Platte tekst van het verslag
Openbaar faillissementsverslag
rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)
Naam onderneming
Gegevens onderneming
Activiteiten onderneming
Financiële gegevens
Toelichting financiële gegevens
Betreft
Algemene gegevens
Virenze Algemeen Beheer BV 27-06-2018
2
De curator benadrukt dat de informatie in dit verslag onderwerp is van nader
onderzoek. Om een zo volledig mogelijk beeld te kunnen schetsen is deels
afgegaan op informatie van betrokken derden, zonder dat die informatie
integraal op juistheid is onderzocht. Omtrent de volledigheid en juistheid van
de in dit verslag opgenomen gegevens kan dan ook nog geen uitspraak
worden gedaan.
Aan dit faillissementsverslag en/of volgende faillissementsverslagen kunnen
geen rechten worden ontleend. Niets in dit verslag kan worden
geïnterpreteerd als een erkenning van aansprakelijkheid noch als afstand van
enig recht.
07-07-2025
15
Virenze is een instelling die ambulante geestelijke gezondheidszorg biedt aan
kinderen en jeugdigen, volwassenen en ouderen binnen de specialistische en
generalistische GGZ.
27-06-2018
2
Toelichting financiële gegevens
Gemiddeld aantal personeelsleden
Boedelsaldo
2013: € 20.043.046,-,
2014: € 24.487.242,-,
2015: € 34.859.159,-,
2016: € 35.041.839,-
27-06-2018
2
465
31-01-2019
3
€ 4.086.024,94
Toelichting
De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 26 juni 2018 in totaal €
4.086.024,94. Verwezen wordt voorts naar de recapitulatie
faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.
27-06-2018
2
€ 4.428.352,20
Toelichting
De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 18 januari 2019 in totaal
€ 4.428.352,20 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts verwezen naar de
recapitulatie faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.
31-01-2019
3
€ 5.227.966,52
Toelichting
De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 2 september 2019 in
totaal € 5.227.966,52 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts verwezen naar
de recapitulatie faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.
06-09-2019
4
€ 4.996.062,44
Toelichting
De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 2 maart 2020 in totaal €
4.996.062,44 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts verwezen naar de
recapitulatie faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.
05-03-2020
5
€ 4.475.477,26
Toelichting
De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 2 september 2020 in
totaal € 4.475.477,26 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts verwezen naar
de recapitulatie faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.
04-09-2020
6
€ 4.416.369,72
05-03-2021
7
Toelichting
De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 3 maart 2021 in totaal €
4.416.369,72 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts verwezen naar de
recapitulatie faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.
€ 4.209.722,60
Toelichting
De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 21 oktober 2021 in
totaal € 4.209.722,60 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts verwezen naar
de recapitulatie faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.
21-10-2021
8
€ 4.110.757,37
Toelichting
De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 12 april 2022 in totaal €
4.110.757,37 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts verwezen naar de
recapitulatie faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.
21-04-2022
9
€ 4.048.691,69
Toelichting
De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 9 oktober 2022 in totaal
€ 4.048.691,69 (geconsolideerd).
21-10-2022
10
€ 3.964.517,30
Toelichting
De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 1 juni 2023 in totaal €
3.964.517,30 (geconsolideerd).
01-06-2023
11
€ 3.887.404,86
Toelichting
De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 1 december 2023 in
totaal € 3.887.404,86 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts naar de
recapitulatie faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.
01-12-2023
12
€ 3.873.191,83
Toelichting
De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 28 juni 2024 in totaal €
3.873.191,83 (geconsolideerd). Verwezen wordt voorts naar de recapitulatie
faillissementsrekeningen zoals bijgevoegd.
28-06-2024
13
€ 3.846.554,08
Toelichting
30-12-2024
14
Verslagperiode
De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 30 december 2024 in
totaal € 3.846.554,08 (geconsolideerd).
€ 3.826.712,82
Toelichting
De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 7 juli 2025 in totaal €
3.826.712,82 (geconsolideerd).
07-07-2025
15
€ 3.809.768,15
07-01-2026
16
€ 3.738.853,60
Toelichting
De saldi op de faillissementsrekeningen bedragen per 24 juni 2026 in totaal €
3.738.853,60 (geconsolideerd).
07-07-2026
17
van
7-2-2018
t/m
22-6-2018
27-06-2018
2
van
23-6-2018
t/m
31-1-2019
31-01-2019
3
van
1-2-2019
t/m
4-9-2019
06-09-2019
4
van
5-9-2019
t/m
4-3-2020
05-03-2020
5
van
5-3-2020
t/m
4-9-2020
04-09-2020
6
van
4-9-2020
t/m
3-3-2021
05-03-2021
7
van
4-3-2021
t/m
20-10-2021
21-10-2021
8
van
21-10-2021
t/m
21-4-2022
21-04-2022
9
van
22-4-2022
t/m
21-10-2022
21-10-2022
10
van
22-11-2022
t/m
1-6-2023
01-06-2023
11
van
2-6-2023
t/m
1-12-2023
01-12-2023
12
van
1-12-2023
t/m
28-6-2024
28-06-2024
13
van
27-6-2024
t/m
30-12-2024
30-12-2024
14
Bestede uren
Toelichting bestede uren
van
31-12-2024
t/m
7-7-2025
07-07-2025
15
van
8-7-2025
t/m
7-1-2026
07-01-2026
16
van
8-1-2026
t/m
7-7-2026
07-07-2026
17
VerslagperiodeBestede uren
totaal 1.345 uur 34 min
Bestede uren Totaal (1e en 2e verslagperiode): 2.743 uur 27-06-2018
2
Eerste tot en met derde verslagperiode 3.586 uren (geconsolideerd).
Opmerkingen vooraf:
Het faillissement van de Virenze Groep is omvangrijk en complex. Op
vereenvoudigde wijze wordt in dit verslag de huidige stand van zaken
weergegeven conform de daarvoor geldende richtlijnen. Daarbij zijn niet alle
onderlinge juridische verhoudingen weergegeven.
De curator benadrukt dat de informatie in het verslag onderwerp is van nader
onderzoek. Om een zo volledig mogelijk beeld te kunnen schetsen is primair
afgegaan op informatie ontleend aan de administratie van curanda en is voorts
afgegaan op informatie van het bestuur en betrokken derden, zonder dat die
informatie integraal op juistheid is onderzocht. Omtrent de volledigheid en/of
juistheid van de in dit verslag opgenomen gegevens kan dan ook nog geen
uitspraak worden gedaan.
Bovendien wordt voor een volledig begrip van de weergave in dit verslag
aanbevolen om de eerdere verslagen eveneens te lezen.
31-01-2019
3
Eerste tot en met vierde verslagperiode 4141 (geconsolideerd).
Opmerkingen vooraf:
Het faillissement van de Virenze Groep is omvangrijk en complex. Op
vereenvoudigde wijze wordt in dit verslag de huidige stand van zaken
weergegeven conform de daarvoor geldende richtlijnen. Daarbij zijn niet alle
onderlinge juridische verhoudingen weergegeven.
De curator benadrukt dat de informatie in het verslag onderwerp is van nader
onderzoek. Om een zo volledig mogelijk beeld te kunnen schetsen is primair
afgegaan op informatie ontleend aan de administratie van curanda en is voorts
afgegaan op informatie van het bestuur en betrokken derden, zonder dat die
informatie integraal op juistheid is onderzocht. Omtrent de volledigheid en/of
juistheid van de in dit verslag opgenomen gegevens kan dan ook nog geen
uitspraak worden gedaan.
Bovendien wordt voor een volledig begrip van de weergave in dit verslag
aanbevolen om de eerdere verslagen eveneens te lezen.
06-09-2019
4
Eerste tot en met vijfde verslagperiode 4491 (geconsolideerd).
De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van
werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.
Opmerkingen vooraf:
Het faillissement van de Virenze Groep is omvangrijk en complex. Op
vereenvoudigde wijze wordt in dit verslag de huidige stand van zaken
weergegeven conform de daarvoor geldende richtlijnen. Daarbij zijn niet alle
onderlinge juridische verhoudingen weergegeven.
De curator benadrukt dat de informatie in het verslag onderwerp is van nader
onderzoek. Om een zo volledig mogelijk beeld te kunnen schetsen is primair
afgegaan op informatie ontleend aan de administratie van curanda en is voorts
afgegaan op informatie van het bestuur en betrokken derden, zonder dat die
informatie integraal op juistheid is onderzocht. Omtrent de volledigheid en/of
juistheid van de in dit verslag opgenomen gegevens kan dan ook nog geen
uitspraak worden gedaan.
Bovendien wordt voor een volledig begrip van de weergave in dit verslag
aanbevolen om de eerdere verslagen eveneens te lezen.
05-03-2020
5
Eerste tot en met zesde verslagperiode (geconsolideerd). 04-09-2020
6
De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van
werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.
Opmerkingen vooraf:
Het faillissement van de Virenze Groep is omvangrijk en complex. Op
vereenvoudigde wijze wordt in dit verslag de huidige stand van zaken
weergegeven conform de daarvoor geldende richtlijnen. Daarbij zijn niet alle
onderlinge juridische verhoudingen weergegeven.
De curator benadrukt dat de informatie in het verslag onderwerp is van nader
onderzoek. Om een zo volledig mogelijk beeld te kunnen schetsen is primair
afgegaan op informatie ontleend aan de administratie van curanda en is voorts
afgegaan op informatie van het bestuur en betrokken derden, zonder dat die
informatie integraal op juistheid is onderzocht. Omtrent de volledigheid en/of
juistheid van de in dit verslag opgenomen gegevens kan dan ook nog geen
uitspraak worden gedaan.
Bovendien wordt voor een volledig begrip van de weergave in dit verslag
aanbevolen om de eerdere verslagen eveneens te lezen.
Eerste tot en met zevende verslagperiode (geconsolideerd).
De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van
werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.
Opmerkingen vooraf:
Het faillissement van de Virenze Groep is omvangrijk en complex. Op
vereenvoudigde wijze wordt in dit verslag de huidige stand van zaken
weergegeven conform de daarvoor geldende richtlijnen. Daarbij zijn niet alle
onderlinge juridische verhoudingen weergegeven.
De curator benadrukt dat de informatie in het verslag onderwerp is van nader
onderzoek. Om een zo volledig mogelijk beeld te kunnen schetsen is primair
afgegaan op informatie ontleend aan de administratie van curanda en is voorts
afgegaan op informatie van het bestuur en betrokken derden, zonder dat die
informatie integraal op juistheid is onderzocht. Omtrent de volledigheid en/of
juistheid van de in dit verslag opgenomen gegevens kan dan ook nog geen
uitspraak worden gedaan.
Bovendien wordt voor een volledig begrip van de weergave in dit verslag
aanbevolen om de eerdere verslagen eveneens te lezen.
05-03-2021
7
Eerste tot en met achtste verslagperiode (geconsolideerd).
De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van
werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.
Opmerkingen vooraf:
Het faillissement van de Virenze Groep is omvangrijk en complex. Op
vereenvoudigde wijze wordt in dit verslag de huidige stand van zaken
weergegeven conform de daarvoor geldende richtlijnen. Daarbij zijn niet alle
onderlinge juridische verhoudingen weergegeven.
De curator benadrukt dat de informatie in het verslag onderwerp is van nader
onderzoek. Om een zo volledig mogelijk beeld te kunnen schetsen is primair
afgegaan op informatie ontleend aan de administratie van curanda en is voorts
afgegaan op informatie van het bestuur en betrokken derden, zonder dat die
informatie integraal op juistheid is onderzocht. Omtrent de volledigheid en/of
juistheid van de in dit verslag opgenomen gegevens kan dan ook nog geen
uitspraak worden gedaan.
Bovendien wordt voor een volledig begrip van de weergave in dit verslag
aanbevolen om de eerdere verslagen eveneens te lezen.
21-10-2021
8
1.1 Directie en organisatie
De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van
werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.
21-10-2022
10
De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van
werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.
01-06-2023
11
De bestede tijd heeft met name betrekking op de categorieën van
werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.
01-12-2023
12
De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van
werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.
28-06-2024
13
Eerste tot en met veertiende verslagperiode (geconsolideerd).
De bestede tijd heeft met name betrekking op de categorieën van
werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.
30-12-2024
14
De bestede tijd heeft met name betrekking op de categorieën van
werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.
07-07-2025
15
De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van
werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.
07-01-2026
16
De bestede tijd heeft met name betrekking op de categoriën van
werkzaamheden die in dit verslag nader zijn toegelicht.
07-07-2026
17
1. Inventarisatie
Ongewijzigd. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
1.2 Lopende procedures
1.3 Verzekeringen
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
Ongewijzigd. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
1.3 Verzekeringen
1.4 Huur
De door de curator sedert faillissement gecontinueerde
verzekeringsovereenkomsten zijn voor een groot deel inmiddels beëindigd, nu
de zorgactiviteiten zijn overgedragen alsmede het daarbij behorende actief.
Enkel die verzekeringen die in het kader van de verdere
faillissementsafwikkeling nog benodigd zijn, zijn thans nog actief en daarvoor
wordt vanuit de boedel de premie voldaan. Dit betreft de verzekeringen
betrekking hebbend op de inventaris en opstal van kasteel Rijckholt, de daar
nog gebruikte landbouwmachine (professionele grasmaaier) en de nog
aanwezige VW Kever. Ook de bestuurders en commissarissen
aansprakelijkheidsverzekering is nog actief.
27-06-2018
2
Derde verslag:
Aangezien de resterende activa inmiddels nagenoeg volledig te gelde zijn
gemaakt, zijn de verzekeringen betrekking hebbend op die overgedragen
activa inmiddels beëindigd. Thans is enkel nog actief de opstalverzekering
betreffende het Kasteel Rijckholt en de bestuurders- en commissarissen
aansprakelijkheidsverzekering.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Na verkoop en notariële levering van Kasteel Rijckholt, is de terzake nog
actieve opstalverzekering beëindigd waardoor thans enkel nog actief is de
bestuurders- en commissarissen aansprakelijkheidsverzekering.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Thans is enkel nog actief de bestuurders- en
commissarissenaansprakelijkheidsverzekering.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
1.4 Huur
1.5 Oorzaak faillissement
Voor wat betreft de door Virenze gesloten huurovereenkomsten geldt dat deze
door de curator kort na faillissement zijn opgezegd op grond van zijn wettelijke
bevoegdheid daartoe. De doorstartende partijen, zijnde Parnassia Groep en
METggz, hebben op de locaties alwaar zij direct aansluitend aan de doorstart
de zorgactiviteiten continueerden, gebruik gemaakt van de gehuurde locaties
gedurende de opzegtermijnen van die betreffende huurovereenkomsten. De
daarmee samenhangende huurtermijnen zijn door de doorstarters aan de
boedel voldaan. De doorstarters zijn zelf in contact getreden met de
betreffende verhuurders om te bezien of zij tot nieuwe afspraken konden
komen. Aldus heeft de curator de huurovereenkomsten met een circa dertigtal
verhuurders inmiddels beëindigd en de huurlocaties ook feitelijk opgeleverd,
met uitzondering van die locaties alwaar de doorstarters besloten hebben te
zullen doorhuren en met de verhuurders daarover tot overeenstemming zijn
gekomen. Voorts heeft de curator in de voorbije verslagperiode de
boedelvorderingen van de verhuurders geregistreerd en daarbij ook rekening
gehouden met de diverse bankgaranties die door verhuurders na faillissement
nog zijn afgeroepen. Voor een overzicht van deze boedelvorderingen zij
verwezen naar de aangehechte bijlage.
27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
De door de curator in de voorbije verslagperiode gedane onderzoeken naar de
faillissementsoorzaken hebben vooralsnog niet geleid tot een ander beeld dan
dat is weergegeven in het openingsverslag. De onderzoeken naar de oorzaken
van het faillissement zijn overigens nog niet geheel afgerond en zullen in de
komende verslagperiode worden gecontinueerd.
27-06-2018
2
Derde verslag:
De door de curator in de voorbije periode gedane onderzoeken naar de
faillissementsoorzaken hebben vooralsnog niet geleid tot een ander beeld dan
31-01-2019
3
dat is weergegeven in het openingsverslag. De onderzoeken naar de oorzaken
van het faillissement zullen in de komende verslagperiode worden
gecontinueerd.
Vierde verslag:
De door de curator in de voorbije periode gedane onderzoeken naar de
faillissementsoorzaken hebben vooralsnog niet geleid tot een ander beeld dan
dat is weergegeven in het openingsverslag. De onderzoeken naar de oorzaken
van het faillissement zullen in de komende verslagperiode worden
gecontinueerd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
In de voorbije verslagperiode heeft de curator formeel een aanvang genomen
met het oorzaken- en rechtmatigheidsonderzoek. Dit betekent dat een selectie
van brondocumenten uit de administratie van de Virenze Groep is
samengebracht in een dataroom en mede aan de hand van de inhoud daarvan
zullen de komende maanden interviews worden gehouden met diverse
betrokken bestuurders en commissarissen uit de relevante periode
voorafgaande aan de faillissementen van de diverse vennootschappen
behorend tot de Virenze Groep.
05-03-2020
5
In de voorbije verslagperiode heeft de curator startinterviews afgenomen van
alle leden van het bestuur en de raad van commissarissen die in functie waren
in de periode van drie jaar voorafgaand aan het faillissement. De komende
verslagperiode zal het onderzoek naar de oorzaak van het faillissement verder
worden geïntensiveerd door het houden van vervolginterviews en het
verrichten van verder boekenonderzoek.
04-09-2020
6
Zevende verslag:
In de voorbije verslagperiode heeft de curator de vervolginterviews voorbereid
alsook verder boekenonderzoek verricht. Deze verslagperiode zullen die
vervolginterviews worden afgenomen waarmee het oorzakenonderzoek wordt
geïntensiveerd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
In de voorbije verslagperiode zijn de vervolginterviews gecontinueerd. De
komende verslagperiode worden deze afgerond en wordt verwacht dat het
oorzakenonderzoek kan worden afgerond.
21-10-2021
8
De curator heeft de concept rapportage aangaande zijn oorzakenonderzoek
de voorbije verslagperiode afgerond. Conform het protocol oorzakenonderzoek
wordt het concept voor de duur van twee weken ter becommentariëring
aangeboden aan de geinterviewde functionarissen (voormalig leden van de
RvB en RvC) en aansluitend wordt het “Conceptrapport-Feitendeel”
vastgesteld. Aansluitend zullen de definitieve bevindingen met de rechter-
commissaris worden gedeeld en samengevat ook worden opgenomen in het
openbaar verslag.
21-04-2022
9
De curator en zijn medewerkers hebben in het kader van het
oorzakenonderzoek verschillende keren overleg gevoerd met (een aanzienlijk
aantal) voormalig leden van de Raad van bestuur en de Raad van
Commissarissen van Virenze, met interim bestuurder Loek Radix en het hoofd
van de financiële afdeling de heer Frans Hendriks. De curator heeft tijdens
deze overleggen geïnformeerd naar de oorzaken van het faillissement. Ook
heeft de curator de boeken/administratie onderzocht. Daaruit is - samengevat
- het volgende beeld ontstaan.
21-10-2022
10
De directe aanleiding voor de aanvraag van surséance van betaling (hetgeen
de inleiding vormde van het faillissement) was de liquiditeitspositie van
Virenze. Het bestuur voorzag dat Virenze gelet op de liquiditeitspositie op
korte termijn niet meer zou kunnen voldoen aan haar financiële verplichtingen.
De aanvraag van surséance van betaling was nodig om te voorkomen dat de
zorgverlening door Virenze aan haar cliënten niet tot een acute stop zou
komen. Dit was belangrijk omdat de omvang van de zorgactiviteiten van
Virenze (circa 30 locaties in het land met ongeveer 10.000 patiënten)
meebracht dat een acute staking van de verlening van zorg, de continuïteit
daarvan aan de meest kwetsbare groep, onmiddellijk in gevaar zou brengen.
Aan de liquiditeitsproblematiek bleken naar zeggen van de verschillende
functionarissen verschillende oorzaken ten grondslag te liggen. Een veel
gerapporteerde oorzaak zou zijn het aantal verschillende stelselherzieningen
binnen de GGZ waardoor het verdienmodel en de organisatie van Virenze
telkens opnieuw moest worden aangepast. Dit gold naar zeggen van
verschillende functionarissen eens te meer omdat de verschillende factoren
zich allemaal in een relatief kort tijdsbestek voordeden.
Dit vroeg om een groot aanpassingsvermogen van het bestuur en het
personeel omdat dit een directe uitwerking had op de administratieve
processen en systemen binnen Virenze. De zogenaamde “backoffice” moest
daar steeds direct op inspelen en reageren. In de aanloop naar de meest
recente stelselherziening (de overgang van de financiering van de Jeugd GGZ
van de zorgverzekeraars naar de gemeenten) had het bestuur van Virenze als
strategie geformuleerd dat Virenze moest groeien. Dit om in de
onderhandelingen met centrumgemeenten als volwaardige partij te worden
aangemerkt en om op die manier binnen de jeugdhulpverlening contracten te
kunnen (blijven) afdwingen bij deze centrumgemeenten.
Daarnaast gold volgens bestuurder Kochen dat er voldoende schaalgrootte
moest zijn gezien het dure inhoudelijke concept van Virenze.
Dit bracht mee dat Virenze in 2015 de Stichting Riagg Groep Maastricht heeft
overgenomen (hierna: “Riagg Maastricht of Riagg”), waarbij op dat moment
circa 160 werknemers in dienst waren. Functionarissen van Virenze
verklaarden dat al snel duidelijk werd dat de administratieve systemen van
Riagg Maastricht onvoldoende aansloten op die van Virenze, waardoor het
bestuur van Virenze onvoldoende zicht had op de productiviteit. Pas in juni
2016 zou het bestuur van Virenze over deze volledige sturingsinformatie
beschikken en bleek dat de productiviteit aanzienlijk achterliep.
