Overzicht met bedrijven in Nederland
Terug naar faillissement

Verslag: 16-12-2025

PaperlinX B.V. · KVK 08119567 ·F.05/15/349
Verslagdatum
16-12-2025
Procedure
Faillissement
Status
Beëindigd
Rechtbank
Rechtbank Gelderland

Platte tekst van het verslag

Documentkenmerk: 05_gel_15_349_F_V_28 ·Tekst verwerkt op 26-09-2026 08:50

Openbaar faillissementsverslag

rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)

Naam onderneming

Gegevens onderneming

Activiteiten onderneming

Financiële gegevens

Toelichting financiële gegevens

Betreft

Algemene gegevens

Paperlinx B.V. 05-07-2024

21

De besloten vennootschap Paperlinx B.V. (verder te noemen: PPX) was

statutair gevestigd te (7202 BV) Zutphen aan de Pollaan 1, handelende tevens

onder de namen: BührmannUbbens Packaging, Velpa, Velpa Enveloppen,

Proburo, Proost en Brandt Groep Industrieel Papier, Papiergroothandel Gebr.

Jacobs, Hamex, Store Office Paper, BührmannUbbens, Proost en Brandt,

Brievenbusdoosje en Paperlinx Benelux.

05-07-2024

21

De activiteiten van PPX bestonden uit de vervaardiging van papier en karton

voor verpakking, groothandel in papier- en papierwaren, karton en

verpakkingsmateriaal en de fabricage van enveloppen.

05-07-2024

21

Jaar Omzet Winst / verlies Balanstotaal
2014 € 258.000.000,00 € -12.856.000,00 € 118.086.000,00
2013 € 269.063.000,00 € -21.051.000,00 € 132.719.000,00

Verslagnummer 24

Datum verslag 16-12-2025

Insolventienummer F.05/15/349

Toezichtzaaknummer NL:TZ:0000319386:F001

Datum uitspraak 16-04-2015

R-C mr. O. Nijhuis

Curator mr J.B.A. Jansen

mr G.J. Koers

Toelichting financiële gegevens

Gemiddeld aantal personeelsleden

Boedelsaldo

Verslagperiode

Bestede uren

Het boekjaar van PPX liep van 1 juli tot en met 30 juni. Bovenstaande

financiële gegevens volgen uit de laatste jaarrekening 2013/2014 die

geconsolideerd met PaperlinX Netherlands BV (verder PPX Netherlands) is

opgesteld. Hoewel het geconsolideerde cijfers betreft, is van belang te

vermelden dat het eigen vermogen van PPX ruim 98% uitmaakte van het

verantwoorde eigen vermogen van PPX Netherlands.

05-07-2024

21

550

05-07-2024

21

€ 5.484.713,58

05-07-2024

21

€ 5.423.733,79

19-12-2024

22

€ 5.163.666,59

04-09-2025

23

van

1-12-2023

t/m

31-5-2024

05-07-2024

21

van

1-6-2024

t/m

30-11-2024

19-12-2024

22

van

1-12-2024

t/m

31-5-2025

04-09-2025

23

Bestede uren

Toelichting bestede uren

VerslagperiodeBestede uren

21 530 uur 54 min
22 481 uur 0 min
23 536 uur 36 min
24 539 uur 18 min

totaal 2.087 uur 48 min

Toelichting bestede uren

Conform beleid van de rechtbank Gelderland hebben curatoren door middel

van een separaat vetrouwelijk bericht de rechter-commissaris geïnformeerd

over de belangrijkste gedurende deze verslagperiode verrichte

werkzaamheden alsmede een toelichting verstrekt op de bestede tijd.

05-07-2024

21

Overeenkomstig het ter zake geldende beleid van de rechtbank Gelderland

hebben curatoren de rechter-commissaris in de vorm van een separaat

vertrouwelijk bericht geïnformeerd omtrent de relevante en actuele

rechtmatigheidskwesties en de stand van zaken en verder plan van aanpak

met betrekking tot de civiele aansprakelijkheid van KPMG c.s. in het bijzonder.

Tevens hebben curatoren daarbij de belangrijkste gedurende de afgelopen

verslagperiode verrichte werkzaamheden beschreven en een toelichting

verstrekt op de in dit tijdvak bestede tijd. Gelet op de aard van deze informatie

en relevantie voor de in het vervolg te nemen (rechts)maatregelen worden

hieromtrent in deze openbare verslaglegging verder geen mededelingen

gedaan.

19-12-2024

22

In een separaat (vertrouwelijk) bericht hebben curatoren ingevolge het ter

zake geldende beleid van de rechtbank Gelderland de belangrijkste gedurende

de afgelopen verslagperiode verrichte werkzaamheden beschreven en een

toelichting verstrekt op de in dit tijdvak bestede tijd, alsmede de aard, omvang

en noodzaak daarvan.

Daarin hebben curatoren de rechter-commissaris tevens nader geïnformeerd

omtrent de actuele, relevante (rechtmatigheids-)kwesties en in het bijzonder

de stand van zaken en voorgenomen aanpak met betrekking tot de civiele

aansprakelijkheid van KPMG c.s.

Gelet op de aard van de verstrekte informatie en relevantie voor de in het

vervolg te nemen (rechts)maatregelen worden hieromtrent in deze openbare

verslaglegging verder geen mededelingen gedaan.

04-09-2025

23

Het vorige openbaar verslag dateert weliswaar van 4 september 2025, maar

heeft betrekking op de periode tot en met eind mei 2025. Het onderhavige

verslag heeft betrekking op de periode van juni tot en met november 2025.

Ook in de afgelopen verslagperiode hebben de curatoren de rechter-

commissaris separaat van de openbare verslaglegging - vertrouwelijk -

geïnformeerd omtrent de stand van zaken met betrekking tot de laatste in

het onderhavige faillissement nog actuele (rechtmatigheids)kwesties en in

het bijzonder het geschil met KPMG c.s. Daarbij zijn tevens gedetailleerd de

verrichte werkzaamheden beschreven met een toelichting van de aard,

omvang, relevantie en noodzaak daarvan ten behoeve van de nog voor

afdoening vatbare aangelegenheden.

Tevens hebben curatoren persoonlijk overleg gevoerd met de rechter-

commissaris over de voorgenomen aanpak en concreet door hen

voorgestane (rechts)maatregelen met betrekking tot de kwestie van de

civiele aansprakelijkheid van KPMG c.s. Naar aanleiding van genoemd overleg

en op basis van ter voorbereiding daarop door curatoren aangedragen

informatie en documentatie, ontvingen de curatoren daarvoor goedkeuring

respectievelijk toestemming.

Gelet op de aard van de verstrekte informatie, relevantie en strategisch

belang voor de in het vervolg te verrichten werkzaamheden en te nemen

(rechts)maatregelen worden hieromtrent in deze openbare verslaglegging

verder geen mededelingen gedaan.

16-12-2025

24

1.1 Directie en organisatie

1.2 Lopende procedures

1.3 Verzekeringen

1.4 Huur

1. Inventarisatie

Voor de beschrijving van directie en organisatie wordt verwezen naar het

eerste openbare verslag.

05-07-2024

21

Ten tijde van het uitspreken van het onderhavige faillissement waren er geen

gerechtelijke procedures aanhangig. Ten ijde van het opstellen van het

onderhavige verslag evenmin. Er zijn diverse gerechtelijke procedures

gevoerd, waarvoor curatoren verwijzen naar voorgaande verslagen.

05-07-2024

21

Hiervoor wordt verwezen naar het 17e openbaar verslag i.c.m. de onderdelen

7.3 en 9.1 van het onderhavige verslag.

19-12-2024

22

Ten tijde van het uitbrengen van het onderhavige verslag is (nog) geen

procedure aanhangig. Voor de stand van zaken met betrekking tot de kwestie

betreffende de civiele aansprakelijkheid van KPMG c.s. verwijzen curatoren

naar de onderdelen 7.3 en 9.1 van het onderhavige verslag.

04-09-2025

23

Ten tijde van het uitbrengen van het onderhavige verslag is (nog) geen

procedure aanhangig (gemaakt), maar curatoren hebben inmiddels na

daartoe van de rechter-commissaris verkregen toestemming de beslissing

genomen om KPMG op korte termijn in rechte te betrekken. Voor de stand

van zaken met betrekking tot de kwestie betreffende de civiele

aansprakelijkheid van KPMG c.s. verwijzen curatoren naar de onderdelen 7.3

en 9.1 van het onderhavige verslag.

16-12-2025

24

Hiervoor wordt verwezen naar het vijfde verslag. 05-07-2024

21

De huurovereenkomsten met betrekking tot de locaties te Zutphen,

Zwijndrecht, Diemen, Wormerveer en Lier (B) en Kapellen (B) zijn in 2015

beëindigd en afgewikkeld. De curatoren verwijzen hiervoor naar voorgaande

verslagen.

Hieronder volgt per relevante locatie een korte beschrijving van de actuele

stand van zaken.

Zutphen

Hiervoor wordt verwezen naar het 15e verslag. Deze kwestie is genoegzaam

afgewikkeld.

Zwijndrecht

Hiervoor wordt verwezen naar het 17e verslag. Deze kwestie is genoegzaam

afgewikkeld.

05-07-2024

21

Dit onderdeel is genoegzaam afgewikkeld. 19-12-2024

22

1.5 Oorzaak faillissement

In het kader van het rechtmatigheidsonderzoek, waarvan het voltooide feiten-

en oorzaken onderzoek door forensisch accountantskantoor Grant Thornton

(hierna: GT) deel uitmaakt, hebben curatoren ook nog gedurende de afgelopen

verslagperiode aandacht besteed aan enkele relevante onderwerpen en

kwesties. De curatoren zullen de in het definitief eindverslag van het forensisch

onderzoek door GT aan hen gerapporteerde uitkomsten betrekken bij hun

eigen, meer aspecten omvattende rechtmatigheidsonderzoek.

De curatoren hadden reeds eerder met bijstand van hun advocaten in dat

kader een eerste analyse gemaakt in verband met de vraag welke feiten en

omstandigheden in belangrijke mate aanleiding en oorzaak zijn geweest voor

het onderhavige faillissement en welke grondslagen voor (eventuele)

aansprakelijkheid jegens betrokkenen in verband daarmee zouden zijn te

onderkennen.

De rechter-commissaris is ook in de afgelopen (verslag)periode nader

vertrouwelijk geïnformeerd omtrent de stand van zaken betreffende het

voortdurende rechtmatigheidsonderzoek en enkele relevante kwesties in het

bijzonder. Daarbij wordt ook het oordeel van CBb blijkens zijn uitspraak in de

tuchtrechtelijke hoger beroepsprocedure inzake de als onjuist gekwalificeerde

wijze van verantwoording van het securitisatieprogramma in de

jaarrekeningen betrokken. De curatoren streven ernaar om in de komende

periode tot een nadere standpuntbepaling te komen.

Op dit moment is nog niet aan te geven op welke termijn de curatoren hun

definitieve standpunt ter zake zullen hebben bepaald. Curatoren zullen op

basis van hun nadere en definitieve conclusie(s) met de rechter-commissaris

een plan van aanpak afstemmen voor de eventuele vervolgstappen na

afronding van het rechtmatigheidsonderzoek.

Gelet op aard en karakter van dit onderzoek zullen over de (nadere)

bevindingen en conclusies van curatoren alsmede andere inhoudelijke

aspecten van het rechtmatigheidsonderzoek in deze openbare verslaglegging

verder geen inhoudelijke mededelingen worden gedaan. De rechter-

commissaris is en wordt steeds tussentijds schriftelijk en/of mondeling

vertrouwelijk door de curatoren geïnformeerd over de stand van zaken, de

relevante ontwikkelingen en (nadere) bevindingen in het kader van het

onderzoek.

05-07-2024

21

In het kader van het lopende rechtmatigheidsonderzoek, waarvan het

voltooide feiten- en oorzakenonderzoek door forensisch accountantskantoor

Grant Thornton (hierna: GT) deel uitmaakt, hebben curatoren ook nog

gedurende de afgelopen verslagperiode aandacht besteed aan enkele

relevante onderwerpen en kwesties.

Deze hebben met name betrekking op de rechtmatigheidsaspecten

betreffende het securitisation-programma, de cashpool-problematiek alsmede

de continuïteitsveronderstelling, welke thema's (ook) een belangrijke rol

spelen bij de (eventuele) civiele aansprakelijkheid van het bestuur van PPX

alsmede KPMG en de betrokken accountants.

De rechter-commissaris is nader vertrouwelijk geïnformeerd omtrent de stand

van zaken betreffende het voortdurende rechtmatigheidsonderzoek en enkele

relevante kwesties in het bijzonder. Daarbij wordt in het bijzonder aandacht

besteed aan het tuchtrechtelijke oordeel van CBb omtrent de als onjuist

gekwalificeerde wijze van verantwoording van het securitisatie-programma in

de jaarrekeningen welke verantwoordelijkheid bij het bestuur van de

vennootschap berust alsmede de controle daarop en afgifte van een

goedkeurende verklaring door de betrokken accountants. De curatoren streven

19-12-2024

22

ernaar om in de komende periode tot een nadere standpuntbepaling te

komen. Ten aanzien van de civiele aansprakelijkheid van KPMG en de

betrokken accountants hebben curatoren inmiddels verdere maatregelen

genomen. Zij verwijzen daarvoor naar onderdeel 7.3.

Thans is nog niet aan te geven op welke termijn de curatoren hun definitieve

standpunt ter zake de overige rechtmatigheidsaspecten zullen hebben

bepaald. Curatoren zullen op basis van hun definitieve conclusie(s) met de

rechter-commissaris een plan van aanpak afstemmen voor de eventuele

andere vervolgstappen na afronding van het rechtmatigheidsonderzoek.

Gelet op aard en karakter van dit onderzoek zullen over de (nadere)

bevindingen en conclusies van curatoren alsmede andere inhoudelijke

aspecten van het rechtmatigheidsonderzoek in deze openbare verslaglegging

verder geen inhoudelijke mededelingen worden gedaan. De rechter-

commissaris is en wordt steeds tussentijds schriftelijk en/of mondeling

vertrouwelijk door de curatoren geïnformeerd over de stand van zaken, de

relevante ontwikkelingen en (nadere) bevindingen in het kader van het

onderzoek.

Het meerjarige rechtmatigheidsonderzoek van curatoren, waarvan het reeds

eerder voltooide feiten- en oorzakenonderzoek door forensisch

accountantskantoor Grant Thornton (hierna: GT) deel uitmaakte, kan als

zodanig als afgerond worden beschouwd. Wel hebben curatoren gedurende

de afgelopen verslagperiode nog de nodige aandacht besteed aan enkele

daarin opgekomen relevante rechtmatigheidsaspecten betreffende het

securitisation-financieringsprogramma, de cashpool-funding alsmede de in de

jaarrekeningen als uitgangspunt genomen continuïteitsveronderstelling,

aangezien deze thema's essentieel zijn voor de (rechterlijke) beoordeling van

de getrouwheid van de gedurende de jaartijdvakken 2009/2010 t/m

2013/2014 opgestelde, goedgekeurde en uitgebrachte jaarrekeningen.

Curatoren betrekken deze aspecten bij de civiele aansprakelijkheid van KPMG

en de betrokken accountants alsmede de (eventuele)

bestuurdersaansprakelijkheid van directie en/of leidinggevenden.

Daarbij hebben zij ook nog aandacht besteed aan de reikwijdte en relevantie

van het tuchtrechtelijk oordeel van CBb omtrent de als onjuist gekwalificeerde

wijze van verantwoording van het securitisatie-programma in de

respectievelijke jaarrekeningen alsmede de (onjuiste) controle daarop en

afgifte van een goedkeurende verklaring door de betrokken accountants.

De rechter-commissaris is eveneens nader (vertrouwelijk) geïnformeerd

omtrent deze relevante kwesties in het bijzonder. Curatoren zullen op basis

van hun definitieve conclusie(s) in voorkomend geval met de rechter-

commissaris een definitief plan van aanpak afstemmen voor de vervolgstappen

met betrekking tot andere in het rechtmatigheidsonderzoek opgekomen

kwesties.

