Overzicht met bedrijven in Nederland
Terug naar faillissement

Verslag: 10-01-2025

Supremia B.V. · KVK 20162469 ·F.13/20/178
Verslagdatum
10-01-2025
Procedure
Faillissement
Status
Beëindigd
Rechtbank
Rechtbank Amsterdam

Platte tekst van het verslag

Documentkenmerk: 13_ams_20_178_F_V_26 ·Tekst verwerkt op 27-09-2026 22:21

Openbaar faillissementsverslag

rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)

Naam onderneming

Gegevens onderneming

Activiteiten onderneming

Financiële gegevens

Betreft

Algemene gegevens

Supremia B.V. 15-06-2020

1

Faillissementsnummer : C/02/20/168 F

Datum uitspraak : 14 mei 2020

Curator : Mr. D.J. van Dongen (De Vos & Partners Advocaten N.V., bereikbaar

via

[email protected])

Rechter-Commissaris : Mevrouw mr. A.E. de Vos

15-06-2020

1

Per 1 oktober 2024 is mr. D.J. van Dongen werkzaam bij act legal. Hij is

bereikbaar via [email protected].

10-01-2025

14

Het exploiteren van een onderneming die zich bezighoudt met onder meer de

marketing en groothandel in promotiemateriaal, relatiegeschenken en

logistieke diensten

15-06-2020

1

Verslagnummer 14

Datum verslag 10-01-2025

Insolventienummer F.13/20/178

Toezichtzaaknummer NL:TZ:0000141594:F001

Datum uitspraak 14-05-2020

R-C mr. A.E. de Vos

Curator mr D.J. van Dongen

Financiële gegevens

Toelichting financiële gegevens

Gemiddeld aantal personeelsleden

Boedelsaldo

Jaar Omzet Winst / verlies Balanstotaal
2015 € 44.466.072,00 € 289.723,00 € 17.317.845,00
2016 € 51.392.324,00 € 1.042.309,00 € 11.524.065,00
2017 € 48.330.832,00 € 1.129.413,00 € 12.162.375,00
2018 € 36.687.897,00 € 4.648.146,00 € 10.462.300,00
2019 € 23.373.186,00 - -

Winst en verlies

Tot eind 2019 exploiteerde Supremia haar onderneming vanuit twee

vennootschappen, namelijk Supremia en Supremia Sales Promotion B.V. Eind

2019 is Supremia Sales Promotion B.V. opgegaan in Supremia. De curator zal

de gegevens van beide vennootschappen – hoewel de fusie pas eind 2019

plaatsvond – in de verslaglegging consolideren, althans samenvoegen

Balanstotaal

Tot en met eind 2019 exploiteerde Supremia haar onderneming vanuit twee

vennootschappen, namelijk Supremia en Supremia Sales Promotion B.V. Eind

2019 is Supremia Sales Promotion B.V. opgegaan in Supremia. De curator zal

de gegevens van beide vennootschappen – hoewel de fusie pas eind 2019

plaatsvond – in de verslaglegging consolideren, althans samenvoegen.

15-06-2020

1

Winsten Verlies / Balanstotaal

De curator heeft met goedkeuring van de rechter-commissaris opdracht

gegeven aan Nuijten & Nederpel om een (beknopt) onderzoek te doen naar de

financiële administratie.

05-01-2021

3

28

Toelichting

Supremia heeft 28 werknemers in dienst. De werknemers zijn betaald tot en

met april 2020. De curator heeft contact opgenomen met UWV om de

Loongarantieregeling in werking te stellen. De intake van de werknemers door

UWV heeft inmiddels plaatsgevonden.

Supremia heeft haar onderneming in 2018 en 2019 gereorganiseerd, waarbij

een deel van het werknemersbestand is afgevloeid. Er waren in de jaren

voorafgaand aan het faillissement circa 50 werknemers in dienst.

Met machtiging van de rechter-commissaris heeft de curator bij brief van 20 mei

2020 de arbeidsovereenkomsten met de werknemers opgezegd ex artikel 40

Fw. Het UWV heeft vervolgens de Loongarantieregeling in werking gesteld.

15-06-2020

1

Boedelsaldo

Verslagperiode

€ 712.804,72

15-06-2020

1

€ 833.778,53

17-09-2020

2

€ 856.070,18

05-01-2021

3

€ 909.385,82

22-04-2021

4

€ 904.461,35

22-07-2021

5

€ 791.139,10

12-11-2021

6

€ 797.561,35

04-03-2022

7

€ 762.990,66

13-09-2022

9

€ 720.298,02

23-11-2023

11

€ 724.691,68

22-02-2024

12

€ 735.845,16

25-09-2024

13

van

14-5-2020

t/m

15-6-2020

15-06-2020

1

van

16-6-2020

t/m

17-9-2020

17-09-2020

2

van 05-01-2021

3

18-9-2020

t/m

5-1-2021

van

6-1-2021

t/m

22-4-2021

22-04-2021

4

van

23-4-2021

t/m

22-7-2021

22-07-2021

5

van

23-7-2021

t/m

9-11-2021

12-11-2021

6

van

11-11-2021

t/m

3-3-2022

04-03-2022

7

van

4-3-2022

t/m

13-6-2022

13-06-2022

8

van

14-6-2022

t/m

13-9-2022

13-09-2022

9

van

14-2-2023

t/m

22-11-2023

23-11-2023

11

van

23-11-2023

22-02-2024

12

Bestede uren

Toelichting bestede uren

1.1 Directie en organisatie

t/m

21-2-2024

van

22-2-2024

t/m

24-9-2024

25-09-2024

13

VerslagperiodeBestede uren

1 296 uur 18 min
2 269 uur 54 min
3 120 uur 54 min
4 116 uur 30 min
5 70 uur 24 min
6 56 uur 48 min
7 83 uur 48 min
8 52 uur 42 min
9 27 uur 36 min
10 20 uur 24 min
11 74 uur 36 min
12 20 uur 48 min
13 14 uur 6 min
14 13 uur 24 min

totaal 1.238 uur 12 min

1. Inventarisatie

Supremia B.V. (“Supremia”) is opgericht bij notariële akte van 12 november

2009. De aandelen worden gehouden door de in België gevestigde

vennootschap Supremia N.V. De bestuurders van Supremia N.V. zijn de in

België gevestigde vennootschappen Supremia Holdings N.V. en Saffelberg

Directors & Management Services B.V. (“SDMS”). Van SDMS is de heer J. Sluys

de alleen/zelfstandig bevoegde bestuurder.

15-06-2020

1

1.2 Lopende procedures

1.3 Verzekeringen

De alleen/zelfstandig bevoegde bestuurder van Supremia is de besloten

vennootschap Supremia Holdings N.V., waarvan SDMS en Elleze B.V.

bestuurder zijn. Op grond van de statuten van Supremia Holding N.V. geldt dat

SDMS een gedelegeerd bestuurder is die naar Belgisch recht zelfstandig

bevoegd is om namens het bestuur van Supremia Holdings N.V. te handelen.

De heer J. Sluys is daardoor de (indirect) alleen/zelfstandig bevoegde

bestuurder van Supremia.

Supremia hield tot eind 2019 alle aandelen in het vermogen van de in

Nederland gevestigde vennootschap Supremia Sales Promotion B.V. Eind 2019

zijn Supremia Sales Promotion B.V. en Supremia gefuseerd en zijn de

gezamenlijke activiteiten voortgezet in de besloten vennootschap van

Supremia.

De Supremia-groep, bestaande uit vennootschappen in Nederland, België,

Duitsland, Frankrijk en Verenigd Koninkrijk (“Supremia-groep”), werd deels

aangestuurd vanuit België. In België bevond zich het shared service center van

waaruit verschillende ICT-diensten werden gefaciliteerd en aangestuurd.

Voorts zit de Supremia-groep voor wat betreft de groepsfinanciering samen in

een cashpool van KBC Bank N.V. (België).

Voor een toelichting op de directie en de organisatie wordt verwezen naar het

eerste openbare verslag.

17-09-2020

2

Voor zover bekend is Supremia niet betrokken bij lopende procedures. 15-06-2020

1

Afgewikkeld. Er is geen sprake van lopende procedures. 17-09-2020

2

1.3 Verzekeringen

1.4 Huur

Op datum faillissement beschikte de Belgische vennootschap Supremia N.V.

over een ruim pakket aan verzekeringen, onder welke polis ook Supremia was

meeverzekerd. Supremia beschikte zelf ook over verschillende verzekeringen.

Het betroffen onder meer de navolgende verzekeringen:

• Overheidsaansprakelijkheid;

• Burgerlijke aansprakelijkheid;

• Financiële risico’s;

• Verzuimverzekering;

• Inventaris/goederen/bedrijfsschade/ongevallen/personenauto;

• WEGAM verzekering

Van het bestuur van Supremia vernam de curator dat er sprake is van

uitloopdekking(en). De curator heeft dat nog niet kunnen verifiëren.

De curator heeft de polissen opgevraagd en zal de verzekeringen indien

opportuun beëindigen per datum faillissement en daarbij aanspraak maken op

premierestituties.

15-06-2020

1

Voor een overzicht van de (op datum faillissement lopende) verzekeringen

wordt verwezen naar het eerste openbare verslag.

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator de lopende

verzekeringspolissen opgezegd en aanspraak gemaakt op premierestituties.

De afrekening van de verschillende polissen ziet er als volgt uit:

Factuurnummer Boekdatum Notadatum Polisnummer Openstaand bedrag

21349387 01-04-2020 01-04-2020 13878 1.837,50

21366649 11-05-2020 11-05-2020 13878 525

21401914 30-06-2020 30-06-2020 A02045301 -2.166,91

21384325 01-07-2020 01-07-2020 5431ZP001462 296,91

21402329 06-07-2020 06-07-2020 50104971 -18,75

21402548 09-07-2020 09-07-2020 MZP16590 -6.022,22

21433646 25-08-2020 25-08-2020 500124768 -550,25

-6.098,72

De curator verwacht dat de premierestitutie van € 6.098,72 op korte termijn

wordt bijgeschreven op de faillissementsrekening.

17-09-2020

2

Het bedrag van EUR 6.098,72 is inmiddels bijgeschreven op de

faillissementsrekening.

05-01-2021

3

Afgewikkeld. Verwezen wordt naar de voorgaande openbare verslagen. 22-07-2021

5

1.4 Huur

1.5 Oorzaak faillissement

Supremia huurt een kantoorruimte aan de Burgemeester Stramanweg 105 E te

Amsterdam. De gehuurde kantoorruimte heeft een oppervlakte van 560 m2.

Het gehuurde doet dienst als hoofdkantoor. De jaarlijkse huurprijs bedraagt

€116.052,50, te vermeerderen met servicekosten en btw. De

huurovereenkomst is door de curator op 28 mei 2020 ex artikel 39 Fw - met

machtiging van de rechter-commissaris - opgezegd.

Het voorgaande betekent dat de curator het gehuurde uiterlijk op 28 augustus

2020 dient op te leveren. De curator heeft vernomen dat er een bankgarantie

is gesteld door KBC Bank N.V. De curator beoogt in overleg te treden met de

verhuurder om afspraken te maken over de oplevering.

Huur distributiecentrum

Voorheen huurde Supremia een locatie in Breda voor de opslag en verwerking

van voorraden, maar die huurrelatie is (kort) voor het faillissement in het kader

van de reorganisatie beëindigd. Door de Belgische entiteit(en) wordt in

Willebroek een distributiecentrum gehuurd, waarvan Supremia gebruik maakt.

Naar verluidt heeft de Belgische doorstarter de huurrelatie van het

distributiecentrum in Willebroek overgenomen.

15-06-2020

1

Voor een toelichting op de huurrelatie van de kantoorruimte aan de

Burgemeester Stramanweg 105 E te Amsterdam, en de voormalige huurrelatie

van het distributiecentrum in Brede, wordt verwezen naar het eerste openbare

verslag.

In de afgelopen verslagperiode is de huurrelatie afgewikkeld en is de

kantoorruimte in Amsterdam opgeleverd. In het kader van de oplevering heeft

de verhuurder een viertal glazen scheidingswanden en een keukenblok

overgenomen van de boedel, ter voorkoming van het ontstaan van schade

door de verwijdering van die goederen.

Met deze onderhandse verkoop is een actief van € 1.880 gerealiseerd.

17-09-2020

2

Afgewikkeld. Verwezen wordt naar de voorgaande openbare verslagen. 22-07-2021

5

De curator heeft gesproken met het bestuur van Supremia, alsmede met de

managing director. Het bestuur en de managing director verklaarden als volgt

over de activiteiten van Supremia en de oorzaken van het faillissement.

Activiteiten

Supremia houdt zich bezig met de ontwikkeling, productie en het vervoer van

promotiemateriaal en relatiegeschenken. Daarnaast exploiteert zij een

marketingbedrijf. Zo ontwikkelde Supremia promotiemateriaal voor grote

bedrijven zoals Unilever, Procter & Gamble, PepsiCo en KraftHeinz. Supremia

ontwikkelde bijvoorbeeld een grote hoeveelheid sjaals met een logo en/of

bedrukking erop ten behoeve van het WK voetbal. Dat materiaal wordt

grotendeels in Azië geproduceerd. Supremia begeleidt het proces van A tot Z

om de klant zo volledig te ontzorgen. Supremia zorgt ervoor dat de producten

aan alle kwaliteitseisen voldoen en verzorgt het transport vanuit Azië naar de

klant.

