Overzicht met bedrijven in Nederland
Terug naar faillissement

Verslag: 07-07-2026

Onbekend bedrijf · KVK 14089501 ·F.03/18/8
Verslagdatum
07-07-2026
Procedure
Faillissement
Status
Actief
Rechtbank
Rechtbank Limburg

Platte tekst van het verslag

Documentkenmerk: 03_lim_18_8_F_V_26 ·Tekst verwerkt op 25-09-2026 04:35

Openbaar faillissementsverslag

rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)

Naam onderneming

Gegevens onderneming

Activiteiten onderneming

Financiële gegevens

Toelichting financiële gegevens

Betreft

Algemene gegevens

Virenze Algemeen Beheer BV 27-06-2018

2

De curator benadrukt dat de informatie in dit verslag onderwerp is van nader

onderzoek. Om een zo volledig mogelijk beeld te kunnen schetsen is deels

afgegaan op informatie van betrokken derden, zonder dat die informatie

integraal op juistheid is onderzocht. Omtrent de volledigheid en juistheid van

de in dit verslag opgenomen gegevens kan dan ook nog geen uitspraak

worden gedaan.

Aan dit faillissementsverslag en/of volgende faillissementsverslagen kunnen

geen rechten worden ontleend. Niets in dit verslag kan worden

geïnterpreteerd als een erkenning van aansprakelijkheid noch als afstand van

enig recht.

07-07-2025

15

Virenze is een instelling die ambulante geestelijke gezondheidszorg biedt aan

kinderen en jeugdigen, volwassenen en ouderen binnen de specialistische en

generalistische GGZ.

27-06-2018

2

Verslagnummer 17

Datum verslag 07-07-2026

Insolventienummer F.03/18/8

Toezichtzaaknummer NL:TZ:0000020290:F003

Datum uitspraak 10-01-2018

R-C mr. V.E.J. Noelmans

Curator mr D.A.J. Roomberg

Toelichting financiële gegevens

Gemiddeld aantal personeelsleden

Boedelsaldo

2013: € 20.043.046,-,

2014: € 24.487.242,-,

2015: € 34.859.159,-,

2016: € 35.041.839,-

27-06-2018

2

465

31-01-2019

3

€ 4.086.024,94

Toelichting

De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 26 juni 2018 in totaal €

4.086.024,94. Verwezen wordt voorts naar de recapitulatie

faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.

27-06-2018

2

€ 4.428.352,20

Toelichting

De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 18 januari 2019 in totaal

€ 4.428.352,20 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts verwezen naar de

recapitulatie faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.

31-01-2019

3

€ 5.227.966,52

Toelichting

De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 2 september 2019 in

totaal € 5.227.966,52 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts verwezen naar

de recapitulatie faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.

06-09-2019

4

€ 4.996.062,44

Toelichting

De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 2 maart 2020 in totaal €

4.996.062,44 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts verwezen naar de

recapitulatie faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.

05-03-2020

5

€ 4.475.477,26

Toelichting

De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 2 september 2020 in

totaal € 4.475.477,26 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts verwezen naar

de recapitulatie faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.

04-09-2020

6

€ 4.416.369,72

05-03-2021

7

Toelichting

De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 3 maart 2021 in totaal €

4.416.369,72 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts verwezen naar de

recapitulatie faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.

€ 4.209.722,60

Toelichting

De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 21 oktober 2021 in

totaal € 4.209.722,60 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts verwezen naar

de recapitulatie faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.

21-10-2021

8

€ 4.110.757,37

Toelichting

De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 12 april 2022 in totaal €

4.110.757,37 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts verwezen naar de

recapitulatie faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.

21-04-2022

9

€ 4.048.691,69

Toelichting

De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 9 oktober 2022 in totaal

€ 4.048.691,69 (geconsolideerd).

21-10-2022

10

€ 3.964.517,30

Toelichting

De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 1 juni 2023 in totaal €

3.964.517,30 (geconsolideerd).

01-06-2023

11

€ 3.887.404,86

Toelichting

De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 1 december 2023 in

totaal € 3.887.404,86 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts naar de

recapitulatie faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.

01-12-2023

12

€ 3.873.191,83

Toelichting

De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 28 juni 2024 in totaal €

3.873.191,83 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts naar de recapitulatie

faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.

28-06-2024

13

€ 3.846.554,08

Toelichting

30-12-2024

14

Verslagperiode

De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 30 december 2024 in

totaal € 3.846.554,08 (geconsolideerd).

€ 3.826.712,82

Toelichting

De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 7 juli 2025 in totaal €

3.826.712,82 (geconsolideerd).

07-07-2025

15

€ 3.809.768,15

07-01-2026

16

€ 3.738.853,60

Toelichting

De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 24 juni 2026 in totaal €

3.738.853,60 (geconsolideerd).

07-07-2026

17

van

7-2-2018

t/m

22-6-2018

27-06-2018

2

van

23-6-2018

t/m

31-1-2019

31-01-2019

3

van

1-2-2019

t/m

4-9-2019

06-09-2019

4

van

5-9-2019

t/m

4-3-2020

05-03-2020

5

van

5-3-2020

t/m

4-9-2020

04-09-2020

6

van

4-9-2020

t/m

3-3-2021

05-03-2021

7

van

4-3-2021

t/m

20-10-2021

21-10-2021

8

van

21-10-2021

t/m

21-4-2022

21-04-2022

9

van

22-4-2022

t/m

21-10-2022

21-10-2022

10

van

22-11-2022

t/m

1-6-2023

01-06-2023

11

van

2-6-2023

t/m

1-12-2023

01-12-2023

12

van

1-12-2023

t/m

28-6-2024

28-06-2024

13

van

27-6-2024

t/m

30-12-2024

30-12-2024

14

Bestede uren

Toelichting bestede uren

van

31-12-2024

t/m

7-7-2025

07-07-2025

15

van

8-7-2025

t/m

7-1-2026

07-01-2026

16

van

8-1-2026

t/m

7-7-2026

07-07-2026

17

VerslagperiodeBestede uren

2 0 uur 0 min
3 0 uur 0 min
4 86 uur 24 min
5 80 uur 18 min
6 12 uur 12 min
7 77 uur 16 min
8 148 uur 4 min
9 114 uur 28 min
10 229 uur 4 min
11 207 uur 54 min
12 70 uur 18 min
13 85 uur 30 min
14 45 uur 36 min
15 29 uur 0 min
16 121 uur 6 min
17 38 uur 24 min

totaal 1.345 uur 34 min

Bestede uren Totaal (1e en 2e verslagperiode): 2.743 uur 27-06-2018

2

Eerste tot en met derde verslagperiode 3.586 uren (geconsolideerd).

Opmerkingen vooraf:

Het faillissement van de Virenze Groep is omvangrijk en complex. Op

vereenvoudigde wijze wordt in dit verslag de huidige stand van zaken

weergegeven conform de daarvoor geldende richtlijnen. Daarbij zijn niet alle

onderlinge juridische verhoudingen weergegeven.

De curator benadrukt dat de informatie in het verslag onderwerp is van nader

onderzoek. Om een zo volledig mogelijk beeld te kunnen schetsen is primair

afgegaan op informatie ontleend aan de administratie van curanda en is voorts

afgegaan op informatie van het bestuur en betrokken derden, zonder dat die

informatie integraal op juistheid is onderzocht. Omtrent de volledigheid en/of

juistheid van de in dit verslag opgenomen gegevens kan dan ook nog geen

uitspraak worden gedaan.

Bovendien wordt voor een volledig begrip van de weergave in dit verslag

aanbevolen om de eerdere verslagen eveneens te lezen.

31-01-2019

3

Eerste tot en met vierde verslagperiode 4141 (geconsolideerd).

Opmerkingen vooraf:

Het faillissement van de Virenze Groep is omvangrijk en complex. Op

vereenvoudigde wijze wordt in dit verslag de huidige stand van zaken

weergegeven conform de daarvoor geldende richtlijnen. Daarbij zijn niet alle

onderlinge juridische verhoudingen weergegeven.

De curator benadrukt dat de informatie in het verslag onderwerp is van nader

onderzoek. Om een zo volledig mogelijk beeld te kunnen schetsen is primair

afgegaan op informatie ontleend aan de administratie van curanda en is voorts

afgegaan op informatie van het bestuur en betrokken derden, zonder dat die

informatie integraal op juistheid is onderzocht. Omtrent de volledigheid en/of

juistheid van de in dit verslag opgenomen gegevens kan dan ook nog geen

uitspraak worden gedaan.

Bovendien wordt voor een volledig begrip van de weergave in dit verslag

aanbevolen om de eerdere verslagen eveneens te lezen.

06-09-2019

4

Eerste tot en met vijfde verslagperiode 4491 (geconsolideerd).

De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van

werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.

Opmerkingen vooraf:

Het faillissement van de Virenze Groep is omvangrijk en complex. Op

vereenvoudigde wijze wordt in dit verslag de huidige stand van zaken

weergegeven conform de daarvoor geldende richtlijnen. Daarbij zijn niet alle

onderlinge juridische verhoudingen weergegeven.

De curator benadrukt dat de informatie in het verslag onderwerp is van nader

onderzoek. Om een zo volledig mogelijk beeld te kunnen schetsen is primair

afgegaan op informatie ontleend aan de administratie van curanda en is voorts

afgegaan op informatie van het bestuur en betrokken derden, zonder dat die

informatie integraal op juistheid is onderzocht. Omtrent de volledigheid en/of

juistheid van de in dit verslag opgenomen gegevens kan dan ook nog geen

uitspraak worden gedaan.

Bovendien wordt voor een volledig begrip van de weergave in dit verslag

aanbevolen om de eerdere verslagen eveneens te lezen.

05-03-2020

5

Eerste tot en met zesde verslagperiode (geconsolideerd). 04-09-2020

6

De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van

werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.

Opmerkingen vooraf:

Het faillissement van de Virenze Groep is omvangrijk en complex. Op

vereenvoudigde wijze wordt in dit verslag de huidige stand van zaken

weergegeven conform de daarvoor geldende richtlijnen. Daarbij zijn niet alle

onderlinge juridische verhoudingen weergegeven.

De curator benadrukt dat de informatie in het verslag onderwerp is van nader

onderzoek. Om een zo volledig mogelijk beeld te kunnen schetsen is primair

afgegaan op informatie ontleend aan de administratie van curanda en is voorts

afgegaan op informatie van het bestuur en betrokken derden, zonder dat die

informatie integraal op juistheid is onderzocht. Omtrent de volledigheid en/of

juistheid van de in dit verslag opgenomen gegevens kan dan ook nog geen

uitspraak worden gedaan.

Bovendien wordt voor een volledig begrip van de weergave in dit verslag

aanbevolen om de eerdere verslagen eveneens te lezen.

Eerste tot en met zevende verslagperiode (geconsolideerd).

De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van

werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.

Opmerkingen vooraf:

Het faillissement van de Virenze Groep is omvangrijk en complex. Op

vereenvoudigde wijze wordt in dit verslag de huidige stand van zaken

weergegeven conform de daarvoor geldende richtlijnen. Daarbij zijn niet alle

onderlinge juridische verhoudingen weergegeven.

De curator benadrukt dat de informatie in het verslag onderwerp is van nader

onderzoek. Om een zo volledig mogelijk beeld te kunnen schetsen is primair

afgegaan op informatie ontleend aan de administratie van curanda en is voorts

afgegaan op informatie van het bestuur en betrokken derden, zonder dat die

informatie integraal op juistheid is onderzocht. Omtrent de volledigheid en/of

juistheid van de in dit verslag opgenomen gegevens kan dan ook nog geen

uitspraak worden gedaan.

Bovendien wordt voor een volledig begrip van de weergave in dit verslag

aanbevolen om de eerdere verslagen eveneens te lezen.

05-03-2021

7

Eerste tot en met achtste verslagperiode (geconsolideerd).

De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van

werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.

Opmerkingen vooraf:

Het faillissement van de Virenze Groep is omvangrijk en complex. Op

vereenvoudigde wijze wordt in dit verslag de huidige stand van zaken

weergegeven conform de daarvoor geldende richtlijnen. Daarbij zijn niet alle

onderlinge juridische verhoudingen weergegeven.

De curator benadrukt dat de informatie in het verslag onderwerp is van nader

onderzoek. Om een zo volledig mogelijk beeld te kunnen schetsen is primair

afgegaan op informatie ontleend aan de administratie van curanda en is voorts

afgegaan op informatie van het bestuur en betrokken derden, zonder dat die

informatie integraal op juistheid is onderzocht. Omtrent de volledigheid en/of

juistheid van de in dit verslag opgenomen gegevens kan dan ook nog geen

uitspraak worden gedaan.

Bovendien wordt voor een volledig begrip van de weergave in dit verslag

aanbevolen om de eerdere verslagen eveneens te lezen.

21-10-2021

8

1.1 Directie en organisatie

De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van

werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.

21-10-2022

10

De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van

werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.

01-06-2023

11

De bestede tijd heeft met name betrekking op de categorieën van

werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.

01-12-2023

12

De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van

werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.

28-06-2024

13

Eerste tot en met veertiende verslagperiode (geconsolideerd).

De bestede tijd heeft met name betrekking op de categorieën van

werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.

30-12-2024

14

De bestede tijd heeft met name betrekking op de categorieën van

werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.

07-07-2025

15

De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van

werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.

07-01-2026

16

De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van

werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.

07-07-2026

17

1. Inventarisatie

Ongewijzigd. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

1.2 Lopende procedures

1.3 Verzekeringen

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

Ongewijzigd. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

1.3 Verzekeringen

1.4 Huur

De door de curator sedert faillissement gecontinueerde

verzekeringsovereenkomsten zijn voor een groot deel inmiddels beëindigd, nu

de zorgactiviteiten zijn overgedragen alsmede het daarbij behorende actief.

Enkel die verzekeringen die in het kader van de verdere

faillissementsafwikkeling nog benodigd zijn, zijn thans nog actief en daarvoor

wordt vanuit de boedel de premie voldaan. Dit betreft de verzekeringen

betrekking hebbend op de inventaris en opstal van kasteel Rijckholt, de daar

nog gebruikte landbouwmachine (professionele grasmaaier) en de nog

aanwezige VW Kever. Ook de bestuurders en commissarissen

aansprakelijkheidsverzekering is nog actief.

27-06-2018

2

Derde verslag:

Aangezien de resterende activa inmiddels nagenoeg volledig te gelde zijn

gemaakt, zijn de verzekeringen betrekking hebbend op die overgedragen

activa inmiddels beëindigd. Thans is enkel nog actief de opstalverzekering

betreffende het Kasteel Rijckholt en de bestuurders- en commissarissen

aansprakelijkheidsverzekering.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Na verkoop en notariële levering van Kasteel Rijckholt, is de terzake nog

actieve opstalverzekering beëindigd waardoor thans enkel nog actief is de

bestuurders- en commissarissen aansprakelijkheidsverzekering.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Thans is enkel nog actief de bestuurders- en

commissarissenaansprakelijkheidsverzekering.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

1.4 Huur

1.5 Oorzaak faillissement

Voor wat betreft de door Virenze gesloten huurovereenkomsten geldt dat deze

door de curator kort na faillissement zijn opgezegd op grond van zijn wettelijke

bevoegdheid daartoe. De doorstartende partijen, zijnde Parnassia Groep en

METggz, hebben op de locaties alwaar zij direct aansluitend aan de doorstart

de zorgactiviteiten continueerden, gebruik gemaakt van de gehuurde locaties

gedurende de opzegtermijnen van die betreffende huurovereenkomsten. De

daarmee samenhangende huurtermijnen zijn door de doorstarters aan de

boedel voldaan. De doorstarters zijn zelf in contact getreden met de

betreffende verhuurders om te bezien of zij tot nieuwe afspraken konden

komen. Aldus heeft de curator de huurovereenkomsten met een circa dertigtal

verhuurders inmiddels beëindigd en de huurlocaties ook feitelijk opgeleverd,

met uitzondering van die locaties alwaar de doorstarters besloten hebben te

zullen doorhuren en met de verhuurders daarover tot overeenstemming zijn

gekomen. Voorts heeft de curator in de voorbije verslagperiode de

boedelvorderingen van de verhuurders geregistreerd en daarbij ook rekening

gehouden met de diverse bankgaranties die door verhuurders na faillissement

nog zijn afgeroepen. Voor een overzicht van deze boedelvorderingen zij

verwezen naar de aangehechte bijlage.

27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

De door de curator in de voorbije verslagperiode gedane onderzoeken naar de

faillissementsoorzaken hebben vooralsnog niet geleid tot een ander beeld dan

dat is weergegeven in het openingsverslag. De onderzoeken naar de oorzaken

van het faillissement zijn overigens nog niet geheel afgerond en zullen in de

komende verslagperiode worden gecontinueerd.

27-06-2018

2

Derde verslag:

De door de curator in de voorbije periode gedane onderzoeken naar de

faillissementsoorzaken hebben vooralsnog niet geleid tot een ander beeld dan

31-01-2019

3

dat is weergegeven in het openingsverslag. De onderzoeken naar de oorzaken

van het faillissement zullen in de komende verslagperiode worden

gecontinueerd.

Vierde verslag:

De door de curator in de voorbije periode gedane onderzoeken naar de

faillissementsoorzaken hebben vooralsnog niet geleid tot een ander beeld dan

dat is weergegeven in het openingsverslag. De onderzoeken naar de oorzaken

van het faillissement zullen in de komende verslagperiode worden

gecontinueerd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

In de voorbije verslagperiode heeft de curator formeel een aanvang genomen

met het oorzaken- en rechtmatigheidsonderzoek. Dit betekent dat een selectie

van brondocumenten uit de administratie van de Virenze Groep is

samengebracht in een dataroom en mede aan de hand van de inhoud daarvan

zullen de komende maanden interviews worden gehouden met diverse

betrokken bestuurders en commissarissen uit de relevante periode

voorafgaande aan de faillissementen van de diverse vennootschappen

behorend tot de Virenze Groep.

05-03-2020

5

In de voorbije verslagperiode heeft de curator startinterviews afgenomen van

alle leden van het bestuur en de raad van commissarissen die in functie waren

in de periode van drie jaar voorafgaand aan het faillissement. De komende

verslagperiode zal het onderzoek naar de oorzaak van het faillissement verder

worden geïntensiveerd door het houden van vervolginterviews en het

verrichten van verder boekenonderzoek.

04-09-2020

6

Zevende verslag:

In de voorbije verslagperiode heeft de curator de vervolginterviews voorbereid

alsook verder boekenonderzoek verricht. Deze verslagperiode zullen die

vervolginterviews worden afgenomen waarmee het oorzakenonderzoek wordt

geïntensiveerd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

In de voorbije verslagperiode zijn de vervolginterviews gecontinueerd. De

komende verslagperiode worden deze afgerond en wordt verwacht dat het

oorzakenonderzoek kan worden afgerond.

21-10-2021

8

De curator heeft de concept rapportage aangaande zijn oorzakenonderzoek

de voorbije verslagperiode afgerond. Conform het protocol oorzakenonderzoek

wordt het concept voor de duur van twee weken ter becommentariëring

aangeboden aan de geinterviewde functionarissen (voormalig leden van de

RvB en RvC) en aansluitend wordt het “Conceptrapport-Feitendeel”

vastgesteld. Aansluitend zullen de definitieve bevindingen met de rechter-

commissaris worden gedeeld en samengevat ook worden opgenomen in het

openbaar verslag.

21-04-2022

9

De curator en zijn medewerkers hebben in het kader van het

oorzakenonderzoek verschillende keren overleg gevoerd met (een aanzienlijk

aantal) voormalig leden van de Raad van bestuur en de Raad van

Commissarissen van Virenze, met interim bestuurder Loek Radix en het hoofd

van de financiële afdeling de heer Frans Hendriks. De curator heeft tijdens

deze overleggen geïnformeerd naar de oorzaken van het faillissement. Ook

heeft de curator de boeken/administratie onderzocht. Daaruit is - samengevat

- het volgende beeld ontstaan.

21-10-2022

10

De directe aanleiding voor de aanvraag van surséance van betaling (hetgeen

de inleiding vormde van het faillissement) was de liquiditeitspositie van

Virenze. Het bestuur voorzag dat Virenze gelet op de liquiditeitspositie op

korte termijn niet meer zou kunnen voldoen aan haar financiële verplichtingen.

De aanvraag van surséance van betaling was nodig om te voorkomen dat de

zorgverlening door Virenze aan haar cliënten niet tot een acute stop zou

komen. Dit was belangrijk omdat de omvang van de zorgactiviteiten van

Virenze (circa 30 locaties in het land met ongeveer 10.000 patiënten)

meebracht dat een acute staking van de verlening van zorg, de continuïteit

daarvan aan de meest kwetsbare groep, onmiddellijk in gevaar zou brengen.

Aan de liquiditeitsproblematiek bleken naar zeggen van de verschillende

functionarissen verschillende oorzaken ten grondslag te liggen. Een veel

gerapporteerde oorzaak zou zijn het aantal verschillende stelselherzieningen

binnen de GGZ waardoor het verdienmodel en de organisatie van Virenze

telkens opnieuw moest worden aangepast. Dit gold naar zeggen van

verschillende functionarissen eens te meer omdat de verschillende factoren

zich allemaal in een relatief kort tijdsbestek voordeden.

Dit vroeg om een groot aanpassingsvermogen van het bestuur en het

personeel omdat dit een directe uitwerking had op de administratieve

processen en systemen binnen Virenze. De zogenaamde “backoffice” moest

daar steeds direct op inspelen en reageren. In de aanloop naar de meest

recente stelselherziening (de overgang van de financiering van de Jeugd GGZ

van de zorgverzekeraars naar de gemeenten) had het bestuur van Virenze als

strategie geformuleerd dat Virenze moest groeien. Dit om in de

onderhandelingen met centrumgemeenten als volwaardige partij te worden

aangemerkt en om op die manier binnen de jeugdhulpverlening contracten te

kunnen (blijven) afdwingen bij deze centrumgemeenten.

Daarnaast gold volgens bestuurder Kochen dat er voldoende schaalgrootte

moest zijn gezien het dure inhoudelijke concept van Virenze.

Dit bracht mee dat Virenze in 2015 de Stichting Riagg Groep Maastricht heeft

overgenomen (hierna: “Riagg Maastricht of Riagg”), waarbij op dat moment

circa 160 werknemers in dienst waren. Functionarissen van Virenze

verklaarden dat al snel duidelijk werd dat de administratieve systemen van

Riagg Maastricht onvoldoende aansloten op die van Virenze, waardoor het

bestuur van Virenze onvoldoende zicht had op de productiviteit. Pas in juni

2016 zou het bestuur van Virenze over deze volledige sturingsinformatie

beschikken en bleek dat de productiviteit aanzienlijk achterliep.