Ten aanzien van de civiele aansprakelijkheid van KPMG en de betrokken

accountants hebben curatoren inmiddels verdere maatregelen genomen. Zij

verwijzen daarvoor naar onderdeel 7.3.

Gelet op de vertrouwelijke aard en karakter van de (nadere) bevindingen en

conclusies van curatoren ten aanzien van de hiervoor genoemde

rechtmatigheidsaspecten en -kwesties zullen hierover in deze openbare

verslaglegging verder geen inhoudelijke mededelingen worden gedaan. De

rechter-commissaris is en wordt steeds tussentijds schriftelijk en/of mondeling

(vertrouwelijk) door de curatoren geïnformeerd over de stand van zaken, de

relevante ontwikkelingen en (nadere) bevindingen in dezen.

04-09-2025

23

2.1 Aantal ten tijde van faillissement

2.2 Aantal in jaar voor faillissement

Ook in de afgelopen periode hebben curatoren zich intensief beziggehouden

met in het bijzonder de relevante rechtmatigheidsaspecten betreffende het

securitisation-financieringsprogramma, de (gewijzigde) cashpool-

problematiek alsmede de in de jaarrekeningen als uitgangspunt genomen

continuïteitsveronderstelling. Deze thema's zijn van essentieel belang voor

de (rechterlijke) beoordeling van de getrouwheid van de gedurende de

jaartijdvakken 2009/2010 t/m 2013/2014 opgestelde, goedgekeurde en

uitgebrachte jaarrekeningen zoals die in de voorgenomen procedure aan de

orde zullen komen.

Curatoren betrekken deze aspecten bij de kwestie van de civiele

aansprakelijkheid van KPMG alsmede de (eventuele)

bestuurdersaansprakelijkheid van directie en/of leidinggevenden ter

onderbouwing van hun standpunt dat sprake is van een onjuiste wijze van

verantwoording van het securitisatie-programma alsmede de balanspost

liquide middelen in de respectievelijke jaarrekeningen, waarop de betrokken

accountants onvoldoende controle hebben uitgeoefend en daarvoor ten

onrechte een goedkeurende verklaring hebben afgegeven.

De rechter-commissaris is zoals hiervoor aangegeven eveneens nader

schriftelijk en persoonlijk (vertrouwelijk) geïnformeerd omtrent deze kwestie

in het bijzonder.

Curatoren hebben inmiddels op basis van hun definitieve conclusie(s) een

concreet en definitief plan van aanpak met de rechter-commissaris afgestemd

voor de vervolgstappen met betrekking tot deze c.q. andere in het

rechtmatigheidsonderzoek opgekomen kwesties.

Ten aanzien van de civiele aansprakelijkheid van KPMG c.s. hebben curatoren

inmiddels verdere maatregelen genomen. Zij verwijzen daarvoor naar

onderdeel 7.3.

Als voorheen geldt dat gelet op de vertrouwelijke aard en karakter van de

(nadere) bevindingen en conclusies van curatoren ten aanzien van de

hiervoor genoemde rechtmatigheidsaspecten en -kwesties hierover in deze

openbare verslaglegging verder geen inhoudelijke mededelingen worden

gedaan. De rechter-commissaris is en wordt steeds tussentijds schriftelijk

en/of mondeling (vertrouwelijk) door de curatoren geïnformeerd over de

stand van zaken, (nadere) bevindingen, vervolgstappen en relevante

ontwikkelingen in dezen.

16-12-2025

24

2. Personeel

Personeelsleden

463

Toelichting

Ten tijde van het faillissement waren er 463 werknemers bij PPX werkzaam,

waarvan 50 werknemers in België en de overige in Nederland. Daarnaast

waren er nog 19 uitzendkrachten werkzaam.

05-07-2024

21

2.2 Aantal in jaar voor faillissement

2.3 Ontslagaanzegging

2.4 Werkzaamheden personeel

Personeelsleden

550

Toelichting

In het jaar voorafgaand aan het faillissement waren er gemiddeld 550

werknemers in dienst bij PPX. Een groot aantal van deze werknemers is na

een reorganisatie eind 2014 uit dienst gegaan waardoor uiteindelijk het aantal

is overgebleven zoals hierboven onder 2.1 vermeld. Enkele jaren voor

faillissementsdatum waren binnen PPX Benelux nog circa 880 werknemers

werkzaam.

05-07-2024

21

Datum AantalToelichting

20-4-2015463

totaal 463

2.4 Werkzaamheden personeel

3.1 Onroerende zaken

Toelichting onroerende zaken

3.2 Werkzaamheden onroerende zaken

3.3 Bedrijfsmiddelen

Kernteam

In de voorgaande verslagen is uitvoerig omschreven welke werkzaamheden

door Finance van PPX in het kader van de afwikkeling van het faillissement en

in het belang van de boedel gedurende de afgelopen jaren zijn verricht. Er zijn

destijds met Finance afspraken gemaakt om per 2021 op oproepbasis voor de

curatoren werkzaam te blijven. Gedurende de afgelopen verslagperiode is

Finance niet actief voor de curatoren werkzaam geweest. Finance blijft echter

beschikbaar en inzetbaar om zo nodig in de toekomst voor curatoren

werkzaamheden te verrichten voor zover dat in het belang van de afwikkeling

van het faillissement noodzakelijk wordt geacht.

05-07-2024

21

Gedurende de afgelopen verslagperiode heeft Finance van PPX de curatoren

nog ondersteund en (nader) gedocumenteerd ten behoeve van de

onderbouwing van de aansprakelijkstellling van KPMG c.s. en de (eventuele)

verder te nemen (gerechtelijke) stappen. Als voorheen blijft Finance

beschikbaar om ook in het vervolg voor curatoren werkzaamheden te

verrichten voor zover dat in het belang van de afwikkeling van het faillissement

en de actuele rechtmatigheidskwesties in het bijzonder noodzakelijk wordt

geacht.

19-12-2024

22

Ook gedurende de afgelopen verslagperiode heeft Finance van PPX de

curatoren nog ondersteund en (nader) geïnformeerd omtrent enkele

opgekomen vragen en aspecten in het kader van de civiele

aansprakelijkstelling van KPMG c.s. en de (eventuele) verder te nemen

(gerechtelijke) stappen.

Als voorheen blijft Finance beschikbaar om ook in het vervolg de curatoren zo

nodig te ondersteunen waar dat in het belang van de afwikkeling van het

faillissement en in het bijzonder de actuele aansprakelijkheidskwestie

noodzakelijk wordt geacht.

04-09-2025

23

Voor zover nodig heeft Finance van PPX ook gedurende de afgelopen

verslagperiode de curatoren nog ondersteund, gedocumenteerd en (nader)

geïnformeerd omtrent enkele relevante aspecten ten behoeve van de

voorgenomen gerechtelijke procedure betreffende de civiele

aansprakelijkstelling van KPMG c.s. en zal dat desgewenst op verzoek van

curatoren in de komende periode blijven doen.

16-12-2025

24

3. Activa

PPX had geen onroerende zaken in eigendom. Hiervoor wordt verwezen naar

voorgaande verslagen.

05-07-2024

21

Toelichting bedrijfsmiddelen

3.4 Bodemvoorrecht fiscus

3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen

3.6 Voorraden / onderhanden werk

Toelichting voorraden / onderhanden werk

Voor een uitvoerige beschrijving van de in de boedel aangetroffen materiële en

immateriële activa verwijzen de curatoren naar hun eerste verslag.

Zoals reeds vermeld in het eerste openbaar verslag is de totale opbrengst van

de aangetroffen materiële activa bij gebreke van enig daarop gevestigd

zekerheidsrecht als vrij actief in de onderhavige boedel te beschouwen

05-07-2024

21

Hiervoor wordt verwezen naar voorgaande verslagen en hiervoor onderdeel

3.3.

05-07-2024

21

De curatoren dienen op grond van het bepaalde in artikel 57 lid 3 Fw de

belangen van de belastingdienst als bevoorrechte schuldeiser te behartigen

tot het bedrag van de (te formaliseren) bodembelastingschulden wegens

Loonheffing en Omzetbelasting. Bij het onderhavige faillissement is de bank

noch andere financier met een bezitloos pandrecht op (bodem-)zaken

betrokken, zodat er voor de curatoren geen grond was om diens positie als

zekerheidsgerechtigde in te korten.

19-12-2024

22

Voor de curatoren is in het onderhavige faillissement geen taak weggelegd om

op de voet van art. 57 lid 3 Fw jegens een pandhouder de belangen van de

belastingdienst als bevoorrechte schuldeiser te behartigen tot het bedrag van

de (te formaliseren) bodembelastingschulden wegens loonheffing en/of

omzetbelasting, aangezien bij het onderhavige faillissement geen

zekerheidsgerechtigde met een bezitloos pandrecht op (bodem-)zaken is

betrokken.

Voor de hoogte van de (materiële) fiscale vordering op grond van art. 29 lid 7

Wet OB wordt verwezen naar onderdeel 8.2.

04-09-2025

23

Voor de hoogte van de (materiële) fiscale vordering op grond van art. 29 lid 7

Wet OB wordt verwezen naar onderdeel 8.2. Deze fiscale vordering kan uit

de aard der zaak op dit moment nog niet worden vastgesteld omdat het

definitieve uitdelingspercentage aan concurrente crediteuren nog niet

vaststaat.

Curatoren houden voor deze fiscale vordering derhalve een reservering aan,

welke (doorlopend) wordt herberekend op basis van de hoogte van het aan

de erkende concurrente crediteuren ten tijde van de afwikkeling van het

faillissement ter zake hun vordering verwachte totale uitkeringspercentage.

16-12-2025

24

Voor een uitvoerige beschrijving van de tot de boedel behorende, qua omvang

en (opbrengst)-waarde aanzienlijke hoeveelheden voorraden papier en

verpakkingsmaterialen (ca. 12.000 ton) verwijzen de curatoren naar hun

eerste verslag.

Aangezien de voorraden niet waren verpand maar als vrij eigendom aan de

boedel van PPX toebehoorden, was betaling van een boedelbijdrage aan enige

zekerheidsgerechtigde niet aan de orde.

05-07-2024

21

3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk

3.8 Andere activa

Toelichting andere activa

3.9 Werkzaamheden andere activa

4.1 Debiteuren

Toelichting debiteuren

Voor een beschrijving van de overige tot de boedel van PPX te rekenen

materiële en immateriële activa alsmede de werkzaamheden die aan de

uitwinning van de betreffende goederen zijn besteed, verwijzen curatoren

naar de voorgaande verslagen.

05-07-2024

21

Voor een beschrijving van de overige tot de boedel van PPX te rekenen

materiële en immateriële activa alsmede de werkzaamheden die aan de

uitwinning van de betreffende goederen zijn besteed, verwijzen curatoren

naar de voorgaande verslagen.

05-07-2024

21

4. Debiteuren

Toelichting debiteuren

4.2 Werkzaamheden debiteuren

Omvang debiteuren

Volgens de administratie van de vennootschap bedroeg de

debiteurenportefeuille per faillissementsdatum een bedrag van nominaal ruim €

36,7M, bestaande uit ca. 5.900 debiteuren in binnen- en buitenland en circa

40.000 openstaande facturen. De debiteurenincasso betreffende deze

portefeuille door CreditManagement en Finance van PPX tezamen met

curatoren is enige tijd geleden genoegzaam afgehandeld. De ten name van

FinlinX gestelde collections account is vervolgens gesloten.

In het kader van de in onderdeel 4.4 beschreven afrekening en afwikkeling van

het securitisatie-programma zijn de nog resterende (openstaande) debiteuren

door FinlinX formeel overgedragen aan de curator van PPX Holdings door

middel van een tussen hen gesloten Deed of Re-assignment of Purchased Euro

Receivables. Deze posten vertegenwoordigden echter naar de curatoren in

overleg met Finance van PPX reeds hadden vastgesteld op dat moment geen

waarde meer voor de boedel(s). De daarop betrekking hebbende informatie

hebben curatoren ook met de curator van PPX Holdings gedeeld die daarom

ook geen invorderingsmaatregelen meer heeft ondernomen.

Opbrengst

De gerealiseerde opbrengst van de sedert inlossing van ING Bank per juli 2015

geïncasseerde FinlinX-debiteuren berustte onder FinlinX op de door haar bij

ING Bank aangehouden collections account. Het uit hoofde van de

debiteurenincasso geaccumuleerde creditsaldo van ruim € 8,45M is onder

inhouding van een tweetal posten voor kostenreserveringen vervolgens in

februari 2022 uitbetaald aan de boedel van PPX Holdings, die daarop

krachtens een uitgebracht bindend eindadvies van de Commissie van

Deskundigen d.d. 3 april 2019 gerechtigd was.

Boedelbijdrage

De van boedeldebiteuren ontvangen betalingen zijn als vrij actief in de

onderhavige boedel te be-schouwen, zodat betaling van een boedelbijdrage

door enige zekerheidsgerechtigde niet aan de orde is. Voor de

werkzaamheden van curatoren en het KT in het kader van de incasso van de

aan de boedel van PPX Holdings toekomende debiteurenbetalingen, was reeds

bij aanvang van die werkzaamheden een boedelbijdrage van de curator van

PPX Holdings bedongen. Deze bijdrage betrof een vergoeding voor alle door

curatoren en KT in dit kader gemaakte kosten. Enige tijd na afronding van die

werkzaamheden is deze betaling aan de onderhavige boedel voldaan.

05-07-2024

21

Onder verwijzing naar vorenstaande kan worden geconcludeerd dat de

incasso door curatoren van de gesecureerde prefaillissementsdebiteuren

alsmede de boedeldebiteuren definitief is afgewikkeld.

19-12-2024

22

Afwikkeling securitisationprogramma

Voor een uitvoerige beschrijving van de juridische en financiële afwikkeling van

het securitisatie-financieringsprogramma tussen alle daarbij betrokken

(oorspronkelijke) contractspartijen verwijzen curatoren naar het 17e openbare

verslag. Ingevolge de Termination Agreement d.d. 2 februari 2022 is van het

totale onder ING Bank berustende, ten name van FinlinX gestelde creditsaldo

(ca. € 8,45M) een bedrag van ruim € 8M door FinlinX/ING Bank rechtstreeks aan

de boedel van PPX Holdings voldaan, die daartoe uit hoofde van het destijds

uitgebrachte definitief bindend eindadvies gerechtigd was.

Hierna is het financieringsprogramma formeel geëindigd en is tussen alle

partijen kwijting verleend voor de afrekening en financiële en juridische

05-07-2024

21

afwikkeling van het financieringsprogramma als zodanig, als gevolg waarvan

ook de sedert faillissementsdatum doorlopende substantiële, deels forfaitaire

kosten van het programma uiteindelijk zijn gestopt.

Vervolgens resteerde nog de afrekening van een tweetal in de Termination

Agreement voorziene kostenreserveringen ad € 150K resp. € 300K, welke

bedragen tot nader order in escrow waren gestort. Genoemde bedragen

dienden ter dekking van de afwikkelingskosten van het

financieringsprogramma e.a. respectievelijk de (proces-)kosten van ING Bank

welke zouden kunnen ontstaan als gevolg van een eventuele claim c.q.

gerechtelijke procedure van curatoren jegens de bank c.s. uit hoofde van het

financieringsprogramma of de (gewijzigde) cashpool-arrangementen.

In de vorige verslagperiode heeft ING Bank de beide hiervoor gereserveerde

bedragen uitbetaald aan de boedel van PPX Holdings, reeds voordat de

curatoren hun definitieve standpunt hadden kenbaar gemaakt omtrent

eventuele (rechts)maatregelen jegens de bank. Aldus is op een praktische en

minder formele wijze uitvoering gegeven aan de destijds in de Termination

Agreement voor afwikkeling opgenomen regeling en specifieke voorwaarden.

