Overzicht met bedrijven in Nederland
Terug naar faillissement

Verslag: 22-06-2026

VT Verkerk Transport & Logistics · KVK 28010815 ·F.09/13/962
Verslagdatum
22-06-2026
Procedure
Faillissement
Status
Actief
Rechtbank
Rechtbank Den Haag

Platte tekst van het verslag

Documentkenmerk: 09_dha_13_962_F_V_52 ·Tekst verwerkt op 25-09-2026 06:50

Openbaar faillissementsverslag

rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)

Naam onderneming

Gegevens onderneming

Activiteiten onderneming

Financiële gegevens

Toelichting financiële gegevens

Betreft

Algemene gegevens

VT Verkerk Transport & Logistics B.V. 02-05-2018

8

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid VT Verkerk

Transport & Logistics B.V., statutair gevestigd te Alphen aan den Rijn en aldaar

kantoorhoudende aan de Eikenlaan 32-34.

02-05-2018

8

allround logistieke dienstverlening; goederenvervoer/transport over de weg

(nationaal en internationaal), distributie en warehousing.

02-05-2018

8

Jaar Omzet Winst / verlies Balanstotaal
2013 € 7.973.993,00 € -545.715,00 € 5.350.294,00
2012 € 13.534.938,00 € -264.010,00 € 6.441.737,00
2011 € 14.020.236,00 € 196.276,00 € 6.434.325,00
2010 € 14.195.137,00 € 161.043,00 € 5.265.773,00
2009 € 14.201.564,00 € -546.382,00 € 5.996.999,00

Verslagnummer 24

Datum verslag 22-06-2026

Insolventienummer F.09/13/962

Toezichtzaaknummer NL:TZ:0000001929:F001

Datum uitspraak 31-10-2013

R-C mr. D. de Loor

Curator mr A.W. van Meegdenburg

mr A.W. van Meegdenburg

Toelichting financiële gegevens

Gemiddeld aantal personeelsleden

Boedelsaldo

Het balanstotaal bedroeg volgens de jaarstukken per:

31 december 2011 : € 6.434.325,--; eigen vermogen € 1.669.859,--

positief;

31 december 2010 : € 5.265.773,--; eigen vermogen: € 1.495.712,--

positief;

31 december 2009 : € 5.996.999,--; eigen vermogen: € 1.394.547,--

positief;

en volgens de uit de administratie verkregen conceptstukken per:

31 december 2012 : € 6.441.737,--; eigen vermogen: € 1.373.491,--

positief;

30 juni 2013 : € 5.350.294,--; eigen vermogen: € 1.124.532,-- positief.

02-05-2018

8

137

02-05-2018

8

€ 1.189.855,97

02-05-2018

8

€ 1.189.885,31

24-07-2018

9

€ 90.905,95

25-10-2018

10

€ 90.442,05

23-05-2019

11

€ 90.342,05

28-11-2019

12

€ 90.342,05

28-05-2020

13

€ 66.714,08

22-07-2021

14

€ 66.689,14

23-12-2021

15

€ 61.790,34

Toelichting

Deze verslagperiode is het actief verminderd door opname van tussentijds

vastgesteld salaris en verschotten van de curator.

23-06-2022

16

€ 67.125,34

Toelichting

Deze verslagperiode is het actief vermeerderd met een teruggave van de

Belastingdienst naar aanleiding van een tussentijdse aangifte boedel-BTW.

22-12-2022

17

€ 67.078,89

Toelichting

Deze verslagperiode is het actief vermeerderd met ontvangen bankrente en

verminderd met bankkosten ter zake het aanhouden van de boedelrekening.

22-06-2023

18

€ 67.078,89

Toelichting

Het actief is deze verslagperiode ongewijzigd.

21-12-2023

19

€ 62.037,12

Toelichting

Het actief is deze verslagperiode verminderd met opgenomen voorschot salaris

en verschotten curator, alsmede met bankkosten ter zake de boedelrekening.

Het actief is vermeerderd met ontvangen rente op de boedelrekening.

21-06-2024

20

€ 62.037,12

Toelichting

Het actief is deze verslagperiode niet gewijzigd.

23-12-2024

21

€ 62.973,10

Toelichting

Het actief is deze verslagperiode verminderd met bankkosten ter zake de

boedelrekening.

Het actief is vermeerderd met ontvangen rente op de boedel(spaar)rekening.

23-06-2025

22

€ 62.973,10

Toelichting

Het actief in deze verslagperiode is niet gewijzigd.

22-12-2025

23

€ 63.779,83

Toelichting

Het actief is deze verslagperiode verminderd met bankkosten ter zake de

boedelrekening.

Het actief is vermeerderd met ontvangen rente op de boedel(spaar)rekening.

22-06-2026

24

Verslagperiode

van

7-2-2018

t/m

1-5-2018

02-05-2018

8

van

2-5-2018

t/m

20-7-2018

24-07-2018

9

van

21-7-2018

t/m

24-10-2018

25-10-2018

10

van

25-10-2018

t/m

22-5-2019

23-05-2019

11

van

23-5-2019

t/m

27-11-2019

28-11-2019

12

van

28-11-2019

t/m

28-5-2020

28-05-2020

13

van

29-5-2020

t/m

22-7-2021

22-07-2021

14

van

23-7-2021

t/m

23-12-2021

23-12-2021

15

van

24-12-2021

t/m

22-6-2022

23-06-2022

16

van

23-6-2022

t/m

21-12-2022

22-12-2022

17

van

22-12-2022

t/m

21-6-2023

22-06-2023

18

van

22-6-2023

t/m

20-12-2023

21-12-2023

19

van

21-12-2023

t/m

20-6-2024

21-06-2024

20

van

21-6-2024

t/m

22-12-2024

23-12-2024

21

van

23-12-2024

t/m

22-6-2025

23-06-2025

22

van

23-6-2025

t/m

21-12-2025

22-12-2025

23

van 22-06-2026

Bestede uren

Toelichting bestede uren

22-12-2025

t/m

21-6-2026

24

VerslagperiodeBestede uren

8 0 uur 0 min
9 0 uur 0 min
10 0 uur 0 min
11 0 uur 0 min
12 9 uur 16 min
13 5 uur 27 min
14 11 uur 31 min
15 1 uur 0 min
16 6 uur 42 min
17 3 uur 36 min
18 7 uur 30 min
19 2 uur 42 min
20 3 uur 48 min
21 8 uur 30 min
22 2 uur 42 min
23 3 uur 42 min
24 10 uur 24 min
Totaal 76 uur 50 min

Bestede uren verslagperiode 13:

F.J.H. Somers: 8,50 uur

M.P. van Eeden-van Harskamp: 0,50 uur

S. Barnhoorn: 0,17 uur

A. de Groot-Slagter: 14,33 uur

Bestede uren faillissementsperiode totaal:

mr. F.J.H. Somers: 398,55 uur;

mr. M.P. van Eeden-van Harskamp: 106,57 uur

mr. N.C. van Eck: 5,67 uur

mr. G.T. van der Meiden: 150,43 uur

mr. J.H.M. Spanjaard: 0,50 uur

mr. B. Niemeijer: 0,33 uur

mr. D.S. Volleberg: 57,42 uur

mr. P.B.J. van den Oord: 0,83 uur

Insolventieafdeling: 306,55 uur

02-05-2018

8

Toelichting

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staan curatoren niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of

achteraf - bijgesteld dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen

hebben voor de in dit verslag geschetste perspectieven voor de

crediteuren, zodat aan dit verslag geen rechten kunnen worden

ontleend.

Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het dertiende openbaar

verslag.

De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.

Bestede uren verslagperiode 14:

F.J.H. Somers: 5,25 uur

A. de Groot-Slagter: 2,78 uur

Bestede uren faillissementsperiode totaal:

mr. F.J.H. Somers: 404,35 uur

mr. M.P. van Eeden-van Harskamp: 106,57 uur

mr. N.C. van Eck: 5,67 uur

mr. G.T. van der Meiden: 150,43 uur

mr. J.H.M. Spanjaard: 0,50 uur

mr. B. Niemeijer: 0,33 uur

mr. D.S. Volleberg: 57,42 uur

mr. P.B.J. van den Oord: 0,83 uur

Insolventieafdeling: 309,83 uur

Toelichting

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staan curatoren niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of

achteraf - bijgesteld dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen

hebben voor de in dit verslag geschetste perspectieven voor de

crediteuren, zodat aan dit verslag geen rechten kunnen worden

ontleend.

Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het veertiende openbaar

verslag.

De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.

24-07-2018

9

Bestede uren verslagperiode 15:

F.J.H. Somers: 0,92 uur

A. de Groot-Slagter: 4,68 uur

Bestede uren faillissementsperiode totaal:

mr. F.J.H. Somers: 406,10uur

mr. M.P. van Eeden-van Harskamp: 106,57 uur

mr. N.C. van Eck: 5,67 uur

mr. G.T. van der Meiden: 150,43 uur

mr. J.H.M. Spanjaard: 0,50 uur

mr. B. Niemeijer: 0,33 uur

25-10-2018

10

mr. D.S. Volleberg: 57,42 uur

mr. P.B.J. van den Oord: 0,83 uur

Insolventieafdeling: 315,52 uur

Toelichting

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staan curatoren niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of

achteraf - bijgesteld dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen

hebben voor de in dit verslag geschetste perspectieven voor de

crediteuren, zodat aan dit verslag geen rechten kunnen worden

ontleend.

Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het vijftiende openbaar

verslag.

De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.

Bestede uren verslagperiode 16:

F.J.H. Somers: 4,75 uur

A. de Groot-Slagter: 1,83 uur

Bestede uren faillissementsperiode totaal:

mr. F.J.H. Somers: 412,60 uur

mr. M.P. van Eeden-van Harskamp: 106,57 uur

mr. N.C. van Eck: 5,67 uur

mr. G.T. van der Meiden: 150,43 uur

mr. J.H.M. Spanjaard: 0,50 uur

mr. B. Niemeijer: 0,33 uur

mr. D.S. Volleberg: 57,42 uur

mr. P.B.J. van den Oord: 0,83 uur

Insolventieafdeling: 318,35 uur

Toelichting

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staan curatoren niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of

achteraf - bijgesteld dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen

hebben voor de in dit verslag geschetste perspectieven voor de

crediteuren, zodat aan dit verslag geen rechten kunnen worden

ontleend.

Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het zestiende openbaar

verslag.

De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.

23-05-2019

11

Bestede uren verslagperiode 17:

F.J.H. Somers: 8,33 uur

A. de Groot-Slagter: 0,93 uur

Bestede uren faillissementsperiode totaal:

mr. F.J.H. Somers: 422,18 uur

mr. M.P. van Eeden-van Harskamp: 106,57 uur

mr. N.C. van Eck: 5,67 uur

mr. G.T. van der Meiden: 150,43 uur

28-11-2019

12

mr. J.H.M. Spanjaard: 0,50 uur

mr. B. Niemeijer: 0,33 uur

mr. D.S. Volleberg: 57,42 uur

mr. P.B.J. van den Oord: 0,83 uur

Insolventieafdeling: 319,28 uur

Toelichting

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staan curatoren niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of

achteraf - bijgesteld dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen

hebben voor de in dit verslag geschetste perspectieven voor de

crediteuren, zodat aan dit verslag geen rechten kunnen worden

ontleend.

Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het zeventiende openbaar

verslag.

De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.

Bestede uren verslagperiode 18:

mr. F.J.H. Somers: 3:11 uur

A. de Groot-Slagter: 2:16 uur

Bestede uren totaal

mr. F.J.H. Somers: 425,36 uur

mr. M.P. van Eeden-van Harskamp: 106,57 uur

mr. N.C. van Eck: 5,67 uur

mr. G.T. van der Meiden: 150,43 uur

mr. J.H.M. Spanjaard: 0,50 uur

mr. B. Niemeijer: 0,33 uur

mr. D.S. Volleberg: 57,42 uur

mr. P.B.J. van den Oord: 0,83 uur

Insolventieafdeling: 322,05 uur

Toelichting

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staan curatoren niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of

achteraf - bijgesteld dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen

hebben voor de in dit verslag geschetste perspectieven voor de

crediteuren, zodat aan dit verslag geen rechten kunnen worden

ontleend.

Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het achttiende openbaar

verslag.

De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.

28-05-2020

13

Bestede uren verslagperiode 19:

mr. F.J.H. Somers: 9:21 uur;

A. de Groot-Slagter: 2:10 uur;

Bestede uren totaal

mr. F.J.H. Somers: 434,71 uur

mr. M.P. van Eeden-van Harskamp: 106,57 uur

mr. N.C. van Eck: 5,67 uur

mr. G.T. van der Meiden: 150,43 uur

22-07-2021

14

mr. J.H.M. Spanjaard: 0,50 uur

mr. B. Niemeijer: 0,33 uur

mr. D.S. Volleberg: 57,42 uur

mr. P.B.J. van den Oord: 0,83 uur

Insolventieafdeling: 324,22 uur

Toelichting

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staan curatoren niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of

achteraf - bijgesteld dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen

hebben voor de in dit verslag geschetste perspectieven voor de

crediteuren, zodat aan dit verslag geen rechten kunnen worden

ontleend.

Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het negentiende openbaar

verslag.

De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.

Bestede uren verslagperiode 20:

mr. F.J.H. Somers: 0,50 uur;

A. de Groot-Slagtre: 0,50 uur.

Bestede uren totaal

mr. F.J.H. Somers: 435,21 uur

mr. M.P. van Eeden-van Harskamp: 106,57 uur

mr. N.C. van Eck: 5,67 uur

mr. G.T. van der Meiden: 150,43 uur

mr. J.H.M. Spanjaard: 0,50 uur

mr. B. Niemeijer: 0,33 uur

mr. D.S. Volleberg: 57,42 uur

mr. P.B.J. van den Oord: 0,83 uur

Insolventieafdeling: 324,72 uur

Toelichting

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of

achteraf - bijgesteld dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen

hebben voor de in dit verslag geschetste perspectieven voor de

crediteuren, zodat aan dit verslag geen rechten kunnen worden

ontleend.

Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het twintigste openbaar

verslag.

De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.

23-12-2021

15

Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het eenentwintigste openbaar

verslag.

De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld dient

23-06-2022

16

te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag

geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen

rechten kunnen worden ontleend.