Duidelijk was dat de wijze en professionaliteit van registratie van

zorghandelingen tussen Virenze en Riagg Maastricht uiteen liep. Daarnaast

was - naar zeggen van het bestuur van Virenze - bij het Riagg personeel in

mindere mate sprake van bedrijfsmatig denken en handelen, hetgeen ten

koste ging van de productiviteit, de rentabiliteit en dus ook van de

winstgevendheid van Virenze. Bovendien speelde er eind 2016 een hoog

ziekteverzuim, namelijk van 8%. In de jaren nadien heeft Virenze bovendien

nog een groot aantal kleinere overnames gepleegd hetgeen, in combinatie met

de grote overname van het Riagg Maastricht, naar zeggen van het bestuur

uiteindelijk leidde tot verlies van grip op de onderneming. De combinatie van

alle genoemde omstandigheden zoals de hoge personeelskosten, het hoge

ziekteverzuim, het achterblijven van de productiviteit, het onvoldoende op

elkaar kunnen afstemmen van de administratieve systemen, de afwezigheid

van sturingsinformatie gedurende langere tijd, het niet kunnen bewerkstelligen

van de cultuuromslag bij het Riagg personeel, de diverse stelselwijzigingen

met tevens financiële impact en de vele overnames (die onvoldoende snel

geïntegreerd konden worden) heeft uiteindelijk de financiële teruggang

ingeleid en uiteindelijk onhoudbaar gemaakt.

Naast overleggen in de beginfase met de verschillende functionarissen van

Virenze is ook de administratie van de onderneming onderzocht. Hieruit bleek

dat er in het kader van de oorzaken van het faillissement ook vraagtekens te

plaatsen waren bij de rol die bestuur van de onderneming daarin heeft gehad.

De indruk ontstond dat DGA Kochen verschillende keuzes heeft gemaakt die

een aanzienlijk beslag hebben gelegd op de liquiditeit van Virenze. Zo bleek

dat Virenze een significante vordering had op Kochen Holding uit hoofde van

een rekening-courant verhouding. Een vordering die - ondanks met de RvC

gemaakte afspraken dat die zou worden afgebouwd - in omvang door de jaren

heen bleef toenemen. Ook bleek dat Kochen verschillende malen ervoor had

gekozen om in de jaren voorafgaand aan het faillissement verschillende

aandeelhouders uit te kopen en dit te financieren met vermogen van de

vennootschap en/of middels een boeking in zijn rekening-courant verhouding

met Virenze. De administratie van Virenze wees ook uit dat Kochen de

drijvende kracht was achter het actieve overnamebeleid, dat ook werd

doorgezet na de overname van Riagg.

Verder bleek ook dat bestuurder, de heer Hogan Kersten, verantwoordelijk zou

zijn geweest voor het voornemen tot de professionalisering en verbetering van

de ''backoffice'' en dat het uitblijven daarvan een belangrijke oorzaak is

geweest van het verlies van controle op de onderneming en mede oorzaak is

geweest van de liquiditeitsproblemen. Duidelijk werd dat de implementatie van

kritieke systemen, zoals onder meer de zorgmonitor, lang uitbleef. De

implementatie van dit systeem, dat de productieresultaten van de individuele

vestigingen zou verzamelen en weergeven, bleef lang uit omdat de

verantwoordelijke medewerker daarvoor, vanwege een te groot takenpakket

daar niet aan toekwam. Onduidelijk is gebleven of de heer Kersten als

bestuurder hierop heeft geacteerd, en zo ja, op welke wijze.

Duidelijk werd verder dat de financiële administratie onvoldoende

professioneel was ingericht in verhouding tot de omvang van de onderneming.

De rechten en verplichtingen van de onderneming bleken moeilijk direct vast te

stellen en dit sluit aan bij kritiekpunten uit de verschillende adviesrapporten

van de accountants en/of financiële adviesbureaus die de staat van de

onderneming van Virenze zowel voor als na de overname van Riagg hebben

onderzocht. Om te kunnen komen tot zogenaamde Maandrapportages

(Maraps) waarmee de RvB de RvC maandelijks financieel voorlichtte, diende na

extractie van de financiële data uit de administratie, eerst door de financieel

directeur nog een handmatige aanpassing van stelposten plaats te vinden

alvorens de Marap te kunnen opleveren. Hiermee wordt niet gezegd dat de

financieel directeur die handmatige aanpassing niet naar eer en geweten heeft

uitgevoerd en naar zijn beste inzichten, maar dit betekende feitelijk wel dat er

twee financiële administratieve vastleggingen (geconsolideerd) naast elkaar

functioneerden. Ook is uiteindelijk gebleken dat de geleden verliezen vanaf

2015 steeds aanzienlijker werden dan men aanvankelijk door middel van de

eigen administratie had kunnen vaststellen.

De ondermaatse kwaliteit van rapportage van de rechten en verplichtingen van

Virenze bleek verder ook uit het feit dat de jaarrekening(en) zowel op

concernniveau als op het niveau van de individuele vennootschappen één of

meerdere jaren niet of niet tijdig zijn gedeponeerd.

Concluderend wordt vastgesteld dat het faillissement van Virenze voortkomt

uit verschillende oorzaken die onlosmakelijk met elkaar samenhangen. Dit

betreffen:

De overname Riagg Maastricht;

Het overnamebeleid in het algemeen;

De strategie van Virenze;

2.1 Aantal ten tijde van faillissement

Het functioneren van het bestuur en de Raad van Commissarissen;

De decentralisatie van de jeugdhulp naar de gemeenten;

Het functioneren van de backoffice met een bijzondere aandacht voor de

financiële administratie;

De rekening-courant verhouding met DGA Kochen;

Het opmaken, goedkeuren en deponeren van de jaarrekeningen;

Probleem van onvoldoende productiviteit;

De verschillende oorzaken hangen vaak onlosmakelijk met elkaar samen. Geen

enkele oorzaak lijkt separaat doorslaggevend te zijn geweest voor het

faillissement. Het was een combinatie van oorzaken die allen tezamen een

onhoudbare druk hebben gecreëerd op de liquiditeit van de onderneming.

De curator heeft het oorzakenonderzoek op 28 september 2022 afgerond en

zijn rapportage zowel gedeeld met de rechter-commissaris als met alle

voormalig betrokken functionarissen binnen Virenze die door de curator in het

onderzoekstraject zijn geïnterviewd.

2. Personeel

Toelichting

Ongewijzigd.

27-06-2018

2

Toelichting

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Toelichting

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Toelichting

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Toelichting

Ongewijzigd

04-09-2020

6

Toelichting

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

2.2 Aantal in jaar voor faillissement

2.3 Ontslagaanzegging

2.4 Werkzaamheden personeel

Toelichting

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Toelichting

Ongewijzigd.

21-10-2022

10

Toelichting

Ongewijzigd.

27-06-2018

2

Toelichting

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Toelichting

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Toelichting

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Toelichting

Ongewijzigd

04-09-2020

6

Toelichting

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Toelichting

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Toelichting

Ongewijzigd.

21-10-2022

10

2.4 Werkzaamheden personeel

3.1 Onroerende zaken

Toelichting onroerende zaken

Het UWV heeft na eind december 2017 het eerste voorschot aan de

werknemers betaald en inmiddels ook de eindafrekening per individuele

werknemer opgemaakt en de definitieve uitkeringen verstrekt. De curator heeft

contact onderhouden met het UWV om ook zelf de eindafrekeningen te

ontvangen om zodoende in staat te zijn om ook de resterende

loonvorderingen te kunnen beoordelen, die door de werknemers inmiddels bij

de curator worden ingediend. De curator is thans nog volop doende om deze

vorderingen te beoordelen en brieven van personeelsleden te beantwoorden.

Werkzaamheden: Correspondentie voeren met het UWV inzake de

eindafrekeningen alsmede met de werknemers inzake de door hen de bij de

curator ingediende resterende vorderingen op de boedel. Berekeningen

uitvoeren omtrent de resterende loonvorderingen op de boedel.

27-06-2018

2

Derde verslag:

Inventarisatie, correspondentie voeren met het UWV alsmede met de

werknemers inzake de door hen bij de curator ingediende loonvorderingen.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ook in de voorbije verslagperiode heeft de curator gecorrespondeerd met

personeelsleden in het kader van de door hen ingediende loonvorderingen.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ook in de voorbije verslagperiode heeft de curator gecorrespondeerd met

personeelsleden in het kader van de door hen ingediende loonvorderingen.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

3. Activa

Beschrijving Verkoopopbr.Hypotheek Boedelbijdr.

Kasteel Rijckholt gelegen aan de

Kasteelstraat 15 te Gronsveld.

€ 1.019.876,00€ 1.400.000,00€ 10.198,76

totaal € 1.019.876,00 € 10.198,76

In het openingsverslag werd melding gemaakt van een viertal onroerende

zaken zijnde een pand gelegen te Hoensbroek, een pand te Geleen, een pand

te Sittard en tot slot de onroerende zaak genaamd “Kasteel Rijckholt” te

Gronsveld. De eerste drie genoemde panden zijn - zoals ook in het

openingsverslag is weergegeven - verkocht aan de doorstartende partijen. De

verkoopactiviteiten ten aanzien van “Kasteel Rijckholt” zijn in de onderhavige

verslagperiode gecontinueerd. Ten aanzien van deze onroerende zaak

gelegen aan de Kasteelstraat 15 geldt dat die is opgesplitst in een tweetal

kadastrale nummers. Enerzijds betreft dat een perceel ter grootte van 20.701

m2 dat bekend staat als het kasteel met tuinen, parkeerplaats en ondergrond.

Daarnaast is er een tweede perceel ter grootte van 3.495 m2 met een aparte

kadastrale aanduiding welk terrein dienst doet als grasland. Het is gelegen

voor het kasteel. Beide percelen zijn in de voorbije verslagperiode nog te koop

aangeboden.

27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Op 20 maart 2019 heeft de uiteindelijke verkoop en notariële levering

plaatsgevonden van Kasteel Rijckholt (en de daarbij behorende tuinen en

gronden) gelegen aan Kasteelstraat 15 te Gronsveld. De heer J.W.P. van den

Berg was de koper van deze onroerende zaak. De uiteindelijke koopsom

bedroeg in totaliteit € 1.082.376,- en die was opgedeeld in de hiernavolgende

onderdelen. Voor het kasteel met tuinen, parkeerplaats en ondergrond,

kadastraal bekend als gemeente Eijsden, sectie F nummer 975 werd €

995.876,- voldaan. Dit deel was belast met een recht van hypotheek ten

gunste van Rabobank.

Daarnaast werd voor het perceel cultuur grond, gelegen te Gronsveld,

kadastraal bekend als gemeente Eijsden, sectie F nummer 983 een bedrag van

€ 24.000,- betaald. Dit deel was niet belast met hypotheek.

Voorts werd al eerder met de koper overeengekomen dat er een bedrag als

onkostenvergoeding/vertragingsrente zou worden voldaan van € 12.500,- per

maand nu de aanvankelijk geplande levering per 1 november 2018 op

uitdrukkelijk verzoek van de koper moest worden uitgesteld. Derhalve werd

terzake die vergoeding nog € 62.500,- ontvangen.

Op 29 maart 2019 heeft de curator terzake de verkoop van Kasteel Rijckholt

met Rabobank afgerekend waarbij als boedelbijdrage werd ontvangen €

25.000,- inclusief € 5.250,- BTW, derhalve in totaal € 30.250,-. Terzake de

verdeling van de vertragingrente werd € 31.250,- ten gunste van de boedel

ontvangen en terzake de verrekening van onroerende zaakbelasting,

waterschapslasten en rioolrecht werd nog € 1.767,02 ten gunste van de

boedel ontvangen. Met inbegrip van het niet verhypothekeerde deel van de

grond, zijnde het genoemde bedrag van € 24.000,-, werd derhalve in totaal €

87.267,02 door de boedel ontvangen in verband met de verkoop van de

onroerende zaken.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

3.2 Werkzaamheden onroerende zaken

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

De percelen gelegen aan de Kasteelstraat 15 te Gronsveld zijn in overleg met

de hypotheekhouder Rabobank verkocht met medewerking van makelaar

Marinus & Partners te Maastricht. In totaal bleek een tiental gegadigden

geïnteresseerd in het onroerend goed en zij hebben onder leiding van de

makelaar bezichtigingen uitgevoerd. Er is een biedingsinstructie opgesteld en

de biedingstermijn sloot op 14 mei 2018. Uiteindelijk hebben twee gegadigden

een bod uitgebracht waarvan de heer J.W. van den Berg van Montiscs

Monumenten CV de hoogste bieding uitbracht, zijnde € 1.019.876,-.

Voorafgaande aan de bieding was een taxatie uitgevoerd door een

onafhankelijke taxateur zijnde M. Scholten van Scholten Taxaties, die op 6

maart 2018 een waardering gaf en daarbij de actuele marktwaarde taxeerde

op € 1.176.000,- en de marktwaarde bij gedwongen verkoop op € 825.000,-.

Dat er uiteindelijk slechts twee gegadigden een bieding hebben uitgebracht op

het onroerend goed heeft – zo vernam de curator van de makelaar–

hoofdzakelijk te maken met de aanzienlijke restauratiekosten die nog zouden

moeten worden geïnvesteerd na aankoop, alsmede de relatief hoge kosten

van instandhouding na restauratie. Oftewel, de aard en de complexiteit van

het object hebben meegebracht dat de genoemde bieding van € 1.019.876,-

de hoogste mogelijke opbrengst vormde. De rechter commissaris heeft

toestemming gegeven aan deze verkoop. Ook heeft de curator contact gezocht

met het College Sanering Zorginstellingen, dat de curator heeft bericht dat er

twee redenen zijn waarom het College geen bezwaar heeft om het toezicht

van het genereren van de meest optimale opbrengst in deze

verkooptransactie aan de curator over te laten. Allereerst het feit dat de

dochtervennootschap van Virenze Algemeen Beheer BV en juridisch eigenaar

het onroerend goed (zijnde VOZ Rijckholt BV) niet beschikt over een

zogenaamde WTZi-toelating en voorts dat er sprake is van verkoop uit

faillissement en de curator reeds zorg draagt voor een maximale prijs onder

toezicht van een rechter commissaris. De curator is nog doende om de

koopovereenkomst met de koper verder uit te werken en aansluitend zal

binnen afzienbare termijn de notariële levering plaatsvinden.

Nadere bestudering van de hypotheekakte alsmede de eigendomsinformatie

en de hypotheekinformatie uit het Kadaster betreffende het registergoed

Kasteelstraat 15 te Gronsveld heeft het volgende doen uitwijzen. Gebleken is

dat ten gunste van Rabobank enkel een hypotheekrecht is gevestigd op het

perceel van 20.701 m2. Het perceel ter grootte van 3.495 m2 bleek niet belast

met een recht van hypotheek ten gunste van Rabobank. Gelet daarop is de

koopsom van € 1.019.876,- opgedeeld waarbij ten gunste van Rabobank als

hypotheekhouder het bedrag van € 995.876,- zal toekomen (minus aftrek van

de boedelbijdrage en kosten makelaar) terwijl als vrij boedelactief € 24.000,- is

toegerekend aan het perceel grasland van 3.495 m2 en dat bedrag derhalve

de boedel toekomt.

27-06-2018

2

3.3 Bedrijfsmiddelen

Toelichting bedrijfsmiddelen

Werkzaamheden: Het voeren van overleg met de hypotheekhouder, alsmede

met de makelaar en het verder uitvoeren van het biedingsproces inzake de

verkoop van Kasteel Rijckholt. Het informeren van de Rechter-commissaris

inzake het resultaat van het biedingsproces en het verkrijgen van

toestemming voor de verkoop. Aansluitend het uitvoeren van nadere recherche

en het vastleggen van de bereikte overeenstemming met de koper in de vorm

van een koopovereenkomst en het voeren van correspondentie en overleg met

koper, de hypotheekhouder en de notaris.

Derde verslag:

In de voorbije verslagperiode heeft de curator veelvuldig contact gehad met de

koper van Kasteel Rijckholt, zijnde de heer J.W. van den Berg van Montics

Monumenten CV. Ook is er in dat verband contact onderhouden met

hypotheekhouder Rabobank. Overeengekomen was met de koper dat het

gekochte onroerend goed vóór uiterlijk 1 november 2018 notarieel geleverd

zou worden. Omwille van moverende redenen aan de zijde van de koper is de

notariële levering uitgesteld, terwijl de curator met de koper in dat verband

overeenkwam dat de koper maandelijks een onkostenvergoeding aan de

boedel zal voldoen ter hoogte van € 12.500,- vanwege voornoemde

vertraagde notariële levering. De hypotheekhouder Rabobank is met deze

vertraagde formalisering van de verkoop onder de aangegeven voorwaarden

akkoord gegaan en naar verwachting zal de notariële levering binnen enkele

weken na heden zijn afgehandeld.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

In de voorbije verslagperiode heeft de curator contact gehad met zowel

notaris mr. Vermeeren alsmede de koper de heer J.W. van den Berg van

Montics Monucmenten CV. De akte van levering werd gepasseerd op 20 maart

2019 en aansluitend heeft de curator nog contact gehad met de

hypotheekhouder Rabobank inzake de benodigde afrekening van de

verkoopopbrengst e.d..

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

Toelichting bedrijfsmiddelen

3.4 Bodemvoorrecht fiscus

Naast de in het openingsverslag beschreven kantoorinventaris is er nog

aangetroffen een klassieke Volkswagen Kever alsmede nog enige

kunstvoorwerpen. De verkoop van deze zaken is nog gaande.

27-06-2018

2

Derde verslag:

De resterende bedrijfsmiddelen (Volkswagen Kever, Kunstcollectie en

resterende inventaris) zijn in de voorbije verslagperiode verkocht. Verwezen

wordt naar hetgeen is weergegeven onder het kopje 3.8 (Andere activa).

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

3.4 Bodemvoorrecht fiscus

3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen

Ongewijzigd. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen

3.6 Voorraden / onderhanden werk

Toelichting voorraden / onderhanden werk

Nadere inventarisatie, alsmede het verrichten van verkoopwerkzaamheden. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

Zoals in het openingsverslag reeds is weergegeven, heeft de curator vanuit

Virenze de zorgcontinuïteit tot en met 31 december 2017 kunnen garanderen

en is de boedel ook zorgprestaties blijven leveren zulks met medewerking van

het personeel alsmede de ZZP-ers. Echter, het faillissement heeft wel

meegebracht dat er een “harde knip” plaatsvond nu de zorgprocessen vanuit

Virenze bezien per 31 december 2017 zijn beëindigd. De doorstarters

Parnassia Groep en METggz hebben de zorgverlening weliswaar voor eigen

rekening per 1 januari 2018 voortgezet, maar voor de afrekening van de

zorgprestaties van Virenze gold dus dat een geforceerde beëindiging van de

zorgrelaties per 31 december 2017 plaatsvond. Dat betekende dus ook dat bij

de hierna toe te lichten verschillende wijzen waarop de zorg werd bekostigd

per 31 december 2017 tot een eindcalculatie moest worden gekomen.

In de voorbije verslagperiode heeft de curator tezamen met zijn team en de

nog werkzame medewerkers van de financiële administratie en de

zorgadministratie van Virenze het onderhanden werk volledig trachten uit te

declareren om vervolgens tot incasso van de vorderingen op gemeenten en

zorgverzekeraars over te kunnen gaan. Daarbij diende onderscheid te worden

gemaakt tussen het proces voor de geleverde zorg aan cliënten die

gefinancierd worden op basis van de Jeugdwet en die op basis van de

Zorgverzekeringswet. Daarover het volgende.

Declaratieproces inzake de Jeugdwet

De focus van het declaratieproces heeft in eerste instantie gelegen op het

27-06-2018

2

segment Jeugdwet. Aanleiding hiervoor was het gegeven dat de gemeenten

een kortere tijdspanne toestonden, waarbinnen de verantwoording van de in

dit segment geleverde zorg moest worden aangeleverd. Het declaratieproces

binnen de Jeugdwet is complex, aangezien er binnen Virenze (in de basis) met

vijf verschillende financieringsvormen werd gewerkt, die alle een andere

aanpak van het declaratieproces vergden. Deze vijf vormen zijn de volgende:

1. De Diagnose Behandel Combinaties (DBC’s)

De bekostiging op basis van DBC’s behelst dat de te leveren zorg binnen

365 dagen beëindigd wordt en op dat moment kwalificeert in enige

productgroep, waaraan een vooraf afgesproken prijs is gekoppeld. In de

voorbije verslagperiode heeft afwikkeling van deze DBC’s primair

aandacht gehad waarbij ervoor is gezorgd om - binnen de grenzen die

het faillissement meebrengt - aan alle vereisten te voldoen op basis

waarvan kon worden gedeclareerd.

Ten aanzien van de afgeronde 7.300 DBC’s die behoorden tot het

onderhanden werk van Virenze en die moesten worden afgesloten en

gedeclareerd, is inmiddels meer dan 95% afgesloten en gedeclareerd.

Het declaratieproces is nagenoeg afgerond, temeer omdat geen nieuwe

beschikkingen meer (kunnen) worden aangevraagd, afgegeven en

gedeclareerd.

2. Trajectfinanciering

Deze vorm van financiering houdt in dat door de financier een vooraf

vastgestelde vergoeding wordt voldaan na declaratie, onafhankelijk van

de doorlooptijd van de te leveren zorg. Omdat vanwege het faillissement

van Virenze de zorg van dit soort trajecten vóór de reguliere en beoogde

afronding is beëindigd, zal per gemeente gesproken moeten worden over

de vergoeding van het wel geleverde deel van de overeengekomen

zorgtrajecten. De curator heeft met zijn team die berekeningen reeds

grotendeels gemaakt en ook aan de betreffende financiers

bekendgemaakt.

3. Lumpsum

Deze vorm van zorgfinanciering behelst de afspraak dat onafhankelijk

van de feitelijke problematiek van de cliënten op jaarbasis een bedrag

wordt verrekend met de opdrachtgever. Het bedrag wordt voldaan onder

de voorwaarde dat een aantal cliënten waarvoor zorg is geleverd zich

bevindt binnen een vooraf bepaalde bandbreedte. Ook hiervoor is in de

voorbije verslagperiode nagegaan welke zorg is geleverd op basis van

deze financieringsvorm zodat ook die kan worden afgerekend.