Dientengevolge is hiermee de formeel-juridische en financiële ontmanteling van

het financierings-programma definitief afgerond.

De curatoren hebben in de vorige verslagperiode hun definitieve standpunt

bepaald ten aanzien van de verschillende in het kader van de financiering door

hen onderzochte rechtmatigheidskwesties. In dat verband hebben zij

geconcludeerd dat het op grond van alle daarbij te betrekken juridische

aspecten niet in het belang van de boedel is noch op grond van andere

overwegingen opportuun is om ter zake verdere (rechts)maatregelen te

treffen. Daarmee kan deze rechtmatigheidskwestie als afgedaan worden

beschouwd.

Vordering vs PPX Holdings

De oorspronkelijke intercompany-vordering (in rekening-courant) van PPX op

PPX Holdings was in overleg met de curator van PPX Holdings erkend voor een

bedrag ad ruim € 53M. Na een eerste tussentijdse uitdeling aan de boedel van

PPX per 3 december 2018 ten bedrage van 6,55% bedroeg de vordering van

PPX per saldo nog ruim € 49,7M.

Nadat het grootste deel van het onder ING Bank berustende creditsaldo

(minus voorziene kosten-reserveringen) van ruim € 8M in de boedel van PPX

Holdings was ontvangen, heeft de curator van PPX Holdings een tweede

tussentijdse uitdeling aan de geverifieerde concurrente schuldeisers gedaan

ten bedrage van een uitkeringspercentage van 7,2%. Uit hoofde daarvan

ontving de boedel van PPX op 12 mei 2022 een uitkering ad € 3.815.697,74.

Nu tussen de curator van PPX Holdings en de Administrator van de PPX-UK-

groep inmiddels overeenstemming is bereikt over de finale afrekening en de

uitdelingen tussen PPX Holdings enerzijds en de PPX-UK-vennootschappen

anderzijds over en weer langs de lijnen van de zgn. Waterfall, zal volgens

recente informatie van de curator van PPX Holdings op zeer korte termijn de

derde en laatste (slot)uitdeling aan de boedel van PPX plaatsvinden ter hoogte

van circa 0,36% van de geverifieerde concurrente vordering. Omtrent de

precieze hoogte van deze slotuitkering en de termijn waarop deze

daadwerkelijk zal worden uitbetaald, kan op dit moment nog geen uitsluitsel

worden gegeven.

Hierdoor zal dan het volledige resterende boedelactief van PPX Holdings aan

crediteuren zijn uitgekeerd.

Vordering vs PPX-UK

De boedel van PPX is betrokken bij het faillissement van The Paper Company

Limited (TPC) met een erkende handelsvordering ad GBP 1.289.281,92. Deze

vennootschap maakt onderdeel uit van de PaperlinX UK-groep. Alle tot de

PaperlinX-UK groep behorende vennootschappen verkeren sedert 1 april 2015

in Administration.

In het “Annual Progess Report to creditors” van de Joint Liquidators van PPX-

UK/TPC e.a. (voorheen verbonden aan Deloitte UK, thans geheten TENEO

welke organisatie per 21 december 2021 de benoemingen en

rechtsverhouding betreffende de Administration met goedkeuring van de

Engelse rechtbank heeft overgenomen) en daaropvolgend bericht van de

Administrator van TPC was reeds aangekondigd dat aan de opkomende niet-

bevoorrechte vorderingen nog een derde en laatste (slot)uitkering zou worden

gedaan.

Nadat tussen de curator van PPX Holdings en de Administrator van de PPX-UK-

groep overeenstemming was bereikt over de finale afrekening en de

uitdelingen tussen PPX Holdings enerzijds en de PPX-UK-vennootschappen

anderzijds over en weer langs de lijnen van de zgn. Waterfall, heeft in de

afgelopen verslagperiode vanuit de boedel van TPC aan de boedel van PPX de

derde en laatste (slot)uitdeling plaatsgevonden ter hoogte van 19,6% van de

erkende concurrente vordering. Uit hoofde daarvan ontving de boedel van PPX

op 9 april 2024 een uitkering ten bedrage van (omgerekend) € 294.340,59. In

totaal werd aldus 74,6% van de erkende vordering uitbetaald.

Incasso debiteuren FinlinX

Voor een uitvoerige beschrijving van de juridische en financiële afwikkeling van

het securitisatie-financieringsprogramma tussen alle daarbij betrokken

(oorspronkelijke) contractspartijen verwijzen curatoren naar het 17e openbare

verslag alsmede hetgeen hiervoor is beschreven in het (sub-)onderdeel

'Afwikkeling securitisatieprogramma'. De formeel-juridische afwikkeling en

financiële ontmanteling van het financieringsprogramma is daarmee definitief

afgerond.

Afwikkeling securitisationprogramma

Zoals de curatoren in de vorige verslaglegging hebben aangegeven, was de

formeel-juridische en financiële ontmanteling van het financierings-programma

tussen de curatoren van PPX Holdings en PPX alsmede de betrokken financiers

definitief afgerond. Curatoren hebben vervolgens hun definitieve standpunt

bepaald ten aanzien van de vraag of de financier(s) paulianeus handelen kon

worden verweten met betrekking tot de op haar instigatie gewijzigde

cashpoolovereenkomst.

Naar aanleiding van het eerder beschreven onderzoek en oordeelsvorming

over alle relevante financiële aspecten en juridische merites van de destijds

ingeroepen actio Pauliana hebben de curatoren geconcludeerd dat het met

inachtneming van alle bij die afweging te betrekken aspecten niet in het

belang van de boedel is noch op grond van andere overwegingen opportuun is

om ter zake verdere (rechts)maatregelen te treffen. Daarmee is deze

rechtmatigheidskwestie definitief afgedaan.

Vordering vs PPX Holdings

Nadat tussen de curator van PPX Holdings en de Administrator van de PPX-UK-

groep overeenstemming was bereikt over de finale afrekening en de

uitdelingen tussen de boedels van PPX Holdings enerzijds en de PPX-UK-

vennootschappen anderzijds over en weer langs de lijnen van de zgn.

Waterfall, heeft in de afgelopen verslagperiode vanuit de boedel van PPX

Holdings de derde, tevens laatste (slot)uitdeling aan de boedel van PPX

plaatsgevonden ter hoogte van 0,35% van de destijds in dat faillissement

19-12-2024

22

geverifieerde concurrente vordering. Uit hoofde daarvan ontving de boedel van

PPX op 31 oktober 2024 een bedrag van € 186.724,80. In totaal werd aldus

14,1% van de erkende vordering ad € 53.012.676,- uitbetaald.

Nadat in het faillissement van PPX Holdings de gedeponeerde slotuitdelingslijst

op 18 oktober 2024 verbindend was geworden, is als gevolg daarvan per

diezelfde datum het faillissement van PPX Holdings van rechtswege geëindigd.

Het faillissement van PPX Netherlands is tot dusver nog niet beëindigd. Op dit

moment is nog niet duidelijk op welke wijze en wanneer dat faillissement zal

eindigen. Tussen de boedels van PPX Netherlands en PPX

bestaat geen schuldverhouding meer nadat tussen de curatoren in deze

faillissementen een finale regeling is getroffen ten aanzien van de over en

weer bestaande (pretense) vorderingen.

Vordering vs PPX-UK

Nadat tussen de curator van PPX Holdings en de Administrator van de PPX-UK-

groep overeenstemming was bereikt over de finale afrekening en de

uitdelingen tussen de boedels van PPX Holdings enerzijds en de PPX-UK-

vennootschappen anderzijds over en weer langs de lijnen van de zgn.

Waterfall, heeft in de vorige verslagperiode vanuit de boedel van TPC aan de

boedel van PPX de derde en laatste (slot)uitdeling plaatsgevonden ter hoogte

van 19,6% van de erkende concurrente vordering. Uit hoofde daarvan ontving

de boedel van PPX destijds op 9 april 2024 een uitkering ten bedrage van

(omgerekend) € 294.340,59. In totaal werd aldus 74,6% van de erkende

vordering uitbetaald.

Incasso debiteuren FinlinX

Onder verwijzing naar de eerdere beschrijving in onderdeel 11 van het 17e en

20e openbaar verslag en onderdeel 4.2 van het onderhavige verslag kan

worden geconcludeerd dat de incasso van de boedeldebiteuren alsmede de

gesecuritiseerde prefaillissementsdebiteuren door de curatoren genoegzaam is

afgewikkeld.

Financieringsprogramma Securitisation en Cashpool

Onder verwijzing naar hetgeen curatoren in de vorige verslaglegging

hieromtrent hebben uiteengezet, is

de formeel-juridische en financiële ontmanteling van het

financieringsprogramma definitief afgerond.

Ten aanzien van de vraag of de financiers paulianeus handelen kon worden

verweten met betrekking tot de op hun instigatie gewijzigde en conform hun

wensen ingerichte cashpoolovereenkomst hebben curatoren met inachtneming

van alle relevante financiële aspecten en juridische merites ten aanzien van de

destijds ingeroepen actio Pauliana geconcludeerd dat het niet in het belang

van de boedel is noch op grond van andere aspecten en overwegingen

opportuun is om ter zake verdere (rechts)maatregelen te treffen. Daarmee kan

ook deze rechtmatigheidskwestie als afgewikkeld worden beschouwd.

Faillissement PPX Holdings en PPX Netherlands

Het faillissement van PPX Holdings is inmiddels per 18 oktober 2024 van

rechtswege geëindigd als gevolg van het verbindend worden van de

gedeponeerde slotuitdelingslijst.

Het faillissement van PPX Netherlands is tot dusver niet geëindigd. Op 24

maart 2025 is daarover gepubliceerd dat dit faillissement zal eindigen door

middel van vereenvoudigde afwikkeling. Blijkens het laatste openbaar verslag

zal het resterende boedelactief (pro rata) worden uitgekeerd aan de in dat

faillissement opkomende preferente crediteuren, t.w. UWV met een preferente

loonvordering en de belastingdienst met een preferente vordering uit hoofde

van loonbelasting.

Tussen de boedels van PPX en PPX Netherlands bestond inmiddels geen

04-09-2025

23

5.1 Vordering van bank(en)

schuldverhouding meer nadat tussen de curatoren in deze faillissementen een

finale regeling was getroffen, inhoudende dat over en weer werd afgezien van

het geldend maken van enige claim jegens de andere boedel.

Incasso debiteuren

De incasso door curatoren van de aan FinlinX gesecuritiseerde

prefaillissementsdebiteuren alsmede de boedeldebiteuren is gelet op de

inlossing uit hoofde daarvan van ING Belgium alsmede het daarboven

gerealiseerde aanzienlijke surplus ten bedrage van het creditsaldo ad ca. €

8,5M, waarmee onder moeilijke omstandigheden een hoog inningspercentage

is bereikt, naar tevredenheid afgewikkeld.

Het faillissement van PPX Netherlands is blijkens het CIR-register per 24

maart 2025 geëindigd door middel van vereenvoudigde afwikkeling. Blijkens

het laatste openbaar verslag is het resterende boedelactief (pro rata)

uitgekeerd aan de in dat faillissement opkomende preferente crediteuren,

zijnde UWV met een preferente loonvordering en de belastingdienst met een

preferente vordering wegens loonbelasting.

16-12-2025

24

5. Bank / Zekerheden

Toelichting vordering van bank(en)

Voor de positie van de bij de vennootschap van PPX en verbonden

groepsvennootschappen betrokken banken en financieringswijze van de PPX-

groep en in dar verband verstrekte zekerheden wordt verwezen naar

voorgaande verslagen.

De complexe materie van het door PPX met ING Belgium aangegane

securitisatieprogramma, alsmede de (vele) wijzigingen welke zich ten aanzien

van securitisatie- i.c.m. cashpoolfinanciering sedert de aanvang van de

financiering in 2010 hebben voorgedaan alsmede de verweven geldstromen

binnen beide programma’s tussen alle verbonden entiteiten over en weer,

hebben deel uitgemaakt van het rechtmatigheidsonderzoek. Gelet op het

vertrouwelijke karakter van dit onderzoek worden daarover in dit openbaar

verslag geen inhoudelijke mededelingen gedaan. Voor het overige wordt

verwezen naar onderdelen 4.2 en 7.6.

05-07-2024

21

Toelichting vordering van bank(en)

Voor wat betreft de definitieve standpuntbepaling van de curatoren ten

aanzien van de rechtmatigheidsaspecten betreffende de cashpoolfinanciering

e.a. wordt verwezen naar onderdelen 4.2 en 7.6 van het onderhavige verslag.

19-12-2024

22

Toelichting vordering van bank(en)

Voor wat betreft de afwikkeling van het securitisationprogramma en de

definitieve standpuntbepaling van de curatoren ten aanzien van de

rechtmatigheidsaspecten betreffende de cashpoolfinanciering e.a. wordt

verwezen naar onderdelen 4.2 en 7.6 van het vorige en onderhavige verslag.

04-09-2025

23

5.2 Leasecontracten

5.3 Beschrijving zekerheden

5.4 Separatistenpositie

5.5 Eigendomsvoorbehoud

5.6 Retentierechten

5.7 Reclamerechten

5.8 Boedelbijdragen

5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden

Toelichting vordering van bank(en)

Deze kwesties kunnen als afgedaan worden beschouwd.

16-12-2025

24

Hiervoor wordt verwezen naar het achtste verslag. 05-07-2024

21

Voor de positie van de bij de vennootschap van PPX en verbonden

groepsvennootschappen betrokken banken en financieringswijze van de PPX-

groep en in dar verband verstrekte zekerheden wordt verwezen naar

voorgaande verslagen.

05-07-2024

21

Hiervoor wordt verwezen naar het zesde verslag. 05-07-2024

21

De rechten van eigendomsvoorbehoud zijn volledig afgewikkeld. Zie daarvoor

voorgaande verslagen. Curatoren beschouwen dit onderdeel als afgerond.

05-07-2024

21

Geclaimde retentierechten zijn volledig afgewikkeld. Hiervoor wordt verwezen

naar het zesde verslag. Curatoren beschouwen dit onderdeel als afgerond.

05-07-2024

21

De geclaimde reclamerechten zijn volledig afgewikkeld. Hiervoor wordt

verwezen naar het zesde verslag.

Curatoren beschouwen dit onderdeel als afgerond.

05-07-2024

21

Voor een omschrijving van de werkzaamheden verwijzen de curatoren naar

hetgeen hiervoor is vermeld.

05-07-2024

21

6.1 Exploitatie / zekerheden

6.2 Financiële verslaglegging

6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming

6.4 Beschrijving

6.5 Verantwoording

6.6 Opbrengst

6.7 Boedelbijdrage

6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming

6. Voortzetten / doorstart onderneming

Voortzetten onderneming

Hiervoor wordt verwezen naar voorgaande verslagen. 05-07-2024

21

Hiervoor wordt verwezen naar voorgaande verslagen. 05-07-2024

21

Hiervoor wordt verwezen naar voorgaande verslagen. 05-07-2024

21

Doorstarten onderneming

Hiervoor wordt verwezen naar voorgaande verslagen. 05-07-2024

21

Hiervoor wordt verwezen naar voorgaande verslagen. 05-07-2024

21

Toelichting

Hiervoor wordt verwezen naar voorgaande verslagen.

05-07-2024

21

Toelichting

Hiervoor wordt verwezen naar voorgaande verslagen.