Supremia heeft vestigingen over de hele wereld. De entiteiten in Duitsland,

Frankrijk, België en Nederland zijn inmiddels failliet, of hebben faillissement

aangevraagd. Voor Rusland, Azië, Verenigd Koninkrijk en USA geldt

15-06-2020

1

grotendeels hetzelfde. Naar verluidt kan een faillissement van Supremia in

Zwitserland worden voorkomen. Het faillissement van Supremia België is op 20

april 2020 uitgesproken.

Oorzaken faillissement

De Supremia-groep (destijds nog Gemaco) heeft sinds 2018 een roerige

periode doorgemaakt. Tot en met begin 2018 was SDMS aandeelhouder van

de Gemaco-groep, waarvan de topholding in België gevestigd is (“Gemaco”).

Begin 2018 werd Gemaco verkocht aan een Duitse investeringsmaatschappij.

Onder leiding van de Duitse investeringsmaatschappij nam Gemaco in de

zomer van 2018 concurrent Supremia over (een van de grootst marktpartijen in

het Verenigd Koninkrijk). In de zomer van 2018 werd de oprichter van Gemaco

door de Belgische politie verdacht van financiële fraude, witwassen in het

voetbalmilieu en matchfixing. Dat zorgde voor onrust bij Gemaco en leidde tot

een groot verloop in het personeels- en managementbestand.

Begin 2019 kwamen de aandelen in Gemaco weer in handen van SDMS en ging

de groep verder onder de naam Supremia. De schuldpositie van de Supremia-

groep was op dat moment aanzienlijk, mede vanwege de vele overnames in

2018. SDMS heeft getracht te reorganiseren door het personeelsbestand te

saneren en door een nieuw management aan te stellen, maar dat bleek niet

afdoende. In 2019 werd de Supremia-groep geconfronteerd met een aantal

aanzienlijk claims uit het verleden, naar aanleiding waarvan SDMS met KBC

Bank N.V. (“KBC Bank”) in overleg is getreden over een overbruggingskrediet

van 5mio. Vanwege de Covid-19 problematiek verslechterden de

verkoopresultaten van de Supremia-groep en liepen de gesprekken met KBC

Bank vast, waardoor SDMS heeft besloten om eigen aangifte van faillissement

van de Belgische vennootschappen te doen.

Het bestuur en de managing director verklaarden dat het faillissement in België

ook een belangrijke oorzaak is geweest van het Nederlandse faillissement. De

entiteiten in Duitsland, Frankrijk, België en Nederland zitten voor wat betreft

de groepsfinanciering samen in een cashpool van KBC Bank. Naast de

groepsfinanciering werden verschillende andere diensten ook via het shared

service center aangestuurd vanuit België. Het faillissement van België heeft

ervoor gezorgd dat de Supremia-groep werd afgesneden van krediet. De

betaling van de crediteuren van de Nederlandse vennootschap werd

bijvoorbeeld gecoördineerd en uitgevoerd vanuit België. Omdat de entiteit in

België failleerde, kon Supremia haar leveranciers niet meer voldoen met als

gevolg dat opdrachten niet konden worden afgerond. De onderneming werd zo

in een houdgreep gehouden waardoor de eigen aangifte van faillissement de

enige oplossing was.

Verder had Supremia een factorovereenkomst met KBC Commercial Finance

N.V. (“KBC Commercial Finance”), op grond waarvan het debiteurenbestand

tegen een vergoeding werd voorgefinancierd. Vanwege het faillissement in

België heeft KBC Commercial Finance die factorovereenkomst begin mei

opgezegd, waardoor Supremia direct in liquiditeitsnood terecht kwam. De

betaaltermijn voor de meeste debiteuren bedroeg drie maanden. Supremia

beschikte vanwege de beëindigde cashpool niet over een eigen buffer om het

gat in de liquiditeit op te vangen.

De curator zal de door het bestuur gestelde oorzaak van het faillissement op

juistheid controleren.

Voor een toelichting op de activiteiten van Supremia en op de door het bestuur

genoemde oorzaken van het faillissement, wordt verwezen naar het eerste

openbare verslag.

17-09-2020

2

De curator zal de door het bestuur gestelde oorzaak van het faillissement op

juistheid controleren.

In de afgelopen verslagperiode is de curator begonnen aan het oorzaken- en

rechtmatighedenonderzoek. In dat kader heeft de curator samen met Nuijten &

Nederpel een vragenlijst opgesteld, die met het bestuur is gedeeld. Het

bestuur heeft onderbouwd gereageerd op de vragen van de curator. De

curator zal de antwoorden van het bestuur in de aankomende verslagperiode

bestuderen en verwerken in het rechtmatighedenrapport.

22-04-2021

4

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator zich gericht op het oorzaken-

en rechtmatighedenonderzoek. In dat kader zijn er verschillende vragenlijsten

met het bestuur gedeeld, die deels door het bestuur zijn beantwoord.

Voorts heeft de curator zich samen met de bestuurder gericht op het

ontvlechten van de e-mailboxen. De curator heeft namelijk vastgesteld dat er

in het kader van de bedrijfsvoering (veelvuldig) gebruik is gemaakt van e-mail

extensies die toebehoren aan de bestuurder-vennootschap. De curator heeft

aanspraak gemaakt op die e-mailboxen, althans op de betreffende e-mails. In

de afgelopen verslagperiode zijn de curator en de bestuurder, met hulp van

Insolvit, overeengekomen onder welke voorwaarden de ontvlechting zal

plaatsvinden.

Zodra de betreffende e-mails ter beschikking zijn gesteld aan de curator, zal

de curator de e-mails betrekken in het oorzaken- en

rechtmatighedenonderzoek.

22-07-2021

5

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator - met behulp van Insolvit - de

betreffende e-mails van de bestuurder veiliggesteld. Deze e-mails zijn

inmiddels ter beschikking gesteld aan de curator. In de komende

verslagperiode zal de curator de veiliggestelde e-mailboxen bestuderen en

deze betrekken in het oorzaken- en rechtmatighedenonderzoek.

12-11-2021

6

De curator is nog bezig met het onderzoek naar de oorzaken van het

faillissement en naar de eventuele onrechtmatigheden. In dat kader heeft de

curator reeds twee vragenbrieven gedeeld met het bestuur van Supremia,

waarop het bestuur onderbouwd heeft gereageerd. Naar aanleiding van deze

informatie heeft de curator in de afgelopen verslagperiode een derde

vragenbrief opgesteld en met het bestuur gedeeld.

De curator verwacht dat hij na beantwoording door het bestuur van de laatste

vragenbrief kan starten met het opstellen van het onderzoeksrapport.

04-03-2022

7

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator de reactie van het bestuur op

de derde vragenbrief uitvoerig bestudeerd. Naar aanleiding van de

beantwoording door het bestuur is de curator gestart met het opstellen van

het onderzoeksrapport. De curator verwacht dat hij in de komende

verslagperiode zijn voorlopige bevindingen uit het onderzoeksrapport kan

delen met de rechter-commissaris.

13-06-2022

8

De curator is nog bezig met het oorzaken- en rechtmatighedenonderzoek. De

curator verwacht dat hij zijn voorlopige conclusies in de komende

verslagperiode kan delen met de rechter-commissaris.

13-09-2022

9

De curator is nog bezig met het oorzaken- en rechtmatighedenonderzoek. De

curator verwacht dat hij zijn voorlopige conclusies in de komende

verslagperiode kan delen met de rechter-commissaris.

16-02-2023

10

2.1 Aantal ten tijde van faillissement

2.2 Aantal in jaar voor faillissement

2.3 Ontslagaanzegging

2.4 Werkzaamheden personeel

De curator heeft het rapport over het oorzaken- en rechtmatighedenonderzoek

afgerond, waarin zijn voorlopige conclusies zijn verwerkt. In de komende

verslagperiode zal de curator zijn voorlopige conclusies bespreken met de

rechter-commissaris.

23-11-2023

11

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator zijn voorlopige bevindingen

gepresenteerd aan de rechter-commissaris. De curator ziet geen aanleiding om

aan de door het bestuur genoemde oorzaken van het faillissement te twijfelen.

Daarmee is dit onderdeel afgewikkeld.

22-02-2024

12

2. Personeel

Personeelsleden

28

Toelichting

Supremia heeft 28 werknemers in dienst. De werknemers zijn betaald tot en

met april 2020. De curator heeft contact opgenomen met UWV om de

Loongarantieregeling in werking te stellen. De intake van de werknemers door

UWV heeft inmiddels plaatsgevonden.

15-06-2020

1

Toelichting

Afgewikkeld. Het personeel is ontslagen en de loongarantieregeling is in gang

gezet. Voor een toelichting wordt verwezen naar het eerste openbare verslag.

17-09-2020

2

Personeelsleden

50

Toelichting

Supremia heeft haar onderneming in 2018 en 2019 gereorganiseerd, waarbij

een deel van het werknemersbestand is afgevloeid. Er waren in de jaren

voorafgaand aan het faillissement circa 50 werknemers in dienst.

15-06-2020

1

Afgewikkeld. Het personeel is ontslagen en de loongarantieregeling is in gang

gezet. Voor een toelichting wordt verwezen naar het eerste openbare verslag.

17-09-2020

2

3.1 Onroerende zaken

Toelichting onroerende zaken

3.2 Werkzaamheden onroerende zaken

3.3 Bedrijfsmiddelen

Toelichting bedrijfsmiddelen

3.4 Bodemvoorrecht fiscus

3. Activa

Beschrijving Verkoopopbr.HypotheekBoedelbijdr.

Failliet zou geen eigenaar van onroerende

zaken zijn; de kantoorruimte werd

gehuurd.

totaal € 0,00 € 0,00

Afgewikkeld. Er is geen sprake van onroerende zaken. 17-09-2020

2

Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage

Verkoopopbrengst nog niet van toepassing.

totaal € 0,00 € 0,00

Tot de boedel van Supremia behoort een bedrijfsinventaris. De kantoorruimte

voorziet in werkplekken voor circa 40 werknemers, waarbij iedere werkplek is

uitgerust met een desktop computer en/of een laptop. Bovendien voorziet de

kantoorruimte in een fotostudio uitgerust met een 3D-printer, waarmee

Supremia in-house kon zorgen voor een deel van de sampling voor klanten. Er

rust geen pandrecht op de bedrijfsinventaris.

De curator zal de bedrijfsinventaris in de navolgende verslagperiode te gelde

maken. De curator heeft daarvoor TBAuctions (voorheen: Troostwijk & BVA

Auctions) ingeschakeld.

15-06-2020

1

Voor een toelichting op de bedrijfsinventaris wordt verwezen naar het eerste

openbare verslag.

In de afgelopen verslagperiode heeft BVAuctions de veiling van de

bedrijfsinventaris ter hand genomen. De curator heeft een viertal laptops en

een tweetal telefoons onderhands verkocht aan de doorstartende partij,

waarmee een opbrengst van € 2.275 is gerealiseerd.

Voorts vernam de curator dat zich in de loods van de Belgische entiteit van

Supremia nog een heftruck, een inpakmachine en een tweetal lopende banden

bevonden, die toebehoren aan Supremia.

BVAuctions heeft die goederen in België opgehaald en zal de veiling daarvan in

de aankomende verslagperiode ter hand nemen.

17-09-2020

2

3.4 Bodemvoorrecht fiscus

3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen

3.6 Voorraden / onderhanden werk

Toelichting voorraden / onderhanden werk

Voor wat betreft de vorderingen van de Belastingdienst kan artikel 21 lid 2 jo.

22 lid 3 IW 1990 met zich meebrengen dat het fiscaal voorrecht boven het

recht van pand gaat. Nu de bedrijfsmiddelen niet zijn verpand, doet deze

situatie zich niet voor. Voor alle vorderingen van de Belastingdienst geldt het

reguliere fiscale voorrecht van artikel 21 IW 1990.

15-06-2020

1

De curator heeft op verschillende locaties voorraden aangetroffen. Het gaat om

voorraden die in opdracht van Supremia zijn geproduceerd en zijn gekocht van

leveranciers. Supremia beschikte over een distributiecentrum waar de

ingekochte voorraad werd opgeslagen. Ingevoerde en verscheepte goederen

werden tijdelijk opgeslagen bij transporteur Santova Logistics B.V. (“Santova”).

Vandaar werden de goederen vervoerd naar een eigen distributiecentrum (het

“Distributiecentrum”) van de Supremia-groep in Willebroek (België).

Voorraden België

Het overgrote merendeel van de voorraad van Supremia staat opgeslagen in

het Distributiecentrum in Willebroek en is (zo lijkt het) vrij van pandrechten.

Het Distributiecentrum wordt thans beheerd door de Belgische doorstarter, die

in overleg met de Belgische curator alle voorraden heeft overgenomen en

(naar verluidt) zorgdraagt voor de rechten van derden. Die rechten van derden

bestaan onder meer uit (i) aanspraken van Supremia en/of andere vestigingen

van de Supremia-groep en (ii) aanspraken van leveranciers met

leveranciersrechten zoals eigendomsvoorbehouden en het recht van reclame.

De voorraad bestaat grotendeels uit klantspecifieke custom made

merchandise, die door de klant “op afroep” kon worden besteld via

klantspecifieke webshop-toepassingen in beheer bij Supremia. In dat kader

waren termijncontracten gesloten met klanten, die de rechten tot afroep van

de klant en voorwaarden voor inkoop van Supremia regelden. Van belang is

dat op klanten een afnameverplichting rust aan het einde van het contract,

zodat Supremia niet met een voorraad blijft zitten die door de klant niet tijdig

is afgeroepen en/of is betaald.