4. Arrangementen

Ook deze financieringsvorm werd binnen Virenze gehanteerd, waarbij op

basis van de vooraf ingeschatte problematiek een arrangement

overeengekomen was, ten aanzien waarvan de waarde is bepaald op

basis van de verwachte doorlooptijd, de zwaarte van de zorgvraag en de

intensiteit van het behandeltraject. Veelal wordt er gewerkt met een

bedrag dat bij aanvang kan worden gedeclareerd (starttarief) waarbij na

afronding van de zorg vervolgens het eindtarief wordt gedeclareerd,

onder gelijktijdige creditering van het starttarief. Ook bij deze

financieringsvorm is door de curator met zijn team nagegaan welk

gedeelte van de zorg binnen de overeengekomen arrangementen is

geleverd, zodat die zorg gewaardeerd kon worden en kon worden

gedeclareerd.

5. “Fixed Pricing”

Deze laatste vorm houdt in dat voor iedere cliënt aan wie gedurende een

kalenderjaar enige vorm van vergoedbare zorg is geleverd, een vast

bedrag wordt vergoed. Hierbij vindt declaratie van de gedurende het jaar

geleverde zorg niet plaats maar wordt het in rekening te brengen bedrag

na afloop van het jaar bepaald. Oftewel, ook voor deze financieringsvorm

is uitgerekend welke zorgprestaties door Virenze zijn geleverd en die zijn

gewaardeerd en aan de betreffende gemeenten in rekening gebracht.

Grosso modo hebben de gemeenten gesteld dat het indienen van bedoelde

declaraties medio maart 2018 moest zijn afgerond. Door de geforceerde

beëindiging van de zorg per 31 december 2017, waardoor het aantal te

declareren producten explosief toe is genomen, alsmede door het ontbreken

van beschikkingen/toewijzingen in een aantal gevallen is deze termijn ondanks

dat de curator en zijn team hieraan prioriteit hebben gegeven, niet in alle

gevallen gehaald. Dit is door de curator en zijn team aan de desbetreffende

gemeenten kenbaar gemaakt.

Virenze was actief in circa 25 centrumgemeenten in Nederland, waarachter in

totaliteit 284 gemeenten schuil gaan en haar gemiddelde omzet daaruit in de

laatste drie jaar voorafgaand aan faillissement bedroeg afgerond en

gecorrigeerd voor de omzet van overgenomen praktijken circa € 19.000.000,-

per jaar. Ten aanzien van het onderhanden werk dat per datum faillissement in

het segment Jeugdwet (betreffende DBC’s) aanwezig was (zijnde circa €

4.800.000,-), resteert momenteel nog circa € 600.000,-. Naar verwachting kan

dit laatste deel niet meer worden gedeclareerd.

Daarnaast dient nog een aantal andere trajecten, met name in een vijftal

regio’s, te worden gedeclareerd waarvan de zorgregistratie in andere

systemen (waaronder arrangementen) heeft plaatsgevonden. De positie

onderhanden werk in dit segment bedraagt nog circa € 8.600.000,-, welk

bedrag middels nacalculatie op basis van aan te leveren data (buiten het

reguliere declaratieproces) met de betreffende regio’s dient te worden

afgerekend.

De curator heeft inmiddels alle centrumgemeenten aangeschreven en

productieverantwoordingen toegestuurd met het verzoek aan hen om de

curator te berichten of de weergegeven productieverantwoording overeenkomt

met hetgeen de gemeenten hebben geregistreerd en aansluitend de daarmee

samenhangende declaratie aan de boedel kan worden voldaan. Verwacht

wordt dat in de komende verslagperiode overleggen met gemeenten op gang

komen om op juiste wijze tot afrekening te geraken. Daarbij zal ook rekening

moeten worden gehouden met het door de gemeenten al dan niet verstrekte

voorschotten e.d..

Declaratieproces inzake de Zorgverzekeringswet

Onder de Zorgverzekeringswet bestaan twee financieringsstromen, zijnde de

Diagnose Behandel Combinaties (DBC’s) en de Generalistische Basis (GB).

Uitgaande van het ten tijde van het faillissement aangetroffen onderhanden

werk, heeft de curator met zijn team deze zorgproducten per afzonderlijk

traject gecontroleerd op rechtmatigheid van vergoedbare zorg onder de

Zorgverzekeringswet en de daarvoor benodigde controles van de vereisten

nagelopen. Hierdoor konden de DBC’s op juiste wijze worden afgesloten en na

op volledigheid en juistheid te zijn gecontroleerd aansluitend worden

gedeclareerd.

Virenze was actief voor circa 35 zorgverzekeraars in Nederland en haar laatste

gemiddelde omzet daaruit, berekend over de laatste drie jaar voorafgaand aan

het faillissement bedroeg afgerond € 17.500.000,- per jaar. Vanwege de eisen

die gemeenten stelden (sluiting en declaratie diende uiterlijk maart 2018 te

zijn geschied) heeft de curator voorrang gegeven aan het declareren aan

gemeenten boven de zorgverzekeraars. Inmiddels is echter ook al het

onderhanden werk bij de zorgverzekeraars gedeclareerd op een beperkt

bedrag van circa € 400.000,- na. Dit laatste deel is vanwege een aantal

omstandigheden niet goed declarabel en moet dus als oninbaar worden

beschouwd. Echter ten aanzien van het wel gedeclareerde deel van het

verrichte werk heeft de curator de zorgverzekeraars inmiddels aangeschreven

onder toezending van de productieverantwoording. Hen is verzocht om de

curator te berichten of de weergegeven productie overeenkomt met hetgeen

de zorgverzekeraars hebben geregistreerd en aansluitend de daarmee

samenhangende declaratie aan de boedel kan worden voldaan. Verwacht

wordt dat de komende verslagperiode overleggen met de zorgverzekeraars op

gang komen om ook met hen op juiste wijze tot afrekening te geraken. Daarbij

zal eveneens rekening moeten worden gehouden met door de

zorgverzekeraars al dan niet verstrekte voorschotten, al dan niet terecht

verrichte afkeuringen e.d..

Afrondend kan aangaande het onderhanden werk nog het volgende worden

vermeld. De voorbije verslagperiode zijn er aanzienlijke werkzaamheden

verricht om het declaratieproces tot uitvoering te brengen. Helaas heeft de

curator daarbij moeten ervaren dat een aantal van de door hem in dienst

genomen belangrijke medewerkers van Virenze (deels) gekozen hebben om

elders te gaan werken. De curator heeft andere oud-medewerkers benaderd

en hen een (parttime-) dienstverband aangeboden. Daarbij is de curator

gebleven binnen de financiële bandbreedte aan kosten zoals eerder aan de

Rechter-commissaris gepresenteerd en door hem geaccordeerd.

Derde verslag:

In de voorbije verslagperiode is de curator tezamen met zijn team en de nog

werkzame medewerkers van de financiële administratie en de

zorgadministratie van Virenze gekomen tot een volledige uitdeclaratie van het

onderhanden werk. Voorts heeft reeds in verregaande mate de incasso van de

vorderingen op gemeenten en zorgverzekeraars met succes kunnen

plaatsvinden. Ter zake die verrichte werkzaamheden kan nog het volgende

worden opgemerkt, waarbij gelijk aan de vorige verslagen onderscheid zal

worden gemaakt tussen de vorderingen op gemeenten op basis van de

Jeugdwet en die op zorgverzekeraars op basis van de Zorgverzekeringswet.

Incasso-proces inzake vorderingen op gemeenten op basis van de Jeugdwet

In de voorbije verslagperiode zijn overkoepelend nog de volgende

werkzaamheden verricht:

Teneinde te kunnen bepalen of de afrekening per centrumgemeente dient

plaats te vinden danwel per afzonderlijke onderliggende gemeenten, zijn de

door Virenze gesloten overeenkomsten hierop gecontroleerd, resulterend in

een variërend beeld. Naar bevindt van zaken is vervolgens ofwel per

centrumgemeente ofwel per individuele gemeente tot afrekening overgegaan.

De door Virenze voorafgaand aan haar faillissement ontvangen voorschotten

zijn beoordeeld op juistheid qua omvang. Tevens is onderzocht namens wie de

voorschotten zijn voldaan. Dit laatste heeft ertoe geleid dat binnen een aantal

regio’s toch vorderingen op gemeenten contant konden worden gemaakt,

terwijl primair een schuldpositie op regionaal niveau werd geconstateerd.

Aangezien in diverse regio’s niet, of slechts ten dele werd gefactureerd heeft

op detailniveau afstemming met de desbetreffende regio plaats gevonden.

Om de monitoring van de vorderingen op gemeenten danwel regio’s te kunnen

waarborgen en daarbij ook rekening te kunnen houden met reeds ontvangen

voorschotten en niet gedeclareerde zorg, is naast een beknopte financiële

administratie frequent een daartoe dienende administratie bijgehouden met

daarin telkens vertegenwoordigd de afzonderlijke posities per gemeente

alsook regio.

31-01-2019

3

3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk

Met de daarvoor in aanmerking komende regio’s heeft zowel telefonisch als per

e-mailverkeer intensief overleg plaats gevonden om te kunnen komen tot

betaling van de openstaande vorderingen.

Incidenteel heeft op locatie van de betreffende regio overleg plaats gevonden.

Indien noodzakelijk werd aan een daartoe bevoegd persoon inzage gegeven

in de cliëntadministratie om zodoende overeenstemming omtrent de afrekening

te bewerkstelligen.

Incasso-proces inzake vorderingen op verzekeraars op basis van de

Zorgverzekeringswet

In de voorbije verslagperiode zijn overkoepelend nog de volgende

werkzaamheden verricht:

Per koepel van verzekeraars (zorggroep) is beoordeeld of bevoorschottingen

en claims door verzekeraars onderling mogen worden verrekend.

De door zorggroepen danwel verzekeraars ingediende claims zijn beoordeeld

op basis van overschrijdingen van prijs- en plafondafspraken danwel

anderszins.

Met zorggroepen en afzonderlijke verzekeraars waarop Virenze blijkens de

eigen gegevens per saldo een vordering heeft, is veelvuldig overleg geweest

om tot definitieve vaststelling van deze vorderingen te kunnen komen.

Om de monitoring van de vorderingen op verzekeraars danwel zorggroepen te

kunnen waarborgen en daarbij ook rekening te kunnen houden met reeds

ontvangen voorschotten en ingediende claims is naast een beknopte financiële

administratie frequent een daartoe dienende administratie bijgehouden met

daarin telkens vertegenwoordigd de afzonderlijke posities per verzekeraar

alsook zorggroep.

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

Verkoopopbrengst: Zoals in het voorgaande reeds is weergegeven, heeft de

curator tezamen met zijn team het onderhanden werk voor declaratie gereed

gemaakt en de productieverantwoordingen in de verschillende regio’s en ten

27-06-2018

2

behoeve van de verschillende zorgverzekeraars aan deze partijen verzonden.

De komende verslagperiode zal het incassotraject verder worden

geïntensiveerd. Onder punt 4 (debiteuren) van dit verslag zal verder inzichtelijk

worden gemaakt welk deel van die vorderingen geïncasseerd is en welk deel

nog moet worden geïncasseerd.

Boedelbijdrage: Op basis van de in het openingsverslag weergegeven

afspraken, zoals die door de curator met de pandhouder Rabobank omtrent

een boedelbijdrage waren gemaakt, heeft de curator in de voorbije

verslagperiode het onderhanden werk kunnen omzetten in vorderingen op

debiteuren en terzake de eerste brieven aan deze debiteuren kunnen

verzenden. In de thans aan zorgverzekeraars en gemeenten verzonden

productie-verantwoordingen zijn zowel verpande vorderingen als niet

verpande vorderingen opgenomen. Immers, sedert de faillissementsdatum is

er door het personeel van Virenze met het oog op het creëren van boedelactief

en ter vergroting van de kans op een doorstart voor in totaal nog aan circa

14.000 uren zorg verleend. De daaruit ontstane vorderingen zijn niet verpand.

Echter, vanwege de hiervoor onder 3.11 beschreven verschillende

financieringsvormen is het administratief zeer bewerkelijk om exact te bepalen

welk deel van de thans op gemeenten respectievelijk zorgverzekeraars

bestaande vorderingen vanuit Virenze verpand zijn en welke niet. Derhalve is

de curator met de pandhouder Rabobank – onder het voorbehoud van het

verkrijgen van toestemming van de rechter-commissaris – overeengekomen

dat voor wat betreft de vorderingen op debiteuren die vanaf 1 juni 2018

worden geïncasseerd, 50% van die opbrengst toekomt aan Rabobank als

pandhouder en 50% toekomt aan de faillissementsboedel. Dit terwijl de kosten

die vanaf 1 juni 2018 nog moeten worden gemaakt om tot incasso te geraken,

ook bij helfte door Rabobank en bij helfte door de boedel worden gedragen.

Een en ander zal vanzelfsprekend door de curator goed worden bijgehouden

en bij afrekening verantwoord worden.

Werkzaamheden: In de voorbije verslagperiode hebben de curator en zijn

team de benodigde werkzaamheden verricht om binnen het segment Jeugdwet

tot productieverantwoording te komen op basis van de vijf verschillende wijzen

waarop de zorg in de Jeugdwet wordt bekostigd. Die

productieverantwoordingen zijn als gezegd gecompleteerd en aan de

gemeenten ter accordering toegezonden. Ook binnen het segment

Zorgverzekeringswet hebben de curator en zijn team de gesloten DBC’s op

volledigheid en juistheid gecontroleerd en aansluitend gedeclareerd. Die

activiteiten zijn beperkt tot de zorggroepen waar dit naar verwachting tot een

bate zou leiden. Deze verrichte werkzaamheden zijn omvangrijk en intensief

gebleken, maar noodzakelijk om in het belang van de crediteuren van Virenze

het onderhanden werk te kunnen omzetten in vorderingen op debiteuren. De

komende periode zullen gesprekken met gemeenten en zorgverzekeraars op

gang moeten komen om tot overeenstemming te komen over de daadwerkelijk

door hen te betalen bedragen c.q. de omvang van hun mogelijk resterende

vorderingen in het faillissement.

Derde verslag:

Ook in de voorbije verslagperiode zijn de verrichte werkzaamheden om tot een

volledige uitdeclaratie van het onderhanden werk te komen omvangrijk en

intensief gebleken. De voorbereidingen in de eerste en tweede verslagperiode

hebben ertoe geleid dat de curator en zijn team gedurende de voorbije

periode een zeer groot deel van de resterende vorderingen hebben kunnen

incasseren. Daartoe is intensief overleg gevoerd met de diverse zorggroepen

en onderliggende verzekeraars, alsook met de centrumgemeenten en

afzonderlijke gemeenten. Thans resteren nog een viertal zorggroepen en

centrumgemeenten waarin nog vorderingen kunnen worden geïncasseerd.

31-01-2019

3

3.8 Andere activa

Toelichting andere activa

Indachtig de met de pandhouder op vorderingen, zijnde Rabobank, gemaakte

afspraken heeft de curator per 31 december 2018 een volgende tussentijdse

afrekening uitgevoerd. Dit afrekeningsvoorstel ligt momenteel ter goedkeuring

bij Rabobank voor. In dat voorstel is vervat dat de vorderingen op debiteuren

die vanaf 1 juni 2018 zijn geïncasseerd voor 50% ten goede komen van de

Rabobank als pandhouder en voor 50% ten goede komen van de boedel.

Bovendien volgt daaruit dat de kosten die vanaf 1 juni 2018 zijn gemaakt om

tot incasso te geraken ook bij helfte door bank en boedel dienen worden

gedragen. Daarnaast is daarin vervat een verdere afrekening met de

franchisenemers, de ontvangen gelden inzake de huurverkoop van de

concertvleugel en afrekening van de boedelbijdragen inzake de verkoop van

de verpande kunst en VW Kever en tot slot de afrekening van de

instandhoudingskosten van het verhypothekeerde onroerend goed. Zodra

Rabobank e.e.a. heeft goedgekeurd zal een aanzienlijk bedrag ten goede

komen van de boedel en in het eerstvolgende tussentijdse financiële verslag

worden opgenomen.

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

De doorstarters hebben ten aanzien van de door hen bij doorstart

overgenomen inventaris besloten om (het grootste deel van) de in het Kasteel

Rijckholt aanwezige inventaris – vanwege de in de ogen van de doorstarters

beperkte financiële waarde – niet af te voeren maar achter te laten ter nadere

verkoop door de curator. In dat verband heeft de curator inmiddels een aantal

opkopers uitgenodigd om deze kantoorinventaris over te nemen uit de boedel.

De curator is nog doende de verkoopwerk¬zaamheden af te ronden. Daarbij

zullen tevens de klassieke Volkswagen Kever alsook enige kunstvoorwerpen

worden meegenomen om daarop een bieding te ontvangen.

In de voorbije verslagperiode heeft de curator gesprekken gevoerd met de

heer Peter Caelen van de onderneming Peter Caelen Concerts te St. Geertruid

die door middel van een huurkoopovereenkomst voorafgaand aan het

faillissement een vleugel van het merk Steinway en Sons van Virenze had

27-06-2018

2

gekocht. De curator heeft gepoogd om met de heer Caelen nadere

overeenstemming te krijgen over een vervroegde aflossing van de

huurkoopsom, waartoe de heer Caelen geen mogelijkheid heeft en dus is

afgesproken dat de bestaande huurkoopovereenkomst zal worden nagekomen

conform hetgeen daarin is bepaald. Inmiddels heeft de heer Caelen vanuit

Peter Caelen Concerts de achterstallige huurkooptermijnen aan de boedel

voldaan. De curator zal een en ander ook voor de komende periode blijven

monitoren.

Verkoopopbrengst: Terzake de huurkoopovereenkomst met betrekking tot de

vleugel is in de voorbije verslagperiode een bedrag van € 4.500,- op de

faillissementsrekening ontvangen.

Derde verslag:

De Volkswagen Kever is door de curator te koop aangeboden aan een

zevental opkopers. Uiteindelijk bleek HD Trade het hoogste bod te hebben

uitgebracht van in totaal € 2.100,- exclusief BTW. Gezien de toestand van het

voertuig, de voorwaarden waartegen het verkocht wordt (zonder enige

garantie) en een verkennend onderzoek van vergelijkbare marktprijzen op

gespecialiseerde autoplatforms, bleek deze koopprijs aanvaardbaar. Na

verkregen toestemming van de pandhouder en de rechter-commissaris heeft

verkoop en levering aan HD Trade plaatsgevonden.

Verder behoorde tot de boedel nog een aantal door de bestuurder als kunst

bestempelde roerende zaken. Het ging dan om een dertigtal schilderijen en

tegelkunstwerken. Veelal betrof het (a) werken van inferieure/onzuivere

kwaliteit, (b) veelvuldig gekopieerde werken of (c) door voormalig cliënten

vervaardigde kunstwerken.

Er is door de curator een zevental partijen benaderd om deze collectie te

bekijken en een bod op het geheel uit te brengen. Geen enkele partij bleek

bereid tot overname van het geheel. Sterker nog het merendeel van de

aangezochte partijen bleek niet eens bereid de collectie te willen veilen.

Uiteindelijk bleek enkel Venduehuis Dickhaut uit Maastricht bereid zich daar

aan te wagen. Het Venduehuis heeft de goederen vervolgens in een tweetal

veilingen te koop aangeboden en een en ander heeft uiteindelijk een

verkoopopbrengst gegenereerd ad € 2.254,10. De pandhouder en rechter-

commissaris hebben ingestemd met de veiling van de kunstcollectie tegen de

voorwaarden zoals die met het Venduehuis overeengekomen waren.

Tot slot behoorde nog tot de boedel een aantal roerende zaken, te weten de

inboedel van Kasteel Rijckholt. Het handelde hierbij om een (klein aantal)

kasteelspecifieke inventarisstukken, een veertigtal werkplekken (bureaus en

ladekasten etc.), ICT hardware, tafels, stoelen e.d., allen voorheen dienstig

aan de onderneming als zijnde een kantoor- en managementlocatie.

Deze inboedel was in een eerder stadium al verkocht aan combinatie Parnassia

Groep BV en Stichting Met GGZ. Deze partijen hadden echter afstand gedaan

van de inboedel ten gunste van de faillissementsboedel om dezelfde redenen

(zie hierna) als waarom de aangezochte opkopers en andere partijen weinig

bereid bleken hier hun vingers aan te willen branden. Een zevental partijen

werd door de curator benaderd om een bod op die inboedel uit te brengen.

Gezien (a) de omvang en de toestand van de inboedel in combinatie met (b) de

moeilijke toegankelijkheid van de kasteelruimtes (veel trappen, smalle

doorgangen, ongelijke vloeren, verplichting tot demontage van een groot deel

van de inboedel) en (c) de verplichting tot het leeg en bezemschoon opleveren

van de locatie, bleek uiteindelijk slechts één partij bereid daadwerkelijk een

overeenkomst ter liquidatie van dit boedelactief aan te willen gaan. Regoed BV

(h.o.d.n. Proveiling.nl) is bereid gebleken de roerende zaken vanuit de

kasteellocatie te veilen door middel van een internetveiling. Zij heeft een

garantiebod neergelegd van € 8.500,-. Over de gerealiseerde opbrengst

31-01-2019

3

3.9 Werkzaamheden andere activa

diende de boedel 10% commissie aan Proveiling.nl af te dragen. Verder nam

Proveiling alle met de veiling gepaard gaande kosten op zich en zou zij de

locatie na afloop leeg en bezemschoon opleveren. Na verkregen toestemming

van de Rechter-Commissaris heeft veiling van de goederen plaatsgevonden en

dat leidde in totaal tot een opbrengst voor de boedel ad € 10.409,20.

Tot besluit kan worden vermeld dat de heer Peter Caelen in de voorbije

verslagperiode zijn verplichtingen tot betaling van de huurkooptermijnen

inzake de door hem gekochte concertvleugel volledig is nagekomen. De curator

zal ook in de komende verslagperiode deze betalingen blijven monitoren.

Huurkooptermijnen € 6.000,-

In de voorbije verslagperiode heeft de heer Caelen van de onderneming Peter

Caelen Concerts te Sint Geertruid voldaan aan de met hem bestaande

afspraak ter betaling van de huurkooptermijnen aan de boedel terzake de in

huurkoop overgenomen vleugel van het merk Steinway & Sons.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Huurkooptermijnen € 4.500,-.

In de voorbije verslagperiode heeft de heer Caelen van de onderneming Peter

Caelen Concerts te Sint Geertruid voldaan aan de met hem bestaande

afspraak ter betaling van de huurkooptermijnen aan de boedel terzake de in

huurkoop overgenomen vleugel van het merk Steinway & Sons.

05-03-2020

5

Huurkooptermijnen € 3.750,-. 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Huurkooptermijnen € 5.250,-.