05-07-2024

21

Hiervoor wordt verwezen naar voorgaande verslagen. 05-07-2024

21

7.1 Boekhoudplicht

7. Rechtmatigheid

In het kader van het rechtmatigheidsonderzoek, waarvan het voltooide feiten-

en oorzakenonderzoek door forensisch accountantskantoor Grant Thornton

(hierna: GT) deel uitmaakt, hebben curatoren ook nog gedurende de afgelopen

verslagperiode aandacht besteed aan enkele relevante onderwerpen en

kwesties

Onderdeel van het aanhangige rechtmatigheidsonderzoek is voor wat dit

specifieke onderdeel betreft onder andere de vraag of in het onderhavige

faillissement door de bestuurders van PPX is voldaan aan de boekhoud- en

administratieplicht. Daarbij is ook het oordeel van CBb in zijn uitspraak in hoger

beroep in de tuchtrechtzaak relevant. De curatoren zullen tevens de in het

definitief eindverslag van het forensisch onderzoek de door GT aan hen

gerapporteerde uitkomsten betrekken bij hun eigen, meer aspecten

omvattende rechtmatigheidsonderzoek.

Voor een beschrijving van de werkwijze van curatoren met betrekking tot de

omvangrijke digitale en nadien gedigitaliseerde relevante administratie van

PPX van alle vestigingen in Nederland en België alsmede de wijze waarop de

curatoren hun eigen cloud-omgeving en data-opslag hebben ingericht en

toegankelijk houden, verwijzen de curatoren kortheidshalve naar het 20e

verslag. Verder wordt verwezen naar onderdeel 1.5 van dit verslag.

05-07-2024

21

In het kader van het lopende rechtmatigheidsonderzoek, waarvan het

voltooide feiten- en oorzaken-onderzoek door forensisch accountantskantoor

Grant Thornton (hierna: GT) deel uitmaakt, hebben curatoren ook nog

gedurende de afgelopen verslagperiode aandacht besteed aan enkele

relevante onderwerpen en kwesties.

Deze hebben met name betrekking op de rechtmatigheidsaspecten

betreffende het securitisation-programma, de cashpool-problematiek alsmede

de continuïteitsveronderstelling, welke thema's zowel (ook) een belangrijke rol

spelen bij de (eventuele) civiele aansprakelijkheid van het bestuur van PPX als

van KPMG en de betrokken accountants.

De rechter-commissaris is nader vertrouwelijk geïnformeerd omtrent de stand

van zaken betreffende het voortdurende rechtmatigheidsonderzoek en enkele

relevante kwesties in het bijzonder. Daarbij wordt in het bijzonder aandacht

besteed aan het tuchtrechtelijk oordeel van CBb omtrent de als onjuist

gekwalificeerde wijze van verantwoording van het securitisatie-programma in

de jaarrekeningen welke verantwoordelijkheid bij het bestuur van de

vennootschap berust alsmede de controle daarop en afgifte van een

goedkeurende verklaring door de betrokken accountants.

Relevant voor het rechtmatigheidsonderzoek omtrent specifiek de boekhoud-

en administratieplicht van het (middellijk) bestuur van de vennootschap is met

name de wijze van inrichting van de jaarrekening waar het de verantwoording

op de balans betreft van de securitisatie van (handels)debiteuren en de

cashpoolfinanciering als zgn. vrij beschikbare geldmiddelen c.q. aanspraken

van PPX vs. PPX Holdings uit hoofde daarvan. Daarvoor is het oordeel van CBb

in zijn uitspraak in hoger beroep in de tuchtrechtzaak relevant van belang.

Verder is nog onderwerp van onderzoek de door het bestuur van PPX in de

jaarrekening(en) als uitgangspunt gehanteerde continuïteitsveronderstelling.

De curatoren zullen tevens de in het definitief eindverslag van het forensisch

onderzoek door GT aan hen gerapporteerde uitkomsten betrekken bij hun

eigen, meer aspecten omvattende rechtmatigheidsonderzoek.

19-12-2024

22

Het meerjarige rechtmatigheidsonderzoek van curatoren, waarvan het reeds

eerder voltooide feiten- en oorzakenonderzoek door forensisch

accountantskantoor Grant Thornton (hierna: GT) deel uitmaakte, kan als

zodanig als afgerond worden beschouwd.

Wel hebben curatoren gedurende de afgelopen verslagperiode nog de nodige

aandacht besteed aan enkele relevante rechtmatigheidsaspecten betreffende

het door middel van securitisation vormgegeven financieringsprogramma, de

cashpool-funding alsmede de in de jaarrekeningen als uitgangspunt genomen

continuïteitsveronderstelling, aangezien deze thema's essentieel zijn voor de

(rechterlijke) beoordeling van de getrouwheid van de gedurende de

jaartijdvakken 2009/2010 t/m 2013/2014 opgestelde, goedgekeurde en

uitgebrachte jaarrekeningen. Curatoren betrekken deze aspecten bij de civiele

aansprakelijkheid van KPMG en de betrokken accountants alsmede de

(eventuele) bestuurdersaansprakelijkheid van directie en/of leidinggevenden.

Verder hebben zij ook nog aandacht besteed aan de reikwijdte en relevantie

van het tuchtrechtelijk oordeel van het CBb omtrent de als onjuist

gekwalificeerde wijze van verantwoording van het securitisatie-programma in

de respectievelijke jaarrekeningen alsmede de onjuiste controle daarop en

afgifte van een goedkeurende verklaring door de betrokken accountants.

Voor de oordeelsvorming ten aanzien van specifiek de boekhoud- en

administratieplicht van het (middellijk) bestuur van de vennootschap hebben

curatoren met name aandacht besteed aan de (primair) door het bestuur

gekozen wijze van inrichting van de jaarrekening betreffende de activering op

de balans van de gesecuritiseerde (handels)debiteuren en verantwoording van

de cashpoolfinanciering als zgn. vrij beschikbare geldmiddelen c.q. aanspraken

van PPX vs. PPX Holdings. Daarvoor wordt ook het kwalificerende oordeel van

het CBb in zijn uitspraak in hoger beroep in de tuchtrechtzaak betrokken.

Verder zullen curatoren nog hun oordeel vormen over de door het bestuur in

de jaarrekening(en) als uitgangspunt gehanteerde en door de betrokken

accountants goedgekeurde continuïteitsveronderstelling.

De rechter-commissaris is en wordt steeds tussentijds schriftelijk en/of

mondeling (vertrouwelijk) door de curatoren geïnformeerd over de stand van

zaken, de relevante ontwikkelingen en (nadere) bevindingen in dezen.

Curatoren zullen op basis van hun definitieve conclusie(s) in voorkomend geval

met de rechter-commissaris een definitief plan van aanpak afstemmen voor

vervolgstappen met betrekking tot andere in het rechtmatigheidsonderzoek

opgekomen kwesties.

Ten aanzien van de civiele aansprakelijkheid van KPMG en de betrokken

accountants hebben curatoren inmiddels verdere actie(s) en maatregelen

genomen. Zij verwijzen daarvoor naar onderdeel 7.3.

Gelet op de vertrouwelijke aard en karakter van de (nadere) bevindingen en

conclusies van curatoren ten aanzien van de hiervoor genoemde

rechtmatigheidsaspecten en -kwesties zullen hierover in deze openbare

verslaglegging verder geen inhoudelijke mededelingen worden gedaan.

04-09-2025

23

Ook in de afgelopen periode hebben curatoren zich intensief beziggehouden

met in het bijzonder de relevante rechtmatigheidsaspecten betreffende het

securitisation-financieringsprogramma, de (gewijzigde) cashpool-

problematiek alsmede de in de jaarrekeningen als uitgangspunt genomen

continuïteitsveronderstelling. Deze thema's zijn van essentieel belang voor

de (rechterlijke) beoordeling van de getrouwheid van de gedurende de

jaartijdvakken 2009/2010 t/m 2013/2014 opgestelde, goedgekeurde en

uitgebrachte jaarrekeningen zoals die in de voorgenomen procedure aan de

orde zullen komen.

16-12-2025

24

7.2 Depot jaarrekeningen

7.3 Goedkeuringsverklaring accountant

Curatoren betrekken deze aspecten bij de kwestie van de civiele

aansprakelijkheid van KPMG alsmede de (eventuele)

bestuurdersaansprakelijkheid van directie en/of leidinggevenden ter

onderbouwing van hun standpunt dat sprake is van een onjuiste wijze van

verantwoording van het securitisatie-programma alsmede de balanspost

liquide middelen in de respectievelijke jaarrekeningen, waarop de betrokken

accountants onvoldoende controle hebben uitgeoefend en daarvoor ten

onrechte een goedkeurende verklaring hebben afgegeven.

Voor de oordeelsvorming van curatoren ten aanzien van de vraag of het

(middellijk) bestuur van de vennootschap heeft voldaan aan de boekhoud- en

administratieplicht is met name ook relevant of de door het bestuur voor een

vijftal (gebroken) boekjaren voor faillissementsdatum gekozen wijze van

inrichting van de jaarrekeningen waarbij de gesecuritiseerde

(handels)debiteuren, alsmede de liquide middelen en cashpoolfinanciering als

zgn. vrij beschikbare geldmiddelen op de balans van PPX zijn geactiveerd,

juist is dan wel dat de nominale waarde van al deze balansposten tezamen

in alle relevante voorafgaande boekjaren als een rekening-courant-vordering

vs. PPX Holdings in de jaarrekeningen had moeten worden opgenomen.

Curatoren zijn de mening toegedaan dat deze balansposten als een

(ongesecureerde) rekening-courant-vordering jegens PPX Holdings dienden

te worden gekwalificeerd en als zodanig in de respectievelijke jaarrekeningen

hadden moeten worden vermeld. Aan een dergelijke intercompanyvordering

is naar de mening van curatoren een wezenlijk ander risicoprofiel verbonden,

zodat de verhaalspositie van de bij de onderneming van PPX betrokken

crediteuren in werkelijkheid significant slechter was. Curatoren zien zich

hierin o.a. gesterkt door de uitspraak van de Accountantskamer en het CBb in

hoger beroep in de tuchtrechtzaken.

In hun oordeelsvorming en standpuntbepaling betrekken curatoren eveneens

de door het bestuur in de jaarrekening(en) als uitgangspunt gehanteerde en

door de betrokken accountants goedgekeurde continuïteitsveronderstelling.

De rechter-commissaris is en wordt steeds tussentijds schriftelijk en/of

mondeling (vertrouwelijk) door de curatoren geïnformeerd over de stand van

zaken, de relevante ontwikkelingen en (nadere) bevindingen in dezen.

Curatoren zullen op basis van hun definitieve conclusie(s) in voorkomend

geval met de rechter-commissaris een definitief plan van aanpak afstemmen

voor vervolgstappen met betrekking tot deze kwesties.

Ten aanzien van de civiele aansprakelijkheid van KPMG c.s. hebben curatoren

inmiddels verdere actie(s) en maatregelen genomen. Zij verwijzen daarvoor

naar onderdeel 7.3.

Gelet op de vertrouwelijke aard en karakter van de (nadere) bevindingen en

conclusies van curatoren ten aanzien van de hiervoor genoemde

rechtmatigheidskwesties en relevante rechtmatigheidsaspecten zullen

hierover in deze openbare verslaglegging verder geen inhoudelijke

mededelingen worden gedaan.

De jaarrekeningen over de drie jaren voorafgaand aan het faillissement zijn

tijdig gepubliceerd.

05-07-2024

21

In de vorige openbare verslagen hebben de curatoren uitvoerig het verloop

beschreven van de tegen de betrokken accountants van KPMG ten overstaan

van de Accountantskamer in eerste aanleg aanhangig gemaakte

tuchtklachtprocedure en daarin naar voren gebrachte klachtonderdelen. Voor

een goed begrip van deze in opvolgende openbare verslagen terugkerende

materie en gelet op het belang van deze kwestie voor het onderhavige

faillissement volgt daarvan hieronder een samenvatting.

De ingediende klachten van de curatoren tegen de betrokken accountants van

KPMG betroffen de volgende onderdelen:

(1) Het ten onrechte geven van een goedkeurende verklaring bij de

jaarrekeningen 2011/2012 e.v. wegens de onjuiste verantwoording van het

securitisatieprogramma,

(2) Idem voor wat betreft de (gewijzigde) cashpool-agreements,

(3) Het ten onrechte niet opnemen van een continuïteitsparagraaf in de laatste

goedkeurende verklaring bij de jaarrekening 2013/2014, en

(4) De categorische weigering van de laatstelijk betrokken accountant om

medewerking te verlenen aan het onderzoek van curatoren c.q. informatie te

verstrekken over de in concreto door hem verrichte (controle-)werkzaamheden.

De Accountantskamer heeft in de uitspraak van 6 september 2019

klachtonderdelen (1) en (4) toegewezen en geoordeeld dat de betrokken

accountants klachtwaardig hebben gehandeld.

In verband met de aard en ernst van het onzorgvuldig handelen en

tekortkoming ten aanzien van de controle van de jaarrekening van de

betrokken accountants op genoemde punten is aan hen de maatregel van

waarschuwing respectievelijk berisping opgelegd.

Nadat zowel curatoren als de betrokken accountants hoger beroep hadden

ingesteld bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) voor wat

betreft hun door de Accountantskamer (deels) afgewezen klachtonderdelen,

hebben beide partijen ten overstaan van dit College beroep- en

verweerschriften ingediend. Voor een beschrijving van de daarop volgende

ontwikkelingen wordt verwezen naar onderdeel 7.3 van het 16e openbaar

verslag.

Op 31 januari 2023 heeft het CBb in beide hoger beroepszaken uitspraak

gedaan (vindplaats ECLI:NL:CBB:2023:44 via www.rechtspraak.nl). In deze

uitspraak heeft het College voornoemde uitspraak van de Accountantskamer

bevestigd en de daartegen door beide partijen ingestelde hoger beroepen

ongegrond verklaard.

Het College heeft geoordeeld dat de door de directie van PPX (Netherlands) in

de jaarrekeningen gekozen wijze van verantwoording van de gesecuritiseerde

handelsdebiteuren welke door de betrokken accountants aanvaardbaar is

geacht, onvoldoende inzicht geeft in de gevolgen van het

securitisatieprogramma.

Zowel op het punt van de economische risico’s als de economische voordelen

was volgens CBb sprake van diverse factoren die duid(d)en op een zodanige

wijziging dan wel verschuiving van vermogen van PPX naar PPX Holdings als

gevolg van de securitisatie van handelsvorderingen, dat het niet in de rede lag

dat de handelsvorderingen die onderdeel waren van het securitisatie-

programma nog langer op de balans van PPX geactiveerd konden blijven. Het

in de jaarrekeningen geschetste beeld dat de handelsdebiteurenportefeuille

deel uitmaakte van het (geconsolideerd) vermogen van PPX (Netherlands) ten

aanzien waarvan PPX recht zou hebben op de opbrengsten en waarvan zij het

risico droeg, is naar het oordeel van CBb daarom onjuist.

05-07-2024

21

Verder heeft CBb geoordeeld dat, hoewel voor een accountant als

opdrachtnemer geen algemene en onbeperkte verantwoordingsplicht bestaat

in de vorm van het afgeven van (afschriften van) stukken uit zijn dossier aan

zijn opdrachtgever, een accountant in beginsel bereid moet zijn om aan zijn

opdrachtgever en aan de curator in het faillissement van die opdrachtgever op

diens verzoek in algemene zin informatie te verstrekken over de door hem ter

uitvoering van zijn opdracht verrichte werkzaamheden. Zoals de

Accountantskamer ook reeds had overwogen, had de accountant vervolgens

alsnog terughoudendheid kunnen betrachten indien tegenstrijdige belangen

daartoe hadden genoopt.

Die verantwoordingsplicht impliceert derhalve een tuchtrechtelijke

verantwoordelijkheid. In dit concrete geval valt de betrokken accountant te

verwijten dat hij zich onvoldoende bereid heeft getoond tot overleg met de

curatoren. Dientengevolge heeft hij in strijd gehandeld met het fundamentele

beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid, aldus het CBb.

De door curatoren in deze procedures aangevoerde klachtonderdelen

betreffende cashpool, securitisatie en continuïteit spelen eveneens een

belangrijke rol in het rechtmatigheidsonderzoek. Het beschreven oordeel c.q.