Totaal bestede uren tot en met 22 juni 2022/verslagperiode 21: 1088:40 uur

Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het tweeëntwintigste

openbaar verslag.

De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld dient

te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag

geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen

rechten kunnen worden ontleend.

Totaal bestede uren tot en met 21 december 2022/verslagperiode 22: 1092:16

uur

22-12-2022

17

Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het drieëntwintigste openbaar

verslag.

De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld dient

te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag

geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen

rechten kunnen worden ontleend.

Totaal bestede uren tot en met 21 juni 2023/verslagperiode 23: 1099:46 uur

22-06-2023

18

Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het vierentwintigste openbaar

verslag.

De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld dient

te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag

geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen

rechten kunnen worden ontleend.

Totaal bestede uren tot en met 20 december 2023/verslagperiode 24: 1102:28

uur

21-12-2023

19

Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het vijfentwintigste openbaar

verslag.

De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld dient

21-06-2024

20

te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag

geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen

rechten kunnen worden ontleend.

Totaal bestede uren tot en met 20 juni 2024/verslagperiode 25: 1106:16 uur.

Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het zesentwintigste openbaar

verslag.

De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld dient

te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag

geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen

rechten kunnen worden ontleend.

Totaal bestede uren tot en met 22 december 2024/verslagperiode 26: 1114:46

uur.

23-12-2024

21

Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het zevenentwintigste

openbaar verslag.

De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld dient

te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag

geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen

rechten kunnen worden ontleend.

Totaal bestede uren tot en met 22 juni 2025/verslagperiode 27: 1117:28 uur

23-06-2025

22

Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het achtentwintigste

openbaar verslag.

De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld dient

te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag

geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen

rechten kunnen worden ontleend.

Totaal bestede uren tot en met 21 december 2025/verslagperiode 28: 1121:10

uur

22-12-2025

23

Dit verslag betreft - in tegenstelling tot de titel - het negenentwintigste

openbaar verslag.

De nummering van dit verslag is geautomatiseerd aangemaakt.

Hoewel de informatie in dit openbaar verslag zo zorgvuldig mogelijk is

samengesteld, staat de curator niet in voor de volledigheid en juistheid

daarvan. Mogelijk is immers, dat onder andere bepaalde informatie nog niet

beschikbaar is, nog niet geopenbaard kan worden of achteraf - bijgesteld

22-06-2026

24

dient te worden. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag

geschetste perspectieven voor de crediteuren, zodat aan dit verslag geen

rechten kunnen worden ontleend.

Totaal bestede uren tot en met 21 juni 2026/verslagperiode 29: 1131:34 uur.

1.1 Directie en organisatie

1.2 Lopende procedures

1.3 Verzekeringen

1.4 Huur

1.5 Oorzaak faillissement

1. Inventarisatie

De onderneming van VT Verkerk Transport & Logistics B.V. (hierna: - Verkerk -

is blijkens de gegevens uit het Handelsregister van de Kamer van Koophandel

gestart in 1936. De activiteiten richten zich op logistieke dienstverlening,

bestaande uit wegtransport (nationaal en internationaal), distributie en

warehousing. De gefailleerde vennootschap is opgericht op 29 mei 1987.

Statutair bestuurder van Verkerk is de heer C. van Iperen (algemeen

directeur); de heer L. de Haan (administrateur) staat als gevolmachtigde

ingeschreven in het Handelsregister.

Het maatschappelijk kapitaal bedraagt € 226.890,00; het geplaatst en gestort

kapitaal beloopt € 45.378,00.

De aandelen van Verkerk worden gehouden door de besloten vennootschap

met beperkte aansprakelijkheid VDI Holding B.V., gevestigd te Alphen aan den

Rijn en aldaar kantoorhoudend aan de Einsteinweg 9-11. De besloten

vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Transver B.V., gevestigd te

Amsterdam, is statutair bestuurder van VDI Holding B.V.. De aandelen in VDI

Holding B.V. worden gehouden door Transver B.V. en C. van Iperen. Van

Transver B.V. is de heer R.J.M. Verdonkschot enig statutair bestuur en

aandeelhouder.

02-05-2018

8

Volgens de directie is daarvan geen sprake. Daarvan is de curator ook niet

gebleken.

Verwezen wordt naar het vermelde onder 9

02-05-2018

8

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018

8

Dit onderdeel is afgewikkeld. De curator verwijst naar het zesde verslag. 02-05-2018

8

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018

8

2.1 Aantal ten tijde van faillissement

2.2 Aantal in jaar voor faillissement

2.3 Ontslagaanzegging

2.4 Werkzaamheden personeel

3.1 Onroerende zaken

Toelichting onroerende zaken

3.2 Werkzaamheden onroerende zaken

3.3 Bedrijfsmiddelen

Toelichting bedrijfsmiddelen

3.4 Bodemvoorrecht fiscus

2. Personeel

Personeelsleden

137

Toelichting

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag.

02-05-2018

8

Toelichting

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag.

02-05-2018

8

Afgewikkeld. 02-05-2018

8

3. Activa

Daarvan is geen sprake. 02-05-2018

8

Niet van toepassing. 02-05-2018

8

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018

8

3.4 Bodemvoorrecht fiscus

3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen

3.6 Voorraden / onderhanden werk

Toelichting voorraden / onderhanden werk

3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk

3.8 Andere activa

Toelichting andere activa

3.9 Werkzaamheden andere activa

De Belastingdienst is bevoorrecht op de opbrengst van de bodemzaken

(inventaris) ex art. 21 Inv.wet 1990. De curator zal de opbrengst daarvan ex

art. 57 lid 3 Fw opeisen. De verkoop van de bodemzaken moet nog

plaatsvinden. Aangezien de vordering van de pandhoudster is voldaan (zie

hierna onder 5), is art. 57 lid 3 Fw niet meer aan de orde.

02-05-2018

8

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018

8

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018

8

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018

8

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het zesde verslag. 02-05-2018

8

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het zesde verslag. 02-05-2018

8

4.1 Debiteuren

Toelichting debiteuren

4.2 Werkzaamheden debiteuren

5.1 Vordering van bank(en)

4. Debiteuren

BeschrijvingOmvangOpbrengst Boedelbijdr.

€ 1.512.857,49

totaal € 0,00 € 1.512.857,49 € 0,00

De debiteurenincasso is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde

verslag.

02-05-2018

8

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018

8

5. Bank / Zekerheden

€ 1.598.808,61

Toelichting vordering van bank(en)

De vordering van de financier van Verkerk, F. van Lanschot Bankiers N.V.,

beliep per datum surseanceaanvraag € 1.598.808,61. Het betreft een

gezamenlijke kredietfaciliteit (met hoofdelijke aansprakelijkheid) ten name van

Verkerk en haar aandeelhoudster VDI Holding B.V.

De bank heeft bij brief van 21 oktober 2013 het krediet aan deze

vennootschappen opgezegd, zulks naar aanleiding van de mededeling van de

bestuurder van Verkerk dat het faillissement van Verkerk was aangevraagd.

Uit het meest recente bankafschrift (stand per 21 november 2013) blijken de

volgende bankstanden:

VDI Holding B.V.: -€ 926.722,07

Verkerk: € 808.695,82,

op basis waarvan de vordering uit hoofde van verleend krediet thans nog

per saldo € 118.026,25 beloopt. De curator zal nog nader onderzoek

verrichten naar de totstandkoming van het krediet en de mogelijke

regresvordering in dat kader van Verkerk op VDI Holding B.V.