In de voorbije verslagperiode heeft de heer Caelen van de onderneming Peter

Caelen Concerts te Sint Geertruid voldaan aan de met hem bestaande

afspraak ter betaling van de huurkooptermijnen aan de boedel terzake de in

huurkoop overgenomen vleugel van het merk Steinway & Sons.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Huurkooptermijnen € 4.500,-.

In de voorbije verslagperiode heeft de heer Caelen van de onderneming Peter

Caelen Concerts te Sint Geertruid voldaan aan de met hem bestaande

afspraak ter betaling van de huurkooptermijnen aan de boedel terzake de in

huurkoop overgenomen vleugel van het merk Steinway & Sons.

21-10-2021

8

In de voorbije verslagperiode heeft de heer Caelen van de onderneming Peter

Caelen Concerts de laatste termijnbetalingen aan de boedel verricht, waarna

het eigendom van de vleugel van het merk Steinway & Sons op hem is

overgegaan. De curator heeft aansluitend een eigendomsbewijs aan de heer

Caelen verstrekt.

21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

3.9 Werkzaamheden andere activa

4.1 Debiteuren

Toelichting debiteuren

Werkzaamheden: Het verrichten van verkoopwerkzaamheden inzake de in

Kasteel Rijckholt aanwezige inventaris alsmede het voeren van overleg en het

maken van aanvullende afspraken met Peter Caelen Concerts ter zake door

middel van huurkoop verkochte vleugel.

27-06-2018

2

Derde verslag:

Het verrichten van verkoopwerkzaamheden, het uitvoeren van bezichtigingen

met aspirant kopers, het doen organiseren van een veiling en het voeren van

overleg met rechter-commissaris en pandhouder. Het vastleggen van

gemaakte afspraken met kopers. Het monitoren van de betalingen van de

huurkooptermijnen door de heer Caelen.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Het monitoren van de betalingen van de huurkooptermijnen door de heer

Caelen.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Het monitoren van de betalingen van de huurkooptermijnen door de heer

Caelen.

05-03-2020

5

Het monitoren van de betalingen van de huurkooptermijnen door de heer

Caelen.

04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

4. Debiteuren

Beschrijving Omvang Opbrengst Boedelbijdr.

Vorderingen op gemeenten en

zorgverzekeraars.

€ 20.245.359,86€ 2.305.918,24

totaal € 20.245.359,86 € 2.305.918,24 € 0,00

In het openingsverslag werd weergegeven dat het saldo vorderingen op

debiteuren per 31 januari 2018 € 15.085.206,- bedroeg, zulks met inbegrip van

het op dat moment reeds door debiteuren betaalde bedrag van € 743.000,-.

Inmiddels is het onderhanden werk van Virenze nagenoeg uitgedeclareerd

waardoor het saldo vorderingen op debiteuren per 22 juni 2018 €

27.609.746,48 bedraagt. Echter vanwege verstrekte voorschotten is door een

aantal debiteuren gezamenlijk al een bedrag van € 5.058.469,38 in

verrekening gebracht, zodat het saldo aan te vorderen op debiteuren €

22.551.277,10 zou bedragen. Op dat totaal dient echter nog in mindering te

worden gebracht hetgeen inmiddels door debiteuren is voldaan, zijnde €

2.305.918,24, zodat momenteel nog te vorderen is € 20.245.359,86. Het is

evident dat dit niet het bedrag zal zijn dat daadwerkelijk de pandhouder

respectievelijk de boedel toekomt nu er substantiële bedragen door de

gemeenten en zorgverzekeraars aan Virenze zijn bevoorschot die mogelijk nog

in verrekening kunnen worden gebracht. Een en ander zal de komende

verslagperiode nader worden beoordeeld en met de debiteuren worden

overlegd.

Voorts was uit de administratie van Virenze gebleken dat er een rekening-

courant vordering van Virenze Algemeen Beheer BV op drs. F.H.C. Kochen

Holding stond van € 1.293.624,07 exclusief de nog niet meegerekende rente.

Ter incasso van die vordering is het faillissement aangevraagd en dat werd

uitgesproken bij vonnis van 13 maart 2018. De curator is eveneens als curator

aangesteld in dit faillissement van drs. F.H.C. Kochen Holding BV en tracht

binnen die vennootschap de vorderingen op de heer Kochen in privé ook te

incasseren. Afhankelijk van het resultaat daarvan kan mogelijk nog een

uitkering plaatsvinden op de onderhavige rekening-courant vordering vanuit

Virenze Algemeen Beheer BV op drs. F.H.C. Kochen Holding BV.

27-06-2018

2

Derde verslag:

In de afgelopen periode zijn de resterende posities op basis van afstemming

met de diverse debiteuren nagenoeg volledig inzichtelijk gemaakt. Op basis

van de verkregen informatie heeft dit ertoe geleid dat alsnog aanpassingen

zijn doorgevoerd. Onderstaand volgt een weergave van het verloop sedert

datum surseance van betaling (5 december 2017).

Na correctie bedraagt het saldo debiteuren op datum van surseance €

10.603.062,37.

In de periode tot en met 30 juni 2018 werd voor een bedrag van €

16.972.435,61 gedeclareerd. In die periode werden betalingen ontvangen voor

een bedrag van € 2.506.809,88. Op basis van verrekening van voorschotten

nam het saldo debiteuren additioneel af met een bedrag van € 5.058.469,38.

Het meest recent bekende saldo debiteuren per 30 juni 2018 bedroeg €

20.010.218,72. De afwijkingen ten opzichte van de eerdere verslagen zijn met

name ontstaan doordat is gebleken dat een deel van de door zorggroepen en

centrumgemeenten afgekeurde declaraties eerder niet was verwerkt. In het

gevoerde overleg met deze partijen in de voorbije verslagperiode is dit inzicht

eerst volledig ontstaan.

In de afgelopen verslagperiode werd alsnog voor een bedrag van € 242.002,-

gedeclareerd.

Op de rekening van de pandhouder werden vorderingen op debiteuren

geïncasseerd voor een bedrag van € 940.705,- terwijl op de boedelrekeningen

€ 213.114,- door debiteuren werd voldaan.

Bovendien nam de debiteurenpositie nog af met een bedrag van € 650.558,-

door verrekening van voorschotten.

Het huidige saldo vorderingen uit hoofde van debiteuren bedraagt €

18.447.844,-.

Resumerend is door de curator en zijn team tot en met het einde van deze

31-01-2019

3

verslagperiode voor een bedrag van € 17.214.438,- gedeclareerd en werden

bedragen geïncasseerd ter grootte van totaal € 3.660.629,-. Door diverse

gemeenten en zorgverzekeraars waren in het verleden miljoenen aan

voorschotten verstrekt aan de failliet. Bij het incasseren van de vorderingen is

uiteraard door gemeenten en verzekeraars een beroep op verrekening gedaan

met betrekking tot die voorschotten.

Door de curator is bekeken of die beroepen op verrekening terecht werden

ingeroepen waarbij met name aandacht is geweest voor de vraag of

verrekening tussen verschillende entiteiten van Virenze, verzekeraars en

gemeenten gepermitteerd was. Uiteindelijk is er voor een bedrag van afgerond

€ 17,2 miljoen terecht een beroep op verrekening gedaan.

De curator is thans met name nog doende om de navolgende nominale

vorderingen nog te incasseren:

Zorggroep VGZ € 846.121,-

Zorgverzekeraar Zorg en Zekerheid € 15.350,-

Jeugdregio Hart van Brabant € 50.679,-

Jeugdregio Rijnmond € 296.438,-

Overige debiteur Spirit € 17.935,-

Het restant (ad ruim € 17,2 mio) wordt als gezegd verrekend met eerdere

voorschotten waardoor, na ontvangst van voren genoemde vorderingen, de

volledige debiteurenpositie is afgewikkeld.

Vierde verslag:

Zoals in het voorgaande voortgangsverslag is aangegeven, is de curator er

samen met zijn team in geslaagd om al het onderhanden werk uit te

declareren, waardoor alle verrichte werkzaamheden in het kader van de zorg

aan de afnemers (zorgverzekeraars en gemeenten) in rekening is gebracht.

Zoals ook in het vorige verslag was aangegeven, was door diverse gemeenten

en zorgverzekeraars voorafgaand aan het faillissement voor miljoenen euro’s

aan voorschotten verstrekt aan Virenze. Vandaar ook dat de gemeenten en

verzekeraars bij de curator veelvuldig een beroep deden op verrekening en is

geconcludeerd dat door hen voor een bedrag van afgerond 17,2 miljoen euro

terecht een beroep op verrekening werd gedaan.

In de voorbije verslagperiode heeft de curator de resterende vorderingen op

debiteuren nog trachten te incasseren en dienaangaande is van de

vorderingen die nog openstonden het volgende ontvangen:

Zorggroep VGZ heeft een bedrag van € 830.226,- op de faillissementsrekening

voldaan. Het restant is niet vorderbaar vanwege additionele claims en

overproductie.

Zorgverzekeraar Zorg en Zekerheid heeft € 15.350,- voldaan.

Jeugdregio Hart van Brabant heeft € 50.679,- voldaan.

Ten aanzien van Jeugdregio Rijnmond is een accountantsverklaring

aangeleverd en op basis daarvan is het gecontracteerde budget afgezet tegen

de productie en bevoorschotting, waardoor in de voorbije verslagperiode nog €

280.695,66 werd ontvangen.

Tot slot, heeft debiteur Spirit ook het door haar verschuldigde bedrag van €

17.935,- op de faillissementsrekening voldaan.

06-09-2019

4

4.2 Werkzaamheden debiteuren

Kort en goed werd in de voorbije verslagperiode nog ontvangen een bedrag

van in totaal ruim € 1.194.885,-.

In absolute zin bedraagt het saldo debiteuren thans € 17.201.904. Hier staan

door verzekeraars en gemeenten verstrekte voorschotten en schadeclaims

tegenover.

De alsnog te verrekenen voorschotten bedragen van zorgverzekeraars en

gemeenten respectievelijk € 6.760.303 en € 9.906.842. De bij de curator

bekende schadeclaims bedragen respectievelijk € 3.054.308 en € 2.788.482.

Thans staat nog open een bedrag van in totaal afgerond € 140.512,- op o.a.

gemeente Brunssum en particulieren, welk potentieel nog te gelde kan worden

gemaakt. In de komende verslagperiode zal de curator de incasso op deze

debiteuren nog continueren. Daarbij zal een inschatting van te maken kosten

en te verwachten baten worden gemaakt om te bezien of bepaalde

vorderingen nog in rechte geïncasseerd kunnen worden indien het

buitengerechtelijke traject geen oplossing brengt. Terzake vindt

vanzelfsprekend overleg plaats met de Rabobank in haar hoedanigheid van

pandhouder op de vordering op debiteuren.

Vijfde verslag:

Ten aanzien van de particuliere debiteuren geldt dat de incasso is afgerond.

Met de gemeente Brunssum heeft hernieuwd overleg plaatsgevonden en

wordt nog informatie uitgewisseld om te bezien of tot een afspraak kan

worden gekomen over betaling van de geleverde zorg.

05-03-2020

5

De curator blijft contact onderhouden met de gemeente Brunssum om de

betaling voor de geleverde zorg te verkrijgen. Binnen de gemeente is de

contactpersoon die voor de afhandeling hiervan verantwoordelijk was

vervangen door een nieuwe contactpersoon, waardoor er enige vertraging in

de afhandeling is ontstaan. Daarnaast is in het faillissement van Virenze Riagg

BV nog een betaling ontvangen van Zorginstituut Nederland WMG ter grootte

van € 8.402,00.

04-09-2020

6

Zevende verslag:

De curator is nog doende om met de gemeente Brunssum tot afspraken te

komen over de vergoeding van de door Virenze geleverde zorg. Inmiddels zijn

data uitgewisseld en die worden thans door de gemeente Brunssum

beoordeeld.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

De gemeente Brunssum heeft de curator bericht om thans binnen afzienbare

termijn te zullen reageren op het schikkingsvoorstel dat de curator heeft

aangeboden.

21-10-2021

8

Vanwege pragmatische overwegingen heeft het college van de Gemeente

Brunssum op 1 november 2021 ingestemd met een door de curator gedaan

schikkingsvoorstel van € 30.000,- tegen finale kwijting. Terzake is een

vaststellingsovereenkomst getekend en betaling heeft kort daarna aan de

boedel plaatsgevonden. Daarmee is deze laatste incassovordering op

debiteuren afgehandeld.

21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

4.2 Werkzaamheden debiteuren

5.1 Vordering van bank(en)

De debiteurenincasso heeft in de voorbije verslagperiode zijn aanvang

genomen en zal de komende periode nader worden geïntensiveerd door

middel van correspondentie en het voeren van gesprekken met de diverse

debiteuren.

27-06-2018

2

Derde verslag:

Voor wat betreft de werkzaamheden wordt met name verwezen naar het

beschrevene onder de punten 3.6 en 4.1.

In de komende periode dient met name voor de incassering van de vordering

op jeugdregio Rijnmond alsnog een accountantsverklaring te worden

afgegeven. Hiertoe dienen additionele overzichten te worden samengesteld.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

In de voorbije verslagperiode heeft de curator incassowerkzaamheden

verricht. Voorts is een accountant ingeschakeld om een controle uit te voeren

terzake de productie die door Virenze in Regio Rijnmond was geleverd.

Aansluitend heeft contact plaatsgevonden met Jeugdregio Rijnmond

aangaande deze accountantsverklaring en dat heeft ertoe geleid dat deze

debiteur tot betaling van het door haar verschuldigde is overgegaan.

Daarnaast is ook nog contact geweest met de andere nog bestaande

debiteuren en dat heeft ook geleid tot gedeeltelijke incasso van de

openstaande vorderingen.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Overleg met gemeente Brunssum en gevoerde correspondentie.

05-03-2020

5

Overleg met gemeente Brunssum en gevoerde correspondentie. 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Overleg en correspondentie voeren met de gemeente Brunssum.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Overleg en correspondentie voeren met de gemeente Brunssum.

21-10-2021

8

Het voeren van overleg en correspondentie met de gemeente Brunssum en het

opstellen van een vaststellingsovereenkomst.

21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

5. Bank / Zekerheden

€ 2.190.641,00

Toelichting vordering van bank(en)

27-06-2018

2

De huidige positie van de Rabobank in het faillissement Virenze laat zich op

hoofdlijnen en globaal als volgt duiden. De vorderingen uit hoofde van de

leningen in Virenze Algemeen Beheer (€ 1.187.500,-) en VOZ Rijckholt (€

812.500,-) bedragen in totaal afgerond

€ 2.000.000,-. Daarop strekt in mindering de opbrengst van de verkoop van de

drie bedrijfspanden voor in totaal € 1.062.000,- zodat dan per saldo te

vorderen resteert afgerond € 938.000,-. De rekening courant van Virenze

bedraagt afgerond € 785.284,- (negatief). Oftewel in totaal heeft Rabobank

nog te vorderen van Virenze een bedrag van afgerond € 1.723.284,-. Daarbij

dient dan te worden opgeteld de op dit moment getrokken bankgaranties ter

grootte van afgerond € 85.261,-. Tevens dient daarbij te worden gevoegd nog

de gemaakte kosten. Uitgaande van het overzicht per 21 juni jl. zal aan de

Rabobank aan kosten moeten worden doorbelast een bedrag van €

382.096,16. Die zal de bank vanzelfsprekend weer in het passief boeken van

haar bancaire relatie met Virenze. Kort en goed, de vordering die de Rabobank

thans in het faillissement heeft is afgerond € 2.190.641,-. Uitgaande van de

verkoop van het kasteel onder verrekening van boedelbijdrage en kosten

makelaar, zal de resterende vordering dan neerkomen op afgerond €

1.195.000,-.

€ 1.146.072,29

Toelichting vordering van bank(en)

Derde verslag:

De huidige positie van de Rabobank in het faillissement Virenze laat zich op

hoofdlijnen en globaal als volgt duiden. Uitgaande van de door Virenze

Algemeen Beheer BV (€ 1.187.500,-) en VOZ Rijckholt (€ 812.500,-) van

Rabobank verkregen leningen ad in totaal € 2.000.000,-, strekte daarop reeds

in mindering de verkoopopbrengst van de drie bedrijfspanden voor in totaal €

1.062.000,- zodat per dat moment de vordering van Rabobank bedroeg €

938.000,-. De rekening-courant vordering van Virenze is inmiddels ten opzichte

van het tweede voortgangsverslag teruggelopen en bedroeg per 31 december

2018 € 198.072,- waardoor de Rabobank van Virenze per die datum nog te

vorderen had afgerond € 1.136.072,-. Daarbij dient nog te worden opgeteld de

vordering uit hoofde van bankgaranties ad € 10.000,- zodat de afgeronde

vordering van Rabobank per 31 december 2018 bedroeg € 1.146.072,-.

Inmiddels heeft de curator een volgende tussentijdse afrekening aan de

Rabobank toegezonden terzake de verdeling van de opbrengsten en kosten

tot en met 31 december 2018. Dit betreft ondermeer vergoeding voor de

incassowerkzaamheden en de lopende uitgaven terzake instandhouding van

ICT-systemen, doch daarnaast de verdere afrekening van boedelbijdragen

aangaande verkoop van het resterend actief en de instandhoudingskosten van

het verhypothekeerde onroerend goed. Deze tussentijdse afrekening tot en

met 31 december 2018 bedraagt € 466.496,- en zal na voldoening door

Rabobank aan de boedel worden doorbelast in het passief. Alsdan bedraagt

de vordering die Rabobank in het faillissement heeft afgerond € 1.612.568,-.

Uitgaande van spoedige levering van het verhypothekeerde onroerend goed

conform de thans met de koper gemaakte afspraken, een en ander onder

verrekening van boedelbijdrage en kosten makelaar, zal de resterende

vordering van Rabobank alsdan neerkomen op afgerond € 612.568,-. De

verwachting is dat de verdere resultaten van de incasso van vorderingen op

debiteuren mee zal brengen dat de eindvordering van Rabobank in het

faillissement lager zal liggen.

31-01-2019

3

Toelichting vordering van bank(en)

06-09-2019

4

Vierde verslag:

Nu de activa nagenoeg volledig te gelde zijn gemaakt en ook de incasso op de

vorderingen op debiteuren nagenoeg tot zijn einde komt, kan de eindpositie

van de Rabobank langzaam maar zeker worden vastgesteld. Per 31 december

2018 bedroeg de vordering van de Rabobank in het faillissement nog afgerond

€ 1.612.568,-. Aansluitend is de koopsom betreffende het verhypothekeerde

onroerend goed ontvangen en hetzelfde geldt voor de betalingen van de

grotere debiteuren VGZ en Regio Rijnmond. Die inkomsten hebben de nog

bestaande vordering van Rabobank sedert voornoemde datum dan ook verder

teruggebracht. Thans ligt nog voor de afhandeling van de bankgaranties ten

gunste van crediteuren van Virenze. Terzake dient de curator overleg te

voeren met de betreffende crediteuren c.q. begunstigden om te vernemen of

en in hoeverre er nog een vordering bestaat die gedekt is door deze

bankgaranties. Er van uitgaande dat deze zaken nog op een goede wijze

kunnen worden afgewikkeld is de prognose dat het tekort van de Rabobank

uiteindeljk neer zal komen op circa € 80.000,- tot € 100.000,-. Ook zal daarbij

dan nog worden betrokken een nog door Rabobank uit te voeren

herbeoordeling van een rentederivaat dat voorheen door Stichting Riagg Groep

bij Rabobank was afgesloten. Dit kan mogelijk nog leiden tot een compensatie

ten gunste van Virenze Riagg BV en daarmee invloed hebben op de resterende

vordering van Rabobank in het faillissement van de Virenze Groep. Naar

verwachting zal een en ander ook in de komende verslagperiode verder

duidelijk worden.

Toelichting vordering van bank(en)

Vijfde verslag:

Ten behoeve van een aantal crediteuren van Virenze werden er bankgaranties

aangehouden door Rabobank. Echter dat betroffen reeds langere tijd terug

gestelde garanties terwijl die nog steeds op het passief van Virenze bij

Rabobank drukten. Een aantal bankgaranties had betrekking op de

verplichtingen ten aanzien van huurovereenkomsten die Virenze had en

daarnaast stonden er nog zes bankgaranties voor andere vorderingen van

crediteuren open.

Met de betreffende crediteuren is contact gezocht om van hen te vernemen of

er nog een vordering bestond op Virenze waarvoor voornoemde garanties

dekking boden en wanneer dat niet zo was, om dan schriftelijk te verklaren dat

er geen vordering meer bestond en de originele bankgarantie aan de

Rabobank te retourneren. Hieraan is door diverse crediteuren uitvoering

gegeven en dat heeft ook meegebracht dat in ieder geval die bankgaranties

uit het passief van de Rabobank verdwenen. De restantvordering van

Rabobank in het faillissement is daardoor verder verlaagd.

Daarnaast zijn inmiddels de door Virenze Riagg BV en Virenze Algemeen

Beheer BV gesloten rentederivaten (renteswaps) gecompenseerd op basis van

het standaard aanbod dat de Rabobank heeft gedaan in het kader van het

Uniform Herstelkader Rentederivaten. Rabobank heeft zich op verrekening

beroepen en ook daardoor daalde haar restantvordering in het faillissement.

De restantvordering van Rabobank in het faillissement bedraagt thans

afgerond € 68.757,-.

05-03-2020

5

Toelichting vordering van bank(en)

Alle zekerheden zijn door de Rabobank uitgewonnen en bankrekeningen zijn

opgeschoond (na afwikkelingen van bankgaranties en renteswaps). De

restantvordering van Rabobank in het faillissement bedraagt daarmee

04-09-2020

6

5.2 Leasecontracten

afgerond nog steeds € 68.757,-.

Toelichting vordering van bank(en)

Zevende verslag:

In de positie van de Rabobank is de voorbije verslagperiode geen wijziging

opgetreden.

05-03-2021

7

Toelichting vordering van bank(en)

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Toelichting vordering van bank(en)

Nadat de laatste vordering op debiteur gemeente Brunssum had

plaatsgevonden heeft de definitieve eindafrekening met de Rabobank kunnen

plaatsvinden en heeft de bank de curator bericht geen vordering meer in het

faillissement te hebben.

21-04-2022

9

Toelichting vordering van bank(en)

Ongewijzigd.

21-10-2022

10

5.2 Leasecontracten

5.3 Beschrijving zekerheden

De curator heeft in de voorbije verslagperiode de hem bekende

leasemaatschappijen benaderd en ervoor zorggedragen dat de aan Virenze

geleasde objecten zijn teruggeleverd, tenzij de doorstartende partijen

Parnassia groep en/of Stichting METggz de curator hadden aangegeven

rechtstreeks met de leasemaatschappijen tot nieuwe afspraken te willen

komen.