(dis)kwalificatie van CBb in hoogste instantie met betrekking tot de

verantwoording van het securitisatieprogramma wordt (ook) betrokken bij de

(definitieve) standpuntbepaling van curatoren ten aanzien van de inrichting en

getrouwheid van de jaarrekening(en) en het vervolg van het

rechtmatigheidsonderzoek.

In de afgelopen verslagperiode hebben curatoren na daartoe van de rechter-

commissaris verkregen toestemming KPMG alsmede de beide betrokken

accountants in privé formeel (hoofdelijk) aansprakelijk gesteld voor de schade

als gevolg van hun handelwijze.

De curatoren stellen zich op het standpunt dat de accountants ten onrechte

een goedkeurende accountantsverklaring bij de jaarrekeningen van PPX

(Netherlands) over de jaren 2009/2010 tot en met 2013/2014 hebben

afgegeven omdat zij ten onrechte de onjuiste verantwoording van het se-

curitisatieprogramma door het bestuur van PPX aanvaardbaar hebben geacht.

Ook houden de curatoren KPMG c.s. aansprakelijk voor de schade wegens het

niet voldoen aan de informatieplicht jegens curatoren.

De curatoren vorderen daarbij (1) de schade die de gezamenlijke schuldeisers

hebben geleden ten bedrage van het totaal van hun vorderingen dat niet door

een uitkering uit de boedel wordt gedekt alsmede (2) de schade aan de zijde

van de boedel die niet zou zijn geleden indien KPMG c.s. direct aan de

informatieplicht zou hebben voldaan. Deze schadepost bestaat uit de kosten

die door de curatoren dienden te worden gemaakt voor het op andere wijze

verkrijgen van die informatie. De totale schade bedraagt aldus ca € 11,5M

(exclusief rente en kosten).

Indien geen betaling plaatsvindt of op korte termijn een acceptabele minnelijke

regeling tot stand komt, zijn de curatoren voornemens om KPMG en de beide

accountants in privé in rechte te betrekken.

De door curatoren in de tuchtrechtelijke procedures aangevoerde

klachtonderdelen betreffende securitisatie, cashpool en

continuïteitsveronderstelling spelen een belangrijke rol in het

rechtmatigheidsonderzoek en verder te nemen (rechts)maatregelen. Het

beschreven oordeel c.q. (dis)kwalificatie van CBb in hoogste instantie met

betrekking tot de verantwoording van het securitisatieprogramma wordt (ook)

betrokken bij de (definitieve) standpuntbepaling van curatoren ten aanzien

van de inrichting en getrouwheid van de jaarrekening(en) door het bestuur

van PPX, alsmede de vervolgstappen vs. KPMG en betrokken accountants die

naar aanleiding van hun controle deze wijze van inrichting aanvaardbaar

19-12-2024

22

hebben bevonden en de jaarrekening(en) van een goedkeurende verklaring

hebben voorzien.

Op 3 mei 2024 hebben curatoren na daartoe van de rechter-commissaris

verkregen toestemming KPMG alsmede de beide betrokken accountants in

privé formeel (hoofdelijk) aansprakelijk gesteld voor de schade als gevolg van

hun onrechtmatige handelwijze. De totale schade die door de gezamenlijke

crediteuren alsmede de boedel van PPX is geleden op basis van de hiervoor

genoemde juridische grondslagen wordt door curatoren in hun

aansprakelijkstelling becijferd op € 11,5 mio (exclusief rente en kosten).

In reactie op deze aansprakelijkstelling heeft KPMG c.s. om een nadere

juridische en financiële onderbouwing van bedoelde claims van curatoren

verzocht. De curatoren hebben daarop de grondslagen en omvang van hun

vorderingen nader uiteengezet.

In een vervolgreactie stelt KPMG c.s. op grond van een meer inhoudelijke

uiteenzetting van haar standpunt dat (1) zij niet onrechtmatig heeft gehandeld

jegens de gezamenlijke crediteuren en (2) KPMG niet gehouden is om de

schade aan de boedel, bestaande uit de kosten die door de curatoren, hun

adviseurs en advocaten dienden te worden gemaakt wegens het niet voldoen

door de betrokken accountant aan zijn informatie- en medewerkingsplicht, te

vergoeden. Vervolgens is tussen partijen overlegd of een minnelijke regeling

tot de reële mogelijkheden zou behoren en wat in aanloop daar naartoe nog

aan voorwaarden zou dienen te worden ingevuld. Het voornemen is thans om

op korte termijn een bespreking te arrangeren tussen KPMG c.s. en curatoren

in het bijzijn van de betrokken advocaten.

Indien geen betaling plaatsvindt en ook geen redelijk vooruitzicht bestaat dat

op korte termijn een realistische en acceptabele minnelijke regeling tot stand

komt, zullen de curatoren zich genoodzaakt zien om KPMG en de beide

accountants in privé in een civiele procedure te betrekken.

Voor wat betreft de definitieve oordeelsvorming en standpuntbepaling van

curatoren ten aanzien van de inrichting en getrouwheid van de

jaarrekening(en) en de (eventuele) aansprakelijkheid van het bestuur van PPX

wordt verwezen naar onderdeel 7.1. van het huidige en vorige openbaar

verslag.

Voor wat betreft de civiele aansprakelijkstelling van KPMG c.s. kunnen

curatoren in aanvulling op vorenstaande het volgende melden.

Enkele dagen voordat de met KPMG en haar advocaten in december 2024

gearrangeerde bespreking zou plaatsvinden, werden curatoren onverwachts

erover geïnformeerd dat KPMG zich in het vervolg in deze kwestie door een

ander advocatenkantoor zou laten bijstaan. Als gevolg daarvan heeft deze

bespreking geen doorgang gevonden maar is nog wel in december 2024 een

eerste oriënterend gesprek gevoerd tussen de (nieuwe) advocaten van KPMG

en die van curatoren. Vervolgens heeft in februari 2025 een bespreking

plaatsgevonden tussen KPMG en curatoren in het bijzijn van hun respectieve

advocaten, waarin over en weer de standpunten nader zijn uitgewisseld.

Daarna heeft KPMG - zoals tijdens genoemd overleg afgesproken - (alsnog en

voor het eerst inhoudelijk) schriftelijk gereageerd op de formele

aansprakelijkstelling d.d. 3 mei 2024. KPMG en de accountants zijn en blijven

van mening dat zij niet aansprakelijk zijn jegens de gezamenlijke crediteuren

van PPX noch jegens de boedel van PPX omdat van een civielrechtelijke

normschending geen sprake zou zijn. De aansprakelijkheid voor de door

curatoren gevorderde schade ad in totaal € 11,5 mio (exclusief rente en

kosten) wordt dan ook door hen afgewezen. In vervolg daarop heeft nog

enkele malen overleg plaatsgevonden tussen de advocaten en hebben

curatoren nog een nadere, meer gedetailleerde financiële onderbouwing

gegeven van de door de boedel sec geleden schade, bestaande uit de kosten

04-09-2025

23

7.4 Stortingsverplichting aandelen

die door de curatoren alsmede de door hen ingeschakelde adviseurs en

advocaten gemaakt dienden te worden als gevolg van het niet voldoen door

de betrokken accountant aan zijn tuchtrechtelijk gesanctioneerde informatie-

en medewerkingsplicht.

Hoewel aan de zijde van KPMG weliswaar bereidheid bestaat om tot een

minnelijke regeling van het onderhavige geschil te komen, lijken de

standpunten over de juridische merites van de door curatoren ingestelde

claims zover uiteen te liggen dat onzeker is of op korte termijn een

acceptabele minnelijke regeling zal kunnen worden gerealiseerd ter

voorkoming van een gerechtelijke procedure.

Bij uitblijven daarvan zullen de curatoren zich genoodzaakt zien om KPMG

alsmede de beide accountants in privé in een civiele procedure te betrekken,

ter voorbereiding waarvan de curatoren reeds met toestemming van de

rechter-commissaris (vrijwel) al het nodige hebben gedaan om onnodige

vertraging te voorkomen.

Voor wat betreft de definitieve oordeelsvorming en standpuntbepaling van

curatoren ten aanzien van de inrichting en getrouwheid van de

jaarrekening(en) en de taakvervulling en (eventuele) aansprakelijkheid van

het bestuur van PPX wordt verwezen naar onderdeel 7.1.

Voor wat betreft het geschil met KPMG over de civiele aansprakelijkheid van

KPMG c.s. kunnen curatoren in aanvulling en vervolg op vorenstaande thans

het volgende melden.

KPMG handhaaft onverminderd haar standpunt dat zij niet aansprakelijk is

jegens de gezamenlijke crediteuren van PPX noch jegens de boedel van PPX

omdat van een civielrechtelijke normschending op de door de curatoren

gestelde juridische grondslagen of anderszins geen sprake zou zijn. De

aansprakelijkheid voor de door curatoren gevorderde schade ad in totaal

ruim € 11,5 mio (exclusief samengestelde wettelijke rente en kosten) wordt

dan ook integraal afgewezen.

Ook in de afgelopen periode heeft nog regelmatig overleg plaatsgevonden

tussen de advocaten van KPMG en de advocaat van curatoren om zo mogelijk

tot een minnelijke regeling van het geschil te komen. Recentelijk is echter

gebleken dat de standpunten van partijen over de juridische merites en

toewijsbaarheid in rechte van de door curatoren ingestelde claims zover

uiteen (blijven) liggen dat in dit stadium geen voor de boedel acceptabele

minnelijke regeling kan worden gerealiseerd. Dientengevolge zien de

curatoren zich thans genoodzaakt om KPMG in een gerechtelijke procedure te

betrekken, waartoe zij reeds toestemming van de rechter-commissaris

hadden verkregen.

In de voorafgaande (verslag)periode waren reeds gelijktijdig met het

voortdurende minnelijk overleg met KPMG (vrijwel) alle voorbereidingen voor

een gerechtelijke procedure getroffen om onnodige vertraging te voorkomen

in geval een minnelijke regeling niet mocht slagen.

De curatoren streven ernaar om thans op korte termijn de dagvaarding ter

introductie van de gerechtelijke procedure aan (de advocaten van) KPMG uit

te brengen.

16-12-2025

24

Een eventuele vordering welke de curatoren zouden kunnen ontlenen aan het

niet voldoen aan de stortingsverplichting ex art. 2:193 BW is inmiddels

verjaard gelet op de oprichtingsdatum van de vennootschap per 29 oktober

2003. Dit onderdeel kan dientengevolge als afgewikkeld worden beschouwd.

05-07-2024

21

7.5 Onbehoorlijk bestuur

Toelichting

Zoals eerder gemeld, was - na een laatste, derde ronde van wederhoor van

betrokkene(n) en hun advocaten en met inachtneming van alle voor forensisch

onderzoek geldende waarborgen, termijnen en regels - in juli 2020 het

forensisch onderzoek afgerond en het eindrapport gefinaliseerd.

Het rechtmatigheidsonderzoek, waarvan het voltooide feiten- en

oorzakenonderzoek door het forensisch accountantskantoor GT deel uitmaakt,

is door curatoren ook gedurende de verslagperiode op enkele relevante

onderdelen en aspecten voortgezet.

De curatoren zullen de door GT aan hen gerapporteerde uitkomsten van het

forensisch onderzoek bij hun eigen, meer omvattende

rechtmatigheidsonderzoek betrekken. De curatoren hadden reeds eerder met

bijstand van hun advocaten in dat kader een eerste analyse gemaakt in

verband met de vraag welke feiten en omstandigheden in belangrijke mate

aanleiding en oorzaak zijn geweest voor het onderhavige faillissement en

welke (eventuele) aansprakelijkheden jegens betrokkenen in verband

daarmee zouden zijn te onderkennen. De curatoren streven ernaar om in de

komende periode tot een definitieve oordeelsvorming en nadere

standpuntbepaling te komen.

Afhankelijk van de nadere conclusie(s) zal op basis daarvan aan de hand van

een nader met de rechter-commissaris af te stemmen plan van aanpak de

richting worden bepaald voor het vervolg van het rechtmatigheidsonderzoek.

Gelet op de aard van dit onderzoek zullen over de bevindingen en conclusies

alsmede andere inhoudelijke aspecten van het rechtmatigheidsonderzoek in

deze openbare verslaglegging verder geen inhoudelijke mededelingen worden

gedaan. De rechter-commissaris is en wordt steeds tussentijds schriftelijk

en/of mondeling door de curatoren vertrouwelijk geïnformeerd over de stand

van zaken en de relevante ontwikkelingen in het kader van het onderzoek.

05-07-2024

21

Toelichting

Hiervoor wordt verwezen naar onderdeel 1.5.

Aangezien het rechtmatigheidsonderzoek nog niet (volledig) is afgerond en de

curatoren hun definitieve standpunt ten aanzien van alle opgekomen

rechtmatigheidsaspecten in verhouding tot de (voormalig) bestuurders nog

niet hebben bepaald, hebben de curatoren in verband met het tijdsverloop

sedert een vorige aanzegging aan de betreffende (ex-)bestuurders een

stuitingsbrief gestuurd teneinde zodoende de aanspraken van de boedel

jegens hen niet te doen verjaren.

Voor het overige kan vorenstaande beschrijving nog steeds als actueel worden

beschouwd.

19-12-2024

22

Toelichting

Hiervoor wordt verwezen naar onderdelen 1.5 en 7.1 van het onderhavige

verslag. Voor het overige kan vorenstaande beschrijving nog steeds als

actueel worden beschouwd.

04-09-2025

23

Toelichting

Voor een beschrijving van de actuele stand van zaken wordt verwezen naar

onderdelen 1.5 en 7.1 van het onderhavige verslag.

16-12-2025

24

7.6 Paulianeus handelen

7.7 Toelichting rechtmatigheid

7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid

Nee

Toelichting

Onderwerp van het rechtmatigheidsonderzoek is voorts geweest of in de

relevante periode voor faillissementsdatum rechtshandelingen zijn verricht,

waarvan op de voet van artikel 42 of 47 Fw zou moeten worden geconcludeerd

dat deze als paulianeus zijn te beschouwen ofwel of er sprake is geweest van

voor faillissementsdatum plaats gevonden verrekeningen door

groepsmaatschappijen, crediteuren en/of financier(s) op een tijdstip waarop

men wist c.q. voor hen te verwachten was dat de vennootschap zou failleren,

in welk geval dan sprake zou kunnen zijn van een ontoelaatbare

schuldoverneming c.q. verrekening als bedoeld in de artt. 53 c.q. 54 Fw.

Naar aanleiding van het in de vorige verslagen beschreven uitvoerige

onderzoek en op grond van hun oordeelsvorming over alle relevante financiële

aspecten en juridische merites van de destijds ingeroepen actio Pauliana

hebben de curatoren geconcludeerd dat het met inachtneming van alle bij die

afweging te betrekken aspecten niet in het belang van de boedel is noch op

grond van andere overwegingen opportuun is om ter zake verdere

(rechts)maatregelen te treffen. Daarmee kan deze rechtmatigheidskwestie als

afgedaan worden beschouwd.

05-07-2024

21

Nee

Toelichting

Zoals de curatoren in de vorige verslaglegging hebben aangegeven, was de

formeel-juridische en financiële ontmanteling van het financierings-programma

tussen de curatoren van PPX Holdings en PPX alsmede de betrokken financiers

definitief afgerond. Curatoren hebben vervolgens hun definitieve standpunt

bepaald ten aanzien van de vraag of de financier(s) paulianeus handelen kan

worden verweten met betrekking tot de op haar instigatie gewijzigde

cashpoolovereenkomst.

Naar aanleiding van het eerder beschreven onderzoek en oordeelsvorming

over alle relevante financiële aspecten en juridische merites van de destijds

ingeroepen actio Pauliana hebben de curatoren geconcludeerd dat het met

inachtneming van alle bij die afweging te betrekken aspecten niet in het

belang van de boedel is noch op grond van andere overwegingen opportuun is

om ter zake verdere (rechts)maatregelen te treffen. Daarmee is deze

rechtmatigheidskwestie definitief afgedaan.

19-12-2024

22

Toelichting

Met betrekking tot dit onderdeel wordt verwezen naar de vorige verslagen.