Dit onderzoek loopt nog. De curator streeft ernaar het onderzoek in de

komende verslagperiode af te ronden.

De curator heeft geconstateerd dat de gefailleerde vennootschap inmiddels

een (regres) vordering heeft gekregen op haar aandeelhoudster VDI Holding

B.V. van € 744.020,00, doordat Van Lanschot het positieve saldo van de

bankrekening van Verkerk (dat met name het gevolg was van de

02-05-2018

8

debiteurenincasso na faillietverklaring) heeft verrekend met het negatieve

saldo van de bankrekening van VDI Holding.

De curator voert overleg met VDI Holding B.V. over een mogelijke regeling.

VDI Holding B.V. heeft - via haar accountant - aanvankelijk erkend dat de

boedel van Verkerk een vordering ad ca € 744.000,-- heeft op VDI Holding B.V.

Later is VDI Holding B.V. op die erkenning teruggekomen en heeft zij de stelling

ingenomen dat er tegenvorderingen zouden zijn. Rechtsmaatregelen tegen

VDI Holding B.V. worden overwogen.

Met machtiging van de rechter-commissaris heeft de curator de Rechtbank Den

Haag verzocht VDI Holding B.V. in staat van faillissement te verklaren. Bij

vonnis van 8 maart 2016 heeft de Rechtbank VDI Holding B.V. in staat van

faillissement verklaard, met benoeming van mr. J.C. Dorrepaal tot curator. De

curator heeft overleg gehad met mr. Dorrepaal en wacht diens berichten over

de toestand van de boedel van VDI Holding B.V

Daarnaast is volgens de administratie van Verkerk sprake van een door F. van

Lanschot Bankiers N.V. aan de verhuurder van de bedrijfsruimte aan de

Eikenlaan te Alphen aan den Rijn verstrekte bankgarantie ten belope van €

185.930,50. De curator zal dit ook nog nader onderzoeken.

De verhuurder heeft inmiddels een gedeelte van deze bankgarantie

ingeroepen voor haar concurrente vordering ter zake achterstallige

huurpenningen over de periode 1 tot en met 22 oktober 2013 ad € 47.964,48.

De verhuurder heeft inmiddels de volledige bankgarantieingeroepen voor haar

vordering; thans heeft de verhuurder nog een restantvordering (deels

boedelvordering, deels concurrente vordering).

Ten slotte wordt nog opgemerkt dat indien de beoogde deal inzake de

aankoop van 19 bakwagens met de doorstarter in verband met de overname

van het dedicated transport vaneen grote klant van Verkerk, zoals verwacht,

door gaat (zie hiervoor onder 3), de schuld met € 354.350,00 zal afnemen en

de bank dan, naar verwachting, volledig voldaan zal zijn, indien de

uitgewonnen zekerheden rechtsgeldig zijn gevestigd, en de (meer)opbrengst

van de daarna uitgewonnen zekerheden (waaronder de debiteuren) aan de

boedel toekomt.

De bank heeft inmiddels aan de curator bevestigd dat haar vordering is

voldaan.

De curator is nog in afwachting van de eindafrekening onder meer terzake

rente en kosten. De curator heeft deze inmiddels ontvangen.

De curator van VDI Holding onderzoekt (in overleg met de curator van Verkerk)

of Transver Holding B.V. op basis van de door haar met VDI Holding gesloten

managemenovereenkomst in de periode die eind 2013 eindigt, een

onevenredig hoge management-fee heeft ontvangen.

Tevens onderzoekt de curator of er voor VDI Holding gronden voor

bestuurdersaansprakelijkheid bestaan. Met machtiging van de rechter-

commissaris is door de boedel van Verkerk B.V. een lening verstrekt aan de

boedel van VDI Holding ter bestrijding van de kosten van even bedoeld

onderzoek.

Het onderzoek dat de curator van VDI Holding heeft ingesteld, is recent

afgerond. De curator van VDI Holding zal Transver B.V. en haar bestuurder

Verdonkschot aanspreken en zo nodig dagvaarden tot terugbetaling van de

managementfee over het derde kwartaal 2013 ad € 20.183,48 (excl. BTW en

rente en kosten).

De curator van VDI Holding heeft - met machtiging van de rechter-commissaris -

een vaststellingsovereenkomst gesloten met Transver B.V. en haar bestuurder

Verdonkschot op grond waarvan laatstgenoemde een bedrag van € 20.183,48

5.2 Leasecontracten

5.3 Beschrijving zekerheden

5.4 Separatistenpositie

5.5 Eigendomsvoorbehoud

5.6 Retentierechten

5.7 Reclamerechten

5.8 Boedelbijdragen

5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden

dient te voldoen aan de curator van VDI Holding. De financiële afwikkeling

wordt in de loop van de komende verslagperiode verwacht.

De curator van VDI Holding heeft het faillissement voorgedragen voor opheffing

bij gebrek aan baten (art. 16 Fw.). Verwacht wordt dat in de komende

verslagperiode een gedeelte van de door de boedel van Verkerk B.V.

verstrekte lening zal worden terugbetaald.

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator van VDI Holding een bedrag

ad € 17.437,35 terugbetaald aan de boedel van Verkerk (in mindering op de

door de boedel van Verkerk verstrekte geldlening). Daarmee is dit item

afgewikkeld.

Toelichting vordering van bank(en)

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het 14e verslag.

25-10-2018

10

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018

8

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018

8

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018

8

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018

8

Daarvan is geen sprake. 02-05-2018

8

Daarvan is niet gebleken. 02-05-2018

8

5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden

6.1 Exploitatie / zekerheden

6.2 Financiële verslaglegging

6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming

6.4 Beschrijving

6.5 Verantwoording

6.6 Opbrengst

6.7 Boedelbijdrage

Niet meer van toepassing. 02-05-2018

8

6. Voortzetten / doorstart onderneming

Voortzetten onderneming

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018

8

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het zevende verslag. 02-05-2018

8

Niet meer van toepassing. 02-05-2018

8

Doorstarten onderneming

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018

8

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018

8

Toelichting

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het zesde verslag.

02-05-2018

8

6.7 Boedelbijdrage

6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming

7.1 Boekhoudplicht

7.2 Depot jaarrekeningen

7.3 Goedkeuringsverklaring accountant

7.4 Stortingsverplichting aandelen

7.5 Onbehoorlijk bestuur

7.6 Paulianeus handelen

Toelichting

De pandhoudsters hebben aan de curator boedelbijdragen voldaan ter zake

de verkoop van de activa. Verwezen wordt naar het vermelde onder 3.

02-05-2018

8

Niet meer van toepassing. 02-05-2018

8

7. Rechtmatigheid

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018

8

boekjaar 2011: gedeponeerd op 8 januari 2013, mitsdien tijdig;

boekjaar 2010: gedeponeerd op 3 juni 2011, mitsdien tijdig;

boekjaar 2009: gedeponeerd op 30 augustus 2010, mitsdien tijdig

02-05-2018

8

Dit onderdeel is afgewikkeld; de curator verwijst naar het vijfde verslag. 02-05-2018

8

Aangezien gefailleerde is opgericht op 29 mei 1987, is een eventuele vordering

uit hoofde van volstortingsverplichting aandelen (art. 2:193 BW) verjaard op

grond van het arrest van de Hoge Raad d.d. 17 oktober 2003 (art. 3:307 lid 1

BW).