De voorraad heeft een boekwaarde van circa €750.000. Ongeveer de helft van

die voorraad is voorgefinancierd door Supremia en moet aldus nog worden

betaald door de klant (wanneer de voorraad wordt afgeroepen). De andere

helft is door de klanten van Supremia voorgefinancierd/betaald en kon

(voorafgaand aan het faillissement) aldus zonder betaling via de webshops

worden afgeroepen. De curator heeft vooralsnog vastgesteld dat het

eigendomsrecht van de door de klant voorgefinancierde voorraad op datum

faillissement niet over is gegaan van Supremia op de klant, omdat de levering

op datum faillissement niet heeft plaatsgevonden. De door de klant

voorgefinancierde voorraad valt aldus onder het faillissementsbeslag. De

curator zal proberen om praktische en redelijke oplossingen te bereiken met

de betreffende klanten.

In verband met de merkrechten die rusten op deze voorraad is de verkoop en

levering onderhevig aan toestemming van de klant. Bovendien bevatten veel

termijncontracten met klanten bepalingen op grond waarvan het de curator

niet vrijstaat om klantspecifieke informatie te delen met derden en/of te

beschikken over de goederen die in opdracht van de klant zijn geproduceerd.

15-06-2020

1

Voor een toelichting op de verkoop van de voorraden, wordt verwezen naar

hoofdstuk 6.

Voorraden Santova

Op datum faillissement bevonden zich voorts voorraden onder derden, onder

wie Santova, voornamelijk in het kader van het onderhanden werk. Santova

heeft zich reeds op een retentierecht beroepen ten aanzien van de goederen

die zij houdt. Santova is een in Nederland gevestigde transporteur die diverse

diensten op het gebied van transport en opslag verleende voor Supremia.

Kort na faillissement (op 14 mei 2020) werd de curator benaderd door een

klant van Supremia die de curator een termijn stelde ten aanzien van een

partij goederen die zich bij transporteur Santova bevond. De curator werd

verzocht om uiterlijk op 18 mei 2020 te leveren. De (klantspecifieke en met

logo’s bedrukte) voorraden waren nodig voor de productie van een speciale

actie van een grote Nederlandse loterij. De overeengekomen uitleverdata

waren bindend, omdat honderden uitgiftepunten in die specifieke uitleverweek

ruimte en mankracht hebben geregeld om de stroom aan consumenten van de

loterij te kunnen verwerken. Indien de leverdatum niet zou worden gehaald,

zou de klant voor een alternatief kiezen en zou de voorraad niet meer worden

afgenomen. Dat zou tot schade voor de boedel leiden omdat de

liquidatiewaarde van die voorraad naar verwachting nihil bedraagt. Voorts zou

Santova schade lijden omdat zij met een onverkoopbare partij goederen zou

blijven zitten. De curator diende aldus snel te schakelen.

Met toestemming van de rechter-commissaris heeft de curator op 18 mei 2020

een driepartijen overeenkomst gesloten met Santova en de klant, op grond

waarvan Santova een deel van haar facturen voldaan kreeg en de boedel een

koopprijs van €60.500 (incl. btw) ontving voor de goederen.

Er bevinden zich thans nog meer voorraden onder Santova. De curator zal

steeds trachten om – in overleg met de doorstarter die het onderhanden werk

in beoordeling heeft – een oplossing te vinden. Van belang daarbij is dat het in

alle gevallen om klantspecifieke goederen gaat, die (nog afgezien van de

merkenrechtelijke obstakels bij een verkoop) op een veiling weinig tot niets op

zullen brengen.

Voorraden buiten doorstart

Een aantal klanten heeft reeds aangegeven geen toestemming te verlenen

voor de overdracht van de voorraden aan de doorstartende partij (verwezen

wordt naar hoofdstuk 6). De curator treedt met die partijen in overleg over de

levering van die voorraden. Nu het de curator niet vrijstaat om de goederen

aan een derde partij te verkopen, ligt verkoop van die goederen aan de klant

voor de hand. Hoewel in een aantal van de overeenkomsten een

opzegmogelijkheid bij faillissement is geregeld, zal de curator de klanten waar

mogelijk en redelijk aan de afnameverplichting houden (een en ander in het

licht van het Megapool-arrest).

Met toestemming van de rechter-commissaris heeft de curator

overeenstemming bereikt met een grootbank over de onderhandse verkoop en

levering van de voorraden voor een bedrag van €29.971,12, waarop nog in

mindering komt de (nog te bepalen) transportkosten die de klant voor haar

rekening neemt.

Onderhanden werk

Supremia beschikte ten tijde van het faillissement over een diverse portefeuille

van onderhanden werk. Zo bestonden er verschillende overeenkomsten om

aan klanten partijen voorraad te leveren. De curator heeft een analyse

gemaakt van het onderhanden werk op projectniveau om tot het inzicht te

kunnen komen welke projecten zich lenen voor voortzetting of overdracht.

Vanwege de verschillende botsende aanspraken, achterstallige facturen en

logistieke uitdagingen bleek dat onhaalbaar. Voorts heeft een aantal klanten

opdrachten geannuleerd vanwege het faillissement en/of vanwege

vertragingen. Bovendien speelde het feit mee dat de meeste aangetroffen

voorraden nog niet waren ingeklaard. De in Azië geproduceerde voorraden

moeten namelijk worden ingevoerd alvorens deze kunnen worden verkocht

binnen de EU. Door het faillissement kon Supremia die inklaring niet meer

verzorgen. Een derde – bijvoorbeeld een doorstartende partij – zou daartoe

nog wel kunnen overgaan.

In het kader van de doorstart heeft de curator geïnteresseerde partijen de

gelegenheid geboden om het onderhanden werk te beoordelen om zo te

onderzoeken of het opportuun is lopende orders over de nemen middels

contractsovername.

Het staat de curator echter niet vrij om zonder toestemming van de klant

informatie met een doorstartende of overnemende partij te delen. De curator

heeft in dat kader aangeboden om de klanten te benaderen met een

aankondiging en aanbeveling van de doorstartende partij, alsmede met een

verzoek om toestemming de klantinformatie (waaronder raamovereenkomsten

en/of informatie over lopende orders) te delen.

Voor een beschrijving van de projecten die worden overgedragen en worden

voortgezet, wordt verwezen naar hoofdstuk 6.

Schikkingsovereenkomst FMCG-klant

Op datum faillissement liepen er bij Supremia 23 orders voor een grote FMCG-

klant. Die klant meldde zich kort na de faillietverklaring bij de curator om een

oplossing te bespreken voor de orderportefeuille. De FMCG-klant gaf al aan

niet bereid c.q. geïnteresseerd te zijn om de resultaten van de doorstart af te

wachten, omdat zij een deel van de lopende orders graag zelf wilde

onderbrengen bij een door haar gekozen preferred supplier. De curator heeft

de betreffende orderportefeuille dan ook buiten de doorstart gehouden.

De FMCG-klant heeft aangegeven 14 orders te willen annuleren, waartoe zij op

grond van de raamovereenkomst ook gerechtigd lijkt te zijn. De overige 9

orders wenste zij onder te brengen bij een door haar gekozen preferred

supplier. De curator heeft aangegeven bereid te zijn om daaraan mee te

werken, onder de voorwaarde dat de FMCG-klant een vergoeding zou betalen

voor de navolgende posten:

1. De reeds door Supremia gemaakt kosten, zoals aanbetalingen aan

fabrieken en kosten van transport;

2. De marge die Supremia zou hebben gerealiseerd voor de opdrachten;

3. De werkzaamheden van de accountmanager(s) van Supremia, die

noodzakelijk zijn om de contractsovernames in goede banen te leiden;

4. De projectinformatie, die bestaat uit talloze testrapporten, compliance-

rapporten en andere informatie die behoren tot de know how van

Supremia en die een nieuwe leverancier nodig zal hebben.

Met toestemming van de rechter-commissaris is de curator overeengekomen

dat de FMCG-klant aan de boedel een bedrag van maximaal €80.000 (incl. btw)

voldoet, waarop in mindering komt eventuele kosten van derden die buiten de

begroting van de lopende orders vallen. Daarbij kan gedacht worden aan

eventuele vertragings- en/of opslagkosten die zijn ontstaan omdat Supremia al

enige tijd niet in staat was om leveranciers te voldoen. Die kosten neemt de

FMCG-klant voor haar rekening en worden in redelijkheid in mindering gebracht

op de vergoeding die de boedel toekomt.

3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk

De veilingopbrengst van de verschillende kavels met kantoorinventaris is als

volgt.

Veiling 49233 (bezorgkavels);

Som startbedrag: € 1.226,-

Aantal kavels: 131 waarvan op 123 geboden

Biedingen: 889

Biedconversie: 94%

Totaal netto geboden bedrag: € 9.656,- excl. BTW

Veiling 49458 (ophaalkavels);

Som startbedrag: € 655,-

Aantal kavels: 7 waarvan op 6 geboden

Biedingen: 63

Biedconversie: 86%

Totaal netto geboden bedrag: € 1.961,- excl. BTW

De curator vernam van BVAuctions dat de veiling van de data dragende

goederen nog niet is afgerond. Naar verwachting vindt die veiling in de

aankomende verslagperiode plaats.

17-09-2020

2

In de afgelopen verslagperiode zijn alle veilingen afgerond, waarna BVAuctions

de curator heeft voorzien van een eindafrekening.

BVAuctions heeft in totaal 17 veilingen georganiseerd, waarmee een totale

opbrengst van EUR 60.963,44 (excl. btw) is gerealiseerd.

05-01-2021

3

In de afgelopen verslagperiode heeft BVAuctions een drietal (rest)betalingen

gedaan, van in totaal € 4.654,91. Daarmee komt het uiteindelijk gerealiseerde

bedrag van de executieveilingen neer op 65.618,35 (excl. btw).

22-07-2021

5

De curator heeft op verschillende locaties voorraden aangetroffen. Het gaat om

voorraden die in opdracht van Supremia zijn geproduceerd en zijn gekocht van

leveranciers. Supremia beschikte over een distributiecentrum waar de

ingekochte voorraad werd opgeslagen. Ingevoerde en verscheepte goederen

werden tijdelijk opgeslagen bij transporteur Santova Logistics B.V. (“Santova”).

Vandaar werden de goederen vervoerd naar een eigen distributiecentrum (het

“Distributiecentrum”) van de Supremia-groep in Willebroek (België).

Voorraden België

Het overgrote merendeel van de voorraad van Supremia staat opgeslagen in

het Distributiecentrum in Willebroek en is (zo lijkt het) vrij van pandrechten.

Het Distributiecentrum wordt thans beheerd door de Belgische doorstarter, die

in overleg met de Belgische curator alle voorraden heeft overgenomen en

(naar verluidt) zorgdraagt voor de rechten van derden. Die rechten van derden

bestaan onder meer uit (i) aanspraken van Supremia en/of andere vestigingen

van de Supremia-groep en (ii) aanspraken van leveranciers met

leveranciersrechten zoals eigendomsvoorbehouden en het recht van reclame.

De voorraad bestaat grotendeels uit klantspecifieke custom made

merchandise, die door de klant “op afroep” kon worden besteld via

klantspecifieke webshop-toepassingen in beheer bij Supremia. In dat kader

waren termijncontracten gesloten met klanten, die de rechten tot afroep van

de klant en voorwaarden voor inkoop van Supremia regelden. Van belang is

dat op klanten een afnameverplichting rust aan het einde van het contract,

zodat Supremia niet met een voorraad blijft zitten die door de klant niet tijdig

is afgeroepen en/of is betaald.

15-06-2020

1

De voorraad heeft een boekwaarde van circa €750.000. Ongeveer de helft van

die voorraad is voorgefinancierd door Supremia en moet aldus nog worden

betaald door de klant (wanneer de voorraad wordt afgeroepen). De andere

helft is door de klanten van Supremia voorgefinancierd/betaald en kon

(voorafgaand aan het faillissement) aldus zonder betaling via de webshops

worden afgeroepen. De curator heeft vooralsnog vastgesteld dat het

eigendomsrecht van de door de klant voorgefinancierde voorraad op datum

faillissement niet over is gegaan van Supremia op de klant, omdat de levering

op datum faillissement niet heeft plaatsgevonden. De door de klant

voorgefinancierde voorraad valt aldus onder het faillissementsbeslag. De

curator zal proberen om praktische en redelijke oplossingen te bereiken met

de betreffende klanten.

In verband met de merkrechten die rusten op deze voorraad is de verkoop en

levering onderhevig aan toestemming van de klant. Bovendien bevatten veel

termijncontracten met klanten bepalingen op grond waarvan het de curator

niet vrijstaat om klantspecifieke informatie te delen met derden en/of te

beschikken over de goederen die in opdracht van de klant zijn geproduceerd.

Voor een toelichting op de verkoop van de voorraden, wordt verwezen naar

hoofdstuk 6.

Voorraden Santova

Op datum faillissement bevonden zich voorts voorraden onder derden, onder

wie Santova, voornamelijk in het kader van het onderhanden werk. Santova

heeft zich reeds op een retentierecht beroepen ten aanzien van de goederen

die zij houdt. Santova is een in Nederland gevestigde transporteur die diverse

diensten op het gebied van transport en opslag verleende voor Supremia.

