachting van de verdere stappen ter zake de tussen
NLtruckkartel en Daf bereikte schikking.
De andere procedure wordt tevens verder gemonitord. Ter zake is de curator
in deze verslagperiode geen nieuwe informatie bekend geworden.
23-06-2025
22
Verslag 28:
De curator is nog in afwachting van de verdere stappen ter zake de tussen
NLtruckkartel en Daf bereikte schikking. Recent heeft de curator geïnformeerd
naar de stand van zaken. Hij is nog in afwachting van een nader bericht.
De andere procedure wordt tevens verder gemonitord. Ter zake is de curator
in deze verslagperiode geen nieuwe informatie bekend geworden.
22-12-2025
23
Verslag 29:
De curator is nog in afwachting van de verdere stappen ter zake de tussen
NLtruckkartel en Daf bereikte schikking. Recent is hierover contact geweest
en vermoed wordt dat op korte termijn verdere stappen kunnen worden
gezet.
De curator is voorts recent geïnformeerd ter zake de andere procedure
waarin wordt gemonitord. In deze procedure heeft de Rechtbank Amsterdam
op 15 april 2026 (tussen)uitspraak gedaan in verband met het begroten van
de schade in het truckkartel. Deze procedure zal verder worden gemonitord.
Ook heeft op 13 mei 2026 een regiezitting in wave 1 (niet zijnde de wave
waarin gefailleerde deelneemt) plaatsgevonden. Een inhoudelijke zitting zal
naar verwachting in het tweede kwartaal van 2027 plaatsvinden.
22-06-2026
24
8.8 Werkzaamheden crediteuren
9.1 Naam wederpartijen
9.2 Aard procedures
9.3 Stand procedures
9.4 Werkzaamheden procedures
voorbereiden verificatievergadering.
02-05-2018
8
Bij verificatievergadering d.d. 27 maart 2018 zijn de (concurrente) vorderingen
geverifieerd.
23-06-2022
16
9. Procedures
Verwezen wordt naar openbaar verslag 7. 02-05-2018
8
Verwezen wordt naar openbaar verslag 7. 02-05-2018
8
Verwezen wordt naar openbaar verslag 7. 02-05-2018
8
Niet meer van toepassing. 02-05-2018
8
10.1 Plan van aanpak
10.2 Termijn afwikkeling faillissement
10.3 Indiening volgend verslag
10.4 Werkzaamheden overig
Bijlagen
10. Overig
De volgende werkzaamheden zullen door de curator worden voortgezet:
deelname aan truckkartel-claim;
eerste uitdeling aan preferente crediteuren;
02-05-2018
8
De volgende werkzaamheden zullen door de curator worden voortgezet:
deelname aan truckkartel-claim.
22-07-2021
14
De afwikkeling is afhankelijk van de afwikkeling van de procedure tegen de
truckfabrikanten, welke naar verwachting enkele jaren kan duren, tenzij eerder
een regeling in der minne wordt bereikt.
02-05-2018
8
De afwikkeling is afhankelijk van de afwikkeling van de procedure tegen de
truckfabrikanten, welke naar verwachting enkele jaren kan duren, tenzij eerder
een regeling in der minne wordt bereikt.
24-07-2018
9
Verwezen wordt naar 8.7 van dit verslag. 28-05-2020
13
Verwezen wordt naar 8.7 van dit verslag. 22-07-2021
14
Verwezen wordt naar 8.7 van dit verslag. 23-12-2021
15
22-12-2026 22-06-2026
24
Bijlagen