02-05-2018

8

Nee

Toelichting

Dit onderzoek is afgerond. Van onbehoorlijk bestuur is niet gebleken.

02-05-2018

8

7.6 Paulianeus handelen

7.7 Toelichting rechtmatigheid

7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid

8.1 Boedelvorderingen

Nee

Toelichting

Dit onderzoek is afgerond. Van paulianeus handelen is niet gebleken.

02-05-2018

8

Niet meer van toepassing. 02-05-2018

8

8. Crediteuren

Toelichting

Verslagen 1 t/m 12

salaris en kosten bewindvoerder en curator tot en met 15 november 2017:

€ 289.301,16 (voldaan);

taxatiekosten: € 4.537,50 (voldaan);

kosten onderzoek: € 14.121,77 (voldaan);

huur vanaf datum surseance: € 223.905,55 is ingediend door de verhuurder

van de bedrijfsruimte aan de Einsteinweg in Alphen aan den Rijn die ook

nog

vergoeding van enige schade vordert die ontstaan is bij gelegenheid van de

ontruiming van het gehuurde (voldaan);

restant vordering inzake huur Eikenlaan: € 101.000,00 (voldaan);

UWV inzake opzegtermijn: € 649.523,11 (voldaan);

kosten van verbruikte zaken en gebruikte faciliteiten in verband met of door

de bewindvoerder, later curator aan derden verstrekte opdrachten vanaf

datum verlening voorlopige surseance van betaling: € 184.609,76

(voldaan);

werknemer in verband met niet vergoede vakantie-uren: € 966,54

(voldaan);

lease vanaf datum surseance: € 837,00 (voldaan);

Voor het overige wordt verwezen naar het financieel verslag bij openbaar

verslag 13.

02-05-2018

8

Toelichting

Verwezen wordt naar het financieel verslag bij openbaar verslag 16.

23-05-2019

11

Toelichting

Verwezen wordt naar het financieel verslag bij openbaar verslag 18.

28-05-2020

13

8.2 Pref. vord. van de fiscus

8.3 Pref. vord. UWV

Toelichting

Verwezen wordt naar het financieel verslag bij openbaar verslag 20.

23-12-2021

15

Toelichting

Verwezen wordt naar het financieel verslag bij openbaar verslag 21.

23-06-2022

16

€ 870.109,00

Toelichting

De fiscus heeft per 15 oktober 2016 vorderingen ad in totaal € 870.109,00

ingediend,

gespecificeerd als volgt:

€ 471.310,00 omzetbelasting (na honorering bezwaar tegen ambtshalve

aanslag OB 4e kwartaal 2013);

€ 308.410,00 loonbelasting;

€ 11.541,00 motorrijtuigenbelasting;

belasting eurovignet: € 4.261,00;

omzetbelasting ex art. 29, lid 2 Wet OB ad € 74.587,00.

02-05-2018

8

€ 0,00

Toelichting

De totale vordering van de fiscus is op basis van de eerste goedgekeurde

uitdelingslijst volledig voldaan. Voorts heeft afdracht van de boedel-BTW over

de periode 31 oktober 2013 tot en met 15 oktober 2018 plaatsgevonden.

25-10-2018

10

€ 0,00

Toelichting

De totale vordering van de fiscus is op basis van de eerste goedgekeurde

uitdelingslijst volledig voldaan. Voorts heeft afdracht van de boedel-BTW over

de periode 31 oktober 2013 tot en met 30 april 2022 plaatsgevonden.

22-12-2022

17

8.3 Pref. vord. UWV

8.4 Andere pref. crediteuren

8.5 Aantal concurrente crediteuren

8.6 Bedrag concurrente crediteuren

8.7 Verwachte wijze van afwikkeling

€ 322.548,49

Toelichting

UWV heeft bij brief van 28 mei 2014 de navolgende preferente vorderingen

ingediend:

loonvordering ex art. 3:288 sub e BW: € 277.723,04;

premievordering ex art. 66 lid 3 WW: € 44.825,45.

02-05-2018

8

€ 227.723,04

Toelichting

De premievordering van UWV ad € 44.825,45 is op basis van de eerste

goedgekeurde uitdelingslijst volledig voldaan. Terzake van de loonvordering is

aan UWV op basis van de eerste goedgekeurde uitdelingslijst een bedrag ad €

50.000,00 voldaan.

25-10-2018

10

€ 1.391,44

Toelichting

BP heeft een preferente vordering ad € 1.391,44 ingediend ter zake accijns.

02-05-2018

8

€ 0,00

Toelichting

De vordering van BP is op basis van de eerste goedgekeurde uitdelingslijst

volledig voldaan.

25-10-2018

10

113

02-05-2018

8

€ 971.935,92

02-05-2018

8

De curator onderzoekt of het in het belang van de boedel is deel te nemen aan

gezamenlijke actie tegen Europese truckfabrikanten, aan welke in de zomer

van 2016 een boete van circa € 2,9 miljard is opgelegd door de Europese

Commissie in verband met verboden prijsafspraken en andere verboden

gedragingen in de periode van 1997 tot 2011. Vaststaat dat Verkerk in de

betreffende periode trucks van de betreffende merken heeft afgenomen.

De curator heeft nadere informatie van een advocatenkantoor dat een

02-05-2018

8

gezamenlijke actie van de partijen die schade hebben geleden, voorbereidt,

ontvangen over de route die gevolgd zal moeten worden om daadwerkelijke

vergoeding van de betreffende truckfabrikanten te verkrijgen, alsmede over de

te verwachten hoogte van de schadevergoeding en de duur van een te voeren

procedure. Verwacht wordt dat in de komende verslagperiode in overleg met

de rechter-commissaris kan worden beslist of de boedel van Verkerk B.V.

deelneemt aan de gezamenlijke actie van de gedupeerde

transportondernemers.

In overleg met en met goedvinden van de rechter-commissaris is besloten dat

de boedel van Verkerk zal deelnemen aan de gezamenlijke actie tegen de

betreffende Europese truckfabrikanten.

In dat kader zal de boedel van Verkerk haar vordering ter zake cederen aan

een derde partij (SPV) die daarna de procedure tegen de Europese

truckfabrikanten zal starten.

Uit de jaarrekening van gefailleerde blijkt dat het gaat om tenminste ca 100

trucks die door gefailleerde zijn aangekocht in de referentieperiode. Verwacht

wordt dat de procedure tegen de truckfabrikanten in de eerste helft van 2018

zal worden gestart en naar verwachting enkele jaren kan duren, tenzij eerder

een regeling in der minne wordt getroffen. Indien de zaak winnend wordt

afgesloten, zal een percentage van de opbrengst als succes-fee aan de boedel

van Verkerk in rekening worden gebracht. Ingeval van afwijzing van de

schadeclaim zullen geen kosten aan de boedel van Verkerk in rekening worden

gebracht.