Kort na faillissement (op 14 mei 2020) werd de curator benaderd door een

klant van Supremia die de curator een termijn stelde ten aanzien van een

partij goederen die zich bij transporteur Santova bevond. De curator werd

verzocht om uiterlijk op 18 mei 2020 te leveren. De (klantspecifieke en met

logo’s bedrukte) voorraden waren nodig voor de productie van een speciale

actie van een grote Nederlandse loterij. De overeengekomen uitleverdata

waren bindend, omdat honderden uitgiftepunten in die specifieke uitleverweek

ruimte en mankracht hebben geregeld om de stroom aan consumenten van de

loterij te kunnen verwerken. Indien de leverdatum niet zou worden gehaald,

zou de klant voor een alternatief kiezen en zou de voorraad niet meer worden

afgenomen. Dat zou tot schade voor de boedel leiden omdat de

liquidatiewaarde van die voorraad naar verwachting nihil bedraagt. Voorts zou

Santova schade lijden omdat zij met een onverkoopbare partij goederen zou

blijven zitten. De curator diende aldus snel te schakelen.

Met toestemming van de rechter-commissaris heeft de curator op 18 mei 2020

een driepartijen overeenkomst gesloten met Santova en de klant, op grond

waarvan Santova een deel van haar facturen voldaan kreeg en de boedel een

koopprijs van €60.500 (incl. btw) ontving voor de goederen.

Er bevinden zich thans nog meer voorraden onder Santova. De curator zal

steeds trachten om – in overleg met de doorstarter die het onderhanden werk

in beoordeling heeft – een oplossing te vinden. Van belang daarbij is dat het in

alle gevallen om klantspecifieke goederen gaat, die (nog afgezien van de

merkenrechtelijke obstakels bij een verkoop) op een veiling weinig tot niets op

zullen brengen.

Voorraden buiten doorstart

Een aantal klanten heeft reeds aangegeven geen toestemming te verlenen

voor de overdracht van de voorraden aan de doorstartende partij (verwezen

wordt naar hoofdstuk 6). De curator treedt met die partijen in overleg over de

levering van die voorraden. Nu het de curator niet vrijstaat om de goederen

aan een derde partij te verkopen, ligt verkoop van die goederen aan de klant

voor de hand. Hoewel in een aantal van de overeenkomsten een

opzegmogelijkheid bij faillissement is geregeld, zal de curator de klanten waar

mogelijk en redelijk aan de afnameverplichting houden (een en ander in het

licht van het Megapool-arrest).

Met toestemming van de rechter-commissaris heeft de curator

overeenstemming bereikt met een grootbank over de onderhandse verkoop en

levering van de voorraden voor een bedrag van €29.971,12, waarop nog in

mindering komt de (nog te bepalen) transportkosten die de klant voor haar

rekening neemt.

Onderhanden werk

Supremia beschikte ten tijde van het faillissement over een diverse portefeuille

van onderhanden werk. Zo bestonden er verschillende overeenkomsten om

aan klanten partijen voorraad te leveren. De curator heeft een analyse

gemaakt van het onderhanden werk op projectniveau om tot het inzicht te

kunnen komen welke projecten zich lenen voor voortzetting of overdracht.

Vanwege de verschillende botsende aanspraken, achterstallige facturen en

logistieke uitdagingen bleek dat onhaalbaar. Voorts heeft een aantal klanten

opdrachten geannuleerd vanwege het faillissement en/of vanwege

vertragingen. Bovendien speelde het feit mee dat de meeste aangetroffen

voorraden nog niet waren ingeklaard. De in Azië geproduceerde voorraden

moeten namelijk worden ingevoerd alvorens deze kunnen worden verkocht

binnen de EU. Door het faillissement kon Supremia die inklaring niet meer

verzorgen. Een derde – bijvoorbeeld een doorstartende partij – zou daartoe

nog wel kunnen overgaan.

In het kader van de doorstart heeft de curator geïnteresseerde partijen de

gelegenheid geboden om het onderhanden werk te beoordelen om zo te

onderzoeken of het opportuun is lopende orders over de nemen middels

contractsovername.

Het staat de curator echter niet vrij om zonder toestemming van de klant

informatie met een doorstartende of overnemende partij te delen. De curator

heeft in dat kader aangeboden om de klanten te benaderen met een

aankondiging en aanbeveling van de doorstartende partij, alsmede met een

verzoek om toestemming de klantinformatie (waaronder raamovereenkomsten

en/of informatie over lopende orders) te delen.

Voor een beschrijving van de projecten die worden overgedragen en worden

voortgezet, wordt verwezen naar hoofdstuk 6.

Schikkingsovereenkomst FMCG-klant

Op datum faillissement liepen er bij Supremia 23 orders voor een grote FMCG-

klant. Die klant meldde zich kort na de faillietverklaring bij de curator om een

oplossing te bespreken voor de orderportefeuille. De FMCG-klant gaf al aan

niet bereid c.q. geïnteresseerd te zijn om de resultaten van de doorstart af te

wachten, omdat zij een deel van de lopende orders graag zelf wilde

onderbrengen bij een door haar gekozen preferred supplier. De curator heeft

de betreffende orderportefeuille dan ook buiten de doorstart gehouden.

De FMCG-klant heeft aangegeven 14 orders te willen annuleren, waartoe zij op

grond van de raamovereenkomst ook gerechtigd lijkt te zijn. De overige 9

orders wenste zij onder te brengen bij een door haar gekozen preferred

supplier. De curator heeft aangegeven bereid te zijn om daaraan mee te

werken, onder de voorwaarde dat de FMCG-klant een vergoeding zou betalen

voor de navolgende posten:

1. De reeds door Supremia gemaakt kosten, zoals aanbetalingen aan

fabrieken en kosten van transport;

2. De marge die Supremia zou hebben gerealiseerd voor de opdrachten;

3. De werkzaamheden van de accountmanager(s) van Supremia, die

noodzakelijk zijn om de contractsovernames in goede banen te leiden;

4. De projectinformatie, die bestaat uit talloze testrapporten, compliance-

rapporten en andere informatie die behoren tot de know how van

Supremia en die een nieuwe leverancier nodig zal hebben.

Met toestemming van de rechter-commissaris is de curator overeengekomen

dat de FMCG-klant aan de boedel een bedrag van maximaal €80.000 (incl. btw)

voldoet, waarop in mindering komt eventuele kosten van derden die buiten de

begroting van de lopende orders vallen. Daarbij kan gedacht worden aan

eventuele vertragings- en/of opslagkosten die zijn ontstaan omdat Supremia al

enige tijd niet in staat was om leveranciers te voldoen. Die kosten neemt de

FMCG-klant voor haar rekening en worden in redelijkheid in mindering gebracht

op de vergoeding die de boedel toekomt.

De curator heeft op verschillende locaties voorraden aangetroffen. Die

goederen bevonden zich bij Santova Logistics B.V. (“Santova”) en in het eigen

distributiecentrum (het “Distributiecentrum”) van de Supremia-groep in

Willebroek (België). Voor een verdere toelichting wordt verwezen naar het

eerste openbare verslag.

De curator van de Belgische entiteit van Supremia heeft het beheer van het

Distributiecentrum kort na faillissement overgedragen aan de Belgische

doorstarter. Medio juli sommeerde de Belgische doorstarter de curator om de

goederen van de Nederlandse entiteit van Supremia te verwijderen uit het

Distributiecentrum, omdat de ruimte aan een andere partij was verhuurd. De

curator is toen in overleg met de rechter-commissaris met de Nederlandse

doorstarter overeengekomen dat de voorraden tijdelijk worden opgeslagen in

haar distributiecentrum.

Om de belangen van de boedel en van de klanten van Supremia te

waarborgen, is een overeenkomst van bewaarneming gesloten met de

Nederlandse doorstarter.

Voorraden in het kader van de doorstart

Onder het voorbehoud van toestemming van de betreffende klanten, heeft de

curator de voorraden overgedragen aan de doorstarter. De koopprijs van die

goederen maakt onderdeel uit van de totale koopsom van de doorstart.

Verwezen wordt naar hoofdstuk 6.

Voorraden buiten doorstart

Een aantal klanten heeft reeds aangegeven geen toestemming te verlenen

voor de overdracht van de voorraden aan de doorstartende partij (verwezen

wordt naar hoofdstuk 6 en naar het eerste openbare verslag). Omdat het de

curator niet vrijstaat om de custom made goederen aan derden te verkopen, is

de curator in onderhandeling getreden met de betreffende klanten over de

verkoop van de voorraden.

Met toestemming van de rechter-commissaris heeft de curator

overeenstemming bereikt met een aantal klanten over de onderhandse

verkoop en levering van de voorraden. Daarmee is tot op heden een

opbrengst van € 161.608 (excl. btw) gerealiseerd.

De curator is voorts nog met een aantal klanten in overleg over de verkoop

van de voorraden. De curator verwacht de resterende voorraad in de

aankomende verslagperiode te hebben verkocht.

Onderhanden werk

17-09-2020

2

3.8 Andere activa

Toelichting andere activa

Voor een beschrijving van de projecten die worden overgedragen en worden

voortgezet, wordt verwezen naar hoofdstuk 6.

Schikkingsovereenkomst FMCG-klant

Voor een toelichting op de schikkingsovereenkomst met een FMCG-klant,

waarmee een opbrengst van € 77.056,40 is gerealiseerd, wordt verwezen

naar het eerste openbare verslag.

Voorraden buiten doorstart:

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator met een drietal partijen

overeenstemming bereikt over de verkoop van voorraden, waarmee een

boedelactief van € 39.500 (excl. btw) is gerealiseerd.

Schikkingsovereenkomst FMCG-klant:

Het restantbedrag van € 16.056,40 dat in het kader van de bovengenoemde

schikkingsovereenkomst nog moest worden betaald, is in de afgelopen

verslagperiode voldaan op de faillissementsrekening.

05-01-2021

3

Voorraden in het kader van de doorstart

In de afgelopen verslagperiode heeft een voormalig opdrachtgever van

Supremia zich (alsnog) beroepen op een eigendomsrecht, ten aanzien van een

deel van de goederen die zich in het magazijn van Supremia bevond. De

curator heeft deze voorraden in het kader van de doorstart aan Compacon

overgedragen voor € 7.500 (excl. btw). Met toestemming van de rechter-

commissaris heeft de curator een schikkingsovereenkomst gesloten met de

voormalig opdrachtgever van Supremia, uit hoofde waarvan de boedel een

bedrag van € 3.750 (excl. btw) restitueert aan Compacon.

22-07-2021

5

Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage

Niet van toepassing. Verwezen wordt naar het

eerste openbare verslag.

€ 670.471,12

totaal € 670.471,12 € 0,00

Supremia beschikte over verschillende intellectuele eigendomsrechten, die als

volgt worden toegelicht.

Handelsnamen

Supremia voerde de handelsnamen Supremia, Jos! Premiums & Gifts, Josgifts,

YES GIFTS NL, Gemaco, Gemaco Sport, Gemaco Sales Promotion, Supremia

Sales Promotion.

Domeinnamen en merkenrechten

De curator heeft vernomen dat de website(s) en domeinnamen toebehoren

aan de Belgische vennootschap(pen) van Supremia en daardoor niet onder het

Nederlandse faillissementsbeslag vallen. Datzelfde geldt voor de

merkenrechten. Het merk “Supremia Brands Made Real” is – in Europa – het

enige geregistreerde merk dat op naam van een van de faillieten staat:

SUPREMIA BRANDS MADE REAL

15-06-2020

1

De houder is de Belgische vennootschap hetgeen betekent dat enkel de

Belgische curator over dit merk kan beschikken. Het gaat om een Europees

merkrecht hetgeen verder inhoudt dat het de curator niet vrijstaat om de

Nederlandse handelsnaam “Supremia” aan een derde over te dragen (als dit,

gelet op de beperkte mogelijkheid om handelsnamen over te dragen, al

mogelijk zou zijn).

Software rechten en/of licenties

Er zijn verschillende webshop-extensies en ICT-licenties ontwikkeld en actief

voor klanten van Supremia. Supremia heeft de (ontwikkel)kosten in dat kader

grotendeels voldaan. De Belgische curator en de Belgische doorstarter hebben

zich echter op het standpunt gesteld dat die rechten niet onder Nederlandse

faillissementsbeslag zouden vallen. De Belgische doorstarter stelt te kunnen

beschikken over die rechten en vraagt in dat kader ook stevige vergoedingen.

De curator zal dat standpunt verifiëren en zo nodig aanspraak maken op de

opbrengsten van de verkoop van die rechten aan de Belgische doorstarter.

Klantenbestand

Een onderdeel van de goodwill is het klantenbestand van Supremia. Supremia

heeft gedurende de afgelopen jaren een goede reputatie en een breed

klantenbestand opgebouwd, met circa 46 verkooprelaties met NAW-gegevens.

In verband met diverse contractuele geheimhoudingsbepalingen en de

privacywetgeving (‘AVG’) is de verkoop c.q. het ter beschikking stellen van dit

activaonderdeel onderhevig aan voorafgaande toestemming van de klant.

De curator zal deze activa te gelde maken door de activa voor zover mogelijk

te betrekken in het doorstartproces.

Verkoopopbrengst

Tot op heden:

• € 500.000 in het kader van de doorstart. Verwezen wordt naar hoofdstuk 6.

• € 50.000 (excl. btw) in het kader van de verkoop van de goederen onder

Santova

• € 61.000 (incl. btw) uit hoofde van schikking met FMCG-klant

• (nog te ontvangen) € 16.056,40 (incl. btw) uit hoofde van schikking met

FMCG-klant

• € 29.971,12 (excl. btw)

• € 23.759,48 (excl. btw)

• € 39.877,40 (excl. btw)

• (nog te ontvangen) € 15.000 (excl

Boedelbijdrage:

Niet van toepassing. Er is geen sprake van pandrechten.