16-12-2025

24

Hiervoor wordt verwezen naar onderdeel 7.8. 16-12-2025

24

7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid

8.1 Boedelvorderingen

In de afgelopen periode hebben curatoren met name aandacht besteed aan

de hiervoor in Onderdeel 7 benoemde rechtmatigheidsaspecten om te komen

tot een verdere oordeelsvorming en (definitieve) standpuntbepaling ten

aanzien van de hierna in het plan van aanpak in onderdeel 10.1 in concreto

beschreven kwesties.

De rechter-commissaris is gedurende de afgelopen (verslag)periode schriftelijk

en/of mondeling vertrouwelijk geïnformeerd omtrent de stand van zaken,

relevante ontwikkelingen en nadere bevindingen in deze. Gelet op het

vertrouwelijke karakter zullen de curatoren hieromtrent geen inhoudelijke

mededelingen doen in de openbare verslaglegging.

05-07-2024

21

Vorenstaande beschrijving van werkzaamheden besteed aan onderzoek en

oordeelsvorming betreffende alle relevante rechtmatigheidsaspecten is

eveneens van toepassing op de afgelopen verslagperiode.

19-12-2024

22

Voor de weergave van de door curatoren gedurende de afgelopen

(verslag)periode verrichte werkzaamheden betreffende de nog actuele,

relevante rechtmatigheidsaspecten wordt verwezen naar de onderdelen 7.1

t/m 7.6, alsmede de onderdelen 1.5 en 4.2 hiervoor.

04-09-2025

23

Voor de weergave van de door curatoren gedurende de afgelopen

(verslag)periode verrichte werkzaamheden, bevindingen, oordeelsvorming en

standpuntbepaling ten aanzien van de thans nog actuele, relevante

rechtmatigheidskwesties wordt kortheidshalve verwezen naar de onderdelen

7.1 t/m 7.6, alsmede de onderdelen 1.5 en 4.2 hiervoor.

16-12-2025

24

8. Crediteuren

€ 6.800.000,00

Toelichting

Zoals eerder vermeld, zijn (vrijwel) alle opkomende boedelvorderingen ten

bedrage van ruim

€ 6,8M omstreeks december 2018 voldaan. Dat was het moment waarop - na

ontvangst van de eerste tussentijdse uitdeling vanuit de boedel van PPX

Holdings - er voldoende concreet vooruitzicht bestond dat de boedel ten tijde

van de afwikkeling van het faillissement hoogstwaarschijnlijk toereikend zou

zijn om de opgekomen boedelschulden te voldoen, een en ander conform het

destijds hiervoor in de rechtspraak ontwikkelde criterium. Deze uitbetaling

betrof hoofdzakelijk de boedelvorderingen van UWV, Nederlandse en Belgische

werknemers alsmede de verhuurders van de bedrijfslocaties in Nederland en

België.

Een enkele boedelcrediteur heeft zich per verslagdatum - ondanks daartoe

herhaaldelijk te zijn benaderd - nog niet gemeld zodat de betreffende

boedelvordering als gevolg daarvan nog niet kon worden uitbetaald. Het

betreft hierbij overigens slechts geringe bedragen.

05-07-2024

21

8.2 Pref. vord. van de fiscus

Toelichting

Vorenstaande beschrijving is nog steeds actueel.

19-12-2024

22

Toelichting

In vorenstaande beschrijving betreffende de financiële afwikkeling van in het

onderhavige faillissement opgekomen boedelvorderingen is gedurende de

afgelopen verslagperiode geen wijziging (meer) opgetreden zodat wordt

volstaan met verwijzing daarnaar.

04-09-2025

23

€ 4.908.841,91

Toelichting

Vorenstaande beschrijving is nog steeds actueel.

16-12-2025

24

€ 0,00

Toelichting

De Nederlandse fiscus is per verslagdatum niet met een geformaliseerde

preferente prefaillisse-mentsvordering bij het onderhavige faillissement

betrokken.

De curatoren hebben ingevolge de kort na het faillissement met de inspecteur

bij de Belastingdienst te Amsterdam gemaakte afspraak telkens per kwartaal

de OB-aangifte ingediend over de relevante boedelmutaties in de

respectievelijke tijdvakken, welke aangiften steeds door de Belastingdienst

zijn gevolgd en telkens hebben geleid tot vaststelling van het

dienovereenkomstig af te dragen resp. terug te ontvangen belastingbedrag.

In de afgelopen verslagperiode werd over het vierde kwartaal van 2023 en

eerste kwartaal van 2024 op aangifte een bedrag ad resp. € 1.924,= en €

42.582,= aan boedel-OB-teruggave toegekend c.q. ontvangen. De

daadwerkelijke uitbetaling daarvan aan de boedel heeft vervolgens ook al

plaatsgevonden.

De vaststelling van een (eventuele) naheffingsaanslag op grond van art. 29 lid

7 Wet OB ter zake de in vooraftrek gebrachte BTW over de openstaande

crediteuren zal eerst aan de orde zijn zodra definitief komt vast te staan dat

aan de concurrente crediteuren geen volledige uitkering kan worden gedaan.

Curatoren zullen hiervoor zo nodig een reservering aanhouden.

De prefaillissementsvordering van de Belgische fiscus (FOD) te Antwerpen ten

bedrage van ruim

€ 653.000,- is in het onderhavige faillissement geverifieerd als concurrente

vordering en derhalve begrepen in de in onderdeel 8.5 vermelde totale

concurrente schuldenlast, ter zake waarvan derhalve eveneens destijds een

gedeeltelijke uitkering van 15% van de nominale vordering heeft

plaatsgevonden.

05-07-2024

21

Toelichting

19-12-2024

22

8.3 Pref. vord. UWV

In de afgelopen verslagperiode werd over het tweede en derde kwartaal van

2024 op aangifte een bedrag ad resp. € 4.092,= en € 46.083,=aan boedel-OB-

teruggave toegekend c.q. ontvangen. De daadwerkelijke uitbetaling daarvan

aan de boedel heeft per verslagdatum inmiddels plaatsgevonden.

Toelichting

In de afgelopen verslagperiode werd over het vierde kwartaal van 2024 en het

eerste kwartaal van 2025 op aangifte een bedrag ad resp. € 49.352,= en €

5.220,= aan boedel-OB-teruggave toegekend c.q. ontvangen. De

daadwerkelijke uitbetaling daarvan aan de boedel heeft per verslagdatum

inmiddels plaatsgevonden.

04-09-2025

23

Toelichting

In de afgelopen verslagperiode werd over het tweede en derde kwartaal van

2025 op de aangifte van curatoren een bedrag ad resp. € 5.798,= en €

48.768,= aan boedel-OB-teruggave toegekend c.q. ontvangen. De

daadwerkelijke uitbetaling daarvan aan de boedel heeft per verslagdatum

inmiddels plaatsgevonden.

16-12-2025

24

8.3 Pref. vord. UWV

8.4 Andere pref. crediteuren

€ 1.973.961,21

Toelichting

De erkende preferente loonvordering van het UWV over de pre-

faillissementsperiode uit hoofde van de overname van de loonverplichtingen

van het voormalige personeel ingevolge artikel 61 WW (Loongarantieregeling)

in welke achterstallige vorderingen het UWV is gesubrogeerd, bedroeg in

totaal € 1.973.961,21 volgens onderstaande specificatie:

€ 295.234.86 (hoogpreferent ex artikel 66 lid 3 WW);

€ 1.678.726.35 (laagpreferent ex artikel 66 lid 1 WW en artikel 3:288e BW).

Het bedrag dat uit hoofde van de verbindend geworden tussentijdse

uitdelingslijst aan UWV als preferente crediteur toekomt, zijnde 100% van

voornoemde erkende vorderingen, is aan UWV uitbetaald.

05-07-2024

21

Toelichting

UWV is thans louter nog met een concurrente prefaillissemenstvordering ad in

totaal € 956.544,05 bij het onderhavige faillissement betrokken.

19-12-2024

22

Toelichting

De concurrente pre-faillissementsvordering van UWV uit hoofde van de

Loongarantieregeling bedraagt per verslagdatum in totaal € 956.544,05, welke

vordering is begrepen in het in onderdeel 8.6 vermelde totale concurrente

passief.

04-09-2025

23

Toelichting

In de hoogte van de (erkende) concurrente pre-faillissementsvordering van

UWV ad in totaal € 956.544,05 is per verslagdatum geen wijziging

opgetreden. Deze vordering is begrepen in het totaalbedrag van het in

onderdeel 8.6 vermelde totale concurrente passief.

16-12-2025

24

8.4 Andere pref. crediteuren

8.5 Aantal concurrente crediteuren

€ 1.115.799,05

Toelichting

Daarnaast waren ten tijde van de verificatievergadering ca. 480 overige

crediteuren bij het onderhavige faillissement betrokken met een erkende

preferente vordering voor een totaalbedrag van

€ 1.112.772,93 (bruto) en € 3.026,12 (netto). Deze vorderingen hadden

voornamelijk betrekking op de niet door de Loongarantieregeling gedekte

loonvorderingen van de voormalige werknemers van PPX in Nederland en

België alsmede de vordering van de Belgische uitkeringsinstantie Fonds van

Sluiting Ondernemingen (FSO).

Tijdens de gehouden verificatievergadering zijn geen overige preferente

crediteuren verschenen, zodat daarmee het preferente passief in het

onderhavige faillissement definitief vaststaat.

Het bedrag dat uit hoofde van de verbindend geworden tussentijdse

uitdelingslijst aan preferente crediteuren toekomt, zijnde 100% van de

erkende vorderingen, is uitbetaald of zal zo spoedig mogelijk aan de

rechthebbenden worden uitbetaald zodra curatoren alle benodigde

betaalinformatie van betrokkenen hebben ontvangen.

05-07-2024

21

Toelichting

In de afgelopen verslagperiode hebben zich geen overige preferente

prefaillissementscrediteuren (meer) gemeld in verband met hun aanspraak om

uit hoofde van de verbindend geworden tussentijdse uitdelingslijst een bedrag

van 100% van hun erkende vordering te ontvangen. Ondanks de nodige

inspanningen daartoe van curatoren, heeft een 13-tal oud-werknemers nog

steeds niet gereageerd naar aanleiding van de herhaalde verzoeken om

daartoe de benodigde betaalinformatie te verstrekken.

19-12-2024

22

€ 364.412,09

Toelichting

Per verslagdatum hebben ca. 13 oud-werknemers en het Fonds voor Sluiting

van Ondernemingen nog (steeds) niet gereageerd naar aanleiding van de

herhaalde verzoeken om de van hen benodigde betaalinformatie te verkrijgen

voor de uitbetaling van de aan hen toekomende uitkering ten bedrage van

100% van hun erkende vordering.

04-09-2025

23

Toelichting

Per verslagdatum hebben 13 voormalig werknemers alsmede het Fonds voor

Sluiting van Ondernemingen in België nog (steeds) niet gereageerd ondanks

diverse pogingen en herhaalde verzoeken om de van hen benodigde

betaalinformatie te verkrijgen voor de uitbetaling van de aan hen

toekomende uitkering ten bedrage van 100% van hun erkende vordering.

16-12-2025

24

8.5 Aantal concurrente crediteuren

8.6 Bedrag concurrente crediteuren

653

Toelichting

Ten tijde van de verificatievergadering waren in totaal 653 crediteuren bij het

onderhavige faillissement betrokken met een erkende concurrente vordering

voor een totaalbedrag ad

€ 16.606.093,75.

De vordering van de Belgische fiscus (FOD) is voor een totaalbedrag ad ruim €

653.000,- geverifieerd op de lijst van erkende concurrente vorderingen. Deze

vordering is derhalve in voornoemd totaalbedrag begrepen. Hiervoor wordt

verwezen naar het 16e openbare verslag.

05-07-2024

21

653

Toelichting

Zoals hiervoor aangegeven, is de (erkende) concurrente pre-

faillissementsvordering van UWV ad in totaal € 956.544,05 in voornoemd

totaalbedrag begrepen.

16-12-2025

24

8.6 Bedrag concurrente crediteuren

8.7 Verwachte wijze van afwikkeling

€ 16.606.093,75

Toelichting

Het bedrag dat uit hoofde van de verbindend geworden tussentijdse

uitdelingslijst aan concurrente crediteuren toekomt, zijnde 15% van de

erkende vorderingen, is uitbetaald of zal zo spoedig mogelijk aan de

rechthebbenden worden uitbetaald zodra curatoren alle benodigde

betaalinformatie van betrokkenen hebben ontvangen.

05-07-2024

21

Toelichting

In de afgelopen verslagperiode is aan vier concurrente crediteuren het bedrag

uitbetaald waarop zij uit hoofde van de verbindend geworden tussentijdse

uitdelingslijst aanspraak konden maken. Ondanks de nodige inspanningen

daartoe van curatoren, hebben de overige gerechtigde concurrente

crediteuren nog steeds niet gereageerd naar aanleiding van de herhaaldelijke

verzoeken om de daartoe de benodigde betaalinformatie te verstrekken. Zie

verder ook onderdeel 8.8.

19-12-2024

22

Toelichting

In de afgelopen verslagperiode is aan 2 concurrente crediteuren het bedrag

uitbetaald waarop zij uit hoofde van de verbindend geworden tussentijdse

uitdelingslijst aanspraak konden maken. Ondanks de nodige inspanningen

daartoe van curatoren, hebben de overige gerechtigde concurrente

crediteuren nog steeds niet gereageerd naar aanleiding van de herhaaldelijke

verzoeken om de daartoe de benodigde betaalinformatie te verstrekken. Zie

verder ook onderdeel 8.8.

04-09-2025

23

Toelichting

In de afgelopen verslagperiode is aan geen van de concurrente crediteuren

het bedrag uitbetaald waarop zij uit hoofde van de verbindend geworden

tussentijdse uitdelingslijst aanspraak konden maken. Ondanks de nodige

inspanningen daartoe van curatoren c.s. gedurende de afgelopen

verslagperiodes, hebben de resterende gerechtigde concurrente crediteuren

niet gereageerd naar aanleiding van de herhaaldelijke verzoeken om de

daartoe benodigde betaalinformatie te verstrekken. Zie verder ook onderdeel

8.8.

16-12-2025

24

Zoals hiervoor aangegeven, zijn (vrijwel) alle boedelcrediteuren integraal

voldaan. Aan alle preferente prefaillissementscrediteuren heeft een uitkering

plaatsgevonden ten bedrage van 100% van hun geverifieerde vordering,

terwijl aan de concurrente prefaillissementscrediteuren een uitkering heeft

plaatsgevonden ten bedrage van 15% van hun geverifieerde vordering, een en

ander voor zover zij aan curatoren de benodigde betaalinformatie hebben

verstrekt. Zie onderdeel Inleiding voor een gedetailleerde beschrijving van

aantal en omvang van de zgn. resterende crediteuren.

Inmiddels hebben de curatoren de slotuitdeling ontvangen uit de boedel van

de Administration van de PPX-UK-groep/The Paper Company. Op korte termijn

verwachten de curatoren nog een aanvullende bate uit hoofde van de

05-07-2024

21

(slot)uitdeling uit de boedel van PPX Holdings.

De curatoren hebben KPMG en de betrokken accountants (hoofdelijk)

aansprakelijk gesteld voor de schade van de gezamenlijke crediteuren

alsmede de schade welke door de boedel als zodanig is geleden als gevolg

van hun handelwijze. Op dit moment is onzeker of en welke (eventuele

andere) rechtmatigheidsaanspraken jegens derden geldend gemaakt zullen

worden en welke baten uit hoofde daarvan gerealiseerd zouden kunnen

worden.