Indien deze actie een substantieel positief resultaat oplevert, kan ook aan

concurrente crediteuren een uitkering worden gedaan. Omdat mogelijk een

uitkering aan concurrente crediteuren kan plaatsvinden, is in overleg met de

rechter-commissaris besloten een verificatievergadering te houden, zodat de

hoogte van schuldvorderingen van alle faillissementscrediteuren kan worden

vastgesteld en te zijner tijd geenverificatie meer nodig is, indien tot een

uitkering aan concurrente crediteuren kan worden gekomen. Indien deze

schadeclaim per saldo niets voor de boedel oplevert, zullen concurrente

crediteuren geen uitkering uit de boedel van Verkerk ontvangen.

Deze verificatievergadering heeft plaatsgevonden op 27 maart 2018.

In de afgelopen verslagperiode heeft cessie van de vordering aan de derde

partij (NL Truckkartel B.V.) plaatsgevonden. De advocaten van NL Truckkartel

B.V. verwachten dat de procedure tegen de betreffende truckfabrikanten

binnen enkele maanden gestart zal worden.

De curator is doende zoveel mogelijk gegevens die relevant zijn voor de

schadeclaim van gefailleerde, met hulp van de voormalig administrateur van

gefailleerde, te achterhalen.

Uitkering aan de geverifieerde preferente crediteuren zal na goedkeuring van

de recent gedeponeerde uitdelingslijst zoveel mogelijk plaatsvinden. De

vorderingen van de Belastingdienst en BP Nederland B.V. zullen dan geheel

worden voldaan; de premievordering van UWV wordt eveneens geheel

voldaan, terwijl UWV terzake van haar loonvordering een eerste uitkering van

18% ontvangt.

24-07-2018

9

Tijdens de verslagperiode heeft uitbetaling conform de goedgekeurde

uitdelingslijst plaatsgevonden.

De vordering van de Belastingdienst is geheel voldaan. Tevens heeft afdracht

plaatsgevonden van de boedel-BTW over de periode tot oktober 2018.

De premievordering van het UWV is geheel voldaan. Ter zake van haar

loonvordering is een eerste uitkering van € 50.000,00 aan UWV gedaan.

25-10-2018

10

De preferente vordering van BP is eveneens volledig betaald.

Concurrente crediteuren hebben op basis van de eerste uitdeling geen

uitkering ontvangen.

In het kader van de truckkartelclaim wordt het onderzoek in de boekhouding

van gefailleerde voortgezet. Gepoogd wordt zoveel mogelijk financiële

gegevens met betrekking tot het "relevante" wagenpark van gefailleerde te

verzamelen over de referentieperiode (1997 tot 2011). Daartoe wordt de

thans nog voorhanden administratie van gefailleerde

met hulp van de voormalig administrateur van gefailleerde - verder

onderzocht. Verwacht wordt dat de dagvaarding van de betrokken

fabrikanten na het gereedkomen van het schaderapport van de door de

advocaten van de transportondernemingen ingeschakelde economische

experts nog dit jaar zal worden uitgebracht.

Bij de Rechtbank Amsterdam is momenteel een procedure aanhangig tussen

NLtruckkartel B.V. en 21 andere eisende partijen enerzijds en 15 gedaagde

truckfabrikanten anderzijds. Het onderwerp van deze procedure is – in dit

stadium van het geding – beperkt tot de vraag welke feiten de eisende

partijen – met name de zgn. "claim vehicles" waaronder NLtruckkartel waaraan

de schadeclaims zijn overgedragen – moeten stellen (en bewijzen) om de

Rechtbank ertoe te brengen bij vonnis vast te stellen dat de truckfabrikanten

aansprakelijk zijn in verband met de overtreding van het Unierechtelijke

kartelverbod en de zaak daarna te verwijzen naar een zgn.

schadestaatprocedure, waarin de toe te wijzen schadevergoeding wordt

vastgesteld.

In haar tussenvonnis van 15 mei 2019 heeft de Rechtbank Amsterdam

geoordeeld dat de grondslag van de aansprakelijkheid van de truckfabrikanten

in de zgn. hoofdprocedure aan de orde moet komen en daarin moet worden

vastgesteld. Voor verwijzing naar de schadestaatprocedure zullen de

claimanten, onder wie NLtruckkartel, gespecificeerd en concreet moeten

aangeven welke vrachtauto’s gekocht, gehuurd of geleased zijn. De Rechtbank

heeft daarbij opgemerkt dat zij in dit stadium van het geding niet zal aangeven

hoe, en onderbouwd met welke documenten, de schadeclaims ingediend

moeten worden. Daarbij heeft de Rechtbank overwogen dat zij zich kan

voorstellen dat niet van alle vrachtwagens die in de kartelperiode of de zgn.

na-ijlperiode zijn gekocht, gehuurd, geleased of anderszins gebruikt, nog alle

informatie en documentatie voorhanden is. De Rechtbank heeft de zaak

verwezen naar de rol van 18 september 2019 om de eisende partijen in de

gelegenheid te stellen conform het bepaalde in het vonnis stukken ter

onderbouwing van hun vordering in het geding te brengen.

Een separate dagvaarding van NLtruckkartel waarbij de betreffende

truckfabrikanten gedagvaard worden en waarbij schadevergoeding, op te

maken bij staat, wordt gevorderd, is in voorbereiding.

23-05-2019

11

In de week van 15 juli 2019 is op verzoek van NLtruckkartel de dagvaarding

betekend aan de gedaagde truckfabrikanten.

In de dagvaarding wordt uitvoerig toegelicht dat en waarom de gedagvaarde

(Nederlandse en buitenlandse) partijen die een kartel hebben gevormd,

hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de kartelschade, die onder meer door Verkerk

is geleden.

In de dagvaarding wordt melding gemaakt van de betreffende besluiten van

de Europese Commissie en de consequenties daarvan voor de onderhavige

zaak. Tevens wordt gemotiveerd waarom de rechter in casu (ook) Nederlands

recht zal moeten toepassen. In dat kader wordt ook ingegaan op de artikelen

6:193k BW tot en met 6:193t BW (schending van mededingingsrecht), welke

artikelen bij wet van 25 januari 2017 ter implementatie van de betreffende

28-11-2019

12

richtlijn zijn vastgesteld.

In de dagvaarding wordt geconcludeerd dat aan alle vereisten voor

aansprakelijkheid zowel naar EU-recht, als op grond van het toepasselijk

Nederlands recht is voldaan.

Ter rolle van de rechtbank Amsterdam van 29 januari 2020 zullen namens

NLtruckkartel zoveel mogelijk bewijsstukken in het geding worden gebracht ter

onderbouwing van de schade die geclaimd wordt. De procedure wordt daarna

voortgezet.

De dagvaarding die mede namens Verkerk bij de Rechtbank Amsterdam is

aangebracht, maakt deel uit van de in totaliteit 20 dagvaardingen die de

advocaten van NLtruckkartel B.V. en Verkerk bij de Rechtbank Amsterdam

hebben aangebracht in vergelijkbare zaken. De Rechtbank Amsterdam zal deze

zaak in drie rondes behandelen.

In de eerste ronde moeten de truckfabrikanten de conclusie van antwoord eind

juni 2020 indienen en daarbij alle verweren aanvoeren. In deze zaken vindt

eind november 2020 een mondelinge behandeling plaats.

De zaak van Verkerk maakt deel uit van de tweede ronde. De truckfabrikanten

moeten voor de tweede ronde de conclusie van antwoord eind juni 2021

indienen.