17-09-2020

2

Verkoopopbrengst

Tot op heden:

• € 500.000 in het kader van de doorstart. Verwezen wordt naar hoofdstuk 6.

• € 50.000 (excl. btw) in het kader van de verkoop van de goederen onder

Santova

• € 77.056,40 (incl. btw) uit hoofde van schikking met FMCG-klant

• € 29.971,12 (excl. btw)

• € 23.759,48 (excl. btw)

• € 39.877,40 (excl. btw)

• € 12.000,= (excl. btw)

• € 20.000,= (excl. btw)

• € 7.500,= (excl. btw)

05-01-2021

3

3.9 Werkzaamheden andere activa

4.1 Debiteuren

Toelichting debiteuren

Voor een toelichting op de verschillende intellectuele eigendomsrechten van

Supremia, wordt verwezen naar het eerste openbare verslag.

De curator heeft activa betrokken in het doorstartproces, verwezen wordt naar

hoofdstuk 6.

17-09-2020

2

4. Debiteuren

Beschrijving OmvangOpbrengstBoedelbijdr.

Nog niet van toepassing.

totaal € 0,00 € 0,00 € 0,00

Supremia heeft met KBC Commercial Finance een factoringsovereenkomst

gesloten, op grond waarvan het debiteurenbestand tegen een vergoeding

werd voorgefinancierd. De voorgefinancierde vorderingen werden vervolgens

gecedeerd aan KBC Commercial Finance. Tussen Supremia en KBC Commercial

Finance gold de afspraak dat Supremia ondanks de cessie zelf tot incasso

overging, mogelijk om geen verwarring bij klanten te veroorzaken. De

factorovereenkomst is inmiddels door KBC Commercial Finance beëindigd.

Van het bestuur vernam de curator dat op datum faillissement sprake was van

een debiteurenportefeuille van circa €3.800.000 waarvan (naar verluidt) circa

€3.000.000 al was voorgeschoten en dus gecedeerd aan de bank.

Op de vorderingen van Supremia die op datum faillissement nog niet waren

gecedeerd, heeft KBC Bank een pandrecht. Dat zou aldus om een

debiteurenportefeuille van circa €800.000 gaan. KBC Bank heeft de curator

verzocht om over te gaan tot invordering van die vorderingen, tegen

vergoeding van een nader overeen te komen boedelbijdrage.

De curator zal in de aankomende verslagperiode gezamenlijk met KBC

Commercial Finance vaststellen welke vorderingen van Supremia B.V. door

middel van cessie zijn overgedragen aan KBC Commercial Finance, zodat

vervolgens kan worden vastgesteld welke vorderingen (bezwaard met een

pandrecht van KBC Bank) in de faillissementsboedel vallen. De curator wenst te

voorkomen dat debiteuren zowel door KBC Commercial Finance als door de

curator worden aangeschreven.

Na de bovengenoemde vaststelling van de rechten van de boedel en van KBC

Commercial Finance, zal de curator overgaan tot invordering van de

debiteurenvorderingen.

15-06-2020

1

Voor een toelichting op de debiteurenportefeuille wordt verwezen naar het

eerste openbare verslag.

17-09-2020

2

4.2 Werkzaamheden debiteuren

In de afgelopen verslagperiode is de curator samen met KBC Commercial

Finance overgegaan tot invordering van de debiteurenvorderingen. De curator

ontvangt een vergoeding voor de verrichtte werkzaamheden in de vorm van

een boedelbijdrage.

Alle debiteuren van Supremia zijn in overleg met KBC Commercial Finance N.V.

en KBC Bank N.V. diverse malen aangeschreven. Tot op heden zijn er geen

betalingen ontvangen.

22-04-2021

4

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator een drietal

debiteurenbetalingen ontvangen van in totaal € 3.651,13. Deze vorderingen

vallen onder het pandrecht van KBC Bank N.V.

Voorts heeft de curator een betaling van € 34.434,29 ontvangen uit hoofde

van een borgsom, die Supremia voorafgaand aan het faillissement heeft

voldaan aan Bol.com. Ook deze vordering valt onder het pandrecht van KBC

Bank N.V.

22-07-2021

5

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator zich samen met KBC

Commercial Finance bezig gehouden met de invordering van enkele (aan KBC

gecedeerde) debiteurenvorderingen.

04-03-2022

7

In de afgelopen verslagperiode hebben de curator en KBC Commercial Finance

gezamenlijk een aantal vorderingen op één debiteur geïncasseerd. Er resteert

nog een aantal (aan KBC gecedeerde) vorderingen op de laatste debiteur. In

de komende verslagperiode zullen de curator en KBC zich verder richten op de

invordering van deze laatste vorderingen.

13-06-2022

8

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator namens KBC meermaals

geprobeerd de laatste vorderingen op een debiteur te incasseren. De debiteur

reageert echter op vrijwel geen berichten, hetgeen de gang van zaken

bemoeilijkt.

23-11-2023

11

De curator is er in de afgelopen verslagperiode niet in geslaagd de laatste

vorderingen te incasseren, voornamelijk omdat de debiteur niet op de

verstuurde e-mails reageert. De curator is in overleg met KBC over het vervolg.

22-02-2024

12

De curator wacht daarnaast nog steeds op de belastingteruggaaf van de

Italiaanse Belastingdienst, over de jaren 2017 en 2019. De teruggaaf is eind

2020 ingediend en bedraagt circa € 60.000. Hoewel de curator van de

Italiaanse Belastingdienst had vernomen dat de teruggaaf uiterlijk eind 2024

zou worden uitbetaald, heeft betaling nog niet plaatsgevonden. De curator

kan het faillissement daarom niet afwikkelen.

10-01-2025

14

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator samen met KBC Commercial

Finance enkele vorderingen op de laatste debiteur geïncasseerd. De curator is

nog met deze debiteur in discussie over een resterend aantal openstaande

vorderingen.

13-09-2022

9

De curator heeft de laatste debiteur meermaals verzocht de openstaande

vorderingen van KBC Commercial Finance te voldoen. De curator is nog in

afwachting van een reactie op de laatste sommatiebrief.

16-02-2023

10

5.1 Vordering van bank(en)

5.2 Leasecontracten

5. Bank / Zekerheden

Toelichting vordering van bank(en)

KBC Bank

Supremia is partij bij een op 7 maart 2017 gesloten Senior Facilities Agreement

met KBC Bank op grond waarvan aan Supremia en diverse andere

vennootschappen een krediet van €26.000.000 beschikbaar is gesteld. Op 7

juni 2017 is door KBC Bank een aanvullend krediet van €200.000 verstrekt.

KBC Bank heeft een vordering ingediend ter verificatie van €20.161.884,82 en

heeft zich tot zekerheid van terugbetaling van dat bedrag beroepen op een

pandrecht op vorderingen van Supremia.

KBC Commercial Finance

Supremia heeft met KBC Commercial Finance een factorovereenkomst gesloten,

uit hoofde waarvan KBC Commercial Finance een vordering heeft ingediend ter

verificatie van €1.067.249,14.

ABN AMRO Bank N.V.

Supremia bankierde tevens bij ABN AMRO Bank N.V. (“ABN AMRO”). Op datum

faillissement was sprake van een creditsaldo van EUR 156.379,14. De curator

heeft aanspraak gemaakt op dat bedrag. Voor zover de curator bekend heeft

ABN AMRO geen vordering op Supremia, waardoor van verrekening geen

sprake lijkt te zijn. Bovendien lijkt het creditsaldo niet onder het pandrecht van

KBC Bank te vallen.

ABN AMRO heeft het bedrag inmiddels voldaan op de faillissementsrekening.

15-06-2020

1

€ 4.439,32

Toelichting vordering van bank(en)

Voor een toelichting op het kredietdossier en de juridische verhoudingen

tussen Supremia en KBC Bank, KBC Commercial Finance, en ABN AMRO Bank

N.V., wordt verwezen naar het eerste openbare verslag.

Op een dekkingsrekening van Supremia bij ABN AMRO stond een creditsaldo

van

€ 4.439,32, welk creditsaldo door ABN AMRO was aangemerkt als dekking voor

een waarborg. Omdat ABN AMRO geen informatie kon geven over die

waarborg, heeft de curator de bank gesommeerd om het creditsaldo op de

dekkingsrekening vrij te geven.

In de afgelopen verslagperiode heeft ABN AMRO het bedrag van € 4.439,32

voldaan op de faillissementsrekening.

17-09-2020

2

Toelichting vordering van bank(en)

Afgewikkeld. Verwezen wordt naar de voorgaande openbare verslagen.

22-07-2021

5

Met diverse partijen waren operationele en financiële leaseovereenkomsten

gesloten. Er zijn niet onmiddellijk goederen uitgeleverd omdat er tijd nodig is

voor de evaluatie van de aanspraken.

Kopieermachines

BNP Paribas Leasing Solutions N.V. (“BNP Paribas”) heeft zich op een

eigendomsrecht beroepen van een tweetal kopieermachines. Uit hoofde van

de betreffende leaseovereenkomst heeft BNP Paribas een vordering ter

verificatie ingediend van €25.076,91 (incl. btw).

Frankeermachine

Frama Nederland B.V. (“Frama”) heeft zich op een eigendomsvoorbehoud

beroepen van een frankeermachine. Uit hoofde van de betreffende

leaseovereenkomst heeft Frama een vordering ter verificatie ingediend van

€374,33 (incl. btw).

Alphabet Nederland B.V.

Supremia leasede zeven voertuigen van Alphabet Nederland B.V. (“Alphabet”)

op grond van operationele lease. De curator erkent voorshands de aanspraak

van de leasemaatschappijen. De curator verwacht dat de voertuigen op korte

termijn worden ingeleverd bij Alphabet.

Hiltermann Leases B.V.

Supremia leasede drie voertuigen van Hiltermann Lease B.V. (“Hiltermann”),

waarvan één op grond van operationele lease en twee op grond van financiële

lease. De curator erkent voorshands de aanspraak van de

leasemaatschappijen. Naar verluidt zijn de voertuigen inmiddels ingeleverd bij

Hiltermann.

De financiële leaseovereenkomsten vertegenwoordigen mogelijk een waarde:

Leaseprijs 57.045,20

Inlossingen -44.806,72

Achterstand 1.734,84

Inlossaldo 13.973,32

Leaseprijs 54.389,00

Inlossingen -40.994,11

Achterstand 1.654,10

Inlossaldo 15.048,99

Met Hiltermann is afgesproken dat de voertuigen onderhands dan wel

openbaar worden verkocht, waarbij een eventueel surplus toekomt aan de

boedel van Supremia.

15-06-2020

1

Met diverse partijen waren operationele en financiële leaseovereenkomsten

gesloten. Voor een toelichting op deze overeenkomsten wordt verwezen naar

het eerste openbare verslag.

De kopieermachines van BNP Paribas Leasing Solutions N.V., de

frankeermachine van Frama Nederland B.V. en de leasevoertuigen van

Alphabet Nederland B.V. en Hiltermann Lease B.V. (“Hiltermann”) zijn in de

afgelopen verslagperiode geretourneerd.

Uit hoofde van het operationele leasecontract heeft Hiltermann een

eindvordering ingediend van

€ 12.130,776. Uit hoofde van het financiële leasecontract heeft de boedel recht

op betaling van het surplus van € 1.700,38, welk bedrag inmiddels op de

faillissementsrekening is ontvangen.

17-09-2020

2

5.3 Beschrijving zekerheden

5.4 Separatistenpositie

5.5 Eigendomsvoorbehoud

Afgewikkeld. Verwezen wordt naar de voorgaande openbare verslagen. 22-07-2021

5

KBC Commercial Finance heeft zich beroepen op een cessie van (een deel van)

de debiteurenvorderingen van Supremia. KBC Bank heeft een beroep gedaan

op haar pandrecht op (de resterende) vorderingen van Supremia. Overige

activa lijken vooralsnog niet verpand.

De curator heeft de rechtsgeldigheid van de pandrechten in onderzoek en zal

met KBC Bank indien opportuun een uitwinningsarrangement overeenkomen

op grond waarvan de curator de vorderingen ten behoeve van KBC Bank zal

invorderen tegen vergoeding van een boedelbijdrage.

15-06-2020

1

Voor een beschrijving van de zekerheden wordt verwezen naar het eerste

openbare verslag.

17-09-2020

2

Santova maakt als separatist aanspraak op de opbrengst van de voorraden

die zij thans voor Supremia houdt. Daarnaast maakt KBC Bank aanspraak op

de incasso-opbrengst van de vorderingen op derden.

De curator heeft de rechtsgeldigheid van de pandrechten en het beroep op het

retentierecht in onderzoek.

15-06-2020

1

Voor een beschrijving van de separatistenpositie wordt verwezen naar het

eerste openbare verslag.

17-09-2020

2

5.5 Eigendomsvoorbehoud

5.6 Retentierechten

Vooralsnog hebben 15 partijen bij de curator een beroep gedaan op

eigendomsvoorbehoud dan wel het recht van reclame ter zake goederen die

aan Supremia zijn geleverd. De curator verwacht dat dat aantal nog zal

oplopen.

De verschillende aanspraken worden momenteel geïnventariseerd en in veel

gevallen vindt overleg plaats.

15-06-2020

1

Vooralsnog hebben 15 partijen bij de curator een beroep gedaan op

eigendomsvoorbehoud dan wel het recht van reclame ter zake goederen die

aan Supremia zijn geleverd.

De curator heeft deze aanspraken in onderzoek.