27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

5.3 Beschrijving zekerheden

5.4 Separatistenpositie

Ten aanzien van de in het openingsverslag beschreven zekerheden geldt dat

die nuance nog moet worden aangebracht dat het hypotheekrecht op Kasteel

Rijckholt enkel ziet op het perceel kadastraal bekend Gemeente Eijsden, sectie

F959 ter grootte van 20.701 m2 dat inmiddels hernummerd is tot kadastrale

aanduiding Eijsden F975. Het aangrenzende terrein (grasland) ter grootte van

3.495 m2 met kadastrale aanduiding F983 is niet verhypothekeerd. De curator

heeft terzake nader afgestemd met hypotheekhouder Rabobank en de bank

heeft met deze visie ingestemd.

27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

5.4 Separatistenpositie

5.5 Eigendomsvoorbehoud

Ongewijzigd. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

5.5 Eigendomsvoorbehoud

5.6 Retentierechten

Ten aanzien van de partijen die een beroep deden op een recht van

eigendomsvoorbehoud en terzake waarvan de curator heeft vastgesteld dat

dit een rechtsgeldig beroep was, heeft afgifte plaatsgevonden van de

betreffende goederen.

27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

5.6 Retentierechten

5.7 Reclamerechten

De curator is tot nadere afspraken gekomen met retentor Mondial Centrum

Verhuizingen BV waardoor het ingeroepen retentierecht kon worden

afgewikkeld.

27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

5.7 Reclamerechten

5.8 Boedelbijdragen

Ongewijzigd. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

5.8 Boedelbijdragen

5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden

Toelichting

Zie toelichting hiervoor.

27-06-2018

2

Toelichting

Derde verslag:

Zie toelichting hiervoor.

31-01-2019

3

Toelichting

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Toelichting

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Toelichting

Ongewijzigd

04-09-2020

6

Toelichting

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Toelichting

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Toelichting

Ongewijzigd.

21-04-2022

9

Toelichting

Ongewijzigd.

21-10-2022

10

5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden

6.1 Exploitatie / zekerheden

Het voeren van diverse gesprekken en correspondentie met de betrokken

crediteuren.

27-06-2018

2

Derde verslag:

In de voorbije verslagperiode heeft de curator regelmatig contact gehad met

de vertegenwoordiger van de Rabobank inzake resterende werkzaamheden

met betrekking tot de verkoop en levering van het onroerend goed alsmede de

status van de incasso van vorderingen op debiteuren. Voorts zijn

werkzaamheden verricht om tot tussentijdse afrekening met Rabobank te

komen van gemaakte kosten en gerealiseerde opbrengsten.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ook in de voorbije verslagperiode heeft de curator de nodige contacten

onderhouden met de vertegenwoordiger van de Rabobank inzake de levering

van het onroerend goed alsmede de incasso van de verpande vorderingen op

debiteuren. Ook heeft tussentijds afrekening met de Rabobank

plaatsgevonden terzake van gemaakte kosten en gerealiseerde opbrengsten.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

In de voorbije verslagperiode heeft de curator gecorrespondeerd met de

crediteuren omtrent de in hun belang gestelde bankgaranties en daarnaast

heeft correspondentie plaatsgevonden met Rabobank inzake de afwikkeling

van de rentederivaten.

05-03-2020

5

De curator heeft nog met Rabobank gecorrespondeerd omtrent hun

eindvordering in het faillissement.

04-09-2020

6

Zevende verslag:

De curator heeft met de Rabobank gecorrespondeerd omtrent hun

eindvordering in het faillissement.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

6. Voortzetten / doorstart onderneming

Voortzetten onderneming

Zoals in het openingsverslag werd weergegeven heeft de curator en zijn team

ervoor zorggedragen dat de activiteiten van Virenze konden worden

gecontinueerd tot en met 31 december 2017 om zodoende de zorg continuïteit

ten behoeve van de patiënten en cliënten te kunnen waarborgen alsmede een

27-06-2018

2

doorstart van die activiteiten (met verkoop van activa) te kunnen

bewerkstelligen, zulks in het belang van de gezamenlijke crediteuren van

Virenze.

Inmiddels zijn de data uit het elektronisch patiëntendossier aangaande de

patiënten van Virenze die in zorg zijn gekomen van één van de doorstartende

partijen (METggz of Parnassia Groep) aan deze partijen overgedragen.

Oftewel, de lopende dossiers zijn naar de specifieke doorstartende partij

overgezet zulks ook in verband met de benodigde zorg continuïteit.

In het kader van de nazorg van de voortgezette onderneming en de daaruit

voortvloeiende doorstart is ondermeer het item van overdracht van

patiëntendossiers en de in werking stelling van de bewaarnemingsafspraken

met de doorstarters een belangrijk onderwerp. Binnen Virenze werd gewerkt

met een viertal elektronische patiëntendossiers (hierna: “EPD’s) waarvan het

hoofd EPD (genaamd CRS) in de voorbije verslagperiode is aangevuld met de

elektronische patiëntengegevens uit de drie andere EPD’s. Dit proces is

inmiddels nagenoeg afgerond waardoor zoveel mogelijk één historisch EPD van

patiëntengegevens ontstaat, zulks in verband met de voorgenomen bewaring

daarvan gedurende de wettelijke bewaartermijn ten behoeve van de

voormalig patiënten van Virenze. De curator heeft aan de leverancier van CRS,

zijnde de firma TrompBX, offerte aangevraagd aangaande de kosten om dit

EPD en overige productie- en kopieomgevingen gedurende de wettelijke

bewaartermijn in stand en toegankelijk te houden om verzoeken van (oud-

patiënten) te kunnen blijven beantwoorden. Ook is het totaal aan fysieke

patiëntendossiers van Virenze geïnventariseerd en aan een gespecialiseerd

opslagbedrijf genaamd Iron Mountain is offerte aangevraagd om een volledig

geordend systeem van historische gegevens samen te stellen en ter

beschikking te houden ten behoeve van de voormalige patiënten van Virenze.

De curator zal met de Rechter-commissaris overleggen in hoeverre de kosten

die gepaard gaan met deze opslag en bewaarneming alsmede uitgifte van

dossiers gedurende de wettelijke bewaartermijn ten laste van de boedel kan

worden gebracht en hoe dit zich verhoudt tot het crediteurenbelang in het

faillissement van Virenze. Terzake zal binnen de komende verslagperiode een

besluit worden genomen of en in hoeverre deze opslag en uitgifte van dossiers

op verzoek van oud Virenze patiënten ten laste van de boedel kan blijven

plaatsvinden dan wel dat terzake een alternatieve oplossing dient te worden

gevonden.

Vooralsnog worden verzoeken van oud patiënten van Virenze tot vernietiging

c.q. uitlevering van hun patiëntendossiers door de curator en met

medewerking van oud Virenze werknemers van de Zorgadministratie

afgehandeld. Inmiddels zijn circa 230 verzoeken afgehandeld dan wel deels

nog in behandeling.

Derde verslag:

In het voorgaande voortgangsverslag is ondermeer aandacht besteed aan de

uitvoering van de voorgenomen bewaarnemingsafspraken met de doorstarters

betreffende de patiënten- en cliëntendossiers van de voormalige cliënten van

Virenze. Daarbij is toen mededeling gedaan van het feit dat oud-cliënten van

Virenze die niet in zorg zijn gekomen bij één van de doorstartende partijen

(Met GGZ of Parnassia Groep) in staat zouden moeten blijven om gedurende

de wettelijke bewaartermijn van vijftien jaar toegang te blijven houden tot hun

dossiers zoals die bij Virenze waren samengesteld en thans onder het beheer

van de curator vallen. Dit betreft in totaliteit tenminste 400.000 dossiers van

voormalig Virenze cliënten die niet zijn overgaan naar Parnassia Groep en/of

Met GGZ.

In de voorbije verslagperiode heeft de curator onderzocht hoe de belangen

van de gezamenlijke schuldeisers in onderhavig faillissement zich verhouden

tot de belangen van de voormalige cliënten van Virenze. Door de curator is

31-01-2019

3

geconstateerd dat de voormalig cliënten van Virenze er groot belang bij

hebben dat hun medische dossiers bewaard blijven gedurende de wettelijke

termijn, omdat het ook voor hen mogelijk moet blijven om daarvan afgifte of

vernietiging te verlangen. In de voorbije verslagperiode is derhalve in

afstemming met betrokken belanghebbenden het besluit genomen dat het

eerder ontwikkelde systeem op basis waarvan de archivering van die dossiers

en de afhandeling van verzoeken van oud cliënten tot vernietiging en/of afgifte

van die dossiers kan plaatsvinden door Parnassia Groep gedurende de

wettelijke bewaartermijn door de boedel bekostigd dient te worden. De fysieke

patiëntendossiers van Virenze zullen worden opgeslagen bij het

gespecialiseerde opslagbedrijf Iron Mountain en de digitale dossiers aanwezig

in het elektronisch patiëntendossier (EPD) blijven toegankelijk via de firma

TrompBX, zijnde de leverancier van dit EPD. Naar verwachting zal dit systeem

in de komende verslagperiode daadwerkelijk in werking worden gesteld, zodat

aanvragen van voormalig cliënten die dan nog aan de curator worden gedaan

ter afhandeling aan Parnassia Groep kunnen worden doorgeleid en zij op de

reeds vastgestelde wijze die verzoeken kan afhandelen. Tot dat moment

worden de verzoeken van oud cliënten van Virenze tot vernietiging c.q.

uitlevering van hun dossiers door de curator met medewerking van oud

Virenze medewerkers van de zorgadministratie afgehandeld.

Vierde verslag:

Zoals in het voorgaande verslag reeds door de curator was vermeld, was een

oplossing bereikt voor de wijze waarop uitvoering kon worden gegeven aan de

archivering van de cliënendossiers van oud-cliënten van Virenze die niet in zorg

waren gekomen bij een van de doorstartende partijen (Met GGZ of Parnassia

Groep). Hierdoor zouden deze oud-cliënten van Virenze in staat zijn om

gedurende de wettelijke bewaartermijn van (tenminste) vijftien jaar toegang

te blijven houden tot hun dossiers zoals die bij Virenze waren samengesteld

en thans onder het beheer van de curator vallen. In die oplossing werd door

(de geneesheer directeur van) Parnassia Groep de toekomstige rol vervuld om

verzoeken van oud-cliënten tot vernietiging en/of afgifte van die dossiers in

behandeling te nemen en tot uitvoering te brengen. Daarbij zou Parnassia

Groep als het ware de schakel zijn tussen de bedrijven die met de opslag van

de dossiers worden belast, zijnde Iron Mountain voor wat betreft de fysieke

dossiers en zijnde TrompBX voor wat betreft de digitale dossiers, en de oud-

cliënten. Parnassia Groep zag het bewaren van die dossiers als een

maatschappelijke verantwoordelijkheid. De uiteindelijk te maken afspraken

tussen de curator en Parnassia Groep omtrent het afhandelen van verzoeken

om inzage en vernietiging, dienden te worden vastgelegd in een te sluiten

overeenkomst. Omdat de curator van mening was dat dergelijke handelingen

door Parnassia Groep zouden moeten worden gezien als “verwerkingen” in de

zin van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) heeft de

curator aan Parnassia Groep voorgesteld om een zogenoemde

verwerkersovereenkomst te sluiten, zoals vereist door de AVG. Parnassia

Groep kreeg echter bedenkingen bij de voorgenomen constructie na het inzien

van haar verantwoordelijkheden en mogelijke aansprakelijkheden in het kader

van de AVG. In dit proces is ook de Autoriteit Persoonsgegevens (AP)

geconsulteerd. Duidelijk werd dat de AVG uitgaat van een systeem waarbij er

altijd een verwerkingsverantwoordelijke is die op zijn beurt verwerkers kan

inschakelen. Deze verwerkingsverantwoordelijke blijft echter altijd de

hoofdverantwoordelijke en het primaire aanspreekpunt voor de betrokkenen.

Indien het faillissement van Virenze zou eindigen, omdat het door de curator

wordt afgewikkeld en daarmee de curator niet meer in functie zou zijn, zou

Parnassia Groep in de voorgenomen handelwijze feitelijk de rol van

verwerkingsverantwoordelijke op zich moeten nemen. Gezien de wettelijke

verantwoordelijkheden die hiermee op Parnassia Groep zouden komen te

rusten, heeft zij aan de curator te kennen gegeven niet te willen zorgdragen

06-09-2019

4

voor afhandeling van de verzoeken om inzage en/of vernietiging. Zou die

eindverantwoordelijkheid alsnog bij een andere partij gelegd kunnen worden,

dan heeft Parnassia Groep nog steeds de bereidheid om de curator/boedel te

assisteren bij afhandeling van verzoeken van oud-cliënten tot vernietiging

en/of afgifte van die dossiers. Indachting het vorenstaande is de curator thans

geconfronteerd met een situatie waarin hij de dossiers wettelijk moet (en ook

wil) bewaren maar er vooralsnog geen partij is die de verantwoordelijkheid

voor het afhandelen van verzoeken om inzage en/of vernietiging op zich wil

nemen. De dossiers zijn inmiddels wel opgeslagen bij TrompBX en Iron

Moutain, maar deze partijen dragen enkel zorg voor de opslag. Aangezien bij

dergelijke verzoeken steeds een beoordeling door een arts dan wel een

medewerker van de zorgadministratie van een zorginstelling noodzakelijk is,

kunnen TrompBX en Iron Mountain niet zorgdragen voor afhandeling van

verzoeken om inzage en/of vernietiging. Dit brengt mee dat de curator zich

thans wendt tot het Ministerie van VWS om de problematiek aldaar ook

bespreekbaar te maken en om (voorzoveel mogelijk) van het Ministerie te

vernemen dat zij in deze impasse een rol gaat vervullen.

Vijfde verslag:

De curator heeft in de voorbije verslagperiode hernieuwd contacten

onderhouden met zowel het Ministerie van VWS als met Parnassia Groep om te

bezien of er alnog een oplossing kan worden gevonden voor de wijze waarop

uitvoering kan worden gegeven aan de archivering (afgifte en/of vernietiging)

van de cliëntendossiers van oud-cliënten van Virenze gedurende de wettelijke

bewaartermijn van inmiddels 20 jaar. Deze contacten hebben nog niet tot een

oplossing geleid, maar het overleg is nog gaande.

05-03-2020

5

In de voorbije verslagperiode heeft de curator contact onderhouden met zowel

het Ministerie van VWS als met Parnassia Groep om te bezien of er alnog een

oplossing kan worden gevonden voor de wijze waarop uitvoering kan worden

gegeven aan de archivering (afgifte en/of vernietiging) van de cliëntendossiers

van oud-cliënten van Virenze gedurende de wettelijke bewaartermijn van

(inmiddels) 20 jaar. Dit heeft inderdaad geleid tot een oplossing, waardoor

Parnassia Groep deze taak op zich zal nemen. E.e.a. wordt de komende

verslagperiode uitgewerkt in contracten e.d., waarna dit ook administratief in

werking kan worden gesteld.

04-09-2020

6

Zevende verslag:

In de voorbije verslagperiode zijn de afspraken met Parnassia Groep, Iron

Mountain en TrompBX nader uitgwerkt hetgeen meebrengt dat thans binnen

afzienbare termijn de taken rondom de afhandeling van verzoeken tot

vernietiging c.q. afgifte van dossiers aan oud-cliënten van Virenze door

Parnassia Groep zullen worden afgehandeld. Daartoe zal de curator

verwerkersovereenkomsten sluiten met de betrokkenen nadat de Rechter-

Commissaris daar ook zijn goedkeuring aan heeft verleend. Op deze wijze is

invulling gegeven aan de maatschappelijke taak om op correcte wijze zorg te

dragen voor de bewaring van de cliëntendossiers gedurende de wettelijke

bewaartermijn van inmiddels 20 jaar. In gevallen waarin oud-cliënten hun

dossier op willen vragen c.q. verzoeken tot vernietiging afgehandeld willen

krijgen, kunnen zij daartoe contact moeten opnemen met Parnassia Groep te

Den Haag. Er zal op de website van Parnassia Groep een informatietekst

worden opgenomen en ook op de website van het kantoor van de curator. In

voorkomende gevallen waarin oud-cliënten zich tot de curator wenden, zal hij

hen doorverwijzen naar Parnassia Groep. Ook de Inspectie Gezondheidszorg

en Jeugd, afdeling GGZ, is omtrent het vorenstaande geïformeerd.

05-03-2021

7

6.2 Financiële verslaglegging

Achtste verslag:

In de voorbije verslagperiode hebben nog enige afsluitende

overdrachtswerkzaamheden plaatsgevonden, waardoor Parnassia Groep

thans de volledige afhandeling van de patiëntendossiers in beheer heeft

kunnen nemen.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

Vooralsnog zijn de kosten die gepaard gingen met de instandhouding van de

processen van Virenze aangaande het bewaarnemen en op verzoek uitleveren

van patiëntendossiers ten laste van de boedel gebracht. Overige lopende

verplichtingen/kosten van Virenze inzake de instandhouding van activiteiten

zijn tot en met 31 december 2017 voor rekening van de boedel gekomen en is

de periode nadien voor rekening van de doorstartende partijen gebracht.

Hierover hierna meer.

27-06-2018

2

Derde verslag:

Ook in de voorbije verslagperiode zijn de kosten die gepaard gingen met de

instandhouding van de processen van Virenze aangaande het bewaarnemen

van dossiers en op verzoek van oud-cliënten uitleveren van patiënten-

/cliëntendossiers ten laste van de boedel gebracht. Ook heeft in de voorbije

verslagperiode een tussentijdse afrekening plaatsgevonden met de

doorstartende partij aangaande de doorbelasting van de exploitatiekosten

inzake het derde en vierde kwartaal 2018. Een en ander is verwerkt in het

tussentijdse financiële verslag.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ook in de voorbije verslagperiode zijn de kosten die gepaard gingen met de

instandhouding van de processen van Virenze aangaande het bewaarnemen

van dossiers en op verzoek van oud-cliënten uitleveren van patiënten-

/cliëntendossiers ten laste van de boedel gebracht. Een en ander is verwerkt

in het tussentijdse financiële verslag dat aan dit openbare verslag als bijlage is

gehecht.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ook in de voorbije verslagperiode zijn de kosten die gepaard gingen met de

instandhouding van de processen van Virenze aangaande het bewaarnemen

van dossiers en op verzoek van oud-cliënten uitleveren van patiënten-

/cliëntendossiers ten laste van de boedel gebracht. Een en ander is verwerkt

in het tussentijdse financiële verslag dat aan dit openbare verslag als bijlage is

gehecht.

05-03-2020

5

In de voorbije verslagperiode heeft de curator de kosten die verband houden

met de archivering (afgifte en/of vernietiging) van de cliëntendossiers van oud-

cliënten van Virenze gedurende de wettelijke bewaartermijn van (inmiddels) 20

jaar voldaan. Een en ander is verwerkt in het tussentijdse financiële verslag

dat aan dit openbare verslag als bijlage is gehecht.

04-09-2020

6

Zevende verslag:

Eerder had de curator in afstemming met de Inspectie voor de Zorg alsook de

Rechter-Commissaris reeds besloten dat in afdoende mate gezorgd zou

worden voor het waarborgen van de rechten van de oud-cliënten van Virenze

in die zin dat de cliëntendossiers van oud-cliënten gedurende de wettelijke

05-03-2021

7

6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming

bewaartermijn zouden worden bewaard. Hierdoor zouden afgifte- en

vernietigingsverzoeken in de toekomst (zodra het faillissement wordt

afgewikkeld) ook nog steeds afgehandeld kunnen worden ten behoeve van

deze groep van oud-cliënten. In dat verband zijn in de voorbije verslagperiode

afspraken gemaakt met Parnassia Groep om ook de totale toekomstige kosten

voor opslag en bewaring, vernietiging en opvraging van deze dossiers te

becijferen en op voorhand aan Parnassia Groep te voldoen. Parnassia Groep

rekent dan verder af met Iron Mountain. Deze becijfering heeft reeds

plaatsgevonden en zodra de verwerkersovereenkomsten getekend zijn en tot

uitvoering van de gemaakte afspraken wordt overgegaan, zal betaling van die

kosten ook in de komende verslagperiode plaatsvinden. Hiermee zal een

aanvullend bedrag gemoeid zijn van € 196.720,44 inclusief BTW.

Achtste verslag:

De financiële afrekening van kosten samenhangend met de patiëntendossiers

heeft de voorbije verslagperiode plaatsgevonden. Een bedrag van €

196.720,44 werd aan Parnassia Groep voldaan.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

De werkzaamheden hebben zich in de voorbije periode met name toegespitst

op inventarisatie van EPD’s alsook het verrichten van de benodigde exports

van de elektronische patiëntengegevens naar het hoofd EPD van Virenze

genaamd CRS. Tevens is gezorgd voor juiste exports van patiëntengegevens

ten behoeve van de doorstartende partijen. Voorts was een belangrijk

onderdeel van de werkzaamheden het inventariseren van de fysieke

patiëntendossiers vanuit de verschillende locaties van Virenze en het zoveel

mogelijk centraliseren van die dossiers. Aansluitend het aanvragen van

offertes voor de toekomstige bewaarneming van de elektronische

patiëntendossiers alsmede fysieke patiëntendossiers in verband met de

nakoming van de wettelijke bewaarplicht. Voorts het behandelen van

verzoeken van patiënten tot afgifte c.q. vernietiging van de door Virenze

gehouden dossiers. Inmiddels heeft de curator tezamen met de nog in dienst

zijnde medewerkers van de zorgadministratie van Virenze meer dan 230

verzoeken van oud patiënten van Virenze ontvangen om hun digitale dossier in

afschrift toegezonden te krijgen, dan wel vernietigd te krijgen.