De omvang van deze (mogelijkerwijs) nog te realiseren aanvullende baten kan

van invloed zijn op de toestand van de boedel ten tijde van de afwikkeling van

het faillissement. Gelet op de in dit verslag uitvoerig uiteengezette

omstandigheden en complexe aard van de nog voor afdoening vatbare

kwesties kunnen curatoren in dit stadium derhalve nog geen uitspraak doen

over de verdere concrete vooruitzichten voor concurrente

prefaillissementscrediteuren van een (slot-)uitkering ter zake hun resterende

vordering noch over de verwachte termijn van afwikkeling van dit faillissement.

Zoals eerder beschreven, zijn (vrijwel) alle boedelcrediteuren integraal

voldaan. Aan alle preferente prefaillissementscrediteuren heeft uit hoofde van

de goedgekeurde tussentijdse uitdelingslijst een uitkering plaatsgevonden ten

bedrage van 100% van hun geverifieerde vordering, terwijl aan de concurrente

prefaillissementscrediteuren een uitkering heeft plaatsgevonden ten bedrage

van 15% van hun geverifieerde vordering, een en ander voor zover zij aan

curatoren de benodigde betaalinformatie hebben verstrekt. Zie onderdeel 8.8

voor een meer gedetailleerde beschrijving van aantal en omvang van de zgn.

resterende crediteuren die tot dusver niet hebben gereageerd op de

herhaalde verzoeken van de zijde van de curatoren om de voor uitbetaling

benodigde betaalinformatie te verstrekken.

Verder hebben de curatoren de slotuitdelingen ontvangen uit de boedel van de

Administration van de PPX-UK-groep/The Paper Company resp. de boedel van

PPX Holdings (zie onderdeel 4.2).

De curatoren hebben KPMG en de betrokken accountants (hoofdelijk)

aansprakelijk gesteld voor de schade van de gezamenlijke crediteuren

alsmede de schade welke door de boedel als zodanig is geleden als gevolg

van hun onrechtmatig handelen. KPMG heeft elke aansprakelijkheid voor de

gevorderde schade(posten) afgewezen. Naar alle waarschijnlijkheid zal in de

komende (verslag)periode blijken of er aan de zijde van KPMG alsnog enige

bereidheid is om het onderhavige geschil in der minne te regelen, bij uitblijven

waarvan de curatoren zich genoodzaakt zullen zien om de voorgenomen civiele

procedure tegen KPMG en de betrokken accountants in privé te entameren.

Verder zal in de komende periode nog moeten blijken of en welke (eventuele

andere) rechtmatigheidsaanspraken jegens derden geldend gemaakt zullen

(kunnen) worden en welke baten uit hoofde daarvan gerealiseerd zouden

kunnen worden.

Op grond van vorenstaande geldt dat in verband met de in dit verslag uitvoerig

uiteengezette omstandigheden en complexe aard van de nog voor afdoening

vatbare kwesties door de curatoren in dit stadium derhalve nog geen concrete

uitspraak kan worden gedaan over de verdere vooruitzichten voor de

opkomende concurrente prefaillissementscrediteuren van een (slot-)uitkering

noch over de verwachte termijn van afwikkeling van dit faillissement.

19-12-2024

22

Onder verwijzing naar vorenstaande zij vermeld dat (vrijwel) alle

boedelcrediteuren integraal zijn voldaan. Aan alle preferente

prefaillissementscrediteuren heeft uit hoofde van de goedgekeurde

04-09-2025

23

8.8 Werkzaamheden crediteuren

tussentijdse uitdelingslijst voor zover mogelijk een uitkering plaatsgevonden

ten bedrage van 100% van hun geverifieerde vordering, terwijl aan de

concurrente prefaillissementscrediteuren een uitkering heeft plaatsgevonden

ten bedrage van 15% van hun geverifieerde vordering, een en ander voor

zover zij aan curatoren de benodigde betaalinformatie hebben verstrekt.

De curatoren hebben KPMG en de betrokken accountants (hoofdelijk)

aansprakelijk gesteld voor de schade van de gezamenlijke crediteuren

alsmede de schade welke door de boedel als zodanig is geleden als gevolg

van hun onrechtmatig handelen voor een totaalbedrag ad € 11,5 mio. Zoals

hiervoor in onderdeel 7.3 uiteengezet, heeft KPMG elke aansprakelijkheid voor

de gevorderde schade(posten) afgewezen.

Naar verwachting zal in de komende (verslag)periode blijken of er aan de zijde

van KPMG alsnog enige (betalings-)bereidheid is om het onderhavige geschil in

der minne te regelen, bij uitblijven waarvan de curatoren zich genoodzaakt

zullen zien om de voorgenomen civiele procedure tegen KPMG en de betrokken

accountants in privé te starten.

Zoals hiervoor in onderdeel 7.3 uiteengezet, heeft KPMG elke

aansprakelijkheid voor de door curatoren ingestelde claims en daarbij

gevorderde schade(posten) afgewezen. Gebleken is inmiddels dat in dit

stadium geen voor de boedel acceptabele minnelijke regeling kan worden

gerealiseerd. Dientengevolge zien de curatoren zich thans genoodzaakt om

KPMG op korte termijn in een gerechtelijke procedure te betrekken.

16-12-2025

24

Tussentijdse uitdeling aan boedel- en prefaillissementscrediteuren

Ter zitting van de verificatievergadering d.d. 21 september 2018 was de totale

schuldenlast van de opkomende prefaillissementscrediteuren van de

vennootschap vastgesteld.

In vervolg daarop zijn in december 2018 (vrijwel) alle boedelvorderingen ten

bedrage van ca.

€ 6,1M voldaan. Op grond van de per 11 oktober 2021 verbindend geworden

tussentijdse uitdelingslijst hebben (vrijwel) alle geverifieerde preferente

crediteuren betaling ontvangen ten bedrage van 100% van hun geverifieerde

vordering en is aan de geverifieerde concurrente crediteuren tus-sentijds een

(eerste) uitkering gedaan ter hoogte van 15% van hun geverifieerde

vorderingen. Het betreft in totaal 427 preferente en 620 concurrente

crediteuren in binnen- en buitenland.

Ondanks de nodige herhaalde inspanningen van de zijde van curatoren en

Finance van PPX ge-durende de vorige verslagperiodes heeft een substantieel

aantal crediteuren tot dusver niet gereageerd op het (herhaalde) verzoek van

curatoren om aan te geven op welke wijze men de uitbetaling van de aan hen

toekomende partiële uitdeling wenst te ontvangen.

Per verslagdatum hebben 14 preferente crediteuren met nominale vorderingen

ad in totaal

€ 364.412,09 nog niet op de (diverse) aanschrijving(en) en andere pogingen

om met hen in contact te komen, gereageerd. Daarnaast hebben per

verslagdatum 191 concurrente crediteuren met nominale vorderingen ad in

totaal € 2.194.135,82 zich ook nog niet gemeld, althans adequaat gereageerd

op het verzoek van curatoren omtrent de betaalwijze. Aan alle overige

crediteuren is het aan hen toekomende bedrag uitbetaald.

05-07-2024

21

Het uitblijven van een reactie van de resterende crediteuren op de diverse

pogingen van curatoren c.s. om de benodigde betaalgegevens te verkrijgen,

bemoeilijkt helaas de financiële afhandeling van deze eerste tranche. In

verband met het grote aantal crediteuren in binnen- en (verre) buitenland en

mede als gevolg van talrijke cessies, rechtsopvolging en andere wijzigingen die

reeds voor of in de periode na de verificatievergadering hadden

plaatsgevonden alsmede de positie van kredietverzekeraars die na uitkering

aan verzekerde (handels-)crediteuren uit hoofde daarvan als gesubrogeerd

crediteur opkomen, is deze (eerste) uitdeling een tijdrovende en bewerkelijke

exercitie gebleken.

Curatoren hebben niettemin voor deze intensieve aanpak gekozen omdat in

het andere geval te zijner tijd bij de afwikkeling van het faillissement alsnog

dezelfde tijdrovende werkzaamheden zouden moeten worden verricht. Voor de

afdracht aan de consignatiekas van het aan de resterende crediteuren

toekomende saldo zal het als gevolg van de tijdsintensieve procedure en

voorwaarden die het ministerie van Financiën daarvoor stelt, ook noodzakelijk

zijn om uitvoerige documentatie aan te leveren aan de hand waarvan de

resterende crediteuren die in voorkomend geval nog aanspraak op een

(gedeeltelijke) uitkering kunnen maken, kunnen worden geïdentificeerd.

Curatoren zullen zich beraden hoe hiermee verder te gaan.

In aanvulling op de onderdelen 8.4 en 8.6 en de laatste informatie in

onderdeel 8 van het vorige verslag vermelden curatoren het volgende.

Tot dusver heeft een substantieel aantal preferente en concurrente

crediteuren nog steeds niet gereageerd op het (herhaalde) verzoek van de

zijde van de curatoren om aan te geven op welke wijze men de uitbetaling van

de aan hen toekomende partiële uitdeling wenst te ontvangen.

Per verslagdatum hebben 14 preferente crediteuren met nominale vorderingen

ad in totaal

€ 364.412,09 nog niet op de (diverse) aanschrijving(en) en andere pogingen

om met hen in contact te komen, gereageerd. Daarnaast hebben per

verslagdatum 188 concurrente crediteuren met nominale vorderingen ad in

totaal € 2.192.567,70 ook nog niet gereageerd op het verzoek van curatoren

omtrent de betaalwijze. Aan alle overige crediteuren is het hun toekomende

bedrag wel uitbetaald.

Indien de gerechtigde crediteuren ook in de toekomst niet reageren, zullen

curatoren ertoe overgaan om het aan deze resterende crediteuren

toekomende saldo van de uitdeling af te dragen aan de consignatiekas

volgens de (tijdrovende) procedure en formaliteiten die het ministerie van

Financiën daaraan heeft verbonden.

19-12-2024

22

De actuele stand van zaken met betrekking tot de uitbetaling van de aan

preferente en concurrente pre-faillissementscrediteuren toekomende uitkering

is als volgt.

Per verslagdatum hebben 14 preferente crediteuren met nominale vorderingen

ad in totaal

€ 364.412,09 nog niet op de (diverse) aanschrijving(en) en andere pogingen

om met hen in contact te komen, gereageerd. Daarnaast hebben per

verslagdatum 186 concurrente crediteuren met nominale vorderingen ad in

totaal € 2.190.254,11 ook nog niet gereageerd op het herhaald verzoek van

curatoren omtrent de gewenste betaalwijze. Aan alle overige crediteuren kon

het hun toekomende bedrag wel worden uitbetaald.

Curatoren beschouwen het niet langer als hun taak om - gelet op alle

inspanningen van hun zijde alsmede die van Finance van PPX tot dusver -

hieraan in het vervolg nog (veel) tijd en aandacht te besteden.

Curatoren zullen derhalve te zijner tijd bij gelegenheid van de afwikkeling van

04-09-2025

23

9.1 Naam wederpartijen

het onderhavige faillissement het aan deze (en toekomstige) resterende

crediteuren toekomende uitkeringssaldo in de consignatiekas storten conform

de daarvoor geldende procedure en formaliteiten van het ministerie van

Financiën.

Zoals in het vorige openbaar verslag aangegeven, hebben curatoren gelet op

alle door hen tot dusver reeds gedane inspanningen besloten om geen tijd

en aandacht meer te besteden aan de uitbetaling van het aan de resterende

concurrente crediteuren toekomende bedrag ter hoogte van 15% van hun

erkende vordering.

Dat betekent dat curatoren derhalve te zijner tijd bij gelegenheid van de

afwikkeling van het onderhavige faillissement het aan deze resterende

crediteuren thans en in de toekomst (eventueel) nog toekomende

uitkeringssaldo in de consignatiekas zullen storten conform de daarvoor

geldende werkwijze en formaliteiten van het ministerie van Financiën.

16-12-2025

24

9. Procedures

KPMG tuchtrechtelijke procedures

Voor een inhoudelijke beschrijving van de diverse klachtonderdelen van

partijen en de uitspraak van CBb in hoogste instantie in de beide hoger

beroepsprocedures wordt verwezen naar onderdeel 7.3.

KPMG 843a Rv-procedure

Hiervoor wordt verwezen naar het 17e verslag in combinatie met onderdeel

7.3 van het onderhavige verslag.

Pauliana cashpool

De curatoren hebben op enig moment jegens alle bij de cashpool betrokken

contractspartijen de actio Pauliana ingeroepen wegens benadeling van

crediteuren. Dit onderdeel kan inmiddels als afgedaan worden beschouwd.

Hiervoor wordt verder verwezen naar onderdeel 7.6.

KPMG civiele aansprakelijkheid - voorgenomen procedure

De curatoren hebben KPMG en de betrokken accountants in privé (hoofdelijk)

aansprakelijk gesteld voor de schade van de gezamenlijke crediteuren

alsmede de schade welke door de boedel is geleden als gevolg van hun

handelwijze. Indien geen betaling plaatsvindt of op korte termijn een

acceptabele minnelijke regeling tot stand komt, zijn de curatoren voornemens

om KPMG en de beide accountants in rechte te betrekken.

05-07-2024

21

KPMG tuchtrechtelijke procedures

Hiervoor wordt verwezen naar onderdeel 7.3 van dit verslag.

KPMG 843a Rv-procedure

Hiervoor wordt verwezen naar het 17e verslag in combinatie met onderdeel

7.3 van het vorige verslag.

Pauliana cashpool

Dit onderdeel kan inmiddels als afgedaan worden beschouwd. Verwezen wordt

naar de onderdelen 4.2, 5.1 en 7.6 van het (vorige) verslag.

19-12-2024

22

9.2 Aard procedures

9.3 Stand procedures

KPMG civiele aansprakelijkheid - voorgenomen procedure

De curatoren hebben KPMG en de betrokken accountants in privé (hoofdelijk)

aansprakelijk gesteld voor de schade van de gezamenlijke crediteuren

alsmede de schade welke door de boedel is geleden als gevolg van hun

onrechtmatig handelen. Indien geen betaling plaatsvindt en ook geen redelijk

vooruitzicht (meer) bestaat dat op korte termijn een realistische en

acceptabele minnelijke regeling tot stand komt, zullen de curatoren zich

genoodzaakt zien om KPMG alsmede de beide accountants in privé in een

civiele procedure te betrekken.

KPMG civiele aansprakelijkheid - voorgenomen gerechtelijke procedure

De curatoren hebben KPMG en de betrokken accountants in privé (hoofdelijk)

aansprakelijk gesteld voor de schade van de gezamenlijke crediteuren

alsmede de schade welke door de boedel is geleden als gevolg van hun

onrechtmatig handelen voor een schadebedrag ad in totaal € 11,5 mio (+

p.m.).

Indien geen (substantiële) betaling plaatsvindt en ook geen redelijk

vooruitzicht (meer) bestaat dat op korte termijn een acceptabele minnelijke

regeling kan worden gerealiseerd, zullen de curatoren zich genoodzaakt zien

om KPMG alsmede de beide accountants in privé in een civiele procedure te

betrekken.

04-09-2025

23

KPMG civiele aansprakelijkheid - voorgenomen gerechtelijke procedure

De curatoren hebben KPMG en de betrokken accountants in privé (hoofdelijk)

aansprakelijk gesteld voor de schade geleden door de gezamenlijke

crediteuren alsmede de boedel als zodanig als gevolg van haar c.q. hun

onrechtmatig handelen voor een schadebedrag ad in totaal ruim € 11,5 mio

(exclusief samengestelde wettelijke rente en kosten).

Aangezien recentelijk is gebleken dat in dit stadium geen acceptabele

minnelijke regeling kan worden gerealiseerd, zien de curatoren zich

genoodzaakt om KPMG in een gerechtelijke procedure te betrekken, waartoe

zij van de rechter-commissaris reeds toestemming hadden verkregen.

16-12-2025

24

Zie hiervoor onderdelen 7.3 en 9.1. 05-07-2024

21

Voor wat betreft de aansprakelijkstelling en in voorkomend geval te entameren

civiele procedure wegens aansprakelijkheid tegen KPMG en de beide

accountants in privé wordt verwezen naar de onderdelen 7.1, 7.3, 8.7 en 9.1.