17-09-2020

2

Op datum faillissement bevond zich een partij met balpennen met een waarde

van € 5.190,37 (incl. btw), bestemd voor een klant van Supremia. De

leverancier van die balpennen beriep zich op een in de algemene voorwaarden

opgenomen eigendomsvoorbehoud. De curator en de leverancier hebben

uitvoerig gediscussieerd over de geldigheid van de algemene voorwaarden,

omdat de algemene voorwaarden mogelijk niet op een juiste wijze ter hand

zijn gesteld. De leverancier verwees naar haar website en de langdurige

handelsrelatie tussen partijen. Hangende de discussie heeft de curator de

balpennen aan de klant van Supremia verkocht.

Ter voorkoming van een procedure en nadere kosten voor de boedel, heeft de

curator – met toestemming van de rechter-commissaris - een schikking bereikt

met de leverancier, op grond waarvan de boedel 40% van de factuurwaarde

aan de leverancier voldoet.

Die schikking is inmiddels afgewikkeld.

05-01-2021

3

5.6 Retentierechten

5.7 Reclamerechten

5.8 Boedelbijdragen

5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden

Per faillissementsdatum bevonden zich nog verschillende leveranties voorraad

bij Santova, maar naar verluidt ook bij andere partijen die logistieke diensten

verleenden aan Supremia, zoals transport- of opslagdiensten. De verwachting

is dat die partijen zich nog zullen beroepen op een retentierecht.

Ook de Belgische doorstarter, die het Distributiecentrum thans in beheer heeft,

beroept zich op een retentierecht ter zake de kosten van opslag en verwerking

die zij ten behoeve van Supremia heeft gemaakt.

De curator heeft de aanspraken in onderzoek.

15-06-2020

1

Aanvankelijk heeft Santova Logistics B.V. (“Santova”) zich op een retentierecht

beroepen. De curator heeft echter ten aanzien van de voorraden die Santova

onder zich had op datum faillissement, diverse regelingen getroffen op grond

waarvan de opdrachtgever van Supremia de kosten van Santova zou dragen,

waarna Santova de goederen heeft vrijgegeven. Van een retentierecht is

thans geen sprake meer.

Ook de Belgische doorstarter, die het Distributiecentrum thans in beheer heeft,

beriep zich op een retentierecht ter zake de kosten van opslag en verwerking

die zij ten behoeve van Supremia heeft gemaakt. Met toestemming van de

rechter-commissaris heeft de curator een regeling getroffen met de Belgische

doorstarter, waarna zij de goederen heeft afgegeven.

Daarmee is dit onderdeel afgewikkeld.

17-09-2020

2

Vooralsnog hebben 15 partijen hebben bij de curator een beroep gedaan op

eigendomsvoorbehoud dan wel het recht van reclame ter zake goederen die

aan Supremia zijn geleverd. De curator verwacht dat dat aantal nog zal

oplopen.

De verschillende aanspraken worden momenteel geïnventariseerd en in veel

gevallen vindt overleg plaats.

15-06-2020

1

Vooralsnog hebben 15 partijen bij de curator een beroep gedaan op

eigendomsvoorbehoud dan wel het recht van reclame ter zake goederen die

aan Supremia zijn geleverd.

De curator heeft deze aanspraken in onderzoek.

17-09-2020

2

Toelichting

Nog niet van toepassing.

15-06-2020

1

Toelichting

Nog niet van toepassing.

17-09-2020

2

6.1 Exploitatie / zekerheden

6. Voortzetten / doorstart onderneming

Voortzetten onderneming

Op 20 april 2020 werden de Belgische entiteiten failliet verklaard door de

Ondernemingsrechtbank in Mechelen. Vanaf dat moment had Supremia geen

toegang meer tot het groepskrediet, waardoor leveranciers niet meer konden

worden voldaan. Naar verluidt werden leveranciers van de Nederlandse

vennootschap al geruime tijd vóór 20 april 2020 niet meer (vanuit België)

voldaan.

Toen Supremia op 14 mei 2020 failliet werd verklaard, was er daarom al enige

tijd onrust. Niet alleen bij klanten en leveranciers, maar ook bij het personeel.

In de eerste dagen heeft de curator getracht duidelijkheid te creëren, escalatie

te voorkomen bij klanten en leverancier en om tot overzicht te komen. Zo werd

het onderhanden werk in kaart gebracht en werden de meeste spoedeisende

kwesties opgepakt.

De curator heeft zorgvuldig onderzocht of voortzetting verantwoord en

renderend was. Dat bleek niet zo te zijn, aangezien veel lopende opdrachten

nog deels moesten worden geproduceerd in Azië, nog moest worden getest op

kwaliteit en compliance, en vervolgens nog via lucht- of zeevracht naar de klant

moest worden getransporteerd. Omdat Supremia geen toegang meer had tot

het groepskrediet, konden leveranciers en transporteurs niet (meer) worden

voldaan. Daarbij is van belang dat de meeste klanten betaaltermijnen hadden

van drie maanden. Supremia verkeerde aldus in acute liquiditeitsnood.

De curator heeft daarom besloten om de activiteiten niet voort te zetten en om

op korte termijn op zoek te gaan naar een doorstartende partij die wel bereid

en in staat was om de verplichtingen in het kader van de lopende opdrachten

over te nemen.

15-06-2020

1

De curator heeft besloten om de activiteiten niet voort te zetten. Voor een

toelichting op die beslissing wordt verwezen naar het eerste openbare

verslag. Wel rapporteert de curator over de navolgende gesloten

overeenkomst.

Op datum faillissement was sprake van een aantal lopende orders van een

Amerikaanse klant in de farmaceutische industrie. Die Amerikaanse klant

wenste geen zaken te doen met de doorstartende partij, maar drong wel

nadrukkelijk aan op levering van de bestelde goederen. Zonder levering van

die goederen kon de klant haar medische apparatuur niet verkopen, waardoor

haar klanten mogelijk een gezondheidsrisico zouden lopen.

In overleg met de Amerikaanse klant en met goedkeuring van de rechter-

commissaris, is met de voormalig managing director van Supremia – via een

door haar opgerichte besloten vennootschap – een overeenkomst gesloten op

grond waarvan die vennootschap de opdrachtnemer wordt van alle uitstaande

orders en in dat kader ook alle risico’s en kosten draagt. In ruil voor een

exclusief gebruiksrecht op de bedrijfsinformatie, bedrijfsgeheimen en (niet-

geregistreerde) modelrechten van Supremia, ontvangt de boedel een

vergoeding van 33,3% van de nettowinst.

Die opdrachten hebben een totale orderwaarde van € 656.765 met een winst

van € 351.657, waarvan de boedel een bedrag van € 117.219 ontvangt. De

17-09-2020

2

6.2 Financiële verslaglegging

6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming

6.4 Beschrijving

loonkosten en inkoop van specialisten van/door de opdrachtnemer worden

geheel door haar gedragen.

In de afgelopen verslagperiode zijn alle uitstaande orders via de besloten

vennootschap van de voormalig managing director aan de Amerikaanse klant

geleverd. Naar aanleiding van een opgaaf van alle gemaakte kosten en een

projectoverzicht, is de vergoeding voor de boedel vastgesteld op € 110.800,25

(excl. btw). Dat bedrag is inmiddels voldaan op de faillissementsrekening.

Daarmee is dit onderdeel afgewikkeld.

05-01-2021

3

Nu de activiteiten niet zijn voortgezet, is dit onderdeel niet van toepassing. 15-06-2020

1

Hoewel er strikt gezien geen sprake is van voortzetting, zal de curator wel als

zodanig financieel verslag doen. De boedel realiseert een nog te ontvangen

opbrengst van € 117.219.

17-09-2020

2

Inmiddels is gebleken dat de vergoeding van de boedel een bedrag van €

110.800,25 bedroeg, welk bedrag inmiddels op de faillissementsrekening is

voldaan.

05-01-2021

3

Doorstarten onderneming

In voorbereiding op de biedingsprocedure is de managing director verzocht om

een lijst met een aantal concurrenten op te stellen. De curator heeft zelf ook

onderzoek gedaan naar de belangrijkste concurrenten van Supremia. Deze

inspanningen hebben geleid tot een lijst van een 12-tal partijen, die door de

curator per e-mail en/of telefonisch zijn benaderd. De curator heeft het

verkoopproces vervolgens in gang gezet.

Ten behoeve van de biedingsprocedure is een informatiepakket samengesteld

dat aan de gegadigden toegezonden kon worden, onder de voorwaarde van

geheimhouding. In het informatiememorandum werd informatie verschaft over

de inventaris, de voorraden, de lopende opdrachten en de goodwill van

Supremia. Uiteindelijk hebben 11 partijen de geheimhoudingsovereenkomst

ondertekend, waarna ze een informatiememorandum en biedingsprotocol

hebben ontvangen. In het biedingsprotocol zijn korte termijnen aangehouden,

omdat het voor waardebehoud van de onderneming van belang was om snel

tot overeenstemming te komen.

In het Informatiememorandum is in het bijzonder gewezen op de aard van de

onderneming en de activa van Supremia. Van belang daarbij is, dat de

voorraad grotendeels bestaat uit klantspecifieke voorraad. In verband met de

merkrechten (logo’s en slogans) die rusten op deze voorraad kan die voorraad

enkel worden overdragen met toestemming van de klant. Voorts gelden in veel

gevallen contractuele geheimhoudingsbepalingen waaraan de curator is

gebonden, die ervoor zorgen dat de curator zonder toestemming van de klant

geen informatie mag verschaffen. Als bijlage bij het informatiememorandum zijn

geanonimiseerde lijsten bijgevoegd van de beschikbare voorraden en de

lopende opdrachten, zodat geïnteresseerde partijen zich wel een beeld

15-06-2020

1

konden vormen over de onderneming.

De curator heeft partijen verzocht om uiterlijk 27 mei 2020 een eerste bieding

te doen op activa en/of activiteiten van Supremia. Uiteindelijk hebben 5

partijen een bieding gedaan. De biedingen liepen behoorlijk uiteen, omdat niet

alle geïnteresseerden op dezelfde activa boden. Er is besloten om geen

tweede biedingsronde te organiseren.

Met toestemming van de rechter-commissaris heeft de curator een

overeenkomst gesloten met Compacon B.V. (“Compacon”). Compacon heeft

een bieding uitgebracht op de lopende opdrachten (inclusief alle

projectinformatie), de goodwill (inclusief het klantenbestand) en de voorraad

die is voorgefinancierd door Supremia. De curator is met Compacon een

koopprijs overeengekomen van €925.000, waarvan een bedrag van €425.000

voorwaardelijk is. Het bedrag van €425.000 zal nog verminderd worden met de

kosten die Compacon dient te maken aan derden, zoals openstaande facturen

van ICT-dienstverleners en rechten van derden zoals fabrieken en

transporteurs, die ten laste gaan van de marge van de lopende opdrachten.

De curator en Compacon zullen daarin gezamenlijk optrekken, om die kosten

zo laag mogelijk te houden. Voorts zal op het voorwaardelijk gedeelte van

€425.000 in mindering komen de voorraden die niet aan Compacon kunnen

worden overgedragen omdat klanten daarvoor geen toestemming verlenen.

In de afgelopen verslagperiode is de doorstart reeds in gang gezet. Alle

klanten van Supremia zijn door de curator en/of de accountmanagers van

Supremia benaderd. Na toestemming van de klant zorgen de accountmanagers

ervoor dat Compacon wordt voorzien van alle benodigde informatie, zodat

Compacon in staat wordt gesteld de opdrachten over te nemen.

Voor een beschrijving van (en een toelichting op) de doorstart wordt verwezen

naar het eerste openbare verslag.

In de afgelopen verslagperiode zijn de doorstarter en de curator druk bezig

geweest om alle klanten van Supremia te benaderen, met het verzoek om

toestemming te geven voor het overdragen van lopende orders, voorraden en

klantinformatie. Zodra de klant toestemming gaf, diende de curator alle

informatie aan de doorstarter te verschaffen die voor haar van belang was.

Omdat de curator gebonden is aan geheimhoudingsbepalingen en

privacyregelgeving, stond het de curator niet vrij om de doorstarter een

integrale toegang te geven tot de administratie van Supremia. Er diende aldus

per klant een op maat gemaakte oplossing gevonden te worden, om er zo voor

te zorgen dat er geen klantinformatie van klanten bij de doorstartende partij

terecht kwam die daarvoor geen toestemming hebben gegeven. De curator is

in dat kader geassisteerd door Insolvit.

In de doorstartovereenkomst was opgenomen dat de betaling van het

variabele deel van de koopsom uiterlijk op 31 augustus 2020 zou plaatsvinden.

De overdracht van de lopende orders was arbeidsintensief en verliep stroef.

Om die reden kon een finale afrekening uit hoofde van de

doorstartovereenkomst nog niet plaatsvinden.

De curator verwacht in de aankomende verslagperiode tot een finale

afrekening te komen, waarover in het derde openbare verslag zal worden

gerapporteerd.

17-09-2020

2

De curator is in de afgelopen verslagperiode niet tot een finale afrekening

gekomen. De curator verwacht dat dit in de aankomende verslagperiode

afgerond kan worden.