27-06-2018

2

Derde verslag:

In de voorbije verslagperiode zijn opnieuw de verzoeken van oud cliënten van

Virenze tot afgifte c.q. vernietiging van de door Virenze gehouden dossiers

afgehandeld. Inmiddels heeft de curator samen met de nog in dienst zijnde

werknemers van de zorgadministratie van Virenze meer dan 507 verzoeken

van oud cliënten van Virenze ontvangen om hun digitale dossier in afschrift

toegezonden te krijgen dan wel vernietigd te krijgen. Deze verzoeken zijn

grotendeels afgehandeld en anders momenteel nog deels in behandeling en

worden na verkregen volledige informatie van de oud-cliënten verder

afgehandeld.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

In de voorbije verslagperiode zijn opnieuw de verzoeken van oud cliënten van

Virenze tot afgifte c.q. vernietiging van de door Virenze gehouden dossiers

afgehandeld. Sedert de faillissementsdatum heeft de curator samen met de

nog in dienst zijnde werknemers van de zorgadministratie van Virenze

inmiddels meer dan 748 verzoeken van oud cliënten van Virenze ontvangen om

06-09-2019

4

6.4 Beschrijving

hun digitale dossier in afschrift toegezonden te krijgen dan wel vernietigd te

krijgen. Die verzoeken zijn overwegend afgehandeld en anders momenteel

nog deels in behandeling en worden na verkregen volledige informatie van de

oud-cliënten verder afgehandeld. Voorts is de curator er inmiddels in geslaagd

om alle fysieke dossiers van oud-cliënten van Virenze beveiligd op te slaan bij

het bedrijf Iron Mountain. Alle dossiers worden aldaar geordend en verwerkt,

waardoor een totaaloverzicht kan worden verstrekt aangaande de individuele

bewaartermijnen van die dossiers. Ook heeft de curator in de voorbije

verslagperiode veelvuldig overleg gevoerd met de betrokken partijen ter

actualisering van eerder ontvangen offertes (daar waar het TrompBX en Iron

Mountain betreft) en tevens is verder afgestemd tussen de curator en

Parnassia Groep alsmede TrompBX over de te sluiten

verwerkersovereenkomsen. Daarenboven heeft aangaande de voorgenomen

wijze van bewaring van deze dossiers afstemming plaatsgevonden met de

Autoriteit Persoonsgegevens en inmiddels is hierover ook contact gelegd met

het Ministerie van VWS.

Vijfde verslag:

De werkwijze inzake de uitlevering van cliëntendossiers ingeval van opvraag

door oud-cliënten van Virenze heeft de curator op de ingezette manier ook de

voorbije verslagperiode gecontinueerd. De medewerkers van de

zorgadministratie van Virenze zijn nog steeds bij de curator in dienst en

verrichten deze werkzaamheden op zorgvuldige wijze. Inmiddels zijn 878

verzoeken van oud-cliënten van Virenze inzake hun dossiers afgehandeld.

05-03-2020

5

De medewerkers van de zorgadministratie hebben ook de voorbije

verslagperiode tezamen met de curator zorg gedragen voor de uitlevering van

cliëntendossiers ingeval van opvraag door oud-cliënten van Virenze, alsook

vernietigingsverzoeken afgehandeld. Daarbij zijn naast de elektronisch

opgeslagen dossiers inmiddels ook de fysieke dossiers via Iron Mountain voor

uitlevering beschikbaar gekomen. Inmiddels zijn in totaal 977 verzoeken van

oud-cliënten van Virenze inzake hun dossiers afgehandeld.

04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ook in de voorbije verslagperiode hebben de medewerkers van de

zorgadministratie van Virenze tezamen met de curator nog zorggedragen voor

de uitlevering van cliëntendossiers in geval van opvraag door oud-cliënten van

Virenze alsook vernietigingsverzoeken afgehandeld. Inmiddels zijn in totaal

1107 verzoeken van oud-cliënten van Virenze inzake hun dossier afgehandeld.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Het voeren van afrondend overleg en correspondentie met Parnassia Groep.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

Doorstarten onderneming

6.4 Beschrijving

6.5 Verantwoording

Ongewijzigd. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

In de voorbije verslagperiode heeft de curator met afgevaardigden van de

doorstarters evaluaties gehouden. Daarbij zijn alle tussen de boedel en de

doorstarters te bespreken onderwerpen de revue gepasseerd. Onderdeel

daarvan vormde het feit dat de curator met de doorstarters nog moest

afrekenen conform hetgeen was overeengekomen in de koopovereenkomst.

Daarin was bepaald dat de boedel ten behoeve en op kosten van de

doorstarters gedurende zekere tijd bepaalde contracten/leveranties door

leveranciers van Virenze in stand zou laten. Aan de hand van de daadwerkelijk

door de boedel betaalde kosten ad € 379.520,09 terzake het eerste kwartaal

van 2018 was duidelijk dat de tot de boedel behorende kosten in aftrek diende

te worden genomen, zijnde een bedrag van € 10.600,48. Daarmee resteerde

aan de doorstarters door te berekenen kosten ad € 368.919,61. Uiteindelijk is

€ 218.763,66 (exclusief BTW) doorbelast aan Parnassia Groep BV en €

85.170,56 (exclusief BTW) doorbelast aan METggz. Daarnaast gold dat de

huren van de locaties alwaar de doorstarters direct aansluitend aan de

doorstart hun activiteiten continueerden, gedurende de opzegtermijn aan de

boedel moesten worden voldaan. Die afrekening heeft eveneens

plaatsgevonden waardoor aan METggz werd doorbelast aan huur een bedrag

ad € 67.986,50 exclusief BTW en aan Parnassia Groep een bedrag van €

214.318,79 exclusief BTW. METggz heeft reeds volledig betaald, terwijl

Parnassia Groep het bedrag aan doorberekende huren nog dient te voldoen.

Voorts hebben de doorstartende partijen de curator in de voorbije

verslagperiode nog de volgende mededelingen gedaan. Parnassia Groep heeft

de curator inmiddels bericht over het definitieve aantal van patiënten van

27-06-2018

2

6.6 Opbrengst

Virenze dat bij haar in zorg is gekomen. Die cijfers bevestigen dat de overname

van het deel van Virenze door Parnassia Groep niet meldingsplichtig is bij de

Autoriteit Consumenten en Markt (ACM). Van de Virenze patiënten zijn 723

ZVW-patiënten en 2.425 Jeugdwet-patiënten in zorg gekomen bij Parnassia

Groep. Oftewel 1.852 ZVW-patiënten en 2.200 Jeugdwet-patiënten zijn niet in

zorg gekomen bij Parnassia Groep en die patiëntendossiers zijn per april jl.

gesloten door Parnassia Groep. Parnassia Groep liet de curator weten dat

daarmee de betrokken ZVW-omzet ruim minder bedraagt dan € 5.500.000,-,

hetgeen de drempel voor melding vormt. De ACM is hierover door Parnassia

Groep in de voorbije verslagperiode schriftelijk bericht. Van METggz heeft de

curator vernomen dat van de oud Virenze-patiënten 1.793 ZVW-patiënten bij

hen in zorg zijn gekomen.

Derde verslag:

Ook in de voorbije verslagperiode heeft een verdere tussentijdse afrekening

plaatsgevonden tussen de curator en de doorstarters, aangezien de curator

nog steeds ten aanzien van een aantal voormalig locaties van Virenze die door

doorstarters zijn overgenomen kosten heeft voorgeschoten. Dit betekent dat €

1.155,65 werd doorbelast aan Parnassia Groep en € 18,92 aan Met GGZ. De

curator verwacht dat dit de laatste afrekening met de doorstartende partijen

betrof.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

6.6 Opbrengst

6.7 Boedelbijdrage

Toelichting

Ongewijzigd.

27-06-2018

2

Toelichting

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Toelichting

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Toelichting

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Toelichting

Ongewijzigd

04-09-2020

6

Toelichting

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Toelichting

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Toelichting

Ongewijzigd.

21-04-2022

9

Toelichting

Ongewijzigd.

21-10-2022

10

6.7 Boedelbijdrage

6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming

Toelichting

Terzake de overeengekomen boedelbijdragen wordt verwezen naar hetgeen

daarover hiervoor reeds is gesteld.

27-06-2018

2

Toelichting

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Toelichting

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Toelichting

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Toelichting

Ongewijzigd

04-09-2020

6

Toelichting

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Toelichting

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Toelichting

Ongewijzigd.

21-04-2022

9

Toelichting

Ongewijzigd.

21-10-2022

10

6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming

7.1 Boekhoudplicht

De werkzaamheden in de voorbije verslagperiode hebben met name van doen

gehad met de overdracht van patiëntendossiers en het veilig stellen van zowel

de fysieke als de elektronische patiëntendossiers, zulks ten behoeve van de

bewaarneming gedurende de wettelijke bewaartermijn. Het inventariseren van

de omvang van die dossiers en de met de opslag gepaard gaande kosten en

het voorbereiden van het benodigde overleg dienaangaande met de Rechter-

commissaris. Voorts het afhandelen van aanvragen van oud Virenze patiënten

ter afgifte c.q. vernietiging van hun patiëntendossiers. De inventarisatie en

doorbelasting van kosten gepaard gaande met het in stand houden van de

processen ten behoeve van de doorstarters alsmede de afrekening daarvan.

Tot slot het afrekenen van de huurlasten betreffende het gebruik gedurende

de opzegperiode van de huurovereenkomsten.

27-06-2018

2

Derde verslag:

Doorbelasting exploitatiekosten ten laste van de doorstarters.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

7. Rechtmatigheid

Verder onderzoek naar de boekhouding is nog gaande. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Verder onderzoek naar de boekhouding is nog gaande.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Verder onderzoek naar de boekhouding is nog gaande.

06-09-2019

4

7.2 Depot jaarrekeningen

Vijfde verslag:

In het kader van het inmiddels opgestarte oorzaken- en

rechtmatigheidsonderzoek zal ook een onderzoek naar de boekhouding

plaatsvinden.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Nu het oorzakenonderzoek is afgerond, richt de curator zich thans op het

rechtmatigheidsonderzoek. Het al dan niet voldoen aan de administratieplicht

is daarvan een onderdeel.

21-10-2022

10

De curator heeft zijn rechtmatigheidsonderzoek in de voorbije periode

afgerond en zijn conclusies met de rechter-commissaris afgestemd. Onderdeel

van deze conclusies is dat het bestuur in onvoldoende mate aan haar

administratieplicht heeft voldaan.

01-06-2023

11

Verder onderzoek naar het depot van de jaarrekeningen is nog gaande. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Verder onderzoek naar depot van de jaarrekeningen is nog gaande.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Verder onderzoek naar depot van de jaarrekeningen is nog gaande.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

In het kader van het inmiddels opgestarte oorzaken- en

rechtmatigheidsonderzoek zal ook een onderzoek naar de deponering van de

jaarrekeningen plaatsvinden.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

De curator heeft het onderzoek naar het publiceren van de jaarrekeningen

door de vennootschappen die onderdeel zijn van de zogenaamde Virenze

Groep in de voorbije periode afgerond. Wettelijk bezien gelden dienaangaande

de volgende vereisten.

Situatie tot 1 januari 2016 (dus t/m boekjaar 2015)

Het bestuur van een vennootschap moet binnen vijf maanden na afloop van

het boekjaar de jaarrekening opmaken. Deze termijn kan slechts met zes

maanden worden verlengd (art. 2:210 lid 1 BW OUD). Vervolgens moet de

jaarrekening binnen twee maanden na opmaking worden vastgesteld (art.

2:394 lid 2 BW). Uiterlijk dertien maanden na afloop van het boekjaar moet de

vennootschap de jaarrekening hebben gedeponeerd (art. 2:394 lid 3 BW OUD)

Situatie vanaf 1 januari 2016 (dus met ingang van boekjaar 2015)

Hiervoor geldt hetzelfde als vóór 1 januari 2016, met uitzondering van de

termijn voor het verlengen van het opmaken van de jaarrekening. Die termijn

is verkort van zes maanden naar vijf maanden (art. 2:210 lid 1 BW). Dit heeft

tot gevolg dat de jaarrekening (in reguliere gevallen) binnen twaalf maanden

na afloop van het boekjaar moet zijn gedeponeerd (art. 2:394 lid 3 BW).

Toegepast op de in de registers van de Kamer van Koophandel aangetroffen

deponeringen per vennootschap behorende tot de Virenze Groep, leidt dit tot

het volgende beeld.

Virenze Algemeen Beheer B.V.

Op 5 december 2017 is aan Virenze Algemeen Beheer B.V. surséance van

betaling verleend. Op 18 december 2017 is de vennootschap failliet verklaard.

Ingevolge artikel 249 Fw wordt - indien het faillissement wordt voorafgegaan

door surséance van betaling - het tijdstip waarop de termijn van drie jaar,

vermeld in art. 248 lid 6 BW gaat lopen - berekend van de aanvang der

surséance af.

De referteperiode ziet op de periode 2014 t/m 2017. In de referteperiode

dienden de jaarrekeningen 2013 t/m 2016 tijdig gedeponeerd te zijn.

De jaarrekening over het boekjaar 2013 is op 19 juni 2014 gepubliceerd, zijnde

tijdig. De jaarrekening over het boekjaar 2014 is op 8 maart 2016 gepubliceerd

terwijl de uiterste verplichte publicatiedatum 31 januari 2016 was. De

(voorlopige) jaarrekening over het boekjaar 2015 is op de uiterste verplichte

publicatiedatum van 31 januari 2017 gepubliceerd.

De heer F.H.C. Kochen (bestuurder sinds 21 januari 2009) en de heer H.P.L.

Kersten (bestuurder van 9 januari 2015 t/m 1 juli 2016) zijn beide

aansprakelijk voor het boekjaar 2014, aangezien de deponering te laat heeft

plaatsgevonden. De deponering heeft 2 maanden te laat plaatsgevonden. Dit

is geen onbelangrijke overschrijding van de termijn.

Gedurende de referteperiode was de uiterlijke termijn tot deponering van de

jaarrekening 2016 en 2017 nog niet verstreken, daar de uiterlijke

publicatiedatum 31 december 2017 en 31 december 2018 was. In de Kamer

van Koophandel valt terug te lezen dat er over 2015 slechts een “voorlopige

jaarrekening” is gedeponeerd.

Concluderend kan worden gesteld dat (het bestuur van) Virenze Algemeen

Beheer B.V. niet heeft voldaan aan haar publicatieplicht in de zin van art. 2:394

BW. De jaarrekeningen zijn in de referteperiode niet allemaal tijdig

gedeponeerd.

VOZ Rijckholt B.V.

Op 10 januari 2018 is VOZ Rijckholt B.V. failliet verklaard. De referteperiode ziet

op de periode 2015 t/m 2017. In de referteperiode dienden de jaarrekeningen

2014 t/m 2016 tijdig gedeponeerd te zijn.

Er is geen enkele jaarrekening over de boekjaren 2014 t/m 2016 opgemaakt,

21-10-2022

10

laat staan gepubliceerd.

Virenze Algemeen Beheer B.V. was bestuurder sinds 26 april 2006. Zij is

derhalve aansprakelijk voor de boekjaren 2014 t/m 2016. Gedurende de

referteperiode was de uiterlijke termijn tot deponering van de jaarrekening

2017 nog niet verstreken, daar de uiterlijke publicatiedatum 8 november 2018

was.

De natuurlijk persoon bestuurders zijn de heer F.H.C. Kochen en de heer H.P.L.

Kersten. De heer F.H.C. Kochen is bestuurder sinds 21 januari 2009 en is

aansprakelijk voor boekjaren 2013 t/m 2016.

De heer H.P.L. Kersten was bestuurder van 9 januari 2015 t/m 1 juli 2016 en is

aansprakelijk voor het boekjaar 2014.

Concluderend kan worden gesteld dat (het bestuur van) VOZ Rijckholt B.V. niet

heeft voldaan aan haar publicatieplicht in de zin van art. 2:394 BW. De

jaarrekeningen zijn in de referteperiode niet allemaal tijdig gedeponeerd.

Virenze Riagg B.V.

Op 5 december 2017 is aan Virenze Riagg B.V. surséance van betaling

verleend. Op 18 december 2017 is de vennootschap failliet verklaard.

Ingevolge artikel 249 Fw wordt - indien het faillissement wordt voorafgegaan

door surséance van betaling - het tijdstip waarop de termijn van drie jaar,

vermeld in art. 248 lid 6 berekend van de aanvang der surséance af.

De referteperiode ziet op de periode 2014 t/m 2017. In de referteperiode

dienden de jaarrekeningen 2013 t/m 2016 tijdig gedeponeerd te zijn.

Er is geen enkele jaarrekening over de boekjaren 2013 t/m 2016 opgemaakt,

laat staan gepubliceerd.

Virenze Algemeen Beheer B.V. was bestuurder sinds 24 februari 2005 en is

aansprakelijk voor de boekjaren 2013 t/m 2016.

De natuurlijk persoon bestuurders zijn de heren F.H.C. Kochen en H.P.L.

Kersten. De heer F.H.C. Kochen was bestuurder sinds 21 januari 2009 en is

aansprakelijk voor boekjaren 2013 t/m 2016.

De heer H.P.L. Kersten was bestuurder van 9 januari 2015 t/m 1 juli 2016 en is

aansprakelijk voor het boekjaar 2014.

Concluderend kan worden gesteld dat (het bestuur van) Virenze Riagg B.V.

niet heeft voldaan aan haar publicatieplicht in de zin van art. 2:394 BW. De

jaarrekeningen zijn in de referteperiode niet tijdig gedeponeerd.

Prima Virenze B.V.

Op 10 januari 2018 is Prima Virenze B.V. failliet verklaard. De referteperiode

ziet op de periode 2015 t/m 2017. In de referteperiode dienden de

jaarrekeningen 2014 t/m 2016 tijdig gedeponeerd te zijn.

Er is geen enkele jaarrekening over de boekjaren 2014 t/m 2016 opgemaakt,

laat staan gepubliceerd.

Concluderend kan worden gesteld dat (het bestuur van) Prima Virenze B.V.

niet heeft voldaan aan haar publicatieplicht in de zin van art. 2:394 BW De

jaarrekeningen zijn in de referteperiode te laat/ niet gedeponeerd.

Virenze Algemeen Beheer B.V. was bestuurder sinds 9 januari 2015 en is

aansprakelijk voor de boekjaren 2014 t/m 2017. De natuurlijk persoon

bestuurders zijn de heren F.H.C. Kochen en H.P.L. Kersten. De heer F.H.C.

Kochen was bestuurder sinds 21 januari 2009 en is aansprakelijk voor de

boekjaren 2014 t/m 2017. De heer H.P.L. Kersten was bestuurder van 9

januari 2015 t/m 1 juli 2016 en is aansprakelijk voor het boekjaar 2014.

2Huis B.V.

Op 10 januari 2018 is 2Huis B.V. failliet verklaard. De referteperiode ziet op de

periode 2015 t/m 2017. In de referteperiode dienden de jaarrekeningen 2014

t/m 2016 tijdig gedeponeerd te zijn.

De jaarrekening over het boekjaar 2014 is op 15 maart 2016 gepubliceerd,

terwijl de uiterste verplichte publicatiedatum 31 januari 2016 was. Er is geen

jaarrekening over het boekjaar 2015 en 2016 opgemaakt, laat staan

gepubliceerd.

Concluderend kan worden gesteld dat (het bestuur van) 2Huis B.V. niet heeft

voldaan aan haar publicatieplicht in de zin van art. 2:394 BW. De

jaarrekeningen zijn in de referteperiode te laat/ niet gedeponeerd.

Virenze Algemeen Beheer B.V. was bestuurder sinds 8 april 2016 en is

aansprakelijk voor de boekjaren 2015 en 2016.

De natuurlijk persoon bestuurders zijn de heren F.H.C. Kochen en H.P.L.

Kersten. De heer F.H.C. Kochen was bestuurder sinds 21 januari 2009 en is

aansprakelijk voor de boekjaren 2015 en 2016.

De heer H.P.L. Kersten was bestuurder van 9 januari 2015 t/m 1 juli 2016 en is

aansprakelijk voor het boekjaar 2015.

De uitgetreden bestuurder is Elbers Management en Beheer B.V.. Hij was

bestuurder sinds 1 juni 2011 t/m 8 april 2016 en dus aansprakelijk voor het

boekjaar 2015. De natuurlijke persoon bestuurder van Elbers Management en

Beheer B.V. is de heer A.J.M. Elbers. Hij was bestuurder sinds 20 december

2004 en is derhalve aansprakelijk voor de boekjaren 2013 en 2014, in welke

jaren de jaarrekening overigens ook te laat werden gepubliceerd (namelijk

respectievelijk op 12 oktober 2015 en op 15 maart 2016).

Servicebedrijf Zorg B.V.

Op 10 januari 2018 is Servicebedrijf Zorg B.V. failliet verklaard. De

referteperiode ziet op de periode 2015 t/m 2017. In de referteperiode dienden

de jaarrekeningen 2014 t/m 2016 tijdig gedeponeerd te zijn.

Er is geen enkele jaarrekening over de boekjaren 2014 t/m 2016 opgemaakt,

laat staan gepubliceerd.

Concluderend kan worden gesteld dat (het bestuur van) Servicebedrijf Zorg

B.V. niet heeft voldaan aan haar publicatieplicht in de zin van art. 2:394 BW. De

jaarrekeningen zijn in de referteperiode te laat/ niet gedeponeerd.

2huis B.V. was bestuurder sinds 3 juni 2014 en is aansprakelijk voor de

boekjaren 2014 t/m 2016. Virenze Algemeen Beheer B.V. was op haar beurt

bestuurder van 2Huis B.V. sinds 8 april 2016 en is aansprakelijk voor de

boekjaren 2015 en 2016.

De natuurlijk persoon bestuurders van Virenze Algemeen Beheer B.V. zijn de

heren F.H.C. Kochen en H.P.L. Kersten. De heer F.H.C. Kochen was bestuurder

sinds 21 januari 2009 en is aansprakelijk voor de boekjaren 2015 en 2016.

De heer H.P.L. Kersten was bestuurder van 9 januari 2015 t/m 1 juli 2016 en is

aansprakelijk voor het boekjaar 2015.

De uitgetreden bestuurder van 2 Huis B.V. is Elbers Management en Beheer

B.V.. Zij was bestuurder sinds 1 juni 2011 t/m 8 april 2016 en dus aansprakelijk

voor het boekjaar 2014. De natuurlijke persoon bestuurder van Elbers

Management en Beheer B.V. is de heer A.J.M. Elbers. Hij was bestuurder sinds

20 december 2004.

VGG Zorg B.V.

Op 10 januari 2018 is VGG Zorg B.V. failliet verklaard. De referteperiode ziet op

de periode 2015 t/m 2017. In de referteperiode dienden de jaarrekeningen

2014 t/m 2016 tijdig gedeponeerd te zijn.

Er is geen enkele jaarrekening over de boekjaren 2014 t/m 2016 opgemaakt,

laat staan gepubliceerd.

Concluderend kan worden gesteld dat (het bestuur van) VGG Zorg B.V. niet

heeft voldaan aan haar publicatieplicht in de zin van art. 2:394 BW. De

jaarrekeningen zijn in de referteperiode te laat/ niet gedeponeerd.

2huis B.V. was bestuurder sinds 3 juni 2014 en is aansprakelijk voor de

boekjaren 2014 t/m 2016. Virenze Algemeen Beheer B.V. was op haar beurt

bestuurder van 2Huis B.V. sinds 8 april 2016 en is aansprakelijk voor de

boekjaren 2015 en 2016.