Duidelijk was dat de wijze en professionaliteit van registratie van
zorghandelingen tussen Virenze en Riagg Maastricht uiteen liep. Daarnaast
was - naar zeggen van het bestuur van Virenze - bij het Riagg personeel in
mindere mate sprake van bedrijfsmatig denken en handelen, hetgeen ten
koste ging van de productiviteit, de rentabiliteit en dus ook van de
winstgevendheid van Virenze. Bovendien speelde er eind 2016 een hoog
ziekteverzuim, namelijk van 8%. In de jaren nadien heeft Virenze bovendien
nog een groot aantal kleinere overnames gepleegd hetgeen, in combinatie met
de grote overname van het Riagg Maastricht, naar zeggen van het bestuur
uiteindelijk leidde tot verlies van grip op de onderneming. De combinatie van
alle genoemde omstandigheden zoals de hoge personeelskosten, het hoge
ziekteverzuim, het achterblijven van de productiviteit, het onvoldoende op
elkaar kunnen afstemmen van de administratieve systemen, de afwezigheid
van sturingsinformatie gedurende langere tijd, het niet kunnen bewerkstelligen
van de cultuuromslag bij het Riagg personeel, de diverse stelselwijzigingen
met tevens financiële impact en de vele overnames (die onvoldoende snel
geïntegreerd konden worden) heeft uiteindelijk de financiële teruggang
ingeleid en uiteindelijk onhoudbaar gemaakt.
Naast overleggen in de beginfase met de verschillende functionarissen van
Virenze is ook de administratie van de onderneming onderzocht. Hieruit bleek
dat er in het kader van de oorzaken van het faillissement ook vraagtekens te
plaatsen waren bij de rol die bestuur van de onderneming daarin heeft gehad.
De indruk ontstond dat DGA Kochen verschillende keuzes heeft gemaakt die
een aanzienlijk beslag hebben gelegd op de liquiditeit van Virenze. Zo bleek
dat Virenze een significante vordering had op Kochen Holding uit hoofde van
een rekening-courant verhouding. Een vordering die - ondanks met de RvC
gemaakte afspraken dat die zou worden afgebouwd - in omvang door de jaren
heen bleef toenemen. Ook bleek dat Kochen verschillende malen ervoor had
gekozen om in de jaren voorafgaand aan het faillissement verschillende
aandeelhouders uit te kopen en dit te financieren met vermogen van de
vennootschap en/of middels een boeking in zijn rekening-courant verhouding
met Virenze. De administratie van Virenze wees ook uit dat Kochen de
drijvende kracht was achter het actieve overnamebeleid, dat ook werd
doorgezet na de overname van Riagg.
Verder bleek ook dat bestuurder, de heer Hogan Kersten, verantwoordelijk zou
zijn geweest voor het voornemen tot de professionalisering en verbetering van
de ''backoffice'' en dat het uitblijven daarvan een belangrijke oorzaak is
geweest van het verlies van controle op de onderneming en mede oorzaak is
geweest van de liquiditeitsproblemen. Duidelijk werd dat de implementatie van
kritieke systemen, zoals onder meer de zorgmonitor, lang uitbleef. De
implementatie van dit systeem, dat de productieresultaten van de individuele
vestigingen zou verzamelen en weergeven, bleef lang uit omdat de
verantwoordelijke medewerker daarvoor, vanwege een te groot takenpakket
daar niet aan toekwam. Onduidelijk is gebleven of de heer Kersten als
bestuurder hierop heeft geacteerd, en zo ja, op welke wijze.
Duidelijk werd verder dat de financiële administratie onvoldoende
professioneel was ingericht in verhouding tot de omvang van de onderneming.
De rechten en verplichtingen van de onderneming bleken moeilijk direct vast te
stellen en dit sluit aan bij kritiekpunten uit de verschillende adviesrapporten
van de accountants en/of financiële adviesbureaus die de staat van de
onderneming van Virenze zowel voor als na de overname van Riagg hebben
onderzocht. Om te kunnen komen tot zogenaamde Maandrapportages
(Maraps) waarmee de RvB de RvC maandelijks financieel voorlichtte, diende na
extractie van de financiële data uit de administratie, eerst door de financieel
directeur nog een handmatige aanpassing van stelposten plaats te vinden
alvorens de Marap te kunnen opleveren. Hiermee wordt niet gezegd dat de
financieel directeur die handmatige aanpassing niet naar eer en geweten heeft
uitgevoerd en naar zijn beste inzichten, maar dit betekende feitelijk wel dat er
twee financiële administratieve vastleggingen (geconsolideerd) naast elkaar
functioneerden. Ook is uiteindelijk gebleken dat de geleden verliezen vanaf
2015 steeds aanzienlijker werden dan men aanvankelijk door middel van de
eigen administratie had kunnen vaststellen.
De ondermaatse kwaliteit van rapportage van de rechten en verplichtingen van
Virenze bleek verder ook uit het feit dat de jaarrekening(en) zowel op
concernniveau als op het niveau van de individuele vennootschappen één of
meerdere jaren niet of niet tijdig zijn gedeponeerd.
Concluderend wordt vastgesteld dat het faillissement van Virenze voortkomt
uit verschillende oorzaken die onlosmakelijk met elkaar samenhangen. Dit
betreffen:
De overname Riagg Maastricht;
Het overnamebeleid in het algemeen;
De strategie van Virenze;
2.1 Aantal ten tijde van faillissement
Het functioneren van het bestuur en de Raad van Commissarissen;
De decentralisatie van de jeugdhulp naar de gemeenten;
Het functioneren van de backoffice met een bijzondere aandacht voor de
financiële administratie;
De rekening-courant verhouding met DGA Kochen;
Het opmaken, goedkeuren en deponeren van de jaarrekeningen;
Probleem van onvoldoende productiviteit;
De verschillende oorzaken hangen vaak onlosmakelijk met elkaar samen. Geen
enkele oorzaak lijkt separaat doorslaggevend te zijn geweest voor het
faillissement. Het was een combinatie van oorzaken die allen tezamen een
onhoudbare druk hebben gecreëerd op de liquiditeit van de onderneming.
De curator heeft het oorzakenonderzoek op 28 september 2022 afgerond en
zijn rapportage zowel gedeeld met de rechter-commissaris als met alle
voormalig betrokken functionarissen binnen Virenze die door de curator in het
onderzoekstraject zijn geïnterviewd.
2. Personeel
Toelichting
Ongewijzigd.
27-06-2018
2
Toelichting
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Toelichting
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Toelichting
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Toelichting
Ongewijzigd
04-09-2020
6
Toelichting
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
2.2 Aantal in jaar voor faillissement
2.3 Ontslagaanzegging
2.4 Werkzaamheden personeel
Toelichting
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Toelichting
Ongewijzigd.
21-10-2022
10
Toelichting
Ongewijzigd.
27-06-2018
2
Toelichting
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Toelichting
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Toelichting
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Toelichting
Ongewijzigd
04-09-2020
6
Toelichting
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Toelichting
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Toelichting
Ongewijzigd.
21-10-2022
10
2.4 Werkzaamheden personeel
3.1 Onroerende zaken
Toelichting onroerende zaken
Het UWV heeft na eind december 2017 het eerste voorschot aan de
werknemers betaald en inmiddels ook de eindafrekening per individuele
werknemer opgemaakt en de definitieve uitkeringen verstrekt. De curator heeft
contact onderhouden met het UWV om ook zelf de eindafrekeningen te
ontvangen om zodoende in staat te zijn om ook de resterende
loonvorderingen te kunnen beoordelen, die door de werknemers inmiddels bij
de curator worden ingediend. De curator is thans nog volop doende om deze
vorderingen te beoordelen en brieven van personeelsleden te beantwoorden.
Werkzaamheden: Correspondentie voeren met het UWV inzake de
eindafrekeningen alsmede met de werknemers inzake de door hen de bij de
curator ingediende resterende vorderingen op de boedel. Berekeningen
uitvoeren omtrent de resterende loonvorderingen op de boedel.
27-06-2018
2
Derde verslag:
Inventarisatie, correspondentie voeren met het UWV alsmede met de
werknemers inzake de door hen bij de curator ingediende loonvorderingen.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ook in de voorbije verslagperiode heeft de curator gecorrespondeerd met
personeelsleden in het kader van de door hen ingediende loonvorderingen.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ook in de voorbije verslagperiode heeft de curator gecorrespondeerd met
personeelsleden in het kader van de door hen ingediende loonvorderingen.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
3. Activa
Beschrijving Verkoopopbr.Hypotheek Boedelbijdr.
Kasteel Rijckholt gelegen aan de
Kasteelstraat 15 te Gronsveld.
€ 1.019.876,00€ 1.400.000,00€ 10.198,76
In het openingsverslag werd melding gemaakt van een viertal onroerende
zaken zijnde een pand gelegen te Hoensbroek, een pand te Geleen, een pand
te Sittard en tot slot de onroerende zaak genaamd “Kasteel Rijckholt” te
Gronsveld. De eerste drie genoemde panden zijn - zoals ook in het
openingsverslag is weergegeven - verkocht aan de doorstartende partijen. De
verkoopactiviteiten ten aanzien van “Kasteel Rijckholt” zijn in de onderhavige
verslagperiode gecontinueerd. Ten aanzien van deze onroerende zaak
gelegen aan de Kasteelstraat 15 geldt dat die is opgesplitst in een tweetal
kadastrale nummers. Enerzijds betreft dat een perceel ter grootte van 20.701
m2 dat bekend staat als het kasteel met tuinen, parkeerplaats en ondergrond.
Daarnaast is er een tweede perceel ter grootte van 3.495 m2 met een aparte
kadastrale aanduiding welk terrein dienst doet als grasland. Het is gelegen
voor het kasteel. Beide percelen zijn in de voorbije verslagperiode nog te koop
aangeboden.
27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Op 20 maart 2019 heeft de uiteindelijke verkoop en notariële levering
plaatsgevonden van Kasteel Rijckholt (en de daarbij behorende tuinen en
gronden) gelegen aan Kasteelstraat 15 te Gronsveld. De heer J.W.P. van den
Berg was de koper van deze onroerende zaak. De uiteindelijke koopsom
bedroeg in totaliteit € 1.082.376,- en die was opgedeeld in de hiernavolgende
onderdelen. Voor het kasteel met tuinen, parkeerplaats en ondergrond,
kadastraal bekend als gemeente Eijsden, sectie F nummer 975 werd €
995.876,- voldaan. Dit deel was belast met een recht van hypotheek ten
gunste van Rabobank.
Daarnaast werd voor het perceel cultuur grond, gelegen te Gronsveld,
kadastraal bekend als gemeente Eijsden, sectie F nummer 983 een bedrag van
€ 24.000,- betaald. Dit deel was niet belast met hypotheek.
Voorts werd al eerder met de koper overeengekomen dat er een bedrag als
onkostenvergoeding/vertragingsrente zou worden voldaan van € 12.500,- per
maand nu de aanvankelijk geplande levering per 1 november 2018 op
uitdrukkelijk verzoek van de koper moest worden uitgesteld. Derhalve werd
terzake die vergoeding nog € 62.500,- ontvangen.
Op 29 maart 2019 heeft de curator terzake de verkoop van Kasteel Rijckholt
met Rabobank afgerekend waarbij als boedelbijdrage werd ontvangen €
25.000,- inclusief € 5.250,- BTW, derhalve in totaal € 30.250,-. Terzake de
verdeling van de vertragingrente werd € 31.250,- ten gunste van de boedel
ontvangen en terzake de verrekening van onroerende zaakbelasting,
waterschapslasten en rioolrecht werd nog € 1.767,02 ten gunste van de
boedel ontvangen. Met inbegrip van het niet verhypothekeerde deel van de
grond, zijnde het genoemde bedrag van € 24.000,-, werd derhalve in totaal €
87.267,02 door de boedel ontvangen in verband met de verkoop van de
onroerende zaken.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
3.2 Werkzaamheden onroerende zaken
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
De percelen gelegen aan de Kasteelstraat 15 te Gronsveld zijn in overleg met
de hypotheekhouder Rabobank verkocht met medewerking van makelaar
Marinus & Partners te Maastricht. In totaal bleek een tiental gegadigden
geïnteresseerd in het onroerend goed en zij hebben onder leiding van de
makelaar bezichtigingen uitgevoerd. Er is een biedingsinstructie opgesteld en
de biedingstermijn sloot op 14 mei 2018. Uiteindelijk hebben twee gegadigden
een bod uitgebracht waarvan de heer J.W. van den Berg van Montiscs
Monumenten CV de hoogste bieding uitbracht, zijnde € 1.019.876,-.
Voorafgaande aan de bieding was een taxatie uitgevoerd door een
onafhankelijke taxateur zijnde M. Scholten van Scholten Taxaties, die op 6
maart 2018 een waardering gaf en daarbij de actuele marktwaarde taxeerde
op € 1.176.000,- en de marktwaarde bij gedwongen verkoop op € 825.000,-.
Dat er uiteindelijk slechts twee gegadigden een bieding hebben uitgebracht op
het onroerend goed heeft – zo vernam de curator van de makelaar–
hoofdzakelijk te maken met de aanzienlijke restauratiekosten die nog zouden
moeten worden geïnvesteerd na aankoop, alsmede de relatief hoge kosten
van instandhouding na restauratie. Oftewel, de aard en de complexiteit van
het object hebben meegebracht dat de genoemde bieding van € 1.019.876,-
de hoogste mogelijke opbrengst vormde. De rechter commissaris heeft
toestemming gegeven aan deze verkoop. Ook heeft de curator contact gezocht
met het College Sanering Zorginstellingen, dat de curator heeft bericht dat er
twee redenen zijn waarom het College geen bezwaar heeft om het toezicht
van het genereren van de meest optimale opbrengst in deze
verkooptransactie aan de curator over te laten. Allereerst het feit dat de
dochtervennootschap van Virenze Algemeen Beheer BV en juridisch eigenaar
het onroerend goed (zijnde VOZ Rijckholt BV) niet beschikt over een
zogenaamde WTZi-toelating en voorts dat er sprake is van verkoop uit
faillissement en de curator reeds zorg draagt voor een maximale prijs onder
toezicht van een rechter commissaris. De curator is nog doende om de
koopovereenkomst met de koper verder uit te werken en aansluitend zal
binnen afzienbare termijn de notariële levering plaatsvinden.
Nadere bestudering van de hypotheekakte alsmede de eigendomsinformatie
en de hypotheekinformatie uit het Kadaster betreffende het registergoed
Kasteelstraat 15 te Gronsveld heeft het volgende doen uitwijzen. Gebleken is
dat ten gunste van Rabobank enkel een hypotheekrecht is gevestigd op het
perceel van 20.701 m2. Het perceel ter grootte van 3.495 m2 bleek niet belast
met een recht van hypotheek ten gunste van Rabobank. Gelet daarop is de
koopsom van € 1.019.876,- opgedeeld waarbij ten gunste van Rabobank als
hypotheekhouder het bedrag van € 995.876,- zal toekomen (minus aftrek van
de boedelbijdrage en kosten makelaar) terwijl als vrij boedelactief € 24.000,- is
toegerekend aan het perceel grasland van 3.495 m2 en dat bedrag derhalve
de boedel toekomt.
27-06-2018
2
3.3 Bedrijfsmiddelen
Toelichting bedrijfsmiddelen
Werkzaamheden: Het voeren van overleg met de hypotheekhouder, alsmede
met de makelaar en het verder uitvoeren van het biedingsproces inzake de
verkoop van Kasteel Rijckholt. Het informeren van de Rechter-commissaris
inzake het resultaat van het biedingsproces en het verkrijgen van
toestemming voor de verkoop. Aansluitend het uitvoeren van nadere recherche
en het vastleggen van de bereikte overeenstemming met de koper in de vorm
van een koopovereenkomst en het voeren van correspondentie en overleg met
koper, de hypotheekhouder en de notaris.
Derde verslag:
In de voorbije verslagperiode heeft de curator veelvuldig contact gehad met de
koper van Kasteel Rijckholt, zijnde de heer J.W. van den Berg van Montics
Monumenten CV. Ook is er in dat verband contact onderhouden met
hypotheekhouder Rabobank. Overeengekomen was met de koper dat het
gekochte onroerend goed vóór uiterlijk 1 november 2018 notarieel geleverd
zou worden. Omwille van moverende redenen aan de zijde van de koper is de
notariële levering uitgesteld, terwijl de curator met de koper in dat verband
overeenkwam dat de koper maandelijks een onkostenvergoeding aan de
boedel zal voldoen ter hoogte van € 12.500,- vanwege voornoemde
vertraagde notariële levering. De hypotheekhouder Rabobank is met deze
vertraagde formalisering van de verkoop onder de aangegeven voorwaarden
akkoord gegaan en naar verwachting zal de notariële levering binnen enkele
weken na heden zijn afgehandeld.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
In de voorbije verslagperiode heeft de curator contact gehad met zowel
notaris mr. Vermeeren alsmede de koper de heer J.W. van den Berg van
Montics Monucmenten CV. De akte van levering werd gepasseerd op 20 maart
2019 en aansluitend heeft de curator nog contact gehad met de
hypotheekhouder Rabobank inzake de benodigde afrekening van de
verkoopopbrengst e.d..
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
Toelichting bedrijfsmiddelen
3.4 Bodemvoorrecht fiscus
Naast de in het openingsverslag beschreven kantoorinventaris is er nog
aangetroffen een klassieke Volkswagen Kever alsmede nog enige
kunstvoorwerpen. De verkoop van deze zaken is nog gaande.
27-06-2018
2
Derde verslag:
De resterende bedrijfsmiddelen (Volkswagen Kever, Kunstcollectie en
resterende inventaris) zijn in de voorbije verslagperiode verkocht. Verwezen
wordt naar hetgeen is weergegeven onder het kopje 3.8 (Andere activa).
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
3.4 Bodemvoorrecht fiscus
3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen
Ongewijzigd. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen
3.6 Voorraden / onderhanden werk
Toelichting voorraden / onderhanden werk
Nadere inventarisatie, alsmede het verrichten van verkoopwerkzaamheden. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
Zoals in het openingsverslag reeds is weergegeven, heeft de curator vanuit
Virenze de zorgcontinuïteit tot en met 31 december 2017 kunnen garanderen
en is de boedel ook zorgprestaties blijven leveren zulks met medewerking van
het personeel alsmede de ZZP-ers. Echter, het faillissement heeft wel
meegebracht dat er een “harde knip” plaatsvond nu de zorgprocessen vanuit
Virenze bezien per 31 december 2017 zijn beëindigd. De doorstarters
Parnassia Groep en METggz hebben de zorgverlening weliswaar voor eigen
rekening per 1 januari 2018 voortgezet, maar voor de afrekening van de
zorgprestaties van Virenze gold dus dat een geforceerde beëindiging van de
zorgrelaties per 31 december 2017 plaatsvond. Dat betekende dus ook dat bij
de hierna toe te lichten verschillende wijzen waarop de zorg werd bekostigd
per 31 december 2017 tot een eindcalculatie moest worden gekomen.
In de voorbije verslagperiode heeft de curator tezamen met zijn team en de
nog werkzame medewerkers van de financiële administratie en de
zorgadministratie van Virenze het onderhanden werk volledig trachten uit te
declareren om vervolgens tot incasso van de vorderingen op gemeenten en
zorgverzekeraars over te kunnen gaan. Daarbij diende onderscheid te worden
gemaakt tussen het proces voor de geleverde zorg aan cliënten die
gefinancierd worden op basis van de Jeugdwet en die op basis van de
Zorgverzekeringswet. Daarover het volgende.
Declaratieproces inzake de Jeugdwet
De focus van het declaratieproces heeft in eerste instantie gelegen op het
27-06-2018
2
segment Jeugdwet. Aanleiding hiervoor was het gegeven dat de gemeenten
een kortere tijdspanne toestonden, waarbinnen de verantwoording van de in
dit segment geleverde zorg moest worden aangeleverd. Het declaratieproces
binnen de Jeugdwet is complex, aangezien er binnen Virenze (in de basis) met
vijf verschillende financieringsvormen werd gewerkt, die alle een andere
aanpak van het declaratieproces vergden. Deze vijf vormen zijn de volgende:
1. De Diagnose Behandel Combinaties (DBC’s)
De bekostiging op basis van DBC’s behelst dat de te leveren zorg binnen
365 dagen beëindigd wordt en op dat moment kwalificeert in enige
productgroep, waaraan een vooraf afgesproken prijs is gekoppeld. In de
voorbije verslagperiode heeft afwikkeling van deze DBC’s primair
aandacht gehad waarbij ervoor is gezorgd om - binnen de grenzen die
het faillissement meebrengt - aan alle vereisten te voldoen op basis
waarvan kon worden gedeclareerd.
Ten aanzien van de afgeronde 7.300 DBC’s die behoorden tot het
onderhanden werk van Virenze en die moesten worden afgesloten en
gedeclareerd, is inmiddels meer dan 95% afgesloten en gedeclareerd.
Het declaratieproces is nagenoeg afgerond, temeer omdat geen nieuwe
beschikkingen meer (kunnen) worden aangevraagd, afgegeven en
gedeclareerd.
2. Trajectfinanciering
Deze vorm van financiering houdt in dat door de financier een vooraf
vastgestelde vergoeding wordt voldaan na declaratie, onafhankelijk van
de doorlooptijd van de te leveren zorg. Omdat vanwege het faillissement
van Virenze de zorg van dit soort trajecten vóór de reguliere en beoogde
afronding is beëindigd, zal per gemeente gesproken moeten worden over
de vergoeding van het wel geleverde deel van de overeengekomen
zorgtrajecten. De curator heeft met zijn team die berekeningen reeds
grotendeels gemaakt en ook aan de betreffende financiers
bekendgemaakt.
3. Lumpsum
Deze vorm van zorgfinanciering behelst de afspraak dat onafhankelijk
van de feitelijke problematiek van de cliënten op jaarbasis een bedrag
wordt verrekend met de opdrachtgever. Het bedrag wordt voldaan onder
de voorwaarde dat een aantal cliënten waarvoor zorg is geleverd zich
bevindt binnen een vooraf bepaalde bandbreedte. Ook hiervoor is in de
voorbije verslagperiode nagegaan welke zorg is geleverd op basis van
deze financieringsvorm zodat ook die kan worden afgerekend.
4. Arrangementen
Ook deze financieringsvorm werd binnen Virenze gehanteerd, waarbij op
basis van de vooraf ingeschatte problematiek een arrangement
overeengekomen was, ten aanzien waarvan de waarde is bepaald op
basis van de verwachte doorlooptijd, de zwaarte van de zorgvraag en de
intensiteit van het behandeltraject. Veelal wordt er gewerkt met een
bedrag dat bij aanvang kan worden gedeclareerd (starttarief) waarbij na
afronding van de zorg vervolgens het eindtarief wordt gedeclareerd,
onder gelijktijdige creditering van het starttarief. Ook bij deze
financieringsvorm is door de curator met zijn team nagegaan welk
gedeelte van de zorg binnen de overeengekomen arrangementen is
geleverd, zodat die zorg gewaardeerd kon worden en kon worden
gedeclareerd.