05-01-2021

3

6.5 Verantwoording

6.6 Opbrengst

6.7 Boedelbijdrage

De curator is in de afgelopen verslagperiode met de doorstartende partij tot

een finale afrekening gekomen, waaraan de rechter-commissaris haar

goedkeuring heeft verleend. Van belang daarbij is dat de curator en de

doorstartende partij afspraken dat de activa en activiteiten van Supremia voor

een bedrag van € 925.000 werden overgenomen, waarvan een deel van €

425.000 als voorwaardelijk te gelden had. Voorts komen op de koopprijs in

mindering de kosten van derden die moesten worden gemaakt om de

doorstart mogelijk te maken. Ten slotte komt op de koopprijs in mindering de

waarde van de voorraden én van het onderhanden werk, van klanten die niet

met de doorstartende partij in zee willen.

Nadien werd duidelijk dat – vanwege de rommelige voorraadadministratie van

Supremia - de door de curator gepresenteerde waarde van de voorraden te

hoog was. De gepresenteerde waarde betrof namelijk de verkoopwaarde van

de voorraden, met daarin begrepen de te realiseren marge. Voorts zaten de

kosten voor opslag en verwerking in de waarde begrepen. Met goedkeuring

van de rechter-commissaris is de koopprijs van de voorraden achteraf

verlaagd.

De totale waarde van de overgenomen activa en activiteiten kwam daardoor

uit op een bedrag van € 489.359,91. Omdat van de koopprijs van € 925.000

een deel van € 500.000 onvoorwaardelijk was, heeft de doorstartende partij

geen restitutie ontvangen.

Daarmee is dit onderdeel afgewikkeld.

22-04-2021

4

Zie 6.3. 15-06-2020

1

Zie 6.3. 17-09-2020

2

€ 500.000,00

Toelichting

Het onvoorwaardelijke deel van de koopprijs van €500.000 is inmiddels

voldaan op de faillissementsrekening.

De curator heeft met Compacon afgesproken dat het voorwaardelijke en

daarmee variabele deel van de koopsom van maximaal €425.000 uiterlijk 31

augustus 2020 wordt voldaan.

15-06-2020

1

€ 500.000,00

Toelichting

Het onvoorwaardelijke deel van de koopprijs van €500.000 is inmiddels

voldaan op de faillissementsrekening. Het variabele deel van de koopsom zal in

de aankomende verslagperiode worden voldaan.

17-09-2020

2

6.7 Boedelbijdrage

6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming

7.1 Boekhoudplicht

Toelichting

Niet van toepassing. Er is geen sprake van pandrechten.

15-06-2020

1

Toelichting

Niet van toepassing. Er is geen sprake van pandrechten.

17-09-2020

2

7. Rechtmatigheid

In onderzoek. De curator heeft een deel van de boekhouding van het bestuur

ontvangen. De curator heeft met toestemming van de rechter-commissaris

Insolvit ingeschakeld voor IT-ondersteuning bij het onafhankelijk

inventariseren, veiligstellen en inzichtelijk maken van data uit insolvente

vennootschappen.

Insolvit heeft de boekhouding, waaronder ook begrepen een deel van de e-

mailboxen, inmiddels veiliggesteld en online toegankelijk gemaakt voor de

curator. De curator heeft vooralsnog geen toegang tot de e-mailboxen van de

betrokkenen bij SDMS. De curator meent op die informatie wel recht te hebben,

nu SDMS bestuurder is van Supremia.

De curator zal in de komende periode een aanvang maken met het oorzaken-

en rechtmatighedenonderzoek.

15-06-2020

1

In onderzoek. De boekhouding is veiliggesteld en inzichtelijk gemaakt.

Verwezen wordt naar het eerste openbare verslag.

Met toestemming van de rechter-commissaris heeft de curator een forensisch

accountant van Nuijten & Nederpel ingeschakeld om een financieel

boekenonderzoek te doen. De curator verwacht in de aankomende

verslagperiode te kunnen rapporteren over de uitkomsten daarvan.

17-09-2020

2

In de afgelopen verslagperiode is de curator begonnen aan het oorzaken- en

rechtmatighedenonderzoek. In dat kader heeft de curator samen met Nuijten &

Nederpel een vragenlijst opgesteld, die met het bestuur is gedeeld. Het

bestuur heeft onderbouwd gereageerd op de vragen van de curator. De

curator zal de antwoorden van het bestuur in de aankomende verslagperiode

bestuderen en verwerken in het rechtmatighedenrapport.

22-04-2021

4

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator zich gericht op het oorzaken-

en rechtmatighedenonderzoek. In dat kader zijn er verschillende vragenlijsten

met het bestuur gedeeld, die deels door het bestuur zijn beantwoord.

Voorts heeft de curator zich samen met de bestuurder gericht op het

ontvlechten van de e-mailboxen. De curator heeft namelijk vastgesteld dat er

in het kader van de bedrijfsvoering (veelvuldig) gebruik is gemaakt van e-mail

22-07-2021

5

7.2 Depot jaarrekeningen

7.3 Goedkeuringsverklaring accountant

extensies die toebehoren aan de bestuurder-vennootschap. De curator heeft

aanspraak gemaakt op die e-mailboxen, althans op de betreffende e-mails. In

de afgelopen verslagperiode zijn de curator en de bestuurder, met hulp van

Insolvit, overeengekomen onder welke voorwaarden de ontvlechting zal

plaatsvinden.

Zodra de betreffende e-mails ter beschikking zijn gesteld aan de curator, zal

de curator de e-mails betrekken in het oorzaken- en

rechtmatighedenonderzoek.

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator - met behulp van Insolvit - de

betreffende e-mails van de bestuurder veiliggesteld. Deze e-mails zijn

inmiddels ter beschikking gesteld aan de curator. In de komende

verslagperiode zal de curator de veiliggestelde e-mailboxen bestuderen en

deze betrekken in het oorzaken- en rechtmatighedenonderzoek.

12-11-2021

6

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator de veiliggestelde e-mailboxen

bestudeerd. De curator zal dit verder betrekken in het onderzoeksrapport.

13-06-2022

8

In het onderzoek heeft de curator geconcludeerd dat het bestuur de

administratieplicht heeft geschonden, voornamelijk op het punt van de

debiteuren- en voorraadadministratie. Het bestuur heeft voldoende

onderbouwd dat het faillissement is veroorzaakt door andere omstandigheden,

niet zijnde de schending van de administratieplicht. De curator heeft aldus

vastgesteld dat de schending van de administratieplicht geen belangrijke

oorzaak is van het faillissement van Supremia. Daarmee is dit onderdeel

afgerond.

22-02-2024

12

De jaarrekleningen van Supremia zijn op de navolgende data gedeponeerd:

Jaar Deponeringsdatum Beoordeling

2018 18-mrt-20 te laat

2017 5-jul-19 te laat

2016 30-mei-17 tijdig

2015 8-nov-16 tijdig

2014 1-feb-17 tijdig

De jaarrekeningen over 2017 en 2018 zijn derhalve te laat gedeponeerd. De

curator zal die omstandigheid meenemen in het rechtmatighedenonderzoek.

15-06-2020

1

Voor toelichting verwijs ik u naar het eerste openbare verslag. 17-09-2020

2

In onderzoek 22-07-2021

5

Het bestuur heeft voldoende onderbouwd dat het faillissement is veroorzaakt

door andere omstandigheden, niet zijnde de schending van de

deponeringsplicht. De curator heeft aldus vastgesteld dat de schending van de

deponeringsplicht geen belangrijke oorzaak is van het faillissement van

Supremia. Daarmee is dit onderdeel afgerond.

22-02-2024

12

7.3 Goedkeuringsverklaring accountant

7.4 Stortingsverplichting aandelen

De curator beschikt over de jaarrekeningen van Supremia en Supremia Sales

Promotion B.V. over het jaar 2018. Over eerdere jaarrekeningen beschikt de

curator nog niet. Die stukken zijn opgevraagd bij het bestuur.

De jaarrekeningen over 2018 zijn opgesteld en goedgekeurd door HLB Den

Hartog Accountants & Consultants (“HLB Den Hartog”). In beide

jaarrekeningen zijn goedkeurende verklaringen opgenomen en heeft HLB Den

Hartog aangegeven dat de stukken een getrouw en eerlijk beeld geven van de

financiële positie van Supremia in 2018.

HLB Den Hartog maakt in beide jaarrekeningen weliswaar een opmerking over

de materiele onzekerheid over de continuïteit.

Supremia Sales Promotion B.V.

Materiële onzekerheid over de continuïteit

Wij vestigen de aandacht op punt 4.2 in de toelichting van de jaarrekening,

waarin uiteengezet is dat over 2018 een negatief resultaat is gerealiseerd. Als

gevolg van het behaalde verlies resteert ultimo 2018 een negatief vermogen

van € 1.1 miljoen.Voor de komende jaren worden - net als in de jaren 2015 t/m

2017 - positieve resultaten verwacht. Deze condities duiden op het bestaan

van een onzekerheid van materieel belang op grond waarvan gerede twijfel

zou kunnen bestaan over de continuiteitsveronderstelling van de entiteit. Deze

situatie doet geen afbreuk aan ons oordeel.

Supremia B.V.

Materiële onzekerheid over de continuïteit

Wij vestigen de aandacht op 4.2. in de toelichting van de jaarrekening, waarin

uiteengezet is dat over 2018 mede vanwege een omvangrijke

reorganisatielast een negatief resultaat is gerealiseerd. Als gevolg van de

behaalde verliezen resteert ultimo 2017 een negatief eigen vermogen van € 2

miljoen. Voor de komende jaren worden - net als in de jaren 2015 en 2016 -

positieve resultaten verwacht. Deze condities duiden op het bestaan van een

onzekerheid van materieel belang op grond waarvan gerede twijfel zou

kunnen bestaan over de continuiteitsveronderstelling van de entiteit. Deze

situatie doet geen afbreuk aan ons oordeel.

Beide jaarrekeningen zijn opgemaakt op basis van een

continuïteitsveronderstelling.

De curator zal onderzoek doen, of aan alle formele eisen, zoals vastgelegd in

artikel 2:393 sub 5 lid e en f BW, artikel 2:392 sub 1 lid b-h BW en artikel 2:391

sub 4 BW is voldaan.

15-06-2020

1

Voor een toelichting op de goedkeurende verklaring van accountant wordt

verwezen naar het eerste openbare verslag.

De curator zal onderzoek doen, of aan alle formele eisen, zoals vastgelegd in

artikel 2:393 sub 5 lid e en f BW, artikel 2:392 sub 1 lid b-h BW en artikel 2:391

sub 4 BW is voldaan.

17-09-2020

2

In onderzoek 22-07-2021

5

7.4 Stortingsverplichting aandelen

7.5 Onbehoorlijk bestuur

Door de directe werking van de Wet Flex-BV is het gebruikelijk onderzoek naar

de voldoening aan de volstortingsplicht nog slechts beperkt relevant. Het

overgangsrecht bepaalt wel, dat schade die is ontstaan vóór inwerkingtreding

van de Wet Flex-BV (op 1 oktober 2012), naar het oude BV-recht moet worden

bepaald. De gefailleerde vennootschappen zijn vóór de invoering van de Wet

Flex-BV, opgericht.

De curator zal nader onderzoek doen.

15-06-2020

1

Door de directe werking van de Wet Flex-BV is het gebruikelijk onderzoek naar

de voldoening aan de volstortingsplicht nog slechts beperkt relevant. Het

overgangsrecht bepaalt wel, dat schade die is ontstaan vóór inwerkingtreding

van de Wet Flex-BV (op 1 oktober 2012), naar het oude BV-recht moet worden

bepaald. De gefailleerde vennootschappen zijn vóór de invoering van de Wet

Flex-BV, opgericht.

De curator zal nader onderzoek doen.

17-09-2020

2

In onderzoek 22-07-2021

5

Uit het Handelsregister van de Kamer van Koophandel volgt dat de aandelen in

Supremia zijn volgestort. Daarmee is aan de stortingsverplichting voldaan.

13-06-2022

8

Toelichting

In onderzoek.

15-06-2020

1

Toelichting

In onderzoek.

17-09-2020

2

Toelichting

In de afgelopen verslagperiode is de curator begonnen aan het oorzaken- en

rechtmatighedenonderzoek. In dat kader heeft de curator samen met Nuijten &

Nederpel een vragenlijst opgesteld, die met het bestuur is gedeeld. Het

bestuur heeft onderbouwd gereageerd op de vragen van de curator. De

curator zal de antwoorden van het bestuur in de aankomende verslagperiode

bestuderen en verwerken in het rechtmatighedenrapport.

22-04-2021

4

Toelichting

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator zich gericht op het oorzaken-

en rechtmatighedenonderzoek. In dat kader zijn er verschillende vragenlijsten

met het bestuur gedeeld, die deels door het bestuur zijn beantwoord.

Voorts heeft de curator zich samen met de bestuurder gericht op het

ontvlechten van de e-mailboxen. De curator heeft namelijk vastgesteld dat er

in het kader van de bedrijfsvoering (veelvuldig) gebruik is gemaakt van e-mail

extensies die toebehoren aan de bestuurder-vennootschap. De curator heeft

aanspraak gemaakt op die e-mailboxen, althans op de betreffende e-mails. In

de afgelopen verslagperiode zijn de curator en de bestuurder, met hulp van

22-07-2021

5

Insolvit, overeengekomen onder welke voorwaarden de ontvlechting zal

plaatsvinden.

Zodra de betreffende e-mails ter beschikking zijn gesteld aan de curator, zal

de curator de e-mails betrekken in het oorzaken- en

rechtmatighedenonderzoek.

Toelichting

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator - met behulp van Insolvit - de

betreffende e-mails van de bestuurder veiliggesteld. Deze e-mails zijn

inmiddels ter beschikking gesteld aan de curator. In de komende

verslagperiode zal de curator de veiliggestelde e-mailboxen bestuderen en

deze betrekken in het oorzaken- en rechtmatighedenonderzoek.