28-05-2020

13

Verslag 14

De Rechtbank Amsterdam heeft op 12 mei 2021 in de rechtszaken uit de eerste

ronde een vonnis gewezen, waarbij een aantal knopen veelal in het voordeel

van de eisende partijen zijn doorgehakt. Dit vonnis is gepubliceerd onder

ECL:NL:RBAMS:2021:2391, te vinden op Rechtspraak.nl.

De belangrijkste beslissingen die de rechtbank heeft genomen, zijn de

volgende.

Uitgangspunt voor de beoordeling van de aan de rechtbank voorgelegde

vorderingen is het Boetebesluit van de Europese Commissie van 19 juli 2016.

Feiten die de truckfabrikanten in het kader van de procedure die geleid heeft

tot het Boetebesluit van de Europese Commissie van 19 juli 2016 hebben

erkend, kunnen zij nu niet meer betwisten.

De rechtbank gaat uit van de door de Europese Commissie vastgestelde

inbreuken. Deze zal de rechtbank verder inkleuren in het kader van de

geclaimde schade.

Het betoog van de vrachtwagenfabrikanten dat uitgesloten is dat de door de

Europese Commissie vastgestelde inbreuken tot enige schade hebben geleid,

wordt door de rechtbank verworpen.

Het door de eisende partijen ingebrachte rapport van Harrington & Schinkel

vindt de rechtbank concludent en overtuigend. Volgens dat rapport is sprake

van een nieuw soort kartel en is de theorie van Harrington & Schinkel dat de

lagere schakels in de distributieketen, die niets wisten van de afspraken over

bruto lijstprijzen en de informatie-uitwisseling van bruto lijstprijzen, de bruto

lijstprijzen als kostprijs hebben gezien, volgens de rechtbank overtuigend.

Iedere partij zal aannemelijk moeten maken dat zij schade heeft geleden.

De uitspraak van de rechtbank Amsterdam wordt door NL.truckkartel

gekwalificeerd als een vernietigende procedurele nederlaag voor de

vrachtwagenfabrikanten.

Zoals aangegeven, maakt de zaak van Verkerk deel uit van de tweede ronde.

Recent heeft de rechtbank aan de truckfabrikanten in de tweede ronde uitstel

verleend voor het indienen van de conclusie van antwoord tot oktober 2021 en

meegedeeld dat in deze zaak in 2021 geen zittingen zullen zijn. Volgens de

rechtbank leidt dit op zichzelf niet tot enige vertraging. De lopende procedures

zullen dus worden voortgezet.

Betrokken advocaten achten het mogelijk dat in de loop van 2022

22-07-2021

14

schikkingsonderhandelingen op gang komen, mede omdat dan in verband met

afgelopen verjaringstermijnen meer duidelijkheid bestaat over de totale

omvang van de door de eisende partijen gevorderde schade.

Verslag 15

Op 13 oktober 2021 hebben de truckfabrikanten de conclusies van antwoord

ingediend in de rechtszaken uit de tweede ronde waar gefailleerde belang bij

heeft.

De conclusies wijken volgens de advocaten van NLtruckkartel B.V. slechts in

beperkte mate af van de conclusies van antwoord die in de eerdere

procedures door de truckfabrikanten werden ingediend. Aan eisers - onder

andere NLtruckkartel - zal de gelegenheid worden geboden op deze conclusies

te reageren.

Op 15 september 2022 zal de rechtbank Amsterdam een hoorzitting houden in

de zojuist bedoelde zaken.

Op 2 februari 2022 zal het Europese Gerecht in Luxemburg beslissen of het

besluit van de Europese Commissie tegen Scania in 2017 waarbij Scania

beboet werd voor de participatie in het vrachtwagenkartel, in stand blijft.

23-12-2021

15

Verslag 21:

Op 29 maart 2022 heeft er een hoorzitting plaatsgevonden bij de Rechtbank

Amsterdam met betrekking tot de eerst golf van procedures van claimanten

voor wie de dagvaarding al in 2018 is ingediend. Hoewel deze zitting

plaatsvond in de procedure voor de "eerste golf" zaken is deze desalniettemin

van belang voor partijen in alle procedures.

De Rechtbank Amsterdam heeft aangekondigd dat het op 13 juli 2022

uitspraak zal doen in de eerste golf van procedures. De uitspraak zal naar

verwachting betrekking hebben op (i) de geldigheid van de onderliggende

cessies; (ii) de toepasselijkheid van het Nederlandse regime voor collectieve

acties op deze vorderingen; en (iii) het toepasselijk recht.

Op 2 februari 2022 verwierp het Gerecht van de EU Scania's beroep en de

boete van de Europese Commissie wordt gehandhaafd. Scania betwist dat er

pan-Europese prijsafspraken met andere vrachtwagenfabrikanten zijn

gemaakt. Scania heeft beroep tegen deze uitspraak ingesteld bij het Hof van

Justitie van de EU.

23-06-2022

16

Verslag 22:

Op 27 juli 2022 heeft de Rechtbank Amsterdam in de "eerste golf" zaken

uitspraak gedaan over de ontvankelijkheid van NLtruckkartel, de

rechtsgeldigheid van de cessie-overeenkomsten van NLtruckkartel en het

toepasselijk recht op de vorderingen. De Rechtbank Amsterdam wees daarbij

alle verweren van de truckfabrikanten af.

De zitting die voor 13 en 14 september 2022 gepland was, is geannuleerd

vanwege ziekte van de voorzitter. Omdat op korte termijn geen ruimte in de

agenda beschikbaar was om een nieuwe zitting te plannen, zijn partijen

gevraagd schriftelijk stukken in te dienen met hun standpunten over de

onderwerpen die tijdens de zitting besproken zouden worden.

De claimanten (waaronder NLtruckkartel B.V.) moeten vóór 16 november 2022

een schriftelijk stuk indienen. De vrachtwagenfabrikanten hebben tot 28

december 2022 om hun antwoord in te dienen.

Na deze ronde wil de Rechtbank in overleg met partijen bezien hoe de

procedure verder zal verlopen.

De voorlopige planning luidt dat in 2023 en 2024 zal worden geprocedeerd

voordat een eindoordeel kan worden gegeven.

22-12-2022

17

Verslag 23:

Op 19 en 20 april 2023 heeft bij de Rechtbank Amsterdam een inhoudelijke

zitting plaatsgevonden in de "eerste golf" van vorderingen tegen de

vrachtwagenfabrikanten. De verwachting is dat de Rechtbank in het najaar van

2023 een uitspraak doet naar aanleiding van deze zitting. Deze uitspraak zal

ook van belang zijn in de "tweede golf" van vorderingen, welke van toepassing

is in het onderhavige faillissement.

In deze golf stond er voor 7 juni 2023 een hoorzitting gepland. Deze

hoorzitting is gehouden na een schriftelijke ronde van partijen. De rechtbank

Amsterdam heeft deze keuze gemaakt, omdat een in september 2022

geplande zitting was geannuleerd wegens ziekte van de voorzitter. De

rechtbank heeft de zaak geagendeerd voor een vervolg 28 juni 2023, waarbij

partijen zich mogelijk moeten uitlaten over de vraag of er prejudiciële vragen

aan de Hoge Raad moeten worden gesteld over het toepasselijke recht.