5. “Fixed Pricing”
Deze laatste vorm houdt in dat voor iedere cliënt aan wie gedurende een
kalenderjaar enige vorm van vergoedbare zorg is geleverd, een vast
bedrag wordt vergoed. Hierbij vindt declaratie van de gedurende het jaar
geleverde zorg niet plaats maar wordt het in rekening te brengen bedrag
na afloop van het jaar bepaald. Oftewel, ook voor deze financieringsvorm
is uitgerekend welke zorgprestaties door Virenze zijn geleverd en die zijn
gewaardeerd en aan de betreffende gemeenten in rekening gebracht.
Grosso modo hebben de gemeenten gesteld dat het indienen van bedoelde
declaraties medio maart 2018 moest zijn afgerond. Door de geforceerde
beëindiging van de zorg per 31 december 2017, waardoor het aantal te
declareren producten explosief toe is genomen, alsmede door het ontbreken
van beschikkingen/toewijzingen in een aantal gevallen is deze termijn ondanks
dat de curator en zijn team hieraan prioriteit hebben gegeven, niet in alle
gevallen gehaald. Dit is door de curator en zijn team aan de desbetreffende
gemeenten kenbaar gemaakt.
Virenze was actief in circa 25 centrumgemeenten in Nederland, waarachter in
totaliteit 284 gemeenten schuil gaan en haar gemiddelde omzet daaruit in de
laatste drie jaar voorafgaand aan faillissement bedroeg afgerond en
gecorrigeerd voor de omzet van overgenomen praktijken circa € 19.000.000,-
per jaar. Ten aanzien van het onderhanden werk dat per datum faillissement in
het segment Jeugdwet (betreffende DBC’s) aanwezig was (zijnde circa €
4.800.000,-), resteert momenteel nog circa € 600.000,-. Naar verwachting kan
dit laatste deel niet meer worden gedeclareerd.
Daarnaast dient nog een aantal andere trajecten, met name in een vijftal
regio’s, te worden gedeclareerd waarvan de zorgregistratie in andere
systemen (waaronder arrangementen) heeft plaatsgevonden. De positie
onderhanden werk in dit segment bedraagt nog circa € 8.600.000,-, welk
bedrag middels nacalculatie op basis van aan te leveren data (buiten het
reguliere declaratieproces) met de betreffende regio’s dient te worden
afgerekend.
De curator heeft inmiddels alle centrumgemeenten aangeschreven en
productieverantwoordingen toegestuurd met het verzoek aan hen om de
curator te berichten of de weergegeven productieverantwoording overeenkomt
met hetgeen de gemeenten hebben geregistreerd en aansluitend de daarmee
samenhangende declaratie aan de boedel kan worden voldaan. Verwacht
wordt dat in de komende verslagperiode overleggen met gemeenten op gang
komen om op juiste wijze tot afrekening te geraken. Daarbij zal ook rekening
moeten worden gehouden met het door de gemeenten al dan niet verstrekte
voorschotten e.d..
Declaratieproces inzake de Zorgverzekeringswet
Onder de Zorgverzekeringswet bestaan twee financieringsstromen, zijnde de
Diagnose Behandel Combinaties (DBC’s) en de Generalistische Basis (GB).
Uitgaande van het ten tijde van het faillissement aangetroffen onderhanden
werk, heeft de curator met zijn team deze zorgproducten per afzonderlijk
traject gecontroleerd op rechtmatigheid van vergoedbare zorg onder de
Zorgverzekeringswet en de daarvoor benodigde controles van de vereisten
nagelopen. Hierdoor konden de DBC’s op juiste wijze worden afgesloten en na
op volledigheid en juistheid te zijn gecontroleerd aansluitend worden
gedeclareerd.
Virenze was actief voor circa 35 zorgverzekeraars in Nederland en haar laatste
gemiddelde omzet daaruit, berekend over de laatste drie jaar voorafgaand aan
het faillissement bedroeg afgerond € 17.500.000,- per jaar. Vanwege de eisen
die gemeenten stelden (sluiting en declaratie diende uiterlijk maart 2018 te
zijn geschied) heeft de curator voorrang gegeven aan het declareren aan
gemeenten boven de zorgverzekeraars. Inmiddels is echter ook al het
onderhanden werk bij de zorgverzekeraars gedeclareerd op een beperkt
bedrag van circa € 400.000,- na. Dit laatste deel is vanwege een aantal
omstandigheden niet goed declarabel en moet dus als oninbaar worden
beschouwd. Echter ten aanzien van het wel gedeclareerde deel van het
verrichte werk heeft de curator de zorgverzekeraars inmiddels aangeschreven
onder toezending van de productieverantwoording. Hen is verzocht om de
curator te berichten of de weergegeven productie overeenkomt met hetgeen
de zorgverzekeraars hebben geregistreerd en aansluitend de daarmee
samenhangende declaratie aan de boedel kan worden voldaan. Verwacht
wordt dat de komende verslagperiode overleggen met de zorgverzekeraars op
gang komen om ook met hen op juiste wijze tot afrekening te geraken. Daarbij
zal eveneens rekening moeten worden gehouden met door de
zorgverzekeraars al dan niet verstrekte voorschotten, al dan niet terecht
verrichte afkeuringen e.d..
Afrondend kan aangaande het onderhanden werk nog het volgende worden
vermeld. De voorbije verslagperiode zijn er aanzienlijke werkzaamheden
verricht om het declaratieproces tot uitvoering te brengen. Helaas heeft de
curator daarbij moeten ervaren dat een aantal van de door hem in dienst
genomen belangrijke medewerkers van Virenze (deels) gekozen hebben om
elders te gaan werken. De curator heeft andere oud-medewerkers benaderd
en hen een (parttime-) dienstverband aangeboden. Daarbij is de curator
gebleven binnen de financiële bandbreedte aan kosten zoals eerder aan de
Rechter-commissaris gepresenteerd en door hem geaccordeerd.
Derde verslag:
In de voorbije verslagperiode is de curator tezamen met zijn team en de nog
werkzame medewerkers van de financiële administratie en de
zorgadministratie van Virenze gekomen tot een volledige uitdeclaratie van het
onderhanden werk. Voorts heeft reeds in verregaande mate de incasso van de
vorderingen op gemeenten en zorgverzekeraars met succes kunnen
plaatsvinden. Ter zake die verrichte werkzaamheden kan nog het volgende
worden opgemerkt, waarbij gelijk aan de vorige verslagen onderscheid zal
worden gemaakt tussen de vorderingen op gemeenten op basis van de
Jeugdwet en die op zorgverzekeraars op basis van de Zorgverzekeringswet.
Incasso-proces inzake vorderingen op gemeenten op basis van de Jeugdwet
In de voorbije verslagperiode zijn overkoepelend nog de volgende
werkzaamheden verricht:
Teneinde te kunnen bepalen of de afrekening per centrumgemeente dient
plaats te vinden danwel per afzonderlijke onderliggende gemeenten, zijn de
door Virenze gesloten overeenkomsten hierop gecontroleerd, resulterend in
een variërend beeld. Naar bevindt van zaken is vervolgens ofwel per
centrumgemeente ofwel per individuele gemeente tot afrekening overgegaan.
De door Virenze voorafgaand aan haar faillissement ontvangen voorschotten
zijn beoordeeld op juistheid qua omvang. Tevens is onderzocht namens wie de
voorschotten zijn voldaan. Dit laatste heeft ertoe geleid dat binnen een aantal
regio’s toch vorderingen op gemeenten contant konden worden gemaakt,
terwijl primair een schuldpositie op regionaal niveau werd geconstateerd.
Aangezien in diverse regio’s niet, of slechts ten dele werd gefactureerd heeft
op detailniveau afstemming met de desbetreffende regio plaats gevonden.
Om de monitoring van de vorderingen op gemeenten danwel regio’s te kunnen
waarborgen en daarbij ook rekening te kunnen houden met reeds ontvangen
voorschotten en niet gedeclareerde zorg, is naast een beknopte financiële
administratie frequent een daartoe dienende administratie bijgehouden met
daarin telkens vertegenwoordigd de afzonderlijke posities per gemeente
alsook regio.
31-01-2019
3
3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk
Met de daarvoor in aanmerking komende regio’s heeft zowel telefonisch als per
e-mailverkeer intensief overleg plaats gevonden om te kunnen komen tot
betaling van de openstaande vorderingen.
Incidenteel heeft op locatie van de betreffende regio overleg plaats gevonden.
Indien noodzakelijk werd aan een daartoe bevoegd persoon inzage gegeven
in de cliëntadministratie om zodoende overeenstemming omtrent de afrekening
te bewerkstelligen.
Incasso-proces inzake vorderingen op verzekeraars op basis van de
Zorgverzekeringswet
In de voorbije verslagperiode zijn overkoepelend nog de volgende
werkzaamheden verricht:
Per koepel van verzekeraars (zorggroep) is beoordeeld of bevoorschottingen
en claims door verzekeraars onderling mogen worden verrekend.
De door zorggroepen danwel verzekeraars ingediende claims zijn beoordeeld
op basis van overschrijdingen van prijs- en plafondafspraken danwel
anderszins.
Met zorggroepen en afzonderlijke verzekeraars waarop Virenze blijkens de
eigen gegevens per saldo een vordering heeft, is veelvuldig overleg geweest
om tot definitieve vaststelling van deze vorderingen te kunnen komen.
Om de monitoring van de vorderingen op verzekeraars danwel zorggroepen te
kunnen waarborgen en daarbij ook rekening te kunnen houden met reeds
ontvangen voorschotten en ingediende claims is naast een beknopte financiële
administratie frequent een daartoe dienende administratie bijgehouden met
daarin telkens vertegenwoordigd de afzonderlijke posities per verzekeraar
alsook zorggroep.
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
Verkoopopbrengst: Zoals in het voorgaande reeds is weergegeven, heeft de
curator tezamen met zijn team het onderhanden werk voor declaratie gereed
gemaakt en de productieverantwoordingen in de verschillende regio’s en ten
27-06-2018
2
behoeve van de verschillende zorgverzekeraars aan deze partijen verzonden.
De komende verslagperiode zal het incassotraject verder worden
geïntensiveerd. Onder punt 4 (debiteuren) van dit verslag zal verder inzichtelijk
worden gemaakt welk deel van die vorderingen geïncasseerd is en welk deel
nog moet worden geïncasseerd.
Boedelbijdrage: Op basis van de in het openingsverslag weergegeven
afspraken, zoals die door de curator met de pandhouder Rabobank omtrent
een boedelbijdrage waren gemaakt, heeft de curator in de voorbije
verslagperiode het onderhanden werk kunnen omzetten in vorderingen op
debiteuren en terzake de eerste brieven aan deze debiteuren kunnen
verzenden. In de thans aan zorgverzekeraars en gemeenten verzonden
productie-verantwoordingen zijn zowel verpande vorderingen als niet
verpande vorderingen opgenomen. Immers, sedert de faillissementsdatum is
er door het personeel van Virenze met het oog op het creëren van boedelactief
en ter vergroting van de kans op een doorstart voor in totaal nog aan circa
14.000 uren zorg verleend. De daaruit ontstane vorderingen zijn niet verpand.
Echter, vanwege de hiervoor onder 3.11 beschreven verschillende
financieringsvormen is het administratief zeer bewerkelijk om exact te bepalen
welk deel van de thans op gemeenten respectievelijk zorgverzekeraars
bestaande vorderingen vanuit Virenze verpand zijn en welke niet. Derhalve is
de curator met de pandhouder Rabobank – onder het voorbehoud van het
verkrijgen van toestemming van de rechter-commissaris – overeengekomen
dat voor wat betreft de vorderingen op debiteuren die vanaf 1 juni 2018
worden geïncasseerd, 50% van die opbrengst toekomt aan Rabobank als
pandhouder en 50% toekomt aan de faillissementsboedel. Dit terwijl de kosten
die vanaf 1 juni 2018 nog moeten worden gemaakt om tot incasso te geraken,
ook bij helfte door Rabobank en bij helfte door de boedel worden gedragen.
Een en ander zal vanzelfsprekend door de curator goed worden bijgehouden
en bij afrekening verantwoord worden.
Werkzaamheden: In de voorbije verslagperiode hebben de curator en zijn
team de benodigde werkzaamheden verricht om binnen het segment Jeugdwet
tot productieverantwoording te komen op basis van de vijf verschillende wijzen
waarop de zorg in de Jeugdwet wordt bekostigd. Die
productieverantwoordingen zijn als gezegd gecompleteerd en aan de
gemeenten ter accordering toegezonden. Ook binnen het segment
Zorgverzekeringswet hebben de curator en zijn team de gesloten DBC’s op
volledigheid en juistheid gecontroleerd en aansluitend gedeclareerd. Die
activiteiten zijn beperkt tot de zorggroepen waar dit naar verwachting tot een
bate zou leiden. Deze verrichte werkzaamheden zijn omvangrijk en intensief
gebleken, maar noodzakelijk om in het belang van de crediteuren van Virenze
het onderhanden werk te kunnen omzetten in vorderingen op debiteuren. De
komende periode zullen gesprekken met gemeenten en zorgverzekeraars op
gang moeten komen om tot overeenstemming te komen over de daadwerkelijk
door hen te betalen bedragen c.q. de omvang van hun mogelijk resterende
vorderingen in het faillissement.
Derde verslag:
Ook in de voorbije verslagperiode zijn de verrichte werkzaamheden om tot een
volledige uitdeclaratie van het onderhanden werk te komen omvangrijk en
intensief gebleken. De voorbereidingen in de eerste en tweede verslagperiode
hebben ertoe geleid dat de curator en zijn team gedurende de voorbije
periode een zeer groot deel van de resterende vorderingen hebben kunnen
incasseren. Daartoe is intensief overleg gevoerd met de diverse zorggroepen
en onderliggende verzekeraars, alsook met de centrumgemeenten en
afzonderlijke gemeenten. Thans resteren nog een viertal zorggroepen en
centrumgemeenten waarin nog vorderingen kunnen worden geïncasseerd.
31-01-2019
3
3.8 Andere activa
Toelichting andere activa
Indachtig de met de pandhouder op vorderingen, zijnde Rabobank, gemaakte
afspraken heeft de curator per 31 december 2018 een volgende tussentijdse
afrekening uitgevoerd. Dit afrekeningsvoorstel ligt momenteel ter goedkeuring
bij Rabobank voor. In dat voorstel is vervat dat de vorderingen op debiteuren
die vanaf 1 juni 2018 zijn geïncasseerd voor 50% ten goede komen van de
Rabobank als pandhouder en voor 50% ten goede komen van de boedel.
Bovendien volgt daaruit dat de kosten die vanaf 1 juni 2018 zijn gemaakt om
tot incasso te geraken ook bij helfte door bank en boedel dienen worden
gedragen. Daarnaast is daarin vervat een verdere afrekening met de
franchisenemers, de ontvangen gelden inzake de huurverkoop van de
concertvleugel en afrekening van de boedelbijdragen inzake de verkoop van
de verpande kunst en VW Kever en tot slot de afrekening van de
instandhoudingskosten van het verhypothekeerde onroerend goed. Zodra
Rabobank e.e.a. heeft goedgekeurd zal een aanzienlijk bedrag ten goede
komen van de boedel en in het eerstvolgende tussentijdse financiële verslag
worden opgenomen.
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
De doorstarters hebben ten aanzien van de door hen bij doorstart
overgenomen inventaris besloten om (het grootste deel van) de in het Kasteel
Rijckholt aanwezige inventaris – vanwege de in de ogen van de doorstarters
beperkte financiële waarde – niet af te voeren maar achter te laten ter nadere
verkoop door de curator. In dat verband heeft de curator inmiddels een aantal
opkopers uitgenodigd om deze kantoorinventaris over te nemen uit de boedel.
De curator is nog doende de verkoopwerk¬zaamheden af te ronden. Daarbij
zullen tevens de klassieke Volkswagen Kever alsook enige kunstvoorwerpen
worden meegenomen om daarop een bieding te ontvangen.
In de voorbije verslagperiode heeft de curator gesprekken gevoerd met de
heer Peter Caelen van de onderneming Peter Caelen Concerts te St. Geertruid
die door middel van een huurkoopovereenkomst voorafgaand aan het
faillissement een vleugel van het merk Steinway en Sons van Virenze had
27-06-2018
2
gekocht. De curator heeft gepoogd om met de heer Caelen nadere
overeenstemming te krijgen over een vervroegde aflossing van de
huurkoopsom, waartoe de heer Caelen geen mogelijkheid heeft en dus is
afgesproken dat de bestaande huurkoopovereenkomst zal worden nagekomen
conform hetgeen daarin is bepaald. Inmiddels heeft de heer Caelen vanuit
Peter Caelen Concerts de achterstallige huurkooptermijnen aan de boedel
voldaan. De curator zal een en ander ook voor de komende periode blijven
monitoren.
Verkoopopbrengst: Terzake de huurkoopovereenkomst met betrekking tot de
vleugel is in de voorbije verslagperiode een bedrag van € 4.500,- op de
faillissementsrekening ontvangen.
Derde verslag:
De Volkswagen Kever is door de curator te koop aangeboden aan een
zevental opkopers. Uiteindelijk bleek HD Trade het hoogste bod te hebben
uitgebracht van in totaal € 2.100,- exclusief BTW. Gezien de toestand van het
voertuig, de voorwaarden waartegen het verkocht wordt (zonder enige
garantie) en een verkennend onderzoek van vergelijkbare marktprijzen op
gespecialiseerde autoplatforms, bleek deze koopprijs aanvaardbaar. Na
verkregen toestemming van de pandhouder en de rechter-commissaris heeft
verkoop en levering aan HD Trade plaatsgevonden.
Verder behoorde tot de boedel nog een aantal door de bestuurder als kunst
bestempelde roerende zaken. Het ging dan om een dertigtal schilderijen en
tegelkunstwerken. Veelal betrof het (a) werken van inferieure/onzuivere
kwaliteit, (b) veelvuldig gekopieerde werken of (c) door voormalig cliënten
vervaardigde kunstwerken.
Er is door de curator een zevental partijen benaderd om deze collectie te
bekijken en een bod op het geheel uit te brengen. Geen enkele partij bleek
bereid tot overname van het geheel. Sterker nog het merendeel van de
aangezochte partijen bleek niet eens bereid de collectie te willen veilen.
Uiteindelijk bleek enkel Venduehuis Dickhaut uit Maastricht bereid zich daar
aan te wagen. Het Venduehuis heeft de goederen vervolgens in een tweetal
veilingen te koop aangeboden en een en ander heeft uiteindelijk een
verkoopopbrengst gegenereerd ad € 2.254,10. De pandhouder en rechter-
commissaris hebben ingestemd met de veiling van de kunstcollectie tegen de
voorwaarden zoals die met het Venduehuis overeengekomen waren.
Tot slot behoorde nog tot de boedel een aantal roerende zaken, te weten de
inboedel van Kasteel Rijckholt. Het handelde hierbij om een (klein aantal)
kasteelspecifieke inventarisstukken, een veertigtal werkplekken (bureaus en
ladekasten etc.), ICT hardware, tafels, stoelen e.d., allen voorheen dienstig
aan de onderneming als zijnde een kantoor- en managementlocatie.
Deze inboedel was in een eerder stadium al verkocht aan combinatie Parnassia
Groep BV en Stichting Met GGZ. Deze partijen hadden echter afstand gedaan
van de inboedel ten gunste van de faillissementsboedel om dezelfde redenen
(zie hierna) als waarom de aangezochte opkopers en andere partijen weinig
bereid bleken hier hun vingers aan te willen branden. Een zevental partijen
werd door de curator benaderd om een bod op die inboedel uit te brengen.
Gezien (a) de omvang en de toestand van de inboedel in combinatie met (b) de
moeilijke toegankelijkheid van de kasteelruimtes (veel trappen, smalle
doorgangen, ongelijke vloeren, verplichting tot demontage van een groot deel
van de inboedel) en (c) de verplichting tot het leeg en bezemschoon opleveren
van de locatie, bleek uiteindelijk slechts één partij bereid daadwerkelijk een
overeenkomst ter liquidatie van dit boedelactief aan te willen gaan. Regoed BV
(h.o.d.n. Proveiling.nl) is bereid gebleken de roerende zaken vanuit de
kasteellocatie te veilen door middel van een internetveiling. Zij heeft een
garantiebod neergelegd van € 8.500,-. Over de gerealiseerde opbrengst
31-01-2019
3
3.9 Werkzaamheden andere activa
diende de boedel 10% commissie aan Proveiling.nl af te dragen. Verder nam
Proveiling alle met de veiling gepaard gaande kosten op zich en zou zij de
locatie na afloop leeg en bezemschoon opleveren. Na verkregen toestemming
van de Rechter-Commissaris heeft veiling van de goederen plaatsgevonden en
dat leidde in totaal tot een opbrengst voor de boedel ad € 10.409,20.
Tot besluit kan worden vermeld dat de heer Peter Caelen in de voorbije
verslagperiode zijn verplichtingen tot betaling van de huurkooptermijnen
inzake de door hem gekochte concertvleugel volledig is nagekomen. De curator
zal ook in de komende verslagperiode deze betalingen blijven monitoren.
Huurkooptermijnen € 6.000,-
In de voorbije verslagperiode heeft de heer Caelen van de onderneming Peter
Caelen Concerts te Sint Geertruid voldaan aan de met hem bestaande
afspraak ter betaling van de huurkooptermijnen aan de boedel terzake de in
huurkoop overgenomen vleugel van het merk Steinway & Sons.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Huurkooptermijnen € 4.500,-.
In de voorbije verslagperiode heeft de heer Caelen van de onderneming Peter
Caelen Concerts te Sint Geertruid voldaan aan de met hem bestaande
afspraak ter betaling van de huurkooptermijnen aan de boedel terzake de in
huurkoop overgenomen vleugel van het merk Steinway & Sons.
05-03-2020
5
Huurkooptermijnen € 3.750,-. 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Huurkooptermijnen € 5.250,-.
In de voorbije verslagperiode heeft de heer Caelen van de onderneming Peter
Caelen Concerts te Sint Geertruid voldaan aan de met hem bestaande
afspraak ter betaling van de huurkooptermijnen aan de boedel terzake de in
huurkoop overgenomen vleugel van het merk Steinway & Sons.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Huurkooptermijnen € 4.500,-.
In de voorbije verslagperiode heeft de heer Caelen van de onderneming Peter
Caelen Concerts te Sint Geertruid voldaan aan de met hem bestaande
afspraak ter betaling van de huurkooptermijnen aan de boedel terzake de in
huurkoop overgenomen vleugel van het merk Steinway & Sons.