12-11-2021

6

Toelichting

De curator is nog bezig met het onderzoek naar de oorzaken van het

faillissement en naar de eventuele onrechtmatigheden. In dat kader heeft de

curator reeds twee vragenbrieven gedeeld met het bestuur van Supremia,

waarop het bestuur onderbouwd heeft gereageerd. Naar aanleiding van deze

informatie heeft de curator in de afgelopen verslagperiode een derde

vragenbrief opgesteld en met het bestuur gedeeld.

De curator verwacht dat hij na beantwoording door het bestuur van de laatste

vragenbrief kan starten met het opstellen van het onderzoeksrapport.

04-03-2022

7

Toelichting

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator de reactie van het bestuur op

de derde vragenbrief uitvoerig bestudeerd. Naar aanleiding van de

beantwoording door het bestuur is de curator gestart met het opstellen van

het onderzoeksrapport. De curator verwacht dat hij in de komende

verslagperiode zijn voorlopige bevindingen uit het onderzoeksrapport kan

delen met de rechter-commissaris.

13-06-2022

8

Toelichting

De curator is nog bezig met het oorzaken- en rechtmatighedenonderzoek. De

curator verwacht dat hij zijn voorlopige conclusies in de komende

verslagperiode kan delen met de rechter-commissaris.

13-09-2022

9

Toelichting

De curator is nog bezig met het oorzaken- en rechtmatighedenonderzoek. De

curator verwacht dat hij zijn voorlopige conclusies in de komende

verslagperiode kan delen met de rechter-commissaris.

16-02-2023

10

Toelichting

De curator heeft het rapport over het oorzaken- en rechtmatighedenonderzoek

afgerond, waarin zijn voorlopige conclusies zijn verwerkt. In de komende

verslagperiode zal de curator zijn voorlopige conclusies bespreken met de

rechter-commissaris.

23-11-2023

11

7.6 Paulianeus handelen

7.7 Toelichting rechtmatigheid

7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid

8.1 Boedelvorderingen

Toelichting

In de afgelopen verslagperiode heeft de curator het oorzaken- en

rechtmatigheden afgerond en de uitkomsten daarvan aan de rechter-

commissaris gepresenteerd. De curator heeft niet kunnen vaststellen dat er

sprake is van onbehoorlijk bestuur en ziet geen aanleiding om verder

onderzoek te doen.

22-02-2024

12

Toelichting

In onderzoek.

15-06-2020

1

Toelichting

In onderzoek.

17-09-2020

2

Toelichting

De curator heeft geen rechtshandelingen aantroffen die als paulianeus

kwalificeren.

22-02-2024

12

8. Crediteuren

Toelichting

Crediteuren kunnen hun vordering schriftelijk en onderbouwd met

bewijsstukken bij de curator indienen. Dat geschiedt bij voorkeur via het

emailadres [email protected].

Een eventuele aanspraak op een voorrecht, retentierecht,

eigendomsvoorbehoud en/of enig ander recht dient expliciet en gemotiveerd te

worden vermeld.

Het salaris van de curator (p.m.) is een boedelvordering.

15-06-2020

1

Toelichting

Het salaris van de curator (p.m.) is een boedelvordering.

Het UWV heeft een boedelvordering ingediend van € 294.873,14.

Door verhuurder NSI (HNK) is een boedelvordering van € 31.520,43 ingediend.

17-09-2020

2

8.2 Pref. vord. van de fiscus

8.3 Pref. vord. UWV

Toelichting

Het salaris van de curator (p.m.) is een boedelvordering.

Het UWV heeft een boedelvordering ingediend ad. € 306.816,64.

Door verhuurder NSI (HNK) is een boedelvordering van € 31.520,43 ingediend.

05-01-2021

3

€ 225.014,00

Toelichting

De Belastingdienst heeft een vordering ingediend ad € 225.014,-- uit hoofde

van Omzetbelasting en Loonheffing.

15-06-2020

1

€ 593.460,00

Toelichting

De Belastingdienst heeft een vordering ingediend ad € 593.460,-- uit hoofde

van Omzetbelasting en Loonheffing.

17-09-2020

2

€ 736.641,00

Toelichting

De Belastingdienst heeft een vordering ingediend ad. € 736.641,-- uit hoofde

van Omzetbelasting en Loonheffing.

05-01-2021

3

€ 618.706,00

22-07-2021

5

€ 469.014,94

12-11-2021

6

€ 474.528,94

Toelichting

De Belastingdienst heeft een vordering ingediend ad. € 474.528,94 uit hoofde

van Omzetbelasting en Loonheffing.

23-11-2023

11

8.3 Pref. vord. UWV

8.4 Andere pref. crediteuren

8.5 Aantal concurrente crediteuren

Toelichting

Nog niet bekend.

15-06-2020

1

€ 251.587,94

Toelichting

Het UWV heeft een vordering ingediend van € 156.354,94.

Het UWV (intrekking NOW) heeft een vordering ingediend van € 95.233,--.

17-09-2020

2

€ 254.113,91

Toelichting

Het UWV heeft een preferente vordering ingediend ad. € 158.880,91.

Het UWV (intrekking NOW) heeft een vordering ingediend van € 95.233,--.

05-01-2021

3

€ 4.514,30

Toelichting

Voormalig werknemer de heer R. Jongste heeft een preferente vordering van

€ 4.514,30 ingediend.

15-06-2020

1

Toelichting

Voormalig werknemer de heer R. Jongste heeft een preferente vordering van

€ 4.514,30 ingediend.

17-09-2020

2

Toelichting

Voormalig werknemer de heer K. Riemer heeft een preferente vordering

ingediend van € 34.430,04.

22-07-2021

5

8.5 Aantal concurrente crediteuren

8.6 Bedrag concurrente crediteuren

117

Toelichting

Tot nu toe hebben zich 117 concurrente crediteuren gemeld met vorderingen

voor een totaalbedrag van € 1.833.279,72.

15-06-2020

1

141

Toelichting

Tot nu toe hebben zich circa 141 crediteuren gemeld met vorderingen voor een

totaalbedrag van

€ 2.166.510,47.

17-09-2020

2

148

Toelichting

Tot nu toe hebben zich 148 concurrente crediteuren gemeld met vorderingen

voor een totaalbedrag van € 2.625.490,10.

05-01-2021

3

155

Toelichting

Tot nu toe hebben zich 155 concurrente crediteuren gemeld met vorderingen

voor een totaalbedrag van € 2.786.019,90

22-07-2021

5

158

Toelichting

Tot nu toe hebben zich 158 concurrente crediteuren gemeld met vorderingen

voor een totaalbedrag van € 2.823.666,91.

12-11-2021

6

160

04-03-2022

7

160

Toelichting

Tot nu toe hebben zich om de nabij 160 concurrente crediteuren gemeld met

vorderingen voor een totaalbedrag van € 2.841.321,63

13-09-2022

9

€ 1.833.279,72

Toelichting

Tot nu toe hebben zich 117 concurrente crediteuren gemeld met vorderingen

voor een totaalbedrag van

€ 1.833.279,72.

15-06-2020

1

8.7 Verwachte wijze van afwikkeling

€ 2.166.510,47

Toelichting

Tot nu toe hebben zich circa 141 crediteuren gemeld met vorderingen voor een

totaalbedrag van

€ 2.166.510,47.

17-09-2020

2

€ 2.625.490,10

Toelichting

Tot nu toe hebben zich 148 concurrente crediteuren gemeld met vorderingen

voor een totaalbedrag van

€ 2.625.490,10.

05-01-2021

3

€ 2.686.971,49

Toelichting

Tot nu toe hebben zich nabij 150 concurrente crediteuren gemeld met

vorderingen voor een totaalbedrag van € 2.686.971,49.

22-04-2021

4

€ 2.786.019,90

Toelichting

Tot nu toe hebben zich 155 concurrente crediteuren gemeld met vorderingen

voor een totaalbedrag van € 2.786.019,90.

22-07-2021

5

€ 2.823.666,91

Toelichting

Tot nu toe hebben zich 158 concurrente crediteuren gemeld met vorderingen

voor een totaalbedrag van € 2.823.666,91.

12-11-2021

6

€ 2.826.535,11

04-03-2022

7

€ 2.841.321,63

Toelichting

Tot nu toe hebben zich om de nabij 160 concurrente crediteuren gemeld met

vorderingen voor een totaalbedrag van € 2.841.321,63

13-09-2022

9

€ 2.936.554,63

Toelichting

Tot nu toe hebben zich om de nabij 162 concurrente crediteuren gemeld met

vorderingen voor een totaalbedrag van € 2.936.554,63.

23-11-2023

11

8.7 Verwachte wijze van afwikkeling

8.8 Werkzaamheden crediteuren

9.1 Naam wederpartijen

9.2 Aard procedures

9.3 Stand procedures

9.4 Werkzaamheden procedures

10.1 Plan van aanpak

9. Procedures

Voor zover bekend is Supremia niet betrokken bij procedures. 15-06-2020

1

Afgewikkeld. Er is geen sprake van lopende procedures. 05-01-2021

3

Afgewikkeld. Er is geen sprake van lopende procedures. 17-09-2020

2

10. Overig

Nog steeds dienen zich met regelmaat kwesties aan die acute aandacht

verdienen. Het is de verwachting dat de intensiteit daarvan langzaamaan

afneemt.

De curator zal zich in de komende verslagperiode in ieder geval richten op:

• Het verkrijgen van de volledige boekhouding van Supremia;

• Het afronden van de doorstart;

• Het overeenkomen van een uitwinningsarrangement met KBC Bank;

• Verkopen van de goederen die niet in de doorstart betrokken zijn;

• Contact met crediteuren;

• Overige beheers- en vereffeningswerkzaamheden.

15-06-2020

1

De curator zal zich in de komende verslagperiode in ieder geval richten op:

• Het afronden van de doorstart;

• Verkopen van de goederen die niet in de doorstart betrokken zijn;

• Een aanvang maken met het onderzoek naar de oorzaken van het

17-09-2020

2

faillissement;

• Contact met crediteuren;

• Overige beheers- en vereffeningswerkzaamheden.

De curator zal zich in de komende verslagperiode in ieder geval richten op:

• Het afronden van de doorstart;

• Uitvoeren van het onderzoek naar de oorzaken van het faillissement;

• Contact met crediteuren;

• Overige beheers- en vereffeningswerkzaamheden.

05-01-2021

3

De curator zal zich in de komende verslagperiode in ieder geval richten op:

• Uitvoeren van het onderzoek naar de oorzaken van het faillissement;

• Debiteurenincasso;

• Contact met crediteuren;

• Overige beheers- en vereffeningswerkzaamheden.

22-04-2021

4

• Uitvoeren van het onderzoek naar de oorzaken van het faillissement;

• Debiteurenincasso;

22-07-2021

5

De curator zal zich in de komende verslagperiode in ieder geval richten op:

• Uitvoeren van het onderzoek naar de oorzaken en eventuele

onrechtmatigheden van het faillissement;

• Debiteurenincasso;

• Contact met crediteuren;

• Overige beheers- en vereffeningswerkzaamheden.

12-11-2021

6

De curator zal zich in de komende verslagperiode in ieder geval richten op:

• Uitvoeren van het onderzoek naar de oorzaken en eventuele

onrechtmatigheden van het faillissement;

• Debiteurenincasso;

• Contact met crediteuren;

• Overige beheers- en vereffeningswerkzaamheden.

04-03-2022

7

Uitvoeren van het onderzoek naar de oorzaken en eventuele

onrechtmatigheden van het faillissement;

Debiteurenincasso;

Contact met crediteuren;

Overige beheers- en vereffeningswerkzaamheden.

13-06-2022

8

De curator zal zich in de komende verslagperiode in ieder geval richten op:

Uitvoeren van het onderzoek naar de oorzaken en eventuele

onrechtmatigheden van het faillissement;

Debiteurenincasso;

Overige beheers- en vereffeningswerkzaamheden.

13-09-2022

9

De curator zal zich in de komende verslagperiode in ieder geval richten op:

Uitvoeren van het onderzoek naar de oorzaken en eventuele

onrechtmatigheden van het faillissement;

Incasso laatste openstaande vorderingen;

Overige beheers- en vereffeningswerkzaamheden.

16-02-2023

10

De curator zal zich in de komende verslagperiode in ieder geval richten op: 23-11-2023

10.2 Termijn afwikkeling faillissement

10.3 Indiening volgend verslag

10.4 Werkzaamheden overig

Bijlagen

Bespreken voorlopige conclusies onderzoek met de rechter-commissaris;

Debiteurenincasso;

Overige beheers- en vereffeningswerkzaamheden.

11

De curator zal zich in de komende verslagperiode in ieder geval richten op:

Overleg KBC over debiteurenincasso;

Belastingteruggaaf Italiaanse Fiscus;

Overige beheers- en vereffeningswerkzaamheden.

22-02-2024

12

De curator zal zich in de komende verslagperiode in ieder geval richten op:

Belastingteruggaaf Italiaanse Fiscus;

Overige beheers- en vereffeningswerkzaamheden.

25-09-2024

13

De curator zal zich in de aankomende verslagperiode richten op:

Belastingteruggaaf Italiaanse Fiscus

Afwikkeling

10-01-2025

14

Nog niet bekend. 15-06-2020

1

Nog niet bekend. 17-09-2020

2

10-4-2025 10-01-2025

14

Bijlagen