19-12-2024

22

Zie hiervoor de onderdelen 7.1, 7.3, 8.7 en 9.1. 04-09-2025

23

Zie hiervoor de onderdelen 7.1, 7.3, 8.7 en 9.1. 16-12-2025

24

9.3 Stand procedures

9.4 Werkzaamheden procedures

10.1 Plan van aanpak

Zie voor wat betreft de voorgenomen procedure wegens civiele

aansprakelijkheid tegen KPMG en de beide accountants de onderdelen 7.3 en

9.1.

05-07-2024

21

Voor wat betreft de aansprakelijkstelling en in voorkomend geval te entameren

civiele procedure wegens aansprakelijkheid tegen KPMG en de beide

accountants wordt verwezen naar de onderdelen 1.5, 7.3 en 9.1.

19-12-2024

22

Zie hiervoor de onderdelen 1.5, 7.3 en 9.1. 04-09-2025

23

Zie hiervoor de onderdelen 1.5, 7.3 en 9.1. 16-12-2025

24

Zie voor wat betreft de voorgenomen procedure wegens civiele

aansprakelijkheid tegen KPMG en de beide accountants de onderdelen 7.3 en

9.1.

05-07-2024

21

Voor wat betreft de aansprakelijkstelling en in voorkomend geval te entameren

civiele procedure wegens aansprakelijkheid tegen KPMG en de beide

accountants wordt verwezen naar de onderdelen 1.5, 7.3 en 9.1.

19-12-2024

22

Zie hiervoor de onderdelen 1.5, 7.3 en 9.1. 04-09-2025

23

Zie hiervoor de onderdelen 1.5, 7.3 en 9.1.

In de voorafgaande (verslag)periode waren reeds gelijktijdig met het

voortdurende minnelijk overleg met KPMG (vrijwel) alle voorbereidingen voor

een gerechtelijke procedure getroffen om onnodige vertraging te voorkomen

in geval een minnelijke regeling niet mocht slagen.

De curatoren streven ernaar om thans op korte termijn de dagvaarding ter

introductie van de gerechtelijke procedure aan (de advocaten van) KPMG uit

te brengen, waartoe zij reeds toestemming van de rechter-commissaris

hadden verkregen.

16-12-2025

24

10. Overig

De werkzaamheden van de curatoren zullen in de komende (verslag)periode

met name betrekking hebben op de onderstaande kwesties en specifieke

aspecten betreffende het rechtmatigheidsonderzoek:

Het maken van een definitieve analyse van de grondslagen voor

(eventuele) civiele aansprakelijkheid van KPMG en de betrokken

accountants;

Het analyseren, beoordelen en voorbereiden van (eventuele)

05-07-2024

21

rechtsmaatregelen tegen KPMG en de betrokken accountants;

Het maken van een definitieve analyse omtrent de getrouwheid van de

jaarrekening(en) van de vennootschap in verband met de balansmatige

verwerking van het securitisatieprogramma, de cashpool-agreement(s)

en continuïteitsverklaring(en) door de bestuurder(s);

Het beoordelen van de rechtmatigheidsaspecten betreffende de

(wijzigingen van de) cashpool-agreement(s) door de bestuurder(s);

Het maken van een definitieve analyse van de grondslagen voor

(eventuele) aansprakelijkheid van de bestuurder(s) en andere bij de

bedrijfsleiding van de vennootschap betrokkenen;

Het analyseren en beoordelen van (eventuele) rechtsmaatregelen tegen

de bestuurder(s);

Het beoordelen van de mogelijkheid van een (vervolg- of slot)uitdeling

aan concurrente crediteuren;

Het trachten te achterhalen van de huidige contact- en bankgegevens

van de erkende crediteuren die nog een uitdeling dienen te ontvangen;

Overige en resterende noodzakelijke werkzaamheden in het kader van

de afwikkeling van het onderhavige faillissement.

In de komende (verslag)periode zullen de werkzaamheden van de curatoren

met name betrekking hebben op de onderstaande kwesties en specifieke

aspecten verband houdend met het rechtmatigheidsonderzoek:

Het afronden van de definitieve analyse en oordeelsvorming omtrent de

grondslagen voor (eventuele) civiele aansprakelijkheid van KPMG en de

betrokken accountants;

Het verder onderzoeken van de mogelijkheden van een aanvaardbare

minnelijke regeling met KPMG c.s.;

Het voltooien van de voorbereiding van een civiele procedure tegen

KPMG en de betrokken accountants;

Het afronden van de definitieve analyse en oordeelsvorming omtrent de

getrouwheid van de jaarrekening(en) van de vennootschap in verband

met de balansmatige verwerking van het securitisatieprogramma, de

cashpool-agreement(s) en de continuïteitsveronderstelling door de

bestuurder(s);

Het beoordelen van de rechtmatigheidsaspecten betreffende de

(wijzigingen van de) cashpool-agreement(s) door de bestuurder(s);

Het afronden van de definitieve oordeelsvorming omtrent de grondslagen

voor (eventuele) aansprakelijkheid van de bestuurder(s) en andere bij de

bedrijfsleiding van de vennootschap betrokkenen;

Het analyseren en beoordelen van (eventuele) rechtsmaatregelen tegen

de bestuurder(s);

Het beoordelen van de mogelijkheid van een (vervolg- of slot)uitdeling

aan concurrente crediteuren;

Overige noodzakelijke werkzaamheden in het kader van de afwikkeling

van het onderhavige faillissement.

19-12-2024

22

In de komende (verslag)periode zullen de werkzaamheden van curatoren met

name gericht zijn op de onderstaande kwesties en specifieke

rechtmatigheidsaspecten:

Het verder onderzoeken van de mogelijkheden van een aanvaardbare

minnelijke regeling met KPMG c.s. op korte termijn ter voorkoming van

een gerechtelijke procedure;

Het voltooien van de dagvaarding ter voorbereiding van een civiele

procedure tegen KPMG en de betrokken accountants;

04-09-2025

23

10.2 Termijn afwikkeling faillissement

Het maken van de definitieve analyse, oordeelsvorming en

standpuntbepaling met betrekking tot de getrouwheid van de

jaarrekening(en) van de vennootschap voor wat betreft de balansmatige

verwerking van het securitisatieprogramma, de cashpool-agreement(s)

en de continuïteitsveronderstelling door de voormalige bestuurder(s);

Het innemen van een definitief standpunt omtrent de grondslagen en

haalbaarheid voor (eventuele) aansprakelijkheid van de bestuurder(s) en

andere bij de bedrijfsleiding van de vennootschap betrokkenen;

Het beoordelen van de opportuniteit van een (tussentijdse of slot-

)uitdeling aan de erkende concurrente crediteuren;

Overige noodzakelijke en gebruikelijke werkzaamheden in het kader van

de afwikkeling van het onderhavige faillissement.

In de komende (verslag)periode zullen de werkzaamheden van curatoren

met name gericht zijn op de onderstaande kwesties en specifieke

rechtmatigheidsaspecten:

Het voltooien van de dagvaarding ter voorbereiding van de

gerechtelijke procedure tegen KPMG;

Het uitbrengen van de dagvaarding jegens KPMG waarmee de civiele

procedure een aanvang neemt;

Het maken van de definitieve analyse, oordeelsvorming en

standpuntbepaling met betrekking tot de getrouwheid van de

jaarrekening(en) van de vennootschap in verband met de balansmatige

verwerking van het securitisatieprogramma, de cashpool-agreement(s)

en de continuïteitsveronderstelling door de voormalige bestuurder(s);

Het innemen van een definitief standpunt omtrent de grondslagen en

haalbaarheid voor (eventuele) aansprakelijkheid van de bestuurder(s)

en andere bij de bedrijfsleiding van de vennootschap betrokkenen;

Het beoordelen van de opportuniteit van een (tussentijdse of slot-

)uitdeling aan de erkende concurrente crediteuren;

Het verrichten van overige noodzakelijke, gebruikelijke en doorlopende

werkzaamheden in het kader van de afwikkeling van het onderhavige

faillissement.

16-12-2025

24

Gelet op de omvang en bewerkelijkheid van dit faillissement, alsmede de aard

en omvang van de opgekomen en nog actuele rechtmatigheidskwesties is het

voor de curatoren op dit moment niet mogelijk om aan te geven welke de

concrete vooruitzichten voor de erkende concurrente prefaillissements-

crediteuren zullen zijn van een (slot-)uitkering ten aanzien van hun resterende

vordering.

Zulks zal in ieder geval afhangen van de (financiële) afwikkeling van het

faillissement van PPX Holdings en daaruit volgende (slot)uitdeling. De

curatoren zijn namens de curator van PPX Holdings geïnformeerd dat een en

ander op korte termijn zijn beslag zal krijgen. Verder is daarvoor relevant

welke (eventuele) rechtmatigheidsaanspraken daadwerkelijk geldend gemaakt

zullen worden en welke baten uit hoofde daarvan dan op enig moment in de

boedel zullen vloeien.

De curatoren zetten zich ervoor in om het faillissement voortvarend af te

wikkelen. De aard, omvang, complexiteit en tijdsbeslag van de nog voor

afdoening vatbare kwesties vereisen dat hiervoor voldoende tijd wordt

genomen en dat de afhandeling daarvan zorgvuldig geschiedt zodat geen

afbreuk wordt gedaan aan de financiële en andere belangen van de boedel en

05-07-2024

21

10.3 Indiening volgend verslag

10.4 Werkzaamheden overig

de opkomende gezamenlijke crediteuren. Als gevolg daarvan kan niet worden

aangegeven hoe lang het onderhavige faillissement zal hebben voort te duren

en wanneer het faillissement zal kunnen worden beëindigd.

Hiervoor verwijzen de curatoren naar de in onderdeel 10.1 beschreven, nog

voor afdoening vatbare kwesties en de in dat kader nog te verrichten concrete

werkzaamheden.

Omtrent de concrete vooruitzichten voor de erkende concurrente

prefaillissementscrediteuren van een (slot-)uitkering ten aanzien van hun

resterende vordering kunnen de curatoren op dit moment nog geen uitsluitsel

geven. Zulks zal met name worden beïnvloed door de afhandeling van de

hiervoor in onderdeel 10.1 genoemde (rechtmatigheids)-kwesties en de

afweging en besluitvorming door de curatoren welke (eventuele) daarop

gebaseerde rechtmatigheidsaanspraken geldend gemaakt zullen worden en

welke baten uit hoofde daarvan dan in concreto in de boedel zouden kunnen

vloeien.

Mede hiervan zal afhangen hoe lang het onderhavige faillissement zal hebben

voort te duren voordat het faillissement zal kunnen worden beëindigd.

19-12-2024

22

Omtrent de concrete vooruitzichten voor de erkende concurrente

prefaillissementscrediteuren van een (tussentijdse of slot-)uitkering ten

aanzien van hun erkende vordering kunnen de curatoren op dit moment nog

geen uitsluitsel geven.

Dit zal met name afhangen van de besluitvorming door curatoren welke

(eventuele) hiervoor in onderdeel 10.1 genoemde rechtmatigheidsaanspraken

geldend gemaakt zullen (kunnen) worden en vervolgens welke baten uit

hoofde daarvan effectief in de boedel vloeien.

04-09-2025

23

De concrete vooruitzichten voor de erkende concurrente crediteuren zijn

ongewijzigd ten opzichte van hetgeen daaromtrent in het vorige verslag is

aangegeven.

De termijn en wijze van afwikkeling van het onderhavige faillissement

alsmede de vooruitzichten voor de opkomende crediteuren zullen primair

afhankelijk zijn van het verloop en de uitkomst van de op korte termijn te

starten gerechtelijke procedure tegen KPMG.

Verder is daarvoor van belang of curatoren zullen besluiten om (eventuele)

andere hiervoor in onderdeel 10.1 genoemde rechtmatigheidsaanspraken

geldend te maken en welke baten daaruit effectief in de boedel vloeien.

16-12-2025

24

16-6-2026 16-12-2025

24

Het volgende verslag zal overeenkomstig de geldende richtlijnen van de

rechtbank Gelderland binnen zes maanden na verslagdatum worden

ingediend. Uiteraard zullen de curatoren in voorkomend geval de rechter-

commissaris tussentijds (vertrouwelijk) informeren, indien en voor zover hun

bevindingen daartoe aanleiding geven dan wel zich bijzonderheden of

relevante nieuwe ontwikkelingen voordoen bij de hiervoor onder punt 10.1

genoemde aspecten in het bijzonder.

Vanwege de omvang, bewerkelijkheid en complexiteit van dit faillissement en

05-07-2024

21

de hoeveelheid verschillende onderwerpen die (gelijktijdig) de nodige tijd en

aandacht vergen werken de curatoren samen in een team met enkele

kantoorgenoten die verschillende onderdelen van het faillissement zelfstandig

en/of in samenspraak behandelen en afwikkelen. Deze kantoorgenoten zijn op

dit moment mr. Priscilla Trip en Cher Hafkamp LLB. Waar processueel nodig of

qua deskundigheid gewenst hebben de curatoren zich in de afgelopen jaren

tevens laten bijstaan door hun advocaten prof. mr. dr. drs. Karen Harmsen RA

en mr. Marie-Hélène Berghuijs van TOON Advocaten te Amsterdam en mr. Hans

van Wijk en mr. Gijsbrecht Nieuwland van Pels Rijcken te Den Haag. In deze

fase van het faillissement worden de curatoren bijgestaan door mr. Harmsen

voornoemd en mr. F.J.T.A. Werners van TOON Advocaten te Amsterdam.

Hierbij doen de curatoren op de voet van het bepaalde in de artikelen 73a e.v.

Faillissementswet in bovengenoemd faillissement verslag van de toestand van

de boedel, alsmede van de relevante ontwikkelingen welke zich sedert de

vorige verslaglegging hebben voorgedaan. Voor zover zich in deze

verslagperiode op bepaalde onderdelen geen nieuwe ontwikkelingen hebben

voorgedaan, zijn die onderwerpen in dit verslag komen te vervallen of wordt

verwezen naar het laatste verslag waarin de afwikkeling van die kwestie is

beschreven.

Voor de onderhavige verslaglegging geldt dat dit openbaar verslag door de

curatoren c.s. met grote zorgvuldigheid is samengesteld. De curatoren kunnen

echter niet instaan voor de volledigheid en/of juistheid daarvan. Het is mogelijk

dat bepaalde informatie (nog) niet geopenbaard kan worden of zich als

zodanig niet leent voor openbare publicatie. Ook dient ermee rekening te

worden gehouden dat achteraf bepaalde informatie of gegevens in dit verslag

worden aangepast of aangevuld. Een en ander kan ook (belangrijke) gevolgen

hebben voor de vooruitzichten voor de opkomende crediteuren en op termijn

voor de wijze van afwikkeling van het onderhavige faillissement. Aan dit

verslag kunnen derhalve nadrukkelijk geen rechten worden ontleend.

De curatoren vertrouwen met de bovenstaande beschrijving van de toestand

van de boedel alsmede de bevindingen en (verdere) ontwikkelingen

betreffende de beschreven onderdelen en kwesties aan hun wettelijke

verplichting tot verslaglegging aan de rechter-commissaris en overige

belanghebbenden te hebben voldaan.

Vorenstaande beschrijving is onverkort van toepassing op de onderhavige

verslaglegging.

19-12-2024

22

In deze fase van het faillissement worden de curatoren in de kwestie van de

civiele aansprakelijkheid vs KPMG c.s. bijgestaan door de advocaten mr.

Harmsen voornoemd en mr. F.J.T.A. Werners, beiden verbonden aan TOON

Advocaten te Amsterdam.

Voor het overige geldt onverkort hetgeen ten aanzien van dit onderdeel in het

21e openbaar verslag is vermeld.

04-09-2025

23

Ter zake wordt verwezen naar hetgeen curatoren met betrekking tot dit

onderdeel in de voorgaande openbare verslagen hebben vermeld.

16-12-2025

24

Bijlagen

Bijlagen