21-10-2021
8
In de voorbije verslagperiode heeft de heer Caelen van de onderneming Peter
Caelen Concerts de laatste termijnbetalingen aan de boedel verricht, waarna
het eigendom van de vleugel van het merk Steinway & Sons op hem is
overgegaan. De curator heeft aansluitend een eigendomsbewijs aan de heer
Caelen verstrekt.
21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
3.9 Werkzaamheden andere activa
4.1 Debiteuren
Toelichting debiteuren
Werkzaamheden: Het verrichten van verkoopwerkzaamheden inzake de in
Kasteel Rijckholt aanwezige inventaris alsmede het voeren van overleg en het
maken van aanvullende afspraken met Peter Caelen Concerts ter zake door
middel van huurkoop verkochte vleugel.
27-06-2018
2
Derde verslag:
Het verrichten van verkoopwerkzaamheden, het uitvoeren van bezichtigingen
met aspirant kopers, het doen organiseren van een veiling en het voeren van
overleg met rechter-commissaris en pandhouder. Het vastleggen van
gemaakte afspraken met kopers. Het monitoren van de betalingen van de
huurkooptermijnen door de heer Caelen.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Het monitoren van de betalingen van de huurkooptermijnen door de heer
Caelen.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Het monitoren van de betalingen van de huurkooptermijnen door de heer
Caelen.
05-03-2020
5
Het monitoren van de betalingen van de huurkooptermijnen door de heer
Caelen.
04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
4. Debiteuren
Beschrijving Omvang Opbrengst Boedelbijdr.
Vorderingen op gemeenten en
zorgverzekeraars.
€ 20.245.359,86€ 2.305.918,24
In het openingsverslag werd weergegeven dat het saldo vorderingen op
debiteuren per 31 januari 2018 € 15.085.206,- bedroeg, zulks met inbegrip van
het op dat moment reeds door debiteuren betaalde bedrag van € 743.000,-.
Inmiddels is het onderhanden werk van Virenze nagenoeg uitgedeclareerd
waardoor het saldo vorderingen op debiteuren per 22 juni 2018 €
27.609.746,48 bedraagt. Echter vanwege verstrekte voorschotten is door een
aantal debiteuren gezamenlijk al een bedrag van € 5.058.469,38 in
verrekening gebracht, zodat het saldo aan te vorderen op debiteuren €
22.551.277,10 zou bedragen. Op dat totaal dient echter nog in mindering te
worden gebracht hetgeen inmiddels door debiteuren is voldaan, zijnde €
2.305.918,24, zodat momenteel nog te vorderen is € 20.245.359,86. Het is
evident dat dit niet het bedrag zal zijn dat daadwerkelijk de pandhouder
respectievelijk de boedel toekomt nu er substantiële bedragen door de
gemeenten en zorgverzekeraars aan Virenze zijn bevoorschot die mogelijk nog
in verrekening kunnen worden gebracht. Een en ander zal de komende
verslagperiode nader worden beoordeeld en met de debiteuren worden
overlegd.
Voorts was uit de administratie van Virenze gebleken dat er een rekening-
courant vordering van Virenze Algemeen Beheer BV op drs. F.H.C. Kochen
Holding stond van € 1.293.624,07 exclusief de nog niet meegerekende rente.
Ter incasso van die vordering is het faillissement aangevraagd en dat werd
uitgesproken bij vonnis van 13 maart 2018. De curator is eveneens als curator
aangesteld in dit faillissement van drs. F.H.C. Kochen Holding BV en tracht
binnen die vennootschap de vorderingen op de heer Kochen in privé ook te
incasseren. Afhankelijk van het resultaat daarvan kan mogelijk nog een
uitkering plaatsvinden op de onderhavige rekening-courant vordering vanuit
Virenze Algemeen Beheer BV op drs. F.H.C. Kochen Holding BV.
27-06-2018
2
Derde verslag:
In de afgelopen periode zijn de resterende posities op basis van afstemming
met de diverse debiteuren nagenoeg volledig inzichtelijk gemaakt. Op basis
van de verkregen informatie heeft dit ertoe geleid dat alsnog aanpassingen
zijn doorgevoerd. Onderstaand volgt een weergave van het verloop sedert
datum surseance van betaling (5 december 2017).
Na correctie bedraagt het saldo debiteuren op datum van surseance €
10.603.062,37.
In de periode tot en met 30 juni 2018 werd voor een bedrag van €
16.972.435,61 gedeclareerd. In die periode werden betalingen ontvangen voor
een bedrag van € 2.506.809,88. Op basis van verrekening van voorschotten
nam het saldo debiteuren additioneel af met een bedrag van € 5.058.469,38.
Het meest recent bekende saldo debiteuren per 30 juni 2018 bedroeg €
20.010.218,72. De afwijkingen ten opzichte van de eerdere verslagen zijn met
name ontstaan doordat is gebleken dat een deel van de door zorggroepen en
centrumgemeenten afgekeurde declaraties eerder niet was verwerkt. In het
gevoerde overleg met deze partijen in de voorbije verslagperiode is dit inzicht
eerst volledig ontstaan.
In de afgelopen verslagperiode werd alsnog voor een bedrag van € 242.002,-
gedeclareerd.
Op de rekening van de pandhouder werden vorderingen op debiteuren
geïncasseerd voor een bedrag van € 940.705,- terwijl op de boedelrekeningen
€ 213.114,- door debiteuren werd voldaan.
Bovendien nam de debiteurenpositie nog af met een bedrag van € 650.558,-
door verrekening van voorschotten.
Het huidige saldo vorderingen uit hoofde van debiteuren bedraagt €
18.447.844,-.
Resumerend is door de curator en zijn team tot en met het einde van deze
31-01-2019
3
verslagperiode voor een bedrag van € 17.214.438,- gedeclareerd en werden
bedragen geïncasseerd ter grootte van totaal € 3.660.629,-. Door diverse
gemeenten en zorgverzekeraars waren in het verleden miljoenen aan
voorschotten verstrekt aan de failliet. Bij het incasseren van de vorderingen is
uiteraard door gemeenten en verzekeraars een beroep op verrekening gedaan
met betrekking tot die voorschotten.
Door de curator is bekeken of die beroepen op verrekening terecht werden
ingeroepen waarbij met name aandacht is geweest voor de vraag of
verrekening tussen verschillende entiteiten van Virenze, verzekeraars en
gemeenten gepermitteerd was. Uiteindelijk is er voor een bedrag van afgerond
€ 17,2 miljoen terecht een beroep op verrekening gedaan.
De curator is thans met name nog doende om de navolgende nominale
vorderingen nog te incasseren:
Zorggroep VGZ € 846.121,-
Zorgverzekeraar Zorg en Zekerheid € 15.350,-
Jeugdregio Hart van Brabant € 50.679,-
Jeugdregio Rijnmond € 296.438,-
Overige debiteur Spirit € 17.935,-
Het restant (ad ruim € 17,2 mio) wordt als gezegd verrekend met eerdere
voorschotten waardoor, na ontvangst van voren genoemde vorderingen, de
volledige debiteurenpositie is afgewikkeld.
Vierde verslag:
Zoals in het voorgaande voortgangsverslag is aangegeven, is de curator er
samen met zijn team in geslaagd om al het onderhanden werk uit te
declareren, waardoor alle verrichte werkzaamheden in het kader van de zorg
aan de afnemers (zorgverzekeraars en gemeenten) in rekening is gebracht.
Zoals ook in het vorige verslag was aangegeven, was door diverse gemeenten
en zorgverzekeraars voorafgaand aan het faillissement voor miljoenen euro’s
aan voorschotten verstrekt aan Virenze. Vandaar ook dat de gemeenten en
verzekeraars bij de curator veelvuldig een beroep deden op verrekening en is
geconcludeerd dat door hen voor een bedrag van afgerond 17,2 miljoen euro
terecht een beroep op verrekening werd gedaan.
In de voorbije verslagperiode heeft de curator de resterende vorderingen op
debiteuren nog trachten te incasseren en dienaangaande is van de
vorderingen die nog openstonden het volgende ontvangen:
Zorggroep VGZ heeft een bedrag van € 830.226,- op de faillissementsrekening
voldaan. Het restant is niet vorderbaar vanwege additionele claims en
overproductie.
Zorgverzekeraar Zorg en Zekerheid heeft € 15.350,- voldaan.
Jeugdregio Hart van Brabant heeft € 50.679,- voldaan.
Ten aanzien van Jeugdregio Rijnmond is een accountantsverklaring
aangeleverd en op basis daarvan is het gecontracteerde budget afgezet tegen
de productie en bevoorschotting, waardoor in de voorbije verslagperiode nog €
280.695,66 werd ontvangen.
Tot slot, heeft debiteur Spirit ook het door haar verschuldigde bedrag van €
17.935,- op de faillissementsrekening voldaan.
06-09-2019
4
4.2 Werkzaamheden debiteuren
Kort en goed werd in de voorbije verslagperiode nog ontvangen een bedrag
van in totaal ruim € 1.194.885,-.
In absolute zin bedraagt het saldo debiteuren thans € 17.201.904. Hier staan
door verzekeraars en gemeenten verstrekte voorschotten en schadeclaims
tegenover.
De alsnog te verrekenen voorschotten bedragen van zorgverzekeraars en
gemeenten respectievelijk € 6.760.303 en € 9.906.842. De bij de curator
bekende schadeclaims bedragen respectievelijk € 3.054.308 en € 2.788.482.
Thans staat nog open een bedrag van in totaal afgerond € 140.512,- op o.a.
gemeente Brunssum en particulieren, welk potentieel nog te gelde kan worden
gemaakt. In de komende verslagperiode zal de curator de incasso op deze
debiteuren nog continueren. Daarbij zal een inschatting van te maken kosten
en te verwachten baten worden gemaakt om te bezien of bepaalde
vorderingen nog in rechte geïncasseerd kunnen worden indien het
buitengerechtelijke traject geen oplossing brengt. Terzake vindt
vanzelfsprekend overleg plaats met de Rabobank in haar hoedanigheid van
pandhouder op de vordering op debiteuren.
Vijfde verslag:
Ten aanzien van de particuliere debiteuren geldt dat de incasso is afgerond.
Met de gemeente Brunssum heeft hernieuwd overleg plaatsgevonden en
wordt nog informatie uitgewisseld om te bezien of tot een afspraak kan
worden gekomen over betaling van de geleverde zorg.
05-03-2020
5
De curator blijft contact onderhouden met de gemeente Brunssum om de
betaling voor de geleverde zorg te verkrijgen. Binnen de gemeente is de
contactpersoon die voor de afhandeling hiervan verantwoordelijk was
vervangen door een nieuwe contactpersoon, waardoor er enige vertraging in
de afhandeling is ontstaan. Daarnaast is in het faillissement van Virenze Riagg
BV nog een betaling ontvangen van Zorginstituut Nederland WMG ter grootte
van € 8.402,00.
04-09-2020
6
Zevende verslag:
De curator is nog doende om met de gemeente Brunssum tot afspraken te
komen over de vergoeding van de door Virenze geleverde zorg. Inmiddels zijn
data uitgewisseld en die worden thans door de gemeente Brunssum
beoordeeld.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
De gemeente Brunssum heeft de curator bericht om thans binnen afzienbare
termijn te zullen reageren op het schikkingsvoorstel dat de curator heeft
aangeboden.
21-10-2021
8
Vanwege pragmatische overwegingen heeft het college van de Gemeente
Brunssum op 1 november 2021 ingestemd met een door de curator gedaan
schikkingsvoorstel van € 30.000,- tegen finale kwijting. Terzake is een
vaststellingsovereenkomst getekend en betaling heeft kort daarna aan de
boedel plaatsgevonden. Daarmee is deze laatste incassovordering op
debiteuren afgehandeld.
21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
4.2 Werkzaamheden debiteuren
5.1 Vordering van bank(en)
De debiteurenincasso heeft in de voorbije verslagperiode zijn aanvang
genomen en zal de komende periode nader worden geïntensiveerd door
middel van correspondentie en het voeren van gesprekken met de diverse
debiteuren.
27-06-2018
2
Derde verslag:
Voor wat betreft de werkzaamheden wordt met name verwezen naar het
beschrevene onder de punten 3.6 en 4.1.
In de komende periode dient met name voor de incassering van de vordering
op jeugdregio Rijnmond alsnog een accountantsverklaring te worden
afgegeven. Hiertoe dienen additionele overzichten te worden samengesteld.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
In de voorbije verslagperiode heeft de curator incassowerkzaamheden
verricht. Voorts is een accountant ingeschakeld om een controle uit te voeren
terzake de productie die door Virenze in Regio Rijnmond was geleverd.
Aansluitend heeft contact plaatsgevonden met Jeugdregio Rijnmond
aangaande deze accountantsverklaring en dat heeft ertoe geleid dat deze
debiteur tot betaling van het door haar verschuldigde is overgegaan.
Daarnaast is ook nog contact geweest met de andere nog bestaande
debiteuren en dat heeft ook geleid tot gedeeltelijke incasso van de
openstaande vorderingen.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Overleg met gemeente Brunssum en gevoerde correspondentie.
05-03-2020
5
Overleg met gemeente Brunssum en gevoerde correspondentie. 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Overleg en correspondentie voeren met de gemeente Brunssum.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Overleg en correspondentie voeren met de gemeente Brunssum.
21-10-2021
8
Het voeren van overleg en correspondentie met de gemeente Brunssum en het
opstellen van een vaststellingsovereenkomst.
21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
5. Bank / Zekerheden
€ 2.190.641,00
Toelichting vordering van bank(en)
27-06-2018
2
De huidige positie van de Rabobank in het faillissement Virenze laat zich op
hoofdlijnen en globaal als volgt duiden. De vorderingen uit hoofde van de
leningen in Virenze Algemeen Beheer (€ 1.187.500,-) en VOZ Rijckholt (€
812.500,-) bedragen in totaal afgerond
€ 2.000.000,-. Daarop strekt in mindering de opbrengst van de verkoop van de
drie bedrijfspanden voor in totaal € 1.062.000,- zodat dan per saldo te
vorderen resteert afgerond € 938.000,-. De rekening courant van Virenze
bedraagt afgerond € 785.284,- (negatief). Oftewel in totaal heeft Rabobank
nog te vorderen van Virenze een bedrag van afgerond € 1.723.284,-. Daarbij
dient dan te worden opgeteld de op dit moment getrokken bankgaranties ter
grootte van afgerond € 85.261,-. Tevens dient daarbij te worden gevoegd nog
de gemaakte kosten. Uitgaande van het overzicht per 21 juni jl. zal aan de
Rabobank aan kosten moeten worden doorbelast een bedrag van €
382.096,16. Die zal de bank vanzelfsprekend weer in het passief boeken van
haar bancaire relatie met Virenze. Kort en goed, de vordering die de Rabobank
thans in het faillissement heeft is afgerond € 2.190.641,-. Uitgaande van de
verkoop van het kasteel onder verrekening van boedelbijdrage en kosten
makelaar, zal de resterende vordering dan neerkomen op afgerond €
1.195.000,-.
€ 1.146.072,29
Toelichting vordering van bank(en)
Derde verslag:
De huidige positie van de Rabobank in het faillissement Virenze laat zich op
hoofdlijnen en globaal als volgt duiden. Uitgaande van de door Virenze
Algemeen Beheer BV (€ 1.187.500,-) en VOZ Rijckholt (€ 812.500,-) van
Rabobank verkregen leningen ad in totaal € 2.000.000,-, strekte daarop reeds
in mindering de verkoopopbrengst van de drie bedrijfspanden voor in totaal €
1.062.000,- zodat per dat moment de vordering van Rabobank bedroeg €
938.000,-. De rekening-courant vordering van Virenze is inmiddels ten opzichte
van het tweede voortgangsverslag teruggelopen en bedroeg per 31 december
2018 € 198.072,- waardoor de Rabobank van Virenze per die datum nog te
vorderen had afgerond € 1.136.072,-. Daarbij dient nog te worden opgeteld de
vordering uit hoofde van bankgaranties ad € 10.000,- zodat de afgeronde
vordering van Rabobank per 31 december 2018 bedroeg € 1.146.072,-.
Inmiddels heeft de curator een volgende tussentijdse afrekening aan de
Rabobank toegezonden terzake de verdeling van de opbrengsten en kosten
tot en met 31 december 2018. Dit betreft ondermeer vergoeding voor de
incassowerkzaamheden en de lopende uitgaven terzake instandhouding van
ICT-systemen, doch daarnaast de verdere afrekening van boedelbijdragen
aangaande verkoop van het resterend actief en de instandhoudingskosten van
het verhypothekeerde onroerend goed. Deze tussentijdse afrekening tot en
met 31 december 2018 bedraagt € 466.496,- en zal na voldoening door
Rabobank aan de boedel worden doorbelast in het passief. Alsdan bedraagt
de vordering die Rabobank in het faillissement heeft afgerond € 1.612.568,-.
Uitgaande van spoedige levering van het verhypothekeerde onroerend goed
conform de thans met de koper gemaakte afspraken, een en ander onder
verrekening van boedelbijdrage en kosten makelaar, zal de resterende
vordering van Rabobank alsdan neerkomen op afgerond € 612.568,-. De
verwachting is dat de verdere resultaten van de incasso van vorderingen op
debiteuren mee zal brengen dat de eindvordering van Rabobank in het
faillissement lager zal liggen.
31-01-2019
3
Toelichting vordering van bank(en)
06-09-2019
4
Vierde verslag:
Nu de activa nagenoeg volledig te gelde zijn gemaakt en ook de incasso op de
vorderingen op debiteuren nagenoeg tot zijn einde komt, kan de eindpositie
van de Rabobank langzaam maar zeker worden vastgesteld. Per 31 december
2018 bedroeg de vordering van de Rabobank in het faillissement nog afgerond
€ 1.612.568,-. Aansluitend is de koopsom betreffende het verhypothekeerde
onroerend goed ontvangen en hetzelfde geldt voor de betalingen van de
grotere debiteuren VGZ en Regio Rijnmond. Die inkomsten hebben de nog
bestaande vordering van Rabobank sedert voornoemde datum dan ook verder
teruggebracht. Thans ligt nog voor de afhandeling van de bankgaranties ten
gunste van crediteuren van Virenze. Terzake dient de curator overleg te
voeren met de betreffende crediteuren c.q. begunstigden om te vernemen of
en in hoeverre er nog een vordering bestaat die gedekt is door deze
bankgaranties. Er van uitgaande dat deze zaken nog op een goede wijze
kunnen worden afgewikkeld is de prognose dat het tekort van de Rabobank
uiteindeljk neer zal komen op circa € 80.000,- tot € 100.000,-. Ook zal daarbij
dan nog worden betrokken een nog door Rabobank uit te voeren
herbeoordeling van een rentederivaat dat voorheen door Stichting Riagg Groep
bij Rabobank was afgesloten. Dit kan mogelijk nog leiden tot een compensatie
ten gunste van Virenze Riagg BV en daarmee invloed hebben op de resterende
vordering van Rabobank in het faillissement van de Virenze Groep. Naar
verwachting zal een en ander ook in de komende verslagperiode verder
duidelijk worden.
Toelichting vordering van bank(en)
Vijfde verslag:
Ten behoeve van een aantal crediteuren van Virenze werden er bankgaranties
aangehouden door Rabobank. Echter dat betroffen reeds langere tijd terug
gestelde garanties terwijl die nog steeds op het passief van Virenze bij
Rabobank drukten. Een aantal bankgaranties had betrekking op de
verplichtingen ten aanzien van huurovereenkomsten die Virenze had en
daarnaast stonden er nog zes bankgaranties voor andere vorderingen van
crediteuren open.
Met de betreffende crediteuren is contact gezocht om van hen te vernemen of
er nog een vordering bestond op Virenze waarvoor voornoemde garanties
dekking boden en wanneer dat niet zo was, om dan schriftelijk te verklaren dat
er geen vordering meer bestond en de originele bankgarantie aan de
Rabobank te retourneren. Hieraan is door diverse crediteuren uitvoering
gegeven en dat heeft ook meegebracht dat in ieder geval die bankgaranties
uit het passief van de Rabobank verdwenen. De restantvordering van
Rabobank in het faillissement is daardoor verder verlaagd.
Daarnaast zijn inmiddels de door Virenze Riagg BV en Virenze Algemeen
Beheer BV gesloten rentederivaten (renteswaps) gecompenseerd op basis van
het standaard aanbod dat de Rabobank heeft gedaan in het kader van het
Uniform Herstelkader Rentederivaten. Rabobank heeft zich op verrekening
beroepen en ook daardoor daalde haar restantvordering in het faillissement.
De restantvordering van Rabobank in het faillissement bedraagt thans
afgerond € 68.757,-.
05-03-2020
5
Toelichting vordering van bank(en)
Alle zekerheden zijn door de Rabobank uitgewonnen en bankrekeningen zijn
opgeschoond (na afwikkelingen van bankgaranties en renteswaps). De
restantvordering van Rabobank in het faillissement bedraagt daarmee
04-09-2020
6
5.2 Leasecontracten
afgerond nog steeds € 68.757,-.
Toelichting vordering van bank(en)
Zevende verslag:
In de positie van de Rabobank is de voorbije verslagperiode geen wijziging
opgetreden.
05-03-2021
7
Toelichting vordering van bank(en)
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Toelichting vordering van bank(en)
Nadat de laatste vordering op debiteur gemeente Brunssum had
plaatsgevonden heeft de definitieve eindafrekening met de Rabobank kunnen
plaatsvinden en heeft de bank de curator bericht geen vordering meer in het
faillissement te hebben.
21-04-2022
9
Toelichting vordering van bank(en)
Ongewijzigd.
21-10-2022
10
5.2 Leasecontracten
5.3 Beschrijving zekerheden
De curator heeft in de voorbije verslagperiode de hem bekende
leasemaatschappijen benaderd en ervoor zorggedragen dat de aan Virenze
geleasde objecten zijn teruggeleverd, tenzij de doorstartende partijen
Parnassia groep en/of Stichting METggz de curator hadden aangegeven
rechtstreeks met de leasemaatschappijen tot nieuwe afspraken te willen
komen.
27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
5.3 Beschrijving zekerheden
5.4 Separatistenpositie
Ten aanzien van de in het openingsverslag beschreven zekerheden geldt dat
die nuance nog moet worden aangebracht dat het hypotheekrecht op Kasteel
Rijckholt enkel ziet op het perceel kadastraal bekend Gemeente Eijsden, sectie
F959 ter grootte van 20.701 m2 dat inmiddels hernummerd is tot kadastrale
aanduiding Eijsden F975. Het aangrenzende terrein (grasland) ter grootte van
3.495 m2 met kadastrale aanduiding F983 is niet verhypothekeerd. De curator
heeft terzake nader afgestemd met hypotheekhouder Rabobank en de bank
heeft met deze visie ingestemd.