De natuurlijk persoon bestuurders van Virenze Algemeen Beheer B.V. zijn de

7.3 Goedkeuringsverklaring accountant

7.4 Stortingsverplichting aandelen

heren F.H.C. Kochen en H.P.L. Kersten. De heer F.H.C. Kochen was bestuurder

sinds 21 januari 2009 en is aansprakelijk voor de boekjaren 2015 en 2016.

De heer H.P.L. Kersten was bestuurder van 9 januari 2015 t/m 1 juli 2016 en is

aansprakelijk voor het boekjaar 2015.

De uitgetreden bestuurder van 2 Huis B.V. is Elbers Management en Beheer

B.V.. Zij was bestuurder sinds 1 juni 2011 t/m 8 april 2016 en dus aansprakelijk

voor de boekjaar 2014. De natuurlijke persoon bestuurder van Elbers

Management en Beheer B.V. is de heer A.J.M. Elbers. Hij was bestuurder sinds

20 december 2004.

Ongewijzigd. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

In het kader van het inmiddels opgestarte oorzaken- en

rechtmatigheidsonderzoek zal ook een onderzoek naar de mogelijke

goedkeuringsverklaringen van de accountant inzake de jaarrekeningen

plaatsvinden.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Afgaande op de cijfers in de geconsolideerde jaarrekening van Virenze

Algemeen Beheer BV geldt de vennootschap een goedkeuringsverklaring van

de accountant diende te verkrijgen. De curator heeft geconstateerd dat een

dergelijke verklaring door de accountant is afgegeven op 17 december 2015

ten aanzien van de jaarrekening over het boekjaar 2014. In de boekjaren

nadien zijn geen jaarrekeningen meer definitief vastgesteld, zodat ook geen

goedkeuringsverklaringen meer zijn afgegeven. De concept jaarrekening 2015

toont aan dat Virenze Algemeen Beheer BV controleplichting blijft, maar de

goedkeuringsverklaring blijft uit.

21-10-2022

10

7.4 Stortingsverplichting aandelen

7.5 Onbehoorlijk bestuur

De curator heeft dit nog in onderzoek. 27-06-2018

2

Derde verslag:

De curator heeft dit nog in onderzoek.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

De curator heeft dit nog in onderzoek.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

In het kader van het inmiddels opgestarte oorzaken- en

rechtmatigheidsonderzoek zal ook een onderzoek naar de eventuele

stortingsverplichtingen plaatsvinden.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

Toelichting

Onderzoek naar het gevoerde bestuur en toezicht van Virenze zal door de

curator nog moeten plaatsvinden.

27-06-2018

2

Toelichting

Derde verslag:

Onderzoek naar het gevoerde bestuur en toezicht van Virenze zal door de

curator nog nader moeten plaatsvinden.

31-01-2019

3

Toelichting

Vierde verslag:

Onderzoek naar het gevoerde bestuur en toezicht van Virenze zal door de

curator nog nader moeten plaatsvinden.

06-09-2019

4

Toelichting

05-03-2020

5

Vijfde verslag:

In het kader van het inmiddels opgestarte oorzaken- en

rechtmatigheidsonderzoek zal ook een onderzoek naar het gevoerde bestuur

en gehouden toezicht plaatsvinden.

Toelichting

Ongewijzigd

04-09-2020

6

Toelichting

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Toelichting

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Toelichting

Ongewijzigd.

21-04-2022

9

Toelichting

Verwezen wordt naar het hiervoor gestelde onder paragraaf 7.2 inzake “Depot

jaarrekeningen”. Door als bestuurder over bepaalde boekjaren geen

jaarrekeningen vast te stellen en te publiceren, dan wel deze in bepaalde

jaren wel vast te stellen maar niet tijdig te publiceren, staat het onbehoorlijk

bestuur vast binnen de weergegeven vennootschappen waar hiervan sprake

is. De betreffende bestuurder heeft c.q. de betreffende bestuurders hebben op

grond van artikel 2:248 lid 2 BW zijn/hun taak als bestuurder onbehoorlijk

vervuld, hetgeen wordt vermoed een belangrijke oorzaak van het faillissement

te zijn geweest.

De curator betrekt e.e.a. binnen het rechtmatigheidsonderzoek dat hij

momenteel uitvoert en tracht dit onderzoek binnen de komende verslagperiode

af te ronden.

21-10-2022

10

Toelichting

De curator heeft zijn rechtmatigheidsonderzoek in de voorbije periode

afgerond en zijn conclusies met de rechter-commissaris afgestemd. Onderdeel

van deze conclusies is dat naar het oordeel van de curator het bestuur in

onvoldoende mate aan haar publicatieplicht van de jaarrekeningen alsook aan

haar administratieplicht heeft voldaan. Hierdoor staat het onbehoorlijk bestuur

vast en wordt vermoed dat de schending van voornoemde verplichtingen een

belangrijke oorzaak is van het faillissement.

Daarnaast is de curator van oordeel dat los van voornoemde wettelijke

bewijsvermoedens het bestuur ook in materiële zin haar bestuurstaken

onbehoorlijk heeft vervuld en dat in voldoende mate aannemelijk is dat dit een

belangrijke oorzaak is van het faillissement.

De curator heeft, gelet op deze getrokken conclusies, de beide (voormalig)

bestuurders bij brief van 15 december 2022 aansprakelijk gesteld en hun

bestuudersaansprakelijkheidsverzekeraar daarover ook bericht. Beide

bestuurders hebben deze aansprakelijkstelling inhoudelijk betwist bij brief van

01-06-2023

11

31 mei 2023. De curator zal de komende verslagperiode kennisnemen van de

inhoudelijke verweren en op basis daarvan beoordelen welk vervolg de

aansprakelijkstellingen (al dan niet) dienen te hebben.

In het verrichte rechtmatigheidsonderzoek van de curator is ook het

toezichthoudend handelen van de (voormalige) Raad van Commissarrissen

betrokken. Dit onderzoek heeft niet geleid tot de vaststelling dat (de leden

van) de Raad van Commissarissen aansprakelijk zouden zijn voor onvoldoende

gehouden toezicht. Het toezichthoudend handelen is naar het oordeel van de

curator dan ook afdoende geweest.

Toelichting

De curator heeft naar aanleiding van zijn aansprakelijkstelling aan het adres

van de bestuurders bij brief van 15 december 2022 in de voorbije

verslagperiode het verweer van de advocaten van de bestuurders ontvangen

en bestudeerd. Daarover heeft de curator inmiddels afgestemd met de rechter-

commissaris en zal in de komende verslagperiode verdere correspondentie en

overleg plaatsvinden met de advocaten van de bestuurders.

01-12-2023

12

Toelichting

De curator voert correspondentie en overleg met de advocaten van de

bestuurders over de aansprakelijkstelling aan het adres van de bestuurders.

De komende verslagperiode zal moeten uitwijzen of dit kan leiden tot een

minnelijke regeling dan wel dat er alsnog moet worden geprocedeerd.

28-06-2024

13

Toelichting

In de voorbije verslagperiode heeft de curator het verweer van bestuurder

Kersten tegen de eerdere aansprakelijkstelling nader beoordeeld. Op basis

daarvan heeft de curator – zulks naar aanleiding van vooraf met de rechter-

commissaris gepleegd overleg – besloten om de eerder jegens bestuurder

Kersten geuite aansprakelijkstelling in te trekken, hetgeen inmiddels is

gebeurd.

De aansprakelijkstelling geuit aan het adres van bestuurder Kochen blijft

onverkort gehandhaafd. Daarin heeft de curator aan (de advocaat van)

bestuurder Kochen voorgesteld om het traject van Insolventie-mediation in te

gaan. Daarvoor staat bestuurder Kochen open.

De BCA-verzekeraar heeft in de voorbije periode het standpunt ingenomen dat

bestuurder Kochen ten tijde van het sluiten van de BCA-polis voorafgaand aan

faillissement, deze verzekeraar onvoldoende heeft geïnformeerd in de zin van

artikel 7:928 BW.

De curator, alsook de advocaat van bestuurder Kochen, betwisten dit

standpunt van de BCA-verzekeraar en voeren in dat kader momenteel

correspondentie en overleg met de BCA-verzekeraar over deze ontwikkeling.

30-12-2024

14

Toelichting

De curator heeft bestuurder Kochen aansprakelijk gesteld in verband met

kennelijk onbehoorlijk bestuur. In de voorbije verslagperiode heeft nader

overleg en correspondentie plaatsgevonden met de BCA-verzekeraar over het

door haar ingenomen standpunt dat bestuurder Kochen ten tijde van het

sluiten van BCA-polis voorafgaand aan het faillissement, deze verzekeraar

07-07-2025

15

7.6 Paulianeus handelen

onvoldoende zou hebben geïnformeerd in de zin van art. 7:928 BW. Ondanks

deze gevoerde discussie - die thans lopende is - zijn inmiddels afspraken

gemaakt over de aanstelling van de mediator die in het tussen de curator en

de bestuurder bestaande dispuut een mediationpoging zal ondernemen

tezamen met partijen. Deze mediation zal spoedig zijn aanvang nemen.

Toelichting

De curator en bestuurder Kochen zijn - tezamen met wederzijdse advocaten -

betrokken in een mediation proces. Onder leiding van een ervaren

insolventierecht mediator wordt beproefd of er een minnelijke regeling kan

worden bereikt in het kader van de lopende discussie tussen de curator en de

bestuurder waarover in eerdere verslaglegging reeds uitvoerig verslag werd

gedaan. De BCA-verzekeraar is thans door de curator verzocht om – mede in

het licht van de lopende dekkingsdiscussie - zich uit te laten over een

verkennende oplossingsrichting.

07-01-2026

16

Toelichting

In de voorbije verslagperiode heeft de BCA-verzekeraar zich – mede in het

licht van de lopende dekkingsdiscussie – uitgelaten over een verkennende

oplossingsrichting die vanuit de mediation door de curator tezamen met de

bestuurder was bedacht. De verkregen reactie daarop van de BCA-

verzekeraar is niet geheel naar wens en geeft de curator en de bestuurder

reden om met de BCA-verzekeraar nader te corresponderen en te overleggen

om te bezien of alsnog tot een mogelijk vergelijk kan worden geraakt.

07-07-2026

17

Toelichting

Onderzoek naar eventueel paulianeuze transacties zal door de curator nog

moeten plaatsvinden.

27-06-2018

2

Toelichting

Derde verslag:

Onderzoek naar eventueel paulianeuze transacties zal door de curator nog

nader moeten plaatsvinden.

31-01-2019

3

Toelichting

Vierde verslag:

Onderzoek naar eventueel paulianeuze transacties zal door de curator nog

nader moeten plaatsvinden.

06-09-2019

4

Toelichting

Vijfde verslag:

In het kader van het inmiddels opgestarte oorzaken- en

rechtmatigheidsonderzoek zal ook een onderzoek naar eventueel paulianeus

verrichte transacties plaatsvinden.

05-03-2020

5

Toelichting

04-09-2020

7.7 Toelichting rechtmatigheid

Ongewijzigd 6

Toelichting

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Toelichting

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Toelichting

Ongewijzigd.

21-04-2022

9

Toelichting

In het kader van het rechtmatigheidsonderzoek zal ook een onderzoek naar

eventueel paulianeus verrichte transacties plaatsvinden.

21-10-2022

10

Toelichting

De curator heeft zijn rechtmatigheidsonderzoek in de voorbije periode

afgerond en zijn conclusies met de rechter-commissaris afgestemd. Onderdeel

van onderzoek was ook mogelijk paulianeus handelen, waarvan de curator

echter niet is gebleken.

01-06-2023

11

Dit onderzoek zal nog moeten plaatsvinden. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Dit onderzoek zal nog verder moeten plaatsvinden.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Dit onderzoek zal nog verder moeten plaatsvinden.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

In de voorbije verslagperiode heeft de curator formeel een aanvang genomen

met het oorzaken- en rechtmatigheidsonderzoek. Dit betekent dat een selectie

van brondocumenten uit de administratie van de Virenze Groep is

samengebracht in een dataroom en op basis daarvan zijn reeds de eerste

gesprekken gevoerd en zullen de komende maanden nadere interviews

worden gehouden met diverse betrokken bestuurders en commissarissen uit

de relevante periode voorafgaande aan de faillissementen van de diverse

vennootschappen behorend tot de Virenze Groep.

05-03-2020

5

De komende periode zal de curator vervolginterviews houden met leden van

het bestuur en de raad van commissarissen. Het onderzoek is derhalve

gaande.

04-09-2020

6

7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid

Zevende verslag:

De te houden vervolginterviews met commissarissen en bestuurders uit de

relevante periode voorafgaand aan de faillissementen van de diverse

vennnootschappen behorend tot de Virenze Groep zijn inmiddels voorbereid en

deze interviews zullen worden afgenomen in de komende verslagperiode.

Daarmee wordt het onderzoek nu geïntensiveerd en hopelijk kunnen de

interviews in het tweede kwartaal van dit jaar worden afgerond.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Het rechtmatigheidsonderzoek vindt nog plaats. De interviews met betrokken

commissarissen en bestuurders worden de komende verslagperiode afgerond.

Aansluitend zal beoordeling van de geconstateerde feiten nog moeten

plaatsvinden.

21-10-2021

8

De curator heeft de voorbije verslagperiode het concept rapport

oorzakenonderzoek (Feitendeel) afgerond. Momenteel is dit ter

becommentariëring verzonden aan de betrokken functionarissen (oud leden

van de RvB en RvC). Zodra de curator de ontvangen reactie heeft beoordeeld

en waar nodig verwerkt, zal het definitief rapport aan de rechter commissaris

worden aangeboden. Aansluitend zullen de conclusies worden betrokken in

het rechtmatigheidsonderzoek.

21-04-2022

9

Het rechtmatigheidsonderzoek vindt nog plaats. De curator tracht het

rechtmatigheidsonderzoek in de komende verslagperiode af te ronden.

21-10-2022

10

De curator heeft het vertrouwelijke rapport van zijn bevindingen (enkel)

gedeeld met de rechter-commissaris en acht het in het kader van de

persoonlijke belangen van de bestuurders niet gepast, noch noodzakelijk, om

een nadere toelichting te geven in het openbaar verslag op de bevindingen en

conclusies van zijn rechtmatigheidsonderzoek.

01-06-2023

11

Zodra de BCA-verzekeraar zich heeft uitgelaten over het verzoek van de

curator, zal bezien moeten worden of de mediation met succes kan worden

afgerond, dan wel dat er alsnog moet worden geprocedeerd.

07-01-2026

16

Nu de BCA-verzekeraar zich heeft uitgelaten over het verzoek van de curator,

maar dat niet onmiddellijk tot een vergelijk heeft geleid, zal bezien moeten

worden of een en ander alsnog verder gebracht kan worden in de door de

curator en de bestuurder gewenste richting. Dit met als doel dat de

mediation alsnog met succes kan worden afgerond, maar als dat niet het

geval is dan zal er alsnog moeten worden geprocedeerd.

07-07-2026

17

Onderzoek. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Onderzoek.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Onderzoek.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Opzetten database met brondocumenten, studie van documenten, houden van

inleidende gesprekken en aanvullende interviews met betrokken

05-03-2020

5

functionarissen. Het voeren van correspondentie en telefoongesprekken met

deze functionarissen.

Het voeren van correspondentie, het bestuderen van de boekhouding en het

houden van interviews.

04-09-2020

6

Zevende verslag:

Het voorbereiden van vervolginterviews aan de hand van boekenonderzoek

alsmede het bestuderen van administratieve bescheiden.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Het voorbereiden van vervolginterviews aan de hand van boekenonderzoek

alsmede het bestuderen van administratieve bescheiden.

21-10-2021

8

Afronden van het concept rapport oorzakenonderzoek (Feitendeel). 21-04-2022

9

Aan de hand van de conclusies uit het oorzakenonderzoek het juridisch

kwaliceren van de feitenconstellatie. Een en ander aan de hand van

boekenonderzoek alsmede het bestuderen van administratieve bescheiden.

21-10-2022

10

Afronden van het rechtmatigheidsonderzoek en het opstellen en afronden van

het rapport van bevindingen. Het verrichten van afstemming met de rechter-

commissaris. Het opstellen van brieven aan de bestuurders inhoudende een

aansprakelijkstelling. Het voeren van correspondentie met de voormalig leden

van de Raad van Commissarissen. Het voeren van correspondentie met de

advocaten van de bestuurders. Het voeren van correspondentie met

bestuurdersaansprakelijkheidsverzekeraar.

01-06-2023

11

De curator heeft het verweer van de advocaten van de bestuurders

bestudeerd en daarop zijn reactie voorbereid. Voorts heeft over het

voorgaande afstemming met de rechter-commissaris plaatsgevonden.

01-12-2023

12

Het voeren van correspondentie met de advocaten van de bestuurders. 28-06-2024

13

Het voeren van correspondentie met de advocaten van de bestuurders, alsook

met (de advocaat) van HDI Global (de BCA-verzekeraar).

30-12-2024

14

Het voeren van correspondentie met de advocaten van de bestuurder de heer

Kochen als ook met (de advocaat van) HDI Global (de BCA-verzekeraar).

07-07-2025

15

Het voorbereiden op en het voeren van mediationgesprekken met de mediator

alsook de bestuurder de heer Kochen en zijn advocaat.

Het voeren van correspondentie met de mediator, (de advocaat van) de

bestuurder de heer Kochen als ook met (de advocaat van) HDI Global (de BCA-

verzekeraar).

07-01-2026

16

Het voorbereiden op en het voeren van mediationgesprekken met de

mediator alsook de bestuurder de heer Kochen en zijn advocaat.

Het voeren van correspondentie met de mediator, (de advocaat van) de

bestuurder de heer Kochen als ook met (de advocaat van) HDI Global (de

BCA-verzekeraar).

07-07-2026

17

8.1 Boedelvorderingen

8. Crediteuren

€ 157.109,31

Toelichting

De in het openingsverslag weergegeven categorieën van boedelschuldeisers

hebben zich in de voorbije verslagperiode inderdaad deels bij de curator

gemeld met een boedelvordering. Op dit moment is aan boedelschulden

geregistreerd een bedrag van in totaal € 157.109,31. Ter nadere specificatie

wordt verwezen naar de aan het verslag gehechte bijlage waaruit blijkt dat

het thans gaat om 24 geregistreerde boedelschuldeisers. Het UWV heeft haar

boedelvordering nog niet bij de curator aangemeld. Van de werknemers heeft

vooralsnog een deel een boedelvordering ingediend. Dit betreft de groep van

werknemers waarvan het UWV de loonvordering slechts deels heeft

overgenomen. In totaliteit zal dit om circa 50 werknemers gaan. Ten aanzien

van die laatste categorie geldt dat de curator de reeds aangemelde

boedelvorderingen momenteel beoordeeld en het personeel daaromtrent

spoedig inhoudelijk zal berichten.

27-06-2018

2

Toelichting

Derde verslag:

De boedelvorderingen bestaan uit het salaris van de curator, de

huurpenningen na datum faillissement, de loonvorderingen van werknemers

alsook de bijzondere faillissementskosten in het kader van het te gelde maken

van het actief (waaronder de kosten van incasso van vorderingen op

debiteuren maar tevens de instandhoudingskosten van het materieel actief

waaronder de huisvestingskosten). Een nadere specificatie van die bijzondere

faillissementskosten is terug te vinden in de tussentijdse financiële verslagen

die een recapitulatie vormen van de faillissementsrekeningen.

Voorts geldt als boedelvordering de vordering van het UWV aangaande de

overname van de loonbetalingen. Ten aanzien van de boedelvordering van het

UWV wordt opgemerkt dat die geconsolideerd (dat wil zeggen zowel in het

faillissement van Virenze Algemeen Beheer BV als in het faillissement van

Virenze Riagg BV) in totaal bedraagt € 3.846.778,94. Verwezen wordt terzake

naar de aangehechte specificaties.

Daarnaast is aan preferente boedelschulden een totaalbedrag van €

59.480,50 geregistreerd terzake de loonvorderingen van werknemers waarvan

het UWV slechts een deel overgenomen heeft. In totaliteit handelt dit om 35

werknemers. De overige concurrente boedelvorderingen betreffen die van

verhuurders voor in totaal een bedrag ad € 162.109,31. Dat brengt het totaal

aan boedelvorderingen momenteel op € 4.068.368,75.

31-01-2019

3

Toelichting

Vierde verslag:

Ten aanzien van de boedelvorderingen zij eerder vermeld dat die zullen

bestaan uit het salaris van de curator, de huurpenningen na datum

faillissement, de loonvorderingen van de werknemers alsook de bijzondere

06-09-2019

4

faillissementskosten in het kader van het te gelde maken van het actief. Een

nadere uitwerking daarvan is terug te vinden in de tussentijdse financiële

verslagen die een recapitulatie vormen van de faillissementsrekeningen.

De reeds eerder ingediende boedelvordering van het UWV is in de voorbije

verslagperiode niet gewijzigd en bedraagt derhalve (geconsolideerd) nog

steeds € 3.846.778,94, waartoe verwezen wordt naar de aangehechte

specificatie.

Ook de eerder weergegeven preferente boedelvorderingen van de

werknemers waarvan het UWV slechts een deel had overgenomen, is in de

voorbije verslagperiode ongewijzigd gebleven en bedraagt derhalve in totaal

nog steeds € 59.480,50.

Hetzelfde geldt voor de conurrente boedelvorderingen van de verhuurders.

Deze bedragen nog steeds in totaal € 162.109,31. Oftewel, het totaal aan

boedelvorderingen bedraagt momenteel afgerond € 4.068.368,75.

Toelichting

Vijfde verslag:

De positie van de boedelcrediteuren in het faillissement van Virenze is de

voorbije verslagperiode ongewijzigd gebleven.

05-03-2020

5

Toelichting

De positie van de boedelcrediteuren in het faillissement van Virenze is de

voorbije verslagperiode overwegend ongewijzigd gebleven met uitzondering

van het feit dat het UWV in het faillissement van Virenze Algemeen Beheer BV

haar boedelvordering inzake de overgenomen pensioenpremies heeft

ingediend ter hoogte van € 17.002,10. Overige boedelvorderingen blijven

ongewijzigd en verwezen zij naar het aangehechte overzicht

Bedrijfsvereniging / UWV.

04-09-2020

6

Toelichting

Zevende verslag:

De positie van de boedelcrediteuren in het faillissement van Virenze is de

voorbije verslagperiode ongewijzigd gebleven.

05-03-2021

7

Toelichting

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Toelichting

Ongewijzigd.