Voorts is de verwachting dat in 2024 een definitieve uitspraak zal worden

gegeven over de aansprakelijkheid van de vrachtwagenfabrikanten. Als die

uitspraak is gegeven, kan mogelijk de volgende fase van de procedure ingaan,

namelijk het eventueel kwantificeren van de schade.

22-06-2023

18

Verslag 24:

Op 13 september 2023 heeft de Rechtbank Amsterdam tussenvonnis gewezen

waarin zij:

heeft bevestigd dat de procedure zal worden aangehouden totdat de

Hoge Raad heeft gereageerd op de prejudiciële vragen;

een concept van de prejudiciële vragen heeft gedeeld met partijen, die

tot 11 oktober 2023 de tijd hebben om hierop te reageren.

Op 8 november 2023 heeft de Rechtbank Amsterdam een vonnis gewezen met

betrekking tot de inhoud van de prejudiciële vragen die aan de Hoge Raad

worden gesteld. De Rechtbank heeft daarbij rekening gehouden met een

aantal belangrijke opmerkingen die de claimanten hebben geplaatst bij de

voorgenomen vragen en deze verwerkt in een definitieve versie.

De procedure bij de Hoge Raad is gestart. de prejudiciële vragen die gesteld

zijn aan de Hoge Raad zien op de uitleg van Europese wetgeving omtrent

schadeveroorzakende gebeurtenissen en de interpretatie van het

toepasselijke recht daarop. De verwachting bestaat dat de procedure bij de

Hoge Raad tot 12 maanden in beslag nemen, mits de Hoge Raad geen advies

wenst in te winnen bij het Europese Hof van Justitie.

Op 14 februari 2024 zal de Rechtbank Amsterdam een beslissing nemen over

de voortzetting van de procedure.

21-12-2023

19

Verslag 25:

Op 1 februari 2024 heeft het Europees Hof van Justitie het beroep van

truckfabrikant Scania afgewezen. De uitspraak van het Europees Hof van

Justitie is definitief en Scania's betrokkenheid bij het kartel is daarmee

bevestigd.

Op 13 maart 2024 heeft de Rechtbank Amsterdam een beslissing genomen in

de groep van truckprocedures. In haar beslissing heeft de Rechtbank

vervolgstappen kenbaar gemaakt:

Op 22 mei 2024 dienden de claimanten te reageren op het voorstel van

de Rechtbank om nu al de omvang van de schade te stellen, in plaats van

dit uit te stellen tot een aparte schadestaatprocedure.

Op 27 november 2024 zullen claimanten in de eerste wave geüpdatete

21-06-2024

20

8.8 Werkzaamheden crediteuren

data indienen bij de Rechtbank.

Op 18 december 2024 zullen claimanten in de tweede wave geüpdatete

data indienen bij de Rechtbank.

Op 15 januari 2025 zullen claimanten in de derde wave geüpdatete data

indienen bij de Rechtbank.

Daarnaast heeft op 5 april 2024 de advocaat-generaal zijn advies gegeven

over de prejudiciële vragen die aan de Hoge Raad zijn gesteld in de tweede

wave van procedures. De uitspraak van de Hoge Raad wordt normaal

gesproken binnen drie maanden na dit advies verwacht.

In juni 2024 is tussen NLtruckkartel en DAF een schikking bereikt. De financiële

consequenties van deze schikking zijn nog niet bekend. Dat zal in de komende

weken duidelijk worden. De procedure tegenover de overige claimanten zal

worden voortgezet overeenkomstig de hiervoor vermelde stappen.

Verslag 26:

Met betrekking tot de tussen NLtruckkartel en Daf bereikte schikking zijn

(middels een portaal) stappen gezet om tot uitkering aan claimanten over te

kunnen gaan. De curator is in afwachting van verdere stappen.

De andere procedure zal verder worden gemonitord.

23-12-2024

21

Verslag 27:

De curator is nog in afwachting van de verdere stappen ter zake de tussen

NLtruckkartel en Daf bereikte schikking.

De andere procedure wordt tevens verder gemonitord. Ter zake is de curator

in deze verslagperiode geen nieuwe informatie bekend geworden.

23-06-2025

22

Verslag 28:

De curator is nog in afwachting van de verdere stappen ter zake de tussen

NLtruckkartel en Daf bereikte schikking. Recent heeft de curator geïnformeerd

naar de stand van zaken. Hij is nog in afwachting van een nader bericht.

De andere procedure wordt tevens verder gemonitord. Ter zake is de curator

in deze verslagperiode geen nieuwe informatie bekend geworden.

22-12-2025

23

Verslag 29:

De curator is nog in afwachting van de verdere stappen ter zake de tussen

NLtruckkartel en Daf bereikte schikking. Recent is hierover contact geweest

en vermoed wordt dat op korte termijn verdere stappen kunnen worden

gezet.

De curator is voorts recent geïnformeerd ter zake de andere procedure

waarin wordt gemonitord. In deze procedure heeft de Rechtbank Amsterdam

op 15 april 2026 (tussen)uitspraak gedaan in verband met het begroten van

de schade in het truckkartel. Deze procedure zal verder worden gemonitord.

Ook heeft op 13 mei 2026 een regiezitting in wave 1 (niet zijnde de wave

waarin gefailleerde deelneemt) plaatsgevonden. Een inhoudelijke zitting zal

naar verwachting in het tweede kwartaal van 2027 plaatsvinden.

22-06-2026

24

8.8 Werkzaamheden crediteuren

9.1 Naam wederpartijen

9.2 Aard procedures

9.3 Stand procedures

9.4 Werkzaamheden procedures

voorbereiden verificatievergadering.

02-05-2018

8

Bij verificatievergadering d.d. 27 maart 2018 zijn de (concurrente) vorderingen

geverifieerd.

23-06-2022

16

9. Procedures

Verwezen wordt naar openbaar verslag 7. 02-05-2018

8

Verwezen wordt naar openbaar verslag 7. 02-05-2018

8

Verwezen wordt naar openbaar verslag 7. 02-05-2018

8

Niet meer van toepassing. 02-05-2018

8

10.1 Plan van aanpak

10.2 Termijn afwikkeling faillissement

10.3 Indiening volgend verslag

10.4 Werkzaamheden overig

Bijlagen

10. Overig

De volgende werkzaamheden zullen door de curator worden voortgezet:

deelname aan truckkartel-claim;

eerste uitdeling aan preferente crediteuren;

02-05-2018

8

De volgende werkzaamheden zullen door de curator worden voortgezet:

deelname aan truckkartel-claim.

22-07-2021

14

De afwikkeling is afhankelijk van de afwikkeling van de procedure tegen de

truckfabrikanten, welke naar verwachting enkele jaren kan duren, tenzij eerder

een regeling in der minne wordt bereikt.

02-05-2018

8

De afwikkeling is afhankelijk van de afwikkeling van de procedure tegen de

truckfabrikanten, welke naar verwachting enkele jaren kan duren, tenzij eerder

een regeling in der minne wordt bereikt.

24-07-2018

9

Verwezen wordt naar 8.7 van dit verslag. 28-05-2020

13

Verwezen wordt naar 8.7 van dit verslag. 22-07-2021

14

Verwezen wordt naar 8.7 van dit verslag. 23-12-2021

15

22-12-2026 22-06-2026

24

Bijlagen