27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
5.4 Separatistenpositie
5.5 Eigendomsvoorbehoud
Ongewijzigd. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
5.5 Eigendomsvoorbehoud
5.6 Retentierechten
Ten aanzien van de partijen die een beroep deden op een recht van
eigendomsvoorbehoud en terzake waarvan de curator heeft vastgesteld dat
dit een rechtsgeldig beroep was, heeft afgifte plaatsgevonden van de
betreffende goederen.
27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
5.6 Retentierechten
5.7 Reclamerechten
De curator is tot nadere afspraken gekomen met retentor Mondial Centrum
Verhuizingen BV waardoor het ingeroepen retentierecht kon worden
afgewikkeld.
27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
5.7 Reclamerechten
5.8 Boedelbijdragen
Ongewijzigd. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
5.8 Boedelbijdragen
5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden
Toelichting
Zie toelichting hiervoor.
27-06-2018
2
Toelichting
Derde verslag:
Zie toelichting hiervoor.
31-01-2019
3
Toelichting
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Toelichting
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Toelichting
Ongewijzigd
04-09-2020
6
Toelichting
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Toelichting
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Toelichting
Ongewijzigd.
21-04-2022
9
Toelichting
Ongewijzigd.
21-10-2022
10
5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden
6.1 Exploitatie / zekerheden
Het voeren van diverse gesprekken en correspondentie met de betrokken
crediteuren.
27-06-2018
2
Derde verslag:
In de voorbije verslagperiode heeft de curator regelmatig contact gehad met
de vertegenwoordiger van de Rabobank inzake resterende werkzaamheden
met betrekking tot de verkoop en levering van het onroerend goed alsmede de
status van de incasso van vorderingen op debiteuren. Voorts zijn
werkzaamheden verricht om tot tussentijdse afrekening met Rabobank te
komen van gemaakte kosten en gerealiseerde opbrengsten.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ook in de voorbije verslagperiode heeft de curator de nodige contacten
onderhouden met de vertegenwoordiger van de Rabobank inzake de levering
van het onroerend goed alsmede de incasso van de verpande vorderingen op
debiteuren. Ook heeft tussentijds afrekening met de Rabobank
plaatsgevonden terzake van gemaakte kosten en gerealiseerde opbrengsten.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
In de voorbije verslagperiode heeft de curator gecorrespondeerd met de
crediteuren omtrent de in hun belang gestelde bankgaranties en daarnaast
heeft correspondentie plaatsgevonden met Rabobank inzake de afwikkeling
van de rentederivaten.
05-03-2020
5
De curator heeft nog met Rabobank gecorrespondeerd omtrent hun
eindvordering in het faillissement.
04-09-2020
6
Zevende verslag:
De curator heeft met de Rabobank gecorrespondeerd omtrent hun
eindvordering in het faillissement.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
6. Voortzetten / doorstart onderneming
Voortzetten onderneming
Zoals in het openingsverslag werd weergegeven heeft de curator en zijn team
ervoor zorggedragen dat de activiteiten van Virenze konden worden
gecontinueerd tot en met 31 december 2017 om zodoende de zorg continuïteit
ten behoeve van de patiënten en cliënten te kunnen waarborgen alsmede een
27-06-2018
2
doorstart van die activiteiten (met verkoop van activa) te kunnen
bewerkstelligen, zulks in het belang van de gezamenlijke crediteuren van
Virenze.
Inmiddels zijn de data uit het elektronisch patiëntendossier aangaande de
patiënten van Virenze die in zorg zijn gekomen van één van de doorstartende
partijen (METggz of Parnassia Groep) aan deze partijen overgedragen.
Oftewel, de lopende dossiers zijn naar de specifieke doorstartende partij
overgezet zulks ook in verband met de benodigde zorg continuïteit.
In het kader van de nazorg van de voortgezette onderneming en de daaruit
voortvloeiende doorstart is ondermeer het item van overdracht van
patiëntendossiers en de in werking stelling van de bewaarnemingsafspraken
met de doorstarters een belangrijk onderwerp. Binnen Virenze werd gewerkt
met een viertal elektronische patiëntendossiers (hierna: “EPD’s) waarvan het
hoofd EPD (genaamd CRS) in de voorbije verslagperiode is aangevuld met de
elektronische patiëntengegevens uit de drie andere EPD’s. Dit proces is
inmiddels nagenoeg afgerond waardoor zoveel mogelijk één historisch EPD van
patiëntengegevens ontstaat, zulks in verband met de voorgenomen bewaring
daarvan gedurende de wettelijke bewaartermijn ten behoeve van de
voormalig patiënten van Virenze. De curator heeft aan de leverancier van CRS,
zijnde de firma TrompBX, offerte aangevraagd aangaande de kosten om dit
EPD en overige productie- en kopieomgevingen gedurende de wettelijke
bewaartermijn in stand en toegankelijk te houden om verzoeken van (oud-
patiënten) te kunnen blijven beantwoorden. Ook is het totaal aan fysieke
patiëntendossiers van Virenze geïnventariseerd en aan een gespecialiseerd
opslagbedrijf genaamd Iron Mountain is offerte aangevraagd om een volledig
geordend systeem van historische gegevens samen te stellen en ter
beschikking te houden ten behoeve van de voormalige patiënten van Virenze.
De curator zal met de Rechter-commissaris overleggen in hoeverre de kosten
die gepaard gaan met deze opslag en bewaarneming alsmede uitgifte van
dossiers gedurende de wettelijke bewaartermijn ten laste van de boedel kan
worden gebracht en hoe dit zich verhoudt tot het crediteurenbelang in het
faillissement van Virenze. Terzake zal binnen de komende verslagperiode een
besluit worden genomen of en in hoeverre deze opslag en uitgifte van dossiers
op verzoek van oud Virenze patiënten ten laste van de boedel kan blijven
plaatsvinden dan wel dat terzake een alternatieve oplossing dient te worden
gevonden.
Vooralsnog worden verzoeken van oud patiënten van Virenze tot vernietiging
c.q. uitlevering van hun patiëntendossiers door de curator en met
medewerking van oud Virenze werknemers van de Zorgadministratie
afgehandeld. Inmiddels zijn circa 230 verzoeken afgehandeld dan wel deels
nog in behandeling.
Derde verslag:
In het voorgaande voortgangsverslag is ondermeer aandacht besteed aan de
uitvoering van de voorgenomen bewaarnemingsafspraken met de doorstarters
betreffende de patiënten- en cliëntendossiers van de voormalige cliënten van
Virenze. Daarbij is toen mededeling gedaan van het feit dat oud-cliënten van
Virenze die niet in zorg zijn gekomen bij één van de doorstartende partijen
(Met GGZ of Parnassia Groep) in staat zouden moeten blijven om gedurende
de wettelijke bewaartermijn van vijftien jaar toegang te blijven houden tot hun
dossiers zoals die bij Virenze waren samengesteld en thans onder het beheer
van de curator vallen. Dit betreft in totaliteit tenminste 400.000 dossiers van
voormalig Virenze cliënten die niet zijn overgaan naar Parnassia Groep en/of
Met GGZ.
In de voorbije verslagperiode heeft de curator onderzocht hoe de belangen
van de gezamenlijke schuldeisers in onderhavig faillissement zich verhouden
tot de belangen van de voormalige cliënten van Virenze. Door de curator is
31-01-2019
3
geconstateerd dat de voormalig cliënten van Virenze er groot belang bij
hebben dat hun medische dossiers bewaard blijven gedurende de wettelijke
termijn, omdat het ook voor hen mogelijk moet blijven om daarvan afgifte of
vernietiging te verlangen. In de voorbije verslagperiode is derhalve in
afstemming met betrokken belanghebbenden het besluit genomen dat het
eerder ontwikkelde systeem op basis waarvan de archivering van die dossiers
en de afhandeling van verzoeken van oud cliënten tot vernietiging en/of afgifte
van die dossiers kan plaatsvinden door Parnassia Groep gedurende de
wettelijke bewaartermijn door de boedel bekostigd dient te worden. De fysieke
patiëntendossiers van Virenze zullen worden opgeslagen bij het
gespecialiseerde opslagbedrijf Iron Mountain en de digitale dossiers aanwezig
in het elektronisch patiëntendossier (EPD) blijven toegankelijk via de firma
TrompBX, zijnde de leverancier van dit EPD. Naar verwachting zal dit systeem
in de komende verslagperiode daadwerkelijk in werking worden gesteld, zodat
aanvragen van voormalig cliënten die dan nog aan de curator worden gedaan
ter afhandeling aan Parnassia Groep kunnen worden doorgeleid en zij op de
reeds vastgestelde wijze die verzoeken kan afhandelen. Tot dat moment
worden de verzoeken van oud cliënten van Virenze tot vernietiging c.q.
uitlevering van hun dossiers door de curator met medewerking van oud
Virenze medewerkers van de zorgadministratie afgehandeld.
Vierde verslag:
Zoals in het voorgaande verslag reeds door de curator was vermeld, was een
oplossing bereikt voor de wijze waarop uitvoering kon worden gegeven aan de
archivering van de cliënendossiers van oud-cliënten van Virenze die niet in zorg
waren gekomen bij een van de doorstartende partijen (Met GGZ of Parnassia
Groep). Hierdoor zouden deze oud-cliënten van Virenze in staat zijn om
gedurende de wettelijke bewaartermijn van (tenminste) vijftien jaar toegang
te blijven houden tot hun dossiers zoals die bij Virenze waren samengesteld
en thans onder het beheer van de curator vallen. In die oplossing werd door
(de geneesheer directeur van) Parnassia Groep de toekomstige rol vervuld om
verzoeken van oud-cliënten tot vernietiging en/of afgifte van die dossiers in
behandeling te nemen en tot uitvoering te brengen. Daarbij zou Parnassia
Groep als het ware de schakel zijn tussen de bedrijven die met de opslag van
de dossiers worden belast, zijnde Iron Mountain voor wat betreft de fysieke
dossiers en zijnde TrompBX voor wat betreft de digitale dossiers, en de oud-
cliënten. Parnassia Groep zag het bewaren van die dossiers als een
maatschappelijke verantwoordelijkheid. De uiteindelijk te maken afspraken
tussen de curator en Parnassia Groep omtrent het afhandelen van verzoeken
om inzage en vernietiging, dienden te worden vastgelegd in een te sluiten
overeenkomst. Omdat de curator van mening was dat dergelijke handelingen
door Parnassia Groep zouden moeten worden gezien als “verwerkingen” in de
zin van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) heeft de
curator aan Parnassia Groep voorgesteld om een zogenoemde
verwerkersovereenkomst te sluiten, zoals vereist door de AVG. Parnassia
Groep kreeg echter bedenkingen bij de voorgenomen constructie na het inzien
van haar verantwoordelijkheden en mogelijke aansprakelijkheden in het kader
van de AVG. In dit proces is ook de Autoriteit Persoonsgegevens (AP)
geconsulteerd. Duidelijk werd dat de AVG uitgaat van een systeem waarbij er
altijd een verwerkingsverantwoordelijke is die op zijn beurt verwerkers kan
inschakelen. Deze verwerkingsverantwoordelijke blijft echter altijd de
hoofdverantwoordelijke en het primaire aanspreekpunt voor de betrokkenen.
Indien het faillissement van Virenze zou eindigen, omdat het door de curator
wordt afgewikkeld en daarmee de curator niet meer in functie zou zijn, zou
Parnassia Groep in de voorgenomen handelwijze feitelijk de rol van
verwerkingsverantwoordelijke op zich moeten nemen. Gezien de wettelijke
verantwoordelijkheden die hiermee op Parnassia Groep zouden komen te
rusten, heeft zij aan de curator te kennen gegeven niet te willen zorgdragen
06-09-2019
4
voor afhandeling van de verzoeken om inzage en/of vernietiging. Zou die
eindverantwoordelijkheid alsnog bij een andere partij gelegd kunnen worden,
dan heeft Parnassia Groep nog steeds de bereidheid om de curator/boedel te
assisteren bij afhandeling van verzoeken van oud-cliënten tot vernietiging
en/of afgifte van die dossiers. Indachting het vorenstaande is de curator thans
geconfronteerd met een situatie waarin hij de dossiers wettelijk moet (en ook
wil) bewaren maar er vooralsnog geen partij is die de verantwoordelijkheid
voor het afhandelen van verzoeken om inzage en/of vernietiging op zich wil
nemen. De dossiers zijn inmiddels wel opgeslagen bij TrompBX en Iron
Moutain, maar deze partijen dragen enkel zorg voor de opslag. Aangezien bij
dergelijke verzoeken steeds een beoordeling door een arts dan wel een
medewerker van de zorgadministratie van een zorginstelling noodzakelijk is,
kunnen TrompBX en Iron Mountain niet zorgdragen voor afhandeling van
verzoeken om inzage en/of vernietiging. Dit brengt mee dat de curator zich
thans wendt tot het Ministerie van VWS om de problematiek aldaar ook
bespreekbaar te maken en om (voorzoveel mogelijk) van het Ministerie te
vernemen dat zij in deze impasse een rol gaat vervullen.
Vijfde verslag:
De curator heeft in de voorbije verslagperiode hernieuwd contacten
onderhouden met zowel het Ministerie van VWS als met Parnassia Groep om te
bezien of er alnog een oplossing kan worden gevonden voor de wijze waarop
uitvoering kan worden gegeven aan de archivering (afgifte en/of vernietiging)
van de cliëntendossiers van oud-cliënten van Virenze gedurende de wettelijke
bewaartermijn van inmiddels 20 jaar. Deze contacten hebben nog niet tot een
oplossing geleid, maar het overleg is nog gaande.
05-03-2020
5
In de voorbije verslagperiode heeft de curator contact onderhouden met zowel
het Ministerie van VWS als met Parnassia Groep om te bezien of er alnog een
oplossing kan worden gevonden voor de wijze waarop uitvoering kan worden
gegeven aan de archivering (afgifte en/of vernietiging) van de cliëntendossiers
van oud-cliënten van Virenze gedurende de wettelijke bewaartermijn van
(inmiddels) 20 jaar. Dit heeft inderdaad geleid tot een oplossing, waardoor
Parnassia Groep deze taak op zich zal nemen. E.e.a. wordt de komende
verslagperiode uitgewerkt in contracten e.d., waarna dit ook administratief in
werking kan worden gesteld.
04-09-2020
6
Zevende verslag:
In de voorbije verslagperiode zijn de afspraken met Parnassia Groep, Iron
Mountain en TrompBX nader uitgwerkt hetgeen meebrengt dat thans binnen
afzienbare termijn de taken rondom de afhandeling van verzoeken tot
vernietiging c.q. afgifte van dossiers aan oud-cliënten van Virenze door
Parnassia Groep zullen worden afgehandeld. Daartoe zal de curator
verwerkersovereenkomsten sluiten met de betrokkenen nadat de Rechter-
Commissaris daar ook zijn goedkeuring aan heeft verleend. Op deze wijze is
invulling gegeven aan de maatschappelijke taak om op correcte wijze zorg te
dragen voor de bewaring van de cliëntendossiers gedurende de wettelijke
bewaartermijn van inmiddels 20 jaar. In gevallen waarin oud-cliënten hun
dossier op willen vragen c.q. verzoeken tot vernietiging afgehandeld willen
krijgen, kunnen zij daartoe contact moeten opnemen met Parnassia Groep te
Den Haag. Er zal op de website van Parnassia Groep een informatietekst
worden opgenomen en ook op de website van het kantoor van de curator. In
voorkomende gevallen waarin oud-cliënten zich tot de curator wenden, zal hij
hen doorverwijzen naar Parnassia Groep. Ook de Inspectie Gezondheidszorg
en Jeugd, afdeling GGZ, is omtrent het vorenstaande geïformeerd.
05-03-2021
7
6.2 Financiële verslaglegging
Achtste verslag:
In de voorbije verslagperiode hebben nog enige afsluitende
overdrachtswerkzaamheden plaatsgevonden, waardoor Parnassia Groep
thans de volledige afhandeling van de patiëntendossiers in beheer heeft
kunnen nemen.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
Vooralsnog zijn de kosten die gepaard gingen met de instandhouding van de
processen van Virenze aangaande het bewaarnemen en op verzoek uitleveren
van patiëntendossiers ten laste van de boedel gebracht. Overige lopende
verplichtingen/kosten van Virenze inzake de instandhouding van activiteiten
zijn tot en met 31 december 2017 voor rekening van de boedel gekomen en is
de periode nadien voor rekening van de doorstartende partijen gebracht.
Hierover hierna meer.
27-06-2018
2
Derde verslag:
Ook in de voorbije verslagperiode zijn de kosten die gepaard gingen met de
instandhouding van de processen van Virenze aangaande het bewaarnemen
van dossiers en op verzoek van oud-cliënten uitleveren van patiënten-
/cliëntendossiers ten laste van de boedel gebracht. Ook heeft in de voorbije
verslagperiode een tussentijdse afrekening plaatsgevonden met de
doorstartende partij aangaande de doorbelasting van de exploitatiekosten
inzake het derde en vierde kwartaal 2018. Een en ander is verwerkt in het
tussentijdse financiële verslag.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ook in de voorbije verslagperiode zijn de kosten die gepaard gingen met de
instandhouding van de processen van Virenze aangaande het bewaarnemen
van dossiers en op verzoek van oud-cliënten uitleveren van patiënten-
/cliëntendossiers ten laste van de boedel gebracht. Een en ander is verwerkt
in het tussentijdse financiële verslag dat aan dit openbare verslag als bijlage is
gehecht.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ook in de voorbije verslagperiode zijn de kosten die gepaard gingen met de
instandhouding van de processen van Virenze aangaande het bewaarnemen
van dossiers en op verzoek van oud-cliënten uitleveren van patiënten-
/cliëntendossiers ten laste van de boedel gebracht. Een en ander is verwerkt
in het tussentijdse financiële verslag dat aan dit openbare verslag als bijlage is
gehecht.
05-03-2020
5
In de voorbije verslagperiode heeft de curator de kosten die verband houden
met de archivering (afgifte en/of vernietiging) van de cliëntendossiers van oud-
cliënten van Virenze gedurende de wettelijke bewaartermijn van (inmiddels) 20
jaar voldaan. Een en ander is verwerkt in het tussentijdse financiële verslag
dat aan dit openbare verslag als bijlage is gehecht.
04-09-2020
6
Zevende verslag:
Eerder had de curator in afstemming met de Inspectie voor de Zorg alsook de
Rechter-Commissaris reeds besloten dat in afdoende mate gezorgd zou
worden voor het waarborgen van de rechten van de oud-cliënten van Virenze
in die zin dat de cliëntendossiers van oud-cliënten gedurende de wettelijke
05-03-2021
7
6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming
bewaartermijn zouden worden bewaard. Hierdoor zouden afgifte- en
vernietigingsverzoeken in de toekomst (zodra het faillissement wordt
afgewikkeld) ook nog steeds afgehandeld kunnen worden ten behoeve van
deze groep van oud-cliënten. In dat verband zijn in de voorbije verslagperiode
afspraken gemaakt met Parnassia Groep om ook de totale toekomstige kosten
voor opslag en bewaring, vernietiging en opvraging van deze dossiers te
becijferen en op voorhand aan Parnassia Groep te voldoen. Parnassia Groep
rekent dan verder af met Iron Mountain. Deze becijfering heeft reeds
plaatsgevonden en zodra de verwerkersovereenkomsten getekend zijn en tot
uitvoering van de gemaakte afspraken wordt overgegaan, zal betaling van die
kosten ook in de komende verslagperiode plaatsvinden. Hiermee zal een
aanvullend bedrag gemoeid zijn van € 196.720,44 inclusief BTW.
Achtste verslag:
De financiële afrekening van kosten samenhangend met de patiëntendossiers
heeft de voorbije verslagperiode plaatsgevonden. Een bedrag van €
196.720,44 werd aan Parnassia Groep voldaan.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
De werkzaamheden hebben zich in de voorbije periode met name toegespitst
op inventarisatie van EPD’s alsook het verrichten van de benodigde exports
van de elektronische patiëntengegevens naar het hoofd EPD van Virenze
genaamd CRS. Tevens is gezorgd voor juiste exports van patiëntengegevens
ten behoeve van de doorstartende partijen. Voorts was een belangrijk
onderdeel van de werkzaamheden het inventariseren van de fysieke
patiëntendossiers vanuit de verschillende locaties van Virenze en het zoveel
mogelijk centraliseren van die dossiers. Aansluitend het aanvragen van
offertes voor de toekomstige bewaarneming van de elektronische
patiëntendossiers alsmede fysieke patiëntendossiers in verband met de
nakoming van de wettelijke bewaarplicht. Voorts het behandelen van
verzoeken van patiënten tot afgifte c.q. vernietiging van de door Virenze
gehouden dossiers. Inmiddels heeft de curator tezamen met de nog in dienst
zijnde medewerkers van de zorgadministratie van Virenze meer dan 230
verzoeken van oud patiënten van Virenze ontvangen om hun digitale dossier in
afschrift toegezonden te krijgen, dan wel vernietigd te krijgen.
27-06-2018
2
Derde verslag:
In de voorbije verslagperiode zijn opnieuw de verzoeken van oud cliënten van
Virenze tot afgifte c.q. vernietiging van de door Virenze gehouden dossiers
afgehandeld. Inmiddels heeft de curator samen met de nog in dienst zijnde
werknemers van de zorgadministratie van Virenze meer dan 507 verzoeken
van oud cliënten van Virenze ontvangen om hun digitale dossier in afschrift
toegezonden te krijgen dan wel vernietigd te krijgen. Deze verzoeken zijn
grotendeels afgehandeld en anders momenteel nog deels in behandeling en
worden na verkregen volledige informatie van de oud-cliënten verder
afgehandeld.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
In de voorbije verslagperiode zijn opnieuw de verzoeken van oud cliënten van
Virenze tot afgifte c.q. vernietiging van de door Virenze gehouden dossiers
afgehandeld. Sedert de faillissementsdatum heeft de curator samen met de
nog in dienst zijnde werknemers van de zorgadministratie van Virenze
inmiddels meer dan 748 verzoeken van oud cliënten van Virenze ontvangen om
06-09-2019
4
6.4 Beschrijving
hun digitale dossier in afschrift toegezonden te krijgen dan wel vernietigd te
krijgen. Die verzoeken zijn overwegend afgehandeld en anders momenteel
nog deels in behandeling en worden na verkregen volledige informatie van de
oud-cliënten verder afgehandeld. Voorts is de curator er inmiddels in geslaagd
om alle fysieke dossiers van oud-cliënten van Virenze beveiligd op te slaan bij
het bedrijf Iron Mountain. Alle dossiers worden aldaar geordend en verwerkt,
waardoor een totaaloverzicht kan worden verstrekt aangaande de individuele
bewaartermijnen van die dossiers. Ook heeft de curator in de voorbije
verslagperiode veelvuldig overleg gevoerd met de betrokken partijen ter
actualisering van eerder ontvangen offertes (daar waar het TrompBX en Iron
Mountain betreft) en tevens is verder afgestemd tussen de curator en
Parnassia Groep alsmede TrompBX over de te sluiten
verwerkersovereenkomsen. Daarenboven heeft aangaande de voorgenomen
wijze van bewaring van deze dossiers afstemming plaatsgevonden met de
Autoriteit Persoonsgegevens en inmiddels is hierover ook contact gelegd met
het Ministerie van VWS.