21-04-2022

9

Toelichting

In de voorbije periode heeft de curator gezorgd voor afstemming met de

belastingdienst aangaande de BTW over de boedelperiode. De belastingdienst

heeft het door de curator dienaangaande gedane voorstel geaccepteerd. De

komende verslagperiode zal aldus met de belastingdienst worden afgewikkeld.

21-10-2022

10

8.2 Pref. vord. van de fiscus

€ 3.319.067,00

Toelichting

De preferente pre-faillissementsvordering die door de Belastingdienst bij de

curator is aangemeld bedraagt momenteel € 3.319.067,- (exclusief

invorderingsrente). Verwezen wordt naar de aangehechte specificatie

vorderingen belastingen.

27-06-2018

2

€ 2.963.569,00

Toelichting

Derde verslag:

De preferente prefaillissementsvordering die door de Belastingdienst bij de

curator is aangemeld heeft in de voorbije verslagperiode aanpassing

ondervonden en bedraagt € 2.963.569,- (exclusief invorderingsrente).

Verwezen wordt naar de aangehechte specificatie vorderingen belastingen

waaruit voortvloeit dat dit vooralsnog enkel uit onbetaald gebleven

loonbelasting bestaat. De curator zal nog aangifte ex artikel 29 lid 7 Wet OB

moeten doen.

31-01-2019

3

€ 2.963.569,00

Toelichting

Vierde verslag:

In de voorbije verslagperiode is de preferente vordering van de

Belastingdienst ongewijzigd gebleven en bedraagt derhalve nog steeds het

hiervoor genoemde bedrag. Verwezen wordt naar de aangehechte specificatie

vordering belastingen.

06-09-2019

4

€ 2.963.569,00

Toelichting

Vijfde verslag:

In de voorbije verslagperiode is de preferente vordering van de

Belastingdienst eveneens ongewijzigd gebleven en bedraagt derhalve nog

steeds € 2.963.569,-.

05-03-2020

5

Toelichting

Ongewijzigd

04-09-2020

6

Toelichting

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Toelichting

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

8.3 Pref. vord. UWV

Toelichting

Ongewijzigd.

21-04-2022

9

Toelichting

Ongewijzigd.

21-10-2022

10

€ 0,00

Toelichting

Het UWV heeft haar vordering tot op heden nog niet ingediend.

27-06-2018

2

€ 1.485.704,92

Toelichting

Derde verslag:

De preferente prefaillissementsvordering van het UWV bedraagt in totaliteit en

geconsolideerd (dat wil zeggen voor zowel het faillissement van Virenze

Algemenen Beheer BV als het faillissement Virenze Riagg BV) ad €

1.485.704,92. Dit betreft de loonvordering ex artikel 66 lid 1 WW en de premie

werkgeversdeel sociale verzekeringen ex artikel 66 lid 3 WW. Voor een

overzicht wordt verwezen naar de bijlage.

31-01-2019

3

€ 1.489.221,75

Toelichting

Vierde verslag:

De preferente prefaillissementsvordering van het UWV is aangepast en

bedraagt in totaliteit en geconsolideerd (dat wil zeggen voor zowel het

faillissement van Virenze Algemeen Beheer BV als het faillissement Virenze

Riagg BV) ad € 1.489.221,75. Voor een overzicht wordt verwezen naar de

bijlage.

06-09-2019

4

€ 1.489.221,75

Toelichting

Vijfde verslag:

In de voorbije verslagperiode is de preferente vordering van het UWV

eveneens ongewijzigd gebleven en bedraagt derhalve nog steeds €

1.489.221,75.

05-03-2020

5

Toelichting

De preferente vordering van het UWV inzake de overgenomen

pensioenpremies is eveneens de voorbije verslagperiode ingediend ter hoogte

van € 110.237,55. Overige preferente vorderingen blijven ongewijzigd en

verwezen zij naar het aangehechte overzicht Bedrijfsvereniging / UWV.

04-09-2020

6

8.4 Andere pref. crediteuren

Toelichting

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Toelichting

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Toelichting

Ongewijzigd.

21-04-2022

9

Toelichting

Ongewijzigd.

21-10-2022

10

€ 177.653,69

Toelichting

Inmiddels heeft een groot deel van oud werknemers van Virenze reeds een

preferente vordering bij de curator ingediend. In totaliteit is thans aan

schuldvorderingen op de lijst van preferente schuldeisers geplaatst een

bedrag van € 177.563,69. Voor een overzicht wordt verwezen naar de bijlage

waaruit blijkt dat het thans gaat om 36 geregistreerde preferente crediteuren.

De curator verwacht dat dit bedrag nog zal oplopen omdat nog een groep van

circa 400 werknemers hun vorderingen nog bij de curator moeten indienen.

27-06-2018

2

€ 1.001.519,06

Toelichting

Derde verslag:

De eindafrekening door het UWV is verricht waardoor de oud werknemers van

Virenze de balans hebben kunnen opmaken van hetgeen zij resterend te

vorderen hebben op Virenze. Inmiddels hebben 175 oud werknemers van

Virenze een preferente vordering bij de curator ingediend. In totaliteit is thans

aan schuldvorderingen op de lijst van preferente crediteuren geplaatst een

bedrag ad € 1.001.519,06. De vorderingen bestaan hoofdzakelijk uit onbetaald

gebleven eindejaarsuitkering, niet opgenomen vakantiedagen en

vakantietoeslag en in sommige gevallen ook de niet uitbetaalde

levensfasebudget-uren. Het zijn als gezegd momenteel 175 oud werknemers

die hun vordering hebben kenbaar gemaakt bij de curator en aangezien het

totale personeelsbestand circa 400 bedroeg, wordt verwacht dat deze totale

preferente vorderingspositie nog zal toenemen.

Voor een overzicht wordt verwezen naar de bijlage.

31-01-2019

3

€ 1.003.870,55

Toelichting

06-09-2019

4

8.5 Aantal concurrente crediteuren

Vierde verslag:

Inmiddels hebben 176 oud werknemers van Virenze een preferente vordering

bij de curator ingediend. In totaliteit is thans aan schuldvorderingen op de lijst

van preferente crediteuren geplaatst een bedrag ad € 1.003.870,55. Voor een

overzicht wordt verwezen naar de bijlage.

Toelichting

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Toelichting

Ongewijzigd

04-09-2020

6

Toelichting

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Toelichting

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Toelichting

Ongewijzigd.

21-04-2022

9

Toelichting

Ongewijzigd.

21-10-2022

10

212

Toelichting

Vooralsnog hebben 212 concurrente crediteuren hun vordering ingediend. Voor

een overzicht wordt verwezen naar de bijlage.

27-06-2018

2

223

Toelichting

Derde verslag:

Vooralsnog hebben 223 concurrente crediteuren hun vordering ingediend.

Voor een overzicht wordt verwezen naar de bijlage.

31-01-2019

3

241

Toelichting

06-09-2019

4

8.6 Bedrag concurrente crediteuren

Vierde verslag:

Vooralsnog hebben 241 concurrente crediteuren hun vordering ingediend.

Voor een overzicht wordt verwezen naar de bijlage.

244

Toelichting

Vijfde verslag:

Vooralsnog hebben 244 concurrente crediteuren hun vordering ingediend.

Voor een overzicht wordt verwezen naar de bijlage.

05-03-2020

5

245

Toelichting

Vooralsnog hebben 245 concurrente crediteuren hun vordering ingediend.

Voor een overzicht wordt verwezen naar de bijlage.

04-09-2020

6

245

Toelichting

Zevende verslag:

Vooralsnog hebben 245 concurrente crediteuren hun vordering ingediend.

Voor een overzicht wordt verwezen naar de bijlage.

05-03-2021

7

246

Toelichting

Achtste verslag:

Vooralsnog hebben 246 concurrente crediteuren hun vordering ingediend.

Voor een overzicht wordt verwezen naar de bijlage.

21-10-2021

8

247

21-04-2022

9

Toelichting

Ongewijzigd.

21-10-2022

10

248

01-06-2023

11

€ 4.213.976,66

Toelichting

Het bedrag van de tot op heden ingediende vorderingen van crediteuren

bedraagt € 4.213.976,66.

27-06-2018

2

€ 4.513.202,50

31-01-2019

Toelichting

Derde verslag:

Het bedrag van de tot op heden ingediende vorderingen van crediteuren

bedraagt € 4.513.202,50.

3

€ 5.916.413,30

Toelichting

Vierde verslag:

Het bedrag van de tot op heden ingediende vorderingen van concurrente

crediteuren bedraagt € 5.916.413,30.

06-09-2019

4

€ 8.724.356,15

Toelichting

Vijfde verslag:

Het bedrag van de tot op heden ingediende vorderingen van concurrente

crediteuren bedraagt € 8.724.356,15.

05-03-2020

5

€ 8.726.087,61

Toelichting

Het bedrag van de tot op heden ingediende vorderingen van concurrente

crediteuren bedraagt € 8.726.087,61.

04-09-2020

6

€ 8.595.171,45

Toelichting

Zevende verslag:

Het bedrag van de tot op heden ingediende vorderingen van concurrente

crediteuren bedraagt € 8.595.171,45.

05-03-2021

7

€ 8.651.189,41

Toelichting

Achtste verslag:

Het bedrag van de tot op heden ingediende vorderingen van concurrente

crediteuren bedraagt € 8.651.189,41.

21-10-2021

8

€ 9.748.509,18

21-04-2022

9

Toelichting

Ongewijzigd.

21-10-2022

10

€ 9.323.682,56

01-06-2023

11

8.7 Verwachte wijze van afwikkeling

8.8 Werkzaamheden crediteuren

€ 9.323.682,56 01-12-2023

12

Ongewijzigd. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

De wijze van afwikkeling zal beïnvloed kunnen worden door de uitkomst van

de thans gevoerde discussie over het al dan niet aansprakelijk zijn van het

bestuur voor onbehoorlijke taakvervulling en het mogelijke verhaal dat de

curator op basis van die vordering vindt. De wijze van afwikkeling zal derhalve

eerst duidelijk worden nadat deze discussie is afgerond. De doorlooptijd

daarvan is op het moment van verslaglegging nog onbekend.

01-06-2023

11

8.8 Werkzaamheden crediteuren

9.1 Naam wederpartijen

Inventarisatie van de schuldpositie, overleg met UWV en Belastingdienst,

correspondentie met crediteuren waaronder in overwegende mate ook

werknemers.

27-06-2018

2

Derde verslag:

Inventarisatie van de schuldpositie, overleg met UWV en Belastingdienst,

correspondentie met crediteuren waaronder ook in overwegende mate

werknemers.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Inventarisatie van de schuldpositie waarbij met name de correspondentie met

preferente crediteuren en concurrente crediteuren in de voorbije

verslagperiode nog aanzienlijk is geweest.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Nadere inventarisatie van de schuldpositie.

05-03-2020

5

Nadere inventarisatie van de schuldpositie 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Nadere inventarisatie van de schuldpositie.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

De curator heeft in de voorbije periode overleg en correspondentie gevoerd

met zowel de Belastingdienst als het UWV over enerzijds de afwikkeling BTW

over de boedelperiode en anderzijds over de hoogte van de door het UWV

ingediende boedelvordering ex artikel 66 lid 3 WW.

21-10-2022

10

In de voorbije periode heeft afstemming met het UWV plaatsgevonden over

haar concurrente vordering in het faillissement die is aangepast.

01-06-2023

11

9. Procedures

Ongewijzigd. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

9.2 Aard procedures

9.3 Stand procedures

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

Ongewijzigd. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

9.3 Stand procedures

9.4 Werkzaamheden procedures

Ongewijzigd. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

9.4 Werkzaamheden procedures

10.1 Plan van aanpak

Ongewijzigd. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Ongewijzigd.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Ongewijzigd.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2020

5

Ongewijzigd 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Ongewijzigd.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

10. Overig

In de komende periode zal de curator (in al dan niet willekeurige volgorde) zijn

aandacht vestigen op de volgende onderwerpen:

Definitief standpunt innemen omtrent de wijze waarop de bewaarneming

van patiëntendossiers zal gaan plaatsvinden en dit tot uitvoering

brengen;

Afhandelen van verzoeken van oud-patiënten in verband met opvraag

c.q. vernietiging van patiëntendossiers.

Incasso van de vorderingen op debiteuren intensiveren;

Afronden van verkoop van het resterend actief (Kasteel Rijckholt, haar

inventaris en de Volkswagen Kever);

Nadere inventarisatie van de crediteurenpositie;

Definitieve afwikkeling van de personeelsaanspraken;

Verder onderzoek naar de oorzaken van het faillissement;

Onderzoek van de boekhouding en de financiële administratie;

Onderzoek naar eventuele paulianeus handelen;

Onderzoek naar het gevoerde bestuur en toezicht.

27-06-2018

2

Derde verslag: 31-01-2019

In de komende periode zal de curator (al dan niet in willekeurige volgorde) zijn

aandacht vestigen op de navolgende onderwerpen:

Het tot uitvoering brengen van de besloten wijze waarop de bewaarneming

van de patiëntendossiers zal plaatsvinden;

Het afhandelen van verzoeken van oud patiënten in verband met opvraag c.q.

vernietiging van patiëntendossiers, tot het moment dat het nieuwe

bewaarnemingssysteem is ingevoerd;

Afronding van de debiteurenincasso;

Afronding van de verkoop van Kasteel Rijckholt;

Definitieve afrekening met pand- en hypotheekhouder Rabobank;

Nadere inventarisatie van de crediteurenpositie;

Definitieve afwikkeling van de personeelsaanspraken;

Verder onderzoek verrichten naar de oorzaken van het faillissement;

Onderzoek verrichten naar de boekhouding en de financiële administratie;

Onderzoek verrichten naar eventueel paulianeus handelen;

Onderzoek verrichten naar het gevoerde bestuur en toezicht.

3

Vierde verslag:

In de komende verslagperiode zal de curator (al dan niet in willekeurige

volgorde) zijn aandacht nader vestigen op de navolgende onderwerpen:

Zoveel mogelijk tot een afronding komen aangaande de wijze waarop de

bewaarneming van patiëntendossiers definitief zal gaan plaatsvinden om dit

ook tot uitvoering te kunnen brengen;

Tot het moment dat het vorenstaande definitief elders is ondergebracht, zullen

de verzoeken van oud-patiënten in verband met opvraag c.q. vernietiging van

patiëntendossiers nog worden afgehandeld;

Nadere inventarisatie van de crediteurenpositie;

Afstemming met de fiscus aangaande de BTW-aspecten van dit faillissement;

Verdere afwikkeling van de boedelvorderingen;

Verder onderzoek verrichten naar de oorzaken van het faillissement;

Onderzoek verrichten naar de boekhouding en de financiële administratie;

Onderzoek verrichten naar eventueel paulianeus handelen;

Onderzoek verrichten naar het gevoerde bestuur.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

In de komende verslagperiode zal de curator (al dan niet in willekeurige

volgorde) zijn aandacht nader vestigen op de navolgende onderwerpen:

Zoveel mogelijk tot een afronding komen aangaande de wijze waarop de

bewaarneming van patiëntendossiers definitief zal gaan plaatsvinden om dit

ook tot uitvoering te kunnen brengen;

Tot het moment dat het vorenstaande definitief elders is ondergebracht, zullen

de verzoeken van oud-patiënten in verband met opvraag c.q. vernietiging van

patiëntendossiers nog worden afgehandeld;

05-03-2020

5

Nadere inventarisatie van de crediteurenpositie;

Afstemming met de fiscus aangaande de BTW-aspecten van dit faillissement;

Verdere afwikkeling van de boedelvorderingen;

Verder onderzoek verrichten naar de oorzaken van het faillissement;

Onderzoek verrichten naar de boekhouding en de financiële administratie;

Onderzoek verrichten naar eventueel paulianeus handelen;

Onderzoek verrichten naar het gevoerde bestuur.

In de komende verslagperiode zal de curator (al dan niet in willekeurige

volgorde) zijn aandacht nader vestigen op de navolgende onderwerpen:

Tot definitieve afspraken komen met de betrokken partijen (Ministerie van

VWS, Paranassia Groep alsook Iron Mountain en TrompBX) omtrent de

bewaarneming van patiëntendossiers;

Tot het moment dat het vorenstaande definitief elders is ondergebracht, zullen

de verzoeken van oud-patiënten in verband met opvraag c.q. vernietiging van

patiëntendossiers nog worden afgehandeld;

Nadere inventarisatie van de crediteurenpositie;

Afstemming met de fiscus aangaande de BTW-aspecten van dit faillissement;

Verdere afwikkeling van de boedelvorderingen;

Verder onderzoek verrichten naar de oorzaken van het faillissement alsmede

de rechtmatigheid van het bestuur en het gehouden toezicht;

Onderzoek verrichten naar de boekhouding en de financiële administratie;

Onderzoek verrichten naar eventueel paulianeus handelen;

04-09-2020

6

Zevende verslag:

Overdracht van de werkzaamheden rondom bewaring van patiëntendossiers

alsmede de afhandeling van verzoeken tot afgifte en vernietiging van

patiëntendossiers;

Nadere inventarisatie van de crediteurenpositie;

Afstemming met de fiscus aangaande de BTW-aspecten van dit faillissement;

Verdere afwikkeling van de boedelvorderingen;

Verder onderzoek verrichten naar de oorzaken van het faillissement alsmede

de rechtmatigheid van het bestuur en het gehouden toezicht;

Onderzoek naar de boekhouding en de financiële administratie;

Onderzoek verrichten naar eventueel paulianeus handelen.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Afstemming met de fiscus aangaande de BTW-aspecten van dit faillissement;

Verdere afwikkeling van de boedelvorderingen;

Verder onderzoek verrichten naar de oorzaken van het faillissement alsmede

de rechtmatigheid van het bestuur en het gehouden toezicht;

Onderzoek naar de boekhouding en de financiële administratie;

21-10-2021

8

Onderzoek verrichten naar eventueel paulianeus handelen.

Afstemming met de fiscus aangaande de BTW-aspecten van dit faillissement;

Verdere afwikkeling van de boedelvorderingen;

Afronden oorzakenonderzoek en aanvang rechtmatigheidsonderzoek van het

bestuur en het gehouden toezicht;

Onderzoek naar de boekhouding en de financiële administratie;

Onderzoek verrichten naar eventueel paulianeus handelen.

21-04-2022

9

Afronden van het onderzoek naar de rechtmatigheid van het bestuur en het

gehouden toezicht;

Onderzoek naar de boekhouding en de financiële administratie;

Onderzoek verrichten naar eventueel paulianeus handelen.

21-10-2022

10

De komende verslagperiode zal de curator het recentelijk ontvangen verweer

van de bestuurders tegen de geuite aansprakelijkstelling bestuderen en met

de rechter-commissaris daarover afstemmen. Aansluitend zal naar verwachting

overleg plaatsvinden met (de advocaten van) de bestuurders over het vervolg

van deze gevoerde discussie.

01-06-2023

11

De komende verslagperiode zal de curator aansturen op het bereiken van een

minnelijke regeling met de bestuurders. Ingeval dit onmogelijk blijkt zal de

curator overwegen een procedure op te starten uit hoofde van onbehoorlijk

bestuur.

28-06-2024

13

De curator wenst spoedig duidelijkheid te verkrijgen van BCA-verzekeraar HDI

Global over het door haar opgeworpen argument dat bestuurder Kersten de

verzekeraar voorafgaand aan het sluiten van de BCA-polis onvoldoende zou

hebben geïnformeerd. Dit om aansluitend spoedig een aanvang te kunnen

nemen met het insolventie mediation traject. Deze afhandeling wordt immers

op dit moment (naar het oordeel van de curator) onnodig en ten onrechte

vertraagd.

30-12-2024

14

De mediation zal spoedig een aanvang nemen en afhankelijk van de uitkomst

daarvan moet worden bezien of een juridische procedure nog noodzakelijk

wordt. Gelijktijdig hieraan zal de discussie met de BCA-verzekeraar HDI Global

gevoerd dienen te worden. Een en ander zal naar verwachting de komende

verslagperiode verder duidelijk moeten worden.

07-07-2025

15

De reactie van de BCA-verzekeraar wordt thans door de curator en de

bestuurder afgewacht. Afhankelijk daarvan dient te worden bezien of de

mediation dient te worden voortgezet danwel beëindigd en waar dat verder

mogelijk toe leidt. In het gunstige geval leidt dat binnen afzienbare termijn tot

een minnelijke regeling, waardoor relatief spoedig de faillissementen van

Virenze kunnen worden afgewikkeld. In het ongunstige geval leidt dat tot het

alsnog moeten voeren van juridische procedures.

07-01-2026

16

Nu de reactie van de BCA-verzekeraar nog niet tot een vergelijk heeft geleid,

zal in de komende verslagperiode het overleg met de BCA-verzekeraar

worden gecontinueerd. Afhankelijk van die uitkomst, zullen besluiten

genomen worden hoe verder te gaan. In het gunstige geval leidt dat binnen

afzienbare termijn alsnog tot een minnelijke regeling, waardoor relatief

07-07-2026

17

10.2 Termijn afwikkeling faillissement

10.3 Indiening volgend verslag

10.4 Werkzaamheden overig

spoedig de faillissementen van Virenze kunnen worden afgewikkeld. In het

ongunstige geval leidt dat tot het alsnog moeten voeren van juridische

procedures.

Het is nog onbekend wanneer het faillissement afgewikkeld zal worden. 27-06-2018

2

Derde verslag:

Het is nog onbekend wanneer het faillissement afgewikkeld zal worden.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Het is nog onbekend wanneer het faillissement afgewikkeld zal worden.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Het is nog onbekend wanneer het faillissement afgewikkeld zal worden.

05-03-2020

5

Het is nog onbekend wanneer het faillissement afgewikkeld zal worden. 04-09-2020

6

Zevende verslag:

Het is nog onbekend wanneer het faillissement afgewikkeld zal worden.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Ongewijzigd.

21-10-2021

8

Ongewijzigd. 21-04-2022

9

Ongewijzigd. 21-10-2022

10

7-1-2027 07-07-2026

17

10.4 Werkzaamheden overig

Bijlagen

Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van

aanpak.

27-06-2018

2

Derde verslag:

Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van

aanpak.

31-01-2019

3

Vierde verslag:

Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van

aanpak.

06-09-2019

4

Vijfde verslag:

Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van

aanpak.

05-03-2020

5

Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van

aanpak.

04-09-2020

6

Zevende verslag:

Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van

aanpak.

05-03-2021

7

Achtste verslag:

Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van

aanpak.

21-10-2021

8

Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van

aanpak.

21-04-2022

9

Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van

aanpak.

21-10-2022

10

Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van

aanpak.

01-06-2023

11

Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van

aanpak.

07-01-2026

16

Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van

aanpak.

07-07-2026

17

Bijlagen