Vijfde verslag:
De werkwijze inzake de uitlevering van cliëntendossiers ingeval van opvraag
door oud-cliënten van Virenze heeft de curator op de ingezette manier ook de
voorbije verslagperiode gecontinueerd. De medewerkers van de
zorgadministratie van Virenze zijn nog steeds bij de curator in dienst en
verrichten deze werkzaamheden op zorgvuldige wijze. Inmiddels zijn 878
verzoeken van oud-cliënten van Virenze inzake hun dossiers afgehandeld.
05-03-2020
5
De medewerkers van de zorgadministratie hebben ook de voorbije
verslagperiode tezamen met de curator zorg gedragen voor de uitlevering van
cliëntendossiers ingeval van opvraag door oud-cliënten van Virenze, alsook
vernietigingsverzoeken afgehandeld. Daarbij zijn naast de elektronisch
opgeslagen dossiers inmiddels ook de fysieke dossiers via Iron Mountain voor
uitlevering beschikbaar gekomen. Inmiddels zijn in totaal 977 verzoeken van
oud-cliënten van Virenze inzake hun dossiers afgehandeld.
04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ook in de voorbije verslagperiode hebben de medewerkers van de
zorgadministratie van Virenze tezamen met de curator nog zorggedragen voor
de uitlevering van cliëntendossiers in geval van opvraag door oud-cliënten van
Virenze alsook vernietigingsverzoeken afgehandeld. Inmiddels zijn in totaal
1107 verzoeken van oud-cliënten van Virenze inzake hun dossier afgehandeld.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Het voeren van afrondend overleg en correspondentie met Parnassia Groep.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
Doorstarten onderneming
6.4 Beschrijving
6.5 Verantwoording
Ongewijzigd. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
In de voorbije verslagperiode heeft de curator met afgevaardigden van de
doorstarters evaluaties gehouden. Daarbij zijn alle tussen de boedel en de
doorstarters te bespreken onderwerpen de revue gepasseerd. Onderdeel
daarvan vormde het feit dat de curator met de doorstarters nog moest
afrekenen conform hetgeen was overeengekomen in de koopovereenkomst.
Daarin was bepaald dat de boedel ten behoeve en op kosten van de
doorstarters gedurende zekere tijd bepaalde contracten/leveranties door
leveranciers van Virenze in stand zou laten. Aan de hand van de daadwerkelijk
door de boedel betaalde kosten ad € 379.520,09 terzake het eerste kwartaal
van 2018 was duidelijk dat de tot de boedel behorende kosten in aftrek diende
te worden genomen, zijnde een bedrag van € 10.600,48. Daarmee resteerde
aan de doorstarters door te berekenen kosten ad € 368.919,61. Uiteindelijk is
€ 218.763,66 (exclusief BTW) doorbelast aan Parnassia Groep BV en €
85.170,56 (exclusief BTW) doorbelast aan METggz. Daarnaast gold dat de
huren van de locaties alwaar de doorstarters direct aansluitend aan de
doorstart hun activiteiten continueerden, gedurende de opzegtermijn aan de
boedel moesten worden voldaan. Die afrekening heeft eveneens
plaatsgevonden waardoor aan METggz werd doorbelast aan huur een bedrag
ad € 67.986,50 exclusief BTW en aan Parnassia Groep een bedrag van €
214.318,79 exclusief BTW. METggz heeft reeds volledig betaald, terwijl
Parnassia Groep het bedrag aan doorberekende huren nog dient te voldoen.
Voorts hebben de doorstartende partijen de curator in de voorbije
verslagperiode nog de volgende mededelingen gedaan. Parnassia Groep heeft
de curator inmiddels bericht over het definitieve aantal van patiënten van
27-06-2018
2
6.6 Opbrengst
Virenze dat bij haar in zorg is gekomen. Die cijfers bevestigen dat de overname
van het deel van Virenze door Parnassia Groep niet meldingsplichtig is bij de
Autoriteit Consumenten en Markt (ACM). Van de Virenze patiënten zijn 723
ZVW-patiënten en 2.425 Jeugdwet-patiënten in zorg gekomen bij Parnassia
Groep. Oftewel 1.852 ZVW-patiënten en 2.200 Jeugdwet-patiënten zijn niet in
zorg gekomen bij Parnassia Groep en die patiëntendossiers zijn per april jl.
gesloten door Parnassia Groep. Parnassia Groep liet de curator weten dat
daarmee de betrokken ZVW-omzet ruim minder bedraagt dan € 5.500.000,-,
hetgeen de drempel voor melding vormt. De ACM is hierover door Parnassia
Groep in de voorbije verslagperiode schriftelijk bericht. Van METggz heeft de
curator vernomen dat van de oud Virenze-patiënten 1.793 ZVW-patiënten bij
hen in zorg zijn gekomen.
Derde verslag:
Ook in de voorbije verslagperiode heeft een verdere tussentijdse afrekening
plaatsgevonden tussen de curator en de doorstarters, aangezien de curator
nog steeds ten aanzien van een aantal voormalig locaties van Virenze die door
doorstarters zijn overgenomen kosten heeft voorgeschoten. Dit betekent dat €
1.155,65 werd doorbelast aan Parnassia Groep en € 18,92 aan Met GGZ. De
curator verwacht dat dit de laatste afrekening met de doorstartende partijen
betrof.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
6.6 Opbrengst
6.7 Boedelbijdrage
Toelichting
Ongewijzigd.
27-06-2018
2
Toelichting
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Toelichting
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Toelichting
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Toelichting
Ongewijzigd
04-09-2020
6
Toelichting
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Toelichting
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Toelichting
Ongewijzigd.
21-04-2022
9
Toelichting
Ongewijzigd.
21-10-2022
10
6.7 Boedelbijdrage
6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming
Toelichting
Terzake de overeengekomen boedelbijdragen wordt verwezen naar hetgeen
daarover hiervoor reeds is gesteld.
27-06-2018
2
Toelichting
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Toelichting
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Toelichting
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Toelichting
Ongewijzigd
04-09-2020
6
Toelichting
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Toelichting
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Toelichting
Ongewijzigd.
21-04-2022
9
Toelichting
Ongewijzigd.
21-10-2022
10
6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming
7.1 Boekhoudplicht
De werkzaamheden in de voorbije verslagperiode hebben met name van doen
gehad met de overdracht van patiëntendossiers en het veilig stellen van zowel
de fysieke als de elektronische patiëntendossiers, zulks ten behoeve van de
bewaarneming gedurende de wettelijke bewaartermijn. Het inventariseren van
de omvang van die dossiers en de met de opslag gepaard gaande kosten en
het voorbereiden van het benodigde overleg dienaangaande met de Rechter-
commissaris. Voorts het afhandelen van aanvragen van oud Virenze patiënten
ter afgifte c.q. vernietiging van hun patiëntendossiers. De inventarisatie en
doorbelasting van kosten gepaard gaande met het in stand houden van de
processen ten behoeve van de doorstarters alsmede de afrekening daarvan.
Tot slot het afrekenen van de huurlasten betreffende het gebruik gedurende
de opzegperiode van de huurovereenkomsten.
27-06-2018
2
Derde verslag:
Doorbelasting exploitatiekosten ten laste van de doorstarters.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
7. Rechtmatigheid
Verder onderzoek naar de boekhouding is nog gaande. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Verder onderzoek naar de boekhouding is nog gaande.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Verder onderzoek naar de boekhouding is nog gaande.
06-09-2019
4
7.2 Depot jaarrekeningen
Vijfde verslag:
In het kader van het inmiddels opgestarte oorzaken- en
rechtmatigheidsonderzoek zal ook een onderzoek naar de boekhouding
plaatsvinden.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Nu het oorzakenonderzoek is afgerond, richt de curator zich thans op het
rechtmatigheidsonderzoek. Het al dan niet voldoen aan de administratieplicht
is daarvan een onderdeel.
21-10-2022
10
De curator heeft zijn rechtmatigheidsonderzoek in de voorbije periode
afgerond en zijn conclusies met de rechter-commissaris afgestemd. Onderdeel
van deze conclusies is dat het bestuur in onvoldoende mate aan haar
administratieplicht heeft voldaan.
01-06-2023
11
Verder onderzoek naar het depot van de jaarrekeningen is nog gaande. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Verder onderzoek naar depot van de jaarrekeningen is nog gaande.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Verder onderzoek naar depot van de jaarrekeningen is nog gaande.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
In het kader van het inmiddels opgestarte oorzaken- en
rechtmatigheidsonderzoek zal ook een onderzoek naar de deponering van de
jaarrekeningen plaatsvinden.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
De curator heeft het onderzoek naar het publiceren van de jaarrekeningen
door de vennootschappen die onderdeel zijn van de zogenaamde Virenze
Groep in de voorbije periode afgerond. Wettelijk bezien gelden dienaangaande
de volgende vereisten.
Situatie tot 1 januari 2016 (dus t/m boekjaar 2015)
Het bestuur van een vennootschap moet binnen vijf maanden na afloop van
het boekjaar de jaarrekening opmaken. Deze termijn kan slechts met zes
maanden worden verlengd (art. 2:210 lid 1 BW OUD). Vervolgens moet de
jaarrekening binnen twee maanden na opmaking worden vastgesteld (art.
2:394 lid 2 BW). Uiterlijk dertien maanden na afloop van het boekjaar moet de
vennootschap de jaarrekening hebben gedeponeerd (art. 2:394 lid 3 BW OUD)
Situatie vanaf 1 januari 2016 (dus met ingang van boekjaar 2015)
Hiervoor geldt hetzelfde als vóór 1 januari 2016, met uitzondering van de
termijn voor het verlengen van het opmaken van de jaarrekening. Die termijn
is verkort van zes maanden naar vijf maanden (art. 2:210 lid 1 BW). Dit heeft
tot gevolg dat de jaarrekening (in reguliere gevallen) binnen twaalf maanden
na afloop van het boekjaar moet zijn gedeponeerd (art. 2:394 lid 3 BW).
Toegepast op de in de registers van de Kamer van Koophandel aangetroffen
deponeringen per vennootschap behorende tot de Virenze Groep, leidt dit tot
het volgende beeld.
Virenze Algemeen Beheer B.V.
Op 5 december 2017 is aan Virenze Algemeen Beheer B.V. surséance van
betaling verleend. Op 18 december 2017 is de vennootschap failliet verklaard.
Ingevolge artikel 249 Fw wordt - indien het faillissement wordt voorafgegaan
door surséance van betaling - het tijdstip waarop de termijn van drie jaar,
vermeld in art. 248 lid 6 BW gaat lopen - berekend van de aanvang der
surséance af.
De referteperiode ziet op de periode 2014 t/m 2017. In de referteperiode
dienden de jaarrekeningen 2013 t/m 2016 tijdig gedeponeerd te zijn.
De jaarrekening over het boekjaar 2013 is op 19 juni 2014 gepubliceerd, zijnde
tijdig. De jaarrekening over het boekjaar 2014 is op 8 maart 2016 gepubliceerd
terwijl de uiterste verplichte publicatiedatum 31 januari 2016 was. De
(voorlopige) jaarrekening over het boekjaar 2015 is op de uiterste verplichte
publicatiedatum van 31 januari 2017 gepubliceerd.
De heer F.H.C. Kochen (bestuurder sinds 21 januari 2009) en de heer H.P.L.
Kersten (bestuurder van 9 januari 2015 t/m 1 juli 2016) zijn beide
aansprakelijk voor het boekjaar 2014, aangezien de deponering te laat heeft
plaatsgevonden. De deponering heeft 2 maanden te laat plaatsgevonden. Dit
is geen onbelangrijke overschrijding van de termijn.
Gedurende de referteperiode was de uiterlijke termijn tot deponering van de
jaarrekening 2016 en 2017 nog niet verstreken, daar de uiterlijke
publicatiedatum 31 december 2017 en 31 december 2018 was. In de Kamer
van Koophandel valt terug te lezen dat er over 2015 slechts een “voorlopige
jaarrekening” is gedeponeerd.
Concluderend kan worden gesteld dat (het bestuur van) Virenze Algemeen
Beheer B.V. niet heeft voldaan aan haar publicatieplicht in de zin van art. 2:394
BW. De jaarrekeningen zijn in de referteperiode niet allemaal tijdig
gedeponeerd.
VOZ Rijckholt B.V.
Op 10 januari 2018 is VOZ Rijckholt B.V. failliet verklaard. De referteperiode ziet
op de periode 2015 t/m 2017. In de referteperiode dienden de jaarrekeningen
2014 t/m 2016 tijdig gedeponeerd te zijn.
Er is geen enkele jaarrekening over de boekjaren 2014 t/m 2016 opgemaakt,
21-10-2022
10
laat staan gepubliceerd.
Virenze Algemeen Beheer B.V. was bestuurder sinds 26 april 2006. Zij is
derhalve aansprakelijk voor de boekjaren 2014 t/m 2016. Gedurende de
referteperiode was de uiterlijke termijn tot deponering van de jaarrekening
2017 nog niet verstreken, daar de uiterlijke publicatiedatum 8 november 2018
was.
De natuurlijk persoon bestuurders zijn de heer F.H.C. Kochen en de heer H.P.L.
Kersten. De heer F.H.C. Kochen is bestuurder sinds 21 januari 2009 en is
aansprakelijk voor boekjaren 2013 t/m 2016.
De heer H.P.L. Kersten was bestuurder van 9 januari 2015 t/m 1 juli 2016 en is
aansprakelijk voor het boekjaar 2014.
Concluderend kan worden gesteld dat (het bestuur van) VOZ Rijckholt B.V. niet
heeft voldaan aan haar publicatieplicht in de zin van art. 2:394 BW. De
jaarrekeningen zijn in de referteperiode niet allemaal tijdig gedeponeerd.
Virenze Riagg B.V.
Op 5 december 2017 is aan Virenze Riagg B.V. surséance van betaling
verleend. Op 18 december 2017 is de vennootschap failliet verklaard.
Ingevolge artikel 249 Fw wordt - indien het faillissement wordt voorafgegaan
door surséance van betaling - het tijdstip waarop de termijn van drie jaar,
vermeld in art. 248 lid 6 berekend van de aanvang der surséance af.
De referteperiode ziet op de periode 2014 t/m 2017. In de referteperiode
dienden de jaarrekeningen 2013 t/m 2016 tijdig gedeponeerd te zijn.
Er is geen enkele jaarrekening over de boekjaren 2013 t/m 2016 opgemaakt,
laat staan gepubliceerd.
Virenze Algemeen Beheer B.V. was bestuurder sinds 24 februari 2005 en is
aansprakelijk voor de boekjaren 2013 t/m 2016.
De natuurlijk persoon bestuurders zijn de heren F.H.C. Kochen en H.P.L.
Kersten. De heer F.H.C. Kochen was bestuurder sinds 21 januari 2009 en is
aansprakelijk voor boekjaren 2013 t/m 2016.
De heer H.P.L. Kersten was bestuurder van 9 januari 2015 t/m 1 juli 2016 en is
aansprakelijk voor het boekjaar 2014.
Concluderend kan worden gesteld dat (het bestuur van) Virenze Riagg B.V.
niet heeft voldaan aan haar publicatieplicht in de zin van art. 2:394 BW. De
jaarrekeningen zijn in de referteperiode niet tijdig gedeponeerd.
Prima Virenze B.V.
Op 10 januari 2018 is Prima Virenze B.V. failliet verklaard. De referteperiode
ziet op de periode 2015 t/m 2017. In de referteperiode dienden de
jaarrekeningen 2014 t/m 2016 tijdig gedeponeerd te zijn.
Er is geen enkele jaarrekening over de boekjaren 2014 t/m 2016 opgemaakt,
laat staan gepubliceerd.
Concluderend kan worden gesteld dat (het bestuur van) Prima Virenze B.V.
niet heeft voldaan aan haar publicatieplicht in de zin van art. 2:394 BW De
jaarrekeningen zijn in de referteperiode te laat/ niet gedeponeerd.
Virenze Algemeen Beheer B.V. was bestuurder sinds 9 januari 2015 en is
aansprakelijk voor de boekjaren 2014 t/m 2017. De natuurlijk persoon
bestuurders zijn de heren F.H.C. Kochen en H.P.L. Kersten. De heer F.H.C.
Kochen was bestuurder sinds 21 januari 2009 en is aansprakelijk voor de
boekjaren 2014 t/m 2017. De heer H.P.L. Kersten was bestuurder van 9
januari 2015 t/m 1 juli 2016 en is aansprakelijk voor het boekjaar 2014.
2Huis B.V.
Op 10 januari 2018 is 2Huis B.V. failliet verklaard. De referteperiode ziet op de
periode 2015 t/m 2017. In de referteperiode dienden de jaarrekeningen 2014
t/m 2016 tijdig gedeponeerd te zijn.
De jaarrekening over het boekjaar 2014 is op 15 maart 2016 gepubliceerd,
terwijl de uiterste verplichte publicatiedatum 31 januari 2016 was. Er is geen
jaarrekening over het boekjaar 2015 en 2016 opgemaakt, laat staan
gepubliceerd.
Concluderend kan worden gesteld dat (het bestuur van) 2Huis B.V. niet heeft
voldaan aan haar publicatieplicht in de zin van art. 2:394 BW. De
jaarrekeningen zijn in de referteperiode te laat/ niet gedeponeerd.
Virenze Algemeen Beheer B.V. was bestuurder sinds 8 april 2016 en is
aansprakelijk voor de boekjaren 2015 en 2016.
De natuurlijk persoon bestuurders zijn de heren F.H.C. Kochen en H.P.L.
Kersten. De heer F.H.C. Kochen was bestuurder sinds 21 januari 2009 en is
aansprakelijk voor de boekjaren 2015 en 2016.
De heer H.P.L. Kersten was bestuurder van 9 januari 2015 t/m 1 juli 2016 en is
aansprakelijk voor het boekjaar 2015.
De uitgetreden bestuurder is Elbers Management en Beheer B.V.. Hij was
bestuurder sinds 1 juni 2011 t/m 8 april 2016 en dus aansprakelijk voor het
boekjaar 2015. De natuurlijke persoon bestuurder van Elbers Management en
Beheer B.V. is de heer A.J.M. Elbers. Hij was bestuurder sinds 20 december
2004 en is derhalve aansprakelijk voor de boekjaren 2013 en 2014, in welke
jaren de jaarrekening overigens ook te laat werden gepubliceerd (namelijk
respectievelijk op 12 oktober 2015 en op 15 maart 2016).
Servicebedrijf Zorg B.V.
Op 10 januari 2018 is Servicebedrijf Zorg B.V. failliet verklaard. De
referteperiode ziet op de periode 2015 t/m 2017. In de referteperiode dienden
de jaarrekeningen 2014 t/m 2016 tijdig gedeponeerd te zijn.
Er is geen enkele jaarrekening over de boekjaren 2014 t/m 2016 opgemaakt,
laat staan gepubliceerd.
Concluderend kan worden gesteld dat (het bestuur van) Servicebedrijf Zorg
B.V. niet heeft voldaan aan haar publicatieplicht in de zin van art. 2:394 BW. De
jaarrekeningen zijn in de referteperiode te laat/ niet gedeponeerd.
2huis B.V. was bestuurder sinds 3 juni 2014 en is aansprakelijk voor de
boekjaren 2014 t/m 2016. Virenze Algemeen Beheer B.V. was op haar beurt
bestuurder van 2Huis B.V. sinds 8 april 2016 en is aansprakelijk voor de
boekjaren 2015 en 2016.
De natuurlijk persoon bestuurders van Virenze Algemeen Beheer B.V. zijn de
heren F.H.C. Kochen en H.P.L. Kersten. De heer F.H.C. Kochen was bestuurder
sinds 21 januari 2009 en is aansprakelijk voor de boekjaren 2015 en 2016.
De heer H.P.L. Kersten was bestuurder van 9 januari 2015 t/m 1 juli 2016 en is
aansprakelijk voor het boekjaar 2015.
De uitgetreden bestuurder van 2 Huis B.V. is Elbers Management en Beheer
B.V.. Zij was bestuurder sinds 1 juni 2011 t/m 8 april 2016 en dus aansprakelijk
voor het boekjaar 2014. De natuurlijke persoon bestuurder van Elbers
Management en Beheer B.V. is de heer A.J.M. Elbers. Hij was bestuurder sinds
20 december 2004.
VGG Zorg B.V.
Op 10 januari 2018 is VGG Zorg B.V. failliet verklaard. De referteperiode ziet op
de periode 2015 t/m 2017. In de referteperiode dienden de jaarrekeningen
2014 t/m 2016 tijdig gedeponeerd te zijn.
Er is geen enkele jaarrekening over de boekjaren 2014 t/m 2016 opgemaakt,
laat staan gepubliceerd.
Concluderend kan worden gesteld dat (het bestuur van) VGG Zorg B.V. niet
heeft voldaan aan haar publicatieplicht in de zin van art. 2:394 BW. De
jaarrekeningen zijn in de referteperiode te laat/ niet gedeponeerd.
2huis B.V. was bestuurder sinds 3 juni 2014 en is aansprakelijk voor de
boekjaren 2014 t/m 2016. Virenze Algemeen Beheer B.V. was op haar beurt
bestuurder van 2Huis B.V. sinds 8 april 2016 en is aansprakelijk voor de
boekjaren 2015 en 2016.
De natuurlijk persoon bestuurders van Virenze Algemeen Beheer B.V. zijn de
7.3 Goedkeuringsverklaring accountant
7.4 Stortingsverplichting aandelen
heren F.H.C. Kochen en H.P.L. Kersten. De heer F.H.C. Kochen was bestuurder
sinds 21 januari 2009 en is aansprakelijk voor de boekjaren 2015 en 2016.
De heer H.P.L. Kersten was bestuurder van 9 januari 2015 t/m 1 juli 2016 en is
aansprakelijk voor het boekjaar 2015.
De uitgetreden bestuurder van 2 Huis B.V. is Elbers Management en Beheer
B.V.. Zij was bestuurder sinds 1 juni 2011 t/m 8 april 2016 en dus aansprakelijk
voor de boekjaar 2014. De natuurlijke persoon bestuurder van Elbers
Management en Beheer B.V. is de heer A.J.M. Elbers. Hij was bestuurder sinds
20 december 2004.
Ongewijzigd. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
In het kader van het inmiddels opgestarte oorzaken- en
rechtmatigheidsonderzoek zal ook een onderzoek naar de mogelijke
goedkeuringsverklaringen van de accountant inzake de jaarrekeningen
plaatsvinden.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Afgaande op de cijfers in de geconsolideerde jaarrekening van Virenze
Algemeen Beheer BV geldt de vennootschap een goedkeuringsverklaring van
de accountant diende te verkrijgen. De curator heeft geconstateerd dat een
dergelijke verklaring door de accountant is afgegeven op 17 december 2015
ten aanzien van de jaarrekening over het boekjaar 2014. In de boekjaren
nadien zijn geen jaarrekeningen meer definitief vastgesteld, zodat ook geen
goedkeuringsverklaringen meer zijn afgegeven. De concept jaarrekening 2015
toont aan dat Virenze Algemeen Beheer BV controleplichting blijft, maar de
goedkeuringsverklaring blijft uit.
21-10-2022
10
7.4 Stortingsverplichting aandelen
7.5 Onbehoorlijk bestuur
De curator heeft dit nog in onderzoek. 27-06-2018
2
Derde verslag:
De curator heeft dit nog in onderzoek.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
De curator heeft dit nog in onderzoek.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
In het kader van het inmiddels opgestarte oorzaken- en
rechtmatigheidsonderzoek zal ook een onderzoek naar de eventuele
stortingsverplichtingen plaatsvinden.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
Toelichting
Onderzoek naar het gevoerde bestuur en toezicht van Virenze zal door de
curator nog moeten plaatsvinden.
27-06-2018
2
Toelichting
Derde verslag:
Onderzoek naar het gevoerde bestuur en toezicht van Virenze zal door de
curator nog nader moeten plaatsvinden.
31-01-2019
3
Toelichting
Vierde verslag:
Onderzoek naar het gevoerde bestuur en toezicht van Virenze zal door de
curator nog nader moeten plaatsvinden.
06-09-2019
4
Toelichting
05-03-2020
5
Vijfde verslag:
In het kader van het inmiddels opgestarte oorzaken- en
rechtmatigheidsonderzoek zal ook een onderzoek naar het gevoerde bestuur
en gehouden toezicht plaatsvinden.
Toelichting
Ongewijzigd
04-09-2020
6
Toelichting
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Toelichting
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Toelichting
Ongewijzigd.
21-04-2022
9
Toelichting
Verwezen wordt naar het hiervoor gestelde onder paragraaf 7.2 inzake “Depot
jaarrekeningen”. Door als bestuurder over bepaalde boekjaren geen
jaarrekeningen vast te stellen en te publiceren, dan wel deze in bepaalde
jaren wel vast te stellen maar niet tijdig te publiceren, staat het onbehoorlijk
bestuur vast binnen de weergegeven vennootschappen waar hiervan sprake
is. De betreffende bestuurder heeft c.q. de betreffende bestuurders hebben op
grond van artikel 2:248 lid 2 BW zijn/hun taak als bestuurder onbehoorlijk
vervuld, hetgeen wordt vermoed een belangrijke oorzaak van het faillissement
te zijn geweest.
De curator betrekt e.e.a. binnen het rechtmatigheidsonderzoek dat hij
momenteel uitvoert en tracht dit onderzoek binnen de komende verslagperiode
af te ronden.
21-10-2022
10
Toelichting
De curator heeft zijn rechtmatigheidsonderzoek in de voorbije periode
afgerond en zijn conclusies met de rechter-commissaris afgestemd. Onderdeel
van deze conclusies is dat naar het oordeel van de curator het bestuur in
onvoldoende mate aan haar publicatieplicht van de jaarrekeningen alsook aan
haar administratieplicht heeft voldaan. Hierdoor staat het onbehoorlijk bestuur
vast en wordt vermoed dat de schending van voornoemde verplichtingen een
belangrijke oorzaak is van het faillissement.
Daarnaast is de curator van oordeel dat los van voornoemde wettelijke
bewijsvermoedens het bestuur ook in materiële zin haar bestuurstaken
onbehoorlijk heeft vervuld en dat in voldoende mate aannemelijk is dat dit een
belangrijke oorzaak is van het faillissement.
De curator heeft, gelet op deze getrokken conclusies, de beide (voormalig)
bestuurders bij brief van 15 december 2022 aansprakelijk gesteld en hun
bestuudersaansprakelijkheidsverzekeraar daarover ook bericht. Beide
bestuurders hebben deze aansprakelijkstelling inhoudelijk betwist bij brief van
01-06-2023
11
31 mei 2023. De curator zal de komende verslagperiode kennisnemen van de
inhoudelijke verweren en op basis daarvan beoordelen welk vervolg de
aansprakelijkstellingen (al dan niet) dienen te hebben.
In het verrichte rechtmatigheidsonderzoek van de curator is ook het
toezichthoudend handelen van de (voormalige) Raad van Commissarrissen
betrokken. Dit onderzoek heeft niet geleid tot de vaststelling dat (de leden
van) de Raad van Commissarissen aansprakelijk zouden zijn voor onvoldoende
gehouden toezicht. Het toezichthoudend handelen is naar het oordeel van de
curator dan ook afdoende geweest.
Toelichting
De curator heeft naar aanleiding van zijn aansprakelijkstelling aan het adres
van de bestuurders bij brief van 15 december 2022 in de voorbije
verslagperiode het verweer van de advocaten van de bestuurders ontvangen
en bestudeerd. Daarover heeft de curator inmiddels afgestemd met de rechter-
commissaris en zal in de komende verslagperiode verdere correspondentie en
overleg plaatsvinden met de advocaten van de bestuurders.
01-12-2023
12
Toelichting
De curator voert correspondentie en overleg met de advocaten van de
bestuurders over de aansprakelijkstelling aan het adres van de bestuurders.
De komende verslagperiode zal moeten uitwijzen of dit kan leiden tot een
minnelijke regeling dan wel dat er alsnog moet worden geprocedeerd.
28-06-2024
13
Toelichting
In de voorbije verslagperiode heeft de curator het verweer van bestuurder
Kersten tegen de eerdere aansprakelijkstelling nader beoordeeld. Op basis
daarvan heeft de curator – zulks naar aanleiding van vooraf met de rechter-
commissaris gepleegd overleg – besloten om de eerder jegens bestuurder
Kersten geuite aansprakelijkstelling in te trekken, hetgeen inmiddels is
gebeurd.
De aansprakelijkstelling geuit aan het adres van bestuurder Kochen blijft
onverkort gehandhaafd. Daarin heeft de curator aan (de advocaat van)
bestuurder Kochen voorgesteld om het traject van Insolventie-mediation in te
gaan. Daarvoor staat bestuurder Kochen open.
De BCA-verzekeraar heeft in de voorbije periode het standpunt ingenomen dat
bestuurder Kochen ten tijde van het sluiten van de BCA-polis voorafgaand aan
faillissement, deze verzekeraar onvoldoende heeft geïnformeerd in de zin van
artikel 7:928 BW.
De curator, alsook de advocaat van bestuurder Kochen, betwisten dit
standpunt van de BCA-verzekeraar en voeren in dat kader momenteel
correspondentie en overleg met de BCA-verzekeraar over deze ontwikkeling.
30-12-2024
14
Toelichting
De curator heeft bestuurder Kochen aansprakelijk gesteld in verband met
kennelijk onbehoorlijk bestuur. In de voorbije verslagperiode heeft nader
overleg en correspondentie plaatsgevonden met de BCA-verzekeraar over het
door haar ingenomen standpunt dat bestuurder Kochen ten tijde van het
sluiten van BCA-polis voorafgaand aan het faillissement, deze verzekeraar
07-07-2025
15
7.6 Paulianeus handelen
onvoldoende zou hebben geïnformeerd in de zin van art. 7:928 BW. Ondanks
deze gevoerde discussie - die thans lopende is - zijn inmiddels afspraken
gemaakt over de aanstelling van de mediator die in het tussen de curator en
de bestuurder bestaande dispuut een mediationpoging zal ondernemen
tezamen met partijen. Deze mediation zal spoedig zijn aanvang nemen.
Toelichting
De curator en bestuurder Kochen zijn - tezamen met wederzijdse advocaten -
betrokken in een mediation proces. Onder leiding van een ervaren
insolventierecht mediator wordt beproefd of er een minnelijke regeling kan
worden bereikt in het kader van de lopende discussie tussen de curator en de
bestuurder waarover in eerdere verslaglegging reeds uitvoerig verslag werd
gedaan. De BCA-verzekeraar is thans door de curator verzocht om – mede in
het licht van de lopende dekkingsdiscussie - zich uit te laten over een
verkennende oplossingsrichting.
07-01-2026
16
Toelichting
In de voorbije verslagperiode heeft de BCA-verzekeraar zich – mede in het
licht van de lopende dekkingsdiscussie – uitgelaten over een verkennende
oplossingsrichting die vanuit de mediation door de curator tezamen met de
bestuurder was bedacht. De verkregen reactie daarop van de BCA-
verzekeraar is niet geheel naar wens en geeft de curator en de bestuurder
reden om met de BCA-verzekeraar nader te corresponderen en te overleggen
om te bezien of alsnog tot een mogelijk vergelijk kan worden geraakt.
07-07-2026
17
Toelichting
Onderzoek naar eventueel paulianeuze transacties zal door de curator nog
moeten plaatsvinden.
27-06-2018
2
Toelichting
Derde verslag:
Onderzoek naar eventueel paulianeuze transacties zal door de curator nog
nader moeten plaatsvinden.
31-01-2019
3
Toelichting
Vierde verslag:
Onderzoek naar eventueel paulianeuze transacties zal door de curator nog
nader moeten plaatsvinden.
06-09-2019
4
Toelichting
Vijfde verslag:
In het kader van het inmiddels opgestarte oorzaken- en
rechtmatigheidsonderzoek zal ook een onderzoek naar eventueel paulianeus
verrichte transacties plaatsvinden.
05-03-2020
5
Toelichting
04-09-2020
7.7 Toelichting rechtmatigheid
Ongewijzigd 6
Toelichting
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Toelichting
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Toelichting
Ongewijzigd.
21-04-2022
9
Toelichting
In het kader van het rechtmatigheidsonderzoek zal ook een onderzoek naar
eventueel paulianeus verrichte transacties plaatsvinden.
21-10-2022
10
Toelichting
De curator heeft zijn rechtmatigheidsonderzoek in de voorbije periode
afgerond en zijn conclusies met de rechter-commissaris afgestemd. Onderdeel
van onderzoek was ook mogelijk paulianeus handelen, waarvan de curator
echter niet is gebleken.
01-06-2023
11
Dit onderzoek zal nog moeten plaatsvinden. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Dit onderzoek zal nog verder moeten plaatsvinden.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Dit onderzoek zal nog verder moeten plaatsvinden.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
In de voorbije verslagperiode heeft de curator formeel een aanvang genomen
met het oorzaken- en rechtmatigheidsonderzoek. Dit betekent dat een selectie
van brondocumenten uit de administratie van de Virenze Groep is
samengebracht in een dataroom en op basis daarvan zijn reeds de eerste
gesprekken gevoerd en zullen de komende maanden nadere interviews
worden gehouden met diverse betrokken bestuurders en commissarissen uit
de relevante periode voorafgaande aan de faillissementen van de diverse
vennootschappen behorend tot de Virenze Groep.
05-03-2020
5
De komende periode zal de curator vervolginterviews houden met leden van
het bestuur en de raad van commissarissen. Het onderzoek is derhalve
gaande.
04-09-2020
6
7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid
Zevende verslag:
De te houden vervolginterviews met commissarissen en bestuurders uit de
relevante periode voorafgaand aan de faillissementen van de diverse
vennnootschappen behorend tot de Virenze Groep zijn inmiddels voorbereid en
deze interviews zullen worden afgenomen in de komende verslagperiode.
Daarmee wordt het onderzoek nu geïntensiveerd en hopelijk kunnen de
interviews in het tweede kwartaal van dit jaar worden afgerond.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Het rechtmatigheidsonderzoek vindt nog plaats. De interviews met betrokken
commissarissen en bestuurders worden de komende verslagperiode afgerond.
Aansluitend zal beoordeling van de geconstateerde feiten nog moeten
plaatsvinden.
21-10-2021
8
De curator heeft de voorbije verslagperiode het concept rapport
oorzakenonderzoek (Feitendeel) afgerond. Momenteel is dit ter
becommentariëring verzonden aan de betrokken functionarissen (oud leden
van de RvB en RvC). Zodra de curator de ontvangen reactie heeft beoordeeld
en waar nodig verwerkt, zal het definitief rapport aan de rechter commissaris
worden aangeboden. Aansluitend zullen de conclusies worden betrokken in
het rechtmatigheidsonderzoek.
21-04-2022
9
Het rechtmatigheidsonderzoek vindt nog plaats. De curator tracht het
rechtmatigheidsonderzoek in de komende verslagperiode af te ronden.
21-10-2022
10
De curator heeft het vertrouwelijke rapport van zijn bevindingen (enkel)
gedeeld met de rechter-commissaris en acht het in het kader van de
persoonlijke belangen van de bestuurders niet gepast, noch noodzakelijk, om
een nadere toelichting te geven in het openbaar verslag op de bevindingen en
conclusies van zijn rechtmatigheidsonderzoek.
01-06-2023
11
Zodra de BCA-verzekeraar zich heeft uitgelaten over het verzoek van de
curator, zal bezien moeten worden of de mediation met succes kan worden
afgerond, dan wel dat er alsnog moet worden geprocedeerd.
07-01-2026
16
Nu de BCA-verzekeraar zich heeft uitgelaten over het verzoek van de curator,
maar dat niet onmiddellijk tot een vergelijk heeft geleid, zal bezien moeten
worden of een en ander alsnog verder gebracht kan worden in de door de
curator en de bestuurder gewenste richting. Dit met als doel dat de
mediation alsnog met succes kan worden afgerond, maar als dat niet het
geval is dan zal er alsnog moeten worden geprocedeerd.
07-07-2026
17
Onderzoek. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Onderzoek.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Onderzoek.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Opzetten database met brondocumenten, studie van documenten, houden van
inleidende gesprekken en aanvullende interviews met betrokken
05-03-2020
5
functionarissen. Het voeren van correspondentie en telefoongesprekken met
deze functionarissen.
Het voeren van correspondentie, het bestuderen van de boekhouding en het
houden van interviews.
04-09-2020
6
Zevende verslag:
Het voorbereiden van vervolginterviews aan de hand van boekenonderzoek
alsmede het bestuderen van administratieve bescheiden.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Het voorbereiden van vervolginterviews aan de hand van boekenonderzoek
alsmede het bestuderen van administratieve bescheiden.
21-10-2021
8
Afronden van het concept rapport oorzakenonderzoek (Feitendeel). 21-04-2022
9
Aan de hand van de conclusies uit het oorzakenonderzoek het juridisch
kwaliceren van de feitenconstellatie. Een en ander aan de hand van
boekenonderzoek alsmede het bestuderen van administratieve bescheiden.
21-10-2022
10
Afronden van het rechtmatigheidsonderzoek en het opstellen en afronden van
het rapport van bevindingen. Het verrichten van afstemming met de rechter-
commissaris. Het opstellen van brieven aan de bestuurders inhoudende een
aansprakelijkstelling. Het voeren van correspondentie met de voormalig leden
van de Raad van Commissarissen. Het voeren van correspondentie met de
advocaten van de bestuurders. Het voeren van correspondentie met
bestuurdersaansprakelijkheidsverzekeraar.
01-06-2023
11
De curator heeft het verweer van de advocaten van de bestuurders
bestudeerd en daarop zijn reactie voorbereid. Voorts heeft over het
voorgaande afstemming met de rechter-commissaris plaatsgevonden.
01-12-2023
12
Het voeren van correspondentie met de advocaten van de bestuurders. 28-06-2024
13
Het voeren van correspondentie met de advocaten van de bestuurders, alsook
met (de advocaat) van HDI Global (de BCA-verzekeraar).
30-12-2024
14
Het voeren van correspondentie met de advocaten van de bestuurder de heer
Kochen als ook met (de advocaat van) HDI Global (de BCA-verzekeraar).
07-07-2025
15
Het voorbereiden op en het voeren van mediationgesprekken met de mediator
alsook de bestuurder de heer Kochen en zijn advocaat.
Het voeren van correspondentie met de mediator, (de advocaat van) de
bestuurder de heer Kochen als ook met (de advocaat van) HDI Global (de BCA-
verzekeraar).
07-01-2026
16
Het voorbereiden op en het voeren van mediationgesprekken met de
mediator alsook de bestuurder de heer Kochen en zijn advocaat.
Het voeren van correspondentie met de mediator, (de advocaat van) de
bestuurder de heer Kochen als ook met (de advocaat van) HDI Global (de
BCA-verzekeraar).
07-07-2026
17
8.1 Boedelvorderingen
8. Crediteuren
€ 157.109,31
Toelichting
De in het openingsverslag weergegeven categorieën van boedelschuldeisers
hebben zich in de voorbije verslagperiode inderdaad deels bij de curator
gemeld met een boedelvordering. Op dit moment is aan boedelschulden
geregistreerd een bedrag van in totaal € 157.109,31. Ter nadere specificatie
wordt verwezen naar de aan het verslag gehechte bijlage waaruit blijkt dat
het thans gaat om 24 geregistreerde boedelschuldeisers. Het UWV heeft haar
boedelvordering nog niet bij de curator aangemeld. Van de werknemers heeft
vooralsnog een deel een boedelvordering ingediend. Dit betreft de groep van
werknemers waarvan het UWV de loonvordering slechts deels heeft
overgenomen. In totaliteit zal dit om circa 50 werknemers gaan. Ten aanzien
van die laatste categorie geldt dat de curator de reeds aangemelde
boedelvorderingen momenteel beoordeeld en het personeel daaromtrent
spoedig inhoudelijk zal berichten.
27-06-2018
2
Toelichting
Derde verslag:
De boedelvorderingen bestaan uit het salaris van de curator, de
huurpenningen na datum faillissement, de loonvorderingen van werknemers
alsook de bijzondere faillissementskosten in het kader van het te gelde maken
van het actief (waaronder de kosten van incasso van vorderingen op
debiteuren maar tevens de instandhoudingskosten van het materieel actief
waaronder de huisvestingskosten). Een nadere specificatie van die bijzondere
faillissementskosten is terug te vinden in de tussentijdse financiële verslagen
die een recapitulatie vormen van de faillissementsrekeningen.
Voorts geldt als boedelvordering de vordering van het UWV aangaande de
overname van de loonbetalingen. Ten aanzien van de boedelvordering van het
UWV wordt opgemerkt dat die geconsolideerd (dat wil zeggen zowel in het
faillissement van Virenze Algemeen Beheer BV als in het faillissement van
Virenze Riagg BV) in totaal bedraagt € 3.846.778,94. Verwezen wordt terzake
naar de aangehechte specificaties.
Daarnaast is aan preferente boedelschulden een totaalbedrag van €
59.480,50 geregistreerd terzake de loonvorderingen van werknemers waarvan
het UWV slechts een deel overgenomen heeft. In totaliteit handelt dit om 35
werknemers. De overige concurrente boedelvorderingen betreffen die van
verhuurders voor in totaal een bedrag ad € 162.109,31. Dat brengt het totaal
aan boedelvorderingen momenteel op € 4.068.368,75.
31-01-2019
3
Toelichting
Vierde verslag:
Ten aanzien van de boedelvorderingen zij eerder vermeld dat die zullen
bestaan uit het salaris van de curator, de huurpenningen na datum
faillissement, de loonvorderingen van de werknemers alsook de bijzondere
06-09-2019
4
faillissementskosten in het kader van het te gelde maken van het actief. Een
nadere uitwerking daarvan is terug te vinden in de tussentijdse financiële
verslagen die een recapitulatie vormen van de faillissementsrekeningen.
De reeds eerder ingediende boedelvordering van het UWV is in de voorbije
verslagperiode niet gewijzigd en bedraagt derhalve (geconsolideerd) nog
steeds € 3.846.778,94, waartoe verwezen wordt naar de aangehechte
specificatie.
Ook de eerder weergegeven preferente boedelvorderingen van de
werknemers waarvan het UWV slechts een deel had overgenomen, is in de
voorbije verslagperiode ongewijzigd gebleven en bedraagt derhalve in totaal
nog steeds € 59.480,50.
Hetzelfde geldt voor de conurrente boedelvorderingen van de verhuurders.
Deze bedragen nog steeds in totaal € 162.109,31. Oftewel, het totaal aan
boedelvorderingen bedraagt momenteel afgerond € 4.068.368,75.
Toelichting
Vijfde verslag:
De positie van de boedelcrediteuren in het faillissement van Virenze is de
voorbije verslagperiode ongewijzigd gebleven.
05-03-2020
5
Toelichting
De positie van de boedelcrediteuren in het faillissement van Virenze is de
voorbije verslagperiode overwegend ongewijzigd gebleven met uitzondering
van het feit dat het UWV in het faillissement van Virenze Algemeen Beheer BV
haar boedelvordering inzake de overgenomen pensioenpremies heeft
ingediend ter hoogte van € 17.002,10. Overige boedelvorderingen blijven
ongewijzigd en verwezen zij naar het aangehechte overzicht
Bedrijfsvereniging / UWV.
04-09-2020
6
Toelichting
Zevende verslag:
De positie van de boedelcrediteuren in het faillissement van Virenze is de
voorbije verslagperiode ongewijzigd gebleven.
05-03-2021
7
Toelichting
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Toelichting
Ongewijzigd.
21-04-2022
9
Toelichting
In de voorbije periode heeft de curator gezorgd voor afstemming met de
belastingdienst aangaande de BTW over de boedelperiode. De belastingdienst
heeft het door de curator dienaangaande gedane voorstel geaccepteerd. De
komende verslagperiode zal aldus met de belastingdienst worden afgewikkeld.
21-10-2022
10
8.2 Pref. vord. van de fiscus
€ 3.319.067,00
Toelichting
De preferente pre-faillissementsvordering die door de Belastingdienst bij de
curator is aangemeld bedraagt momenteel € 3.319.067,- (exclusief
invorderingsrente). Verwezen wordt naar de aangehechte specificatie
vorderingen belastingen.
27-06-2018
2
€ 2.963.569,00
Toelichting
Derde verslag:
De preferente prefaillissementsvordering die door de Belastingdienst bij de
curator is aangemeld heeft in de voorbije verslagperiode aanpassing
ondervonden en bedraagt € 2.963.569,- (exclusief invorderingsrente).
Verwezen wordt naar de aangehechte specificatie vorderingen belastingen
waaruit voortvloeit dat dit vooralsnog enkel uit onbetaald gebleven
loonbelasting bestaat. De curator zal nog aangifte ex artikel 29 lid 7 Wet OB
moeten doen.
31-01-2019
3
€ 2.963.569,00
Toelichting
Vierde verslag:
In de voorbije verslagperiode is de preferente vordering van de
Belastingdienst ongewijzigd gebleven en bedraagt derhalve nog steeds het
hiervoor genoemde bedrag. Verwezen wordt naar de aangehechte specificatie
vordering belastingen.
06-09-2019
4
€ 2.963.569,00
Toelichting
Vijfde verslag:
In de voorbije verslagperiode is de preferente vordering van de
Belastingdienst eveneens ongewijzigd gebleven en bedraagt derhalve nog
steeds € 2.963.569,-.
05-03-2020
5
Toelichting
Ongewijzigd
04-09-2020
6
Toelichting
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Toelichting
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
8.3 Pref. vord. UWV
Toelichting
Ongewijzigd.
21-04-2022
9
Toelichting
Ongewijzigd.
21-10-2022
10
€ 0,00
Toelichting
Het UWV heeft haar vordering tot op heden nog niet ingediend.
27-06-2018
2
€ 1.485.704,92
Toelichting
Derde verslag:
De preferente prefaillissementsvordering van het UWV bedraagt in totaliteit en
geconsolideerd (dat wil zeggen voor zowel het faillissement van Virenze
Algemenen Beheer BV als het faillissement Virenze Riagg BV) ad €
1.485.704,92. Dit betreft de loonvordering ex artikel 66 lid 1 WW en de premie
werkgeversdeel sociale verzekeringen ex artikel 66 lid 3 WW. Voor een
overzicht wordt verwezen naar de bijlage.
31-01-2019
3
€ 1.489.221,75
Toelichting
Vierde verslag:
De preferente prefaillissementsvordering van het UWV is aangepast en
bedraagt in totaliteit en geconsolideerd (dat wil zeggen voor zowel het
faillissement van Virenze Algemeen Beheer BV als het faillissement Virenze
Riagg BV) ad € 1.489.221,75. Voor een overzicht wordt verwezen naar de
bijlage.
06-09-2019
4
€ 1.489.221,75
Toelichting
Vijfde verslag:
In de voorbije verslagperiode is de preferente vordering van het UWV
eveneens ongewijzigd gebleven en bedraagt derhalve nog steeds €
1.489.221,75.
05-03-2020
5
Toelichting
De preferente vordering van het UWV inzake de overgenomen
pensioenpremies is eveneens de voorbije verslagperiode ingediend ter hoogte
van € 110.237,55. Overige preferente vorderingen blijven ongewijzigd en
verwezen zij naar het aangehechte overzicht Bedrijfsvereniging / UWV.
04-09-2020
6
8.4 Andere pref. crediteuren
Toelichting
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Toelichting
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Toelichting
Ongewijzigd.
21-04-2022
9
Toelichting
Ongewijzigd.
21-10-2022
10
€ 177.653,69
Toelichting
Inmiddels heeft een groot deel van oud werknemers van Virenze reeds een
preferente vordering bij de curator ingediend. In totaliteit is thans aan
schuldvorderingen op de lijst van preferente schuldeisers geplaatst een
bedrag van € 177.563,69. Voor een overzicht wordt verwezen naar de bijlage
waaruit blijkt dat het thans gaat om 36 geregistreerde preferente crediteuren.
De curator verwacht dat dit bedrag nog zal oplopen omdat nog een groep van
circa 400 werknemers hun vorderingen nog bij de curator moeten indienen.
27-06-2018
2
€ 1.001.519,06
Toelichting
Derde verslag:
De eindafrekening door het UWV is verricht waardoor de oud werknemers van
Virenze de balans hebben kunnen opmaken van hetgeen zij resterend te
vorderen hebben op Virenze. Inmiddels hebben 175 oud werknemers van
Virenze een preferente vordering bij de curator ingediend. In totaliteit is thans
aan schuldvorderingen op de lijst van preferente crediteuren geplaatst een
bedrag ad € 1.001.519,06. De vorderingen bestaan hoofdzakelijk uit onbetaald
gebleven eindejaarsuitkering, niet opgenomen vakantiedagen en
vakantietoeslag en in sommige gevallen ook de niet uitbetaalde
levensfasebudget-uren. Het zijn als gezegd momenteel 175 oud werknemers
die hun vordering hebben kenbaar gemaakt bij de curator en aangezien het
totale personeelsbestand circa 400 bedroeg, wordt verwacht dat deze totale
preferente vorderingspositie nog zal toenemen.
Voor een overzicht wordt verwezen naar de bijlage.
31-01-2019
3
€ 1.003.870,55
Toelichting
06-09-2019
4
8.5 Aantal concurrente crediteuren
Vierde verslag:
Inmiddels hebben 176 oud werknemers van Virenze een preferente vordering
bij de curator ingediend. In totaliteit is thans aan schuldvorderingen op de lijst
van preferente crediteuren geplaatst een bedrag ad € 1.003.870,55. Voor een
overzicht wordt verwezen naar de bijlage.
Toelichting
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Toelichting
Ongewijzigd
04-09-2020
6
Toelichting
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Toelichting
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Toelichting
Ongewijzigd.
21-04-2022
9
Toelichting
Ongewijzigd.
21-10-2022
10
212
Toelichting
Vooralsnog hebben 212 concurrente crediteuren hun vordering ingediend. Voor
een overzicht wordt verwezen naar de bijlage.
27-06-2018
2
223
Toelichting
Derde verslag:
Vooralsnog hebben 223 concurrente crediteuren hun vordering ingediend.
Voor een overzicht wordt verwezen naar de bijlage.
31-01-2019
3
241
Toelichting
06-09-2019
4
8.6 Bedrag concurrente crediteuren
Vierde verslag:
Vooralsnog hebben 241 concurrente crediteuren hun vordering ingediend.
Voor een overzicht wordt verwezen naar de bijlage.
244
Toelichting
Vijfde verslag:
Vooralsnog hebben 244 concurrente crediteuren hun vordering ingediend.
Voor een overzicht wordt verwezen naar de bijlage.
05-03-2020
5
245
Toelichting
Vooralsnog hebben 245 concurrente crediteuren hun vordering ingediend.
Voor een overzicht wordt verwezen naar de bijlage.
04-09-2020
6
245
Toelichting
Zevende verslag:
Vooralsnog hebben 245 concurrente crediteuren hun vordering ingediend.
Voor een overzicht wordt verwezen naar de bijlage.
05-03-2021
7
246
Toelichting
Achtste verslag:
Vooralsnog hebben 246 concurrente crediteuren hun vordering ingediend.
Voor een overzicht wordt verwezen naar de bijlage.
21-10-2021
8
247
21-04-2022
9
Toelichting
Ongewijzigd.
21-10-2022
10
248
01-06-2023
11
€ 4.213.976,66
Toelichting
Het bedrag van de tot op heden ingediende vorderingen van crediteuren
bedraagt € 4.213.976,66.
27-06-2018
2
€ 4.513.202,50
31-01-2019
Toelichting
Derde verslag:
Het bedrag van de tot op heden ingediende vorderingen van crediteuren
bedraagt € 4.513.202,50.
3
€ 5.916.413,30
Toelichting
Vierde verslag:
Het bedrag van de tot op heden ingediende vorderingen van concurrente
crediteuren bedraagt € 5.916.413,30.
06-09-2019
4
€ 8.724.356,15
Toelichting
Vijfde verslag:
Het bedrag van de tot op heden ingediende vorderingen van concurrente
crediteuren bedraagt € 8.724.356,15.
05-03-2020
5
€ 8.726.087,61
Toelichting
Het bedrag van de tot op heden ingediende vorderingen van concurrente
crediteuren bedraagt € 8.726.087,61.
04-09-2020
6
€ 8.595.171,45
Toelichting
Zevende verslag:
Het bedrag van de tot op heden ingediende vorderingen van concurrente
crediteuren bedraagt € 8.595.171,45.
05-03-2021
7
€ 8.651.189,41
Toelichting
Achtste verslag:
Het bedrag van de tot op heden ingediende vorderingen van concurrente
crediteuren bedraagt € 8.651.189,41.
21-10-2021
8
€ 9.748.509,18
21-04-2022
9
Toelichting
Ongewijzigd.
21-10-2022
10
€ 9.323.682,56
01-06-2023
11
8.7 Verwachte wijze van afwikkeling
8.8 Werkzaamheden crediteuren
€ 9.323.682,56 01-12-2023
12
Ongewijzigd. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
De wijze van afwikkeling zal beïnvloed kunnen worden door de uitkomst van
de thans gevoerde discussie over het al dan niet aansprakelijk zijn van het
bestuur voor onbehoorlijke taakvervulling en het mogelijke verhaal dat de
curator op basis van die vordering vindt. De wijze van afwikkeling zal derhalve
eerst duidelijk worden nadat deze discussie is afgerond. De doorlooptijd
daarvan is op het moment van verslaglegging nog onbekend.
01-06-2023
11
8.8 Werkzaamheden crediteuren
9.1 Naam wederpartijen
Inventarisatie van de schuldpositie, overleg met UWV en Belastingdienst,
correspondentie met crediteuren waaronder in overwegende mate ook
werknemers.
27-06-2018
2
Derde verslag:
Inventarisatie van de schuldpositie, overleg met UWV en Belastingdienst,
correspondentie met crediteuren waaronder ook in overwegende mate
werknemers.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Inventarisatie van de schuldpositie waarbij met name de correspondentie met
preferente crediteuren en concurrente crediteuren in de voorbije
verslagperiode nog aanzienlijk is geweest.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Nadere inventarisatie van de schuldpositie.
05-03-2020
5
Nadere inventarisatie van de schuldpositie 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Nadere inventarisatie van de schuldpositie.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
De curator heeft in de voorbije periode overleg en correspondentie gevoerd
met zowel de Belastingdienst als het UWV over enerzijds de afwikkeling BTW
over de boedelperiode en anderzijds over de hoogte van de door het UWV
ingediende boedelvordering ex artikel 66 lid 3 WW.
21-10-2022
10
In de voorbije periode heeft afstemming met het UWV plaatsgevonden over
haar concurrente vordering in het faillissement die is aangepast.
01-06-2023
11
9. Procedures
Ongewijzigd. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
9.2 Aard procedures
9.3 Stand procedures
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
Ongewijzigd. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
9.3 Stand procedures
9.4 Werkzaamheden procedures
Ongewijzigd. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
9.4 Werkzaamheden procedures
10.1 Plan van aanpak
Ongewijzigd. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Ongewijzigd.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Ongewijzigd.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2020
5
Ongewijzigd 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Ongewijzigd.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
10. Overig
In de komende periode zal de curator (in al dan niet willekeurige volgorde) zijn
aandacht vestigen op de volgende onderwerpen:
Definitief standpunt innemen omtrent de wijze waarop de bewaarneming
van patiëntendossiers zal gaan plaatsvinden en dit tot uitvoering
brengen;
Afhandelen van verzoeken van oud-patiënten in verband met opvraag
c.q. vernietiging van patiëntendossiers.
Incasso van de vorderingen op debiteuren intensiveren;
Afronden van verkoop van het resterend actief (Kasteel Rijckholt, haar
inventaris en de Volkswagen Kever);
Nadere inventarisatie van de crediteurenpositie;
Definitieve afwikkeling van de personeelsaanspraken;
Verder onderzoek naar de oorzaken van het faillissement;
Onderzoek van de boekhouding en de financiële administratie;
Onderzoek naar eventuele paulianeus handelen;
Onderzoek naar het gevoerde bestuur en toezicht.
27-06-2018
2
Derde verslag: 31-01-2019
In de komende periode zal de curator (al dan niet in willekeurige volgorde) zijn
aandacht vestigen op de navolgende onderwerpen:
Het tot uitvoering brengen van de besloten wijze waarop de bewaarneming
van de patiëntendossiers zal plaatsvinden;
Het afhandelen van verzoeken van oud patiënten in verband met opvraag c.q.
vernietiging van patiëntendossiers, tot het moment dat het nieuwe
bewaarnemingssysteem is ingevoerd;
Afronding van de debiteurenincasso;
Afronding van de verkoop van Kasteel Rijckholt;
Definitieve afrekening met pand- en hypotheekhouder Rabobank;
Nadere inventarisatie van de crediteurenpositie;
Definitieve afwikkeling van de personeelsaanspraken;
Verder onderzoek verrichten naar de oorzaken van het faillissement;
Onderzoek verrichten naar de boekhouding en de financiële administratie;
Onderzoek verrichten naar eventueel paulianeus handelen;
Onderzoek verrichten naar het gevoerde bestuur en toezicht.
3
Vierde verslag:
In de komende verslagperiode zal de curator (al dan niet in willekeurige
volgorde) zijn aandacht nader vestigen op de navolgende onderwerpen:
Zoveel mogelijk tot een afronding komen aangaande de wijze waarop de
bewaarneming van patiëntendossiers definitief zal gaan plaatsvinden om dit
ook tot uitvoering te kunnen brengen;
Tot het moment dat het vorenstaande definitief elders is ondergebracht, zullen
de verzoeken van oud-patiënten in verband met opvraag c.q. vernietiging van
patiëntendossiers nog worden afgehandeld;
Nadere inventarisatie van de crediteurenpositie;
Afstemming met de fiscus aangaande de BTW-aspecten van dit faillissement;
Verdere afwikkeling van de boedelvorderingen;
Verder onderzoek verrichten naar de oorzaken van het faillissement;
Onderzoek verrichten naar de boekhouding en de financiële administratie;
Onderzoek verrichten naar eventueel paulianeus handelen;
Onderzoek verrichten naar het gevoerde bestuur.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
In de komende verslagperiode zal de curator (al dan niet in willekeurige
volgorde) zijn aandacht nader vestigen op de navolgende onderwerpen:
Zoveel mogelijk tot een afronding komen aangaande de wijze waarop de
bewaarneming van patiëntendossiers definitief zal gaan plaatsvinden om dit
ook tot uitvoering te kunnen brengen;
Tot het moment dat het vorenstaande definitief elders is ondergebracht, zullen
de verzoeken van oud-patiënten in verband met opvraag c.q. vernietiging van
patiëntendossiers nog worden afgehandeld;
05-03-2020
5
Nadere inventarisatie van de crediteurenpositie;
Afstemming met de fiscus aangaande de BTW-aspecten van dit faillissement;
Verdere afwikkeling van de boedelvorderingen;
Verder onderzoek verrichten naar de oorzaken van het faillissement;
Onderzoek verrichten naar de boekhouding en de financiële administratie;
Onderzoek verrichten naar eventueel paulianeus handelen;
Onderzoek verrichten naar het gevoerde bestuur.
In de komende verslagperiode zal de curator (al dan niet in willekeurige
volgorde) zijn aandacht nader vestigen op de navolgende onderwerpen:
Tot definitieve afspraken komen met de betrokken partijen (Ministerie van
VWS, Paranassia Groep alsook Iron Mountain en TrompBX) omtrent de
bewaarneming van patiëntendossiers;
Tot het moment dat het vorenstaande definitief elders is ondergebracht, zullen
de verzoeken van oud-patiënten in verband met opvraag c.q. vernietiging van
patiëntendossiers nog worden afgehandeld;
Nadere inventarisatie van de crediteurenpositie;
Afstemming met de fiscus aangaande de BTW-aspecten van dit faillissement;
Verdere afwikkeling van de boedelvorderingen;
Verder onderzoek verrichten naar de oorzaken van het faillissement alsmede
de rechtmatigheid van het bestuur en het gehouden toezicht;
Onderzoek verrichten naar de boekhouding en de financiële administratie;
Onderzoek verrichten naar eventueel paulianeus handelen;
04-09-2020
6
Zevende verslag:
Overdracht van de werkzaamheden rondom bewaring van patiëntendossiers
alsmede de afhandeling van verzoeken tot afgifte en vernietiging van
patiëntendossiers;
Nadere inventarisatie van de crediteurenpositie;
Afstemming met de fiscus aangaande de BTW-aspecten van dit faillissement;
Verdere afwikkeling van de boedelvorderingen;
Verder onderzoek verrichten naar de oorzaken van het faillissement alsmede
de rechtmatigheid van het bestuur en het gehouden toezicht;
Onderzoek naar de boekhouding en de financiële administratie;
Onderzoek verrichten naar eventueel paulianeus handelen.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Afstemming met de fiscus aangaande de BTW-aspecten van dit faillissement;
Verdere afwikkeling van de boedelvorderingen;
Verder onderzoek verrichten naar de oorzaken van het faillissement alsmede
de rechtmatigheid van het bestuur en het gehouden toezicht;
Onderzoek naar de boekhouding en de financiële administratie;
21-10-2021
8
Onderzoek verrichten naar eventueel paulianeus handelen.
Afstemming met de fiscus aangaande de BTW-aspecten van dit faillissement;
Verdere afwikkeling van de boedelvorderingen;
Afronden oorzakenonderzoek en aanvang rechtmatigheidsonderzoek van het
bestuur en het gehouden toezicht;
Onderzoek naar de boekhouding en de financiële administratie;
Onderzoek verrichten naar eventueel paulianeus handelen.
21-04-2022
9
Afronden van het onderzoek naar de rechtmatigheid van het bestuur en het
gehouden toezicht;
Onderzoek naar de boekhouding en de financiële administratie;
Onderzoek verrichten naar eventueel paulianeus handelen.
21-10-2022
10
De komende verslagperiode zal de curator het recentelijk ontvangen verweer
van de bestuurders tegen de geuite aansprakelijkstelling bestuderen en met
de rechter-commissaris daarover afstemmen. Aansluitend zal naar verwachting
overleg plaatsvinden met (de advocaten van) de bestuurders over het vervolg
van deze gevoerde discussie.
01-06-2023
11
De komende verslagperiode zal de curator aansturen op het bereiken van een
minnelijke regeling met de bestuurders. Ingeval dit onmogelijk blijkt zal de
curator overwegen een procedure op te starten uit hoofde van onbehoorlijk
bestuur.
28-06-2024
13
De curator wenst spoedig duidelijkheid te verkrijgen van BCA-verzekeraar HDI
Global over het door haar opgeworpen argument dat bestuurder Kersten de
verzekeraar voorafgaand aan het sluiten van de BCA-polis onvoldoende zou
hebben geïnformeerd. Dit om aansluitend spoedig een aanvang te kunnen
nemen met het insolventie mediation traject. Deze afhandeling wordt immers
op dit moment (naar het oordeel van de curator) onnodig en ten onrechte
vertraagd.
30-12-2024
14
De mediation zal spoedig een aanvang nemen en afhankelijk van de uitkomst
daarvan moet worden bezien of een juridische procedure nog noodzakelijk
wordt. Gelijktijdig hieraan zal de discussie met de BCA-verzekeraar HDI Global
gevoerd dienen te worden. Een en ander zal naar verwachting de komende
verslagperiode verder duidelijk moeten worden.
07-07-2025
15
De reactie van de BCA-verzekeraar wordt thans door de curator en de
bestuurder afgewacht. Afhankelijk daarvan dient te worden bezien of de
mediation dient te worden voortgezet danwel beëindigd en waar dat verder
mogelijk toe leidt. In het gunstige geval leidt dat binnen afzienbare termijn tot
een minnelijke regeling, waardoor relatief spoedig de faillissementen van
Virenze kunnen worden afgewikkeld. In het ongunstige geval leidt dat tot het
alsnog moeten voeren van juridische procedures.
07-01-2026
16
Nu de reactie van de BCA-verzekeraar nog niet tot een vergelijk heeft geleid,
zal in de komende verslagperiode het overleg met de BCA-verzekeraar
worden gecontinueerd. Afhankelijk van die uitkomst, zullen besluiten
genomen worden hoe verder te gaan. In het gunstige geval leidt dat binnen
afzienbare termijn alsnog tot een minnelijke regeling, waardoor relatief
07-07-2026
17
10.2 Termijn afwikkeling faillissement
10.3 Indiening volgend verslag
10.4 Werkzaamheden overig
spoedig de faillissementen van Virenze kunnen worden afgewikkeld. In het
ongunstige geval leidt dat tot het alsnog moeten voeren van juridische
procedures.
Het is nog onbekend wanneer het faillissement afgewikkeld zal worden. 27-06-2018
2
Derde verslag:
Het is nog onbekend wanneer het faillissement afgewikkeld zal worden.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Het is nog onbekend wanneer het faillissement afgewikkeld zal worden.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Het is nog onbekend wanneer het faillissement afgewikkeld zal worden.
05-03-2020
5
Het is nog onbekend wanneer het faillissement afgewikkeld zal worden. 04-09-2020
6
Zevende verslag:
Het is nog onbekend wanneer het faillissement afgewikkeld zal worden.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Ongewijzigd.
21-10-2021
8
Ongewijzigd. 21-04-2022
9
Ongewijzigd. 21-10-2022
10
7-1-2027 07-07-2026
17
10.4 Werkzaamheden overig
Bijlagen
Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van
aanpak.
27-06-2018
2
Derde verslag:
Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van
aanpak.
31-01-2019
3
Vierde verslag:
Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van
aanpak.
06-09-2019
4
Vijfde verslag:
Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van
aanpak.
05-03-2020
5
Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van
aanpak.
04-09-2020
6
Zevende verslag:
Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van
aanpak.
05-03-2021
7
Achtste verslag:
Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van
aanpak.
21-10-2021
8
Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van
aanpak.
21-04-2022
9
Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van
aanpak.
21-10-2022
10
Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van
aanpak.
01-06-2023
11
Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van
aanpak.
07-01-2026
16
Alle werkzaamheden die samenhangen met het in 10.1 genoemde plan van
aanpak.
07-07-2026
17
Bijlagen